One South: Portrait Of A Psych Unit

HBO Max

‘Sara, waarom ben je zo lelijk?’ zegt de negentienjarige Sara regelmatig tegen zichzelf. ‘Sara, waarom ben je zo dik? Sara, waarom kan je niet lopen?’ Die vragen zeggen iets over de gemoedstoestand van het Amerikaanse meisje dat in behandeling is in The Behavioral Health Pavilion van het Northwell Zucker Hillside Hospital in Queens, New York. Vreemd zijn die gevoelens overigens niet. Sara heeft in haar jonge leven nogal wat te verstouwen gekregen. Als kind liep ze een infectie met het griepvirus H1N1 op, moest ze een hart- en niertransplantatie ondergaan en werd één van haar benen geamputeerd. Sindsdien kampt ze ook met PTSS en depressies.

Meisjes zoals Sara kunnen terecht op de speciale gesloten afdeling One South, waar jongvolwassenen, studenten in het bijzonder, worden behandeld. Daar proberen ze de patiënten op korte termijn te stabiliseren, zodat ze daarna, met een behandelingsplan voor de lange termijn, weer de samenleving in kunnen. Een verblijf duurt gemiddeld zeven tot tien dagen, maar wordt vanwege omstandigheden soms verlengd. In de tweedelige documentaire One South: Portrait Of A Psych Unit (155 min.) volgen Alexandra Shiva en Lindsey Megrue de dagelijkse gang van zaken op de psychiatrische afdeling, in een land waar naar verluidt één op de tien Amerikaanse jongeren een ernstige mentale stoornis heeft.

Zoals verpleegkundestudent Courtney. Zij voelt zich al enige tijd hopeloos. Als ze aan haar vriend vertelt dat ze een vuurwapen in huis heeft, slaat die alarm. Psychiater Jason Yan brengt Courtney nu in contact met dialectische gedragstherapie (DGT). In een treffende scène laat hij haar hardop herhalen wat ze steeds tegen zichzelf zegt: ‘piece of shit’. De pijnlijke zelfkwalificatie wordt daarmee voor even van zijn destructieve karakter ontdaan. Een andere patiënt, ‘Jane’, is na een overdosis opgenomen. Zij wilde volgens eigen zeggen haar ouders een schuldgevoel bezorgen omdat die haar pijn hebben gedaan. ‘Jane’ weigert echter om de ernst van haar situatie in te zien. Al snel schrijft ze zelfs een zogenaamde 72-hour letter, een officieel ontslagverzoek.

Na afloop van een gesprek waarin ze maar geen vat krijgt op ‘Jane’, voelt haar behandelaar, psycholoog Rachel Reich, zich gefrustreerd en machteloos. Ze refereert daarbij aan een angst van veel zorgverleners: dat één van hun patiënten zelfmoord pleegt. Het werk vraagt duidelijk veel van de begeleiders, laat deze observerende film treffend zien. Menigeen ontwikkelt op termijn een burnout. Het blijft voor hen ook lastig om patiënten al heel snel los te laten. Zijn die er écht klaar voor om weer de wereld in te gaan of doen ze zich beter voor om maar weg te kunnen? Het zijn duivelse dilemma’s, waarbij zelfs de meest ervaren hulpverlener op voorhand geen absolute zekerheid voelt over de juistheid van de keuzes die ze maken.

Ook de omgeving moet soms voorbereid worden op de terugkeer van een getroebleerde geliefde, illustreert een online-groepsgesprek van Sara en haar ouders dat Rachel Reich in goede banen probeert te leiden. Hun zorgen en frustraties, hoe begrijpelijk ook, bemoeilijken het herstel van het meisje. Via momentopnames uit de levens van jonge getormenteerde Amerikaanse adolescenten brengt One South zo genuanceerd en zonder franje alle aspecten en complicaties van een spoedopname op een psychiatrische afdeling in beeld. Hoe een jong leven daar even op pauze wordt gezet, zodat het daarna hopelijk weer met een fris gemoed op gang kan komen.

Fallen Idols: Nick And Aaron Carter

Investigation Discovery / HBO Max

‘De aanklachten van seksueel geweld tegen Nick Carter, die in dit programma aan de orde komen, zijn onderdeel van nog lopende rechtszaken’, meldt een tekst bij de start van Fallen Idols: Nick And Aaron Carter (175 min.). ‘Alleen de kant van de beschuldigden komt aan de orde.’

En daarmee is het pad geëffend voor een typische #metoo-docu, waarmee weer een nieuwe man uit de entertainmentwereld in ernstige verlegenheid wordt gebracht: Nick Carter van de populaire Amerikaanse boyband Backstreet Boys. En ook zijn jongere broer Aaron, een voormalig kindsterretje dat steeds verder in de penarie is geraakt en eind 2022 overlijdt aan een overdosis, wordt onderdeel van dat onsmakelijke verhaal. Uiteenlopende bekendheden zijn Carter voorgegaan. In een business, waarin het ‘sex appeal’ van de helden zo nadrukkelijk wordt uitgevent en de machtsverhoudingen al bij voorbaat zo uit het lood zijn, is misbruik bijna onvermijdelijk. Jonge sterren worden voortdurend geconfronteerd met devote en vaak nóg jongere fans, die tot alles bereid zijn – of dat in elk geval lijken.

‘Ik ga mijn verhaal vertellen’, zegt voormalig zangeres en actrice Melissa Schuman in aflevering 1 van deze wufte vierdelige serie, ongenaakbaar in de camera kijkend. Later rijdt ze nog eens met de cameraploeg langs het appartementencomplex, waar Nick zich aan haar zou hebben vergrepen. ‘Gaat het, Melissa?’ vraagt regisseur Tara Malone. Waarbij het de vraag is of zij werkelijk wil weten hoe ’t met haar gesprekspartner gaat – of gewoon de scène in gang wil zetten, waarin die vertelt over hoe ze door de zanger werd verkracht. De vraag stellen… En Melissa levert: zeer gedetailleerd en ogenschijnlijk ook geroutineerd, bijgestaan door haar toegewijde vader Jerry. Samen leggen zij ook meteen het verband met Schumans carrière die daarna, tot haar grote verdriet, niet meer van de grond wilde komen.

In deel 2 wordt de ‘fame seeker’ geconfronteerd met serieuze weestand vanuit de Backstreet Boys-achterban. Van relatief onschuldige steunbetuigingen aan de blonde adonis die zij heeft beschuldigd (#IStandWithNickCarter) tot intimidatie en doxing. Ze krijgt ook bijval van Nicks ex-vriendin Kaya Jones, waarbij onduidelijk blijft hoe serieus die relatie was en of zij iets van diens vermeende donkere kant heeft meegekregen, en van Ashley Repp, die als vijftienjarige dronken zou zijn gevoerd en misbruikt door de Backstreet Boy. Subtiel gaat ’t er niet aan toe in deze miniserie, die qua toonzetting eerder doet denken aan de rechttoe rechtaan tv-producties Surviving R. Kelly en House Of Hammer (Armie Hammer) dan aan gelaagdere beschouwingen over de betekenis van #metoo, zoals We Need To Talk About Cosby (Bill Cosby) en Sorry/Not Sorry (Louis C.K.).

In het derde deel komt dan Nicks jongere broer Aaron in beeld. Ook hij heeft, volgens zijn tourmanager Mark Giovi, ‘The X Factor’ en wordt daarom als zevenjarig joch gelanceerd als popster. Maar hoeveel succes hij ook heeft, Aaron Carter blijft altijd het jongere broertje van Nick. Hij belandt intussen ook bij de beruchte Backstreet Boys-manager Lou Pearlman. Die zou een ongezonde voorkeur hebben voor jonge jongens, een onderwerp dat in de serie wel wordt aangeroerd maar verder nauwelijks wordt onderzocht. Dat is wel vaker de makke van dit soort producties: veel rook, relatief weinig vuur. Ook doordat de makers ervan zich vaak moeten verlaten op ex-partners, secundaire bronnen en entertainmentdeskundigen, die er een job van hebben gemaakt om in de stront van celebrities te roeren – en daar ook duidelijk lol in hebben.

