Mijn Lief Kind

Keplerfilm

Meer dan veertig uur aan beeldmateriaal heeft Maarten de Schutter nog. Van zijn moeder Martine en zichzelf. Uit de tijd dat zij een twee-eenheid vormden. Onverbrekelijk met elkaar verbonden. Totdat het noodlot haar op 17 juli 2014 wegrukte uit hun leven. Martine was op weg naar de World Aids Conference toen haar vliegtuig, de beruchte vlucht MH17, uit de lucht werd geschoten. Hij was pas vijftien.

Zij sprak al tegen Maarten toen hij nog niet was verwekt. Mijn Lief Kind (57 min.), begon de vrouw, die een kleine anderhalf jaar later zijn moeder zou worden, op 17 november 1997 aan haar dagboek. ‘Het is moeilijk om te schrijven aan iemand zonder identiteit, zonder gezicht, nog zonder naam’, schreef ze. ‘Iemand die er misschien wel nooit zal zijn.’ Zijn moeder wilde zijn oorsprong met haar kind in wording delen. Omdat die nogal afweek van de maatschappelijke standaard.

Als alleenstaande vrouw had Martine de Schutter, een feministisch antropologe die al veel van de wereld had gezien, besloten dat ze een kind wilde. Via kunstmatige inseminatie werd Maarten verwerkt, de inmiddels volwassen jongen die zijn moeder nu wil terugvinden via deze persoonlijke film. Ruim tien jaar eerder is hij niet alleen haar kwijtgeraakt. Ook de meeste herinneringen aan hoe ze samen waren, wat zij voor hem was en hij voor haar, zijn eveneens verdwenen.

Met enkele dierbare vrouwen uit hun leven – die haar lieve kind heeft uitgenodigd in het huis van zijn moeder, dat hij nog altijd bewoont, en die hij daar van dichtbij, heel intiem, in beeld brengt – probeert Maarten de Schutter de weg terug naar die ooit alomtegenwoordige ouder te vinden. Hij bevraagt hen over hoe zij samen waren. Op de homevideo’s die van hen bewaard zijn gebleven is voor eenieder te zien wat hij nauwelijks onder ogen kan komen: dat ze bij elkaar hoorden én horen.

De beelden van die tijd zijn gedateerd geraakt en soms ook beschadigd. En wat er echt belangrijk was, bevond zich soms eerder tussen dan op de frames. Maarten toont ze desondanks: zonder enige opsmuk of juist met geladen muziek. Simpelweg het ruwe materiaal of als een kort gesneden sequentie. Ingebed in herinnerdingen en andere parafernalia bovendien. En verder ingekaderd met rudimentaire titels, uit verloren televisiejaren. Hun tijd samen komt ermee terug. Soort van.

Deze documentaire maakt het particuliere, een heel verdrietig verhaal waarvan er in deze vorm vast geen tweede variant bestaat, toch universeel. Over het verlies van een ouder, de rouw, boosheid en schuldgevoelens die weggestopt willen worden en het kwijtraken en weer terug proberen te vinden wat er ooit dagelijks en heel vanzelfsprekend was – ook al had Maarten als kind al ‘extreme angst’ dat één van de vliegtuigen waarin zijn moeder regelmatig stapte zou neerstorten.

Een aangrijpend video-antwoord van dat inmiddels volwassen kind aan zijn lieve moeder. Iemand die er nooit meer zal zijn, maar er wel degelijk geweest is.

It’s Never Over, Jeff Buckley

Piece Of Magic

Op z’n 29e verjaardag zegt Jeff tegen z’n vriendin Rebecca: ik ben nu ouder dan mijn vader. De befaamde singer-songwriter Tim Buckley was in 1975 bezweken aan een overdosis heroïne. Zijn zoon, voor wie hij nooit een echte vader zou worden, zal alleen niet héél veel ouder worden. Jeff Buckley gaat op 27 mei 1997 zwemmen in de Mississippi-rivier in Memphis en komt nooit meer uit het water. Hij is slechts dertig jaar oud. Kort daarvoor heeft hij nog vol overtuiging verklaard: ik ga niet eindigen zoals mijn vader, met een label aan mijn teen.

Bij leven en welzijn wil ie alles zijn, behalve ‘de zoon van Tim Buckley’. Want aan de bijbehorende verwachtingen kan hij als kind toch nooit voldoen. Zo lijkt ‘t tenminste. In werkelijkheid zal Jeff zijn illustere vader al snel overvleugelen. Als een interviewer hem vraagt wat hij heeft geërfd van zijn vader, heeft hij dat alleen nog niet door. ‘Mensen die zich mijn vader herinneren’, antwoordt de jonge zanger resoluut. ‘Volgende vraag.’ Buckley zal altijd een moederskind blijven. Net voor zijn dood spreekt hij nog een liefdevolle boodschap in op haar voicemail.

Mary Guibert heeft die ongetwijfeld vaker terug gehoord. Toch raakt ze in de documentaire It’s Never Over, Jeff Buckley (106 min.) weer geëmotioneerd als ze de laatste woorden beluistert van haar zoon, de jongen die zij als tiener op de wereld zette en vervolgens grotendeels alleen opvoedde. Zoals ook die andere vrouwen in zijn leven, Jeffs ex-vriendin Rebecca Moore en zijn verloofde Joan Wasser, bijna dertig jaar na zijn plotselinge overlijden nog altijd bevangen raken door emoties als ze die even kwetsbare als krachtige jongen weer voor hun geestesoog zien.

Met dit postume portret tilt de gelauwerde Amerikaanse documentairemaakster Amy Berg (West Of MemphisThe Case Against Adnan Syed en Phoenix Rising) Buckley weer in het hier en nu. Voorbij Hallelujah, de Leonard Cohen-song waarvan hij uiteindelijk een echte evergreen maakte. Voorbij zijn gelauwerde debuut Grace (1994), het enige album dat hij bij leven uitbracht en dat inmiddels als een klassieker wordt beschouwd. En voorbij het iconische beeld van de ongrijpbare zanger met het enorme bereik, die zich in ieders ziel etste en onderweg menig hart stal en brak.

