The Truth About Jim

HBO Max

‘Ik denk dat ik er klaar voor ben om het konijnenhol van Jim in te duiken’, zegt Sierra Barter aan de telefoon tegen haar moeder, terwijl ze in de auto onderweg is naar haar halftante Jaime. ‘Ik weet alleen nauwelijks waar ik moet beginnen en ik wil ook niet zomaar allerlei trauma’s en emoties oprakelen en mensen boos maken.’

De jonge actrice heeft zich echter voorgenomen om nu voor eens en altijd – en voor de camera – alle geruchten rond haar grootvader te onderzoeken. The Truth About Jim (188 min.), juist. Stiefgrootvader, welteverstaan. En die nuance zegt in wezen alles. De man wordt bij de start van deze vierdelige docuserie direct geassocieerd met de seriemoordenaarsgolf, die ruim een halve eeuw geleden door Californië trok en toen talloze slachtoffers maakte. Was de Amerikaanse middelbare schoolleraar Jim Mordecai (1941-2008), thuis een bullebak van een vent, misschien één van hen?

Sierra kan in elk geval niet uit haar eigen geheugen putten. Daar is ze simpelweg veel te jong voor. Jim was de tweede echtgenoot van haar oma Judy Williams, die op haar beurt weer zijn derde vrouw was. Mordecai had in totaal vier biologische kinderen en drie stiefkinderen, waaronder Sierra’s moeder Shannon Barter. Om de ingewikkelde familieverbanden inzichtelijk maken heeft Sierra alvast een typisch true crime-bord gemaakt, zodat te allen tijde duidelijk is wie wat van wie is. Doodsbang voor Jim waren ze overigens allemaal. Want hij kon natuurlijk ook zijn handen niet thuishouden.

True crime-veelpleger Skye Borgman (Girl In The Picture, I Just Killed My Dad en Sins Of Our Mother) draait haar hand niet om voor zo’n schmutzige familiegeschiedenis, die met opvallend veel privéfilmpjes – alsof ze wisten dat die ooit nog van pas zouden komen – kan worden verteld. De documentaire doet enigszins denken aan een andere recente film, Great Photo, Lovely Life, waarin Amanda Mustard het problematische verleden van haar opa verkent. Ook hij zou zich stelselmatig hebben vergrepen aan minderjarige meisjes en moet (en kan) daar nu rekenschap over afleggen.

Dan voelt de queeste van Sierra Barter, die tevens persoonlijke motieven heeft om zich te weer te stellen tegen seksueel geweld, toch wel erg gekunsteld. Óók omdat Jim Mordecai zich natuurlijk al ruim vijftien jaar niet meer kan verdedigen. Dat wordt des te pregnanter als zijn stiefkleindochter hem concreet in verband begint te brengen met de zogenaamde Santa Rosa Hitchhiker Murders van begin jaren zeventig. Nog geen aflevering later komen zelfs de geruchtmakende Zodiac-moorden in beeld. Barter is overigens bepaald niet de eerste die The Most Dangerous Animal Of All wil claimen.

Ze legt bij nieuwe ‘ontdekkingen’ ook niet gewoon contact met de politie, maar neemt haar toevlucht tot een liftersmoorden-kenner, huurt een privédetective en gepensioneerde profiler in, laat opa’s DNA onderzoeken en legt haar bevindingen voor aan een Zodiac-deskundige (die zowaar nog wat koud water over heeft). Zoals bij de meeste true crime-producties wordt er onderweg heel wat stof opgeworpen, maar als dat is neergedaald blijft er verdacht weinig over om mee te werken. Als dat kleine beetje aan de politie is overhandigd, lijken Sierra en haar familie ineens te vinden dat hun taak erop zit.

Het proces heeft hen samen naar verluidt veel goeds gebracht, maar of de waarheid over (stief)opa Jim ook dichterbij is gekomen?

Future Me

Gusto Entertainment

‘Eigenlijk is documentaire ook gewoon veel meer fictie dan je denkt, hè?’, zegt Vincent Boy Kars tegen zijn vriendin Eva. ‘No offense naar docu verder, maar het is eigenlijk gewoon een fucking manipulatief medium. Je zit gewoon naar een gemanipuleerde werkelijkheid te kijken. Hoe echt is dat? Of hoor deze dan: fictie is de leugen waarmee de waarheid wordt verteld. Sicke quote, toch?’ De twee lopen, in zwart-wit, over een grasveld en komen dan bij een glijbaan. ‘Attentie voor opname’, roept hij voordat zij ervan mag afglijden. ‘Drie-twee-een. Actie!’

Het is duidelijk: Vincent tast in zijn nieuwe film Future Me (98 min.) opnieuw de grenzen tussen de realiteit en de film af. Alhoewel, Vincent? De glijbaanscène wordt gespeeld door Martijn Lakemeier, een acteur die hij zichzelf als rol heeft toebedeeld. En de actrice Damaris de Jong vertolkt zijn vriendin Eva. Ook met dat concept speelt Kars echter weer. In een romantische scène over de ontmoeting met zijn vriendin Eva (die hem complimenteert met Drama Girl (2020), de tweede film van zijn coming of age-trilogie) speelt Vincent wel degelijk zichzelf. Met Damaris, dat wel. En naderhand gaat hij daar dan weer over in gesprek met de echte Eva, die er een beetje verontwaardigd over is.

Dat laveren tussen fictie en non-fictie – eerder ook al te zien in de eerste film van zijn trilogie, Independent Boy (2017) – is inmiddels het handelsmerk geworden van Vincent Boy Kars. Dit slotstuk van het drieluik heeft niet voor niets als ondertitel: in fiction I dare to be real. Daarbij moet hij ook nog, als de één of andere acteur, accepteren dat een andere regisseur, Peter de Baan van De Vloer Op, hem weer aanstuurt als hij zichzelf acteert in situaties die zijn gebeurd – of hadden kunnen gebeuren.  De film wordt daardoor één grote mindfuck, waarmee hij de waarheid probeert te liegen. Voortdurend schakelend tussen zwart-wit en kleur en flink aangezet met een dikke synth-soundtrack.

Future Me, dat ook nog is doorsneden met scènes van Kars met een therapeut, is zonder twijfel zijn meest persoonlijke productie. Een egofilm en daar weer een commentaar op, een meta-egofilm – of zoiets. Over zijn overleden vader, gespeeld door acteur Leopold Witte, en zijn relatie met Eva, meestal gespeeld door Damaris de Jong, en altijd bezig zijn met een film. Over Vincent, dat vooral. Doelbewust zoekt hij als maker/subject het niemandsland op tussen zelfreflectie en zelfbevlekking, tussen kritisch kijken en navelstaren en tussen dodelijke ernst en al even dodelijke scherts. Een typische Millennial-film, zou je kunnen zeggen. Intrigerend en cringe tegelijk.

Jorik

Prime Video

De wereld heeft Jorik Scholten leren kennen als Lil’ Kleine. Al snel zijn de twee niet meer van elkaar te onderscheiden. De gebutste jongen en zijn provocerende alter ego, de rapper met de stoere praatjes en losse handjes. Ook voor hemzelf niet. Hij gaat van het ene in het andere feest. Nachten doorhalen. Zuipen, snuiven, knokken. Totdat zijn vriendin Jaimie Vaes, met wie hij ook een zoontje heeft, via het juicekanaal Life Of Yvonne een video naar buiten brengt, waarin Kleine haar bij zijn auto mishandelt. Er zijn beroemdheden voor minder gecanceld.

