De Dode Junk In Mij

EO / vanaf dinsdag 29 september bij 3LAB

‘Loop ik zo meteen mijn vader achterna en eindig ik ergens eenzaam en alleen in een flat in Birmingham? vraagt Joseph zich af. Of zou hij toch in staat zijn om z’n eigen pad te vinden? De filmmaker is bang ‘dat zijn destructieve genen ook in mij tikken als een tijdbom’. Zijn vader Richard Hammond overleed in 2019 overleden aan een overdosis heroïne. ‘Joe’ koestert de spullen die hij van hem heeft gekregen. Het boek De Vreemdeling van Albert Camus bijvoorbeeld, een camera en, ja, de film Trainspotting.

Hammond heeft al die jaren nauwelijks over zijn vader gesproken. Hoog tijd om de confrontatie aan te gaan met De Dode Junk In Mij (40 min.). En daarvoor heeft hij naar zijn eigen overtuiging het maken van deze documentaire nodig. Het spoor leidt naar Engeland, want Josephs moeder wil/kan niet meewerken. Die reis roept elementaire vragen op. Want wat weet hij nu écht over zijn vader? ’Er is niks wat ik zeker weet over deze man, behalve dat ie van voetbal hield.’ Aston Villa, om precies te zijn.

De ouder die altijd onbereikbaar leek komt onderweg steeds dichterbij via de verhalen die Richards moeder, broer en vrienden over hem opdiepen. En Joe vindt hem, inderdaad, ook in zichzelf. ‘Alles wat gezegd werd kon ik letterlijk aan mezelf linken’, rapporteert hij telefonisch aan een vriendin in Nederland. Dat is natuurlijk ook een enge gedachte: in hoeverre zou hij zelf dus kunnen eindigen zoals de man die hij nu, zeven jaar na diens dood, met alles wat ie heeft in het vizier probeert te krijgen?

Joseph Hammonds zoektocht vertoont overeenkomsten met Kelly Klingenbergs poging om haar vader terug te vinden in de egodocu Alleen Met Jenever (2021). Een verhaal dat tegelijk heel particulier en toch universeel is. Want zoekt niet iedereen in de levens van z’n ouders een voorspelling voor het eigen bestaan? Inherent aan zo’n zoektocht lijkt dan ook dat die nooit pasklare antwoorden oplevert, hooguit aanknopingspunten om twee levens te verbinden. Totdat ‘t, in elk geval in het eigen hoofd, wel zo’n beetje klopt.

Molly Vs. The Machines

VPRO / zondag 27 september, om 22.40 uur, op NPO2

Zoals elke avond had hij de voordeur afgesloten. Via de smartphone van zijn puberdochter kwam de buitenwereld echter alsnog binnen. In de nacht van 20 op 21 november 2017 maakte Molly Russell een einde aan haar jonge leven. Sindsdien voert haar vader Ian, namens haar en al die andere tieners die zijn overgeleverd aan social media, strijd tegen de tech-giganten. In de laatste uren van haar leven werd Molly op Instagram, onderdeel van Meta, gebombardeerd met berichten over zelfdoding, depressie en zelfpijniging. Totdat ze daar fatale consequenties aan verbond.

In de urgente documentaire Molly Vs The Machines (uitzendtitel: Molly versus het algoritme, 83 min.), geïnspireerd op het boek The Age Of Surveillance Capitalism van Harvard-hoogleraar Shoshana Zuboff, plaatst Marc Silver de tragische casus van de Britse tiener binnen de evolutie van het internet, het ontstaan van sociale media en de doorontwikkeling daarvan tot platforms voor ‘surveillance kapitalisme’. Uit de levens van gewone burgers destilleert Big Tech voorspellingen, die worden verkocht aan de hoogste bieder. Met hun eigen gebruikers, inclusief kwetsbare kinderen, als handelswaar.

Instagram heeft mijn veertienjarige dochter helpen doden, concludeert Ian Russell, die besluit om terug te vechten tegen de algoritmes en de tech-bro’s voor de rechter daagt. Hij fungeert als hoofdpersoon voor deze ingenieuze film, waarin daarnaast nog een andere verteller, gecreëerd met behulp van AI, wordt geïntroduceerd. Die schetst de techkant van de kwestie. Trefzeker reconstrueert Silver, met acteurs in een onwerkelijk decor, bovendien de rechtszitting, waarin zij tegenover elkaar komen te staan. Molly’s familie, haar vriendinnen en hun advocaten kijken toe.

Molly’s persoonlijke geschiedenis wordt zo vastgeklikt aan het Metaverhaal, waarin we allemaal – inclusief ons dierbaarste bezit, onze kinderen – participeren in een sociaal experiment. Daarbij geeft Silver, via enkele klokkenluiders, een alarmistische boodschap af: de techreuzen zijn zich bewust van de schade die hun product kan veroorzaken, maar willen er niets aan doen. Illustratief is de reactie van Meta-baas Mark Zuckerberg na de herverkiezing van Donald Trump als president van de Verenigde Staten: het moet afgelopen zijn met censuur op onze platforms.

De vrijheid van meningsuiting staat weer voorop, heet ‘t dan. ‘In reality it’s a trade off’, stelt Zuckerberg. ‘It means we’re gonna catch less bad stuff.’ Ian Russell bekijkt ‘t met een cynische glimlach. Catch. Less. Bad. Stuff. ‘Het is nu wel duidelijk dat veiligheid deze platforms geen ene zier kan schelen’, verzucht hij. Waarna Marc Silver er nog een dwingende call to action aan toevoegt: ‘Eis je slaapkamers weer op als plekken van privacy, veiligheid en zelfbeschikking. Vergeet niet: de macht ligt in jouw handen!’

Sovereign Son

Verde Films

Van takken had zijn vader een ingang gemaakt. Als je een beetje bukt, zoals Marcus van Belkum aan het begin van deze intrigerende documentaire doet, kun je nog altijd naar binnen gaan. Binnen is dan wel buiten: een park in Amsterdam. Niet ver van de snelweg, maar wel lastig bereikbaar. De vader van Marcus, de Brit Stanley Powton, leefde er jarenlang in een zelfgebouwde tent. Helemaal alleen, ver van alles en iedereen, maar hooguit een half uurtje rijden van de woning van zijn zoon. Die had daar alleen helemaal geen weet van en ontdekte het pas in 2021, toen de man die hem had verwekt dood was aangetroffen in zijn tent. Stanley had er vermoedelijk een maand of negen gelegen.

In kleren van zijn vader, netjes gewassen natuurlijk, vertelt Marcus aan filmmaker Cindy Jansen welke persoonlijke spullen hij daar, in dat zelfverkozen thuis van zijn vader, nog meer veilig heeft kunnen stellen. Met behulp van generatieve AI probeert Jansen daarmee vervolgens een impressie van het leven van Powton te genereren. Het kost enkele pogingen voordat ze min of meer de juiste toon heeft gevonden. Ook de omgang met diens Sovereign Son (79 min.) vergt enige afstemming. De filmmaakster en haar hoofdpersoon, die zichzelf tot het ‘wakkere’ deel van Nederland rekent en die zich dus ook niet zomaar door haar laat regisseren, staan soms lijnrecht tegenover elkaar.

