The Fall Of Diddy

HBO Max

Het is een publiek geheim dat hij losse handjes heeft. Dat het er op zijn Great Gatsby-achtige feesten wild aan toe gaat. En dat hij niet bepaald van de eeuwige trouw is. Jarenlang durft niemand in de Amerikaanse entertainmentwereld zijn gedrag echter aan de kaak te stellen en kan Sean ‘Puffy’ Combs dus ongehinderd zijn gang gaan.

Nu hij onlangs tóch onder vuur is komen te liggen, nadat zijn vriendin Cassie Ventura in het najaar van 2023 een rechtszaak heeft aangespannen vanwege allerlei vormen van geweld en er zelfs een video is opgedoken waarin zij door hem wordt mishandeld, blijken er ineens toch wel heel veel mensen uit de hiphopscene met een saillant Puffy-verhaal rond te lopen. En dat delen ze ogenschijnlijk maar al te graag voor de camera.

Sommige van die getuigenissen ogen doorvoeld en oprecht. De sprekers – Cassie zelf ontbreekt overigens – zijn ernstig beschadigd geraakt door hun ervaringen met de Amerikaanse rapper, producer en platenbaas die zichzelf ook wel P. Diddy noemt. Anderen lijken vooral hun kans schoon te zien om ook eens een duit in het zakje te doen nu The Fall Of Diddy (191 min.) zich zowaar echt lijkt te voltrekken.

Ook deze vierdelige serie van Yoruba Richen en Emma Schwartz wordt behalve door personen uit Combs directe entourage (zoals zijn jeugdvriend Tim Patterson, chauffeur, chefkok, publiciteitsagenten, bodyguard, Bad Boy Records-medewerkers en allerlei gemaltraiteerde vrouwen) ook weer bevolkt door de onvermijdelijke muziekkenners, entertainmentjournalisten en social mediapersoonlijkheden.

‘Exemplarisch is het relaas van Kat Pasion. ‘You made your vision come true’, complimenteerde Combs de Canadese actrice, het nieuwste object van zijn veroverdwang, toen zij haar haren blond had geverfd. Trots laat ze de geluidsopname horen. Zo lief was ie dus. In het begin. ‘Het waren wittebroodsweken’, zegt ze nu. ‘Nu ik erop terugkijk lijkt het sterk op hoe de relatie tussen Cassie en Puff begon.’

Samen lopen al die figuren, ondersteund door kras gemonteerde archiefbeelden, Puffy’s turbulente leven door. Van ’s mans oneindige serie hits, onaantastbare status in de muziekbusiness en ambitieuze projecten tot de schandalen: de gewelddadige vete met West Coast-rappers, het drama waarbij negen concertgangers worden geplet bij een evenement in City College en de schietpartij in een New Yorkse nachtclub.

In een vijfde bonusaflevering doet Phil Pines, de ‘senior executive assistant’ van Sean Combs in de periode van december 2019-2021, in een interview met journalist Mara S. Campo, die zelf als expert opdraafde in de eerste vier delen van deze klassieke #metoo-serie, bovendien nog een boekje over ’s mans ‘Wild King Nights’ en laat hij de dwingende audioberichtjes horen die de hiphopmagnaat zo’n beetje elk uur aan hem stuurde.

Pines laat tevens zien hoe Comb’s rechterhand, ‘stafchef’ Kristine Khorram, zijn uitspattingen steeds weer faciliteert. Van de opdracht om de voorraad babyolie of glijmiddel aan te vullen tot het bevel tot een ‘emergency clean up at hotel’, als Diddy weer eens een kamer heeft gesloopt. Het is de ultieme sex, drugs & hiphop-ervaring, verzorgd door een man met héél veel geldingsdrang en een héél kort lontje.

Avicii – I’m Tim

Netflix

Met Avicii: True Stories (2017) leek eerlijk gezegd het hele verhaal wel verteld. Een jaar na de release van deze achter de schermen-docu van Levan Tsikurshvili maakte de hoofdpersoon een einde aan zijn leven en kreeg die film het karakter van de reconstructie van een tragisch ongeluk: hoe een immens succesvolle deejay en producer al op 28-jarige leeftijd bezwijkt onder het gewicht van zijn eigen beroemdheid.

Zeven jaar na zijn dood is er niettemin Avicii – I’m Tim (97 min.), een tamelijk traditionele popdocu van Henrik Burman over Avicii. Ofwel: Tim Bergling (1989-2018), een introverte en kwetsbare Zweedse jongen, met een bijzonder talent voor het schrijven van onweerstaanbare melodieën. Hij vertelt in deze film zijn eigen verhaal, via audiofragmenten uit één van zijn laatste interviews, en wordt daarbij ondersteund door zijn ouders, vrienden en collega’s.

Die film begint bij het begin. Bijna dan: bij de echo waarbij zijn ouders Klas en Anki horen dat ze een jongetje krijgen. Dit ventje, vervolgens vervat in talloze jeugdfilmpjes, openbaart zich op de basisschool in Stockholm als een pestkop en wordt later een nerdy tiener die te veel gamet. Totdat hij zijn gevoel voor melodie ontdekt, begint samen te werken met Filip ‘Philgood’ Åkesson en een manager krijgt, Arash ‘Ash’ Pournouri, die hem in de vaart der volkeren zal opstuwen.

Met besmettelijke singles zoals Bromance en Levels bereikt Avicii pijlsnel de top van de Electronic Dance Music (EDM). Daar wordt ie al even snel gierend gek. Tim kampt met onzekerheid, angsten en depressieve gedachten, drinkt zich binnen de kortste keren een alvleesklierontsteking en raakt later verslaafd aan pijnstillers. Hij moet daardoor meerdere malen noodgedwongen een flinke pauze inlassen. Geen ramp: de jongeling heeft sowieso een bloedhekel gekregen aan touren.

In de studio is hij wél in zijn element. Daar hervindt Tim zichzelf ook, als hij de pure EDM loslaat en samen gaat werken met ‘muzikanten’. Zo durft hij zichzelf nog altijd niet te noemen. Zijn enige instrument is z’n laptop. Via fraaie studioscènes met Audra Mae (Addicted To You), Sandro Cavazza (Without You) en Incubus-gitarist Mike Einziger en de inderhaast opgetrommelde singer-songwriter Aloe Blacc (Wake Me Up) laat Henrik Burman zien hoe zijn protagonist zichzelf vindt als muzikant.

En die heeft het vermogen om anderen daarin mee te nemen. ‘Dit is zonder enige twijfel het bekendste nummer waaraan ik heb meegewerkt, vertelt Dan Tyminski bijvoorbeeld. Hij liet zich door zijn dochter overhalen om Avicii’s song Hey Brother in te zingen. ‘Ik weet nog dat ik m’n zoon van school ophaalde. Iemand zei: hee, meneer Tyminski. En toen zong een ander kind: hey brother. Drie andere kinderen begonnen mee te zingen.’ Niet veel later is er een spontaan koor ontstaan op het schoolplein.

Dat die nieuwe koers een succes zal worden, staat op voorhand echter niet vast, laat dit gedegen portret zien. Zijn debuut met vocalisten en een live-band in 2013 op het Ultra Dance Festival in Miami lijkt uit te lopen op een fiasco. Danceliefhebbers onthalen hen met boegeroep. Tim is er kapot van, maar Ash ziet zoals altijd mogelijkheden: hij bundelt de ergste Twitter-reacties en publiceert die met een link naar dat nieuwe album: luister zelf waardoor al die commotie is ontstaan. Kat in het bakkie.

Uiteindelijk ziet Avicii zich echter toch genoodzaakt om de regie terug te pakken: hij zegt z’n verplichtingen af, hoopt zichzelf te hervinden tijdens een reis rond de wereld en begint te mediteren. Met een nieuwe band maakt hij zich in 2018 bovendien op voor een muzikale doorstart, op zíjn voorwaarden. Van een tripje tussendoor naar Oman zal hij echter nooit terugkeren. Deze film heeft het antwoord op wat er daar met hem is gebeurd ook niet en doet ook geen echte poging om dat te ontdekken.

Avicii – I’m Tim concentreert zich liever op wat Tim Bergling, behalve een verslagen omgeving, heeft achtergelaten: een muzikaal erfgoed waarmee de wereld nog wel even vooruit kan, getuige ook het door Netflix meegeleverde concert Avicii – My Last Show, dat hij in 2016 gaf op Ibiza.

