Kingdom Of Silence

Showtime

Hij was gaandeweg verworden tot persona non grata in het land dat hij jarenlang had gediend en vertegenwoordigd. Toen Jamal Khashoggi na zijn verbanning uit Saoedi-Arabië in 2017 venijnige columns over het nieuwe regime begon te publiceren voor de Amerikaanse krant The Washington Post, was hij ook zijn leven niet meer zeker. Wetende hoe dat uiteindelijk op 2 oktober 2018 zou eindigen, in een geïmproviseerde martelkamer op de Saoedische ambassade te Istanboel, grenst zijn moed om zich toch te blijven uitspreken aan het ongelooflijke.

Tegelijkertijd toont Kingdom Of Silence (98 min.) ook hoe gecompliceerd Khashoggi’s leven was. Tijdens zijn lange loopbaan raakte hij bijvoorbeeld bevriend met de jonge Osama Bin Laden en was hij zowel voorstander van de omstreden Irak-oorlog als van de Arabische Lente. Als prominente journalist en opiniemaker onderhield hij bovendien nauwe banden met een bepaalde tak van de Saudische koninklijke familie, die geleidelijk aan uit de gratie zou raken. Net als hijzelf. Jamal Khashoggi werd zo de verpersoonlijking van het voortdurende gekonkel in het Saoedische koninkrijk en de giftige relatie van het land met de altijd weer berekenend opererende Verenigde Staten.

Met zijn echtgenote en Saoedische en Amerikaanse vrienden, collega’s, diplomaten en politici belicht documentairemaker Rick Rowley zowel het leven van de man als de ontwikkeling van zijn land. Waarbij Khashoggi steeds nadrukkelijker in het vizier kwam van kroonprins en minister van defensie Mohammad bin Salman, voor het gemak ook wel MBS genoemd. Als in: MBS wilde hem een kopje kleiner maken. Hij zag uiteindelijk zijn kans schoon omdat er in de Verenigde Staten een man aan de macht was, die het Saoedische bewind geen enkele beperking meer oplegde, zolang het maar voor olie en dollars bleef zorgen. ‘Het gaat mij om Amerika’, aldus president Trump. ‘We gaan niet honderden miljarden dollars aan orders opgeven, zodat Rusland of China die van ons kunnen afpikken. Voor mij is het heel simpel: America first.’

De cynische Amerikaanse diplomaat David Rundell windt er in deze sterke documentaire, die uiteindelijk afstevent op een onontkoombare dramatische climax, ook al geen doekjes om. ‘We hebben politieke en economische redenen om een relatie te onderhouden met Saoedi-Arabië. Saoedi-Arabië is een strategische partner. En dat is uiteindelijk belangrijker dan de dood van één enkel mens.’

Putin: A Russian Spy Story

Eens KGB, altijd KGB. Vladimir Poetin mag dan al zo’n twintig jaar aan de macht zijn in Rusland. In zijn hart blijft hij altijd een medewerker van de Russische inlichtingendienst, waar hij halverwege de jaren zeventig in dienst trad. De jonge Poetin spiegelde zich destijds aan het fictieve personage Max Otto von Stierlitz, de Russische tegenhanger van James Bond (al zien wij, in het westen, tegenwoordig eerder diens aartsvijand Ernst Stavro Blofeld in hem, een slechterik die altijd plannen smeedt om de wereld naar zijn hand te zetten of anders te vernietigen).

Sindsdien is er heel veel en tegelijkertijd heel weinig veranderd, betoogt de driedelige serie Putin: A Russian Spy Story (140 min.). Poetin is allang niet meer die onopvallende en plichtsgetrouwe KGB-medewerker, maar hij bedient zich nog altijd van de methoden die hem ooit werden bijgebracht bij de geheime dienst. Chantage bijvoorbeeld. Desinformatie. En moord. Waarbij opvallend vaak het ultieme spionnenwapen wordt ingezet: vergif (dissident Alexander Litvinenko, dubbelspion Sergej Skripal en onlangs oppositieleider Alexej Navalny). En natuurlijk ook gewoon bot geweervuur (politiek tegenstander Boris Nemtsov en onderzoeksjournaliste Anna Politkovskaja, nota bene op Poetins verjaardag).

Deze intrigerende ongeautoriseerde biografie van Nick Green benadert Poetins leven en werk vanuit het gezichtspunt van de eeuwige geheimagent. Insiders, critici en deskundigen schetsen een man die nog altijd in het geniep op allerlei borden schaakt, rücksichtslos stukken ervan afslaat als ze hem in de weg staan en streeft naar absolute dominantie, zowel in eigen land als internationaal. Waarbij het streven naar een sterk Rusland allang lijkt te zijn ingehaald door een alles verterende behoefte om koste wat het kost vast te houden aan de macht. Intussen, zo luidt de onvermijdelijke conclusie, vergiftigt hij de wereld, zijn land en zichzelf.

Coronation

Ai Weiwei Films

Als Coronation (113 min.) vorig jaar was uitgebracht, dan hadden we er waarschijnlijk een dystopische thriller van sciencefiction-auteur Philip K. Dick in gezien. Over een volledig gesteriliseerde samenleving met een ziekelijke vorm van smetvrees, waarbij gewone burgers in beschermende kleding en gemondkapt (of toch gemuilkorfd?) door het leven gaan, de straten volledig leeg(geveegd) zijn en artsen en levenloze mensen een verloren gevecht lijken te leveren in een noodhospitaal. Een wereld die natuurlijk ook streng wordt bewaakt. Bij checkpoints staan mannen met een soort thermometerpistool, dat routineus tegen het voorhoofd van voorbijgangers wordt gezet. Bij verhoging volgt verplichte quarantaine.

Nu, na de (eerste) golf van het Coronavirus (ofwel: het nóg meer scifi klinkende COVID-19), weten we wel beter. Zeg overigens niet dat daar niet voor is gewaarschuwd, in een Netflix-serie nota bene. En het begon dus allemaal in China. In een laboratorium, tijdens een mislukt experiment, zal een Dick-adept/complotdenker daar meteen aan toevoegen. Die route slaat de controversiële filmmaker/kunstenaar Ai Weiwei, verbannen uit eigen land, echter niet in. Hij dringt door tot het hart van de eerste brandhaard van het virus, de Chinese miljoenenstad Wuhan, die door de almachtige overheid direct hermetisch is afgesloten. Terwijl collectief het virus in de kiem moest worden gesmoord, kregen gewone Chinezen ziekte, isolatie en de dood te verduren en waren ze genoodzaakt om de bemoeizucht van de overheid over zich heen te laten komen.