Jansen is Stanley Powton op het spoor gekomen via Stichting De Eenzame Uitvaart, die mensen zonder nabestaanden uitgeleide doet met een gedicht. ‘In de broekzak van de dode zit een Brits paspoort, uitgegeven aan een ongehuwde man uit 1958,’ schreef initiatiefnemer Joris van Casteren over #269, ofwel De Tentman, in de Volkskrant. ‘Of hij het is, is nog ongewis als hij naamloos wordt begraven.’ En over de ontmoeting tussen de toekomstige ouders van Marcus, begin jaren negentig in München: ‘Zij was 19, de Engelsman 33. Hij had gereisd, door Zuid-Amerika, Afrika en Azië.’ Marcus zelf komt ook nog aan het woord: ‘Ze hebben een onenightstand gehad waar ik het product van ben.’

Dat klinkt veel laconieker dan hij in werkelijkheid overkomt. Terwijl Marcus die ongrijpbare vader alsnog te pakken probeert te krijgen, worstelt hij met de wereld en zijn plek daarbinnen. Hij voelt zich weliswaar thuis in ‘wappie-Twitter’, maar overweegt toch om Nederland, en de bijbehorende ‘Matrix’, achter zich te laten. Boos- en kwetsbaarheid lijken voortdurend om voorrang te vechten – zijn relatie met vriendin Linda dreigt eronder te bezwijken. Marcus imagineert regelmatig een ander leven, van een man die heerst over z’n eigen bestaan, dat Jansen dan weer met enkele AI-prompts poogt op te roepen. Kun je anti-alles zijn en toch weer gezond in je hoofd worden? vraagt ze hem ook.

Sovereign Son weigert intussen categorisch om een rechttoe rechtaan zoektocht naar een verdwenen vader te worden – al bevat de film wel degelijk bezoekjes aan de mensen en plekken die hem even tot leven kunnen wekken. En Jansen waakt er ook voor om een sluitend portret te fabriceren van een zoon die zich, bij gebrek aan een gezond voorbeeld, verliest in toxische mannelijkheid en die, net als z’n vader, buiten het systeem wil leven. Deze film, een lekker tegendraadse dwarsdoorsnede van het leven van twee mannen die grip proberen te krijgen op wie ze (willen) zijn, vraagt en geeft intussen ruimhartig.

FLY – Beyond The Spectrum

Cinema Zed / Dalton

Laten we eerst een open deur intrappen: aan hun voorkomen valt op geen enkele manier af te lezen met welk predicaat ze door het leven gaan. Jules Tilborghs, Kieran Verswijvelen, Brian Fonteyn en Jason Strijp ogen als volstrekt normale jongvolwassenen – ook al zijn ze alle vier gediagnosticeerd met een autismespectrumstoornis. De Vlamingen zijn druk doende om hun eigen plek te vinden in de wereld.

In 2015 zaten ze nog samen op een school voor buitengewoon secundair onderwijs in Sint-Niklaas, SBSO Baken. Regisseur Steven Janssens verzorgde daar toen een filmworkshop, die blijkbaar nogal uit de hand is gelopen. Tien jaar lang werkten ze samen aan de hybride documentaire FLY – Beyond The Spectrum (73 min.). Dat is dus geen film óver neurodiverse jongeren, maar ván en mét neurodiverse jongeren.

Zij hebben hun eigen ontwikkeling, en die van hun vrienden en klasgenoten, zelf gefilmd, maar zijn ook de straat opgegaan om vox pops van gewone Belgen over autisme op te halen. Kieran heeft bovendien foto’s en de soundtrack verzorgd, terwijl Jules daarin, als JTSO, enkele persoonlijke songs zingt en produceert. Dit emancipatoire project is echt in co-creatie tot stand gekomen en geeft een straf beeld van hun levens en belevingswereld.

Ze hebben elk hun eigen uitdagingen. Kieran voelt zich een outsider en zoekt nu na een bewogen schoolperiode naar z’n plek. Jules heeft het Alice In Wonderland-syndroom, een neurologische aandoening die de waarneming verstoort, en wil in Amerika een toekomst opbouwen met z’n vriendin. Brian heeft behalve autisme ook ADHD en Gilles de la Tourette. Hij is trots op z’n baan, maar heeft medicatie nodig om die vol te houden.

Jason tenslotte onderhoudt een lastige relatie met zijn ouders en baalt ervan dat hij zijn eigen geld niet mag beheren. ‘Geen zeg over m’n eigen’, legt hij bozig uit. Jason voelt zich gevangen en wil meer vrijheid. Bij hem wordt de spanning die zij allemaal soms ervaren in hun leven, net als veel leeftijdsgenoten overigens, het meest manifest. Tegelijk toont hun film hem ook helemaal in zijn element, boksend en werkend op een vissersboot.

Want FLY – een afkorting van First Love Yourself – reikt voorbij de stereotiepe beelden die een autismespectrumstoornis nog altijd kan oproepen.  Zonder de uitdagingen in hun levens weg te poetsen, laat de film clichés links liggen en presenteert Kieran, Jules, Brian en Jason, zowel via de inhoud als de vorm, als jongvolwassenen met hun eigen kansen, talenten en doelen – en, uiteindelijk, ook het zelfvertrouwen om daar achteraan te gaan.

Kusama In Holland

Memphis Film

Een protofeminist, een handenbindster, een bezienswaardigheid. Zo’n zestig jaar later roept het verblijf in Nederland van de Japanse kunstenares Yayoi Kusama, de onlangs op 97-jarige leeftijd overleden polka dot-koningin en Instagram-hype, nog altijd levendige beelden op. Via kunstenaars zoals Henk Peeters en Jan Schoonhoven vindt zij in de jaren zestig aansluiting bij de zogeheten Nul-beweging, een reactie op de Cobra-groep en de expressionistische schilderkunst. Ze maakt in die tijd bijvoorbeeld ‘infinity nets’, hele grote schilderijen met eindeloos herhaalde boogjes of puntjes.

Met haar excentriciteit, verzet tegen traditionele rolpatronen en seksueel geladen werk doet Kusama In Holland (53 min.) het nodige stof opwaaien. Bij de tentoonstelling ‘Facetten van de hedendaagse erotiek’ in de Haagse galerie Orez moet in 1965 zelfs de zedenpolitie eraan te pas komen. Preutse Nederlanders spreken schande van de in zilver of goud gespoten schoenen met fallussymbolen die zij daarvoor heeft gemaakt. Later begint ze ook naakt-happenings te organiseren en wordt haar werk alsmaar explicieter. Kusama schildert live stippen op blote mannenlijven – al is ze zelf, volgens de overlevering, wars van lichamelijk contact.

De kunstenares, die pas op latere leeftijd erkenning zal krijgen in eigen land en inmiddels geldt als één van de belangrijkste kunstenaars die Japan ooit heeft voortgebracht, wordt door de vrienden en kennissen uit haar Nederlandse periode in deze boeiende film van Sherman de Jesus zelfs gekenschetst als ‘geestesziek’. Ze blijft haar hallucinaties alleen de baas door ze te vertalen naar kunst. Obsessief, tot in het oneindige. De Jesus verbeeldt die binnenwereld met treffende geanimeerde sequenties van Cristina Garcia Martin, aangevuld met een voice-over die is geïnspireerd op originele teksten en citaten van Kusama en ingesproken door Kumi Sekimoto.