Jeff wordt weer de jongen die op de middelbare school flink werd gepest. De muzikale veelvraat, die net zo gemakkelijk Edith Piaf als Sjostakovitsj, Nina Simone, Nusrat Fateh Ali Khan of Led Zeppelin verorberde. En de kunstenaar die gedurig twijfelde aan zichzelf. Of Grace toch geen toevalstreffer was en hijzelf een bedrieger? Amy Berg roept hem op met een veelheid aan archiefbeelden en geluidsopnames, animaties die z’n gemoedstoestand verbeelden en – natuurlijk – ’s mans tijdloze composities, waarvan de teksten voor de gelegenheid ook zijn ondertiteld. Zodat eenieder recht in zijn ziel kan kijken.

Deze stemmige, geladen film blijft in elk geval ver uit de buurt van gemakzuchtige popbio’s, waarin willekeurige concullega’s superlatieven uitstrooien over de held van dienst. Berg beperkt zich tot intimi, die daadwerkelijk een kijkje achter het gordijn hebben gekregen bij Buckley en die hem als mens, kunstenaar en artiest kunnen duiden. It’s Never Over, Jeff Buckley wordt daarmee het gelaagde psychologische portret, dat je zowel de hoofdpersoon zelf als zijn achterban, gehoor en muziekliefhebbers toewenst.

Happy Hooker, Lust Om Te Leven

BNNVARA / Witfilm

Iets wat ik altijd weg had gegeven, werd ineens betaald. Het was een openbaring voor Xaviera Hollander, een jonge Nederlandse vrouw die in de Verenigde Staten verzeild was geraakt. In 1971 schreef ze een boek over haar leven als prostituee en bordeelhoudster, dat een internationale bestseller werd: The Happy Hooker. Met die geuzennaam werd ze in de navolgende halve eeuw een icoon van ‘vrijheid blijheid’.

Inmiddels is Hollander, die in 1943 in Nederlands Indië werd geboren als Vera de Vries, al even in de tachtig. Ze is niet meer zo goed ter been, maar haar hoofd werkt prima en ze schrijft ook nog altijd. Ook over niet seks gerelateerde onderwerpen overigens. Haar vroegste herinneringen aan het Jappenkamp, waar het gezin werd gescheiden en haar ouders gruwelijk zijn gefolterd, vervatte ze bijvoorbeeld in het persoonlijke boek Kind Af (2001).

Daar, in die traumatische jeugd en hoe die stiekem altijd heeft doorgewerkt in haar leven, zit ook het drama in Happy Hooker, Lust Om Te Leven (55 min.). Verder verlaat regisseur Barbara Makkinga zich in dit portret vooral op het fraaie archiefmateriaal dat bewaard is gebleven uit de verschillende fasen van Hollanders persoonlijke en publieke bestaan en voorgelezen fragmenten uit haar boeken, die ze lekker tegen elkaar wegsnijdt.

Nadat Hollander een dampende scène uit haar succesboek heeft voorgelezen, volgt bijvoorbeeld een fragment uit het televisieprogramma Klasgenoten (1988), waarin medeleerlingen haar typeren als een ‘oversekste lellebel’. In werkelijkheid had ze ‘het’ echter nog helemaal niet gedaan. Wel zo’n beetje al het andere uitgeprobeerd, overigens. ‘Jullie hebben me gedeeltelijk nog als maagd gekend dus’, houdt ze haar toenmalige klasgenoten voor.

Makkinga heeft verder geen uitgebreide ronde langs Xaviera Hollanders entourage gemaakt. Behalve de hoofdpersoon zelf komt alleen haar vriendin en ex-geliefde Dia Huizinga uitgebreid aan het woord. Daarnaast zijn er scènes van een boekpresentatie en feest van haar zelfbewuste protagonist, die de controle nooit helemaal uit handen lijkt te geven in deze film. Happy Hooker, Lust Om Te Leven laat haar zien zoals ze waarschijnlijk ook gezien wil worden.

Als een vrouw van de wereld, die volgens haar eigen voorwaarden leeft.

Een Veilige Plek

Max

Samen met haar echtgenoot, de violist en dirigent Jaap van Zweden, heeft Aaltje van Zweden-van Buuren vier kinderen. Hun derde kind Benjamin heeft autisme, een verstandelijke beperking en epilepsie. Nadat de Van Zwedens lang tevergeefs hebben gezocht naar een geschikte woonplek voor hun inmiddels volwassen zoon, zijn ze in Laren een zogenaamd Papageno Huis gestart, een plek waar Nederlanders met een autismespectrumstoornis zich thuis kunnen voelen. Inmiddels wordt er in Lemmer aan de opstart van het Papageno Huis Fryslân. En als het aan Aaltje ligt komen er nog veel meer van zulke beschutte plekken voor kwetsbare kinderen.

Tegelijkertijd vraagt ze zich in Een Veilige Plek (54 min.) af: ‘Hoe dun is het laagje van onze beschaving?’ Want altijd als het erom spant, zijn het de kwetsbaren in de samenleving die aan het kortste eind trekken: de mensen met een psychische stoornis of een lichamelijke of verstandelijke beperking. Bij het Apeldoornsche Bos ontmoet Van Zweden bijvoorbeeld psycholoog Jetty Kropveld. Toen zij in 1945 werd geboren, was haar zes jaar oudere zus Lida, een meisje met een ontwikkelingsachterstand, al afgevoerd naar Auschwitz. Daar werd thuis echter nooit over gesproken. Het tragische lot van ‘het kind’ zou Jetty’s ouders niettemin hun hele leven achtervolgen.

Kinderen zoals Benjamin en Lida worden al snel als nutteloos beschouwd en dreigen vervolgens buiten de maatschappij te worden geplaatst, terwijl ze volgens Van Zweden juist zichtbaar zouden moeten zijn. Ze moeten als het ware gedeeld worden met de buitenwereld. In dat opzicht is er in het Oekraïense overheidsinternaat Moekatsjevo nog een wereld te winnen. Rond dit relikwie uit de Sovjet-tijd, waar vroeger kinderen die waren afgestaan aan de staat werden opgevangen, is nog altijd een hek opgetrokken. Toch proberen ze er nu een thuis te creëren voor Oekraïense kwetsbare kinderen en volwassenen, die hebben moeten vluchten voor de oorlog.