Als Aaron Carters leven steeds verder uit de bocht vliegt, melden ook zijn exen Lina Valentina en Melanie Martin zich in deze trashy miniserie. Zij waren erbij toen hij steeds meer op ramkoers kwam te liggen met Nick. Binnen die context heeft Aaron ook contact opgenomen met Nicks vermeende slachtoffers, die zijn pogingen om z’n oudere broer publiekelijk te besmeuren direct omarmen. Dat Aaron overduidelijk in de war is en bovendien nog een appeltje heeft te schillen met zijn broer, doet er dan niet meer toe – en blijkbaar ook niet voor de maakster van de serie, Tara Malone. Dit doet de geloofwaardigheid van de productie, en de daarin vertelde slachtofferverhalen, bepaald geen goed en bezoedelt ook het toch al bijzonder tragische familieverhaal van de Carters.

In een statement verwerpt Nick Carter intussen alle beschuldigingen.

Nuclear Now

Amstelfilm

Hoe kunnen we klimaatverandering in de komende decennia tegengaan, terwijl ons elektriciteitsverbruik alleen maar zal toenemen? Oliver Stone weet het antwoord en zet dat uiteen in het filmessay Nuclear Now (101 min.), dat is gebaseerd op het boek A Bright Future van Joshua S. Goldstein en Staffan A. Qvist. De documentaire lijkt zijn eigen variant op Al Gore’s Oscar-winnende betoog An Inconvenient Truth (2006), die, als het even kan, het klimaatdebat fundamenteel bijstuurt.

In Stones optiek is nucleaire energie de enige reële optie om te voldoen aan de energiebehoefte van de hele wereld, inclusief de voormalige derde wereldlanden, en tegelijkertijd de schade aan de aarde terug te brengen. Kernenergie kampt alleen al sinds Hiroshima en Nagasaki jaar met een beroerd imago. Sindsdien hebben bovendien zowel de fossiele industrie als milieuactivisten – doorgaans aartsvijanden – alles in het werk gesteld om de gevaren van nucleaire energie te benadrukken. 

In de Verenigde Staten kregen zij de wind in de zeilen door de explosie bij de kerncentrale Three Mile Island in 1979. Binnen de kortste keren claimden ‘usual suspects’ zoals Ralph Nader en Jane Fonda, ondersteund door de toenmalige president Jimmy Carter, de spotlights met een onvervalst No Nukes-standpunt. Terwijl er, tenminste volgens Oliver Stone, uiteindelijk weinig aan de hand was. Even later relativeert hij ook de schade van de kernramp bij Tsjernobyl in 1986.

‘Volgens de Verenigde Naties en de World Health Organisation zijn er ongeveer vijftig mensen gestorven als gevolg van straling van de reactor en op de lange termijn zijn er mogelijk nog vierduizend mensen gestorven aan kanker’, stelt Stone, die later ook de kernramp met tsunami in het Japanse Fukushima nog in (zijn) perspectief plaatst. ‘Dat is maar een fractie van de honderdduizenden doden die jaarlijks het gevolg zijn van het opwekken van elektriciteit met fossiele brandstoffen.’

Als een echte gelovige lijkt de filmmaker in dit onverhulde pleidooi voor kernenergie enigszins selectief te winkelen in het beschikbare bewijsmateriaal. Nuclear Now zou soms ook gebaat zijn bij wat meer kritische distantie van Stone als interviewer. Zou het bijvoorbeeld niet voor de hand liggen om de Braziliaanse ‘Nuclear Power’-influencer Isabelle Boemeke, alias Isodope, te vragen waarom ze zich met dit thema bezighoudt, of ze daarmee geld verdient en waar dat dan vandaan komt.

Dat past alleen niet in Oliver Stones pogingen om nucleaire energie neer te zetten als ‘een extra long voor de wereld’, waarmee we met z’n allen weer een beetje op adem kunnen komen in deze oververhitte wereld. In zo’n gedreven betoog, dat natuurlijk op z’n Stones naar een ronkend einde wordt gebracht, past geen cynisme of al te veel aandacht voor de nadelen of aandacht voor de gevaren van kernenergie.

Lockerbie

SkyShowtime

Door een tragische speling van het lot wordt Jim Swire op 21 december 1988 ook voor de rest van de wereld de vader van Flora Swire. Zijn dochter is ze natuurlijk al 23 jaar. Maar nadat Flora op die fatale woensdag in Londen aan boord is gegaan van een Boeing 747, op weg naar New York om Kerst met haar vriendje te gaan vieren, raken ze ook publiekelijk voor altijd met elkaar verbonden.

Want vlucht Pan Am 103 stort neer bij het Schotse plaatsje Lockerbie (200 min.) en Jim Swire zal zich daarna ontwikkelen tot hét gezicht van de nabestaanden, een door en door fatsoenlijke man die samen met zijn vrouw Jane onvermoeibaar blijft proberen om de waarheid boven tafel te krijgen. Wie is er verantwoordelijk voor de dood van zijn oudste dochter en 269 andere passagiers en plaatselijke bewoners?

Gedwongen door de omstandigheden heeft de Britse arts zich zo bij helden tegen wil en dank zoals Paul MarchalOdd Petter Magnussen en Bauke Vaatstra gevoegd. Wanhopige vaders van dochters, die in raadselachtige omstandigheden zijn omgebracht. Zij willen de onderste steen boven krijgen. Swire mag, kan en wil dus ook niet ontbreken in deze fascinerende serie van John Dower.

Hoewel ‘Lockerbie’ alweer ruim 35 jaar geleden plaatsvond, is zijn taak nog altijd niet afgerond. Wat er precies is gebeurd blijft gehuld in nevelen. Te veel verschillende partijen lijken daarbij belang te hebben. ‘Natuurlijk was het een obsessie’, zegt Swire, die altijd zijn menselijkheid heeft behouden. ‘Ik was gewend om obsessies bij mijn patiënten te behandelen en ik wist hoe het hun levens kon verwoesten.’

Deze vierdelige serie maakt tevens duidelijk hoe selectief ons geheugen werkt. Want Lockerbie herinnert menigeen zich misschien nog wel. Maar geldt dat ook voor Iran Air Vlucht 655? Op 3 juli 1988 heeft een Amerikaanse torpedojager het Iraanse lijntoestel in de Straat van Hormuz neergeschoten, met 290 onschuldige slachtoffers tot gevolg. Kennen we de Jim Swires van die doldrieste aanval?

En zou de aanslag op Pan Am 103 misschien een vergeldingsactie voor de Amerikaanse luchtdoelraket in De Perzische Golf zijn? Of zat de Libische leider Gaddafi achter de vliegtuigbom? Hij was even daarvoor nog aangevallen door de VS. Feit is dat de Amerikaanse autoriteiten waren gewezen op het gevaar van een terroristische actie. Zat de Boeing 747, nét voor Kerstmis, daarom maar halfvol?

Met allerlei direct betrokkenen reconstrueert John Dower de zoektocht naar de daders en hun opdrachtgevers. Daarmee belandt Lockerbie in de schimmige wereld van inlichtingendiensten, waarin de waarheid een rekkelijk begrip blijkt. Ook de rechtszaak tegen twee Libische verdachten in Kamp Zeist, een ’Scottish court in The Netherlands’, brengt uiteindelijk geen klaarheid in de zaak.