Hoog tijd om Jorik (111 min.) weer eens achter die dekselse Lil’ Kleine vandaan te halen. De man die nu eindelijk eens wil afkicken, de vader die weigert om zijn kind op te geven en de zoon die zich beschadigd voelt door zijn eigen moeder (en nog altijd opzichtig de goedkeuring zoekt van ‘papa’). Samen met zijn vader, moeder, zus, advocaat, bodyguard, producer, reclasseringsambtenaar en enkele vrienden doet Jorik Scholten in deze driedelige serie van Nick Hoedeman, die is gefilmd in de periode na het auto-incident, een poging om zijn imago van ‘Pauperkabouter’ te ontmantelen.

Soms ligt dat er wel heel dik bovenop, bijvoorbeeld als hij voor het eerst in tien maanden, voor de camera, weer contact mag hebben met zoontje Lío. Na een kort gesprekje via FaceTime volgt een emotionele ontlading. En natuurlijk probeert hij ook het veelbesproken incident met Jaimie, dat hem als artiest miljoenen zou hebben gekost, in perspectief te plaatsen. Ze waren allebei ‘helemaal wappie’, stelt hij nu. Nuchter zou de situatie nooit zo uit de hand zijn gelopen. ‘Het is natuurlijk mijn fout. Maar het kan wel in een relatie gebeuren. Helemaal in een relatie zoals waar wij in zaten.’

Alle goede voornemens ten spijt begint het bloed gaandeweg toch weer te kruipen waar het niet gaan kan. Zijn manager Breghje spreekt hem – is ‘t Jorik of toch weer Lil’ Kleine? – erop aan dat hij weer regelmatig stevig lijkt te drinken en zich dan ook ontremd gedraagt. In een poging om zijn leven te beteren neemt de omstreden rapper nog maar eens de wijk naar Thailand. Maar of hij écht in staat en bereid is om zichzelf bij te sturen? De vraag stellen is…  – hoezeer Hoedeman ook, zeker tegen het einde van deze miniserie, de nadruk probeert te leggen op de kwetsbare kant van zijn hoofdpersoon.

‘Jezelf zijn is het allermooiste’, hoor je Jorik in de slotscène zeggen, terwijl hij een verjaardagstaart voor Lío aansnijdt. ‘Heel veel mensen zijn niet hunzelf. Dat was ik ook een hele lange tijd niet, maar het allermooiste is om jezelf te zijn met wat je vader en je moeder je hebben geleerd. De fouten van je vader en de fouten van je moeder, de goeie dingen en de slechte dingen van je ouders. En ik heb ervaren hoe ’t is om mezelf te zijn’ Scholten zit inmiddels ’s avonds op een stoel, ogenschijnlijk kwetsbaar en in een reflectieve bui. ‘En daar ben ik wel trots op…’ Hij laat een korte stilte vallen. ‘Ja.’

Vanachter de onkwetsbare rapper, die in zijn blote bast een kolkende menigte naar zijn hand zet, lijkt een kwetsbaar joch tevoorschijn te zijn gekomen. Het is alleen wel heel moeilijk om dit tafereel los te zien van de bedoeling van deze miniserie: de boeman Lil’ Kleine weer terugbrengen tot menselijke proporties en zijn carrière een doorstart geven.

Thuis Bij De Familie K.

Monumentaal / Bart Grietens

Sadettin Kirmiziyüz maakt solovoorstellingen over zijn eigen familie. De Turks-Nederlandse theatermaker houdt hen zo een spiegel voor – en zij uiteindelijk ook aan hem. De documentaire Thuis Bij De Familie K. (48 min.) van Mijke de Jong maakt dat proces ook voor buitenstaanders inzichtelijk. Familieleden reageren op de voorstelling waarin zij zelf worden geportretteerd. En dat krijgt Sadettin dan weer te zien (zodat wij, als kijkers, kunnen zien hoe hij daar weer op reageert).

Zo komt de relatie met zijn stoere oudere broer Süleyman aan de orde via de voorstelling What’s Happenin’ Brother?, de reis met zijn vader Mehmet naar Mekka in De Vader, De Zoon En Het Heilige Feest en de soms lastige verhouding tot zijn zus Sare, die als meisje een hoofddoek ging dragen, in somedaymyprincewill.com. Met een precies gevoel voor waar het wringt schetst Kirmiziyüz het leven van een migrantenkind, dat gevangen zit tussen verschillende tradities, religies en culturen.

Over Turkenmoppen bijvoorbeeld. Süleyman kan het bijna niet aanzien als Sadettin op het podium allerlei bedenkelijke grappen afvuurt. ‘Komt een Turk met een kikker op zijn hoofd bij de dokter’, begint zijn jongere broer bijvoorbeeld. ‘Zegt die dokter: kan ik u ergens mee helpen? Zegt die kikker: ja, ik heb een tumor onder mijn reet.’ In de zaal probeert iedereen zijn lach in te houden. Dat wordt nóg lastiger bij het spervuur dat nog volgt. ‘Heftig’, knikt Süleyman. ‘Daar had je mee te maken, hè?’  

In de voorstelling Avondland belicht Sadettin Kirmiziyüz daarnaast een reis naar Turkije met zijn moeder. Yeter Gümüs komt niet naar de voorstellingen van haar zoon omdat ze die niet begrijpt. Ze spreekt na 45 jaar nog altijd nauwelijks Nederlands, constateert hij toch wat teleurgesteld. Moeder zegt ook dat ze er geen idee van had dat Sadettin een voorstelling over hun reis heeft gemaakt. Hij gelooft dat dan weer niet: ze was toentertijd nog boos omdat hij grappen maakte over haar gesnurk.

De verschillende voorstellingen en de reacties daarop van Kirmiziyüz en zijn verwanten versmelten zo met elkaar tot een metaverhaal over immigrantengezinnen, waarvan ieder op z’n eigen manier maar een plek moet zien te vinden in Nederland – of toch weer in Turkije. In dat proces lijken ze zich allemaal wel eens eenzaam, en teleurgesteld in de anderen, te hebben gevoeld. En dat is meteen het thema van de nieuwe voorstelling, waar Sadettin Kirmiziyüz in deze film naartoe werkt: Monumentaal.

Kan hij daarmee het schuldgevoel van een migrantenkind definitief van zich af schudden?

Deal With It

De Haaien

Sinds ze in 2014 debuteerde met Deal With It (57 min.) is Shamira Raphaëla uitgegroeid tot één van de meest aansprekende Nederlandse documentairemakers. Ze maakte twee bekroonde jeugddocu’s (Lenno En De Maanvis en Shabu), sleepte een Gouden Kalf in de wacht met een onheilszwangere film over de vader van journaliste Clarice Gargard die onderdeel was van het regime van de Liberiaanse dictator Charles Taylor (De Waarheid Over Mijn Vader) en hield Nederland een ongenadige, inmiddels weer bijzonder actuele spiegel voor via een persoonlijk portret van het extreemrechtse kopstuk Constant Kusters (Ons Moederland).

Maar eerst moest er dus een heel persoonlijk familieverhaal uit. Dat begint, althans in deze persoonlijke film, als Raphaëla ergens in de jungle met een cameraploeg op pad is voor het televisieprogramma Expeditie Robinson. Ze krijgt een telefoontje van haar vader, Pempy. ‘Shamira, kun je een paar schoenen voor me kopen?’ vraagt hij ‘Al mijn schoenen zijn vermist.’ Even later belt haar broer Andy. ‘Ik ben opgepakt, zus’, zegt die. Of ze iets voor hem kan betekenen? De filmmaakster begint te lachen: ‘Je weet dat ik je niet kan weigeren… Dat is zo irritant aan jou.’ Andy: Ik betaal je terug wanneer ik vrijkom. Maak je geen zorgen.’