De rol van kunstenares Alicia Framis, die als onderdeel van haar werk onlangs is getrouwd met het AI-hologram Ailex, is minder evident. Of ‘t moet zijn dat zij, in navolging van Yayoi Kusama, eveneens een exponent is van een wereld, waarin kunstenaars ook zichzelf tot hun werk rekenen. Sterker: Kusama lijkt ook al in het Holland van de jaren zestig nauwelijks te kunnen worden onderscheiden van haar kunst. Ze heeft uiteindelijk bijna een eeuw kunnen bestaan – overleven, wellicht – bij de gratie ervan.

9/11 Reunited

Disney+

Door het lot werden ze 25 jaar geleden met elkaar verbonden. In de driedelige serie 9/11 Reunited (135 min.) ontmoeten enkele gewone Amerikanen elkaar nu weer, voor de camera van regisseur Julian Jones. Om herinneringen op te halen aan de dag waarop bijna drieduizend landgenoten de dood vonden bij terroristische aanslagen van Al-Qaeda. Of om de ander, die hun leven heeft gered op die fatale dag in New York op 11 september 2001, alsnog te bedanken.

Zij zijn elkaar sindsdien uit het oog verloren – terwijl er nog zoveel te zeggen valt. Ze zaten samen vast in een lift van één van de Twin Towers. Raakten ernstig gewond op weg naar hun baan in het in die torens gevestigde World Trade Center. Verloren daar alle anderen van hun kazerne aan ‘de brand van de eeuw’. Vingen elkaar letterlijk op, nadat ze uit het raam van een brandend Pentagon-gebouw waren gesprongen. Moesten als ambulancebroeder noodgedwongen hun enige patiënt achterlaten in een parkeergarage. Of hoorden de laatste woorden van een stervende collega.

25 Jaar later zijn ze eerst en vooral gewoon mens als ze weer oog in oog komen te staan. Dit zorgt vanzelfsprekend voor emotionele taferelen: verlegen glimlachen, herhaalde knuffels en – natuurlijk – opwellende tranen. Bij de gedachte aan hoe ze op de vijftigste verdieping van een wolkenkrabber met een ruitenwisser een gat in de muur probeerden te maken, op weg naar verlossing over de levenloze lichamen van andere slachtoffers kropen of zagen hoe anderen alvast hun BSN-nummer op hun lijf schreven (zodat ze te zijner tijd gemakkelijker geïdentificeerd konden worden).

De verhalen van zulke 9/11-overlevenden zijn vaker verteld. Veel vaker zelfs, maar de dramatische gebeurtenissen van dit sleutelmoment in de moderne Amerikaanse geschiedenis zijn zo ontzagwekkend en de acute menselijke nood op die dag nog altijd zo evident dat het blijft raken – ook al voelen die reünies, aangezet met geladen muziek, enigszins opgeprikt. 25 Jaar na dato spelen verbroedering, survivor’s guild en pure dankbaarheid voor het leven ouderwets op.

Alive Inside: A Story Of Music And Memory

Bond / 360

Kom eens een dagje bij me filmen, zei sociaal werker Dan Cohen ooit tegen filmmaker Michael Rossato-Bennett. Die ene dag werd drie jaar. Samen maakten ze een sprankelende reis door de menselijke geest, via ouderen met dementie en hun relatie met muziek. In 2014 verscheen de weerslag daarvan: Alive Inside: A Story Of Music And Memory (78 min.).

Het procedé oogt al snel vertrouwd: we zien een oudere Amerikaan in het verzorgingshuis Cobble Hill, die in het gat is gevallen dat ooit zijn geheugen was. Hij of zij is nauwelijks meer aanspreekbaar. Daarna toont Rossato-Bennett met foto’s en verhalen van dierbaren de persoon die nog ergens in die verstopte geest en dat broze lijf verscholen moet zitten. En als een duveltje uit een doosje tovert Cohen die vervolgens toch weer tevoorschijn. Met een heel eenvoudig instrument, dat alleen niet wordt vergoed door de zorgverzekering: een iPod met koptelefoon.

‘Er bestaat geen pil die dat kan’, stelt Dan Cohen. ‘Een medicijn kan hooguit de vonk dempen of het licht dimmen, maar kan die nooit naar buiten halen.’ En dat geldt bepaald niet alleen voor ouderen met dementie, toont Rossato-Bennett. Muziek kan ook anderen uit hun isolement halen: psychiatrische patiënten, slachtoffers van oorlogsgeweld in Congo of mensen die vanwege een lichamelijke aandoening aan een ziekenhuisbed zijn gekluisterd. Muziek is ‘the quickening art’, volgens de befaamde neuroloog Oliver Sacks (Awakenings), de kortste route naar het binnenste van de mens.

Het is een kunstvorm die de gehele mens kan raken en die ‘de film die alleen in iemands hoofd wordt afgespeeld’, ook wel geheugen genoemd, weer kan aanzetten. Via Louis Armstrong, The Andrews Sisters of Beach Boys komen beelden, geuren én danspasjes weer terug – ook al is het maar voor even. ‘Ik onderzoek de Ziekte van Alzheimer al 38 jaar’, vertelt dokter Peter Davis. ‘Maar ik heb niets beters te bieden aan mijn patiënten dan muziektherapie.’ Het aanschaffen van iPods – we schrijven begin jaren ’10 – heeft echter meer voeten in de aarde dan wie dan ook zou willen.

Gelukkig zijn er beelden van ouderen zoals Henry, een Afro-Amerikaanse man die helemaal opleeft door gospelmuziek en zo viral gaat, om de zaak vlot te trekken. Behalve een pleidooi voor muziek als ontsluiter van de menselijke ziel wordt Alive Inside, aangestuurd met Rossato-Bennetts enigszins zijige voice-over, daardoor ook een soort aanklacht tegen gezondheidszorg, die mensen reduceert tot patiënten en definieert aan de hand van hun deficiënties. Deze docu toont overtuigend dat zij eerst en vooral nog altijd mens zijn – met een onbedwingbare liefde voor muziek.

Big Girls Wanted: Escaping Pearadise

HBO Max

Welkom bij Pearadise in Las Vegas, ‘a place of acceptance and love’ voor plus size-vrouwen. Het huis wordt gerund door ‘just a normal guy’, de van origine Duitse oprichter Stefan Wilhelmy. Hij is ooit helemaal binnengelopen met een ingenieuze uitvinding en heeft nu een ‘safe space’ gecreëerd voor de vrouwen, waarnaar zijn eigen hart uitgaat. Stefan zorgt er meteen ook voor dat alle activiteiten worden gefilmd voor social media of live worden gestreamd. Van kokkerellen en eten in de keuken tot dollen in bikini in het binnenhuiszwembad.

