The Painter And The Thief

Het is een onvergetelijke scène: Karl-Bertil Nordland ziet voor het eerst een schilderij van zichzelf en barst in tranen uit. Hij, de outcast, heeft nooit iets moois in zichzelf kunnen ontdekken. En nu krijgt hij te zien hoe schilderes Barbora Kysilkova hem, met zijn troebele blik en opzichtige tatoeages, blijkbaar ziet: als een intrigerend mens, de perfecte muze voor haar, de gedreven kunstenaar.

Ze hebben elkaar op een héél bijzondere plek en manier ontmoet, de twee hoofdpersonen van The Painter And The Thief (102 min.). In de rechtbank, waar hij terechtstond voor de diefstal van haar schilderijen. Samen met een kornuit ontvreemdde Bertil uit een Noorse galerie twee werken, die sindsdien spoorloos zijn. Ook voor hemzelf. Hij weet, werkelijk waar, niet meer waar hij ze met z’n stonede kop heeft gelaten.

Barbora herkent Bertil van de bewakingscamerabeelden en besluit hem aan te spreken. Als tegenprestatie wil ze dat hij poseert voor een portret. Het is de start van een hartveroverende vriendschap, tussen twee jonge mensen die regelmatig in de hoek hebben gezeten waar de klappen vallen. Letterlijk. Hij is uiteindelijk gevlucht in dope en misdaad, zij in obsessief schilderen.

Regisseur Benjamin Ree observeert de toenadering tussen de twee dolende zielen en spreekt hen tevens los van elkaar, over zichzelf én die ander. Die wisseling van perspectieven en een bijzonder effectieve flashback-structuur zorgen ervoor dat het relaas van The Painter en The Thief, en de beschadigde mensen die achter deze twee personages schuilgaan, echt onder de huid kruipt en daar voorlopig ook van geen wijken wil weten.

En als Bertil dan ook nog eens ongenadig uit de bocht vliegt, krijgt deze intrigerende film over lotsverbondenheid en zielsverwantschap helemaal een dramatische lading…

Gewoon Boef

Videoland

Waar houdt Boef op en begint Sofiane Boussaadia? Waren die veelbesproken treitervlogs bijvoorbeeld het werk van een artiest die zich zo nodig moest manifesteren of van een allochtone jongen die zijn oprechte frustraties over de politie uitte? En hoe zat het met die al even omstreden uitspraak over ‘kechs‘, vrouwen die zich als hoeren gedroegen? Doelbewuste provocatie van een slim enfant terrible, verkeerd uitgelegde rant of toch een verbaal slippertje van een oerconservatieve jongen, die per ongeluk het achterste van zijn doorgaans zo vaardige tong liet zien?

In de driedelige serie Gewoon Boef (86 min.) trekt Olivier Garcia ruim een half jaar op met het omhoog gevallen ettertje/de buitengewoon getalenteerde rapper en zoomt daarbij tevens in op de achtergrond van dit vat vol tegenstrijdigheden, zijn stormachtige opkomst en de daaruit voortgevloeide controverses. Net als de docuserie die Videoland eerder uitbracht over generatiegenoot Famke Louise is het geheel snel en puur op inhoud gesneden. De drie afleveringen springen voortdurend in de tijd en wisselend gedurig van locatie; van een optreden in Turkije, Thaise relaxvakantie en rootsreis naar Parijs tot de plek waar Boefs/Sofianes leven zich sinds kort afspeelt: een ontzettend protserige villa.

Zelf ziet hij die als bevestiging van het feit dat hij het inmiddels heeft gemaakt. Al weet ook deze Boef dat geld bepaald niet altijd gelukkig maakt. Dat materialisme zou bovendien wel eens een uitingsvorm van verlatingsangst kunnen zijn, concluderen zowel maker als subject van deze serie in een privésessie psychologie van de koude grond. ‘Iemand die van je houdt kan de volgende dag niet meer van je houden. Dat is gewoon het leven’, stelt de beschadigde jongen/rapper met dollartekens in de ogen. ‘Maar geld… Als je honderd euro naast je bed legt en je wordt wakker, dan ligt er nog steeds honderd euro naast je bed.’

Noem dat gerust plat of cynisch. Hij heeft met die attitude wél de belofte waargemaakt die de tiener Sofiane, ook toen al een Boef overigens, ooit deed aan zijn adoptiemoeder. ‘Please make something of your life’, zei zij op haar sterfbed tegen de jongen, die speciaal voor de gelegenheid enkele dagen uit de gevangenis mocht. ‘Dat is me bijgebleven’, zegt hij nu. ‘Ik dacht: ik moet het maken, begrijp je? En drie jaar later blies ik op.’ Ondanks dat succes is de behoefte aan een thuis gebleven, zo blijkt uit persoonlijke gesprekken met de hoofdpersoon zelf, enkele jeugdvrienden en de bijna onvermijdelijke Ali B. Die krijgen in dit schurende portret bovendien extra reliëf via de omgang met zijn Habiba Selma en ontmoetingen met zowel zijn biologische als zijn stiefvader.

Gewoon Boef schetst zo trefzeker het fenomeen Boef/de (probleem)jongere Soef. Held van de jeugd van tegenwoordig. En tevens de verpersoonlijking van wat je ‘de jeugd van tegenwoordig’ zou kunnen noemen.

Trial By Media

Netflix

‘If it bleeds, it leads.’ Curtis Sliwa, de flamboyante New Yorker die eind jaren zeventig de militante burgerwacht The Guardian Angels oprichtte, heeft een eenvoudige verklaring voor de enorme ophef rond Bernhard Goetz. Net als Sliwa vond deze ‘Subway Vigilante‘ dat het hard nodig was dat de stad veiliger werd gemaakt.

En net als Paul Kersey, het Charles Bronson-personage uit de omstreden Death Wish-speelfilmreeks, besloot hij om het recht in eigen hand te nemen. De man, die enkele jaren daarvoor was overvallen, schoot vier zwarte jongens neer in de metro en groeide zo binnen de kortste keren uit tot het middelpunt van een enorme mediahype. Bernhard Goetz werd zowel gebombardeerd tot ‘poster boy’ voor de National Rifle Association als uitgemaakt voor schietgrage racist, die in koele bloede een stel ‘nikkers’ had afgemaakt.

Trial By Media (367 min.) belicht zes van dit soort spraakmakende true crime-verhalen en brengt ze met direct betrokkenen, aanklagers, advocaten, activisten en politici opnieuw in kaart. Van de tientallen politiekogels die werden afgevuurd op de ongewapende Afrikaanse immigrant Amadou Diallo (door Bruce Springsteen vereeuwigd in American Skin (41 Shots)) en de geruchtmakende groepsverkrachting in een bar (verfilmd met Jodie Foster onder de noemer The Accused) tot de jongen die, nadat hij in de tv-show Jenny Jones werd geconfronteerd met een liefdesverklaring van een andere man, maar één uitweg zag: zijn wapen.