Aaltje van Zweden bezoekt in deze tv-docu van Erwin van den Berg ook nog een vluchtelingenopvang in Huizen, waar enkele Oekraïense moeders haar vertellen hoe ze omwille van hun kind huis en haard hebben verlaten. Het zijn aangrijpende verhalen, die het belang van plekken waar ook kwetsbare mensen tot hun recht komen nog eens benadrukken. Van Zweden beschouwt ‘t duidelijk als haar persoonlijke opdracht om daarvoor aandacht te vragen. Dat is natuurlijk een loffelijk streven, maar deze film blijft ook enigszins op dat niveau steken. Een Veilige Plek is vooral een aardige bijsluiter voor haar missie en wordt soms ook bijna een promofilm voor de Papageno Huizen.

Kees Vliegt Écht Uit

c: Malou van Breevoort / Videoland

De lotgevallen van Kees Momma, hoe ontwapenend of grappig die soms ook uitpakken, vormden in wezen altijd al een drama. Over een man die zich maar niet los kan maken van zijn vader en moeder. En over ouders, moeder Henriëtte in het bijzonder, die hun volwassen zoon eveneens blijven vasthouden. Dat werd nog niet eerder zo schrijnend als in deze derde Kees-film van Monique Nolte.

Wat zich in de vorige twee documentaires – Het Beste Voor Kees (2014) en Kees Vliegt Uit (2023) – al aandiende en toen ook meteen aanzienlijke vertraging opliep, is nu onvermijdelijk geworden: Kees Momma, een hypergevoelige man van halverwege vijftig met een autismespectrumstoornis, moet afscheid gaan nemen van de twee mensen rond wie hij zijn complete bestaan heeft opgebouwd.

Deze nieuwe episode uit het Kees-feuilleton begint waar de vorige film ophield: bij de woning die zijn ouders ooit voor hem kochten, even verderop in dezelfde straat te Velp, waar hij maar niet daadwerkelijk introk. Kees bleef een vaste gast van ‘pappie en mammie’ in het ouderlijk huis en het chalet dat, speciaal voor hem en zijn werkzaamheden als tekenaar, bij hen in de tuin was geplaatst.

Terwijl hun zoon in deze derde film gewoon z’n oude zelf blijft – altijd geïrriteerd ridderend, hardop denkend en zeer zorgvuldig en archaïsch formulerend – worden zijn ouders zienderogen ouder. Vader Willem oogt steeds breekbaarder, terwijl de geest van moeder Henriëtte alsmaar meer begint te haperen. Totdat zij haar zoon net zo hard nodig heeft als hij haar – al was dat waarschijnlijk altijd al zo.

De interactie tussen de onverbiddelijk wegglijdende moeder en het volwassen kind dat haar koste wat het kost probeert vast te houden en daarbij geen oog wil/kan hebben voor wat zij nodig heeft, is pijnlijk om te aanschouwen. Hoewel ze soms rechtstreeks wordt aangesproken door Kees en hij haar zo nu en dan ook brieven schrijft, slaagt Nolte er op zulke momenten in om zich geheel onzichtbaar te maken.

Dit geeft Kees Vliegt Écht Uit (87 min.) iets heel intiems – de façade voorbij, op het ongemakkelijke af. In lang uitgesponnen scènes wordt langzaam maar zeker het kleed onder het bestaan van Kees (en zijn moeder) weggetrokken. Klassieke muziek of zijn modeltreinen kunnen hem dan helpen, maar rust is lang niet altijd verzekerd. Hij moet zijn leven, dat zich afspeelt op een vierkante centimeter, grondig herbezien.

Deze film openbaart tegelijkertijd geen nieuwe of andere Kees. Daarvoor hangt hij te veel aan zijn eigen rolpatronen, rituelen en preoccupaties. Monique Nolte laat echter zien dat je zelfs dan – al is het alleen uit puur lijfsbehoud – soms verder kunt springen dan je polsstok eigenlijk lang is. Naar een ander bestaan, opgedrongen door een nieuwe werkelijkheid. De toekomst is dus onvermijdelijk: Kees Solo.

En dat is tevens de titel van de vierde Kees-film, waarmee Monique Nolte haar hartveroverende feuilleton binnen afzienbare tijd vervolgt – al lijkt haar onweerstaanbare hoofdpersoon ’t daarin tóch weer niet alleen te gaan doen.

Sponsorloper

Prime Video

Hij lijkt niet het type om stil in een hoekje te gaan zitten en zijn verdriet te verwerken. Integendeel, hij wil dat delen, op de één of andere manier omzetten in iets positiefs. En dus bedenkt Jeroen van Veen, alias @Sponsorloper (74 min.), een doldriest plan: hij gaat een jaar lang elke dag tien kilometer hardlopen, om geld in te zamelen voor het Prinses Máxima Centrum in Utrecht.

Want daar werd zijn eigen zoontje Kasper behandeld, als één van de zeshonderd Nederlandse kinderen die jaarlijks kanker krijgen. Ruim duizend dagen was Kasper vaste gast bij de kinderoncologen en begeleiders. Hij groeide er zogezegd op. Met veel plezier. Leerde er lopen, goed praten. En toen, nadat het kwartje talloze malen nét de goede kant op was gevallen, viel ‘t alsnog de verkeerde kant op. Zijn hersentumor werd Kasper begin 2022, op slechts vierjarige leeftijd, toch fataal.

Kasper van Veen behoort tot de ongeveer 120 Nederlandse kinderen die jaarlijks overlijden aan de gevolgen van kanker. Nadat hij drie en een half jaar vaste klant was bij het Prinses Máxima Centrum wil zijn vader Jeroen nu lotgenoten, die nog altijd noodgedwongen de gang naar het Utrechtse ziekenhuis maken, een hart onder de riem steken. Zodat ze weten dat er iemand is die elke dag aan hen denkt. Hij rent zogezegd voor hun leven – en dat van zichzelf, natuurlijk.