De Amerikaanse fotojournaliste Emily Kask laat zich ook verleiden om eens naar Pearadise te komen. Wellicht houdt ze er nog een goed verhaal aan over voor The New York Times. Regisseur Tara Malone heeft er in elk geval ‘een goed verhaal’ aan overgehouden voor Big Girls Wanted: Escaping Pearadise (132 min.). Want natuurlijk gaat er in Pearadise nog veel meer om dan alleen het vieren van ‘body positivity’. Deze driedelige docuserie toont dat er een hele wereld schuilgaat achter Wilhelmy’s specifieke beeld van vrouwelijke schoonheid.

Restaurants zoals Heart Attack Grill bijvoorbeeld, dat gegarandeerd ongezonde maaltijden serveert. Als de weegschaal aangeeft dat je meer dan 159 kilo weegt, kun je er bovendien gratis eten. Of ‘feederism’, een seksuele voorkeur voor mensen met overgewicht of obesitas. En die goeïge Stefan lijkt een ‘feeder’ van het zuiverste water, die erop kickt om anderen te zien eten en aankomen. Maar betekent dit ook meteen dat hij zich schuldig maakt aan seksueel misbruik? Op de sociale media beginnen zulke beschuldigingen wél rond te zingen.

In deze miniserie doen enkele vrouwen, waaronder Kimmi Haueter (die zich online Piggy Stardust noemt), hun verhaal. Stefan zou stelselmatig over hun grenzen gaan. De man zelf en enkele getrouwen geven hen weerwoord. Voor een buitenstaander blijft het intussen lastig om te bepalen wat er precies is gebeurd. Feit is dat vanaf het begin duidelijk was – door alle video’s vanuit Pearadise – dat Wilhelmy hun uiterlijk erotiseerde en wilde exploiteren, maar daaraan kan hij (of een ander) natuurlijk nooit het recht ontlenen om over hun persoonlijke grenzen te gaan.

Big Girls Wanted krijgt intussen iets zéér ongemakkelijks: deze weerslag van een vuile oorlog, die zowel online als in het echte leven zonder enige gêne wordt uitgevochten, oogt al net zo trashy en voyeuristisch als de hoofdrolspeler zelf, zijn medestanders en hun opponenten. Samen belichamen zij een subcultuur waarin lichamelijke en psychische kwetsbaarheid, fetishes en ongezonde verdienmodellen op een gevaarlijke manier samenkomen.

Room To Move

Netflix

De Amerikaanse danser en choreograaf Jenn Freeman is al in de dertig als ze antwoord krijgt op de vraag waarmee ze al haar hele leven rondloopt: waarom ben ik anders dan anderen? Op de dag dat Freeman wordt gediagnosticeerd met een autismespectrumstoornis, neemt ook filmmaker Alexander Hammer contact met haar op. Hij wil een documentaire met haar maken.

Room To Move (112 min.) is doorsneden met een stem die mechanisch alle mogelijke kenmerken, uitingsvormen en symptomen van autisme opdreunt, die vervolgens zijn te herkennen in Jenns leven of gestileerde representaties daarvan voor een voorstelling waaraan zij werkt. Daarnaast gaat ze in gesprek met klinisch psycholoog Kimberly Gilbert. Op een gegeven moment nam dans me meer af dan het me gaf, vertelt Freeman dan. Ze is ergens onderweg haar reddingsboei kwijtgeraakt – al weet ze dat doorgaans goed te verbergen bij haar leerlingen en collega’s.

Met geregistreerde scènes, tevens gefilmd door Jenns echtgenoot Ian Stuart, kan Hammer zeer dicht op de huid komen bij zijn hoofdpersoon en de uitdagingen van haar dagelijks leven vangen. Hij klutst al die verschillende verhaalelementen, waaronder ook een hele zwik familiefilmpjes, bij elkaar en probeert zo ‘de neurodivergente ervaring’ te vatten. Gaandeweg komt de documentairemaker zelf ook steeds meer in beeld. Ook hij worstelt gedurig met zijn (psychische) gezondheid en belandt tijdens het maken van de film in diverse crises. Jenn en hij vinden elkaar daarin.

Zij begint hem dan ook te filmen. En Alex gaat eveneens in gesprek met dokter Gilbert. De grenzen tussen maker en subject zijn dan al behoorlijk vervaagd, in een lang uitgesponnen en erg grillige film waarin de uitdagingen en valkuilen van het leven met autisme, alsmede de aanverwante thematiek en diagnoses, worden geëxploreerd. Room To Move dreigt een kamer te worden waarin ze zichzelf in een hoek hebben geschilderd. Met steeds minder bewegingsruimte. Uiteindelijk, na het verplichte vallen en opstaan, volgt echter toch een positieve, lekker Amerikaanse eindconclusie.

Het maken van deze documentaire heeft, daarover zijn Jenn Freeman en Alexander Hammer ‘t aan het eind wel eens, niets minder dan hun leven gered. En die diagnose is een geschenk gebleken.

Het Dubbelleven Van Marijn Kuipers

BNNVARA / Joy Hansson

Influencer Marijn Kuipers loopt al negen jaar met een geheim rond. Vriendje Dave Roelvink is op de hoogte van haar eetstoornis, maar haar moeder weet bijvoorbeeld nog van niets. Die moet ze nu dringend bijpraten, want Kuipers is al begonnen met filmen voor deze tv-docu van Mark Leene. Voor de camera licht ze haar moeder in.

De Friese presentatrice en vlogger heeft haar persoonlijke proces al die tijd ook stiekem vastgelegd. Want de camera fungeert voor jonge vrouwen zoals zij nu eenmaal als spiegel: via de lens kijken ze naar zichzelf, ook naar wat er niet naar wens is of gaat, en kunnen ze zichzelf uitdragen: het succesverhaal of juist de keerzijde ervan.

In Het Dubbelleven Van Marijn Kuipers (50 min.) ontmoet ze oude vriendinnen, gaat in gesprek met lotgenoten en start met therapie. Tussendoor bespreekt Marijn met Dave, ook al voor die camera, wat ze heeft meegemaakt, hoe ze zich voelt en op welke manier het nu verder moet. En hij heeft, tevens vanuit eigen ervaring, nog wel wat advies.

Zijn vriendin wil duidelijk schoon schip maken en niet langer de schone schijn ophouden. Met haar eigen kwetsbaarheid kan Marijn Kuipers ook weer een rolmodel worden – en zo een gevoelige snaar raken bij het jonge en vrouwelijke publiek dat met dit (zelf)portret op maat wordt bediend. Waarna ongetwijfeld interviews en de talkshows wachten.

The Dark Wizard

HBO Max

‘Als ik sterf, film het’, zegt Dean Potter voordat hij de rotswand ‘Heaven’ in het Yosemite Park in de Amerikaanse staat Utah gaat beklimmen. Wanneer The Dark Wizard (236 min.) valt, dondert hij honderden meters naar beneden. Want Potter klimt ‘free solo’, zonder enige vorm van zekering, en zoekt steeds zijn eigen grenzen op. Één fout betekent de dood. ‘Volg me tot op de grond, film het’, instrueert hij zijn vriend Brad Lynch. Die moet er zo’n twintig jaar later nog altijd niet aan denken. ‘Als hij daar valt, ga ik dat niet filmen.’