Marilyn Manson Unmasked

Videoland

Een slang verontschuldigt zich er niet voor dat ie een slang is, stelt Marilyn Manson. Hij wilde altijd een rockster worden en gedraagt zich dus ook zo. ‘Dus ik accepteer die rol en ga van alle aspecten ervan genieten. Daar voel ik me niet schuldig over.’ Of Manson nog spannende verhalen heeft over uitspattingen achter de schermen? wil een interviewer weten. ‘Als ik over de echt indrukwekkende uitspattingen vertel, word ik gearresteerd’, reageert de Amerikaanse shockrocker, die in werkelijkheid Brian Warner heet. ‘Daar kan ik dus niets over zeggen.’

Warner speelt zijn rol van ‘antichrist superstar’ bijzonder overtuigend. Hij meet zich vol verve een angstaanjagend personage aan, waarop ‘t heerlijk griezelen/haten is. In interviews omschrijft Manson zichzelf beurtelings als slang, engel, buitenaards wezen of – pak ‘m beet – ‘de kinderlokker van Chitty Chitty Bang Bang’. En de pers, zijn fans en iedereen die hij opzichtig tegen zich in het harnas jaagt, eten intussen uit zijn hand. Het lijkt een doorzichtige truc: een uitgekiende manier om de aandacht op zich gevestigd te houden en wereldberoemd te worden.

Of zou Brian Warner toch zo geperverteerd zijn als z’n demonische alter ego? Aanhoudende verhalen over seksueel misbruik van en geweld tegen (minderjarige) meisjes brengen Marilyn Manson in 2021 ernstig in verlegenheid en zorgen ervoor dat hij binnen 24 uur wordt gedropt door zijn manager, impresariaat en platenlabel. De getuigenis van zijn ex-vriendin Evan Rachel Wood, die in 2018 al een verklaring over seksueel misbruik door een dan nog niet bij naam genoemde ex-vriend heeft afgelegd in het Amerikaanse congres, speelt daarbij ongetwijfeld een cruciale rol.

De Amerikaanse actrice heeft haar verhaal ook al eens tot in detail gedaan in de documentaire Phoenix Rising (2022) en  herhaalt haar relaas nu in Marilyn Manson Unmasked (138 min.). Ze wordt terzijde gestaan door enkele fans en voormalige assistenten van de controversiële artiest. Zij hebben soortgelijke ervaringen met Manson en schetsen een man die daadwerkelijk de creep is (geworden) die hij al jaren aan de wereld toont. Hun verhalen laten samen een patroon zien van een man die rücksichtslos de grenzen van anderen opzoekt en doelbewust overschrijdt.

Warners jeugdvriend Scott Wade, muzikant Tim Vaughn en voormalig Marilyn Manson-bandlid Stephen Bier (alias Madonna Wayne Gacy) kenden de omstreden shocker al ruim voordat hij de schrik van Amerika’s moeders werd. Zij kúnnen hem in deze driedelige serie van Karen McGann plaatsen binnen het getroebleerde gezin Warner, waarvan Brian/Marilyn een aardige, hoewel tamelijk unheimische, afspiegeling lijkt. Tegelijk nuanceren zij sommige ervaringsverhalen ook en benadrukken dan dat ze zich niet kunnen voorstellen dat Manson zich zo heeft misdragen.

Diens advocaat Howard King ontkent namens zijn cliënt eveneens alle beschuldigingen. Alles heeft volgens hem met wederzijdse instemming plaatsgevonden. ‘Als je gaat daten met de antichrist superstar, wat verwacht je dan?’ verwoordt ‘video commissioner’ Randy Sosin, verantwoordelijk voor de Marilyn Manson-videoclip waarin Evan Rachel Wood zou zijn misbruikt, de voorspelbare scepsis rond de aantijgingen. Het antwoord is al even evident: dat ook extreem kunstenaarschap nooit een vrijbrief mag worden voor (seksueel) grensoverschrijdend gedrag.

McGanns he said/she-she-she… said-productie – gemaakt in samenwerking met het befaamde muziektijdschrift Rolling Stone, dat de #metoo-kwestie rond Marilyn Manson in november 2021 verder aan het rollen bracht met het artikel The Monster Hiding In Plain Sight – hamert die boodschap er in elk geval stevig in en geeft intussen een (on)aardig kijkje achter de schermen bij een typische ‘man you love to hate’.

Beelden Van Piet Hein

NTR

Denkbeelden zijn veranderlijk, stelt Tim van den Hoff in zijn documentaire Beelden Van Piet Hein (69 min.). Standbeelden niet. Van de heldenstatus van Piet Hein (1577-1629) lijkt bijna vierhonderd jaar na zijn dood in elk geval weinig over. Op diverse plekken in Nederland zijn eerbetonen aan de Hollandse zeeheld te vinden, die zo langzamerhand nodig gerestaureerd moeten worden – als ze al niet beklad zijn door activisten. Want moeten zulke negatieve symbolen van het kolonialisme niet gewoon subiet worden verwijderd?

Behalve in Nederland, waar Van Den Hoff ‘vier eeuwen van heldenverering, propaganda en verzamelwoede, van nationale trots en zwarte bladzijdes’ aantreft, is Piet Hein tevens een bekende figuur in Cuba. Bij de baai van Matanzas zou hij in 1628 immers de veelbezongen zilvervloot, kostbaarheden van de Spaanse koloniën in Amerika, hebben buitgemaakt op Spanje. En daarmee verkreeg die Nederlandse admiraal ook een mythische status op het Caribische eiland, waar een plaatselijke kunstenaar nu de opdracht krijgt om zijn standbeeld een opfrisbeurt te geven.

Intussen ligt de zeevaarder in eigen land dus onder vuur. Hij is de belichaming geworden van een zwarte bladzijde uit de Nederlandse geschiedenis, een man die direct wordt geassocieerd met het slavernijverleden van ons land. Als de gemeente een ‘emotienetwerksessie’ organiseert bij zijn standbeeld in het Rotterdamse Delfshaven, komt er bijvoorbeeld nogal wat opgekropte woede boven. Deze kerel van stavast – de rechterhand op zijn bevelhebbersstaf, de linker om het gevest van zijn degen – wordt door sommige aanwezigen beschouwd als de archetypische ‘grote boze witte man’.

De tegenstrijdige gevoelens die Piet Hein tegenwoordig oproept hebben ook hun weerslag op de restauratie van zijn grafmonument in Delft. Moet die worden uitgelegd als heldenvereniging, van een man die met hedendaagse ogen bekeken toch bepaald niet van onbesproken gedrag is? En als we er dan tóch mee aan de slag gaan, vraagt directeur Nyncke Graafland van de Oude en Nieuwe Kerk Delft zich af, is het dan niet logisch om ook dat botje en haar van Piet Hein, die nu tot de collectie van het Rijksmuseum behoren, daarna met hem te begraven? Hoe denken ze daar bij het museum over?

Trefzeker en zeker ook niet zonder humor schetst Tim van den Hoff de actuele status van een nationale held, die met de jaren in een ander daglicht is komen te staan – en die, wie ’t weet mag ‘t zeggen, over een tijdje mogelijk nóg weer anders wordt bekeken. Hoe ga je om met zo’n omstreden icoon, rekenend houdend met zowel de historie als de hedendaagse gevoeligheden? Van den Hoff dient alle verwikkelingen op met een lekker losse voice-over en een weelderige soundtrack van componist Ernst Reijseger en belicht zo op luchtige wijze een gevoelig maatschappelijk thema.

Kind Van De Tijd

Rinkel Film

Met de korte documentaire Echo bracht Huibert van Wijk in 2019 de gecompliceerde verhoudingen binnen zijn eigen familie in kaart. Door scheidingen, adoptie en tweede huwelijken had geen van de vier kinderen in hun samengestelde gezin dezelfde twee (biologische) ouders. In gesprek met de anderen probeerde hij de vraag te beantwoorden wat in hun ogen het begrip familie inhoudt en hoe ’t is om familie van elkaar te zijn.

In Kind Van De Tijd (55 min.) zoomt Van Wijk in op zijn adoptiebroer Tim. Die heeft tegenwoordig nauwelijks nog contact met hun vader Lex. Tim werd geadopteerd in 1975. Adoptie van buitenlandse kinderen die ’t moeilijk hadden leek toen louter een goede zaak.  ‘Als je plek hebt in je huis en in je hart, kan het kind toch beter overkomen en door jou opgevoed worden?’ verwoordt Lex zijn gedachtegang in die tijd. Adoptie was voor hem een daad van liefde.