Zij voorzagen Weiwei, die zijn ballingschap in Europa doorbrengt, ook van beeldmateriaal. Driehonderd uur maar liefst. Zodat hij inzichtelijk kon maken hoe De Partij ook in tijden van Corona heerst: nieuwe rekruten moeten gewoon de eed afleggen, er wordt een wervend TikTok-dansje geoefend om het wassen van handen te stimuleren en een groep kinderen met mondkapje neemt op commando een overwinningsyell voor China op. Onwerkelijke taferelen. ‘Mensen kunnen bergen verzetten als ze maar samenwerken’, vertolkt een oudere Chinese vrouw nochtans trouw de partijlijn tegenover haar sceptische zoon. ‘Samen kunnen we elk probleem tackelen. Zo gaat het niet in andere landen.’ Onderhuids is er wel degelijk onvrede, potentieel verzet zelfs. Worden (relatief) gezonde patiënten bijvoorbeeld in het ziekenhuis gehouden om de sterftecijfers te drukken?

De totstandkoming van deze menselijke mozaïek van een lockdown, ingekaderd met unheimische synthmuziek en vervreemdende droneshots van de spookstad, is soms ook terug te zien in de film zelf. De personages worden niet of nauwelijks geïntroduceerd en blijven daardoor passanten. Naamloze onderknuppels van het allesomvattende systeem, zo je wilt. Dat geeft deze eerste lange coronadocu een wat fragmentarisch karakter, ook doordat sommige scènes wel heel erg veel ruimte krijgen. Ons Hollywood-brein wacht bovendien op een eenzame held die opstaat en, liefst met een kolossale lasergun, orde op zaken stelt. Of een dwarse arts die alle regels tart en tijdens een genadeloze race tegen de klok alsnog op een vaccin stuit.

Deze dystopie is alleen echt.

De Dood Van Antonio Sànchez Lomas

EO

Eerst werd hij rücksichtslos geliquideerd. Daarna slingerde de Guardia Civil Antonio Sànchez Lomas, de leider van de Maquis-rebellen, over een ezel en werd zijn lijk demonstratief door Frigiliana geleid. De boodschap kon niemand in het zuid-Spaanse dorp ontgaan: zo vergaat het lieden die zich verzetten tegen het Franco-regime.

Ruim zestig jaar na dato zijn de wonden nog altijd niet geheeld. Bepaald niet alle dorpelingen ondersteunen dan ook het initiatief van Ramón en Salvador Gieling om voor de documentaire De Dood Van Antonio Sànchez Lomas (86 min.) een re-enactment van de dramatische gebeurtenissen te organiseren. Anderen zien er juist een unieke gelegenheid in om aandacht te vragen voor de slachtoffers van het dictatoriale regime.

Dat verleden leeft nog altijd in het idyllische witte dorp, waar familieleden van daders naast nabestaanden van slachtoffers wonen. De man die nog altijd niemand vertrouwt omdat zijn vader en broer werden vermoord moet op de één of andere manier samenleven met een dorpsgenoot die nog altijd La Cara Al Sol, de hymne van de fascistische Falangisten, als ringtone gebruikt voor zijn mobiele telefoon.

Vader en zoon Gieling weten de spanningen in Frigiliana, die exemplarisch zijn voor hoe Spanje nog altijd moet dealen met de erfenis van de Franco-jaren, op micro-niveau te vangen en sturen in deze wrange film aan op een verzoening – of op zijn minst een dialoog over dat pijnlijke verleden.

The Missing Picture

Het was de dag dat zijn lot, en dat van zijn volledige familie, directe omgeving en het gehele land, definitief werd veranderd. Filmmaker Rithy Panh was dertien toen Pol Pots communistische horde op 17 april 1975 de Cambodjaanse hoofdstad Phnom Penh binnentrok. Twee miljoen mensen werden van huis en haard verdreven, om in kampen te worden heropgevoed en te werken aan de nieuwe heilstaat van de Rode Khmer. ‘Ze hadden hun orders: raak de vijand nooit aan’, realiseerde Panh zich al snel. ‘De vijand, dat ben ik.’

Van individuele mensen met een eigen identiteit moest, met harde hand en honger als ongenadig wapen, een gezichtsloos collectief worden gemaakt. De beelden van de eindeloze ontberingen en het peilloze verdriet dat dit veroorzaakte houden zich nog altijd verscholen in zijn hoofd. Met kleipoppetjes roept Rithy Panh ze opnieuw op. Net als de onbekommerde jeugd die tijdens de Rode Khmer-jaren (1975-1979) genadeloos werd uitgewist.

The Missing Picture (95 min.) vormt de ontroerende weerslag van Panhs diep persoonlijke zoektocht naar dat onzichtbare verleden, die wordt ingekleurd met een intieme voice-over, expressieve muziek en zielsnijdende ensceneringen met zijn personages van klei. Als tegenwicht is er de letterlijke kleurloze verbeelding van de officiële Khmer Rouge-ideologie, propaganda waarin de menselijke maat volledig is uitgevlakt.

Met deze zeer persoonlijke en verduiveld knappe film uit 2013, waarin interviews en andere hoofdpersonen achterwege blijven, hervindt Rithy Panh zo iets van zijn eigen humaniteit, het deel dat het totalitaire regime destijds met alle macht probeerde af te schakelen. Hij brengt tevens zijn familie weer tot leven. Ook al is het dan met klei.

Het bezorgde de Cambodjaanse documentairemaker, die met S21: The Khmer Rouge Killing Machine eerder al een film had gemaakt over Pol Pots lugubere martelfabriek in Phnom Penh, een Oscar-nominatie en een belangrijke prijs op het filmfestival van Cannes. En hopelijk, ergens, ook wat gemoedsrust.

Why We Hate

Haat valt af te leren. Is logisch. Beschermt ons. Wordt doelbewust ingezet. Kan besmettelijk zijn. Én maakt héél veel kapot.

Aan de hand van zes subthema’s en een daarbij behorende wetenschapper schetst de docuserie Why We Hate (264 min.), geregisseerd door Geeta Gandbir en Sam Pollard en geproduceerd door Steven Spielberg en Alex Gibney, de psychologische, genetische, sociologische, juridische, neurologische en biologische achtergronden van de menselijke behoefte om De Ander te wantrouwen, beschimpen of zelfs bestrijden. Dit levert interessante inzichten en dwarsverbanden op, die met soms schokkende beelden worden geïllustreerd.