Zulke dramatische gebeurtenissen worden vervat in gedegen reconstructies, met een stevige bronnenlijst en fraai archiefmateriaal. Die leveren verder geen spraakmakende nieuwe onthullingen op en resulteren ook niet in een soort metavisie op de rol van de pers in dit soort zaken (zoals bijvoorbeeld het Nederlandse televisieprogramma Medialogica steeds probeert te vinden). Trial By Media is vooral een hervertelling van spannende en schokkende verhalen die zich stuk voor stuk afspeelden onder het oog van een groot publiek, dat door verschillende partijen slim werd bespeeld en zo ook weer invloed had op de afwikkeling ervan.

Een erg smakelijke voorbeeld daarvan is de gang van zaken rond de strafzaak tegen de protserig rijke zorgondernemer Richard Scrushy (HealthSouth) uit Alabama. Hij wordt beschuldigd van grootschalige fraude en start vervolgens, om de gunst van het volk (weer) te winnen, een soort tweede carrière als tv-dominee. ’s Mans advocaten maken van zijn rechtszaak intussen een onvervalste ‘good ol’ boy-show’. Met smeuïge verhalen houden ze pers en publiek zoveel mogelijk uit de buurt van de feiten. En dat werkt: want een goed verhaal, zo luidt een andere boutade van en over de media, moet je niet dood checken.

The Trials Of Henry Kissinger

Zou voormalig minister van Buitenlandse Zaken, nationaal veiligheidsadviseur van de Verenigde Staten én winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede Henry Kissinger vanwege misdaden tegen de menselijkheid voor het Internationaal Strafhof in Den Haag moeten worden gedaagd? Waarom zou de gelauwerde diplomaat, een graag geziene gast in de media (ook door hemzelf), niet hetzelfde lot moeten ondergaan als pak ‘m beet Slobodan Milosevic en Augusto Pinochet?

Voornaamste verschil: Kissinger is een politicus uit de Verenigde Staten, een land dat zweert bij de internationale rechtsorde. Zolang het zich daar zelf niet aan hoeft te houden. In The Trials Of Henry Kissinger (79 min.) uit 2002, gebaseerd op een boek van Christopher Hitchens, zet regisseur Eugene Jarecki de ‘aanklacht’ tegen de machtspoliticus op een rij. Die is gestoeld op ‘s mans betrokkenheid bij conflicten in Vietnam, Cambodja, Chile en Oost-Timor.

Als aanklagers fungeren historici en goed ingevoerde journalisten zoals Seymour Hersh, daar tegenover neemt Kissingers voormalige collega Alexander Haig de rol van getuige à decharge op zich. De man zelf zwijgt in alle toonaarden, maar is via uitgebreid archiefmateriaal toch prominent aanwezig. Vanuit al die bronnen komt een vrij consistent beeld naar voren: van een meester in ‘plausible deniability’, die geen woorden nodig heeft om te communiceren wat hij wil en dus ook verdomd lastig op woorden is te pakken.

Intussen schetst deze scherpe film, waarin acteur Brian Cox als verteller fungeert, met verve de duistere achterkant van de internationale politiek, waarbij individuele mensen niet meer dan pionnen lijken te zijn op een levensgroot schaakbord – waar ze elk ogenblik ook weer vanaf geslagen kunnen worden.

Atlanta’s Missing And Murdered: The Lost Children

Er is nauwelijks een fenomeen te bedenken dat zo tot de verbeelding van een groot publiek spreekt als seriemoordenaars. Geen fijnere antiheld dan een Norman Bates of Hannibal Lecter. En het Amerika van de jaren zeventig en tachtig heeft een ongelofelijke hoeveelheid van zulke bizarre ‘larger than life’-personages opgeleverd. Een kleine halve eeuw later zijn ze nog altijd goed voor nieuwe boeken, speelfilms én documentaires. Na recente series over Ted Bundy (Conversations With A Killer: The Ted Bundy Tapes) en Henry Lee Lucas (The Confession Killer) is het nu bijvoorbeeld de beurt aan één van de weinige zwarte voorbeelden, Wayne Williams.

Hij grijpt in Atlanta’s Missing And Murdered: The Lost Children (285 min.), over de moord op bijna dertig (!) jongens in de hoofdstad van de Amerikaanse staat Georgia, opnieuw de gelegenheid aan om zijn eigen onschuld te bepleiten – en, ook niet onbelangrijk, om weer eens in de spotlights te staan. Die gedachte dringt zich tenminste op als de man doodgemoedereerd vanuit de cel inbelt bij een bijeenkomst waarin de moorden nog eens worden besproken met nabestaanden en betrokkenen. Williams is echter niet de enige die weigert om de officiële lezing van wat er is gebeurd te accepteren. Camille Bell, de bijzonder uitgesproken moeder van de vermoorde Yusef en woordvoerster van de lokale Dwaze Moeders, noemt hem zelfs ‘het dertigste slachtoffer van de Atlanta-moordpartij’.

Die uitspraak kan niet los worden gezien van de getroebleerde historie van de stad, waarin racisme aan de orde van de dag was en de Ku Klux Klan een dubieuze hoofdrol speelde, óók in het plaatselijke politiekorps. Hoewel dat ten tijde van de moorden toch echt werd geleid door een zwarte commissaris. Zoals Atlanta toentertijd ook werd bestuurd door een Afro-Amerikaanse burgemeester. De bewoners van de zwarte achterbuurten hadden desondanks weinig vertrouwen in de lokale autoriteiten en hechtten nog minder geloof aan hun verklaring voor de kindermoorden (die onlangs ook al centraal stonden in het tweede seizoen van de puike dramaserie Mindhunter, over FBI-agenten die seriemoordenaars profileren).

En getuige deze vijfdelige documentaireserie van Sam Pollard, Maro Chermayeff, Jeff Dupre en Joshua Bennett hadden ze daar ook alle reden toe. Keisha Lance Bottoms, de huidige burgemeester van Atlanta, heeft zich zelfs genoodzaakt gezien om de zaak te heropenen, om te bekijken of Wayne Williams inderdaad de afschrikwekkende moordenaar is die zonder al te veel moeite van hem kon worden gemaakt. De man is ook slechts veroordeeld voor zegge en schrijve twee moorden. Hoe zit het dan met de ruim 25 andere slachtoffers? Heeft hij ook hen van het leven beroofd of zijn die zaken hem simpelweg in de schoenen geschoven, zodat ze nu als opgelost te boek staan (of een nóg ongemakkelijkere waarheid kunnen verhullen)? Kortom: staat er ergens in Atlanta een gigantische doofpot?