Dat is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. Shamira Raphaëla heeft heel wat te stellen met haar vader en broer. Als Pempy na enkele maanden in de gevangenis vanwege drugshandel weer thuis komt, moet hij eerst nog een ruitje ingooien om binnen te kunnen komen. Vader zegt dat ie nu misschien wel voor een baas gaat werken. Hij moet er zelf om lachen. Zoek een baan, houdt Raphaëla even later haar broer voor, die in de cel heeft gezeten vanwege afpersing. ‘Ik zoek ook, maar ik vind niets’, reageert die. ‘Fuck ze, ik ben een boef.’ Andy, die een vrouw en kinderen moet onderhouden, heeft zo zijn eigen manieren om aan geld te komen.

En daarmee staan de spelers op het bord en liggen de regels voor het spel ook min of meer vast: Raphaëla’s vader en broer zullen gewoon hun leven vervolgen en zij heeft zich daar maar toe te verhouden. Leent ze bijvoorbeeld geld aan haar vader voor drugs, laat ze zich meetronen naar de illegale activiteiten van haar broer en waar blijft ze intussen zelf, de telg van een Antilliaanse familie die zich eigenlijk lijkt te hebben ontworsteld aan deze wereld? Het ene moment zit ze bij tv-producent Eyeworks in een montageset, het andere staat ze met haar broer te ginnegappen op een wietzolder. Het contrast lijkt eigenlijk te groot voor één enkel mensenleven.

Raphaëla heeft er maar mee te ‘dealen’ in deze persoonlijke film, waarin ze het leven met haar vader en broer in al z’n hoekigheid toont. Daarbij geeft ze nauwelijks achtergronden (hun verleden komt slechts zijdelings aan de orde) of context (wat er zich nu weer heeft afgespeeld, waardoor Pempy of Andy in de penarie terecht is gekomen). De film, zonder voice-over en interviews ook, schetst vooral de emotionele achtbaan waarin zij zich staande moet houden. Van een feestje bij haar vader snijdt ze keihard door naar één van zijn bedelbelletjes om geld. Van een scène waarin Pempy harddrugs rookt naar hoe hij wezenloos in een ziekenhuis ligt. Waarbij het even de vraag is of hij ooit nog wakker wordt.

Uiteindelijk werkt Shamira Raphaëla toe naar het moment waarop ze samen met haar vader de balans opmaakt en de omgedraaide rollen tussen ouder en de kind weer even worden teruggedraaid. Kunnen ze ooit, al is het maar voor even, weer gewoon vader en dochter zijn? En valt er te ontkomen aan het voorbeeld dat hij zijn kinderen ooit heeft gegeven?

Shamira Raphaëla is overigens jarenlang bezig geweest met een vervolg op Deal With It. In Downfall Of A Superwoman wilde ze laten zien hoe het verder ging met haar familie. Uiteindelijk heeft ze echter besloten om de documentaire niet te maken, vertelt ze in dit interview met De Filmkrant, omdat ze bij eerdere films heeft gemerkt dat mensen soms vogelvrij lijken te worden nadat ze hun leven met de wereld hebben gedeeld. ‘Ik neem mijn hoofdpersonen in bescherming maar doe ze daarmee tegelijkertijd tekort want hun verhaal blijft hierdoor ongezien en ongehoord.’

Berichten Voor Zara

EO

De Coronacrisis drukt Hans Fels met z’n neus op de feiten. Heeft hij, als oudere vader met een jong kind, zijn eigen verleden wel veiliggesteld? Want, zoals hij het zelf zegt: ieder mens is niet alleen zichzelf, maar ook z’n voorouders. En wat weet zijn jongste dochter, voor wie hij deze persoonlijke film maakt, eigenlijk van het oorlogsverleden van haar Joodse familie? Sterker: wat weet hij daar zelf eigenlijk van?

In Berichten Voor Zara (57 min.) tekent de ervaren filmmaker Fels – met zwart-wit foto’s en filmpjes, persoonlijke geschriften, krantenknipsels, herinneringen, ontmoetingen met intimi én een doos kleurpotloden – zijn eigen familiegeschiedenis uit. Totdat er een kleurrijk tafereel is ontstaan, vol tastbare details uit heden en verleden, voor een nieuwe generatie van de familie.

Hoewel hij enkele jaren na de Tweede Wereldoorlog werd geboren, is Fels wel degelijk een product van die traumatische periode. Zijn ouders kregen na de oorlog een relatie. Zijn vader had toen drie jaar lang in allerlei kampen achter de rug, zijn moeder overleefde Auschwitz-Birkenau. Hans zelf werd vernoemd naar haar eerste echtgenoot Hans Polak, die het eind van de oorlog niet haalde.

Over dat verleden werd nauwelijks gesproken. Stukje bij beetje vindt Fels nu snippers informatie over bijvoorbeeld de vooroorlogse commune De Gemeenschap, het dagelijks leven in het concentratiekamp Dachau en de ontmoeting van zijn moeder, jaren later, met vrouwen die ze in het kamp heeft leren kennen. Aan de nummers op hun arm is af te lezen wie er het eerst terecht kwam.

Zelf koestert hij, als een soort talisman, een fotorolletje, waarop een wandeling van zijn vader en moeder in het Amsterdamse bos zou staan. Zo gemakkelijk laat het verleden zich echter niet vastpakken. ‘Een geheugen, mijn geheugen, is een construct’, constateert Hans Fels zelf. ‘De optelsom van beelden, gerangschikt naarmate ze bij me passen of niet. Ook mijn geheugen doet de werkelijkheid geweld aan.’

Dat lijkt het thema van deze persoonlijke zoektocht, waarin Fels stem letterlijk en figuurlijk wel erg nadrukkelijk aanwezig is, naar de mensen die hem hebben getekend, zodat hij hen kan meegeven aan zijn eigen nageslacht.

Berichten Voor Zara is hier te bekijken.

The Curious Case Of Natalia Grace (Natalia Speaks)

HBO Max

The Curious Case Of Natalia Grace (261 min.) zoekt in 2023 de absolute ondergrens op van wat nog een docuserie mag worden genoemd. In deze ranzige kruising tussen een misdaadsoap en een realityserie wordt de onwaarschijnlijke geschiedenis opgelepeld van een Oekraïens adoptiekind met dwerggroei dat in een Amerikaans gezin terechtkomt. De Barnetts ontdekken al snel dat ze seksueel geperverteerd is. Het meisje begint bovendien een ernstige bedreiging voor de andere familieleden te vormen. Het lijkt alsof er een soort Duivel in Natalia huist. Ze wordt ook veel ouder ingeschat: uiteindelijk stelt een rechter zelfs officieel vast dat ze niet acht maar tweeëntwintig jaar oud is.

Deze lezing van een opeenstapeling van vreemde, gênante en onaangename gebeurtenissen komt met name van Natalia’s adoptievader Michael Barnett, één van de meest theatrale, onoprechte en ergens toch ook wel weer intrigerende true crime-personages van de afgelopen jaren. Vergelijkbaar met de blikvangers van absolute genreklassiekers, zoals John Mark Byers (de Paradise Lost-trilogie), Peter Madsen (Into The Deep: The Submarine Murder Case) en Robert Durst (The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst, waarvan dit jaar overigens een nieuw seizoen verschijnt). Al benadert deze schmutzige serie, waarvan je je naderhand toch wat vies voelt, op geen enkele manier dat niveau.

En dat geldt ook voor het zesdelige tweede seizoen, dat qua overbodigheid is te vergelijken met de vervolgen op Making A Murderer en Tiger King, waarin datzelfde verhaal nog eens vanuit een ander perspectief wordt verteld. The Curious Case Of Natalia Grace: Natalia Speaks (264 min.) heeft behalve allerlei extra bronnen slechts één echte troef: Natalia zelf. En een ontmoeting met haar ‘vader’ Michael, die ook deze nieuwe gelegenheid om in de aandacht te staan – steeds nét iets anders geknipt, geschoren en gekleed – natuurlijk niet onbenut laat. Ook om Natalia’s adoptiemoeder Kristine, met wie hij een vechtscheiding achter de rug heeft, als échte kwade genius aan te wijzen.