Het is een cruciaal moment in Potters ontwikkeling en deze vierdelige serie die aan hem is gewijd. Direct daarna, aan het einde van de eerste aflevering, loopt zijn relatie met topklimster Steph Davis op de klippen en heeft hij écht niets meer te verlezen. Graham Potter begint steeds nadrukkelijker met de dood te spotten. En hij beperkt zich niet alleen tot klimmen. De Amerikaanse waaghals houdt zich ook onledig met skydiven, basejumpen én slacklinen, het lopen over een zelf gespannen lijn tussen twee bergen, natuurlijk ook zonder deugdelijke zekering. Dat kan niet goed aflopen.

Als Potter wordt geconfronteerd met een jongere en getalenteerdere rivaal, Alex Honnold (de onverstoorbare hoofdpersoon van de Oscar-winnende documentaire Free Solo), ziet hij zich genoodzaakt om zijn eigen grenzen steeds verder te verleggen. Deze miniserie van Peter Mortimer, Nick Rosen en Josh Lowell documenteert dat proces: met elk record dat hij verliest en elke bokkensprong die ie vervolgens maakt – ‘free basen’ bijvoorbeeld, een combinatie van free solo-klimmen en basejumpen – raakt hij zichzelf verder kwijt. En ook zijn beste vrienden beginnen gaandeweg af te haken.

Uit zijn dagboek, verlevendigd met elementaire illustraties (die voor dit portret tot leven worden gewekt), komt een man naar voren, die letterlijk de hoogste toppen beklimt en door de diepste dalen moet. Volgens zijn oudere zus Elizabeth had Dean van hun ouders, die in een pijnlijke scheiding verzeild waren geraakt, een ‘sad gene’ geërfd. Hij was, zoals één van z’n vrienden ‘t uitdrukt, zowel gezegend als vervloekt. Te midden van alle adembenemende beelden – want elke zelfoverwinning, recordpoging en verplaswedstrijd is natuurlijk gefilmd – openbaart zich een labiele man.

Die emotionele onderlaag kan The Dark Wizard soms ook goed gebruiken, want vier uur springen, balanceren en vliegen (met een wingsuit – en soms ook een hond in wingsuit) wordt toch al snel méér van hetzelfde. Dean Potter lijkt bezig aan een desperate vlucht voor zichzelf. Als een menselijke raaf, de onheilspellende zwarte vogel waarmee Potter zich is gaan identificeren. Die wordt door het filmmakende drietal ook optimaal uitgenut in deze typisch Amerikaanse productie, waarin de alfaman/paria/antiheld uiteindelijk, met ware doodsverachting, afstevent op een ‘glorieus’ slotakkoord.

#Skyking

Disney+

The sky’s no limit, staat er achter op het T-shirt van de man die op 10 augustus 2018 door de beveiligingspoortjes van vliegveld Sea-Tac in Seattle gaat. Niet veel later is hij doorgedrongen tot de cockpit van een Dash 8. Hij laat het Q400-vliegtuig van Alaska Airlines opstijgen en negeert pogingen van de luchtverkeersleiding om in contact met hem te komen. Bij het FAA Washington Operations Center gaan ondertussen alle alarmbellen af. Is het toestel gekaapt? En wat volgt er nu? Een (zelfmoord)aanslag?

‘Ik heb iets slechts en egoïstisch gedaan’, bekent ‘Horizon Guy 449’ even later, als hij zich toch bij de luchtverkeersleiding meldt. ‘Maar het is niet erg. Ik ga naar Rainier.’ Op de grond kunnen ze nauwelijks geloven wat ze zojuist te horen hebben gekregen. ‘449, wil je zeggen dat je het vliegtuig hebt gekaapt?’ vraagt iemand ontzet. ‘Ja, ik ben bang van wel’, beaamt de onbekende man laconiek, om er enkele ogenblikken later al even luchtig aan toe te voegen: ‘Heb je enig idee of Dash 8 Q400 een barrel roll kan maken?’

De potentiële brokkenpiloot wordt al snel geïdentificeerd als Richard Russell, een 28-jarige grondmedewerker van het vliegveld, met de bijnaam ‘Beebo’. Hij heeft nog nooit gevlogen. In #Skyking (90 min.) probeert Patricia E. Gillespie met Russells familie, vrienden en collega’s te begrijpen wat hun geliefde zoon, broer of vriend heeft bewogen. Via een koptelefoon krijgen zij bovendien voor het eerst zijn contacten met de luchtverkeersleiding te horen. Zo wordt zijn opzienbarende ‘vlucht’ gereconstrueerd.

‘Ik wilde gewoon een vluchtje maken’, vertelt Beebo, die klinkt als een toffe peer-variant op het Michael Douglas-personage in de speelfilm Falling Down, een gewone man die niet meer tegen het leven kan en dan een stap zet die eigenlijk alleen verkeerd kan aflopen. ‘Dus je bent in je eentje?’ vraagt de telefonist die Russell veilig naar de grond moet loodsen. ‘Ja’, antwoordt Beebo, die weet dat hij anderen in gevaar brengt met zijn doldrieste actie, hoorbaar schuldbewust. ‘Ik wilde niemand anders kwaad doen.’

Op de gezichten van zijn meeluisterende verwanten valt intussen af te lezen hoe zij zijn reis beleven. Ze leren hem opnieuw kennen. Wat ze horen roept ook talloze herinneringen op aan de man die zich met ‘zijn’ vliegtuig nu opmaakt voor een barrel roll, een levensgevaarlijke kurkentrekker-beweging. Gillespie vindt knap de middenweg tussen die twee verhaallijnen: de enerverende solovlucht zelf en het leven daarachter, van een desperate man die zichzelf wil bevrijden van zijn eigen beperkingen.

Aan het eind belicht zij ook nog het verhaal dat er naderhand is gemaakt van Beebo’s vlucht. Want die zal worden gekaapt door zowel uiterst links als rechts en door hen worden omgevormd tot een spectaculair broodjeaapverhaal, dat perfect past in hun eigen politieke agenda – en dat voor zijn familie en vrienden de man die zij nog altijd hoog hebben zitten juist bezoedelt. Deze indringende film brengt de #Skyking weer terug tot menselijke proporties en benadrukt tegelijk hoe onwaarschijnlijk zijn missie was:

Dramatisch, aangrijpend en totaal (on)begrijpelijk.

De Film Die Nooit Afkwam

&Bromet’/ EO

De zwarte bladzijde uit het filmende leven van Frans Bromet kan in 2017 alsnog worden omgeslagen. De documentaire die hij in de jaren zeventig wilde maken over schilder en Holocaust-overlever Sieg Maandag (1937-2013), waarvan de productie jaren eerder vanwege een volledig uit de hand gelopen conflict tussen Bromet en zijn producent George Becht was afgebroken, kan toch nog worden voltooid.

De Film Die Nooit Afkwam (58 min.) begint bij de foto die George Rodger (1908-1995) van de kleine Sieg maakte bij de bevrijding van het concentratiekamp Bergen-Belsen in 1945. De Britse fotograaf van het vermaarde tijdschrift Life kan, als Bromet hem een heel leven later opzoekt, nauwelijks geloven dat het jongetje zijn leven daarna ‘gewoon’ heeft kunnen vervolgen en nog altijd in leven is. Tot een ontmoeting tussen de fotograaf en zijn subject en de foto die daarvan moet worden gemaakt – het beoogde einde van de nooit afgeronde docu Life’s Picture – zal het door alle productionele perikelen echter nooit komen.