De intrigerende miniserie Atlanta’s Missing And Murdered werpt zulke indringende vragen op, zonder daarbij een duidelijke kant te kiezen of te gaan voor goedkoop effectbejag. De filmmakers laten zowel aanklagers en politieagenten als het verdedigingsteam van Williams aan het woord, waarbij de kijker grotendeels zelf zijn weg zal moeten vinden door het doolhof van tegenstrijdige ‘feiten’ en meningen dat zo ontstaat. Het drama wordt bovendien nadrukkelijk geplaatst binnen de ongemakkelijke raciale historie van de stad, waarbij de zwarte inwoners eraan gewend zijn geraakt dat ze niet worden gezien of gehoord. Zelfs als hun kinderen stelselmatig worden vermoord…

Er is overigens alweer een nieuwe docuserie aangekondigd rond een beruchte seventies-seriemoordenaar (en – verkrachter), The Golden State Killer, gebaseerd op het superspannende boek I’ll Be Gone In The Dark van Michelle McNamara.

Murder To Mercy: The Cyntoia Brown Story

Netflix

‘De baarmoeder van mijn moeder had op haar zestiende verwijderd moeten worden’, zegt Joan Warren, het type morsige Amerikaanse vrouw, voor wie het predicaat ‘white trash’ lijkt te zijn uitgevonden. Als ze het allemaal had geweten, was ze zelf ook nooit aan kinderen begonnen, zegt Joan ferm. Haar dochter Georgina Mitchell zit ernaast en moet er, enigszins gegeneerd, om lachen. Zij was verslaafd aan alcohol en crack, zat een tijd in de gevangenis en kreeg op haar zestiende een dochter: Cyntoia Brown.

En ook die zit vast, levenslang zelfs. Op haar zestiende zou ze, weggelopen bij haar adoptiegezin en zichzelf prostituerend, in koelen bloede een klant hebben vermoord. Dat Cyntoia de trekker heeft overgehaald staat buiten kijf, maar zou het ook noodweer kunnen zijn? En mag je zo’n jong meisje, met een bijzonder getroebleerde achtergrond bovendien, zomaar als een volwassene berechten? Dat zijn de centrale vragen van Murder To Mercy: The Cyntoia Brown Story (97 min.)

Regisseur Daniel H. Birman volgt de zaak al sinds 6 augustus 2004, de dag waarop de ontspoorde tiener een fatale black-out had, en maakte er in 2011 ook al een film over: Me Facing Life: Cyntoia’s Story. Dit vervolg laat zien hoe de kwestie vervolgens jarenlang aansleept en uiteindelijk een zwieper krijgt als celebrities zoals Rihanna, Lana del Rey en Kim Kardashian op Instagram (via de hashtag #FreeCyntoiaBrown) aandacht beginnen te vragen voor het lot van de jonge vrouw die heeft moeten opgroeien in de gevangenis.

Hoewel het gaat om een schrijnende kwestie – was Cyntoia achteraf bezien eigenlijk wel een prostituee, of toch eerder een minderjarig slachtoffer van vrouwenhandel? – wordt Murder To Mercy nooit écht enerverend of aangrijpend. Daarvoor is de documentaire te traag en voorspelbaar. Bovendien wordt het familieverhaal, dat toch als basis dient voor de zoveelste beroepszaak, slechts beperkt uitgewerkt. Daar had Birman de diepte in gekund – en gemoeten.

Nu wordt de zaak rond Cyntoia Brown, hoe tragisch ook, nooit meer dan een dertien-in-een-dozijn true crime-verhaal, waarin de pleitbezorgers van een gedetineerde voor diens (vroegtijdige) vrijlating ijveren.

Djordy

BNNVARA

‘Ik ga tellen’, zegt de kleuter River. ‘Één-twee-drie-vier…’ Mama gaat zich ondertussen verstoppen. ‘Ik kom!’ roept het meisje en gaat op zoek. ‘Waar is mammie?’ zegt ze vrolijk. Als ze die niet kan vinden, is de lol er echter snel af. Huilen. ‘Je was bang dat ik weg was, hè?’ zegt moeder Cherrisha, nadat ze zich toch heeft laten vinden. ‘Áách, schatje!’ Snikkend valt het meisje haar in de armen. ‘Zullen we dit spelletje dan maar niet meer spelen?’

Het oogt als een onschuldig familietafereel, waarbij het kind verstoppertje spelen toch wat enger vindt dan gedacht. Totdat je de familiegeschiedenis van River hoort. Haar vader is Djordy Latumahina. Hij werd op 8 oktober 2016 geliquideerd in een Amsterdamse parkeergarage. Een ‘vergismoord’, zoals ze het zijn gaan noemen. De 31-jarige deejay en feestorganisator werd voor een ander aangezien. Zijn vriendin Cherrisha Sackman raakte zwaargewond. De toen tweejarige River bleef, min of meer, ongedeerd.

En dan gaat het leven door, omdat het dat nu eenmaal doet. Moeder en dochter kijken filmpjes van papa, gaan een eindje fietsen en eten een ijsje in de speeltuin. En Djordy’s ouders Jozef en Marlou bekijken oude foto’s en halen bij zijn vroegere school liefdevol herinneringen op aan hun zoon. Als je niet beter zou weten, zou je kunnen denken: ze hebben er inmiddels vrede mee. Die stomme persoonsverwisseling met fatale afloop heeft dan toch een plek gekregen.

Als de tv-docu Djordy (43 min.) ruim een kwartier onderweg is, volgt echter alsnog de terugkeer naar die verdomde parkeergarage. Djordy’s echtgenote kan zich de bijna absurde beelden nog zo voor de geest halen. ‘Is het een soort van prank of zo?’ En bij zijn ouders staat die fatale oktoberdag natuurlijk ook op het netvlies gebrand. ‘En dat het niet voor hem bedoeld was, dat maakt het helemaal…’, valt moeder stil. En daarna moesten ze dus toch verder, gebroken en gehavend. Omdat het leven nu eenmaal doorgaat. Moet. Ook zonder Djordy.

Regisseur Mark Schrader doorsnijdt hun getuigenissen met beelden van Djordy als deejay, laat ook diens voetbalvrienden nog aan het woord en brengt het geheel op temperatuur met een tamelijk dwingende soundtrack. Aan de daders en hun opdrachtgever(s) wordt geen woord vuilgemaakt in deze wat onevenwichtige film, die ondanks alles een optimistische ondertoon probeert te houden. Tegelijkertijd maakt Djordy ook tastbaar hoe onwerkelijk zo’n onbedoelde moord is – en hoe werkelijk de gevolgen ervan.