In deze docu volgt Jasper Mulder dit proces op de voet: van de marathon van Utrecht in mei 2023 tot de Radio 538 Ochtendrun op 22 maart 2024, als de radiozender Van der Veers initiatief heeft omarmd met de actie ‘help Jeroen aan een miljoen’ en een groot benefietevenement organiseert. Zijn protagonist is het onbetwiste middelpunt van de film – ook omdat Kaspers moeder Charlotte liever buiten beeld blijft en hun andere kinderen zoveel mogelijk uit beeld worden gehouden.

Daarmee wordt Sponsorloper als film wel erg eenzijdig: met Jeroen van Veen vooral lopend – of zich daarop voorbereidend of ervan afkoelend – en tussendoor in zijn eentje terugkijkend op de lijdensweg die ze met Kasper hebben moeten afleggen. Intussen draagt hij alsmaar de, ondanks alles, blijde boodschap van zijn actie uit. Bij dat laatste krijgt hij nog wat hulp van bekendheden zoals Bas Smit, Maan, Maarten van der Weijden, Dafne Schippers en Sunnery James & Ryan Marciano.

Het resultaat is een film die van start naar finish gaat. En dan weer van finish naar start. Over een ouder die zijn kind koste wat het kost bij zich wil houden – al is het dan alleen in zijn hart – en anderen een hart onder de riem wil steken.

An Eternity Of You And Me

MCO Film

Zo vanzelfsprekend als de kippen in hun tuin eieren leggen, zo moeizaam verlopen de pogingen van de Belgische filmmaakster Sanne This en haar Deense echtgenoot Albert Davidsen om zwanger te worden. Het leek zo vanzelfsprekend dat ze samen een kind zouden krijgen. Totdat dit helemaal niet zo vanzelfsprekend blijkt.

Hun pogingen om nageslacht te verwekken beginnen luchtig – en worden in deze persoonlijke film dan nog begeleid door vrolijke muziekjes – maar raken meer en meer beladen als een spontane zwangerschap uitblijft en het stel in de medische molen terecht komt. In verwachting raken – in de ideale wereld het resultaat van een enkel spontaan moment – verwordt dan tot een taai proces, waarin Sanne en Albert voortdurend heen en weer worden geslingerd tussen hoop en wanhoop.

This heeft dit zelf vastgelegd. Van binnenuit dus. Dat geeft An Eternity Of You And Me (79 min.) een zeer intiem karakter – al moet ’t ook lastig zijn geweest om voor kwetsbare momenten een camera klaar te zetten en alvast op ‘record’ te drukken. Als er weer een zwangerschapstest moet worden gedaan bijvoorbeeld, waarvan de uitslag natuurlijk ongewis is. Tussendoor gaan ze af en toe op bezoek bij een bevriend koppel, dat inmiddels wel kinderen heeft. Dat is gaandeweg vast een bezoeking geworden.

Deze documentaire speelt zich voor een belangrijk deel in en om hun woning te Kopenhagen af, met uitstapjes naar allerlei vruchtbaarheidsartsen en klinieken. Terwijl ze klussen aan hun huis, de kippen proberen te beschermen tegen een vos en plannen maken voor een boomhut in de tuin, fantaseren ze samen over hoe ’t leven eruit gaat zien als… Ja, als. Maar wat nu als er niets gebeurt – en tegelijk ongelooflijk veel? Een kinderwens die (nog) niet wordt vervuld kan zelfs de sterkste persoon of relatie breken.

Sanne This en Albert Davidsen lijken elkaar in elk geval stevig vast te houden. Dat is tenminste het beeld dat zij ervan schetst in deze film. Ze doen ’t echt samen: hopen, slikken en huilen – en dan weer, verrassend snel ogenschijnlijk, opkrabbelen en doorgaan. An Eternity Of You And Me, in de loop van ruim drie jaar gefilmd, wordt zo een optimistische vertelling, die tegelijkertijd héél privé en universeel voelt.

Ik Was Een Kind

Doxy / EO

‘Wat heb ik van die man gehouden!’ constateert Anneloes van ‘t Licht aan het einde van Geertjan Lassches indringende film Ik Was Een Kind (76 min.). Het is een bijzonder wrange conclusie. Diezelfde man – haar eigen vader, inmiddels overleden – heeft haar ook gesloopt.

Als zestienjarig meisje deed Anneloes aangifte tegen hem, een bekende SGP-politicus. Vanwege seksueel misbruik. Incest. Nu, 25 jaar later, overziet ze de schade die dat heeft veroorzaakt in haar leven. De manier waarop ze na die aangifte, ook tegen haar broer, werd behandeld vond ze nog erger dan het misbruik zelf. Ze werden bovendien niet veroordeeld – ook niet in hoger beroep. Het bewijs zou onrechtmatig zijn verkregen.

Voor deze documentaire heeft Anneloes brieven rondgestuurd, in de Gereformeerde gemeenschap waarbinnen ze opgroeide. De brief aan haar moeder heeft ze persoonlijk bezorgd. Slechts een enkeling – een broer van vader, een nicht, een gezinsverzorgster – blijkt bereid om met haar in gesprek te gaan. Net als tal van hulpverleners, die ze in die heftige periode en het van tragiek doortrokken leven daarna, op haar pad vond. 

Van ‘t Licht nodigt hen uit, om de maalstroom van gebeurtenissen die haar hebben getekend door te nemen, om er samen vat op te krijgen. Lassches camera is daarbij permanent gericht op de hoofdpersoon, die centraal in beeld zit. De anderen zijn niet meer dan passanten in haar schrijnende relaas. ‘Ik moet dit doen’, houdt ze zichzelf voor in dagboekfragmenten die de ontmoetingen inkaderen. ‘Voor mezelf, voor m’n kinderen.’

Met deze documentaire wil Anneloes zichzelf laten zien, ‘met alles wat er in mij zit’. Woede bijvoorbeeld. Over de ‘victim blaming’, verhalen over ‘seksueel wervend gedrag’. ‘Dat jullie ‘t in het verborgene willen houden, ergens snap ik het zelfs nog’, zegt ze boos tegen de camera. ‘Maar stóp met mij de schuld geven. Ík heb niet mezelf misbruikt.’ Ze laat een stilte vallen. ‘En ma, u weet, u wéét, dat ik de waarheid spreek. U wéét het.’