Zij heeft besloten om niet mee te werken aan deze serie. Als gevolg daarvan kunnen lieden die haar niet goed gezind zijn, ondersteund door allerlei ‘deskundigen’, ooggetuigen en ordinaire aandachtstrekkers, Kristine Barnett natuurlijk wel ongehinderd met pek en veren overgieten. En als ook al die verhaallijntjes helemaal zijn afgewikkeld – compleet met de verplichte tijdsprongen, plompe plotwendingen, slinkse cliffhangers, veel te expliciete reconstructiescènes, een typische horrorsoundtrack en vooral heel veel herhalingen van zetten – zijn er nog pijnpunten te vinden in Natalia’s Oekraïense verleden en het leven bij haar nieuwe adoptieouders Antwon en Cynthia Mans.

The Curious Case Of Natalia Grace symboliseert in zekere zin de totale verwording van het true crime-genre, waarbij het ‘truth is stranger than fiction’-adagium een alibi lijkt te zijn geworden om traumatische gebeurtenissen en de bijbehorende mensen, die zich met een beetje geluk/pech al snel gaan gedragen als ‘larger than life’-personages, he-le-maal uit te melken. Totdat er een bizar verhaal ligt, dat kan dienen als bingevermaak voor brave burgers, die zich maar al te graag verlustigen aan curieuze gevallen zoals dat van Natalia Grace. En die krijgen, getuige de cliffhanger in de epiloog van dit tweede seizoen, terzijnertijd beslist nog een vervolg voorgeschoteld. Want zolang er een publiek voor is…

En jawel hoor: begin 2025 verscheen seizoen 3: The Final Chapter.

Moja Siostra

IDFA

‘Op een gegeven moment zal je haar misschien moeten loslaten’, zegt Mariusz Rusinski vanachter de camera. ‘Ze wordt binnenkort achttien.’ Zijn moeder Natasza reageert fel: ‘Nou en. Ze blijft altijd ons schatje. Jij ben ook al bijna 23 en ik maak me nog steeds zorgen over jou. Het is gekkenwerk. Soms ben ik jaloers op mensen die geen kinderen hebben. Zij kunnen tenminste rustig slapen.’

Het gesprek volgt in de korte egodocu Moja Siostra (Engelse titel: Sister Of Mine, 30 min.) op een indringende scène, waarin Mariusz’s creatieve zus Zuzanna is opgehaald met een ambulance. Even later barst moeder in huilen uit. Het drugsgebruik van haar dochter, dat Natasza noopt om in huiselijke kring urinecontroles uit te voeren, ontwricht het gehele gezin. ‘Zuzia’ moet naar een afkickkliniek, een indringende ervaring die ze vervat in een gedicht.

Ook daarna blijft ze het gezin echter uit elkaar spelen. Zuzanna daagt de anderen uit om zich ook eens bloot te geven en zet de onderlinge verhoudingen in deze observerende film zodanig op scherp, dat ook haar broer zich niet meer aan de confrontaties voor zijn camera kan onttrekken. De pijnlijke gesprekken binnen het Poolse gezin dienen te leiden tot verzoening, maar daarvoor moet er nog heel wat water door de Wisla in dit schrijnende familieportret.

The Player

Cinema Delicatessen

‘Misschien is niets geheel waar en zelfs dát niet.’ Met dit citaat van Multatuli opent John Appel deze bekroonde zoektocht naar zijn vader. Naar de man zelf en mannen zoals hij. Gokkers. Waaghalzen. Oplichters. Mannen die leven met, door en voor risico.

Appel start in The Player (84 min.) bij een zwart-wit foto. Van zijn vader, bij diens luxewagen, een Mercedes. Hij pakt een brief erbij, gedateerd op dinsdagochtend 18 april 1978. De enige die zijn vader hem ooit schreef, een half jaar voor zijn dood. ‘Je vader heeft het “ei van Columbus” uitgevonden’, schrijft hij. Even later gevolgd door: ‘Natuurlijk zul je denken: dat is weer een truc van je vader, maar nee, dat is het niet. Het resultaat zal ongelovelijk succesvol zijn.’ Pas aan het einde van de film wordt duidelijk wat voor een ei John Appels vader denkt te hebben gevonden en of ‘t een gouden exemplaar is – of toch eerder een lege dop.

Om dichter bij die spannende en ook onbegrijpelijke ouder te komen, zoekt zijn zoon in deze persoonlijke film uit 2009 zielsverwanten van hem op, mannen die een deel van de ‘thrillseeker’ Appel senior representeren. Op de renbaan in Duindigt, bij de paardenraces die zijn vader ook veelvuldig bezocht in de laatste fase van zijn leven, ontmoet John bijvoorbeeld de charmante en ondoorgrondelijke bookmaker Harry Engels. ‘Er is één ding in mijn leven’, vertelt die, niet zonder trots. ‘Alles is onzeker.’ De joviale heer pronkt bovendien met een eindeloze rij foto’s van vriendinnen, die hun heil echter stuk voor stuk elders hebben gezocht.

In de Koepelgevangenis van Haarlem spreekt Appel daarnaast met Harry Hofland, een man die al een aanzienlijke periode vastzit vanwege oplichting en nu echt zijn leven wil beteren. Echt. Tegelijkertijd vertelt Hofland hoe liegen en bedriegen hem met de paplepel zijn ingegoten en inmiddels ook een soort tweede natuur zijn geworden. Als het hem lukt om ergens mee weg te komen, vindt hij dat ‘onbeschrijfelijk mooi’. In San Remo tenslotte mag de documentairemaker meekijken bij gokker Ted Stolzenbach. ‘Zodra je het Casino binnenloopt heb je geen verleden’, stelt die filosofisch. ‘Je hebt alleen nog maar een toekomst.’

Van Stolzenbach is ook de uitspraak die als een soort leidmotief voor deze documentaire geldt: een echte gokker zet zichzelf op het spel. Het is een vorm van Russische roulette, beweert hij. Die levenshouding spreekt ook uit zo’n beetje elke anekdote van John Appel over zijn vader, waarmee hij deze intrigerende film aanstuurt en richting geeft. De man móest balanceren op het slappe koord tussen spel en realiteit. De gedachte dat hij elk moment naar beneden zou kunnen vallen bleef tot het allerlaatst onweerstaanbaar. En dat was weer volstrekt onbegrijpelijk voor al wie hem liefhad.

Hear And Now

HBO

Ruim 65 jaar hebben ze geleefd zonder te horen. En dan willen Sally en Paul Taylor alsnog de oversteek wagen naar de horende wereld. Het Amerikaanse echtpaar besluit een cochleair implantaat te nemen. Hun dochter, de filmmaker Irene Taylor Brodsky, heeft zo haar twijfels. ‘Ik werd zenuwachtig van hun keuze’, vertelt ze in de aangrijpende egodocu Hear And Now (83 min.) uit 2007. ‘Wie zijn ze na de operatie? Zijn ze dan nog steeds doof? Horend? Of iets ertussenin? Wat als het implantaat niet werkt? Of één van hen straks kan horen en de ander niet?’

De film start een week voordat Irene’s ouders onder het mes gaan. Eerst moeder Sally, enkele dagen later vader Paul. Voordat het zover is tekent hun dochter het leven op dat ze tot dusver hebben geleid. Dat begint met de realisatie van haar grootouders – en eerst ook de ontkenning daarvan – dat hun kind doof is. Sally en Paul worden allebei op jonge leeftijd naar het gerenommeerde Central Institute For The Deaf in St. Louis gestuurd, waar ze leren praten en ook elkaar ontmoeten. Op de middelbare school, tussen horende kinderen, realiseren ze zich voor het eerst wat het betekent om doof te zijn en hoezeer zij daardoor losstaan van de horende wereld.