The Innocence Files

Netflix

Kun je vertrouwen op ooggetuigen? Houden agenten en aanklagers zich zelf eigenlijk wel aan de wet? En leveren bijtwonden enigszins betrouwbaar bewijsmateriaal op? Het zijn zulke elementaire vragen over het Amerikaanse rechtssysteem die The Innocence Files (570 min.) domineren. In de negendelige documentaireserie worden enkele zaken onderzocht van het zogenaamde Innocence Project, waarbij een team van gedreven Amerikaanse juristen mogelijke gerechtelijke dwalingen, veelal uit de tijd dat DNA nog niet kon worden gebruikt als (ontlastend) bewijsmateriaal, onder de loep neemt en ten onrechte veroordeelde landgenoten weer vrij probeert te krijgen.

De serie van de docucracks Alex Gibney, Liz Garbus en Roger Ross Williams introduceert in dat kader enkele naamloze Amerikanen, meestal afkomstig uit een minderheidsgroepering en probleemwijk, die voor jáááren achter de tralies zijn verdwenen. Het gaat zonder uitzondering om schrijnende verhalen van mannen, jongens nog soms, die voor het leven werden getekend door een wrede speling van het lot. En dat lot werd soms meer dan zomaar een handje geholpen door overijverige, véél te gretige of gewoon slinkse agenten, officieren van justitie en getuige-deskundigen.

De eerste drie afleveringen, geregisseerd door Williams, richten zich bijvoorbeeld op twee kindermoorden en de gewelddadige dood van een man en de verkrachting van diens echtgenote aan het begin van de jaren negentig. De verdachten van deze misdrijven hebben één ding gemeen: ze zijn alledrie veroordeeld op basis van verklaringen van één en dezelfde expert. ‘Ik ben slechts de boodschapper die het bewijs verzamelt voor de jury’, zegt forensisch tandheelkundige Michael West over de kritiek dat hij er maar wat op los heeft gefabuleerd. ‘En als er ergens een nieuwe methode uitkomt die aantoont: ‘Hij is onschuldig’ kúnnen we hem vrij laten.’

En tot die tijd zitten ze dus achter slot en grendel, soms tientallen jaren lang. Of ze het nu gedaan hebben of niet. Als mogelijke slachtoffers van al dan niet bewuste ‘testilying’. Hoewel hij flink onder vuur wordt genomen, zit de morsige West niettemin met zichtbaar genoegen voor de camera. Een larger than life-personage, dat overduidelijk geniet van de aandacht – en al even duidelijk: niet berekend is op zijn taak. Anderen die een gerechtelijke dwaling hebben gefaciliteerd stellen zich aanmerkelijk nederiger op en trekken, geëmotioneerd zelfs, het boetekleed aan. ‘Het spijt me’, zegt een vrouw die een man onterecht voor haar verkrachter heeft aangezien. Van slachtoffer is ze daarmee dader geworden, concludeert ze nu zelf.

Het leed dat op die manier werd veroorzaakt is nauwelijks te bevatten. Complete levens werden verwoest. Van de mannen in de cel én van hun partners, kinderen en ouders. Na de veroordeling gaat het leven weliswaar verder – of houdt op, dat ook – maar lijkt het elke glans te hebben verloren. Er rest de mannen niets anders dan strijden voor hun recht. Dit vaste stramien is eigenlijk in elke aflevering van The Innocence Files zichtbaar. Dat zorgt ervoor dat alle verhalen, hoe indringend ze ook worden verteld, in essentie hetzelfde zijn. Tegelijkertijd maken die overeenkomsten ook helder dat het bij deze gerechtelijke dwalingen niet om individuele blunders gaat, maar om ernstige systeemfouten in het Amerikaanse justitiële systeem. Die, natuurlijk, buitenproportioneel minderheidsgroepen raken.

How To Fix A Drug Scandal

Netflix

Zitten er mensen onschuldig in de cel? Die vraag dringt zich onmiddellijk op als Sonja Farak in 2013 wordt aangehouden. De chemicus van het Amherst-laboratorium in de Amerikaanse staat Massachusetts test in beslag genomen drugs en zou wel eens met bewijsmateriaal kunnen hebben geknoeid. Moeten die rechtszaken nu opnieuw? En wat kan Farak hebben bewogen om haar beroepseer op zo’n flagrante wijze te schenden? Ze zal toch niet zelf…?

De Amerikaanse true crime-crack Erin Lee Carr (Mommy Dead And DearestAt The Heart Of Gold: Inside The USA Gymnastics Scandal en I Love You, Now Die: The Commonwealth v. Michelle Carter) brengt de zaak tegen de 35-jarige chemicus in How To Fix A Drug Scandal (208 min.) samen met de kwestie rond een andere laborante: Annie Dookhan van het eveneens in Massachusetts gevestigde Hinton-misdaadlab. Zij heeft er ook een potje van gemaakt bij het testen van drugsbewijs.

Alle elementen voor een onvervalste nagelbijter lijken aanwezig. Toch duurt het even voordat deze vierdelige documentaireserie op stoom komt. Zeker de eerste aflevering is erg uitleggerig: wat doet zo’n drugslaborant nu precies en welke consequenties heeft het als dat werk niet kan worden vertrouwd? Dit gaat ten koste van het verteltempo, dat later wel wat wordt opgeschroefd.

Erin Lee Carr kleedt de vertelling aan met chique reconstructies, waarin actrice Shannon O’Neill Sonja Farak vertolkt, en kadert die in met een waslijst aan bronnen: openbaar aanklagers, advocaten, verdachten, deskundigen, journalisten en de moeder en zus van Farak. Die laatste komt zelf niet aan het woord. En ook Dookhan laat verstek gaan. Al is het sowieso de vraag wat zij had kunnen toevoegen. De meerwaarde van de tweede casus blijft beperkt.

Dit is en blijft het relaas van Sonja Farak, de welhaast malicieuze manier waarop het Openbaar Ministerie van de staat Massachusetts is omgegaan met de strapatsen van haar dolende medewerker en wat de consequenties daarvan zijn geweest voor honderden, misschien wel duizenden, veroordeelden. Daarbij is de vraag gerechtvaardigd of die vertelling wel een miniserie waard is of toch ook gewoon in één stevige docu over deze geruchtmakende zaak had gepast.

Kill Chain: The Cyber War On America’s Elections

HBO

Kunnen de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2020 worden gehackt? De Finse cybersecurity-expert Harri Hursti meent van wel. De man heeft recht van spreken. In 2005 hackte hij hoogstpersoonlijk een stemmachine en beïnvloedde zo de uitslag die daar uitrolde. Diezelfde machine wordt op diverse plekken nog steeds ingezet. De vraag ligt dan voor de hand: zijn de verkiezingen van 2016, waarbij Donald Trump werd gekozen tot president, wel reglementair verlopen? (Hoe) heeft Poetins Rusland het verloop beïnvloed en de uitslag gestuurd?