Ik Was Een Kind is echter niet zozeer een keiharde afrekening met haar familie als wel een poging om te begrijpen wat er is gebeurd, waarom haar dierbaren hebben gehandeld zoals ze deden en wat dit nu voor haar betekent. De film markeert wel het afscheid van een waardensysteem en de bijbehorende zwijgcultuur, waarvan Anneloes niet langer deel uit wil en kan maken – ook al zit dit, of ze nu wil of niet, diep in haar verankerd.

Die worsteling met het verleden, haar familie en zichzelf is pijnlijk om te zien. Een lijdensweg, een afspiegeling van de weg die ze daadwerkelijk heeft moeten afleggen, die in het hier en nu, voor de camera, nog eens wordt opgeroepen, om die dan, als ‘t enigszins kan, definitief achter zich te laten. Zodat de vrouw, die gedwongen door de omstandigheden altijd kind moest blijven, nu eindelijk in het heden kan gaan leven.

Leaving Neverland II: Surviving Michael Jackson

Amos Pictures / Videoland

Met de documentaire Leaving Neverland werd Michael Jackson (1958-2009) begin 2019 definitief onderdeel gemaakt van een dubieus, nog altijd uitdijend gezelschap: Harvey Weinstein, R. Kelly, Jeffrey Epstein, Bill Cosby, Gérard Depardieu, Kevin Spacey, Marilyn Manson en P. Diddy, wereldberoemde mannen uit de entertainmentwereld die herhaaldelijk in verband zijn gebracht met ernstig seksueel misbruik.

De indringende documentaire van de Britse filmmaker Dan Reed was opgebouwd rond de persoonlijke getuigenissen van Wade Robson en James Safechuck, die los van elkaar beweerden dat ze als kind waren misbruikt door de Amerikaanse superster. De erven Jackson verwezen hun verhalen direct naar de prullenbak – het ging de twee alleen maar om geld – maar de belastende verklaringen van Robson en Safechuck lieten zich niet zomaar wegredeneren. Daarvoor bevatten ze te veel details en was er ook nét iets te veel ondersteunend bewijsmateriaal.

Zes jaar later krijgt hun zaak een vervolg met Leaving Neverland II: Surviving Michael Jackson (53 min.). Óók in de rechtbank. Ondersteund door hun advocaten Vince Finaldi en John Manly proberen Robson en Safechuck al ruim tien jaar om hun zaak voor de rechter te brengen. Ze richten zich daarbij op Jacksons bedrijven MJJ Productions en MJJ Ventures. Die zouden op de hoogte zijn geweest van ‘s mans ‘draaimolen van kinderen’ en zijn wangedrag hebben gefaciliteerd. ‘Dit bedrijf had controle over kinderen’, betoogt Finaldi. ‘Het had de plicht om ze te beschermen.’

Na de eerste documentaire, die nogal wat stof deed opwaaien en van Robson en Safechuck een geliefd doelwit maakte van woeste Michael Jackson-fans, heeft Dan Reed zich verder verdiept in het vermeende kindermisbruik. Hij voert nu ook een openbaar aanklager en politieagent op. Zij hebben geprobeerd om een strafzaak op te starten tegen Jackson. Dit liep echter steeds spaak, omdat de entertainer steeds alsnog – naar verluidt voor exorbitante bedragen – wist te schikken met de beschuldigers en/of andere slachtoffers hun zaak niet durfden door te zetten.

Reed probeert ook wederhoor te halen, maar vangt steeds bot bij de mensen die nu Jacksons nalatenschap beheren. Hij vindt alleen een online quote van mede-executeur John Branca die na de release van Leaving Neverland, in april 2019, spreekt van ‘inconsistenties en regelrechte leugens’ in de film. Verder moet dit vervolg ’t doen met een bijdrage van de YouTuber Andy Signore, die nog altijd een financieel motief ziet bij Robson en Safechuck (én Reed), en quotes van enkele fans. Zij blijven Jackson door dik en dun steunen of zijn juist aan het twijfelen gebracht.

Over een financieel motief gesproken: MJJ Productions en Ventures hebben er natuurlijk ook alle belang bij dat hun verdienmodel – het commercieel uitbaten van Jacksons werk – niet in gevaar komt. Zij proberen de juridische procedures dus zo lang mogelijk te rekken en lijken te hopen dat van uitstel afstel komt. De zaak is voorlopig nog wel onder de rechter. Dit tweede deel van Leaving Neverland vormt dus niet meer dan de tussenbalans. De eindafrekening in de zaak tegen Michael Jackson zal te zijner tijd ongetwijfeld worden opgemaakt in Leaving Neverland III.

Heb Je Geen Kinderen?

c: Elvin Boer

Heb Je Geen Kinderen? (46 min.). Die vraag krijgt journalist en podcastmaker Liesbeth Rasker, net als sommige andere Nederlandse vrouwen die geen moeder willen worden, al heel lang voor haar kiezen. Gevolgd door de wacht maar-opmerking: wacht maar tot je in de dertig bent of een vaste relatie hebt. Rasker heeft daar last van. Er gaat sociale druk van uit. Ze gaat er ook weer van twijfelen of ze niet tóch een kind wil.

Terwijl ze eigenlijk weet: het moederschap is niets van mij. Die constatering gaat dan weer gepaard met verdriet. En dat is in haar specifieke situatie ook helemaal niet vreemd: Rasker verloor op tienjarige leeftijd haar eigen moeder, een onderwerp dat ze vorig jaar uitgebreid met familieleden, vrienden en lotgenoten heeft geëxploreerd in de aangrijpende documentaire Vroeg Verloren van Tessa Louise Pope.

Dat het overlijden van haar moeder verband zou kunnen houden met het ontbreken van een kinderwens wimpelt Liesbeth Rasker in eerste instantie resoluut af. Het onderwerp komt echter toch weer ter sprake tijdens een workshop met lotgenoten, Nederlandse vrouwen die ook geen moeder willen worden, welteverstaan. Met memoblaadjes die op een spiegel worden gegroepeerd inventariseren ze hun ervaringen en gevoelens.