Dower laat de verschillende visies op wie die bom heeft geplaatst stevig op elkaar botsen. Nabestaanden zoals Swire worden heen en weer geslingerd tussen al die versies van de waarheid. Zelfs als ze zeker denken te weten wie er verantwoordelijk is, kan er vanachter de officiële theorie zomaar een andere lezing tevoorschijn komen. En voor je ’t weet word je beschouwd als een complotdenker.

Jim Swire geeft grif toe dat hij met zijn strijd het verdriet op afstand probeerde te houden. Dat is er echter nog steeds. Als de inmiddels hoogbejaarde Brit vertelt hoe hij zijn dochter identificeerde via een pigmentvlekje op haar teen, oogt hij als een gebroken man. Bijna de helft van zijn leven brengt Swire nu door met de wetenschap dat Flora er niet meer is. Dat zij altijd in Lockerbie is gebleven.

Net als de andere nabestaanden in deze aangrijpende miniserie, die ook de lotsverbondenheid toont tussen nabestaanden en inwoners van Lockerbie, is hij met, door en voor haar een bekendheid geworden. En dat houdt voorlopig ook niet op. Zolang er essentiële vragen openstaan, blijft de immense tragedie, omgeven met raadsels, dwaalsporen en leugens, onverminderd intrigeren.

Zo werd onlangs bekend dat de befaamde acteur Colin Firth Jim Swire gaat vertolken in een nieuwe dramaserie over Lockerbie.

La Oscuridad De La Luz Del Mundo

Netflix

Ze moeten de apostel dienen. In alles. En alleen het beste is goed voor Hem, als directe afgezant van God. De leider wil natuurlijk ook hun kostbaarste bezit hebben. Dat neemt hij in ontvangst in de beslotenheid van de slaapkamer. Met een zakdoek vangt zijn eerste secretaresse dan het bloed op, dat vervolgens ook nog aan de apostel moet worden getoond. ‘Dat was mijn eerste keer’, vertelt één van de Jane Does, die de leider van de kerkgemeenschap La Luz Del Mundo (LLDM) nu hebben aangeklaagd wegens seksueel misbruik.

De Mexicaanse pater familias Naasón Joaquin Garcia heeft zich altijd onaantastbaar gewaand. Ook omdat hij hoogstpersoonlijk door God is uitverkoren. Net als, heel toevallig, ook zijn vader Samuel en grootvader Eusebio. Zij regeren LLDM samen al een kleine honderd jaar. Ze worden aanbeden als God zelve, baden vanzelfsprekend in weelde en kunnen ook vrijelijk over hun volgelingen beschikken. Anderen kunnen zich bijvoorbeeld nauwelijks voorstellen wat een machtig gevoel het geeft om mannen en vrouwen die elkaar nog nooit hebben ontmoet met elkaar te laten trouwen. Gewoon omdat zij dat hadden bedacht.

En die meisjes, vol leven, gedienstig, onbezoedeld, ja, die blijven een traktatie! Zij zijn bereid om hun onschuld aan God te geven, via de man die door de Heer is uitverkoren. En daarop richt ook de documentaire La Oscuridad De La Luz Del Mundo (114 min.) zich weer. Niet op zijn verdiensten als gepassioneerde redenaar. Niet op de vijf miljoen aanhangers die zich – tenminste, volgens de officiële cijfers – inmiddels laven aan Het Licht Van De Wereld. En ook niet op de imposante tempel die zij in Guadalajara hebben laten bouwen. Nee, Naasóns ruimhartigheid om zorgvuldig geselecteerde meisjes toe te laten tot zijn intieme leven moet het weer ontgelden.

Is dat verhaal nu nog niet vaak genoeg verteld? Zo’n beetje elke film over een religieuze beweging begint en eindigt met een leider die ervan wordt beschuldigd dat hij zich heeft vergrepen aan de macht, het geld en de vrouwen – en dat iedereen die zich daartegen verzet de mond is gesnoerd of direct wordt geëxcommuniceerd. Deze lijvige documentaire van Carlos Perez Osorio heeft in dat opzicht geen nieuwe inzichten te bieden – al wennen de slachtofferverhalen, bijzonder plastisch en emotioneel, echt nooit en blijft ook het feit dat een groot deel van Naasóns aanhangers hem unverfroren in de rug blijft dekken ongenadig steken.

En dan te bedenken dat er nu elders in de wereld vast alweer een nieuwe Naasón Joaquin Garcia is opgestaan, die geld afroomt bij zijn achterban, zelfbedachte Goddelijke ge- en verboden uitvaardigt en de allermooiste Jane Does opeist…

Voor een andere documentaire over het misbruikschandaal binnen LLDM, Unveiled: Surving La Luz Del Mundo, ontwikkelde ik overigens een zeer praktische invuloefening.

Anita: Speaking Truth To Power

First Run Features

Hij kwam onlangs opnieuw in opspraak. Clarence Thomas, het langstzittende lid van het Amerikaanse hooggerechtshof. Niet omdat hij samen met de conservatieve meerderheid in het hof, waarvan hij inmiddels wordt beschouwd als de grote architect, het landelijke recht op abortus heeft afgeschaft en nu pogingen lijkt te ondernemen om positieve discriminatie de nek om te draaien, maar omdat hij zich blijkbaar al jaren laat fêteren door de rechtse miljardair Harlan Crow. Zijn echtgenote Ginni, een conservatieve activiste, ligt overigens ook al een tijdje onder vuur omdat ze nog altijd weigert om de verkiezingsoverwinning van president Biden in 2020 te accepteren.

Voor Clarence Thomas, misschien wel de machtigste zwarte man van de Verenigde Staten, is al die controverse bepaald niet vreemd. Hij was ook onderdeel van wat ruim dertig jaar na dato de eerste geruchtmakende #metoo-zaak kan worden genoemd. Tijdens zijn benoemingsproces voor het hooggerechtshof in 1991 meldde zich een voormalige medewerkster van Thomas, Anita Hill, die hem beschuldigde van seksuele intimidatie. Sindsdien hebben zich, stelde journalist Jane Mayer onlangs in de interessante tv-docu Clarence & Ginni Thomas (2023), overigens nog méér vrouwen met slechte ervaringen met Thomas gemeld. Die heeft zelf altijd in alle toonaarden ontkend.

Anita: Speaking Truth To Power (76 min.), een film van Freida Lee Mock uit 2013, concentreert zich op de oorspronkelijke affaire, waarin ook Joe Biden, als voorzitter van de speciale senaatscommissie die Thomas’ voordracht door de Republikeinse president George H. Bush moet beoordelen, nog een essentiële rol speelt. Hij laat de zwarte vrouw Hill, die eerst helemaal niet wilde getuigen, tot in detail verklaren voor een commissie die volledig uit witte mannen bestaat. Over hoe Thomas aan haar zou hebben gevraagd ‘who put pubic hair on my coke?’, routineus sprak over films met groeps- en dierenseks en zichzelf vergeleek met een goed toegeruste pornoacteur, Long Dong Silver.

Deze film is eerst en vooral het persoonlijke relaas van Anita Hill, die inmiddels hoogleraar sociaal beleid, rechten en vrouwenstudies aan de Brandeis University in Massachusetts is. Over hoe zij, ongewild, verzeild raakte in een partijpolitieke ‘shitstorm’ en vervolgens het slachtoffer werd van een serieuze lastercampagne. Haar herinneringen worden in deze documentaire aangevuld door Jill Abramson en Jane Mayer (de schrijvers van het boek Strange Justice: The Selling Of Clarence Thomas), enkele medestanders en deskundigen. Thomas zelf speelde intussen doelbewust de ‘rassenkaart’ en noemde de zaak voor de senaatscommissie ‘a high tech lynching for uppity blacks’.