Over tribalisme bijvoorbeeld, een fenomeen dat zowel zichtbaar is in de rivaliteit tussen voetbalclubs als de permanente stammenstrijd tussen de Democratische en Republikeinse partij in de Verenigde Staten en de steeds weer oplaaiende oorlog tussen Israël en de Palestijnen. Hopeloze kwesties ogenschijnlijk, waarbij ‘de psychologie van het slachtofferschap’ (ook al behoor je tot de bovenliggende partij) een dominante rol lijkt te spelen. Wetenschappelijke experimenten tonen echter aan dat die verhoudingen wel degelijk zijn te reframen – al leidt dat helaas niet per definitie ook tot betere verhoudingen.

Het blijft tevens pijnlijk hoe effectief propaganda kan zijn als middel om een andere bevolkingsgroep te dehumaniseren. De bijbehorende weerzinwekkende beelden – de Obama’s als apen, moslims als vleesgeworden bommen en Joden als afgezanten van de Duivel – mogen dan bekend zijn, het blijft nauwelijks te bevatten dat mensen bereid zijn om dit soort vuiligheid te produceren en consumeren. En de gevolgen daarvan zijn onmiskenbaar. In Rwanda werden de Tutsi’s in de jaren negentig bijvoorbeeld stelselmatig door kranten en radiostations van de Hutu-meerderheid uitgemaakt voor ‘kakkerlakken’. En wat doe je met zulke beesten? Juist: kapot maken.

Met verve slalomt de zesdelige serie Why We Hate verder langs de burgeroorlog in het voormalige Joegoslavië, Pol Pots Cambodja en het Hongarije van Viktor Orbán, zoomt in op het Internationaal Strafhof in Den Haag, de Charleston Church Shooting en de beruchte Milgram– en Stanford Prison- experimenten (en de rol van instructie daarbij) en introduceert haatzaaiers die tot inkeer zijn gekomen, zoals een voormalige neonazi, ex-extremistische moslim en oud-lid van de omstreden Westboro Baptist Church. Uit hun gezamenlijke relaas kan tóch hoop worden geput. Als voorbeelden daarvan focussen Gandbir en Pollard op hoe Zuid-Afrika Apartheid en Duitsland het Derde Rijk achter zich hebben gelaten.

Er is uiteindelijk ook geen alternatief voor het loslaten van de haat, zo wordt glashelder. Met het ontmenselijken van de ander, stelt mensenrechtenadvocaat Patricia Viseur Sellers bijvoorbeeld, doen we ook onze eigen humaniteit geweld aan.

La Cordillera De Los Suenos

Cinéart

Het land van Patrico Guzmáns jeugd is allang weggevaagd. De idealen van die tijd werden vermorzeld tijdens de staatsgreep van 1973, waarmee de gekozen leider Salvador Allende werd afgezet en in Chili een militaire dictatuur zou worden gevestigd, die tot 1990 onder leiding zou staan van de beruchte generaal Augusto Pinochet.

Gebleven is de Andes, het gebergte dat hij keerde kennen via afbeeldingen op lucifersdoosjes en dat tachtig procent van Chili bestrijkt. Het is als een muur die de Chilenen scheidt van de rest van de wereld, zeggen Guzmáns gesprekspartners in deze persoonlijke film. De rugleuning van een stoel, die niet vooruit of achteruit valt. Een moeder waarvan je weet, ook al zie je haar misschien niet, dat ze over je waakt.

In La Cordillera De Los Suenos (85 min.), de afsluiting van zijn trilogie over het land dat hij na de legercoup verliet, brengt Guzmán ze samen: de adembenemende beelden van het Andes-gebergte en zijn eigen herinneringen en die van bevriende kunstenaars aan de tijd dat hun wereld met grof geweld werd omgewoeld. Hij houdt de beide elementen bij elkaar met een kalme, bespiegelende voice-over.

Met beelden van een bevriende cameraman maakt Patricio Guzmán, in 2019 eregast van het IDFA, Chili’s jaren als dictatuur tastbaar, die hem voor het leven zou tekenen en waarvan ook zijn land, bijvoorbeeld in de vorm van een radicaal economisch model en de bijbehorende sociale ongelijkheid, nog altijd de sporen draagt. Alles wat Chili vroeger was is op de schroothoop gegooid, constateert de gelauwerde filmer. Intussen kijkt het Andes-gebergte, la Cordillera, onverstoorbaar toe.

A Gift From God

VPRO

Was het een mislukte staatsgreep? Of toch een slinkse streek om de macht van de zittende regering verder te versterken? De halfbakken poging van het Turkse leger op 15 juli 2016 om president Recep Erdogan af te zetten roept ruim twee jaar na dato nog altijd talloze vragen op. Jørgen Lorentzen concludeert in de journalistieke documentaire A Gift From God (53 min.) dat de gebeurtenissen onderdeel waren van een schijncoup, of op zijn minst van een staatsgreepje waarmee Erdogan zijn voordeel meende te kunnen doen.

Tekenend is bijvoorbeeld een brief van openbaar aanklager Serdar Coskun, die de juridische basis vormde om binnen 24 uur na de coup duizenden mensen te arresteren. Dit document werd al om één uur ‘s nachts ondertekend, ontdekken Lorentzen en zijn partner Nefise Özkal Lorentzen, terwijl de staatsgreep nog in volle gang was. Het verwijst bovendien naar gebeurtenissen die nooit hebben plaatsgevonden. Zou de brief al geschreven zijn vóór de couppoging, vraagt de Noorse filmmaker zich af, zodat allang geplande aanhoudingen in gang konden worden gezet?

Lorentzen zet zijn betoog stevig in de verf, met een gedegen bronnenlijst: enkele kritische journalisten, Midden-Oosten deskundige Henri Barkey, de ouders van een gelynchte soldaat, gewone burgers die aangehouden die dreigden te worden aangehouden, (anonieme) bronnen vanuit het Turkse leger en Erdogans voormalige samenwerkingspartner Fethullah Gülen (die gaandeweg tot diens aartsvijand is gebombardeerd). Alleen Recep Erdogan zelf, die niet reageerde op een interviewaanvraag, en zijn pleitbezorgers ontbreken in deze gedegen journalistieke zoektocht naar de waarheid.