Inmiddels hebben de twee hun eigen plek in die wereld gevonden en samen drie, horende, kinderen op de wereld gezet. ‘Mijn ouders zijn goed in doof zijn’, constateert Irene trots. Maar waarom dan tóch een gehoorprothese laten implanteren? Sally wil volgens eigen zeggen nieuwe dingen ontdekken. En Paul hoopt aan zelfvertrouwen te winnen. De twee lijken zich intussen nauwelijks te realiseren dat ze met hen keuze ook een risico nemen. Ze hebben meer te verliezen dan ze zelf in de gaten hebben. Hun filmende dochter herkent dat eerder en legt het kwetsbare en emotionele proces, vanaf de ingrijpende chirurgische ingreep, minutieus vast.

Een maand na de operatie wordt dan eindelijk het cochleair implantaat aangezet en maakt het leven zoals Sally en Paul dat kenden plaats voor een nieuw bestaan, waarbij het wonder van horen regelmatig ook een bezoeking wordt. Met een persoonlijke voice-over kadert Irene de ervaringen van haar ouders in hun eerste horende jaar in. Leren horen, zo wordt al snel duidelijk, betekent ook leren wat niet te horen. Want de wereld waarmee horenden ongemerkt opgroeien, blijkt voor de Taylors vaak overweldigend en soms zelfs ondraaglijk. Zij ervaren een permanente kakofonie van geluid, die door hun dochter echt voelbaar wordt gemaakt in deze film.

Hear And Now ontwikkelt zich zo tot een even schrijnend als liefdevol portret van twee mensen die op latere leeftijd doelbewust hun comfort zone verlaten, om toch nog onderdeel te worden van de wereld van alle anderen. In dat intensieve proces dreigen ze zichzelf en ook elkaar kwijt te raken.

In 2020 maakte Irene Taylor Brodsky een soort vervolg: Moonlight Sonata: Deafness In Three Movements, want haar elfjarige zoon Jonas heeft ook ernstige gehoorproblemen. En ook haar ouders Sally en Paul spelen daarin weer een prominente rol. Net als Beethoven trouwens.

Glas, Mijn Onvervulde Leven

Zelovic Film

‘Eigenlijk had Rogier een beroemde muzikant willen worden, liefst zanger’, stelt verteller Kay Mastenbroek bij een oud zwart-wit filmpje van een man in net pak die zingende glazen bespeelt, beelden die Rogier Kappers als jongetje zag en die altijd op zijn netvlies zijn blijven staan. ‘Het publiek raken, de wereld ontroeren’, gaat de stem verder. ‘Maar hij had het nooit doorgezet. Zijn vader zegt dat dat komt omdat hij altijd andere plannen heeft. Maar wat als hij ‘t nu wél zou gaan doen, muzikant op de zingende glazen?’

En daarmee is de queeste van Glas, Mijn Onvervulde Leven (90 min.) in gang gezet. Over een eeuwig jongetje in een (oudere) mannenlijf. Een typische man ook van twaalf ambachten, dertien ongelukken – al heeft ie toch echt een Gouden Kalf op de schouw staan (of ergens anders in z’n Amsterdamse woning, of het vakantiehuisje buiten de stad, dat langzaam in de veengrond zakt). En Rogier Kappers, tevens de maker van deze kostelijke docu, heeft ook twee jongens te onderhouden, van twee exen. En nog geen nieuwe vriendin, trouwens. Zijn omgeving reageert natuurlijk sceptisch: halverwege de vijftig en dan straatmuzikant worden met een eigen glasorgel, hoe verzin je ‘t?

Voor een type als Rogier werkt zo’n reactie blijkbaar als een aanmoediging. Zoals ‘t eerder ging met boten, muziekinstrumenten en die ene oorlogsfilm. Totdat de droom werd ingehaald door zoiets ontmoedigends als de realiteit. Gelukkig heeft hij nu, als alles onverhoopt toch in het honderd loopt, altijd deze film nog, waarmee het zoveelste project wordt gedocumenteerd. Want Kappers’ pogingen om het publiek te raken en de wereld te ontroeren krijgen natuurlijk met het ene na het andere obstakel te maken. Een ontmoeting met zijn idool, de Estse componist Arvo Pärt, is nog niet mislukt of een tamelijk rampzalig optreden in Dubai – en korte broek – staat alweer op het programma.

‘s Mans avonturen worden, behalve door die tragikomische voice-over in de derde persoon, voortdurend begeleid door dikke klassieke (pop)hits. Die versterken de dramatische lijn van de film en werken daarnaast, ook niet geheel onbelangrijk, regelmatig op de lachspieren. En dat geldt eveneens voor de steeds weer terugkerende chats met allerlei potentiële nieuwe vriendinnen – ook omdat op voorhand al bijna vaststaat dat het toch weer niks wordt. Zijn vader Jan, een beminnelijke oud-leraar Grieks en Latijn die het beste voor heeft met zijn oudste zoon en die ‘glasbak’, houdt intussen een oogje in het zeil en de moed erin. Zijn belletjes aan Rogier structureren de boel een beetje.

Glas, Mijn Onvervulde Leven ontwikkelt zich, ook door zijn deskundige commentaar, tot een onweerstaanbare jongensboekfilm, die heerlijk het midden houdt tussen zelfreflectie en -spot. Een onvervalst pleidooi ook om ongegeneerd te blijven dromen.

1489

IDFA

De spanning moet ondraaglijk zijn. Terwijl de oorlog tussen Armenië en Azerbeidzjan, om Artsach (Nagorno-Karabach), in het najaar van 2020 voortduurt, 44 dagen lang, wachten de ouders van de 21-jarige student en musicus Soghomon Vardanyan op nieuws over hun zoon, die zijn dienstplicht vervult in het Armeense leger en op dag zeven van de oorlog vermist is geraakt. Met haar telefooncamera documenteert hun dochter Shoghakat hoe zij de tijd doden, in de hoop dat hun kind nog leeft.

Er gebeurt nagenoeg niets in 1489 (76 min.), de persoonlijke film die Shoghakat Vardanyan uiteindelijk van dit materiaal heeft gemaakt. Vader Kamo probeert de situatie aan het front uit te tekenen en zo zicht te krijgen op de overlevingskansen van zijn zoon. Hij ontfermt zich ook over een klein vogeltje. Moeder naait intussen verbeten kussenslopen voor de soldaten en zegt nog maar eens een weesgegroetje. En Shoghakat millimetert haar haren, zodat ze nog meer op Soghomon lijkt.

Ze vindt ook een briefje van haar vermiste broer. ‘Ik wens mezelf en mijn familie een goede gezondheid toe als ik het leger inga’, schrijft hij daarin. ‘Dat ik maar mag dienen zonder incidenten en als mens volwassen mag worden. Zodat ik een goede persoon kan worden.’ En al die tijd weet je als kijker eigenlijk al wat hen boven het hoofd hangt: dit zijn hun laatste momenten met Soghomon. Althans, met het idee van Soghomon. Straks dient het grote verdriet zich onvermijdelijk aan. 

Als dit inderdaad komt, is er eerst de behoefte om het te exploreren en daarna om alles te zien en te weten. En als willekeurige buitenstaander moet je daarin mee, of je nu wilt of niet. Aanschouwen wat niet om aan te zien is. Hoewel 1489 een rudimentaire en fragmentarische film is geworden, die tijdens het International Documentary Festival Amsterdam van 2023 nochtans is gekozen tot beste documentaire, wordt ie daardoor op de valreep toch nog een aangrijpende ervaring.

1489 – het anonieme nummer waarmee Soghomon Vardanyan kan worden geïdentificeerd – richt zich volledig op de persoonlijke beleving. Het grotere verhaal van een regionaal conflict, dat steeds opnieuw oplaait, is vervat in een lange begin- en eindtekst. En daartussen is er dus het lijden van gewone mensen zoals het Armeense gezin Vardanyan, dat leeft tussen hoop en vrees – en daardoor dreigt te worden verpulverd.