Het moddergevecht tussen de Democraten en Republikeinen, aan de hand van een typische ‘he said, she said’-kwestie, zou een voorbode blijken van de strijd rond de hooggerechtshofnominatie van Brett Kavanaugh in 2018, ruim 25 jaar na de kwestie rond Thomas en vijf jaar na deze documentaire daarover. Ook hij werd beticht van seksueel geweld, ditmaal door universitair docent Christine Blasey Ford. En de slotsom was hetzelfde: zowel hij als zij werden publiekelijk besmeurd, maar uiteindelijk trok hij toch echt aan het langste eind. Zowel Thomas als Kavanaugh werden voor het leven benoemd in het hooggerechtshof en konden zo de koers van hun land naar rechts bijsturen.

Het laatste, wel erg zoete deel van Anita: Speaking Truth To Power behandelt de nasleep van de Thomas-affaire voor Anita Hill. Het werd haar als zwarte vrouw zeer kwalijk genomen dat ze zich publiekelijk had uitgesproken tegen zo’n prominente Afro-Amerikaan. Tegelijkertijd verschafte die rol haar ook een positie in de strijd voor meer gelijkheid in haar land. Van de rechter zelf zou Hill trouwens nooit meer iets vernemen. Diens vrouw Ginni zou zich nog wel melden: in 2010 vroeg zij Hill in een voicemail-bericht om nu eindelijk eens haar excuses aan te bieden, het startpunt van deze nog altijd actuele film. Was ze het echt? Of toch een flauwe grappenmaker?

HyperNormalisation

BBC

In plaats van het richting geven aan een alsmaar gecompliceerdere wereld verkiezen leiders aan het einde van de twintigste eeuw steeds vaker een aansprekend verhaal. Tijdens het bewind van de Amerikaanse president Ronald Reagan (1981-1989) dubben zijn medewerkers dit stiefbroertje van ouderwetse propaganda ‘perception management’. Met sterke verhalen beginnen ze actief de collectieve beleving van de werkelijkheid te sturen, zodat gewone Amerikanen zich voortaan met het verhaal over de werkelijkheid bezighouden, in plaats van met de werkelijkheid zelf die veler bevattingsvermogen sowieso te boven gaat.

Het is slechts één van de voorbeelden van HyperNormalisation (166 min.) die de Britse essayist Adam Curtis (The Century of The Self en Can’t Get You Out Of My Head) in deze epische film uit 2016 inzet om zijn betoog te stutten. Daarin weerklinkt opnieuw zijn geheel eigen stem. Letterlijk: die typisch Britse woordkeus en lekker pedante dictie. En figuurlijk: die volstrekt eigenzinnige visie, dwarsverbanden en interpretatie van welbekende en de meest buitenissige archiefbeelden. Waarmee geopolitieke ontwikkelingen op onnavolgbare wijze worden gekoppeld aan ideeën van denkers, kunstenaars en wetenschappers. Zo krijgen Tarkovsky’s sciencefictionfilm Stalker, de workout-video’s van Jane Fonda en wat we nu TikTok-filmpjes zouden noemen een min of meer logische plek binnen een doolhof over de schijn van het zijn, waarvan alleen Adam Curtis de uitgang kan vinden.

De term hypernormalisatie ontleent hij aan een karakterisering van de Sovjet-Unie als een samenleving waarin iedereen weet dat de leiders onzin verkopen. Met eigen ogen kunnen gewone Russen immers vaststellen dat de economie bezig is om te imploderen. Tegelijkertijd moeten ze het spel dat alles geweldig is gewoon meespelen. Want wat is het alternatief? Later schetst Curtis hoe Vladislav Surkov, als rechterhand van de Russische president Poetin, doelbewust begint te morrelen aan het concept waarheid, zodat diezelfde gewone Russen nooit zeker kunnen weten wat waar is en wat niet. Een strategie die vervolgens in de Verenigde Staten wordt toegepast door presidentskandidaat Donald Trump, die eerder in deze film al is opgevoerd als een gemankeerde ondernemer die als geen ander de façade van succes weet op te houden. De politicus Trump verslaat zo de journalistiek, stelt Curtis, want hij maakt de waarheid waarnaar zij zoeken volstrekt irrelevant.

Het is de slotsom van een nauwelijks te reproduceren narratief waarin op de één of andere miraculeuze manier ook Prozac, zelfmoordaanslagen, de voormalige Syrische dictator Hafiz al-Assad, cyberspace, de therapeutische computer ELIZA en het steeds weer, al naar gelang de behoefte van het westen, rebranden van de Libische leider Muammar Gaddafi tot vrijheidsstrijder of superschurk nog zijn geïncorporeerd. Met de grandeur van een ziener die de wijsheid al een leven lang in pracht heeft – en die trouwens ook wel van een lekker tegendraads muziekje houdt – toont Adam Curtis zijn toehoorders en -schouwers hier de wereld op een manier waarop ze die vast nooit eerder hebben gezien en zonder hem ook nooit meer zullen zien.

Body Parts

Frazer Bradshaw / NTR

Sinds jaar en dag vertellen films en televisie ons hoe te leven én hoe te vrijen. In het fascinerende filmessay Body Parts (86 min.), dat qua opzet en toonzetting doet denken aan The Celluloid Closet (over homoseksualiteit in film), Disclosure (over transmensen in film) en Brainwashed: Sex-Camera-Power (over de vrouw en haar lichaam als object), bekijkt Kristy Guevara-Flanagan met actrices, regisseurs, historici en een imposante hoeveelheid prikkelende film-, televisie- en seriefragmenten hoe Hollywood zich van die taak kwijt – en welke rol en positie seksscènes in het roemruchte verleden hadden.

Ooit, in de beginjaren van de filmindustrie, speelden vrouwen daarbij bijvoorbeeld wel degelijk een vooraanstaande rol. Met allerlei vrouwelijke schrijvers en bekende actrices zoals Betty DavisMae West en Greta Garbo die zowaar spannend of ondeugend mochten zijn en hun eigen seksualiteit gerust konden inzetten. Daarna kwam er, onder druk van de filmkeuring, een nieuwe preutsheid over Hollywood. Vrouwen werden vervolgens lang gereduceerd tot eendimensionale objecten: de liefde van je leven. Moeder de vrouw. Of, voor zwarte actrices, de ideale hulp in huis. Liefst mollig en met een naam als Mammi of Millie.

En toen raakte ook de filmwereld langzaam in de greep van de sixties. Seks keerde in volle glorie terug op het witte doek, vaak ontdaan van elke vorm van romantiek. Wat al die tijd gelijk bleef: mannen zetten de toon. En vrouwen hadden zich daar maar naar te schikken, vertellen bekende actrices zoals Jane Fonda (die als/in Barbarella zou uitgroeien tot een sekssymbool), Rosanna Arquette (die zich als jong meisje een topless-scène liet aanpraten door regisseur Blake Edwards) en Rose McGowan (die met beschuldigingen tegen filmproducent Harvey Weinstein mede aan de basis zou staan van de #metoo-beweging).

‘Film is altijd geweest: mannen die andere mannen laten zien wat zij zien’, zegt regisseur Joey Soloway, die de inclusieve tv-serie Transparent creëerde, over de traditionele ‘male gaze’ van Hollywood. ‘We moeten goed voor ogen houden dat de censoren witte, cisgender, heteronormatieve mannen zijn’, vult Transparents transactrice Alexandra Billings aan over LHBTI-seks in films. ‘Die zeggen: als we dan toch naakt krijgen te zien dan het liefst twee vrouwen samen, want dat is kunst. Penissen zijn pornografie en tieten kunst.’ Én, ook dat was van meet af aan duidelijk, mensen met overgewicht of een (lichamelijke) beperking hebben sowieso geen seks. Tenminste, niet op camera.