In deze veilige omgeving benoemt Liesbeth Rasker ook dat voor haar ‘het overlijden van een kind een onacceptabel risico’ is. Die opmerking wordt verder alleen nauwelijks onderzocht. Zoals deze film van Pim Castelijn sowieso vooral z’n punt lijkt te willen maken: dat het krijgen van kinderen nog altijd de norm is en dat dit door vrouwen die het ‘niet-moederschap’ ambiëren als zeer beknellend kan worden ervaren.

En dus gaat Rasker vooral praten met geestverwanten: een jonge vrouw die zich al heel jong heeft laten steriliseren, een stel waarbij de man wél en de vrouw géén kinderwens had (en die met een lesbisch koppel ‘de beste oplossing ooit’ voor alle betrokkenen vonden) en een moeder op wie het ouderschap zwaar weegt (een thema dat vorig jaar overigens ook al werd uitgewerkt in de docu Spijtmoeders van Milou Gevers).

Rasker vindt bij haar bronnen precies wat ze zocht – ook omdat kritische vragen achterwege blijven – en lijkt niet serieus te hebben gezocht naar wezenlijk andere gezichtspunten. Ze heeft ook wel erg nadrukkelijk in de mediawereld rondgekeken. Toen ze te gast was in de talkshow van Eva Jinek, om over dit onderwerp te spreken, bleek zelfs de host de druk om moeder te worden te hebben ervaren. Uitroepteken.

En interviewer Antoinnette Scheulderman, waarbij ze aan het eind langsgaat, is ongetwijfeld een geschikt rolmodel voor vrouwen die bewust kinderloos zijn, maar nieuwe inzichten levert haar inbreng dan niet meer op. Wat zou het hebben gebracht als Rasker haar eigen kring eens had verlaten en zou gaan spreken met kinderloze vrouwen die zich nooit belemmerd hebben gevoeld of die juist later tóch spijt hebben gekregen?

Niet omdat Raskers eigen voorkeur voor het niet-moederschap er niet zou mogen zijn of moet worden verdedigd, maar juist om die bij anderen te toetsen en verrijken. Nu wordt Heb Je Geen Kinderen? waarschijnlijk precies wat de makers voor ogen hadden – ‘een emancipatoir pamflet vanuit een persoonlijke invalshoek’ – maar heeft de film niet heel veel méér te bieden.

Zirkuskind

Julia Lemke / Flare Film

Als ‘opa Ehe’ vertelt, hangt Santino aan zijn lippen. Zijn bijna tachtigjarige overgrootvader heeft prachtige verhalen. Over de gloriedagen van het circus. Als vijftienjarige reed hij al tractor. Daarmee trokken ze van Duitsland naar Barcelona. 2700 kilometer. Met zeventien kilometer per uur! En de olifant, apen, slangen en giraffen moesten allemaal mee.

Santino is nu elf. Voor zijn verjaardag heeft het guitige joch een kleine crossmotor gekregen. Hij is er dolblij mee. Het wordt nu zo langzamerhand ook tijd dat hij als Zirkuskind (Engelse titel: Circus Boy, 86 min.) gaat nadenken over hij zelf wil gloriëren in de piste van het circus. ‘Iedereen moet iets doen waarop ie trots is’, zegt opa Ehe bemoedigend.

Zijn achterkleinzoon en hij behoren tot de circusfamilie Frank. Santino’s vader Gitano heeft de verantwoordelijkheid over de dieren van Circus Arena. Kamelen, koeien, paarden, pony’s, lama’s en honden. Zijn moeder Angie is acrobate. Ze is nu alleen zwanger. En Santino’s jongere broer Giordano wordt, net als hijzelf, ingezet voor allerlei klusjes.

Julia Lemke en Anna Koch kiezen in deze observerende film consequent het perspectief van Santino, een jongen die het nomadenbestaan van zijn circusfamilie zonder voorbehoud omarmt. Zo was ‘t, is ’t en zal ’t naar zijn stellige overtuiging ook altijd blijven. Terwijl de hoogtijdagen van het circus toch al enige tijd achter hen lijken te liggen.

Overgrootvader blijft hem intussen nostalgische verhalen voeden, met zo nu en dan een bittere ondertoon. Als de vooroordelen ter sprake komen waarmee ze als circuslui altijd krijgen te maken, bijvoorbeeld. En ook de inktzwarte periode van de nazi’s, toen een groot deel van de familie werd afgevoerd naar de vernietigingskampen, blijft niet onbenoemd.

Zulk drama voert evenwel nooit de boventoon – ook omdat Ehe’s herinneringen worden verbeeld met cartooneske animaties van Magda Kreps en Lea Majeran. Santino’s bestaan kan zich ogenschijnlijk veelal in kinderlijke onschuld voltrekken. Op elke nieuwe school dreunt hij verder netjes op welke dieren ze hebben. En nee, die worden natuurlijk niet mishandeld.

Zirkuskind, verrijkt met afwisselend luchtige en weemoedige accordeonmuziek, richt zich duidelijk op een jonge doelgroep, maar geeft wel degelijk, door de ogen van een kind, een boeiende impressie van een jaar achter de schermen bij Circus Arena, dat met één been in het verleden en het andere toch nog best comfortabel in de tegenwoordige tijd lijkt te staan.

En aan het eind daarvan begint Santino zowaar een idee te krijgen van waar ie later trots op zou kunnen zijn.

An Update On Our Family

HBO Max

De tijd dat onhandige papa’s met een fototoestel of een videocamera bibberig de eerste verrichtingen van hun nageslacht probeerden te vereeuwigen, ligt inmiddels al lang en breed achter ons. Een beetje bijdetijds ouderkoppel heeft tegenwoordig een eigen YouTube-kanaal, waarop over alle wederwaardigheden van het gezinsleven wordt gevlogd. Over (positieve) zwangerschapstesten, spugende kinderen en het huis dat maar niet opgeruimd raakt.