Bromet, zelf afkomstig uit een Joodse familie, wilde toentertijd nadrukkelijk uit de zwaarte weg blijven. Niet te veel inzoomen op de ontzaglijke ellende van het kamp, bijvoorbeeld – ook omdat hij die confrontatie zelf nauwelijks aankon. In plaats daarvan filmde hij opgeprikte, soms bijna clowneske reconstructiescènes, waarin Maandag zijn eigen belevenissen naspeelde. Die waren vermoedelijk ook de spreekwoordelijke druppel voor producent Becht. Samen met Sieg Maandags weduwe Karen en zijn kinderen Sarah en Simon kijkt de filmmaker het beeldmateriaal nu terug en bespreekt met hen de man daarachter.

Gaandeweg wordt tevens duidelijk hoe, waarom en door wie Bromets oorspronkelijke film werd getorpedeerd en hoe de direct betrokkenen, waaronder hijzelf, daar jaren later op terugkijken. De tijd lijkt in elk geval deze wonden wel te hebben geheeld. En met De Film Die Alsnog Afkwam kan Bromet toch zijn oorspronkelijke vraag beantwoorden: hoe kan een mens verder leven na het concentratiekamp? De vraag is dan alleen nog hoe hij die nieuwe docu naar z’n einde kan brengen. En ook die vraag wijst uiteindelijk zichzelf, in deze boeiende film over de erfenis van de Tweede Wereldoorlog en hoe die te beheren.

De Film Die Nooit Afkwam is hier te zien.

Autisme Werkt

Videoland

Ruim 200.000 Nederlanders hebben autisme. De helft daarvan heeft geen betaalde baan. Als zij ook op hun kracht wordt ingezet, betoogt Autisme Werkt (42 min.), wordt iedereen daar beter van. Een inclusieve werkomgeving waar ook neurodivergente medewerkers, zoals de drie hoofdpersonen van deze korte documentaire van Martijn Willemen, hun plek kunnen vinden, benut z’n volledige potentieel en levert vast ook beter werk af.

Vroeger werd Joyce gepest op school. Ze wist volgens eigen zeggen niet hoe ze op mensen moest reageren. Inmiddels werkt zij als docent Engels op een middelbare school in Den Haag. Als haar omgeving een beetje rekening houdt met wie zij is, kan ze prima functioneren. Drie dagen per week, dat wel, met voldoende tijd om te herstellen. Ooit kon ze al van andere boter van slag raken. Toen het recept van het merk dat ze al sinds jaar en dag gebruikte bij haar ontbijt bleek te zijn veranderd, begon ze de dag meer dan een week lang met de lunch. ‘Toen heb ik volgens mij ook echt gehuild.’

Cabaretier en acteur Fabian Franciscus heeft een complexe autismespectrumstoornis (ASS), die gepaard gaat met fobieën, angsten en smetvrees. Als hij thuis afspreekt met een mogelijke nieuwe geluidstechnicus, leidt hij haar heel secuur door wat ze bij binnenkomst wel en niet mag doen en aanraken. Marit doet daar echter niet moeilijk over. Ze heeft zelf ASS. Net als Fabians vriendin Celine overigens, met wie hij inmiddels een zoontje heeft. Samen werken ze in deze aardige film met een boodschap toe naar een nieuwe voorstelling, waarvoor Fabian nog wel het één en ander heeft te doen.

De 33-jarige Bijan tenslotte is bezig met re-integreren. Hij is 2022 uitgevallen en is nu op zoek naar een organisatie die aansluit bij zijn autistische profiel. In dat kader kijkt hij ook even rond bij het Eindhovense hightechbedrijf ASML, waar zo’n twintig procent van de 20.000 medewerkers neurodivers is. In de bedrijfsvoering wordt daar ook nadrukkelijk rekening mee gehouden. Zo zijn er bijvoorbeeld zogeheten ‘recharge rooms’, rustige ruimtes waar medewerkers even kunnen ontprikkelen. Want voor ASML is duidelijk: om te kunnen blijven groeien, hebben ze ook deze medewerkers keihard nodig.

De Instagram Moord

Act Of Crime / BNNVARA / maandag 23 maart, om 21.25 uur, op NPO3

Hun zus Roxannne spreekt over ‘het ongeluk’. Die ene dag, 23 oktober 2021, waarop Bouchra Anouk doodstak. De 21-jarige vrouw uit Den Bosch streamde haar schokkende daad live op internet. Ze bevond zich in een acute psychose. ‘Achtentachtig steekletsels’ werden er later vastgesteld bij haar jongere zus, die ter plekke overleed.

In De Instagram Moord (50 min.) delen Bouchra, Roxanne en hun moeder Shirley hun verhaal over deze traumatische avond en wordt de familie gevolgd tijdens het hoger beroep in de zaak tegen Bouchra. ‘Hoe kan je verder gaan als je weet dat je iets vreselijks hebt gedaan bij de persoon die alle vertrouwen in jou had en jou niet slechts zou wensen?’, vraagt de jonge vrouw, die is gediagnosticeerd met schizofrenie, zichzelf af in de verklaring die ze voorleest in de rechtbank. ‘Het voelt als een zware last die ik niet zomaar van me af kan zetten. Het spijt me meer dan ik ooit kan uitdrukken.’

Het Openbaar Ministerie eist tien jaar gevangenisstraf en TBS tegen Bouchra. Volgens hen had zij niet naar de stemmen moeten luisteren die ze tijdens haar psychose hoorde. Anouks schokkende dood valt haar dus aan te rekenen. In afwachting van de uitspraak gaat Bouchra met haar familie nog een weekendje naar een vakantiepark. Het zouden wel eens de laatste dagen kunnen worden die ze met elkaar doorbrengen. Met een potje jenga proberen ze er toch nog een fijne tijd samen van te maken. De spanning voor het vonnis loopt intussen zienderogen op, in deze film die het gezin heel dicht op de huid zit.

Moeder Shirley blijft haar kind, dat nu eenmaal ziek is, onvoorwaardelijk steunen. Roxanne wil haar zus vergeven, maar durft haar eigen kinderen ook niet alleen te laten met haar. Duiding over Bouchra’s situatie komt er van Désirée Versteijen, de klinisch psycholoog bij wie ze in behandeling is. Zij probeert haar daad, mentale toestand en toekomstperspectief te schetsen in deze docu, die zich verder vooral bij de zaak zelf houdt. Bouchra’s jeugd, haar ziektegeschiedenis en de familiesituatie komen op weg naar de uitspraak op 11 december 2025 slechts beperkt aan de orde.

Op die dag wordt duidelijk welke gevolgen ‘het ongeluk’, waarover in en door de buitenwereld vaak hard is geoordeeld, verder nog zal hebben voor Bouchra en haar verwanten.

Trailer De Instagram Moord

In Whose Name?