In Kill Chain: The Cyber War On America’s Elections (91 min.) demonstreert Hursti op diverse manieren en plekken hoe kwetsbaar de hedendaagse (Amerikaanse) democratie is. Via Ebay weet hij bijvoorbeeld gewoon een stemmachine, die eigenlijk op een beveiligde locatie moet zijn opgeslagen, op de kop te tikken. Slechts 75 dollar. Het apparaat dat niet te hacken zou zijn wordt vervolgens binnen de kortste keren gekraakt tijdens de hackathon Def Con. Het is heel eenvoudig om software voor deze machine te schrijven, die stilletjes stemmen verandert en geen bewijs daarvan achterlaat, stelt Hursti.

De filmmakers Simon Ardizzone, Russell Michaels en Sarah Teale leveren daarbij een interessante casus in Georgia, waarbij één van de twee kandidaten voor het gouverneurschap in 2018 zelf de kiesmachines in beheer had. Drie keer raden wie de bijzonder spannende tweestrijd op het nippertje heeft gewonnen… Hursti en zijn team maken aannemelijk dat die verkiezingen wel eens niet geheel reglementair kunnen zijn verlopen – en dat de uitslagen van verkiezingen, waarbij geen papieren registratie van de stemmen wordt aangelegd, sowieso niet mogen worden vertrouwd.

Daarmee stelt deze interessante en tot nadenken stemmende film hele praktische, en daarmee ook filosofische, vragen over de houdbaarheid van ons politieke systeem en hoe dat beter zou moeten worden beschermd.

Tiger King: Murder, Mayhem And Madness

Netflix

Knuffelen met een leeuw. Of stoeien met een tijger. In Greater Wynnewood Exotic Animal Park, een privédierentuin met enkele honderden katachtigen in Oklahoma, is het de gewoonste zaak van de wereld. Het geesteskind van Joe ‘Exotic’ Schreibvogel-Maldonado-Passage vormt tevens het decor voor een grotesk drama, dat zal eindigen met een poging tot moord. Op de messianistische dierenrechtenactiviste Carole Baskin van Big Cat Rescue, de absolute aartsvijand van de welhaast karikaturale freak, met wie hij al jaren op ramkoers ligt en die zelf ook ‘een verleden’ blijkt te hebben.

Exotic, ‘een totaal geschifte, homoseksuele, schietgrage, drugsverslaafde fanaat’ volgens zijn leermeester en directe concurrent Bhagavan ‘Doc’ Antle van Myrtle Beach Safari (die zelf met een eigen harem en een olifant als vervoersmiddel overigens ook niet bepaald Meneer Doorsnee lijkt) is zeker niet het enige bizarre personage in de docuserie Tiger King: Murder, Mayhem And Madness (314 min.), die wordt bevolkt door een enorme stoet misfits, outcasts en ronduit louche types. Onvervalste white trash met een tic, bijna op het ongeloofwaardige af.

De zevendelige serie van Eric Goode en Rebecca Chaiklin, gefilmd gedurende een periode van ruim vijf jaar, belicht via hen de schimmige wereld van katachtigen als huisdier, de handel in exotische soorten en drugssmokkel via slangen, om maar eens wat te noemen. Het speelt zich allemaal af in een soort redneck Fort Oranje, waar Joe zelf melodramatische countrymuziek verzorgt, elk moment de Confederate Flag kan worden gehesen en loyaliteiten met de regelmaat van de klok wisselen. Dat levert gegarandeerd goede (reality-)tv op, met portretjes van flamboyante rouwdouwers en niet te vergeten gevaarlijke wilde dieren, maar heeft het ook voldoende diepte voor een documentaire?

Spannend en spectaculair is het zeker, met bijvoorbeeld dieren die hun verzorgers aanvallen. ‘Mijn God’, verzucht Joe Exotic na een angstaanjagend incident met één van zijn medewerkers. ‘Ik kom hier financieel nooit meer overheen.’ De man zal echter nog veel hogere hordes moeten nemen – om ze daarna doodgemoedereerd zelf weer op te zoeken. Want Exotic is een geboren provocateur met een enorme hang naar snelle roem. Die zal in Tiger King nog tot opzienbarende ontwikkelingen en complicaties leiden. Truth is trashier than fiction, zoveel is helder.

Deze potentiële bingehit wordt daarmee nooit meer dan een volledig op hol geslagen Amerikaanse variant op Jambers. With lots of dope, guns & tigers. En misschien is dat, als je de ‘true’ bij crime tussen aanhalingstekens zet en niet al te veel eisen stelt aan zoiets verantwoords als artistieke visie en psychologische diepgang, voor deze ene keer ook wel genoeg. Meer camp dan deze ranzige docusoap zal het in elk geval niet snel worden. Tiger King: Murder, Mayhem And Madness is een superieure vorm van aapjes kijken. En leeuwen en tijgers.

McMillions

HBO

Hoe groot is de kans dat meerdere familieleden los van elkaar een prijs van een miljoen dollar winnen bij één en dezelfde loterij, een variant op Monopoly, georganiseerd door de Amerikaanse fastfoodketen McDonald’s? Dat is de startvraag van de lekker kekke docuserie McMillions (344 min.), waarin het onderzoek naar deze sappige affaire uit de jaren negentig met de hoofdrolspelers, en een dramatisering van hun lotgevallen, wordt gereconstrueerd.

De regisseurs James Lee Hernandez en Brian Lazarte slaan daarbij een luchtige toon aan, alsof het een levensechte Tarantino-productie is. Ze bouwen rond de meesterzwendel een doldwaze ‘heist movie’, die met veel schwung, humor en een volvette seventies funk-soundtrack wordt uitgeserveerd. Een tone of voice, die eerder al was te ontwaren in de Netflix-docu The Legend Of Cocaine Island – bij beide producties staat overigens ene Theo Love op de aftiteling.

Van gewone stervelingen worden zo volbloed filmpersonages gemaakt, die linea recta op hun doel, het oplossen of juist in stand houden van dit mysterie, afgaan en zichzelf, en de rest van de wereld, tóch niet al te serieus nemen. ‘Zo was mijn broer niet’, zegt de broer van één van de verdachten, telg van de beruchte Italiaanse Colombo-familie, bijvoorbeeld nadat hem enkele gewelddadige scènes uit maffiaklassiekers zijn voorgeschoteld. ‘Maar deed hij zulke dingen? Absoluut. Hij deed het alleen met humor.’