Als Tim ’t voor het zeggen had gehad, zegt hij afgemeten tegen Huibert, was hij liever in Indonesië gebleven. Zijn gezichtsuitdrukking vertelt dat hij ’t ook echt meent. Tim vindt dat hij zich te veel moet aanpassen in Nederland en voelt zich vaak niet begrepen, in het bijzonder door zijn opvoeders. Ze hadden hem moeten behandelen als een kind uit een andere cultuur. Vergelijk ‘t met een ijsbeer in een dierentuin in Sevilla, legt hij uit. ‘Die heeft echt geen tof leven.’

In gesprek met zijn vader en broer ontrafelt Huibert van Wijk hun pijnlijke geschiedenis, die een spoor van verdriet door hun leven heeft getrokken en hen ook uit elkaar heeft gedreven. Het is een aangrijpend relaas, vol goede bedoelingen en wederzijds onbegrip, dat al die 40.000 kinderen, uit meer dan tachtig verschillende landen, representeert die door de jaren heen uit hun natuurlijke omgeving zijn gehaald voor een nieuw leven bij een nieuwe familie in Nederland.

Bij Tim heeft die gebeurtenis een gapende wond geslagen. En die laat zich, hoeveel goede wil z’n adoptievader ook toont, niet zomaar dichten. Het leidt in deze dappere film, waarin zowel Lex als zijn geadopteerde zoon zich echt in hun ziel laten kijken, tot aangrijpende taferelen. Als Tim in Indonesië bijvoorbeeld wordt geconfronteerd met de gevolgen van de keuze om hem als baby daar weg te halen, laat het immense verdriet achter zijn woede zich zien.

Huibert fungeert ondertussen niet als scherprechter, maar houdt oog en gevoel voor hen allebei. Tijdens het maken van een familieopstelling komt Kind Van De Tijd tenslotte tot een climax, waarbij begrip, verbinding en familiegevoel hun plaats naast afwijzing, woede en verdriet krijgen. Omdat die in hun levens, voorgoed veranderd door die adoptie, nu eenmaal bij elkaar horen. Zoals zij, tóch, op de één of andere manier, omdat het nu eenmaal zo is, bij elkaar horen.

Ruurdt

Human

De enigszins morsige oudere man – hoed, ruwe baard, gelakte nagels – die bij de start van deze korte observerende documentaire nog rustig rondscharrelt op z’n woonboot op de Amsterdamse Haparandadam, een sigaartje rookt, klassieke muziek luistert en ontspannen een zwaan en enkele eendjes voert, ontsteekt even later in helse woede als hij van zijn begeleiders te horen krijgt dat zijn huur is opgezegd.

‘Ik laat me niet opjagen als een beest, of als een hijgend hert’, zegt Ruurdt (22 min.), als doordringt dat hij z’n boot binnen enkele dagen moet verlaten. Hij mag dan dakloos zijn geweest, hij is niet achterlijk. ‘Wat zou u doen?’ vraagt hij aan één van z’n begeleiders. ‘Ik zou die plek in Noord aannemen….’ probeert die. Dat valt alleen niet in goede aarde. ‘Met u valt niet te praten’, zegt de oude man scherp. ‘Maar dat vind ik eigenlijk al zeven maanden. U kan eigenlijk beter een andere baan zoeken.’

‘Ga je mee, Tim?’ zegt Ruurdt Bouma even later tegen documentairemaker Tim Bary, terwijl hij zijn jas aantrekt en woest weg beent bij ‘die kutambtenaren’. Als hij zich uit de voeten heeft gemaakt, blijft Bary’s camera echter achter bij zijn gesprekspartners. Zij lijken weinig onder de indruk van zijn woede-uitbarsting. Ruurdt is volgens hen in werkelijkheid bang en depressief. Hij kan eigenlijk niet anders. Die boosheid moet wanhoop maskeren. Van een man die helemaal in de knel zit, met zichzelf en de wereld om hem heen.

Bary slaagt er intussen in om zéér dicht bij zijn hoofdpersoon te komen – zoals hem eerder ook lukte in films als WognumDunya en Luc. De jonge maker heeft oog voor non-verbale signalen bij zijn personages, benadert hen zowel met kameraadschap als compassie en slaagt er tegelijk in om zichzelf in hun nabijheid weg te cijferen. Daarmee krijgen zij de ruimte om hun onaangepaste ik te zijn en krijgt hij de emotie en intimiteit die hij zoekt en het grotere verhaal dat zij zo treffend representeren.

In dit geval speelt Tim Bary ’t klaar om, in nauwelijks meer dan twintig minuten, toch een afgerond verhaal te vertellen. Over een man, één van de naar schatting ruim dertigduizend Nederlanders zonder vast dak boven het hoofd, die maar niet kan aarden in de reguliere samenleving en daardoor veroordeeld is tot een bestaan aan de zelfkant. ‘Ik wil niet geholpen worden’, roept hij als het water hem aan de lippen staat, waarschijnlijk tegen beter weten in. ‘Ik red mezelf.’

Ruurdt is hier te bekijken.

Cult Massacre: One Day In Jonestown

Disney+

‘Gisteravond gaf iemand me dit briefje’, zegt Don Harris, verslaggever van de Amerikaanse televisiezender NBC, terwijl hij een velletje papier overhandigt aan Jim Jones. De sekteleider kijkt er misprijzend naar. ‘Dat bedoel ik’, zegt hij uiteindelijk. ‘Hij wil zijn zoon hier achterlaten. Waarom zou hij dat doen als Jonestown zo slecht is?’ Harris laat zich echter niet afbluffen. ‘Baart het je geen zorgen dat deze man, één van de mensen in deze groep…’ Hij wordt bruusk onderbroken door Jones. ‘Mensen spelen spelletjes, vriend. Ze liegen en liegen. Wat kan ik daaraan doen?’ Ga alsjeblieft weg, bijt hij de televisiejournalist toe. ‘Wie wil gaan, kan gaan.’

Slechts zes uur later, op die fatale achttiende november 1978, zijn ruim negenhonderd volgelingen van Jones dood. De leider van de Amerikaanse Peoples Temple, enkele jaren daarvoor uitgeweken naar Guyana, heeft ook zijn eigen leven beëindigd. Op de valreep heeft hij bovendien enkele bezoekers, onder wie het congreslid Leo Ryan en Don Harris, meegenomen naar het hiernamaals. Volgens oud-sektelid Tim Carter moet dat briefje de druppel zijn geweest voor Jim Jones, een man die is weggezonken in z’n eigen paranoia. ‘Hij voelde zich verraden’, zegt Carter in Cult Massacre: One Day In Jonestown (132 min.). ‘Hij zag elk vertrek als een persoonlijk verraad.’

Documentairemaakster Marian Mohamed concentreert zich in deze driedelige docuserie vrijwel volledig op het tragische einde van de Peoples Temple, een christelijke kerkgemeenschap die ooit zeer hoopvol en tolerant begon in de Verenigde Staten. Ze kan daarbij gebruik maken van een overvloed aan unheimisch beeldmateriaal en audio-opnames uit de laatste uren van Jonestown en van de getuigenissen van enkele kerkleden en ooggetuigen, die ternauwernood aan het redeloze geweld wisten te ontsnappen. Een aardige troef is ook Jones’ zoon Stephan. Hij wil het beeld van zijn vader corrigeren: die was eerder knettergek dan de verpersoonlijking van het kwaad.

Stephan Jones verblijft ten tijde van het bloedbad overigens in Georgetown, de hoofdstad van Guyana. Hij vreest dan al met grote vreze en probeert zich te distantiëren van zijn vader. De beelden uit Jonestown en geluidsopnamen van Jones brengen diens gruweldaad indringend tot leven. Eerst de honderden mannen, vrouwen en kinderen die lamgeslagen en bedrukt voor zich uitkijken. Dan de stem van hun leider: ‘Geef je leven met waardigheid, niet met tranen en kwelling.’ En tenslotte de beelden van levenloze lichamen, het in tweeën gesneden vat met cyanide en de bekers waarmee de kerkleden, ongetwijfeld onder druk, dat gif hebben ingenomen.