Body Parts laat ook zien hoe ’t er praktisch aan toegaat op de filmset, met Hollywood-medewerkers waarvan niet iedereen het bestaan zal kennen: ‘body doubles’ die de naaktscènes van de grote sterren doorgaans overnemen (waaronder Marli Renfro, die zegt dat zij degene is die vooral in beeld is bij de legendarische douchescène uit Hitchcocks Psycho). Of de visual effects-maker die er een dagtaak aan heeft om de moedervlekken, buikjes of sproeten van wereldberoemde ‘hunks’ en femme fatales weg te retoucheren. En dan hebben we ’t niet eens over de ‘nudity rider’, schaamhaarpruiken en ‘Bikini Day’ (ofwel: audities voor jonge actrices).

Bij een beetje bijdetijdse productie loopt sinds The Deuce, David Simons serie over de erotische industrie van New York in de jaren zeventig en tachtig, ook een sekschoreograaf en intimiteitscoördinator rond. Actrice Emily Meade, die daarin de pornoster Lori Madison vertolkte, voelde zich toentertijd niet meer gemakkelijk tijdens naaktscènes en heeft nu weer het gevoel dat ze tijdens opnames de regie heeft over haar eigen lichaam. Het is illustratief voor de ontwikkeling die Hollywood heeft doorgemaakt en – getuige deze scherpzinnige, entertainende en zo nu en dan wrange film – ook móest doormaken om aansluiting te houden met de wereld van nu.

Jane Par Charlotte

Piece Of Magic

‘Jou filmen is simpelweg een excuus om naar je te kijken’, zegt Charlotte bij aanvang van deze persoonlijke film bijna fluisterend tegen haar moeder. Ze zitten samen ontspannen op een balkon, voor wat een intiem ouder-kind gesprek moet worden. Dat wordt intussen overigens wel door enkele camera’s vereeuwigd voor de rest van de mensheid. Als die daarin geïnteresseerd is, tenminste.

Dikke kans van wel overigens. Want moeder, de hoofdpersoon van deze documentaire, is niemand minder/meer dan de befaamde Engelse actrice/zangeres Jane Birkin en naamgever van de zogenaamde Birkin Bag. En de maakster ervan, haar tweede dochter, luistert naar de naam Charlotte Gainsbourg. Dat is zelf ook een geliefde actrice en zangeres. De man die hen bindt tenslotte, Jane’s voormalige geliefde en Charlotte’s vader, is de veel bewierookte Franse dichter, zanger, componist, acteur, regisseur, provocateur en drinkebroer Serge Gainsbourg.

Jane Par Charlotte (88 min.) dus. En daar moet je, eerlijk gezegd, wel zin in hebben. Of tegen kunnen. Want nee, Je T’Aime… Moi Non Plus, het legendarische hijgduet van Gainsbourg en Birkin, is ons niet vergund. En, ook filmfragmenten blijven achterwege. Net als echte scènes, trouwens. Tenminste, als je daarbij verwacht dat er iets boeiends gebeurt, dat dan bovendien niet als de eerste de beste home-video is gefilmd. Al probeert Charlotte het geheel nog wel een onmiskenbaar artistiek randje te geven met de foto’s en filmbeelden die ze van haar protagonist maakt met oude camera’s.

In 1987 werden Birkins persoonlijk leven en carrière al eens ingenieus doorgelicht door nouvelle vague-icoon Agnès Varda, in Jane B. Par Agnès V. Deze nieuwe film van haar dochter, waarin elke vorm van context achterwege blijft, is vooral een oneindig (als in: eindeloos) gesprek tussen moeder en dochter, waarbij tussen neus en lippen ook wel eens iets interessants wordt gezegd – en waar uiteindelijk zowaar ook een kwetsbaar familieverhaal uitrolt, dat dan maar als het hart van deze film moet worden beschouwd. Zullen we Jane By Charlotte voor de grap een moderne Grey Gardens noemen? 

Het is in elk geval een documentaire voor fijnproevers, waarin twee vrouwen via elkaars navel naar hun gezamenlijke ziel proberen te kijken. Of zoiets.

PS

The Janes

HBO Max

Nu het recht op abortus steeds verder onder druk komt te staan in de Verenigde Staten, krijgt een historische documentaire zoals The Janes (102 min.) ineens ook nadrukkelijk een voorlichtende functie: zo ziet een wereld zónder recht op abortus eruit. Een wereld, waarin natuurlijk wel degelijk abortussen worden uitgevoerd. Dat moet dan alleen wel illegaal – en gebeurt dan vaak onveilig.

In deze film van Tia Lessin en Emma Pildes blikt een groep gedreven feministen uit Chicago terug op hoe ze eind jaren zestig met de clandestiene groep Jane veilige en betaalbare zorg beginnen te verlenen aan ongewenst zwangere vrouwen. Zodat die op hun kwetsbaarste momenten niet meer zijn overgeleverd aan onbeholpen vriendinnen, schimmige artsen of de georganiseerde misdaad.

Hun idealistische werk zal de vrouwen, en hun mannelijke secondanten, een enkele keer in gewetensnood brengen en begin jaren zeventig ook in juridische problemen. Want Jane’s activiteiten staan dan nog op gespannen voet met de wet. Pas in 1973 zal abortus, door een uitspraak van het Amerikaanse hooggerechtshof in de zaak Roe v. Wade, worden gelegaliseerd. En dan is het: Goodbye Jane.

Die roerige geschiedenis, onlosmakelijk verbonden met de emancipatiebewegingen van de sixties, wordt accuraat verteld in deze tamelijk conventionele documentaire, waarbij er tevens aandacht is voor de beweegredenen – en persoonlijke ervaringen met abortus – van de betrokken Janes. Zij hebben zich onderscheiden in wat gerust de late middeleeuwen van abortus kunnen worden genoemd.

Als de voortekenen niet bedriegen, kunnen zwangere vrouwen in de VS zich opnieuw opmaken voor ‘Dark Ages’. En dan zullen er ongetwijfeld ook weer kleindochters van The Janes opstaan.

20.000 Days On Earth

Madman

20.000 Days On Earth (93 min.) heeft hij volgens zijn eigen berekeningen inmiddels achter de rug – althans, dat is de premisse van deze weldadige docu/mockumentary over Nick Cave uit 2014 – en dan lijkt dag 20.001 een ideale gelegenheid om de balans op te maken. Een fictieve dag, dat wel, waarop de Australische zanger en (song)schrijver plaatsneemt op een stoel bij de psychiater en vertelt over zijn eerste seksuele ervaring, relatie met z’n vader en verhouding tot het geloof. 

Een dag ook waarop hij zijn eigen archief bezoekt en kijkt naar De Jonge Cave. Waarop hij achter het stuur van zijn auto kruipt en het gesprek aangaat met bijrijders zoals acteur Ray Winstone, oud-bandlid Blixa Bargeld en zangeres Kylie Minogue. En waarop hij voor een copieuze maaltijd aanschuift bij bloedsbroeder Warren Ellis. En daarbij komt het gesprek dan op een angstaanjagend optreden van Nina Simone. Ellis hield daaraan een kauwgom over. Die inspireerde hem onlangs tot het boek Nina Simone’s Gum. Althans, zo wil het verhaal dat de twee graag delen.

Aan de hand van de levensgeschiedenis van hun illustere protagonist belanden de Britse filmmakers (en kunstenaars) Iain Forsyth en Jane Pollard zo bij een soort gefictionaliseerde werkelijkheid over Cave, ergens in de Bermudadriehoek tussen herinnering, mythe en broodje Aap. Daar waar de waarheid zich wel eens schuil zou kunnen houden. En waar Nick Cave zelf in songs, anekdotes en verbindende teksten hoog kan draven, vrijelijk mag schmieren en zijn zwartgeblakerde ziel wil blootleggen.