(…)

Karina Beumer

‘Heb je nog een identiteit als je geen geheugen meer hebt?’ vraagt de Brabantse kunstenaar Ron Beumer zich hardop af. ‘Een identiteit heb je als je jezelf kunt onderscheiden van je omgeving’, luidt het antwoord in (…) (24 min.). ‘Als je geen geheugen hebt en je bent alleen maar hier en nu, heb je eigenlijk volgens mij geen ik-besef. Dus dan is er ook niks waar je herinneringen aan kunt ophangen.’

Rons vrouw Inge constateert dat zij samen geen herinneringen meer kunnen maken. Haar man heeft Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH), verdwaalt en vergeet van alles en legt zijn leven daarom vast in dagboeken. En op basis daarvan heeft zijn dochter, kunstenaar Karina Beumer, nu weer deze korte docu gemaakt. Ook omdat hij, met zijn haperende kortetermijngeheugen haar anders misschien vergeet. Die film is geen lineaire of logische vertelling geworden, maar een associatieve en kolderieke tocht door Rons brein en de wereld die daaruit voortkomt, waarbij ook Karina’s decors, papier-maché poppen en gevoel voor humor nog goed van pas komen.

Een verspreking of verschrijving – ontvoering in plaats van ontroering – in een betoog over bomen, die wel eens als metafoor voor onze wijdvertakte hersenen zouden kunnen dienen, is bijvoorbeeld de aanleiding voor een doldwaze kidnapscène door lieden met een Ron-masker op. Je zou immers kunnen betogen dat een deel van Karina’s vader is ontvoerd. Toch? En een andere scène met allerlei open- en dichtslaande deuren staat ongetwijfeld voor de verwarring in Rons hoofd – hij kan de juiste ruimte maar niet vinden – maar zou ook in een gemiddelde klucht van John Lanting bepaald niet hebben misstaan.

Zo slalomt Karina Beumer in dit surrealistische videodagboek over hersenletsel tussen tragedie en komedie door, in de hoop zo tot het hoofd van haar vader door te dringen. Dat lukt haar uiteindelijk zelfs letterlijk. Tenminste, in de kolossale versie die ze daarvan heeft gemaakt met papier-maché. En ook Ron kruipt in zijn eigen hoofd, waar hij in het lange, verstilde eindshot toch wat verweesd oogt. Zoals hij dat tegenwoordig ook een beetje in zijn echte hoofd is.

Whatever Forever: Douwe Bob

BNNVARA

Tien jaar geleden lagen dat ruige imago, al die verwekte kinderen en de alcoholverslaving waarvoor hij onlangs in behandeling ging nog in de toekomst verscholen. De documentaire Whatever Forever: Douwe Bob (38 min.) van Linda Hakeboom en Rolf Hartogensis uit 2013 bevat echter wel degelijk een soort aankondiging van wat er nog zou komen voor de getalenteerde Nederlandse zanger/gitarist. Ik schreef er destijds zelf over op een persoonlijk blog.

‘Als twee ondeugende kleuters zitten ze naast elkaar in de woonkamer’, constateerde ik toen geërgerd over Douwe Bob en zijn vader Simon Posthuma. ‘Stoere verhalen. Over hoe vader sigarettenfilters opat en peuken uitdrukte op zijn hand. Het litteken is nog te zien. Over de eerste snuif van zoonlief. Samen met papa. Toch? En over Korsakov, want dat krijg je niet van drinken, aldus Posthuma senior. Tenminste, niet alléén van drinken.’

‘Singer-songwriter Douwe Bob – de aller-allerbeste van Nederland – en zijn vader Simon, voormalig kunstenaar, muzikant én drankorgel’, schreef ik verder. ‘De intrigerende documentaire Whatever Forever schetst een ontluisterend beeld van de man die als designer ooit met The Beatles werkte en zijn getalenteerde zoon. Ook Douwe Bobs moeder komt aan het woord. Ze is opmerkelijk mild over haar ex-man, die zichzelf altijd voorop stelde. Ten koste van alles en iedereen’, stelde ik destijds ferm, om mijn punt te maken.

‘En Douwe Bob, volgens zijn moeder een leuk maar lastig kind, is inmiddels bij zijn drankzuchtige vader ingetrokken en probeert vooral diens leuke, spannende kant te zien. Dat past ook bij hoe Douwe zichzelf ziet als kunstenaar. Je vader die stomdronken in zijn broek plast is vooral een hilarische anekdote. Geen deerniswekkend beeld van een man die zijn wilde rondedans met het leven duur moet bekopen. Niet doorvertellen, Douwe, gebaarde papa nog. Of beter: doe maar wel. Het draagt bij aan onze mythevorming.’

‘Vanwaar onze fascinatie met de creatieve dronkaards en dopeheads?’ vroeg ik me tien jaar geleden ook nog af. ‘Waarom vergapen we ons zo graag aan verloren helden zoals Shane MacGowan, Courtney Love en Pete Doherty, die en plein public hun talent en leven verkwanselen? Zij weerspiegelen blijkbaar iets in ons dat we van een afstandje willen aanschouwen, maar zelf liever niet aanboren. Is het dat onontgonnen terrein in onze geest waarnaar alle kunstenaars op zoek zijn, een soort El Dorado, waarvan ook Douwe Bob en zijn vader lijken te dromen?’

‘Wij doen wat niemand durft,’ concluderen zij eensgezind aan het eind van de documentaire. ‘Kunstenaars en criminelen. Wij flirten met de onderwereld. En de onderwereld flirt altijd met de kunst.’ Ze zijn buitenmaatschappelijk, volgens Posthuma Senior, duidelijk nog steeds een kind van de sixties. Koorddansers. Romantici. Ze fucken ongegeneerd met ons. En – niet te vergeten – met zichzelf.’

Door al die dronkenmanspraat heb ik me, als echte moralist, toch wat in de luren laten leggen, denk ik nu. Want Douwe Bob zei wel degelijk ook heel andere dingen in dat muzikale portret uit 2013. ‘Ik wil gewoon niet zoals mijn vader eindigen’, bijvoorbeeld. En dat hij, net als zijn pa, geneigd was om over zijn eigen grenzen en die van anderen heen te gaan. ‘Ik wil dat helemaal niet, maar ik ben wel zo.’

Whatever Forever: Douwe Bob is hier te zien.

Pretty Sorrow

NTR

Zit depressie in families? En is het ook genetisch bepaald? Op voorhand lijkt het geen heel opwekkende missie die fotograaf en kunstenaar Jasper Abels zichzelf heeft gesteld. Enige tijd geleden is hij vanuit Parijs teruggekeerd naar zijn geboortegrond in Twente. In een schuur bij het huis van zijn oma, waar hij zelf ook een tijdje heeft gewoond, vindt Abels foto’s van de familie van zijn moeder. Hij wil dat verleden opvrolijken – erop tekenen, borduren en kleuren – zodat mensen misschien ook een beetje kunnen lachen om al die droeve en stemmige beelden uit vervlogen tijden.

Jasper Abels heeft zelf ook wel eens de bodem van de put gezien, vertelt hij in de fraaie documentaire Pretty Sorrow (50 min.) van Klaas Hendrik Slump. En zijn broer Jorrit en zus Ilse kennen die zelfs als geen ander. Zij hebben een einde aan hun leven gemaakt. Op de één of andere manier is ‘t hun ouders daarna toch gelukt om verder te gaan. Het leven mag dan nooit meer een tien worden, vertelt vader Henk nuchter, maar soms nog wel een acht. Het is een troostrijke gedachte – al hebben de traumatische gebeurtenissen natuurlijk wel degelijk een rouwspoor door de familie getrokken.