De schokkende gebeurtenis die als een collectieve zelfmoord het geheugen is ingegaan blijkt in werkelijkheid toch vooral een brute massamoord. De weinige overlevenden dragen het ontzaglijke drama vanzelfsprekend voor de rest van hun bestaan met zich mee. Al kan Jonestown ook inspireren, bewijst het bijzondere verhaal van Leo Ryans medewerker Jackie Speier. Dertig jaar na zijn overlijden, in het voorjaar van 2008, wordt zij geïnstalleerd als vertegenwoordiger van Ryans district in het Amerikaanse congres. ‘Als je de dood in de ogen kunt kijken en overleeft’, zegt Speier aan het slot van deze indringende miniserie, ‘geeft het je het gevoel dat je alles kunt doen.’

Putin And The West: At War

Alamy / VPRO

Ruim twee jaar na dato is de Russische invasie van Oekraïne inmiddels op alle mogelijke manieren in beeld gebracht in documentaires. Van de gevolgen op de grond voor de Oekraïense burgerbevolking in ooggetuigenverslagen zoals Mariupol: The People’s Story20 Days In Mariupol en de Nederlandse productie Eddy’s Oorlog tot de diplomatieke schermutselingen van westerse mogendheden met Rusland voor aanvang van die oorlog in Un President, l’Europe Et La Guerre, waarin de Franse president Macron alles op alles zet om zijn Russische ambtsgenoot Vladimir Poetin van gedachten te doen veranderen, en de gezaghebbende miniserie Putin And The West, die Poetins betrokkenheid bij de oorlog in Syrië en de jarenlange aanloop naar ’s mans aanval op z’n buurland Oekraïne vanuit allerlei verschillende gezichtspunten belicht.

Het tweeluik Putin And The West: At War (118 min.), eveneens van regisseur Tim Stirzaker (Trump Takes On The World) en het gereputeerde Britse productiehuis Brook Lapping, gaat verder waar die laatste productie eindigde. Als Poetin zijn troepen op 23 februari 2022 richting de Oekraïense grens heeft gedirigeerd. De invasie wordt nota bene opgestart als de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties net bijeen is en veroorzaakt alom ontzetting: er komt dus daadwerkelijk weer oorlog in Europa. Stirzaker probeert de verwikkelingen in het navolgende jaar in kaart te brengen met een indrukwekkende rij politici en topdiplomaten, waaronder de Oekraïense president Zelensky, de regeringsleiders van Groot-Brittannië, Senegal, Indonesië, Finland en Zweden, NAVO-secretaris-generaal Stoltenberg, VN-secretaris-generaal Guterres, voorzitter Michel van de Europese Raad, de Chinese hoogleraar Xiang Lanxin en enkele topfunctionarissen uit de regering van de Amerikaanse president Biden.

Samen met een aantal ministers van Buitenlandse zaken, ministers van Defensie en VN-ambassadeurs schetsen zij de diplomatieke achterkant van de Russische inval: hoe de belangrijkste westerse landen alles in het werk stellen om de oorlog niet verder te laten escaleren en tegelijk Poetin tot de orde proberen te roepen, Oekraïne moeten beschermen en China en Afrikaanse landen niet van zich willen vervreemden. Deze veelheid aan belangen, die regelmatig met elkaar conflicteren, zorgt voor druk op de onderlinge verhoudingen, versterkt ook de behoefte om de NAVO te versterken en uit te breiden met landen als Zweden en Finland en zorgt bovendien in grote delen van de wereld voor zorgen over de voedselproductie. Zou deze oorlog tot grote tekorten elders op aarde kunnen leiden? Ook het Russische perspectief op al deze onderwerpen ontbreekt niet, met bijdragen van VN-ambassadeur Vasili Nebenzja en Andrea Kelin, de Russische ambassadeur in het Verenigd Koninkrijk.

Net als in de echte wereld leidt dit ook in deze tweedelige documentaire soms tot bijna absurde taferelen. Als president Zelensky begin april 2022 bijvoorbeeld een video van Russische oorlogsmisdaden heeft laten zien bij de VN-veiligheidsraad, zegt Valentin Rybakov, de VN-ambassadeur van Ruslands bondgenoot Wit-Rusland: ‘Je moet zeker weten dat dit geen nep is, want ik heb video’s gezien met dezelfde doden die opstaan en een sigaretje gaan roken en dan weer gaan liggen alsof ze dood zijn. In deze informatieoorlog weet je het nooit honderd procent zeker.’ Zoals de waard is, denkt een buitenstaander daarbij vrijwel automatisch, vertrouwt ie z’n gasten. Tegelijkertijd heeft elke spreker in dit tweeluik natuurlijk z’n eigen agenda, binnen een wereldwijd conflict dat nog altijd ongenadig voortwoekert en dat hier alvast met potlood is opgetekend door een aantal hoofdrolspelers en belangrijke bijfiguren.

Messi’s World Cup: The Rise Of A Legend

Apple TV+

Om te kunnen zeggen dat hij groter is dan Diego Maradona – iets wat hij zelf nooit over zijn lippen zou krijgen – zal Lionel Messi toch echt wereldkampioen moeten worden. In 2022 krijgt hij in Qatar zijn allerlaatste kans. En die grijpt hij met beide handen aan. Aan het eind van dat WK, waarin ook het Nederlands elftal nog moet worden verslagen, staat hij met de cup in handen.

In de vierdelige serie Messi’s World Cup: The Rise Of A Legend (182 min.) wordt het hele toernooi nog eens van voor tot achter doorgenomen: van de smadelijke nederlaag in de openingsmatch tegen Saudi-Arabië via die gewonnen strafschoppenserie tegen Oranje naar de finale tegen Frankrijk. En tussendoor zijn er uitstapjes naar Leo’s jeugd, zijn mislukte vorige WK’s en – natuurlijk – Maradona.

Want ook in deze gladde sportproductie, waarin geen cliché wordt geschuwd, moet ’t weer verplicht over de Argentijnse knuffelbeer ‘Diego’ gaan. ‘Ik zou mezelf nooit durven te vergelijken met hem’, antwoordt Leo braaf als de eeuwige vergelijking weer eens aan de orde wordt gesteld. Hij spreekt sowieso liever met zijn voeten. Want uit zijn mond komen doorgaans weinig voltreffers. 

En ook Messi’s coach Lionel Scaloni, zijn medespelers en deskundigen zoals Gary Lineker en Jorge Valdano komen meestal niet verder dan wat al duizenden malen eerder is gezegd over de Argentijnse supervoetballer, zijn gouden linkerbeen en hoe hij binnen het team functioneert – of ze praten hem ongegeneerd naar de mond. Zoals ze ook, sorry, bij Diego Maradona altijd hebben gedaan.

Pas als de serie in aflevering 3 aanbelandt bij ‘de meest memorabele wedstrijd van het toernooi’, krijgt Messi’s World Cup iets van glans en een rauw randje. De hoofdpersoon zelf moet direct glimlachen als hem naar de match tegen Oranje wordt gevraagd. Hij is van tevoren op scherp gezet met een – enigszins verkeerd uitgelegde – uitspraak van de Nederlandse coach Louis van Gaal.

De wedstrijd zelf mondt mede daardoor uit in een gevecht, waarbij in deze miniserie de nadruk ligt op de Nederlandse misdragingen (terwijl de Argentijnen zich ook bepaald niet onbetuigd lieten). En Messi’s provocerende gebaar richting ‘bad guy’ Van Gaal, nadat hij heeft gescoord, wordt behandeld als genoegdoening – niet als het lichtelijk gênante moment waarop een grootheid even zichzelf verliest.

‘s Mans sneer in de catacomben naar Wout Weghorst ‘¿Qué mira’ bobo?’ – wat zoveel betekent als: waar kijk je naar, idioot? – blijkt met een beat eronder zelfs viral te zijn gegaan. Het incident krijgt in deze serie van Tim Pastore, eerder verantwoordelijk voor Messi Meets America, net zoveel aandacht als de halve finale van Argentinië tegen Kroatië. Dat blijkt niet meer dan een formaliteit: 3-0.

En dan blijft voor de slotaflevering van deze promodocuserie alleen de wedstrijd tegen die andere favoriet over: het Frankrijk van steraanvaller Kylian Mbappé. Het wordt een legendarische WK-finale, door Pastore met veel bombast en drama opgediend. Want het verhaal van Messi’s carrière, constateert sportjournalist Gastón Edul treffend, is nu eenmaal geschreven door een briljante scenarioschrijver.

‘Uiteindelijk ben ik maar een joch uit Rosario’, blijft de held zelf nochtans bescheiden, ‘die ervan houdt om met een bal te spelen.’