In een betere wereld had diezelfde Jerry Colombo vast een prachtrol in The Sopranos bemachtigd. In déze wereld gedroeg hij zich echter ook gewoon als een stereotiepe handlanger van maffiabaas Tony Soprano, die niet terugdeinst voor een schimmige deal meer of minder. Hij werpt zich zo op als één van de sleutelfiguren in dit door blufferige FBI-agenten, tweederangs boeven, gangsterliefjes en kleine krabbelaars bevolkte schelmenverhaal, dat behoorlijk uit de hand loopt. 

Hernandez en Lazarte sturen de kijker intussen regelmatig met zichtbaar plezier het bos in. Die gewiekste opbouw, gevoegd bij de bizarre ontwikkelingen en volvette grappen en grollen, maken van McMillions een bijzonder smakelijke – zie je de woordspeling al aankomen? – fastfooddocu. Liefst in één ruk te verorberen. Al had het tamelijk zoete toetje wel wat sneller mogen worden opgediend.

Dirty Money – Season 2

Netflix

In de eerste reeks exploreerde de documentaireserie Dirty Money, geproduceerd door het bedrijf van de gerenommeerde filmmaker Alex Gibney, de wereld van het smerige geld, met afleveringen over onder andere de sjoemelsoftware van Volkswagen, stuitend gemanipuleer met medicijnprijzen en de Amerikaanse evenknie van Dirk Scheringa, een linkmiegel met zijn eigen autoraceteam.

Dit zesdelige tweede seizoen van Dirty Money (349 min.) waaiert wederom breed uit; van het witwassen van criminele opbrengsten met goud (en de gevolgen daarvan voor gewone gouddelvers in Peru) en de nietsontziende haaienmentaliteit bij de Amerikaanse bank Wells Fargo tot Maleisisch gemeenschapsgeld waarmee The Wolf Of Wall Street is gefinancierd (ook al onderwerp van de fijne docu The Kleptocrats) en grootschalige grond- en watervervuiling in Texas door een plasticfabrikant uit Taiwan, die zich nergens wat van aantrekt. Daarbij gaat het er soms stevig aan toe. ‘Wanneer je bang begint te worden weet je dat je de juiste weg bent ingeslagen’, meent Diane Wilson bijvoorbeeld, die actie voert tegen de vervuiler Formosa.

Niet alle afleveringen zijn even sterk: de bewijsvoering in deel 5 voor misbruik van voogdijschap bij (gefortuneerde) ouderen is bijvoorbeeld niet altijd even overtuigend. De bejaarden zouden niet meer voor zichzelf kunnen zorgen en worden vervolgens helemaal leeggeplukt door gewiekste bewindvoerders en hun entourage. Één van de slechts twee opgevoerde ouderen komt zelf echter helemaal niet aan het woord. Alleen zijn veel jongere vrouw en haar belangenbehartigers. Dat maakt wat wantrouwig.

Over het algemeen wordt er in deze ambitieuze serie echter stevige (onderzoeks)journalistiek bedreven, waarmee tegels worden gelicht in maatschappelijk relevante dossiers. Óók rond Bekende Amerikanen. In de eerste Dirty Money-serie was bijvoorbeeld een aflevering gewijd aan de dubieuze deals van de Amerikaanse president Donald Trump, ditmaal komt zijn schoonzoon Jared Kushner aan de beurt in een ontluisterende episode genaamd ‘Slumlord Millionaire’. Diens schandelijke praktijken als huisjesmelker en onroerend goed-man (die er zowaar een bedrijf met de naam 666, het duivelsgetal, op nahoudt) vormen de basis voor de sterkste aflevering, geregisseerd door Daniel DiMauro en Morgan Pehme, van deze tweede afdaling in de beerput van het grote geld.

The Trade – Season 2

Showtime

In 2015 bracht Matthew Heineman in Cartel Land op een meeslepende manier de bloedige drugsoorlog in beeld, die in Mexico en het grensgebied met de Verenigde Staten wordt uitgevochten. Die geweld(dad)ige film kreeg drie jaar later een onofficieel vervolg met de vijfdelige documentaireserie The Trade, waarin de Amerikaanse filmmaker alle hoeken en gaten van de Amerikaanse Opioid Crisis belichtte: van de Mexicaanse drugsdons en federale agenten die daar poppyvelden laten platbranden tot de gewone dealers en gebruikers in de Verenigde Staten en de politieagenten die fanatiek op hen jagen.

En nu is er seizoen 2 van The Trade (200 min.), waarin Heineman het spoor verlegt van de handel in drugs naar de handel in mensen: vluchtelingen, illegale immigratie, smokkel, slavernij, seksuele uitbuiting en Amerikanen zonder geldige verblijfsvergunning. De documentairemaker richt zich in deze vierdelige reeks op enkele hoofdpersonen, die elk een deel van de problematiek representeren, en observeert hen terwijl ze hun eigen kleine rolletje spelen in het drama dat zich in Midden- en Noord-Amerika voltrekt. Van zulke gewone mensen maakt hij memorabele personages.

Een vrouw uit Honduras die na de moord op haar echtgenoot, een voormalig bendelid van het beruchte MS-13, met haar dochtertje aanhaakt bij de vluchtelingenkaravaan naar de Verenigde Staten. Texaanse rechtshandhavers die de wacht houden bij de grens met Mexico. Een mensenrechtenactivist die strijdt tegen vrouwenhandel en seksueel misbruik. Mensen die al decennia illegaal in de Verenigde Staten verblijven en nu, met achterlating van hun partner en kinderen, dreigen te worden uitgezet. En een vrouw, een beetje een fremdkörper in deze vertelling, die getuigt tegen de leider van een invloedrijke Mexicaanse kerkgemeente, die stelselmatig kinderen zou hebben misbruikt.

Ook in dit tweede seizoen van The Trade, hoewel wellicht wat minder overweldigend dan z’n voorganger, legt Matthew Heineman met oog voor detail, de menselijke natuur en het grotere geheel een welhaast duivels systeem bloot, waarin gewone mensen helemaal vast kunnen komen te zitten en het beste/slechtste uit zichzelf naar boven halen.

There’s Something Wrong With Aunt Diane

Op zondag 26 juli 2009 komt er via alarmnummer 911 een melding binnen bij de politie van Sleepy Hollow. Op de Taconic State Parkway heeft een spookrijder een gruwelijke ongeluk veroorzaakt. Acht mensen zijn dood: de bestuurster van het rode busje zelf, haar tweejarige dochter Erin, drie nichtjes van acht, zeven en vijf, en de drie passagiers van een tegenligger. Alleen het vijfjarige zoontje Bryan van de automobiliste overleeft de ramp. En dan komen de testresultaten binnen: had de 36-jarige Diane Schuler werkelijk gedronken en ook nog eens geblowd?