‘Mijn grootste angst is dat ik mijn geheugen verlies’, zegt hij bijvoorbeeld in deze zinnenprikkelende ode aan de kracht van verbeelding, die door Forsyth en Pollard wordt doorsneden met opnames voor zijn album Push The Sky Away (2013) en performances van die songs. Want uiteindelijk bestaan wij als mensen volgens Cave vooral uit onze herinneringen. ‘Daar gaat het mij om bij het schrijven van liedjes: het hervertellen van die verhalen en het mythologiseren ervan. Zo bezien is het verliezen van het geheugen een enorm trauma.’

In de navolgende jaren zal Nick Cave daar stug mee doorgaan, ook met het verwerken van de trauma’s die hij nog op zijn weg zal vinden – en die een plek zullen krijgen in de concertfilms One More Time With Feeling en This Much I Know To Be True.

False Confessions

Journeyman Pictures

Bij een kwart van de veroordelingen die in de Verenigde Staten moeten worden teruggedraaid is er sprake van een valse bekentenis. Ook Nederland kent inmiddels enkele geruchtmakende gerechtelijke dwalingen die voor een groot deel waren gebaseerd op een ondeugdelijke, vaak afgedwongen verklaring, zoals de Hilversumse Showbizzmoord, de Puttense moordzaak en de Schiedammer Parkmoord. En ook de al even spraakmakende Arnhemse Villamoord, die op dit moment opnieuw tegen het licht wordt gehouden, stoelt voor een belangrijk deel op een bekentenis, waaraan inmiddels ernstig wordt getwijfeld.

In False Confessions (91 min.) volgt regisseur Katrine Philp de gedreven advocate Jane Fisher-Byrialsen. Zij staat Amerikanen bij, die mogelijk het slachtoffer zijn geworden van een onterechte veroordeling. Als Jane te gast is in de Wrongful Conviction-podcast van Jason Flom bespreekt ze enkele van deze zaken. Centraal in de film staat de casus van Renay Lynch, die al ruim twintig jaar vastzit voor de moord op haar huisbazin. Tijdens haar politieverhoor heeft Lynch een verklaring afgelegd, die volgens Fisher-Byrialsen niet kán kloppen. Met eigen onderzoek probeert ze de vrouw alsnog vrij te krijgen.

De idealistische Jane en haar echtgenoot David, eveneens advocaat, stuitten ooit op de kwalijke rol die valse bekentenissen kunnen spelen door de justitiële dwaling rond The Central Park Five. Dit groepje zwarte tieners zou eind jaren tachtig een vrouwelijke jogger hebben verkracht in het bekende New Yorkse park. Kory Wise, die uiteindelijk maar liefst dertien jaar onschuldig in de gevangenis zat, vertelt pregnant over hoe hij destijds tot zijn verzonnen verklaring kwam. De conclusie is even wrang als eenvoudig: hij zou letterlijk alles hebben gedaan, zegt hij nu, om weg te kunnen uit dat verhoor, ‘het speelterrein van de Duivel’.

Vaak is er in dit soort gevallen sprake van een diabolische drietrapsraket: de verdachten voelen zich volledig overvallen door de beschuldiging, krijgen nauwelijks of ondermaatse juridische bijstand en worden aangepakt door rechercheurs met tunnelvisie, die in de Verenigde Staten bovendien mogen liegen (!) om een bekentenis af te dwingen. Een ideaal recept voor stuitende misstanden. Dit wordt wel heel pijnlijk geïllustreerd met het gefilmde verhoor van de slechts veertienjarige Lorenzo Montoya, die op alle mogelijke manieren, inclusief het voeren van ‘daderkennis’, tot een bekentenis wordt gedwongen.

Geconfronteerd met zoveel druk en suggestie, officieel vervat in de zogenaamde Reid-ondervragingsmethodiek, kan iedereen doorslaan, daarover zijn deskundigen ’t wel eens. Zelfs een doorgewinterd ijskonijn is dan in staat om zichzelf vals te beschuldigen. En of het later nu tot vrijspraak komt of niet, de ‘daders’ zijn voor het leven getekend. Dat maakt deze stemmige documentaire uit 2018, waarin de pogingen van Fisher-Byrialsen om de naam van haar cliënten te zuiveren centraal staan en verder geen tegengeluid wordt opgezocht, echt glashelder. Zelfs buiten de gevangenis komen zij nooit meer helemaal los van de zaak waarmee ze toch echt nooit iets van doen hadden.

Always Jane

Prime Video

In het voorjaar van 2020 maakt de achttienjarige Jane Noury zich op voor het sluitstuk van een intensief traject, dat vijf jaar eerder in gang is gezet. Over drie maanden, woensdag 17 juni, moet het gebeuren: de allerlaatste operatie. Als ze die horde heeft genomen, is de tiener uit Sparta, New Jersey, precies wie ze wil zijn.

En dan worden Jane en haar omgeving, net als de rest van de wereld, overvallen door een pandemie die alles op z’n kop zet. Kan de Amerikaanse tiener de transitie, die haar nu al toegang tot de modellenwereld heeft verschaft, straks ook daadwerkelijk voltooien? En in hoeverre moet ze dat helemaal alleen doen, zonder liefdevolle familieleden en vrienden aan haar zijde? Om de situatie enigszins te verlichten, krijgt ze op haar verjaardag alvast een mooie muts. Met een vagina erop.

In de vierdelige serie Always Jane (184 min) documenteert Jonathan C. Hyde, met behulp van vlogs en filmpjes die de hoofdpersoon zelf maakt, het kwetsbare proces dat zij al op jonge leeftijd moest aangaan. Jane lijkt daarbij in haar directe omgeving overigens op weinig tegenstand te stuiten. Zelfs haar inwonende grootvader van dik negentig, al zijn hele leven lang lid van de Republikeinse partij, lijkt het geen probleem te vinden dat zijn kleinzoon Jack enkele jaren geleden een kleindochter is geworden.

Dat is zonder enige twijfel heel fijn voor Jane, maar zorgt er wel voor dat deze vierdelige serie nergens écht de diepte ingaat en vaak wat spanningsloos voort dobbert. Natuurlijk, de jonge vrouw en haar dierbaren maken zich begrijpelijkerwijs zorgen over van alles en nog wat, maar uiteindelijk is haar hele omgeving zo positief betrokken, op z’n Amerikaans bijna, en is Jane’s keuze al zo uitgehard dat fundamentele strijd, twijfel en smart achterwege blijven.

Always Jane biedt daardoor geen nieuw perspectief op een thema, dat inmiddels al op talloze plekken uitgebreid is belicht, en onderscheidt zich ook nauwelijks van de wildgroei aan (reality)programma’s over de transwereld.

Maddy The Model

Als achttienjarige maakte ze in 2015 haar debuut op de New York Fashion Week. Madeline Stuart was het allereerste model met het Syndroom van Down op de catwalk. Twee jaar later overheerst bij moeder en manager Rosanne nochtans teleurstelling: haar dochter wordt nog altijd niet behandeld én betaald als een topmodel.

Die carrière was enkele jaren daarvoor zonder al te veel illusies begonnen. Nadat Maddy The Model (92 min.) voor het eerst een modeshow had gezien, kreeg ze van haar moeder een professionele fotoshoot cadeau. Het resultaat daarvan was zo verbazingwekkend dat Rosanne Stuart, inmiddels ook Madelines belangenbehartiger, de foto’s online plaatste. Ze verzon er meteen een prikkelende slogan bij: Getting Down To Modelling. Niet veel later hing New York aan de lijn.