Alreadymade

Tomtit Film

Het begint met een urinoir. In 1917 is dat object, een pispot dus, om in te plassen, anoniem ingestuurd voor een expositie in New York. Een gebruiksvoorwerp, gepresenteerd als conceptuele kunst. Readymeade, juist. Niet geaccepteerd door ‘The Society Of Independent Artists’, overigens. Tenminste, volgens de officiële lezing. Het object zelf is verdwenen. En het verhaal eromheen niet meer te controleren. Het object dat in de openingsscène van Barbara Vissers lekker onnavolgbare documentaire Alreadymade (86 min.) wordt gepresenteerd is een replica van achttien jaar later. Het is gesigneerd door ene R. Mutt en geldt inmiddels als één van de belangrijkste kunstwerken van de twintigste eeuw.

Het kunstwerk, vereeuwigd op een foto van Alfred Stieglitz (waarvan het negatief toevallig ook is verdwenen), wordt doorgaans toegeschreven aan Marcel Duchamp, één van de vaders van het Dadaïsme. Een man die volgens sommige kenners zijn tijd ver vooruit was. Hij liet het schilderen al snel achter zich. Kunst moest volgens hem méér zijn dan een lust voor het oog. Een stimulans voor het brein. Maar was ‘Fountain’ eigenlijk wel de schepping van Duchamp? Kwam het werk niet eigenlijk uit het brein van barones Elsa von Freytag-Loringhoven, een vrouw die altijd was weggezet als excentriek en gek? En was zij dan de moeder van de moderne kunst, waarvan iedereen altijd voetstoots had aangenomen dat die was geconcipieerd door een man?

Het is een discussie waarvan diezelfde kenners, die door Visser binnen een onwezenlijke virtual reality-omgeving zijn geplaatst, maar geen genoeg krijgen. Met zichtbaar plezier baant de documentairemaker zich samen met haar editor Tim Roza intussen een weg door het doolhof dat door (één van) de betrokken kunstenaars is opgetrokken en dat zij nu als een readymeade aan een niets- (of juist alles-)vermoedend 21e eeuws publiek offreert: verdwalen of verdwalen, wat gaat het worden? Want deze joyeuze, oorspronkelijke en filosofische film, over het wezen van kunst en auteurschap, is als een kamer met drie deuren. Zodra je de juiste hebt gevonden, stap je opnieuw een kamer met drie deuren binnen.

Is het niet door de inhoud, dan wel door de vorm van deze film – al ís vorm natuurlijk inhoud, zeker bij deze film. Visser probeert haar tot de verbeelding sprekende barones, de verpersoonlijking van de veronachtzaamde rol van vrouwen binnen de kunst, met onlangs opgeduikelde bewegende beelden, audio-opnamen, een androgyne actrice en allerhande visual effects een nieuw digitaal leven te geven. De vrouw die de mens zelf (ook) als kunstwerk zag. En dan is het uiteindelijk alleen nog de vraag of Fountain haar grote feministische, anti-oorlogsstatement was? Een ‘readymade staaltje misogynie, inclusief nep-handtekening’, van Duchamp? Of toch het geesteskind van onze eigen verbeelding? Al doet het antwoord er in wezen niet toe.

Het gaat weer eens niet om de eindbestemming, maar om de reis ernaartoe.

Messi Meets America

Apple TV+

De ene na de andere superpass en wondergoal vloeit uit het linkerbeen, dat de wereld al zoveel vreugde en genot heeft geschonken. Toch is het een raai idee dat de beste voetballer van de wereld – misschien wel de beste speler aller tijden – zijn voeten nu laat spreken in een gemankeerde competitie zoals de Amerikaanse Major League Soccer. Op halve kracht steekt Lionel Messi, hoewel slechts één meter zeventig groot, met kop en schouders boven iedereen uit.

Diverse toppers op hun retour gingen hem voor naar het land van de onbegrensde mogelijkheden: Pelé, Johan Cruijff en ook ene David Beckham, die in 2007 van Real Madrid naar LA Galaxy verkaste. Hij heeft nu als postiljon d’amour gefungeerd bij de komst van de Argentijnse superster naar Inter Miami, de club waarvan Beckham al enkele jaren voorzitter is. Het team, dat stijf onderaan staat, krijgt daardoor een flinke oppepper, maar in wezen profiteert de gehele competitie ervan. Alle ogen zijn weer eens gericht op de Verenigde Staten als Messi Meets America (220 min.).

En daar hoort ook een gelikte docuserie bij. Waarin superlatieven natuurlijk tekort schieten om deze unieke speler, club en situatie te beschrijven. Het begint meteen al goed. Serena Williams, LeBron James en Victoria, jawel, Beckham zijn er getuige van hoe Messi, vergezeld door zijn oude strijdmakker Sergio Busquets en in de rug gesteund door coach Tata Martino (die hij nog kent van FC Barcelona en het Argentijnse elftal) zijn debuut voor Inter Miami, als aanvoerder natuurlijk, in blessuretijd opluistert met een fabelachtige treffer. Te mooi om waar te zijn, bijna.

Zo ongeveer zouden ze in een willekeurig wielercriterium de Tour de France-winnaar laten zegevieren of bij het Amerikaanse showworstelen een zinderende apotheose in scène zetten. Maar, alle gekheid op een stokje, de waarheid is soms nu eenmaal vreemder dan fictie. Ook in de navolgende wedstrijden fungeert Leo Messi als dynamo en inspiratiebron voor het tot voor kort zieltogende elftal. En deze productie van executive producer Tim Pastore komt nooit verder dan het enthousiast en met veel bombast uitserveren van deze wedstrijden en de onbetwiste ster daarvan.

Ofwel: Messi’s Inter Miami tegen Amerikaanse varianten op Bal op ’t Dak en Schuppekutterveen: FC Dallas, Philadelphia Union en – oeioei! – Reese Witherspoons Nashville SC. Waarbij steeds ook de plaatselijke supporters en middenstand even worden belicht. Messi Meets America doet ondertussen geen enkele poging om dieper te reiken of de schijnwerper te zetten op waar het misschien wringt of schuurt. De zesdelige serie lijkt dan ook vooral bedoeld als promotool bij het uitrollen van het product Lionel Messi in de groeimarkt Amerika.

Rebound

Watertower TV

Als Sebastien Bellin in oktober 2022 aan de start van de Ironman-triatlon in Hawaï verschijnt, zijn er zo’n 2391 dagen verstreken. 2391 dagen sinds de terroristische aanslagen op het Brusselse vliegveld Zaventem van 22 maart 2016, waarbij hij ernstig gewond raakte aan zijn benen en heup. ‘It’s not about the setback’, houdt Ironmans speaker van dienst de voormalige topbasketballer nu voor. ‘It’s about the comeback.’ ‘That’s right’, reageert Bellin met een glimlach. ‘That’s right.’

De zwaarste ééndagswedstrijd van de wereld is jarenlang zijn richtpunt geweest. In Rebound (61 min.) reconstrueren Tim Vervoort, Vincent Stevens en Gilles Simonet dit proces, dat zowel lichamelijk als geestelijk het uiterste van de Braziliaanse Belg vraagt en hem onderweg steeds weer confronteert met zijn fysieke beperkingen: een lichaam dat niet langer alles doet en kan wat hij wil. En dat is een hard gelag voor de oud-topsporter die altijd heeft gedacht dat waar een wil is ook een weg moet zijn.

Van dit uitgangspunt, dat toch weer het leidmotief voor zijn weg naar Ironman zal worden, moest hij zelf in eerste instantie overigens ook overtuigd worden, blijkt tijdens een emotionele ontmoeting met de arts die hem na de terreuraanslagen heeft behandeld. Sta op en loop, zei Dimitrios Koulalis tegen Bellin toen hij verslagen in een ziekenhuisbed lag en geen enkel gevoel in zijn benen meer had. Dat ging hij uiteindelijk toch maar doen. En het zwemmen en fietsen volgden daarna vanzelf.

Behalve Bellin zelf laten Vervoort, Stevens en Simonet ook diens echtgenote Sara, schoonvader Richard Oldham, zijn basketbaltrainer Greg Kampe, inspanningsfysioloog Jan Bourgois en zijn huidige coach, tweevoudig Ironman-winnaar Luc van Lierde, aan het woord. Ze begeleiden de verrichtingen van hun held bovendien met tamelijk opdringerige muziek. Alsof de kijker moet worden overtuigd van de emotionele lading van Bellins remonte, een man met een broos lichaam en ijzeren wil.