Amsi Entertainment / Prime Video

Binnen vijf minuten zijn Lady Gaga, LeBron James, Chris Rock, P. Diddy en Pharrell Williams in de documentaire In Whose Name? (104 min.) al zijn ring komen kussen. De Amerikaanse hiphopper Kanye West staat in 2009 onmiskenbaar op eenzame hoogte. En dan wordt hij ingehaald door zijn eigen onmogelijke gedrag. Tijdens de uitreiking van de MTV Awards heeft hij bruusk Taylor Swifts dankbetuiging onderbroken, met de mededeling dat eigenlijk Beyoncé had moeten winnen.

‘Ye’ laat zich door alle commotie niet van de wijs brengen – dat is ie waarschijnlijk allang – en brengt backstage, met zangeres Rihanna erbij, een toast uit op alle ‘douchebags’. Daarna kan deze observerende documentaire van Nico Ballesteros, samengesteld uit drieduizend uur ‘fly on the wall’-beeldmateriaal uit de periode 2018-2024, daadwerkelijk beginnen. Met als dominante thema de mentale gezondheid van de alsmaar verder ontsporende rapper, ontwerper en innovator.

Dat biedt geen fijne aanblik – ook niet op hoe zijn entourage op hem reageert. Allerlei gênante varianten op ‘kiss the ring’, bij de man die altijd en overal het middelpunt is. Of ie nu zijn steun uitspreekt aan president Donald Trump, helemaal uit de bocht vliegt in Saturday Night Live, op een megalomane manier tot christen wordt gedoopt, zich kandidaat stelt voor het Amerikaanse presidentschap, zijn deal met The Gap halsoverkop beëindigt, stuitende antisemitische uitspraken doet of…

Slechts een enkeling gaat de confrontatie aan met de bipolaire artiest. En zijn echtgenote, influencer Kim Kardashian, participeert de ene keer maar al te gewillig in het sprookje dat ze samen, ook voor zichzelf, ophouden en geeft een andere keer haar grenzen aan. In zulke gevallen is een redeloze woedeaanval van de keizer, die er volledig van overtuigd is dat ie z’n kleren nog aanheeft, nooit ver weg. Een echtscheiding blijkt onvermijdelijk voor het wereldberoemde koppel.

Ballesteros is geen maker die onderweg kritische vragen stelt, tegenwerpingen maakt of het gedrag van zijn hoofdpersoon inkadert. Hij laat hem begaan – show, don’t tell – en gaat, net als bijvoorbeeld Kenny G, Marilyn Manson en Elon Musk, mee in wat Wests brein nu weer dicteert. Dit resulteert in een even fragmentarisch als unheimisch portret van een in zichzelf verdwaalde man, dat nooit echt een coherente vertelling wordt.

Freud Der Aussenseiter

EO

Dit kunnen niet mijn ouders zijn, denkt elk kind op een zeker moment, volgens de vermaarde zenuwarts Sigmund Freud (1856-1939). Véél te gewoon en saai.

Freud schrikt echter van de heftigheid waarmee ie zelf reageert op de dood van zijn vader, een mislukte zakenman met wie hij weinig op had. In zijn leven en deze documentaire van Yair Qedar daarover, Freud: Der Aussenseiter (52 min.), vormt dit sterfgeval een ommekeer. In de woorden van de Britse psychoanalyticus en essayist Adam Phillips: Freud wordt Freud, de Freud die we allemaal kennen.

De droomduider, de therapeut die het onbewuste ontsluit en de vader van de psychoanalyse. Een Joodse man ook, die tijdens zijn jeugd in Wenen regelmatig met antisemitisme wordt geconfronteerd en aan het einde van zijn leven moet vluchten voor het opkomende nationaalsocialisme. Qedar schetst het leven daartussen in vier handzame hoofdstukken: Der Jude, Freud wird Freud, Liebe/Tod en Exil.

Hij laat deze man, die een wereldwijd begrip is geworden, zelf aan het woord via ingelezen brieffragmenten en vraagt vooraanstaande psychoanalytici om vanuit het hier en nu zijn leven en werk in te kaderen. Dit geheel wordt omlijst met droombeelden en animaties van een Freudiaanse figuur in een trein die rijdt door een wel zeer bloemrijk landschap, dat alleen uit de spelonken van de menselijke geest kan komen.

Zo worden deze grote denker en het gedachtegoed waarmee hij de wereld heeft veranderd in perspectief geplaatst. De Freud van toen zou nu nog altijd stof doen opwaaien. Zijn boek over seksualiteit, waarin hij betoogt dat ook kinderen seksuele gevoelens en frustraties hebben, zou hem volgens de psychiater en historicus George Makari bijvoorbeeld ernstig in de problemen brengen in het hedendaagse Amerika.

Als geen ander wist Freud toen al ‘what’s on a man’s mind’ – al zou hij aan het eind van zijn leven de (aantrekkings)kracht van de nazi’s toch echt schromelijk onderschatten.

Morderca Szyty Na Miarę

HBO Max

Het kan niet lang duren voordat de naam ‘Hannibal Lecter’ valt in de driedelige true crime-serie Morderca Szyty Na Miarę (internationale titel: Fit For A Killer, 145 min.). Dat doet ’t dus ook niet. Hooguit een minuut of vijf. En dan wordt de mysterieuze Poolse moordenaar, die eind jaren negentig de huid van zijn slachtoffer afstroopt, al vergeleken met de gestoorde killer uit The Silence Of The Lambs (1991). Zou de Hollywood-thriller als inspiratie hebben gediend voor de man die de 23-jarige studente Katarzyna Zowada op weerzinwekkende wijze van het leven heeft beroofd?

De verdenking valt al snel op voormalig geneeskundestudent Wlodymir Womaczko, die met het gezicht van zijn vader op wordt gesignaleerd. Uitroepteken. Zijn opa denkt in eerste instantie dat hij gewoon zijn zoon ziet, in plaats van zijn kleinzoon met een masker van mensenhuid op. Volgens Womaczko past deze daad in de cultuur van zijn ouders. Hij wil zo zijn minachting uitdrukken voor de man, die zijn moeder heel slecht zou hebben behandeld. Kat in het bakkie, zou je zeggen. Dit moet de verknipte moordenaar zijn – ook al ontkent hij zelf, nog steeds, in alle toonaarden dat hij ‘Kasia’ heeft vermoord.

De dader zal echter nog héél lang uit de handen van de politie blijven. Pas een kleine twintig jaar later belandt er een verdachte achter de tralies. Het duurt dan nog eens zeven jaar voordat er een vonnis wordt uitgesproken. Regisseur Rafael Skalski heeft de nietsvermoedende kijker tegen die tijd al vergast op duistere horrorbeelden en macabere bijzonderheden over het misdrijf. De man die daarvoor verantwoordelijk wordt geacht is bovendien opgetekend als een waanzinnige gek, met een ernstige vorm van godsdienstwaanzin, een verslaving aan de sportschool en diverse seksuele perversies.