Dat leed is onvermijdelijk ook doorgesijpeld naar Jaspers werk, dat in de afgelopen jaren al een prominente plek heeft geclaimd in modebladen als Vogue, Harpers Bazaar en Vanity Fair en inmiddels ook is doorgedrongen tot musea. En daar komt die persoonlijke thematiek, mede door de sprookjesachtige en kleurrijke aankleding ervan, in z’n volle omvang tot zijn recht. Als zijn moeder Betsy met een vriendin door een expositie van haar zoon loopt, moet ze toch een paar keer slikken. Daar ziet ze, in allerlei verschillende vormen, representaties van de kinderen die hen zo tragisch zijn ontvallen.

Deze documentaire belicht verder de persoonlijke ontwikkeling van Jasper Abels als mens en kunstenaar en laat hem natuurlijk ook aan het werk zien, in weelderige decors met ravissant uitgedoste modellen, maar komt toch steeds weer terug bij de rouwrand rond zijn leven, vervat in twee afzonderlijke uitvaarten die werkelijk alles anders hebben gemaakt. Het heeft de fotograaf dichter bij zijn ouders gebracht, waarschijnlijk omdat ze ’t zich niet kunnen permitteren om ook elkaar nog te verliezen. Zoals zijn moeder Betsy ’t pijnlijk treffend uitdrukt: ‘Op Jasper moeten we extra zuinig zijn.’

Toch is Pretty Sorrow uiteindelijk geen topzware film geworden. Want net als zijn protagonist vindt Slump ook schoonheid in dit verdriet. En dat biedt weer troost en hoop voor de toekomst.

Albert Brooks: Defending My Life

HBO Max

Ze kennen elkaar van de Beverly Hills High School, de maker en hoofdpersoon van deze documentaire. Albert zei toen tegen Rob, die hij ontmoette bij toneelles, dat hij de bekende komiek Carl Reiner kende. ‘Ik ook’, antwoordde Rob. ‘Het is mijn vader.’

Zo zaten er nog wel meer kinderen van bekendheden in de klas. De dochters van acteur Lee J. Cobb en comedian Groucho Marx bijvoorbeeld. De latere topacteur Richard Dreyfuss zat er ook. En Albert natuurlijk. Die eigenlijk geen Brooks heet, maar Einstein. Die voornaam was een grapje van zijn vader, de komiek Harry Einstein (alias Parkyakarkus).

Voor Albert Brooks: Defending My Life (85 min.) nemen de hoofdpersoon en Rob Reiner plaats aan een tafeltje in een restaurant en halen samen herinneringen op. Albert Brooks krijgt alle gelegenheid om smakelijke anekdotes en grappen uit te serveren en mag daarbij rekenen op de gulle lach van zijn gesprekspartner, met wie hij nu al zestig jaar bevriend is.

Hun conversatie wordt gestut met geinige fragmenten uit Brooks’ optredens, talkshows en films en aangevuld door zijn vrouw en kinderen en een heuse sterrencast, bestaande uit Chris Rock, Jon Stewart, Ben Stiller, Larry David, Steven Spielberg, Judd Apatow, David Letterman, Sharon Stone, Conan O’Brien, Sarah Silverman, Brian Williams, Tiffany Haddish en Jonah Hill.

Zij hebben natuurlijk niets dan lof voor de ontregelende punkrocker onder de Amerikaanse comedians, een man die ongemak opzocht, zichzelf daarbij niet spaarde en zijn tijd volgens hen altijd vooruit was. ‘Ik zou liever Alberts carrière hebben gehad dan mijn eigen carrière’, vat David Letterman ‘t in dit veilige, positief ingestoken portret nog even netjes samen.

Rob Reiner, die zelf toch filmklassiekers als This Is Spinal Tap, Stand By Me en When Harry Met Sally regisseerde, is ongetwijfeld dezelfde mening toegedaan. En dat is dan weer een tamelijk wankel uitgangspunt voor een spannend portret, waarin de hoofdpersoon echt wordt ontleed en doorgrond.

Son Of The Mullah

IDFA

Als Son Of The Mullah (100 min.) kent Ruhollah Zam het Iraanse regime natuurlijk van binnenuit. Zijn vader Mohammed bekleedde jarenlang een belangrijke positie binnen de Islamitische republiek. Als onderdeel van diens entourage leerde Ruhollah diverse kopstukken en hun verwanten kennen. Hij kon al snel niet meer aanzien hoe zij hun positie misbruikten, stiekem baadden in weelde en zich dan ook niets van de strenge religieuze regels aantrokken.

Als de Iraanse filmmaakster Nahid Persson, die vanuit haar huidige thuisland Zweden een gestage stroom kritische films heeft afgeleverd, hem eind 2018 opzoekt in zijn afgeschermde en beveiligde woning in Parijs, geldt Zam inmiddels als één van de bekendste criticasters van het Iraanse bewind. Met zijn eigen Amad News heeft hij een voortrekkersrol gehad bij de grootschalige protesten van 2017/2018 en stelt hij onvermoeibaar misstanden en corruptie in zijn geboorteland aan de kaak.

De Ruhollah Zam die Persson ontmoet maakt desondanks een montere en vrolijke indruk. Hij hangt wel permanent aan de lijn met één van zijn anonieme bronnen. Zij spelen hem onthullende informatie of clandestiene beelden toe. Samen met zijn Mahsa en twee dochters moet hij zich intussen de handlangers van het regime van het lijf zien te houden. Elke nieuwe persoon die aanklopt met saillante nieuwtjes kan een informant of geheimagent zijn, die hem in de val probeert te lokken.

Nahid Persson, die net als in haar vorige film over de Iraanse journaliste en mensenrechtenactiviste Masih Alinejad (Be My Voice, 2021) zelf ook wel erg graag een rol in beeld wil spelen, weet soms niet wat ze ervan moet denken. Hoe zorgvuldig en betrouwbaar is Ruhollah Zam zelf eigenlijk? Is zijn steun en toeverlaat Shirin wel volledig te vertrouwen? En hoe moet de miljonair die zich plotseling heeft gemeld met plannen voor een nieuw televisiestation worden ingeschat?

Ze gaat te rade bij Zams collega Ali Javanmardi, die zich afvraagt of de Zoon van de Mullah nog wel voorzichtig genoeg is. Niemand is immers voor de volle honderd procent te vertrouwen. Zo stevent deze eikenhouten film, die van binnenuit een nog altijd actuele en urgente kwestie behandelt, af op een dramatische apotheose, waarin de arm van het Iraanse bewind toch weer langer blijkt dan al gevreesd – en Ruhollah Zam de zoveelste martelaar voor het vrije woord in zijn land wordt.

Sly

Netflix

In de jaren tachtig ontwikkelde Sylvester Stallone zich tot de ultieme actieheld, op de voet gevolgd door Arnold Schwarzenegger. De krachtpatsers beconcurreerden elkaar met eendimensionale blockbusters. Van wedijver tussen de twee, die later samen deel uitmaakten van het sterrenensemble The Expendables, is allang geen sprake meer. Waar Sylvester onlangs warme woorden wijdde aan zijn voormalige rivaal in de driedelige serie Arnold, steekt Arnie nu de loftrompet over Sly (96 min.) in deze film van Thom Zimny (die eerder Bruce Springsteen, Elvis Presley en Johnny Cash portretteerde).

Verder is het vooral Stallone zelf die aan het woord komt in dit aangeklede zelfportret, met kleine bijrollen voor zijn broer Frank, cinefiel Quentin Tarantino, zijn collega’s Henry Winkler en Talia Shire, regisseur John Herzfeld en filmcriticus Wesley Morris. Sly is het verhaal van een geboren loser, die natuurlijk toch een winnaar is geworden. Dat personage heeft Stallone ook naar het witte doek gebracht, in de vorm van de tweederangs bokser Rocky die nooit opgeeft. De acteur/filmmaker heeft zelfs nóg een iconische Hollywood-held uit zijn mouw geschud: de larger than life-vechtjas Rambo.