Aan het eind van Ironman en deze gedegen weerslag van zijn setback en comeback komt er een herboren versie van Sebastien Bellin over de finish. Een man die zichzelf heeft overwonnen – en daarmee ook de tegenslag die hij op zijn weg heeft gevonden. ‘Ik heb nu alles in me’, constateert hij gelouterd, ‘om elke afzonderlijke dag te winnen.’

Wolfpack

Prime Video

Waar de één wint, verliest de ander. Nadat onlangs in All-In: Team Jumbo-Visma het succesjaar 2022 van de wielerploeg rond Tom Dumoulin, Wout van Aert en Tour de France-winnaar Jonas Vingegaard werd gedocumenteerd, volgt nu hetzelfde seizoen vanuit het perspectief van concurrent Quick-Step Alpha Vinyl. En dat begint ronduit beroerd. De ene na de andere voorjaarsklassieker eindigt in een deceptie voor de ploeg die in de voorgaande jaren zo vaak succesvol was.

Volgens de Belgische ploegleider Patrick Lefevere zit er te weinig ‘grinta’ in de ploeg. ‘Een coureur is als een jong hondje’, legt de uitgesproken wielerprominent even later uit in de zesdelige serie Wolfpack (270 min.), waarvan ik nu drie afleveringen heb gezien. ‘Als je op zijn schouder klopt dat hij het goed gedaan heeft, dan gaat hij liggen op zijn rug met zijn pootjes omhoog en hoopt hij dat je ook op zijn buik wrijft. Als je dat te veel doet, dan gaat het winnen automatisch stoppen.’

Lefevere is meer het type dat zijn pupillen zo nu en dan een schop onder hun kont verkoopt, al is daar naarmate het seizoen vordert steeds minder aanleiding toe. Zijn renners beginnen te winnen. Dat leidt tot emotionele taferelen. Van de Belgische renner Yves Lampaert bijvoorbeeld, die na zijn onverwachte winst in de proloog van de Tour de France, overmand raakt door emoties en een zin uitspreekt die in eigen land een cultheld van hem maakt. ‘Ik ben maar een boerenzoon uit België.’

Ook fraai: de weggeslikte tranen van Florian Sénéchal als zijn ploeggenoot Fabio Jakobsen, een sprinter die anderhalf jaar eerder nog een doodsmak maakte, tijdens een bergetappe nét op tijd binnen komt. ‘Hij is mijn vriend.’ En de constatering van Tim Declercq na alwéér een overwinning van kopman Remco Evenepoel: ‘Op de basisschool zeiden ze: Jezus heeft de talenten allemaal evenredig verdeeld. Maar als je iemand ziet als Remco, dan merk je dat dat eigenlijk niet altijd waar is.’

Vergeleken met All-In is Wolfpack, vernoemd naar de geuzennaam die de ploeg koestert, wat minder gelikt. Ruwer ook. Met volop lekke banden,  teleurstellingen en valpartijen, bijvoorbeeld van wereldkampioen Julian Alaphilippe. Vakkundig dichtgesmeerd bovendien met een synth-soundtrack. Alleen de wel erg brave, wat uitleggerige voice-over valt een beetje uit de toon. Daar was een volkse verteller, die zich in plat Vlaams bedient van onnavolgbaar wielerjargon, beter op zijn plek geweest.

Voormalige wielervedetten zoals Tom Boonen, Alberto Contador en Philippe Gilbert trappen verder nog wat open deuren in, maar moeten op dat gebied zonder enige twijfel hun meerdere erkennen in de continu oneliners ophoestende commentator van Eurosport, Rob Hatch, een Britse erfgenaam van Theo Koomen die zelfs in een zielige klim, val of ontsnapping tijdens de eerste de beste kermiskoers nog een gebeurtenis van epische proporties ziet die de heroïek van de sport onderstreept.

Dat is ook tegen de serie in te brengen: alleen de hoogte- en dieptepunten lijken te tellen. Het gewone, ongetwijfeld vaak ook oersaaie wielerleven ontbreekt. Het routineuze gemopper over arbeidsvoorwaarden, de keuvelgesprekjes onderweg (hedde gij ook zo’n zin in patatten? Ja, houdt je vader van postzegels? Oké, nu weer even aanhaken, maat) en de eindeloze ritten door Niemandsland waarbij niks te winnen of verliezen valt, maar die natuurlijk wel gewoon uitgereden moeten worden.

Dat gezegd hebbende – en daarbij ook het promotionele karakter van de serie in ogenschouw genomen – is Wolfpack eigenlijk verrassend vermakelijk. En dan moet Evenepoel nog echt op gang komen…

Putin And The West

VPRO

Op 24 februari 2022 vallen Russische troepen hun buurland Oekraïne binnen. Het is de schokkende afsluiting van een periode waarin de spanning tussen de twee landen stelselmatig is opgevoerd. Deze doortimmerde driedelige docuserie van Tim Stirzaker reconstrueert de weg naar die oorlog en start in het najaar van 2013 als de Oekraïense president Viktor Janoekovitsj plotseling besluit om een jarenlang voorbereid associatieverdrag met de Europese Unie níet te ondertekenen. Twee weken later zet hij in Moskou wél zijn handtekening onder een deal met Rusland.

Deze stap – weg van het vrije westen, terug naar wat nog niet zo lang geleden de Sovjet-Unie was – zou zijn afgedwongen door Vladimir Poetin en leidt tot massale protesten op Maidan, het Onafhankelijkheidsplein in Kyiv. Die worden in de navolgende winter met brute kracht neergeslagen door het bewind van Janoekovitsj. In het volgende jaar annexeert Rusland De Krim, zogezegd om de Russische inwoners van dit deel van Oekraïne te beschermen, en wordt vlucht MH17, met bijna tweehonderd Nederlandse passagiers, uit de lucht geschoten door pro-Russische separatisten.

Deze dramatische gebeurtenissen, gereconstrueerd in de eerste aflevering van Putin And The West (180 min.), vormen de aanloop naar het epische conflict dat zich in de navolgende jaren aftekent tussen de Russische leider, die het uiteenvallen van de Sovjet-Unie liefst direct terugdraait, en het westen, dat ‘s mans ambities als een gevaar voor de wereldvrede beschouwt. Daarbij gaat het er soms stevig aan toe. ‘Ik lieg tegen je’, vat de Britse Minister van Defensie Ben Wallace de Russische houding samen. ‘Jij weet dat ik lieg. Ik weet dat jij dat weet. En ik ga tóch tegen je liegen.’

Aflevering 2 verlegt de aandacht naar het Midden-Oosten, waar de Arabische Lente, de opkomst van Islamitische Staat en met name de oorlog in Syrië voor internationale spanningen zorgen. Poetin kiest daarbij de kant van Bashar al-Assad, een dictator die er niet voor terugdeinst om zijn eigen bevolking aan te vallen met chemische wapens. Rusland dekt hem in de rug met het bombarderen van Syrische steden. De slotaflevering werkt vervolgens toe naar de Russische invasie van Oekraïne, die gaandeweg onvermijdelijk begint te worden, hoezeer Rusland ook blijft ontkennen.

De vorm van dit soort geopolitieke series van het Britse productiehuis Brook Lapping (9/11 – Life Under Attack, Inside Europe: Ten Years Of Turmoil en Trump Takes On The World) is doorgaans traditioneel. De kracht zit hem vooral in de sprekerslijst. Behalve allerlei regeringsfunctionarissen en topdiplomaten komen ditmaal de Oekraïense leiders Poroshenko en Zelezny, EU-president Barroso, de Britse premiers Cameron en May, secretaris-generaal van de NAVO Stoltenberg, de Franse president Hollande en de Nederlandse eurocommissaris Frans Timmermans aan het woord.

En die maken van hun hart geen moordkuil. De voormalige Britse premier Boris Johnson klapt bijvoorbeeld uit de school over een ontmoeting met Vladimir Poetin. ‘Boris, ik wil je natuurlijk niets aandoen’, zei die volgens Johnson. ‘Maar met een raket zou het niet meer dan een minuut duren.’ Zulke inkijkjes, al dan niet bewust opgedist om de opponent in een kwaad daglicht te stellen, geven deze serie sjeu en zorgen tegelijk voor inzicht in het hoofd van de mannen die onze wereld bestieren. Zij laten zich soms net zo goed leiden door rancune of (gekrenkte) trots als door het land of belang dat ze zeggen te dienen.