A Gift From God komt uiteindelijk tot een schrikbarende slotsom: na de mislukte couppoging werden honderden journalisten gearresteerd, talloze scholen gesloten en een heleboel wetenschappers, juristen en militairen ontslagen. Een half miljoen gewone Turken werden onderzocht, bijna honderdduizend daarvan daadwerkelijk gearresteerd. Dat klinkt verdacht veel als een politieke afrekening, die past bij een land dat in een dictatuur dreigt te veranderen en zich daarnaast lijkt af te wenden van de NATO, om het gezelschap van Vladimir Poetin op te zoeken. Geen héél opbeurende conclusie.

On The Inside Of A Military Dictatorship

Bullitt Film / EO

De nieuwe president Thein Sein wilde een dode tijger tot leven wekken, volgens minister van informatie Ye Htut. Myanmar, ofwel Birma, was bijna een halve eeuw een militaire dictatuur geweest, maar had sinds 2011 eindelijk een burgerregering. Soort van, tenminste. Zonder een rol voor de befaamde dissidente Aung San Suu Kyi kon er echter nooit sprake zijn van volwaardige integratie in de internationale gemeenschap én opheffing van de opgelegde sancties.

En dus werd de mensenrechtenactiviste, in 1991 winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede, in genade aangenomen. Niet veel later was ze al gekozen tot parlementslid. In de nieuwe grondwet had het regime intussen wel vastgelegd dat Aung, omdat ze buitenlandse kinderen heeft, nooit president van het land mocht worden. Terwijl dat toch echt haar grote ambitie was. En toen bleek de populaire idealiste ook maar gewoon een mens: ze was bereid om vuile handen te maken, teneinde haar land toch te kunnen gaan regeren.

In de gedegen journalistieke documentaire On The Inside Of A Military Dictatorship (55 min.) plaatst Karen Stokkendal Poulsen de democratisering van het boeddhistische Myanmar binnen z’n historische context, waarin Aung San Suu Kyi als dochter van een voormalige legerleider sowieso een bijzondere plek inneemt. Daarna reconstrueert de Deense documentairemaakster hoe de gespannen politieke situatie in 2017, als Aung inmiddels de de facto regeringsleider is geworden, leidt tot etnische zuivering van Rohingya-moslims.

Voor die kwestie komt Aung San Suu Kyi komende week naar het Internationaal Gerechtshof in Den Haag. Valt de gewezen mensenrechtenactiviste daar definitief van haar voetstuk? Of kon en kan ze binnen de gegeven omstandigheden gewoon helemaal niet anders? Stokkendal Poulsen geeft direct betrokkenen van alle politieke gezindten het woord en laat het oordeel uiteindelijk over aan de kijker.

The Kingmaker

De fotolijstjes staan netjes uitgestald: Imelda met allerlei wereldleiders. Ze is er duidelijk trots op. De voormalige ‘first lady’ van de Filipijnen pakt één van de lijstjes om de foto voor de camera te laten zien. Diverse andere fotolijstjes vallen daardoor op de grond. Terwijl de inmiddels hoogbejaarde weduwe van president Ferdinand Marcos onverstoorbaar haar verhaal doet, veegt één van haar medewerkers in stilte de scherven bij elkaar.

Tijdens het filmen voor The Kingmaker (100 min.) zijn er zo voortdurend stille krachten beschikbaar om Imelda’s haar te schikken, haar make-up bij te werken of de vouwen uit één van haar talloze jurken te wrijven. Documentairemaker Lauren Greenfield, die met The Queen Of Versailles en Generation Wealth eerder liet zien dat ze een oog heeft voor de gekte van de allerrijksten, grijpt zulke kleine momentjes aan om haar hoofdpersonage, type ‘stijl met hoofdletter S’, te kenschetsen.

Nu heeft Greenfield met Marcos ook wel het prototype Verkwistende Vrouw te pakken: Imelda’s schoenencollectie, die volgens eigen zeggen slechts drieduizend paar omvat, is met de jaren een symbool van ongegeneerd materialisme geworden. Een ‘mooie’ anekdote is ook hoe ze talloze wilde dieren uit Afrika liet importeren, om op een Filipijns eiland een heus safaripark te laten aanleggen. En dat daarvoor de oorspronkelijke eilandbewoners, ruim 250 families, moesten wijken? Soit. 

‘Perceptie is echt’, stelt ze resoluut tegen de Amerikaanse documentairemaakster. ‘En de waarheid niet.’ En dus strooit de voormalige Miss Manilla driftig met bankbiljetten als ze wordt geconfronteerd met minderbedeelde landgenoten. Ze kan natuurlijk ook wel wat missen. Toen het presidentschap van haar inmiddels overleden echtgenoot in 1986 na 21 jaar eindigde, zou ze het land met een waar fortuin hebben verlaten. Over sigaren uit eigen doos gesproken.

Dit is echter niet alleen het verhaal van een vrouw, die op kosten van gewone Filipino’s al ruim een halve eeuw als een koningin leeft. Dit is tevens het verhaal van de Marcos-dynastie die nog altijd machtspolitiek bedrijft in de Filipijnen. Zo schuift Imelda, zelf inmiddels alweer parlementslid in haar geboorteland, in 2016 haar zoon Bongbong naar voren als kandidaat voor het vicepresidentschap, achter de nieuwe sterke man Rodrigo Duterte.

De wandaden van het regime van haar echtgenoot worden door ‘Meldy’ nog altijd stelselmatig onder het tapijt geveegd. Greenfield laat haar daarmee niet wegkomen. Met slachtoffers neemt ze de rekening op van ruim twee decennia Marcos aan de macht. Daarmee ontwikkelt The Kingmaker zich gaandeweg van een tragikomisch portret van een zelfbenoemde vorstin tot een politieke geladen film over de recente historie van de Filipijnen – en wat de Marcosjes wellicht nog in petto hebben voor het land.

Aswang

IDFA

Als mensen je waarschuwen voor de Aswang (85 min.), stelt Alyx Ayn Arunpak in de gelijknamige film, dan bedoelen ze eigenlijk: wees bang. De Aswang lijkt een soort Filipijnse variant op Magere Hein. Hij maakt zijn slachtoffers zonder aanziens des persoons. Althans, zo zou het moeten zijn. De werkelijkheid is natuurlijk anders in het land van president Rodrigo Duterte.

De lijken die de Aswang achterlaat liggen steevast in de slechte buurten van Manilla. Gewoon midden op straat, druipend van het bloed. Afval. Die ontzielde lichamen zijn onvermijdelijk verbonden met de nietsontziende ‘war on drugs’ die de Filipijnse president in 2016 afkondigde. Tegen gewone drugsgebruikers – of mensen die eruit zien alsof ze drugs gebruiken. De drugsdealers laten zijn doodseskaders meestal ongemoeid.