Zes maanden na de ramp benadert filmmaker Liz Garbus Dianes familie en gaat samen met hen op zoek naar wat er gebeurd kan zijn. Haar echtgenoot, broer, zwager en vriendinnen kunnen zich niet voorstellen dat de vrouw die zij kennen onder invloed achter het stuur is gaan zitten. Garbus zoekt tevens contact met ooggetuigen en familieleden van de slachtoffers uit de SUV waarop Diane frontaal is gecrasht. Met deze bronnen, officiële bewijsstukken en het audioverkeer tussen de hulpdiensten reconstrueert ze de fatale autorit, de aanloop daarnaartoe en de verpletterende gevolgen ervan.

There’s Something Wrong With Aunt Diane (100 min.), zou één van de nichtjes tijdens een paniekerig telefoongesprek tegen haar ouders hebben gezegd, toen hun tante zich onderweg niet goed leek te voelen en ronduit roekeloos begon te rijden. Had ze te veel Wodka gedronken, uit een fles die vreemd genoeg sowieso standaard in de auto lag? Was het de medicatie vanwege tandpijn, die onderweg met haar op de loop ging? Of werd Diane tóch plotseling overvallen door het één of andere medische probleem?

Die laatste theorie wordt in elk geval door Dianes verwanten aangehangen. Garbus mengt zich samen met hen actief in het onderzoek naar het tragische ongeval. Zo hopen ze in deze indringende film uit 2011 dichter bij de waarheid te komen – óf bij acceptatie van het noodlot dat over/door Schuler is afgeroepen. Want zit onder die weigering om de officiële lezing van de fatale crash te accepteren niet gewoon, en heel begrijpelijk, het onvermogen om te dealen met de (verborgen) gebreken van een geliefd familielid?

Prison For Profit

Cinema Delicatessen

In een ideale wereld komen gedetineerden volledig gerehabiliteerd uit de gevangenis. Klaar om aan een nieuw leven te beginnen, aan de goede kant van de wet. De praktijk van alledag is doorgaans een stuk weerbarstiger: met een beetje pech wordt iemand die eenmaal in de fout is gegaan in de gevangenis een geharde misdadiger. Het kan nóg erger: als ook de bewaarders zich gaan gedragen als doorgewinterde criminelen en stelselmatig gedetineerden maltraiteren.

Enter Mangaung Prison in Bloemfontein, de eerste geprivatiseerde gevangenis van Zuid-Afrika én de plaats van handeling voor de nieuwe documentaire van de Nederlandse zussen Ilse en Femke van Velzen. Met Prison For Profit (84 min.) toont het geëngageerde documentaireduo, dat al diverse films maakte over misstanden in Afrika, aan dat het cellencomplex bepaald niet het hypermoderne, klantvriendelijke rehabilitatiehotel is geworden, waarvoor de wereldwijd opererende onderneming Group 4 Securitas (G4S) het ooit heeft verkocht.

Shakes, een voormalige bewaarder in Mangaung, kreeg van collega’s bijvoorbeeld een eenvoudig advies: pak die gevangenen stevig aan, nét iets te stevig graag. Die houding zag hij overal om zich heen terug. Het leidde tot pijnlijke excessen; van elektroshocks en marteling tot verplichte sedatie en schandelijke mishandeling, met blijvend letsel tot gevolg. Toen Shakes zich daartegen ging verzetten, kreeg hij te horen: jij krabt waar het helemaal niet jeukt. En, uiteindelijk, toen ook dat hem niet ontmoedigde: aanpassen of sterven!

Met enkele oud-bewaarders, voormalige gedetineerden en de onderzoeksjournaliste Ruth Hopkins, die de zaak tegen G4S aan het rollen bracht, tekenen de zussen Van Velzen een atmosfeer van totale grenzeloosheid op, die wel tot serieuze problemen moest leiden. En dat allemaal ingegeven door commerciële overwegingen. Want hoe belangrijk de maatschappelijke taak van Group 4 Securitas ook was, die bleef uiteindelijk ondergeschikt aan de beoogde winst.

Een ongemakkelijke waarheid die ook elders in de wereld, en bepaald niet alleen in gevangenissen, is waar te nemen. In die zin laat deze overtuigende film zich tevens bekijken als een ferme aanklacht tegen privatisering van publieke taken.

The Trials Of Gabriel Fernandez

Netflix

Volgens de allereerste melding bij het alarmnummer 911 is hij ‘uitgegleden in bad’. Terwijl de opgetrommelde hulpverleners de achtjarige jongen proberen te reanimeren, nemen ze ongewild de verdere schade op: blauwe plekken, striemen, breuken, wurgsporen, bijtwonden, ribfracturen en brandwonden. Gabriel Fernandez ziet er gruwelijk uit. Hij is een (dan nog) levend toonbeeld van kindermishandeling geworden.

Wat is er op die fatale 22e mei 2013 gebeurd in het huis van Gabriels moeder Pearl Fernandez en haar vriend Isauro Aguirre, tegen wie nu de doodstraf wordt geëist? En in hoeverre zijn de plaatselijke jeugdzorgmedewerkers medeschuldig aan de dood van het jongetje, die zij als professionals toch al maanden hadden kunnen/moeten zien aankomen? De zesdelige docuserie The Trials Of Gabriel Fernandez (328 min.) belicht de noodlottige kwestie van verschillende kanten.

Waarbij het de vraag is of de ramp die met de wijsheid van nu gemakkelijk lijkt te voorspellen ook daadwerkelijk zichtbaar was voor de directe omgeving van Gabriel en de agenten, schoolambtenaren en hulpverleners daaromheen. En houdt de hele kwestie nog verband met werkdruk bij maatschappelijk werkers (van wie er nu vier ettelijke jaren gevangenisstraf boven het hoofd hebben hangen) en het feit dat elementaire zorgtaken zijn uitbesteed aan bedrijven met een winstoogmerk?

De werkelijkheid ligt in elk geval een stuk genuanceerder dan de gemakkelijke waarheid van slechte ouders die hun kind, al dan niet met voorbedachte rade, hebben doodgemarteld. Dit is een systeemfout, betoogt filmmaker Brian Knappenberger, die de tijd neemt om alle lagen van de zaak af te pellen en te bekijken hoe het opsporen van mogelijke bedreigende situaties in de toekomst kan worden verbeterd.

Daarmee drijft deze lijvige miniserie soms wel erg ver af van dat ene gemaltraiteerde achtjarige jongetje, dat een tragische posterboy is geworden voor de gruwelijkste vormen van kindermishandeling.

Who Killed Garrett Phillips?