In het mortuarium van het ziekenhuis, waar ie een tijdje werkte, zou hij een missverkiezing voor het mooiste vrouwelijke lijk hebben georganiseerd. Zo’n type. Een Poolse variant op Hannibal. Even geniaal als gek. Een ten diepste beschadigde figuur, zonder twijfel. ‘Soms moet je een kind berispen of zelfs een klap geven’, stelt zijn eigen vader Jozef, ongetwijfeld eufemistisch. Over zijn zoon zegt ie ook: ‘Ik was niet echt gehecht aan hem, maar hij draagt nu eenmaal onze achternaam.’ Met zo’n getroebleerde figuur moet ‘t, kortom, wel verkeerd aflopen – en met iedereen in zijn directe omgeving.

En dan draait Rafael Skalski de zaak om en plaatst al die onheilspellende signalen en gore details in een ander perspectief. Waarnaar hebben we gekeken en waarvan hebben we gegruweld? Tunnelvisie? Trial by media? Wie is de man die vanuit de schaduw meekijkt? Een Poolse variant op Dr. Jekyll & Mr. Hyde? Die zijn prooi als een slang beloert, zodat hij op een onbewaakt ogenblik kan toeslaan? Het verhaal dat tevoorschijn komt vanachter het misdrijf is net zo onrustbarend – al wordt het punt dat Skalski ermee wil maken enigszins vertroebeld door de vette vorm waarin hij z’n vertelling ook dan giet – en de implicaties van zijn eigen keuzes voor lieden die het niet meer kunnen navertellen.

Echte Mannen Huilen Niet

Cinetree

Één mislukte wedstrijd, onhandige actie of verkeerd woord en de zeis gaat erover. In de kleedkamer, op televisie of online. Als topvoetballer heb je ‘t maar te slikken. Daar word je, zogezegd, een grote jongen van. Erover klagen is in elk geval taboe en lijkt alleen maar vragen om nog meer problemen. In de documentaire Echte Mannen Huilen Niet (53 min.), gelanceerd in het kader van de campagne Samen Voor Kwetsbaarheid, vraagt Jan Paul van der Velden samen met enkele oud-profvoetballers aandacht voor mentale problemen bij mannen.

Voormalig speler en initiatiefnemer Gianni Zuiverloon, die samen met oud-international Edson Braafheid tevens collega’s en coaches interviewt in de podcast Building Bridges, weet waar hij over praat: de druk, ook die hij zichzelf oplegde, speelde hem tijdens z’n carrière regelmatig parten. Samen met de profs Ron Vlaar, Calvin Jong-a-Ping, Ryan Donk, Thomas Marijnissen en Mark Diemers, de enige nog actieve speler, gaan Zuiverloon en Braafheid nu twee dagen onder professionele begeleiding ‘de kracht van kwetsbaarheid’ onderzoeken.

Terwijl ze zich onder handen laten nemen door systemisch coach William Wilson, voormalig commandant bij het Korps Commandotroepen Erik Wegewijs en kickbokser Levi Rigters vinden de oud-spelers elkaar en maken hun ervaringen met eenzaamheid, paniekaanvallen, schuldgevoelens, rouw en (een gebrek aan) zelfliefde bespreekbaar. Als iemand even overmand raakt door emotie, wordt er begripvol geknikt, een arm om de schouder geslagen of geknuffeld. Zo creëren ze samen een ‘safe space’, waarin het gemakkelijk lijkt om gevoelens te delen.

Tussendoor delen ook Demi de Zeeuw, Jan van Halst, Hedwiges Maduro, Martijn Reuser, Henk ten Cate en Daryl Janmaat, die na zijn spelersloopbaan in een drugsverslaving belandde, in deze klassieke film met een boodschap hun eigen ervaringen met hoe ze zich als voetballer of coach – en ‘gewoon’ als man, zoon of vader – staande probeerden te houden in een wereld, waarin prestaties altijd voorop stonden en over gevoelens praten vaak lastig was. Zij vertellen weliswaar geen nieuwe dingen, maar het is wel goed dat zij ze vertellen.

Je hoeft het niet altijd alleen te doen, houdt Echte Mannen Huilen Niet de 39 procent van de Nederlandse mannen die worstelen met mentale problemen tenslotte voor. Kwetsbaarheid is een kracht. Praten helpt. En, de onvermijdelijke ‘call to action’ van deze productie van Zuiverloons Play Mental Foundation, als Typhoons themanummer Kan Niet Alleen al klinkt en de aftiteling begint: durf te delen.

Tussen Broers

Een Van De Jongens / KRO-NCRV

Tien jaar na A Family Affair (2016) vervolgt Tom Fassaert het ontrafelen van zijn eigen familiegeschiedenis met Tussen Broers (105 min.). Deze persoonlijke film begint waar de vorige eindigde: bij het overlijden van zijn 97-jarige grootmoeder Marianne (1917-2015), een voormalige mannequin die een spoor van vernieling door die familie heeft getrokken en die ‘t vanuit haar laatste woonplaats in Zuid-Afrika ook haar kleinzoon erg lastig maakte met tamelijk bizar flirt- en claimgedrag.

‘De film is voorbij’, constateert Fassaerts vader, de psycholoog Rob Fassaert, bij de start van deze nieuwe documentaire. ‘Mijn moeders leven is voorbij. We gaan weer over tot de orde van de dag.’ Dat blijkt echter een voorbarige conclusie. In dat verleden liggen nog tal van prangende vragen verscholen, die om een antwoord vragen – of op z’n minst naar het zoeken daarnaar. Want wat is er geworden van de vader van Rob en diens oudere broer René, de oom van de filmmaker, die al heel lang buiten beeld is?

Eerst concentreert Tom Fassaert zich echter op hoe zijn vader zich bekommert om zijn broer. René is volgens Rob ‘de verpersoonlijking van wat er in hun jeugd is misgegaan’. Hij zat vroeger in een besloten inrichting, maar heeft tegenwoordig een eigen woning. Die is alleen helemaal dichtgegroeid met spullen. Rob probeert hem te helpen om zijn huis op orde te krijgen. Zijn zoon observeert dat proces en kadert dit in met een intieme voice-over, waarin hij ook hun familiegeschiedenis reconstrueert.

Fassaert kan daarbij terugvallen op het beeldmateriaal dat zijn vader gedurende al die jaren maakte. Want dat filmen heeft hij niet van een vreemde. Rob heeft geen enkel detail van z’n eigen ‘doorsneegezin’ ongefilmd gelaten. Die beelden tonen volgens zijn zoon hun gezinsleven, ‘maar misschien vooral zijn onzichtbare verlangen naar iets wat hij zelf nooit gekend heeft’. Ieder op hun eigen manier, toont Tom Fassaert, houden de twee broers vast aan een verleden, dat hen voor het leven heeft getekend.

Deze intrigerende documentaire waadt zo door een ander deel van een woelige familiehistorie. Misschien niet op zo’n verrassende manier als in A Family Affair, maar net zo indringend en toch behoedzaam en subtiel. Een héél particulier en daardoor universeel en invoelbaar verhaal. En de film eindigt min of meer waar ie begon: bij wat er is geworden van die ene (groot)ouder, Richard Fassaert in dit geval, en wat die heeft achtergelaten. Is het mogelijk om de geschiedenis niet te herhalen? vraagt zijn kleinzoon Tom zich af.