Gedurende zijn lange carrière is hij nooit meer helemaal losgekomen van deze personages, die steeds weer een nieuwe sequel verdienen en gaandeweg ook steeds karikaturalere trekjes krijgen. Het lijken waarheidsgetrouwe afspiegelingen van de man zelf, een in wezen tamelijk eenvoudige vechter die even goed kan uitdelen als incasseren. ‘Jij, ik, niemand slaat zo hard als het leven’, laat hij zijn alter ego Rocky Balboa zeggen in een door en door Amerikaanse peptalk. ‘Maar daar gaat het niet om. Het gaat erom hoe hard je geslagen kunt worden. Hoeveel je aankunt en dat je toch door blijft gaan.’

In wezen heeft deze biografie, die zich concentreert op Stallones professionele leven, niet zo heel veel meer te bieden dan zulke platitudes, waarmee Zinmy chronologisch ‘s mans carrière doorloopt en intussen allerlei filmfragmenten met elkaar verbindt. Alleen komen die oneliners nu uit de mond van de oudere acteur/filmmaker persoonlijk, in plaats van een moegestreden bokser of een schietgrage Vietnam-veteraan. Stallone herleidt daarbij zowat alles wat hij ooit heeft gedaan of misdaan naar zijn pa Frank, die zo weinig liefde gaf dat zijn zoon er een heel leven lang, veelal tevergeefs, naar bleef hengelen.

Dat vadercomplex is het toch wat tragische fundament onder een verder weinig opzienbarende documentaire over één van de meest beeldbepalende figuren van de Amerikaanse film van de afgelopen halve eeuw.

El Eco

Bantam Film

Toño mag zijn bord op tafel laten staan, zegt zijn vader, die in de stad werkt en daardoor doorgaans weinig thuis is. Afruimen is vrouwenwerk, vindt hij. Zijn vrouw zorgt dus voor het huishouden. Of ze nu wil of niet. Toño’s oudere zus Monse, de hoofdpersoon van El Eco (Engelse titel: The Echo, 102 min.), droomt intussen van een ander leven, buiten dit afgelegen dorp in het Noorden van Mexico. Ze is er opgegroeid en sinds kort, als vanzelfsprekend, ook belast met de zorg voor haar erg broze oma.

Het dagelijks leven in het Mexicaanse dorp El Eco speelt zich grotendeels buiten af, tegen een imposant decor van groene heuvels en dramatische luchten, en wordt gekenmerkt door hard werken. Schapen scheren, hout sprokkelen, mais oogsten en lammetjes halen. De levens van mens en dier zijn er op een vanzelfsprekende manier met elkaar vervlochten. Het is een ogenschijnlijk idyllische wereld, die door regisseur Tatiana Huezo en haar cameraman Ernesto Pardo ook heel fraai is vereeuwigd.

Kalm observeren zij het leven op het Mexicaanse platteland, waar iedereen zijn eigen rol heeft – en ook moet spelen. Bij Monse knelt dat. Met haar paard wil de tiener zich bijvoorbeeld meten met de mannen in het dorp. Haar moeder, zelf op jonge leeftijd getrouwd en gestopt met werken, wil daar niets van weten. En dat noopt het meisje, in haar eigen coming of age-drama, om eindelijk de stoute schoenen aan te trekken. Dit is het dramatische hoogtepunt van een film waarin vaak nagenoeg niets lijkt te gebeuren.

Schijn bedriegt. In de interactie tussen de kinderen onderling, het contact met hun ouders en hoe zij zich verhouden tot al wat leeft in hun omgeving vertellen kleine details grote verhalen over hoe de levens van de kinderen en de generaties die hen voorgingen op elkaar (moeten) lijken. Huezo versterkt dit idee nog met een subtiel dwingende soundtrack en enkele fraaie liederen. Zo bouwt ze een verstilde vertelling, waarin iedereen, die daarvoor de rust in zichzelf kan vinden, volledig kan verdrinken.

Till Murder Do Us Part: Soering Vs. Haysom

Netflix

Wie is de marionet en wie de bespeler ervan? Dat is nog eens een ‘heerlijk’ uitgangspunt voor een true crime-productie. De ouders van de Amerikaanse studente Elizabeth Haysom zijn op gruwelijke wijze vermoord. Heeft zij, als een kille manipulator, haar vriend Jens Söring aangezet tot die gruweldaad (of op zijn minst tot een significante poging om die te verhullen)? Of heeft de nerdy tiener, zoon van een Duitse diplomaat, het oudere echtpaar Derek en Nancy Haysom juist op eigen initiatief afgeslacht om z’n begeerlijke vriendin definitief in zijn greep te krijgen?

Bijna veertig jaar na die fatale dag in Bedford County in Virginia, zaterdag 30 maart 1985, is die elementaire vraag blijkbaar nog altijd niet afdoende beantwoord. De vierdelige serie Till Murder Do Us Part: Soering Vs. Haysom (Duitse titel: Der Fall Jens Söring: Tödliche Leidenschaft, 191 min.) buigt zich opnieuw over het bloedstollende misdrijf en de juridische afwikkeling daarvan, waarbij de voormalige geliefden lijnrecht tegenover elkaar kwamen te staan. Het hielp hen geen van tweeën: ze zouden uiteindelijk allebei ruim dertig jaar in de cel zitten. 

Zij hult zich tegenwoordig meestal in stilzwijgen als het gaat om de gewelddadige dood van haar ouders. Dat schijnt ze aan haar halfbroers te hebben beloofd. Hij is er nog altijd niet klaar mee. Nadat Jens Söring eerder bijvoorbeeld ook al zijn kant van het verhaal heeft gedaan in de documentaire Das Versprechen (2016), een boek en talloze andere producties, neemt de inmiddels 57-jarige Duitser ook weer plaats voor de camera van André Hermann en Lena Leonhardt. Söring houdt staande dat hij onschuldig is – ook al heeft hij in eerste instantie toch echt een bekentenis afgelegd.

‘Soms kon je niet zeggen waar de leugen begon en de waarheid ophield’, vertelt de plaatselijke nieuwsjournalist Jeff Taylor, die de zaak destijds op de voet heeft gevolgd, in deze miniserie. ‘Het is een gegeven dat één persoon zei: ik wil mijn ouders dood. En dat de ander stelde: liefde is het ultieme wapen. Twee mensen zijn overleden door deze “liefde” tussen hen.’ En omdat maar niet onomstotelijk kan worden vastgesteld wat er nu precies is gebeurd vormt dat ene tragische misdrijf een onuitputtelijke bron voor producties over de destructieve liefde van Jens en Elizabeth.

Till Murder Do Us Part serveert die nog maar eens volgens de welbekende true crime-methode uit: met ‘smeuïge’ verhoren, ‘schokkende’ rechtbankverklaringen, ‘schimmige‘ reconstructiescènes, ‘bizarre’ geschriften, ‘bloederige’ foto’s, ‘spannende‘ geluidseffecten en -muziek, ‘daverende’ cliffhangers en ‘onthullende‘ interviews met politiemensen, advocaten, journalisten en mensen uit de periferie van de twee hoofdrolspelers. Zo worden alle ‘dramatische’ gebeurtenissen nog eens minutieus doorgeakkerd. Totdat er een klassiek stranger than fiction-verhaal is ontstaan.

Daarbinnen houdt iedereen vast aan zijn eigen lezing. En de belangrijkste personages zitten ook vast in dat verhaal. Zeker de marionet en z’n bespeler. Wie dan ook wie is.