In het voorjaar verschijnt het tweeluik Putin And The West At War.

Stil Water

Bente en haar broer / EO

Ruim vijf jaar na Pilotenmasker (2017) keert documentairemaakster Simonka de Jong terug naar het Prinses Máxima Centrum voor kinderoncologie in Utrecht, een omgeving die de vorige keer een diep ontroerende film heeft opgeleverd. Destijds volgde De Jong enkele kinderen met kanker, kleuters met ‘gemene celletjes’ in hun lichaam die noodgedwongen werden blootgesteld aan ingrijpende medische onderzoeken en behandelingen.

Stil Water (55 min.) is een soort vervolg, waarbij de focus ditmaal ligt op de directe verwanten van zo’n ziek kind: de ouders, broers en zussen. Twee jaar lang is de documentairemaakster met haar crew aangesloten bij drie Nederlandse gezinnen, die een welhaast onmenselijke uitdaging moeten aangaan en haar ondertussen toegang geven tot hun meest intieme en kwetsbare momenten. Te midden van de pijn en het verdriet vindt ze ook veerkracht, lol en – vooral – verbondenheid.

‘Ik weet nog dat ik die eerste vrijdag, toen we het net wisten, vroeg: wordt ze dan nog wel zes jaar?’ vertelt Annemieke Goudswaard, de moeder van Fien. ‘En dat ze toen zeiden: dat weten we niet!’ Vader Gijs vertelt hoe hij zijn dochter bij een ziekenhuisopname in zijn armen de trap afdroeg. ‘Toen vroeg ze: Het komt toch wel goed, pap? Toen dacht ik: volgens mij weet jij ook dat het niet goed komt.’ Hun andere kinderen willen het verdriet van hun ouders intussen liever niet zien.

Steven Voerknecht vertelt dat hij in eerste instantie ‘helemaal niks’ voelde toen hij hoorde dat zijn jongere broer Matthijs ernstig ziek was. In een gesprek met zijn andere broer Reinier en hun ouders constateren ze dat Matthijs door zijn aandoening emotioneel achterloopt. Soms is ie gewoon strontvervelend. Hoe kunnen ze daar het beste mee omgaan? Het zijn vragen die je als buitenstaander niet direct bedenkt, maar die in deze getroffen gezinnen aan de orde van de dag zijn.

Bij de familie Van Eersel uit Weesp is het de jongste van drie kinderen, de driejarige Bente, die ernstig ziek is. Ook als het meisje voor behandelingen in het ziekenhuis ligt komt papa een verhaaltje voorlezen. Via de mobiele telefoon speelt ze verstoppertje met haar oudere broers Jens en Tim. En als de kleine Bente geniet van het geladen Frozen-liedje Laat Het Los, een rechtstreekse verwijzing naar één van de ontroerendste scènes van Pilotenmasker, kijken haar ouders geraakt toe.

Stil Water belicht hoe de familieleden hun eigen weg proberen te vinden met en rond de ziekte van één van hen. Van therapeutische gesprekken, familie-opstellingen en het geloof tot een kindercoach, speltherapie en Inca-rituelen. Simonka de Jong omlijst hun ervaringen en emoties met gestileerde onderwater-sequenties, ondersteund door gefühlvolle muziek, waarmee de gevoelstoestand van de verschillende hoofdpersonen op een aangrijpende manier tot uitdrukking wordt gebracht.

Deze film wordt daardoor net zo’n stoot in de maag als Pilotenmasker. Tezamen vormen de documentaires een tweeluik dat de kwetsbaarheid van het (samen) leven héél tastbaar maakt en tegelijkertijd laat zien hoeveel incasseringsvermogen, creativiteit en warmte tijden van opperste nood kunnen losmaken.

Crime Scene: The Texas Killing Fields

Netflix

Alle basisingrediënten voor een real life-whodunnit zijn aanwezig in Crime Scene: The Texas Killing Fields (147 min.):

* een huiveringwekkende serie onopgeloste moorden die begint in de jaren zeventig en doorloopt tot na de eeuwwisseling (waarbij de lijken worden gevonden op of rond Calder Road Field, aan de I-45 tussen Houston en Galveston, dat al snel The Texas Killing Fields wordt gedubd)

* een tot de verbeelding sprekende dader (‘een briljante, maar verdorven seriemoordenaar’, aldus Skip Hollandsworth, journalist van Texas Monthly Magazine)

* een amateuristisch politieonderzoek dat veel meer vragen oproept dan beantwoordt (‘Als je een misdaad wilt plegen doe het hier, want ze krijgen het met geen mogelijkheid opgelost.’)

* slachtoffers – waaronder enkele Jane Doe’s – die door de autoriteiten (veel te gemakkelijk) worden weggezet als ‘wegwerpkinderen’ of vrouwen van lager allooi

* plattegronden van plaatsen delict, overzichtskaartjes van de omgeving en unheimische compositietekeningen

* plotse verhaalwendingen, slimme tijdsprongen en onderzoekspistes die allang zijn doodgelopen (maar desondanks met liefde en plezier nog eens worden doorgelopen)

* geschokte nabestaanden, kritische deskundigen, een aansprekende getuige à charge, onverschrokken rechercheurs en FBI-agenten, en een bewezen true crime-crack (Kathryn Casey, de auteur van het boek Deliver Us, die vanuit een verduisterde ruimte deelt wat ze heeft ontdekt)

* en een getraumatiseerde ouder die de zaak maar niet wil of kan laten rusten (Laura Millers onvermoeibare vader Tim, die inmiddels zijn eigen zoekorganisatie runt, Texas EquuSearch).

Dit derde seizoen van Joe Berlingers Crime Scene-franchise – na miniseries over een verdwijning in het Cecil Hotel en de Times Square-moordenaar – zet netjes overal een vinkje. En in zekere zin presenteert de driedelige serie van regisseur Jessica Dimmock zelfs een eigen variatie op het inmiddels welbekende true crime-thema. 

Al laat dit onverlet dat er aan het eind van deze miniserie, als je alle ontwikkelingen nog eens de revue laat passeren, toch nog enkele losse eindjes rondslingeren. En dat is dan ook weer heel exemplarisch voor het genre.

Het Zit In Mijn Hart

Witfilm

‘Het is toneel, hè’, zegt één van de acteurs van het theatergezelschap KamaK uit Hengelo tijdens de opnames van een dramatische scène uit de voorstelling Furia, waarbij er een lijk in het water wordt gedumpt. De bevestiging volgt direct: ‘Het is niet allemaal echt. Het is allemaal toneel.’

Zo evident als dat misschien lijkt, is het echter bepaald niet in Het Zit In Mijn Hart (Engelse titel: Inside My Heart, 87 min.), Saskia Boddeke’s barokke verfilming van een voorstelling over de zeven hoofdzonden, door een Nederlandse theatergroep met louter professionele acteurs met een verstandelijke beperking. ‘Ik weet dat ik anders ben, maar bij KamaK zijn we allemaal gelijk’, vertelt Patrick ‘Pitt’ ten Arve, terwijl hij naast hoofdrolspeelster Marian Jansen heeft plaatsgenomen voor een interview. De jongeling, die zich in de navolgende anderhalf uur zal laten kennen als een rasacteur, legt uit: ‘Ik ben blij dat ik gehandicapt ben, anders had ik hier niet kunnen werken.’

De acteurs van het ensemble verliezen zich tijdens de opnames zo nu en dan in de fictie of wantrouwen de werkelijkheid, maar datzelfde geldt voor de kijker van deze voortdurend tussen uitvoering, repetitie en backstagescènes laverende vertelling. Waar eindigt de waarheid en begint het spel (of andersom)? ‘Ik vind dit geweldig’, zegt Tim Assen bijvoorbeeld, nadat hij tijdens de repetities een geïmproviseerde liefdesscène met Rijk Sietsma heeft gespeeld. ‘Mijn droom is eindelijk uitgekomen’, stelt de homoseksuele acteur. ‘Vrijen met anderen.’

KamaKs nieuwe actrice Anne Aalderink, die helemaal verkikkerd is op Rijk, zit zich ondertussen te verbijten. ‘Ik heb dit eigenlijk nooit meegemaakt, dat Rijk en Tim zitten te kleffen’, zegt ze. ‘Dat vind ik echt niet zo. Ik schaam me er echt voor.’ Tijdens het doen van haar haren vertelt Anne even later dat ze Rijk knap vindt. Ze is jaloers. ‘Goede Tijden doet het ook’, probeert hij haar vervolgens weer gerust te stellen. ‘Is de seks daar ook gefaket?’, vraagt Anne. ‘Ja, die is niet echt’, bevestigt Rijk. ‘Jeetje!’ slaakt zij een zucht van verlichting. Ze concludeert: ‘Dat heet toneelspelen.’