Zo kunnen we echt met hen meeleven, vinden devote fans zoals de alleenstaande moeder Hannah Cho uit Phoenix, Arizona. Zij is verslingerd geraakt aan The Stauffer Life, het toch wel behoorlijk professioneel ogende familiekanaal van Myka en James Stauffer. Dat Amerikaanser dan Amerikaanse echtpaar houdt z’n achterban uitstekend op de hoogte van wat er in hun o zo gezellige gezinnetje allemaal gebeurt. Als ze een miskraam heeft gekregen, zit Myka binnen vier uur weer voor de camera. Ook om haar excuses te maken dat ze zo lang niet heeft gevlogd. En wanneer ze daarna toch weer in verwachting raakt, wordt de positieve test voor de camera met de andere kinderen gedeeld. ‘Zwangerschapsaankondigingen krijgen nu eenmaal veel views’, weet ook Hannah Cho.

De Stauffers gelden inmiddels als de zwarte schapen van de mamavlog-wereld. En de kwestie die daarvoor heeft gezorgd – de adoptie van het Chinees jongetje Huxley – gebruikt Rachel Mason als voertuig om alle uithoeken van die gemeenschap te verkennen in An Update On Our Family (139 min.). In de driedelige docuserie, geïnspireerd op het artikel Un-adopted van Caitlin Moscatello in New York Magazine, introduceert Mason tevens de familievloggers Harold en Rachel Earls (Earls Family Vlogs) en Channon Rose (Channon Rose Vlogs), die ’t heel fijn vinden om hun ‘journey’ met de gemeenschap te delen. Er zit trouwens ook een aardig verdienmodel in zo’n familievlog. Als je tenminste weet hoe je jezelf – en je kinderen – moet verkopen.

Deel 2 van deze miniserie zoomt verder in op de adoptie van kinderen uit het buitenland. Zoals dat nieuwe zoontje van de Stauffers. Myka en James laten hun vlogkanaal floreren met een continue stroom updates over de adoptie en wachten Huxley natuurlijk ook met draaiende camera op als hij vanuit een Chinees weeshuis recht in hun armen loopt. Herstel: had moeten lopen. Want erg enthousiast is het joch in eerste instantie niet. En dat blijkt de voorbode van een moeizame episode in het bestaan van die alleraardigste Stauffers, waarbij hun adoptiekind gaandeweg helemaal van het toneel lijkt te verdwijnen. Dan hebben ze echter buiten fanatieke fans zoals Hannah Choh, die zelf is geadopteerd vanuit Korea, gerekend. Zij gaan op zoek naar waar Huxley is gebleven.

Influencer-expert Sophie Ross, die zelf overigens ook verdacht veel lijkt op een influencer, brengt de zaak in mei 2020 buiten de ‘momosphere’ met een messcherpe tweet, waarna de rest van de trending wereld – van Business Insider tot Buzzfeed – ermee aan de haal gaat en de hele familiegoegemeente losgaat op die onfortuinlijke Myka en James Stauffer. Hun vlogroem komt als een boemerang bij hen terug. Een waarschuwing voor al die ouders met een familiekanaal, die nog in de veronderstelling leven dat het delen van beelden van hun kinderen, in deze lekker cringy serie overigens consequent onherkenbaar gemaakt, volstrekt onschuldig is. Terwijl die kids in werkelijkheid natuurlijk allang van de complete gemeenschap zijn geworden.

En al die volgers weten, als digitale huisvriend, véél beter wat goed voor hen is. Te beginnen met die arme Huxley.

Maar Je Was Er Wèl

c: Janna Stolp

Van één op de tien tot zelfs één op de vier. De schattingen over het aantal zwangerschappen dat, in de eerste zestien weken, resulteert in een miskraam loopt uiteen. Soms heeft de moeder in kwestie nog niet eens door dat ze in verwachting was, in andere gevallen verheugt ze zich al enige tijd op het aanstaande ouderschap en komt het verlies, dat regelmatig in stilte moet worden gedragen, keihard binnen.

In de korte documentaire Maar Je Was Er Wèl (22 min.) van Janna Stolp vertellen drie Nederlandse vrouwen hoe ze hun miskraam hebben beleefd. Annemarie, Marjolijn en Florentine volgen daarbij de loop der dingen: dat allereerste gelukzalige gevoel van zwanger zijn, het moment waarop duidelijk wordt dat er iets mis is en de maalstroom van gebeurtenissen en emoties waarin ze dan terechtkomen.

Want hoewel een miskraam misschien ‘gewoon’ is en ook minder heftig lijkt dan bijvoorbeeld een stilgeboorte of het krijgen van een ernstig gehandicapt kind, kan die wel degelijk veel impact hebben. Allereerst lichamelijk: een lijf is niet ineens níet meer zwanger en moet bovendien afscheid nemen van dat mensje in wording. En daarna psychisch en sociaal: hoeveel verdriet sta je jezelf toe en met wie deel je dit?

‘Maar je hebt toch al een gezond kind?’, hield Annemarie zichzelf bijvoorbeeld voor. ‘Waar ben je dan zo verdrietig om?’ Heel lang gunde ze zichzelf geen gelegenheid om te rouwen. Totdat zij aan zichzelf merkte dat ze andere zwangere vrouwen niet van harte kon feliciteren en werd verteerd door jaloezie. Toen werd ’t tijd om er iets mee te gaan doen. Het kind dat er niet kon zijn toch een plek te geven in haar leven.

Veel vrouwen bedenken hun eigen manier om de pijn te verdoven of onschadelijk te maken. Terwijl doorvoelen en vervolgens accepteren uiteindelijk waarschijnlijk noodzakelijk is om écht verder te kunnen. Janna Stolp omkleedt de getuigenissen van haar hoofdpersonen en hun copingstrategieën met symbolische sequenties, die hun persoonlijke verhalen ondersteunen en van treffende beelden voorzien.

Zo brengt ze een intiem en eenzaam proces in kaart, dat vrouwen en hun partners veelal in stilte ondergaan.

Trailer Maar Je Was Er Wèl

Spermworld

FX

‘Waarom doneren jullie eigenlijk?’ vraagt Aimee op het USA Sperm Donation-forum, in het bijzonder aan de mensen die dat gratis doen?

James: ‘Ik doe ‘t om de LHBTQ-gemeenschap te helpen.’

