The Trial Of Ratko Mladic

De filmbeelden tonen een niet te bevatten waarheid. ‘Nermin, kom hier. Ik ben hier!’, schreeuwt Ramo Osmanovic met zijn handen rond z’n mond naar zijn zoon, die zich buiten beeld in de bossen heeft verstopt. ‘Het is hier veilig. Bij de Serviërs. Kom allemaal hierheen.’ Als ze zich overgeven, zo is Ramo verzekerd, zullen de Serviërs hen sparen. Zijn weduwe kan het afschrikwekkende tafereel bijna twintig jaar later nog altijd nauwelijks aanzien.

Saliha Osmanovic is door het Internationaal Strafhof in Den Haag opgeroepen als getuige. Ze legt een verklaring af tegen de voormalige Servische legerleider Ratko Mladic, die het Bosnische dorp Srebrenica in 1995 zou hebben laten zuiveren van moslims en duizenden moslimmannen en –jongens de dood zou hebben ingejaagd. Waaronder Saliha’s echtgenoot Ramo en hun twee zoons, die hij ongewild met zich mee heeft genomen in het (massa)graf.

In de indringende documentaire The Trial Of Ratko Mladic (113 min.) wordt het proces gevolgd tegen de man die door veel van zijn landgenoten nog steeds wordt beschouwd als een patriottische held, terwijl de rest van de wereld een oorlogsmisdadiger in hem ziet. De filmmakers Henry Singer en Rob Miller hebben vijf jaar gefilmd bij het Joegoslavië-Tribunaal en kregen daarbij toegang tot zowel de aanklagers en slachtoffers van de verdachte als zijn verdediging en familie.

Mladic zelf zwijgt in alle toonaarden, in de rechtszaal en in deze film. Zijn gedrag in archiefmateriaal van de oorlog spreekt echter boekdelen. Hoe hij zijn opponenten intimideert of als een onvervalste oorlogshitser haattaal uitslaat (‘Eindelijk is de tijd gekomen om wraak te nemen op de moslims in deze regio’). Maar ook: hoe hij de leiding neemt bij het regelen van vervoer voor een groep mensen, weg van het strijdgewoel. ‘Wees niet bang en blijf kalm. Laat de vrouwen en kinderen eerst gaan.’

Tenminste, dat laatste beeld willen zijn advocaten over het voetlicht brengen: een rechtschapen man die simpelweg voor zijn land en volk opkomt. Mladic’ belangenbehartigers ontkennen niet dat daarbij doden zijn gevallen, maar stellen dat de generaal zelf daarvoor niet verantwoordelijk was. De aanklagers zetten daar een uitputtende hoeveelheid bewijsmateriaal en schokkende persoonlijke getuigenissen van nabestaanden tegenover.

De gruwelen van de oorlog worden tastbaar in een hartverscheurende scène met een vrouw uit één van de moslimdorpen die tijdens de Joegoslavische burgeroorlog volledig zijn weggevaagd. Na ruim twintig jaar moet Elvira Karagic haar vader identificeren. Zijn lichaam is aangetroffen in een massagraf bij Tomasica, dat tijdens de rechtszaak is ontdekt. Elvira heeft in totaal 32 familieleden verloren, vertelt ze. En nu ziet ze, bij het stoffelijk overschot van haar vader, eindelijk de kogelgaten in diens kleding.

The Trial Against Ratko Mladic verbindt ontwikkelingen tijdens de rechtszaak zo op een logische manier met de onderliggende gebeurtenissen en maakt bovendien een zeer afgewogen indruk. Het is een film die de oorlog in zijn historische context plaatst, geen gemakkelijke tweedeling maakt tussen daders en slachtoffers en toch laat zien dat de waarheid, hoe betwist of ongemakkelijk ook, uiteindelijk altijd moet prevaleren.

Kap Nâh!! – Het Verhaal Van Marnix Rueb

NTR

Zijn eerste Haagse Harry-tekening publiceerde Marnix Rueb in 1991 in het tijdschrift Doen, bij een artikel van zijn jongere broer Robert-Jan over Haagse dichters. Ruebs volkse ‘poëet-proleet’ Harry staat achter de microfoon op een podium en draagt voor uit eigen werk: ‘Uit me laaste bundel ut plèn bè nach: ut erotiese ve’haal “Kânkâhoeâ!”.’

Harry was het duiveltje in Marnix, zegt Jean-Marc van Tol, tekenaar van de Fokke en Sukke-strip in de documentaire Kap Nâh!! – Het Verhaal Van Marnix Rueb (60 min.) van Bart Grimbergen en Roel Wijngaards-de Meij. De Hagenees met die mat in zijn nek en zijn eeuwige campingsmoking past perfect in de prachtige Haagse traditie van Jacobse en Van EsHarrie ‘O, O, Den Haag’ Klorkestein enne… Henk Bres (al is dat geen typetje; niet bewust, tenminste).