In deze grimmige film registreert de jonge filmmaakster Arunpak via een mortuariumbeheerder, journalist en broeder hoe Dutertes staatsterreur in de praktijk uitpakt. Ze komt daarbij ook in contact met Jomari, een dakloos jongetje van een jaar of zeven dat zich het leven op straat al helemaal eigen heeft gemaakt. Hij verlangt eigenlijk naar zijn moeder, die in de gevangenis zit. En dan, ineens, verdwijnt het aandoenlijke joch van de radar…

De zon schijnt zelden in deze duistere, wat fragmentarische film, die een land ontleedt dat zich al in verregaande staat van ontbinding bevindt. Waarbij het parool lijkt: de beste manier om armoede te bestrijden is de armen vernietigen. In een protestmars tegen de president wordt het treffend uitgebeeld. Vanachter een levensgrote afbeelding van Rodrigo Duterte komt een duivelskop tevoorschijn.

Laten we hem Aswang noemen.

On The President’s Orders

Frontline

‘Adolf Hitler slachtte drie miljoen Joden af. Wij hebben drie miljoen verslaafden. Die zou ik met liefde en plezier afslachten.’ Was getekend: Rodrigo Duterte, president van de Filipijnen. Een man die ook niet schroomt om de daad bij het woord te voegen en van de ‘war on drugs’ daadwerkelijk een oorlog te maken.

Hoe dat gevecht tegen drugsgebruikers en -dealers er in de praktijk uitziet, wordt glashelder in de huiveringwekkende documentaire On The President’s Orders (55 min.). De business loopt als een tierelier, vertelt een plaatselijke uitvaartondernemer. Zijn houding is exemplarisch voor de totale ontmenselijking van alles en iedereen die met drugs te maken heeft. Ze worden opgejaagd door doodseskaders, die er met hun skeletmaskers uitzien als de schurken in een slechte horrorfilm.

‘Veel schietpartijen ogen heel professioneel’, constateren de filmmakers James Jones en Olivier Sarbil als ze de commandant van een gemilitariseerde politie-eenheid confronteren met de enorme hoeveelheid dodelijke slachtoffers. ‘U kunt zich vast voorstellen waarom mensen denken dat de politie erbij betrokken was?’ Ja, antwoordt Octavio Deimos, met een mitrailleur in de hand. ‘Het kan best zijn dat mensen dat denken, maar in werkelijkheid klopt dat niet.’

Even later: ‘Natuurlijk doodt de politie mensen als ze terug vecht.’ Deimos schiet er spontaan van in de lach. ‘Als de politie dat doet, is het geoorloofd. Wij zijn nu eenmaal de politie. En wij handhaven de wet.’ Waarna de man zijn flinterdunne verdedigingslinie helemaal laat vallen. ‘Drugsgebruikers of -dealers hebben hier helemaal niks te zoeken. Zij willen gewoon niet leven. Ze leven al in de hel, dus kunnen wij ze er net zo goed ook echt naar toesturen.’

Zelden zal de zondeboktheorie zo openlijk en zonder enige vorm van verontschuldiging in de praktijk zijn gebracht als tijdens Dutertes schrikbewind in de Filipijnen. Het gevolg, daadkrachtig vervat in deze onrustbarende film, is doodeng: een duistere politiestaat, waarin de absolute leider zijn domme krachten, geanonimiseerd en zwaarbewapend, rücksichtslos op de bevolking loslaat en uiteindelijk – dat valt vrij eenvoudig te voorspellen – niemand veilig zal blijken te zijn.

Citizen K

TIFF

Ruim acht jaar van zijn veelbewogen leven bracht hij door in een cel. Als symbool van het verzet tegen Vladimir Poetin. Het kwam de Russische entrepreneur Mikhail Khodorkovsky duur te staan dat hij in 2003 in het openbaar de strijd was aangegaan met de gevreesde president. Poetins tegenzet volgde snel: Citizen K (125 min.) werd gearresteerd vanwege belastingontduiking en fraude. Hij zou voor ettelijke jaren uit het publieke debat worden verwijderd.

Vanuit Londen blikt Khodorkovsky nu met documentairemaker Alex Gibney terug op zijn leven en gevangenschap. Hij heeft zich inmiddels weer in de Russische politiek gemengd. ‘Ik ben bepaald geen ideale persoon, maar ik ben wel iemand met idealen’, zei hij daarover rond zijn veroordeling. ‘En ook voor mij is het moeilijk om in een gevangenis te leven. Ik wil er ook zeker niet doodgaan. Maar als het moet, zal ik niet aarzelen. De zaken waar ik in geloof zijn het waard om voor te sterven.’

Toch is en blijft de oligarch een gemankeerde held, zo blijkt ook uit Gibneys film. Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie was Mikhail Khodorkovsky één van de ‘gangsterkapitalisten’ die zich in de jaren negentig, gebruikmakend van de mazen in de wet, schaamteloos verrijkten. Alle middelen leken toentertijd geoorloofd voor deze oligarchen. Totdat Vladimir Poetin zijn bewegingsvrijheid begon in te perken, had ook Khodorkovsky waarschijnlijk zelden verder dan zijn eigen belang gekeken. 

Alex Gibney maakt het hem op dat gebied nu niet al te moeilijk. Hij lijkt vooral gericht op wat het persoonlijke relaas van de topman van de Russische oliegigant Yukos vertelt over het moderne Rusland, waar die ene onomstreden leider, die mede door Khodorkovsky aan de macht is geholpen, almachtig is geworden. Poetin heeft zelfs het alleenrecht op de waarheid verworven. Wat hij zegt, of via de staatsmedia laat uitdragen, is waar. Ook al strookt het op geen enkele manier met de feiten.

In deze gesmeerde film, waarin ook Derk Sauer, de Nederlandse oprichter van de onafhankelijke krant The Moscow Times, uitgebreid aan het woord komt, wordt het naargeestige karakter van Poetins bewind ontleed. Met als absurd hoogtepunt een loflied op de grote leider (refrein: ‘Poetin, Poetin, we willen allemaal trouwen met Poetin), dat met Meno Male Che Silvio kan wedijveren om de eretitel van meest potsierlijke campagnelied aller tijden.