Daarmee is de kous echter nog helemaal niet af. Want Rijk wil filmmaker Saskia in vertrouwen nog wel even meegeven dat Tim weliswaar een goede kameraad is, maar dat hij beslist niet verliefd is op hem. Dát is Rijk namelijk op Anne. En zo zwerft Boddeke, die tevens laat zien hoe ze de spelers regisseert, continu tussen realiteit en fantasie in deze theatrale, liederlijke en ravissant vormgegeven vertelling, waarin de diverse acteurs, zowel binnen als buiten hun rol, beurtelings de show en het hart stelen. Totdat elk onderscheid is verdwenen – en iedere kijker helemaal overstag is.

A World To Shape

Dave Hakkens bij Project Kamp / Newton Film

Een betere wereld. Voor minder doen ze het niet. Beter: een verbeterde wereld. Die de problemen van het heden achter zich heeft gelaten en klaar is voor een duurzame toekomst. Dat vraagt om designers die groot kunnen én durven te denken. A World To Shape (52 min.) is een dubbelportret van Nienke Hoogvliet en Dave Hakkens, twee jonge idealisten die samen een uitstekend uithangbord vormen voor die nieuwe generatie Nederlandse ontwerpers.

Toch lijkt hun benadering wezenlijk anders. Nienke Hoogvliet beijvert zich met haar vriend/werkpartner Tim Jongerius voor het verduurzamen van de ernstig vervuilende textielindustrie. Daarvoor probeert ze verschillende toepassingen van zeewier, zoals garen en verf, te ontwikkelen. Eerder maakte ze ook al schaaltjes van gebruikt wc-papier. Met haar eigen studio probeert Hoogvliet zo, via museumstukken en collector’s items, het systeem van binnenuit te veranderen en die duurzamere wereld dichterbij te brengen.

Dave Hakkens, die eerder van zich deed spreken met baanbrekende open source-projecten zoals Phonebloks en Precious Plastic, lijkt zich juist van de bestaande structuren af te wenden. Zoals het een echte wegbereider betaamt zorgde dat tijdens zijn studie voor de nodige weerstand, die door zijn succes overigens allang is weggenomen. Nu wil Hakkens een eigen parallelle wereld creëren. In Portugal heeft hij een stuk land opgekocht, waarop hij met medestanders het prototype voor een nieuwe, duurzame leefgemeenschap ontwikkelt: Project Kamp.

Regisseur Ton van Zantvoort plaatst de twee ontwerpers naast elkaar, als twee varianten op hetzelfde thema, in een film die zich volledig concentreert op hun werk en de idealen die daarin tot uiting worden gebracht. Hun persoonlijke beslommeringen of de professionele hobbels die ze onderweg moeten nemen blijven grotendeels achterwege in het fraai gefilmde en verzorgd gemonteerde A World To Shape, dat daardoor wel eerder aan het hoofd dan aan het hart appelleert.

Luc

IJswater Films

‘Ik heb kankerveel schijt aan de rechter!’ schreeuwt Lucas van der Laan tegen de zee, op een verlaten strand waar hij volgens eigen zeggen een enorm gevoel van vrijheid ervaart. Hij gaat nog even door. Het moet er duidelijk uit. De ene ‘fock’ na de andere. Gevolgd door: ‘En niemand die je hoort zeiken.’

De vijftienjarige jongen is net weggelopen uit een gesloten jeugdzorginstelling. Zijn jas heeft hij daar achtergelaten. Hij mag die van Tim Bary wel even lenen. De filmmaker volgt Luc (30 min.) al enkele maanden. De tiener heeft een tijd op straat geleefd en vraagt zich af of hij nu misschien bij zijn vader, met wie hij een lastige relatie lijkt te hebben, kan overnachten. 

Lucas is een echte jongen van de straat. Zo klinkt hij tenminste – en wil hij waarschijnlijk ook klinken. ‘Nee, mán’, zegt hij. Of: ‘tantoe lekker.’ En werkelijk te pas en te onpas: ‘je weet toch?’ Als smeermiddel voor zo’n beetje elke zin. En dan is er nog de ‘waggie’ om in te pitten. Want daarop lijkt het uit te draaien: samen met de documentairemaker overnachten in diens auto.

En zo wordt Tim Bary in deze korte docu, de weerslag van enkele uren in de nabijheid van een ontwortelde puber, langzaam maar zeker in het leven van zijn hoofdpersoon gezogen. Die vraagt zelfs of hij misschien bij hem thuis mag slapen, maar dat gaat de jongeman achter de camera toch nog te ver. Dan liever samen in de auto een filmpje kijken.

Luc is niet meer dan een momentopname uit het woelige bestaan van de jongen die zich groter voor lijkt te doen dan hij is. Dat is de beperking én de kracht van de film. Bary geeft de kijker nauwelijks context. Die moet wat er is gebeurd met Lucas zelf maar bij elkaar zien te sprokkelen – en komt daarmee ongetwijfeld een heel eind, op zijn minst in de goede richting.

Misschien doen de precieze details van dit ene leven op drift er ook niet toe en is Lucas van der Laan vooral een voorbeeld van al die jongeren die, vaak zonder al te veel perspectief, in een gesloten inrichting zitten. Wachtend op de dag dat ze terug kunnen naar het leven dat ze noodgedwongen moesten verlaten of simpelweg tot hun achttiende verjaardag.

Een buitenstaander kan alleen hopen dat er in de tussentijd geen onherstelbare schade is ontstaan.

For Heaven’s Sake

Ziggo

De 31-jarige Harold Heaven vertrok in het weekend van 27 oktober uit zijn afgelegen hut en werd daarna nooit meer gezien. Het is een kwestie die de Canadese familie Heaven uit Haliburton County, Ontario, al geruime tijd bezighoudt: wat zou er toch met hem zijn gebeurd? Een familielid, de nerdy acteur/comedian Mike Mildon, en zijn doortastende vriend Jackson Rowe, twee ontzettende true crime-fans, besluiten om de cold case – zeg maar gerust: icecold case! – te gaan onderzoeken voor hun eigen epische misdaadklassieker: de achtdelige docuserie For Heaven’s Sake (244 min.), geregisseerd door Tim Johnson.

Één ding weet het olijke duo zeker: Harold Heaven zelf zullen ze niet meer vinden. Hij verdween immers al in 1934 en zou inmiddels zo’n 115 jaar oud zijn. En al zijn vrienden, mogelijke getuigen en potentiële verdachten zijn natuurlijk ook allang kassiewijlen. Mike en Jackson zijn voor hun kansloze missie (?) dus aangewezen op het originele politieonderzoek én op de Heaven-familie. Want die brengt al generaties lang amateurdetectives voort, op wie de verdwijning van Harold een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefent. En één ding weten die dan weer zeker: hun excentrieke (oud-)oudoom stierf beslist geen natuurlijke dood.

De twee speurneuzen lopen in elke aflevering een andere onderzoekspiste af: van zelfdoding en criminele wegwerkers tot boze buurmannen en ontvoering door buitenaardse wezens. Intussen diepen ze allerlei bewijsmateriaal op, doen hoogstpersoonlijk onderzoek, laten enkele cruciale gebeurtenissen naspelen en tuigen natuurlijk een heus true crime-overzichtsbord met verdachten, motieven en dwarsverbanden op. Wat lijkt te beginnen als een uit de hand gelopen grap krijgt gaandeweg een serieuzer karakter. Met hun zoektocht krijgen Mike en Jackson daadwerkelijk het nodige boven tafel en slagen ze er ook in om de wereld van die ene verdwenen man op te roepen.

Een wereld waarin wel eens geen plek zou kunnen zijn geweest voor een ‘zonderling’ zoals Harold Heaven. En hoewel deze slimme true crime-pastiche zowaar nog best spannend wordt ook, ontleent For Heaven’s Sake, lekker laconiek verteld en met veel melige humor, z’n bestaansrecht toch vooral aan zijn bijzondere positionering: op het kruispunt van familiemythe, lokale geschiedschrijving en ‘urban legend’. Waar de jacht, zoals dat gaat in dit soort amateurdetective-producties, bijna altijd mooier is dan de vangst…