Maar is de Australische tiener sindsdien meer geworden dan een curiosum op de catwalk, een voorbeeld van de inclusiviteit die de internationale modellenwereld nastreeft of zegt na te streven? Rosanne legt zich er in elk geval niet zomaar bij neer dat haar dochter, die door haar verstandelijke beperking van jongs af aan een zorgenkindje is geweest, te midden van al die mooie mensen automatisch aan het kortste eind trekt.

Daarbij speelt onvermijdelijk de vraag op wie van de twee nu eigenlijk droomt van een modellencarrière – en in hoeverre een rol speelt of/dat Rosanne moeite heeft om Madelines beperking te accepteren. ‘Ik doe dit niet voor mezelf, oké’, zegt ze snibbig tegen haar dochter als die geen zin heeft in weer een show. Even daarvoor heeft ze Maddy al proberen te verleiden om nog één laatste interviewer te woord te staan: ‘Een interview en dan een ijsje.’

Thuis, bij haar lieve vriendje Robbie in Brisbane, lijkt Madeline meestal net zo gelukkig als in pak ‘m beet Parijs, Dubai, Londen, Kampala of Palm Beach, waar de schone schijn regeert en zij een plek moet zien te verwerven. Moeder blijft in deze observerende film van Jane Magnusson intussen onverminderd pushen en mopperen. Het is bewonderenswaardig dat ze zo onvoorwaardelijk in haar kind gelooft – of onuitstaanbaar dat ze die haar eigen dromen blijft opdringen.

Afhankelijk van de bril waarmee je deze documentaire bekijkt, is Maddy The Model dus een fraai portret van twee diversiteitsstrijders die door het glazen plafond proberen te breken. Of een onvervalste kromme tenen-film over een behoorlijk ongezonde moeder-dochter verhouding. Óf – dat kan ook nog – een lekker schurende combinatie van die twee.

Oproerkraaiers

Raymond van Mil / VPRO

‘Volgens mij kan je enkel onverschillig blijven tegenover leed als je je ervoor afsluit’, constateert Sunny Bergman halverwege Oproerkraaiers (59 min.) ‘En misschien zorgt juist dat afsluiten ervoor dat we degenen die onze ogen willen openen als aanstellers, als overdreven drammers, ervaren. We vinden ze irritant omdat ze ons op iets wijzen dat we niet willen zien. En daarna geven we de zogenaamde drammers de schuld van polarisering.’

Het is een conclusie, die haar zelf natuurlijk goed uitkomt. Want met haar strijd tegen Zwarte Piet en institutioneel racisme behoort Bergman in de ogen van veel anderen ook tot die groep drammers. In deze nieuwe film duikt ze verder in de wereld van het Nederlandse activisme: van haar eigen natuurlijke omgeving bij Kick Out Zwarte Piet tot de fanatieke klimaatactivisten van Extinction Rebellion en de Jane Unchained Europe-demonstranten die zich manifesteren bij slachthuizen (en Bergman zelf tot het verfoeide ‘redelijke midden’ rekenen omdat zij nog gewoon dierlijke producten eet).

‘Een dag niet gedemonstreerd is een dag niet geleefd’, stelt beroepsactivist Frank van der Linde, terwijl hij met een megafoon leuzen schreeuwt naar het hoofdkantoor van booking.com. Hij voert fulltime actie, komt regelmatig in aanvaring met de autoriteiten en is inmiddels thuisloos geworden. Van der Linde is ook aanwezig bij de grote Black Lives Matter-demonstratie in Amsterdam, na de moord op de zwarte Amerikaan George Floyd, waar Sunny’s gehele natuurlijke entourage bij elkaar lijkt te komen.

Met haar camera begeeft ze zich ook buiten haar eigen bubbel en neemt plaats in de tractor van Mick, een actievoerder van Farmers Defence Force. Overtuigd van zichzelf legt die club geregeld half Nederland plat. Te midden van de boeren verbaast Bergman zich er wel over dat die echt geen ‘activist’ genoemd willen worden. ‘Dat is heel wat anders’, volgens twee mannen. ‘Ik versta onder activisten toch wel wat agressievere mensen’, legt een vrouw uit. ‘En zo agressief zijn wij niet. Wij houden ‘t netjes.’

Bergman kan vervolgens de verleiding niet weerstaan om het grote geld achter de boerenprotesten aan te snijden. Worden die niet gefinancierd door zuivelproducenten en veevoederbedrijven, die simpelweg hun eigen nering proberen te beschermen? Haar vader, een gezworen communist, zou zeggen: het is allemaal de schuld van het grootkapitaal. En dat zou je de gemene deler van al die protestacties kunnen noemen. Het gaat vrijwel altijd om gewone mensen die zich stelselmatig niet gehoord of gewaardeerd voelen. Toch zijn zij ‘t, stelt Bergman met een blik op het verleden vast, die uiteindelijk voor wezenlijke verandering zorgen. Zonder al die oproerkraaiers zou Nederland nooit het land zijn geworden dat het nu is.

Ofwel: radicaal wordt ooit normaal. Het is de optimistische slotsom van deze aardige rondgang langs idealisme, strijdbaarheid en belangenbehartiging.

9to5: The Story Of A Movement

Chicken & Egg Pictures

In één van de eerste 9to5-blaadjes was hun positie in een woord of tien treffend samengevat: ‘We are referred to as “girls” until the day we retire without pension.’ In de jaren zeventig werkten talloze Amerikaanse vrouwen als secretaresse, klerk of typiste. Ze voelden zich echter niet gehoord door de burgerrechtenbeweging, de eerste feministische golf en de bedrijfswereld waarvan ze onderdeel uitmaakten.

De vrouwen zaten vast in een Groundhog Day-achtige aflevering van Mad Men: ze maakten hele lange dagen op kantoor, werden daarop behandeld als veredelde koffiejufrouw en kregen een schamel loon dat paste bij die status. Totdat enkele activistische vrouwen, bevangen door de tijdgeest, besloten om hun recht te gaan opeisen. En elke seksistische ‘boss’ kon zijn borst natmaken.

‘Sommige chefs beschouwen hun secretaresse als een soort kantoorvrouw, die ze zowel een memo kunnen dicteren als koffie kunnen laten zetten’, constateerde de legendarische tv-journalist Walter Cronkite in zijn aankondiging van een reportage over één van de stakingsacties, de zogenaamde Coffee Rebellion. ‘Maar in Chicago vroegen sommige van die vrouwen vandaag echtscheiding aan.’

In 9to5: The Story Of A Movement (86 min.), de tamelijk conventionele nieuwe documentaire van Julia Reichert en Steven Bognar (die dit jaar een Oscar wonnen voor American Factory), blikken kernfiguren van de emancipatiebeweging terug op hun strijd met ‘male chauvinist pigs’ en scepsis in de eigen gelederen. Die vormde ook de inspiratie voor de Hollywood-comedy Nine To Five, met de activiste actrice Jane Fonda in de hoofdrol.

De speelfilm, en de titelsong die Dolly Parton daarvoor schreef, zou hun ideeën naar de mainstream brengen, waar gelijke rechten voor vrouwen op de maatschappelijke agenda kwamen te staan en ook de term ‘seksuele intimidatie’ gemeengoed zou worden. Die historie wordt in deze documentaire, met veel aansprekend archiefmateriaal en vlotte muziekjes, hartstikke netjes opgetekend.

Citizen Jane Fonda

Aurimages

Is ze nu de verleidelijke cyberbabe Barbarella? Volksvijand Hanoi Jane? Uw favoriete aerobics-instructrice? Of tóch, na meer dan een halve eeuw eclatant succes, nog steeds de dochter van Henry?