Intussen is de bikkelharde zakenman Mikhail Khodorkovsky, tenminste volgens bronnen uit zijn directe omgeving, een beter mens geworden tijdens zijn gevangenschap. Een man die meer oog heeft gekregen voor anderen en tegelijkertijd vasthoudt aan zijn idealen, ook als ze zijn economische belangen schaden en hem en de zijnen in gevaar kunnen brengen. Dat verhaal wordt in deze stevige documentaire behoorlijk goed in de verf gezet.

Daymohk: Het Land Van De Voorouders

EO

Het hart van elke ideologie wordt gevormd door de cultuur, zegt de Tsjetsjeense Minister voor Pers en Politiek in deze documentaire over Daymohk. Het kindercollectief voor zang en dans geldt als een uithangbord voor het regime van Tsjetsjenië’s onbetwiste leider Kadyrov, die nauwe banden onderhoudt met Ruslands autocraat Vladimir Poetin.

Tussen 2000 en 2006 maakte de dansgroep van Ramzan Ahmadov diverse tournees door Europa. Daymohk lapte toentertijd het imago op van een land, dat al jaren in een bloedige burgeroorlog was verwikkeld. ‘Onze vader heeft ons geleerd aan de mensen te tonen dat wij niet enkel terroristen, bandieten, vechtjassen zijn’, zegt Ahmadovs zoon Hasan, tegenwoordig vice-minister van Tsjetsjenië. ‘Dat wij ook cultuur en tradities hebben en ook mensen zijn.’

Met beelden die ze zelf filmde voor Dans, Grozny, Dans, een documentaire van Jos de Putter uit 2003, maakt Masha Novikova in Daymohk: Het Land Van De Voorouders (57 min.) helder hoe het de ‘perfecte ambassadeur voor de vrede’ sindsdien is vergaan. Grauwe beeldmateriaal van die turbulente periode, in split screen gepresenteerd, wordt afgewisseld met gestileerde moderne danssequenties, die prima aansluiten bij de smetteloze versie van de Tsjetsjeense cultuur die Daymohk is gaan vertegenwoordigen.

De grote leider zelf is intussen alom tegenwoordig in het land: via televisie, op billboards of gewoon in huis, op foto’s en schilderijen. Hij en de cultuur die hij vertegenwoordigt worden permanent verheerlijkt en dat laat de bebaarde macho zich lekker aanleunen. Daymohk levert ook z’n (verplichte) bijdrage: Kadyrovs kinderen dansen bijvoorbeeld in het gezelschap en danspasjes van de president, ‘een heel goede danser’, worden verwerkt in voorstellingen.

Het kinderensemble speelt zo een prominente rol in het verbeelden van wat de historicus Timothy Snyder de politiek van de eeuwigheid noemt: de verering van een mythisch land dat nooit heeft bestaan, met Tsjetsjenen als onversaagde ridders die altijd weer een nieuwe vijand moeten bestrijden. Novikova vangt die unheimische atmosfeer in een documentaire die langzaam maar zeker onder de huid kruipt.

Tiananmen: The People Versus The Party

PBS

Het is een tafereel dat op het netvlies van een complete generatie staat gebrand: een Chinese man stelt zich op het Plein van de Hemelse Vrede in Beijing te weer tegenover een rij oprukkende legertanks en dreigt erdoor verpletterd te worden. In één enkel beeld is vervat hoe het communistische regime in 1989 de roep om democratisering, ‘dialoog’, van de Chinese studentenbeweging met bruut geweld de nek omdraaide.

Dertig jaar later is nog altijd onbekend wie deze ‘Tank Man’ was, die het symbool werd van een uiteindelijk vruchteloze campagne om van China een normaal functionerende democratie te maken. In de journalistieke documentaire Tiananmen: The People Versus The Party (111 min,) reconstrueert Ian MacMillan met toenmalige studentenleiders, ooggetuigen, mensenrechtenactivisten en sinologen gedetailleerd de redenen voor, aanloop naar en achtergronden van de confrontatie tussen het communistische regime en de nieuwe generatie Chinezen die westerse waarden nastreefde.

Als alwetende verteller vertolkt Corey Johnson daarbij een prominente rol. Zijn voice-over fungeert als verbindende factor die van alle ervaringen en meningen en het overvloedige archiefmateriaal een coherent verhaal maakt, dat onvermijdelijk afstevent op een dramatische (anti)climax. Waarbij de studenten die zijn opgestaan voor hun idealen voor de elementaire keuze worden gesteld of ze moeten blijven staan of toch beter kunnen buigen voor het overmatige geweld van de machthebbers. De cruciale vraag in dit soort situaties: do or die?

Het Plein van de Hemelse Vrede verandert in het strijdtoneel voor een Hels gevecht, dat drie decennia later nog altijd na-ijlt. Ook al heeft de revolte ogenschijnlijk weinig concreets opgeleverd, zo toont deze interessante en uitstekend gedocumenteerde, maar ook wat schoolse geschiedenisles eens te meer aan. Aan de vooravond van de dertigste ‘verjaardag’ van Tiananmen hebben de Chinese autoriteiten onlangs activisten en familieleden van slachtoffers gearresteerd, onder huisarrest geplaatst of naar andere plaatsen overgebracht. Voor het geval iemand zich nog vreemde ideeën in het hoofd wilde halen…

The Edge Of Democracy

Michel Temer (l), Dilma Rousseff (m) en Lula (r)

In bovenstaand beeld zit in zekere zin deze complete film – en de recente politieke geschiedenis van Brazilië – opgesloten. Rechts staat voormalig president Lula (2003-2011), die inmiddels in de gevangenis zit vanwege (vermeende) corruptie. Hij houdt de hand omhoog van zijn opvolgster Dilma Rousseff, die in 2016 na ruim vijf jaar werd afgezet als president omdat… Ja, waarom eigenlijk? En links in beeld kijkt haar vicepresident Michel Temer van enige afstand toe. Hij keerde zich later tegen Rousseff, mocht haar daarna opvolgen en zou zo de weg vrijmaken voor de huidige president van Brazilië, de ultrarechtse Jair Bolsonaro.

In de meeslepende documentaire The Edge Of Democracy (122 min.) verbindt filmmaakster Petra Costa de politieke ontwikkeling van Brazilië met haar eigen familiegeschiedenis. Zij stamt uit een geslacht dat van oudsher over macht en kapitaal beschikte, maar heeft ouders die zich daarvan juist los hebben gemaakt en linkse idealen koesterden. In de jaren dat Brazilië een dictatuur was, van 1964 tot 1983, bracht hen dat gedurig in de problemen. Net als de latere presidenten van ‘hun’ Arbeiderspartij, Lula en Dilma (die in die tijd ook in de gevangenis zat en flink werd gemarteld). Die tegenstellingen, en de bijbehorende keiharde strijd, spelen in de 21e eeuw onverminderd op en verscheuren ouderwets het land.