HBO

Als de twaalfjarige Garrett Phillips op 24 oktober 2011 wordt vermoord in het Amerikaanse stadje Potsdam, heeft de politie meteen een duidelijke verdachte: de ex-vriend van Garretts moeder, Oral ‘Nick’ Hillary. Heeft de voormalige voetbalspeler, die inmiddels actief is als coach bij een naburige universiteit, de jongen van het leven beroofd omdat die de relatie met zijn moeder Tandy onmogelijk heeft gemaakt? Óf wordt Hillary vooral verdacht omdat hij zwart is, in een grotendeels witte gemeenschap?

Het is op zijn minst saillant dat één van de mannen die de ex-vriend in het vizier heeft gekregen ook een voormalige geliefde van de barkeepster Tandy Cyrus is: de lelieblanke hulpsheriff John Jones, die haar dus is kwijtgeraakt aan ‘a black man’. Deze constatering vormt de start voor een typische true crime-docu volgens Making A Murder-procédé, waarbij de filmmaker zich ogenschijnlijk aan de zijde van Nick Hillary schaart en de zaak binnenstebuiten keert.

De contouren van die exercitie doen inmiddels vertrouwd aan: een tot in detail uitgewerkte tijdlijn, geïllustreerd met opnames van het audioverkeer tussen hulpverleners en politie en beelden van de verhoren van Nick. En daarna een weerslag van de navolgende rechtszaak, ondersteund door interviews met de verdachte, rechercheurs, aanklagers, advocaten, ooggetuigen en familie van verdachte en slachtoffer. Alleen moeder Tandy, toch een sleutelfiguur in de tragedie, ontbreekt. Dat is ook echt een gemis.

De filmmaker van dienst is een heuse docucrack: Liz Garbus (Bobby Fischer Against The World, What Happened, Miss Simone? en The Fourth Estate). Het tweeluik Who Killed Garrett Phillips? (187 min.) komt desondanks langzaam op stoom, ook doordat het jongetje en zijn moeder wrang genoeg nooit meer dan figuranten in dit misdrijf worden. In het afsluitende deel, als in de rechtszaal de vraag schuldig/niet schuldig moet worden beantwoord, brengt Garbus de strafzaak echter alsnog naar een enerverende climax.

Who Killed Malcolm X?

Netflix

‘Ik ben ten dode opgeschreven’, realiseerde Malcolm X zich in het laatste jaar van zijn leven. Hij was een ‘marked man’. Op 21 februari 1965 zou het daadwerkelijk zover komen: de Afro-Amerikaanse activist werd op 39-jarige leeftijd rücksichtslos neergemaaid. Ook zijn dood – net als die van prominente tijdgenoten als John F. Kennedy, Martin Luther King en Robert Kennedy – zou het onderwerp van eindeloze geruchten en speculaties worden.

Who Killed Malcolm X? (258 min.) is de vraag die ook het leven beheerst van Abdur-Rahman Muhammad, volgens eigen zeggen een ‘regular brother’ die de moord op X nu al zo’n dertig jaar onderzoekt. Hij fungeert als hoofdpersoon van deze zesdelige documentairereeks van Rachel Dretzin en Phil Bertelsen, waarin de dood van de ‘black muslim’ opnieuw tegen het licht wordt gehouden, een verhaal dat menigeen in de zwarte moslimgemeenschap liever zou laten rusten.

Deze boeiende serie komt daarbij onvermijdelijk uit bij de Nation Of Islam van ‘the Honorable Elijah Muhammad’, die de kruimeldief Malcolm Little onder zijn hoede nam en hem binnen korte tijd omvormde tot een leider met de gave des woords, Malcolm X. Daarmee groef die meteen zijn eigen graf: hij werd een bedreiging voor de enigmatische geestelijk leider Muhammad, die leden van Fruit Of Islam, de paramilitaire tak van zijn organisatie, vervolgens zou hebben opgedragen om de charismatische spreker te liquideren.

Dat is tenminste de centrale hypothese van Who Killed Malcolm X?. Waarbij ook de FBI van directeur/meesterintrigant J. Edgar Hoover een cruciale rol zou hebben gespeeld. De enerverende zoektocht naar de moordenaars, en hun opdrachtgevers, is echter ook een dekmantel om met direct betrokkenen, ooggetuigen, politiemedewerkers en historici de opkomst en ondergang van de controversiële figuur Malcolm X nog eens goed in de verf te zetten.

En daarbij valt op dat diens woorden ruim een halve eeuw na dato nog nauwelijks aan kracht en actualiteit hebben ingeboet. In die ferme statements leeft hij voort, als de ultieme vertolker van zwarte onvrede. Waarbij zijn slogans over de positie van ‘the negro’ in de jaren zestig ook prima blijken aan te sluiten bij actuele kwesties zoals Black Lives Matters.

The Pharmacist

Netflix

Het leven van zijn zoon Danny kwam tot een eind op de kruising van Forstall en Dauphine Street, zomaar een drugshoek in een willekeurige zwarte buurt van New Orleans. Apotheker Dan Schneider kan zich niet voorstellen wat een jongen uit een witte buitenwijk had te zoeken in The Lower 9th Ward. Totdat hij hoort dat Danny crack gebruikte.

De onheilstijding zet The Pharmacist (215 min.) aan om uit te pluizen wat er precies met zijn zoon is gebeurd, in de aanloop naar en tijdens dat fatale ogenblik waarop zijn leven op 22-jarige leeftijd eindigde. Die persoonlijke zoektocht, volledig gedocumenteerd met video- en audiotapes, zet hem uiteindelijk op het spoor van OxyContin en een plaatselijke arts die de zeer verslavende pijnstiller wel héél gemakkelijk voorschrijft.

Deze vierdelige serie van Julia Willoughby Nason en Jenner Furst reconstrueert hoe Schneider vervolgens een persoonlijke kruistocht opstart tegen deze dokter Cleggett en daarna ook Purdue Pharma, de onderneming die het opiaat met nét iets te veel enthousiasme aan de man heeft gebracht, in het vizier krijgt. OxyContin heeft dan al talloze overdoses op z’n geweten. De apotheker wil koste wat het kost erger voorkomen.

‘s Mans desperate pogingen om het ongeoorloofde medicijngebruik aan het begin van de 21e eeuw een halt toe te roepen vormen op zichzelf een boeiend verhaal, een soort vooraankondiging van The Opioid Crisis die de Verenigde Staten nu al enkele jaren in zijn greep houdt. Schneider wordt alleen wel erg gemakkelijk tot held gebombardeerd, terwijl zijn strijd echt iets te lang wordt uitgesponnen. The Pharmacist wordt daardoor soms wat clichématig en langdradig.