‘Kan een acteur ooit zichzelf zijn in het dagelijks leven?’ wil een interviewer weten van de jonge Jane Fonda (die onlangs ook al weer geportretteerd in Jane Fonda In Five Acts). Ze antwoordt ontwijkend. Hij vraagt door: ‘U komt nu heel oprecht over, maar is dat gespeeld? Fonda begint te lachen. ‘Dit is allemaal gespeeld. Wat dacht je dan? Ik moet wel acteren, er is een camera bij. Als je me morgen hetzelfde vraagt, krijg je vast een ander antwoord.’

De openingsscène van Citizen Jane Fonda (52 min.) zet de toon voor een tv-film waarin regisseur Florence Platarets met onmiskenbare souplesse door haar leven, carrière en activisme kuiert en ook de protagoniste zelf, buiten beeld, aan het woord laat. Over Fonda’s lange carrière, die resulteerde in maar liefst twee Oscars (Klute en Coming Home), en haar persoonlijk leven, dat de Hollywood-ster over hoge pieken (drie huwelijken) en door diepe dalen (drie echtscheidingen) leidde.

Zoals gebruikelijk bij dit soort portretten wordt er vooral aandacht besteed aan de grote successen van de hoofdpersoon en het bijbehorende leven in de spotlights. De tweede veertig jaar van Jane Fonda’s veelbewogen bestaan – inclusief gelauwerde film- en televisierollen, haar huwelijk met mediamagnaat Ted Turner en een reclamecampagne als rijpere vrouw voor l’Oréal – worden er dan ook in minder dan tien minuten doorheen gejast.

En daarna wordt, voor de mensen die denken dat ook het echte leven eindigt met een happy end, nog even samengevat wat ze zoal heeft geleerd tijdens die inmiddels al meer dan tachtig levensjaren.

AKA Jane Roe

FX

Ze heet Norma McCorvey. Maar Amerikanen kennen haar als Jane Roe. Van Roe versus Wade, de geruchtmakende rechtszaak die in 1973 leidde tot de legalisering van abortus in de Verenigde Staten. Zij zorgde er dus hoogstpersoonlijk voor dat Amerikaanse vrouwen baas in eigen buik werden. En toen, ruim twintig jaar later, keerde ze zich als donderslag bij heldere hemel ineens tégen het recht voor vrouwen om hun zwangerschap te beëindigen.

In AKA Jane Roe (80 min.) doen McCorvey, oud en broos inmiddels, en voormalige mede- en tegenstanders haar levensverhaal, dat wordt gedomineerd door die ene stap waardoor ze in de geschiedenisboeken zou belanden. Daarachter zit echter geen verheven idealiste – geen Rosa Parks zogezegd – maar een volkse vrouw met een scherpe tong, problematisch leven en flinke gebruiksaanwijzing. Die bovendien beweert dat ze zelf nooit een abortus heeft ondergaan.

Met haar beslissing om een handtekening te zetten onder de principiële zaak van ‘Jane Roe’ heeft ze echter een culturele oorlog in gang gezet, die met alle mogelijke middelen wordt uitgevochten en die haar land bijna een halve eeuw later nog altijd tot op het bot verdeelt. Ook ideologische tegenstanders van abortus komen aan het woord in deze spannende film van Nick Sweeney. Voor hen betekent ‘pro-choice’ in werkelijkheid ‘pro-death’.

Uiteindelijk krijgen ze met die boodschap halverwege de jaren negentig zowaar vat op het gezicht van het Amerikaanse recht op abortus: de vrouw die demonstranten bij een abortuskliniek even tevoren nog voor de grap heeft uitgenodigd om ‘gebarbecuede baby’s’ te komen eten. Voor het oog van de camera laat Norma McCorvey zich dopen en pleegt het ultieme verraad: ze wordt lid van de pro-life organisatie Operation Rescue, die natuurlijk wel raad weet met deze promotionele buitenkans.

En dan blijkt dat achter McCorveys plotselinge ommekeer een héél saillante geschiedenis schuil gaat, die deze documentaire naar een krachtige en lekker ongemakkelijke climax stuwt…

Feminists: What Were They Thinking?

Netflix

Hillary Clinton had de eerste vrouwelijke president van de Verenigde Staten moeten worden. In 2008 dolf ze echter het onderspit tegen de eerste zwarte president Barack Obama. Acht jaar later zette Donald Trump de hoop van vrouwelijk Amerika de voet dwars, een man die het land het liefst terug zou willen brengen naar de jaren vijftig. Een man ook, die een beetje feminist associeert met patserpraat van het kaliber ‘grab ‘em by the pussy’.

Het moet onwerkelijk zijn voor de vrouwen die aan het woord komen in de documentaire Feminists: What Were They Thinking? (86 min.). De persoonlijke en maatschappelijke strijd die zij in de jaren zestig en zeventig hebben uitgevochten, lijkt helemaal voor niets te zijn geweest. De onvervalste mucho machoman is terug van nooit weggeweest. Zou God dan toch een hij zijn? vraag je je af – vrij naar een feministisch spandoek uit die tijd.

Uitgangspunt voor deze film is een fotoserie die Cynthia MacAdams halverwege de jaren zeventig maakte van prominente feministes. Enkele van deze vrouwen, onder wie comédienne Lili Tomlin, actrice Jane Fonda, kunstenares Laurie Anderson en zangeres Michelle Philips (The Mamas And The Papas), blikken nu terug op de periode waarin ze zich los probeerden te maken van de rolpatronen die ze kregen ingeprent in hun jeugd.

Meer dan afzonderlijke levensverhalen, die tezamen een aardig tijdsbeeld schetsen, wordt deze documentaire van hun zielsverwant en generatiegenoot Johanna Demetrakas echter nooit. De verhalen achter de foto’s, die vaak wel erg naar de achtergrond verdwijnen, gaan nooit echt leven. Ook de kijk van enkele representanten van de huidige generatie feministen op de afbeeldingen van hun voorgangers brengt daarin geen verandering.

Feminists: What They Thinking blijft te veel een braaf geschiedenislesje, ondersteund door tamelijk particuliere getuigenissen, en wordt nooit dat meeslepende verhaal waarmee ook toekomstige generaties strijdbare vrouwen, die de Women’s Marches tegen Trump en zijn geestverwanten kunnen bevolken, zullen worden veroverd.

Jane Fonda In Five Acts


Zij is inmiddels tachtig, maar zo oud wil ze natuurlijk niet lijken. In die zin is Jane Fonda nog altijd een typische Hollywood-diva. Aan de uitreiking van de Golden Globes gaat dus een hele beautysessie vooraf, zodat haar make-up, kapsel en kleding helemaal tiptop in orde zijn en ze onbevreesd richting de rode loper kan. Stralend als een jonge blom.

Jane Fonda In Five Acts (134 min.) is een tamelijk lang uitgevallen biografie van de bekende Amerikaanse actrice, activiste en fitnessgoeroe. De vijf bedrijven van deze film zijn opgehangen aan de mannen uit haar leven: vader Henry (de befaamde acteur, die volgens Janes broer Peter een script nodig had om zijn vaderrol te kunnen spelen) en drie exen: regisseur Roger Vadim, burgerrechtenactivist Tom Hayden en entrepreneur Ted Turner. Het afsluitende bedrijf, act five, heet simpelweg Jane.

Die structuur vertelt eigenlijk het gehele verhaal in deze verder traditioneel opgezette, nét iets te gladde biopic van Susan Lacy. Bij elke man vindt Jane zichzelf opnieuw uit, compleet met nieuw uiterlijk en activiteitenpatroon. Totdat ze helemaal aan het eind, zoals je van een Hollywood-verhaal mag verwachten, eindelijk terugkeert bij zichzelf.

Waarna je je heel even afvraagt of de hoofdpersoon in de voorafgaande twee uur zichzelf heeft laten zien of heel overtuigend Jane Fonda heeft geacteerd.