Costa mag met haar camera nog altijd zéér dichtbij de voormalige strijdmakkers van haar ouders komen en sympathiseert ook duidelijk met hun gevecht om politiek lijfsbehoud. Vanuit dat perspectief registreert ze hoe ‘het kapitaal’ via zijn handlangers in het parlement toch weer de macht probeert te grijpen. En op straat worden politieke tegenstanders intussen met veel theater uitgemaakt voor slangen die vleugels hebben gekregen (die natuurlijk direct moeten worden afgehakt) en weerklinkt ook doodleuk de roep om het leger. ‘Militaire interventie is het medicijn voor dit land’, schreeuwt een man bijvoorbeeld vol overgave in de camera. ‘Ten tijde van de dictatuur was alles veel beter. Dus generaals, waar blijven jullie?’

Het is een angstaanjagend beeld: de roep om een harde hand buiten en het gemak waarmee binnen basisregels van de democratie met voeten worden getreden. Alsof de bijbehorende normen en waarden op geen enkele manier gerespecteerd of onderhouden hoeven te worden, zodra de eigen emoties opspelen of belangen in het geding komen. Tendensen die ook moeiteloos in een Nederlandse context zijn waar te nemen. The Edge Of Democracy, waarin Costa als verteller de schokkende ontwikkelingen probeert te duiden, is daarmee een documentaire die de verwikkelingen in Brazilië, hoe verontrustend ook, duidelijk ontstijgt en iets wezenlijks over onze tijd probeert te zeggen.

Over het doel dat alle middelen heiligt. Over onoverbrugbare afstanden tussen bevolkingsgroepen, ideeën en – vooral – belangen. En over de fragiliteit van democratie (die veel te vaak, betoogt bijvoorbeeld de historicus Timothy Snyder, als vanzelfsprekend wordt beschouwd). Dit is, kortom, een film die ertoe doet. En ertoe zou moeten doen.

De Waarheid Over Mijn Vader

Mijn vader is een held. In zijn geboorteland Liberia probeerde hij jarenlang zijn idealen in de praktijk te brengen. Hij is nu eenmaal een echte wereldverbeteraar.

Tenminste, dat dacht journaliste/columniste Clarice Gargard, die zelf in Nederland opgroeide. Totdat ze ontdekte dat ‘daddy’ onderdeel was van het regime van Charles Taylor. En werd die, sinds de staatsgreep die hem in 1992 aan de macht bracht, niet in verband gebracht met gedrogeerde kindsoldaten, kannibalisme en misdaden tegen de menselijkheid?

Filmmaker Shamira Raphaëla volgt Clarice terwijl ze, bijna tegen beter weten in, klaarheid probeert te krijgen over de rol van haar vader in de voortdurende Liberiaanse burgeroorlog. Is hij werkelijk een man om trots op te zijn? Of heeft haar onvoorwaardelijke liefde als kind een eerlijke beoordeling van Martin Gargard altijd in de weg gezeten?

De Waarheid Over Mijn Vader (52 min.) verstrekt dochterlief geen gemakkelijke antwoorden. En Raphaëla ziet zich soms genoodzaakt om Clarice Gargard ongemakkelijke vragen te stellen. Ze omkleedt de verhalen en ontdekkingen van haar hoofdpersoon bovendien met getuigenissen van slachtoffers over de gruwelen van de Liberiaanse oorlog.

De tone of voice, het unheimische geluidsdecor en de duistere kleurzetting van deze film (Engelse titel: Daddy And The Warlord) zijn opvallend onheilszwanger. Alles wijst erop dat pa Gargard echt wat op zijn kerfstok heeft. De symboliek van een beeld waarin ‘Daddy’ zich achter tralies lijkt te bevinden, is bijvoorbeeld nauwelijks mis te verstaan.

Intussen blijft het de vraag of Clarice de waarheid over haar vader wil zien. Of ze die als dochter eigenlijk wel kán zien.

The Silence Of Others

In de Jerte-vallei in Extremadura staren enkele beelden in de verte. Ze representeren de slachtoffers van het Franco-regime in Spanje. Kort na de onthulling van het monument, ruim dertig jaar nadat de dictator in 1975 stierf, heeft een onbekende onverlaat de beelden beschoten. Stuk voor stuk dragen ze nu kogelgaten. De verantwoordelijke kunstenaar Francisco Cedenilla beschouwt die als de vervolmaking van zijn werk.

‘Het belangrijkste wat we van Franco moeten onthouden’, zegt Jaime Alonso nochtans doodgemoedereerd, ‘is dat hij nooit verkeerd zat.’ Daarna vertelt de medewerker van de Franco-stichting gedreven hoe de voormalige dictator, die Spanje meer dan vier decennia regeerde, zijn land bevrijdde van communistische tirannie. Geen woord over verdwenen landgenoten, marteling of genocide. Franco’s aanhangers willen nog altijd geen kwaad woord horen over hun leider.

Veel Spanjaarden, waaronder talloze vooraanstaande politici, zwijgen sowieso het liefst over het verleden (en laten bijvoorbeeld ook de straatnamen, met verwijzingen naar gewezen helden van het bewind, het liefst ongemoeid). Zeker de amnestiewet, die ervoor heeft gezorgd dat de beulen van het Franco-regime zich nooit hebben hoeven te verantwoorden voor hun daden, is en blijft taboe. Een groep slachtoffers en nabestaanden laat het er echter niet bij zitten en probeert al sinds 2010 internationaal recht te halen.

The Silence Of Others (91 min.) documenteert hun jarenlange pogingen om, met behulp van een Argentijnse onderzoeksrechter, alsnog gerechtigheid te laten geschieden. De documentaire van Almudena Carracedo en Robert Bahar schetst tevens de achterkant van die queeste om het collectieve zwijgen te beëindigen: het onbeschrijflijke leed dat gebeurtenissen die zich soms een halve eeuw geleden voltrokken nog altijd veroorzaken in de levens van gewone, vaak hoogbejaarde Spanjaarden. Sommige getuigenissen van Franco-slachtoffers gaan werkelijk door merg en been.