De man achter Haagse Harry was echter bepaald geen Hagenees, maar een echte Hagenaar. Als zoon van een kinderrechter groeide hij op in een bevoorrecht milieu. Zonder moeder, dat wel. Zij overleed toen hij nog een kind was. En dan was er nog die persoonlijke tragiek die hem als persoon heeft gevormd. Misvormd, aldus zijn vriend Sjaak Bral (een typetje overigens van Marcel van der Heijden). Marnix Rueb, een echte binnenvetter, sprak er nooit over. Beter: bijna nooit.

Via gesprekken met Ruebs broers, weduwe, beste vriend en dochter vertelt dit vlotte portret het levensverhaal van de in 2014 overleden striptekenaar. Dat is ook meteen het nadeel van de film: veel pratende hoofden en erg anekdotisch. Filmisch blijft deze biografie een beetje achter, al werken de archiefbeelden van gewone mensen, Hagenezen en Hagenaars, die hardop voorlezen uit de strips erg aanstekelijk en is de scène waarin Rueb kort voor zijn dood meezingt bij een concert van zijn idool Bruce Springsteen zeer ontroerend.

Kap Nâh!! wordt nooit meer dan een typisch televisieportret, maar is daarom niet minder vermakelijk. ‘Vestaat u mèn?!’, zou Harry zelluf zeggen. Met opgestoken middelvinger, natuurlijk.

O, O, Harrie

21mei_Harrie_Jekkers_nu

 

Je kunt de man wel uit de arbeid halen, maar de arbeider niet uit de man. Misschien verklaart dat de aantrekkingskracht die Harrie Jekkers heeft op ‘gewone’ mensen. Zeker als hij lacht, oogt de zanger/kleinkunstenaar nog steeds als een rasechte volksjongen. En dan heb je hem nog niet eens horen praten…

Een doodgewone Hagenees was hij natuurlijk nooit. Al weet Jekkers, getuige bijvoorbeeld het onofficiële volkslied van zijn stad O, O, Den Haag of z’n portret van Koos Werkeloos, nog altijd moeiteloos de weg te vinden naar zijn arbeidersroots. Met de puntgave Nederlandstalige liedjes van het Klein Orkest voegde hij daar een linkse signatuur aan toe.

Jekkers legt nog altijd moeiteloos een connectie met gewone mensen: de man die zijn broer verloor en troost vond in Over 100 Jaar, een vrouw die na het horen van Ik Hou Van Mij besloot te gaan scheiden en de man die zijn carrière een nieuwe boost gaf, met Man In De Wolken in zijn achterhoofd. Via hen laat Karin Junger in O, O, Harrie (55 min.) zien welke impact Jekkers heeft gehad op zijn publiek.

Dat blijkt een tweesnijdend zwaard. Zelf koestert hij de vele brieven die hij door de jaren heeft ontvangen van zijn fans. Jekkers heeft ze altijd bewaard. Als hij erin terugleest, zo blijkt tijdens een sleutelscène van de film, kan hij nog altijd geëmotioneerd raken. Zijn fans vormen een soort verkapte familie, in een bestaan dat uiteindelijk, volgens hemzelf door bindingsangst, relatie- en kinderloos is gebleven.

In deze boeiende televisiedocumentaire slaagt Karin Junger erin om de man achter de gezellige drinkebroer vandaan te halen: een einzelgänger, die zich heeft verschanst in zijn eigen huis op Ibiza, tevreden lijkt met wat hij heeft opgebouwd en geen grootse plannen meer koestert voor de toekomst. Of het moet (nog) een reünietournee met het Klein Orkest zijn…

Bij het zoeken naar weblinks voor dit stuk stuitte ik overigens op dit verhaal over O, O Den Haag, de hit die onder de naam Harry Klorkestein – de achternaam is een anagram van Klein Orkest – werd uitgebracht en overal door de playbackende geluidstechnicus van de groep, Henny de Jong, aan de man is gebracht.

Goed Terecht Gekomen In De Schilderswijk

KRO-NCRV

Op woensdag wordt tenslotte Goed Terecht Gekomen In De Schilderswijk (43 min.) uitgezonden, een feel good-film van Reber Dosky waarin docent Eric van ’t Zelfde wil weten hoe het verder is gegaan met de HAVO-leerlingen, van veelal allochtone afkomst, die hij ruim twintig jaar geleden in de klas kreeg.

Waar sommige bevolkingsgroepen in de Schilderswijk tegenwoordig lijnrecht tegenover elkaar lijken te staan, hunkeren de leraar en de dertigers die hij ooit begeleidde naar de verbondenheid die ze voelden in een tijd waarin niemand nog van Fortuyn of Wilders had gehoord.

‘Hoe zorgen we dat we elkaar weer in de ogen kijken?’, vraagt Van ’t Zelfde zich op een gegeven moment hardop af. De zelfverklaarde oude mopperaar, die ook twijfelt aan het nut van zijn eigen leraarschap, komt uiteindelijk tot een hoopvolle slotsom: zijn oud-leerlingen hebben zich ontwikkeld tot mensen aan wie hij de wereld graag doorgeeft.