In dat verband speelt ook de vraag op of je als dader eigenlijk vergiffenis kunt eisen. Of is het voorbehouden aan het slachtoffer om (eventueel) vergeving te géven? Én: kun je als samenleving werkelijk verder met zoveel lijken in de kast (en onder de grond)? De vraag stellen…

Matangi / Maya / M.I.A

‘All I wanna do is bang bang bang bang’, rapt M.I.A., terwijl er geweerschoten klinken in haar wereldhit Paper Planes uit 2007. Een kassa rinkelt: ‘And take your money.’ Zo kijken veel westerlingen toch tegen immigranten aan? Nou, dan kunnen ze het krijgen ook, moet de Britse rapper van Sri Lankaanse origine (echte naam: Maya Arulpragasam) hebben gedacht. In 1985 vluchtte ze als tienjarige Aziatische meisje naar een volledig vreemde wereld, Europa. Die verscheurdheid klinkt door in alles wat ze sindsdien heeft gemaakt.

Dat perspectief – van de buitenstaander die bij ‘ons’ en haar eigen moederland naar binnen kijkt – maakt van de biopic Matangi / Maya / M.I.A. (96 min.) méér dan het zoveelste portret van een succesvolle artiest, die nog eens goed in de markt moet worden gezet of wel een extra veer in zijn reet kan gebruiken. M.I.A.’s venijnige songs kunnen niet los worden gezien van hun maatschappelijke context. Dat betekent overigens niet dat filmmaker Steve Loveridge ook kritisch naar de controversiële rapper kijkt. Daarvoor verblijft hij (blijkbaar) al te lang in haar entourage. Hij filmt Maya sinds halverwege de jaren negentig, toen ze allebei op de kunstacademie zaten.

Onplezierige vragen over de aard van M.I.A.’s activisme of haar omstreden vader, een prominent lid van de verzetsbeweging/terreurgroep de Tamil Tijgers, blijven achterwege. ‘Waarom ben je zo’n problematische popster?’, vraagt Loveridge nog wel aan zijn hoofdpersoon. ‘Waarom…’ Ze maakt de zin zelf af: ‘houd je niet gewoon je bek?’. Waarmee de relatie tussen maker en subject aardig is neergezet. Deze film moet het duidelijk niet hebben van kritische distantie, maar van de nabijheid tussen vrager en bevraagde. De documentaire bestaat voor het leeuwendeel uit B-roll video’s die in huiselijke kring, backstage en tijdens reizen naar Sri Lanka zijn gemaakt.

M.I.A.’s leven en dit spannende portret van een strijdbare jonge vrouw komen tot een climax in 2009 als ze, zwanger van haar eerste kind en genomineerd voor zowel een Oscar als een Grammy Award, ziet hoe de oorlog in haar moederland escaleert. Als ‘enige Tamil in de westerse media’ voelt ze zich geroepen om zich uit te spreken over wat zij de genocide op haar volk noemt. Zo komt Maya zelf ernstig onder vuur te liggen, bijvoorbeeld via een venijnig profiel in New York Times Magazine, waarin ze wordt neergezet als een verwend kind, dat flinterdunne politieke statements maakt. Sleutelquote: ‘”I kind of want to be an outsider”, she said, eating a truffle-flavoured French frie.’

M.I.A. (ofwel: Missing In Action) reageert in stijl met een slicke videoclip, waarin ze zogenaamd met een grote zonnebril op aan een zonovergoten buitenzwembad zit. ‘All I wanna do is check my Monet’, concludeert ze, om met de nodige zelfspot te verduidelijken: ‘M.I.A. investing in third world democracy. These shades were made in Sri Lanka. Don’t you dare write anything else funny about me.’ Waarna de geboren provocateur ostentatief een vliegtuigje vouwt van een dollarbiljet en het door de lucht laat dwarrelen…

Our New President

Als het niet zo gevaarlijk en ontwrichtend was, zou het grappig zijn. De manier waarop de Russische televisie – de omschrijving staatsomroep is hier wel op zijn plaats – Hillary Clinton op alle mogelijke manieren zwart heeft gemaakt. Het begint in Our New President (78 min.), een documentaire die volledig is opgebouwd uit beelden van Russische makelij, al direct prachtig: in 1997 zou Clinton tijdens een bezoek aan Rusland als Amerika’s first lady de vloek van een mummie-prinses over zichzelf hebben afgeroepen.

De gevolgen daarvan zijn verpletterend: haar man Bill begint een affaire met Monica Lewinsky, zij gaat zich ronduit bizar gedragen en later volgen serieuze gezondheidsproblemen. Heeft ze epilepsie of wordt ze misschien dement? En zo gaat Russia Today, dat sinds 2013 helemaal onder controle staat van president Vladimir Poetin, vrolijk verder: Hillary blijkt een fervente cokegebruiker, runt haar eigen pedonetwerk en is waarschijnlijk ook verantwoordelijk voor al die mysterieuze sterfgevallen in haar directe omgeving (‘Killary’).

Intussen wordt haar tegenstrever bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, Donald Trump, ongegeneerd op het schild gehesen als een selfmade man, die het volledig verrotte systeem van de Amerikaanse elite komt opschonen. Hij is, opmerkelijk genoeg, ook enorm populair bij gewone Russen, die de moeite nemen om een liedje aan hem op te dragen, de man openlijk de liefde verklaren of een tribute-filmpje voor hem opnemen. In Rusland is zelfs een heuse collectie Trump-merchandise te koop.

Propaganda en censuur zijn woorden uit de vorige eeuw, aldus Dmitry Kiselyov, de hoofdredacteur en blikvanger van Russia Today die liefde voor het vaderland heeft gelijkgeschakeld aan steun voor de regering Poetin. Al die loftuitingen aan het adres van de huidige Amerikaanse president zijn nochtans onderdeel van een grootscheepse propagandacampagne, zo betoogt deze zinsbegoochelende documentaire van Maxim Pozdorovkin. Zonder het uitdrukkelijk zo te stellen. Die conclusie mag de kijker zelf trekken.

De stortvloed aan suggestieve beelden met bijna absurde voice-overs, aangezet met een unheimische soundtrack, werkt intussen regelmatig op de lachspieren en oogt soms ronduit onwerkelijk. Letterlijk alles wordt uit de kast gehaald om de tegenstander, of die zich nu in eigen land of aan de andere kant van de Beringstraat bevindt, te koeioneren. Niemand is uiteindelijk veilig. Zodra Donald Trump eenmaal is geïnstalleerd als president, wordt ook hij aangepakt en geridiculiseerd in deze oncomfortabele film, die een angstaanjagende schijnwereld blootlegt.