Elaine: ‘Dat waarderen we zeer. ‘

Harold: ‘Om Amerika’s beroepsbevolking vooruit te helpen.’

Phil: ‘Zodat ik mijn artistieke en intellectuele capaciteiten kan doorgeven.’

Natasha: ‘Eerlijk gezegd denk ik dat sommigen een fokafwijking hebben.’

Alan: ‘Vooral uit gewoonte tegenwoordig.’

Zomaar één van de online-conversaties, waarmee de verbluffende Amerikaanse documentaire Spermworld (83 min.) is doorvlochten. Lance Oppenheim, de regisseur die in Some Kind Of Heaven en Ren Faire al een geheel eigen wereld opriep, begint deze film in Santa Cruz, Californië. Een vrouw rijdt naar een motel, waar een onbekende man al op haar wacht. Op de kamer legt hij uit wat er staat te gebeuren. Het gaat in totaal zo’n kwartier in beslag nemen. Kun je daarna dan een handstand doen? zegt hij. Zodat het sperma in je blijft – liefst nog met een orgasme erbij.

Na deze onwezenlijke start – een ‘verschrikkelijke one night stand’, aldus de betrokken vrouw, die er wel een kind aan over zal houden – introduceert Oppenheim zijn drie hoofdpersonages. Zij doneren alle drie buiten het reguliere medische circuit om. Voor Ari Nagel is dat zelfs een ‘way of life’. Hij heeft geen eigen huis, maar reist permanent het land door, teneinde aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen. Dat heeft inmiddels geresulteerd in meer dan 130 kinderen – en de teller staat nog altijd niet stil – met wie hij ook een tamelijk verknipte ouder-kindrelatie probeert te onderhouden.

Tyree Kelly, een zwaarlijvige Afro-Amerikaanse man die eerder gedetineerd was, lijkt het doneren van sperma eerder als een baan dan als een roeping te beschouwen. Zijn verloofde Atasha Peña Clay wil intussen ook zwanger worden. Zij moet alleen gewoon op haar beurt wachten. Steve Walker tenslotte is na zijn echtscheiding ook druk gaan doneren. De vriendelijke oudere man uit Knoxville, Tennessee, zou Rachel Stanley, een 28-jarige vrouw uit Nashville, best ter wille willen zijn. Zij kampt alleen met ernstige gezondheidsproblemen en is ook wel bang dat Steve eigenlijk gewoon een relatie wil.

Via deze drie donoren, met elk hun eigen achtergrond, leefsituatie en motieven, schetst Lance Oppenheim een unheimische wereld, schaars en opvallend blauwgroen uitgelicht en voorzien van een klinische synth-soundtrack, waarin het wonder van nieuw leven wordt teruggebracht tot een al dan niet zakelijke transactie in een desolate motelkamer, op het openbare toilet of gewoon bij de klant thuis, in diens badkamer of desnoods lijfelijk. De één ovuleert en wil zo snel mogelijk moeder worden, de ander heeft nog wel een kwakje over. Een kind is dan slechts ‘een vingerhoedje stijfsel’ weg…

De situatie doet in deze film, die een ontluisterend beeld schetst van voortplanting in het Land van de Onbegrensde Mogelijkheden, regelmatig denken aan een illegale abortus. Terwijl het oogmerk van alle betrokkenen daar juist diametraal tegenover staat: gewenst leven. Geconcipieerd vanuit een ideaal, uit pure medemenselijkheid of toch voor cash. In het duister van Spermworld, dat wel.

Ari Nagel heeft trouwens ook z’n eigen documentaire: The Baby Daddy.

Sporen Van Een Spermabank

KRO-NCRV / vanaf dinsdag 17 december op NPO Start

Zouden sommige vruchtbaarheidsartsen, donoren en medewerkers van spermabanken in het verleden de overtuiging hebben gehad dat het doel alle middelen heiligde? En dat toch niemand erachter zou komen hoe ze hun klus klaarden? De misstanden die in de afgelopen jaren, met behulp van moderne DNA-toepassingen, zijn blootgelegd in de fertiliteitswereld – van pak ‘m beet het zaad van de beruchte vruchtbaarheidsarts Jan Karbaat tot de duizend kinderen van de Nederlandse ‘vikingdonor’ Jonathan Meijer – doen vermoeden van wel.

De excessen daargelaten lijkt er in het algemeen, bij mensen die doorgaans natuurlijk vanuit de beste bedoelingen handelden, sprake te zijn geweest van onachtzaamheid, gebrek aan invoelend vermogen en doodgewone slordigheid. Donorkinderen worden echter donorvolwassenen, zoals Roos, zelf kind van een donor, ‘t treffend uitdrukt in de vierdelige serie Sporen Van Een Spermabank (145 min.). De vragen over oorsprong, verwantschap en aanleg volgen dan vanzelf. En mannen die ooit (anoniem) zaad doneerden kunnen dan ineens worden aangesproken als vader.

Deze miniserie van Annemieke Ruggenberg en Martijn Willemen concentreert zich op misstanden binnen het Arnhemse Rijnstate-ziekenhuis en laat zien – op basis van achtergrondgesprekken en inzage in medische dossiers, onderzoeksrapporten en vertrouwelijke stukken – waartoe al dat geïmproviseer kan leiden. Donoren met veel meer nageslacht dan ze door hadden bijvoorbeeld. ‘Het is gewoon veel te veel’, zegt Peter, die zelf geen kinderwens had, maar inmiddels naar schatting zestig tot tachtig kinderen heeft verwekt. Hij betrapt zichzelf op ‘de hoop dat kinderen zich niet melden’. 

Bij donoren zoals Peter, die soms zelfs al zijn vergeten dat ze ooit zaad hebben gedoneerd, kan er echter zomaar een brief van de Stichting Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting op de deurmat vallen: één van hun kinderen wil contact. Hans ziet zichzelf bijvoorbeeld niet als vader, maar eerder als ‘biologische veroorzaker’. Ook hij heeft er inmiddels echter diverse malen aan moeten geloven. Het ene na het andere kind meldde zich. Voor de camera van deze serie wordt Hans opgezocht door een gezelschap van vijf volwassen dochters, waarvan hij er eentje zelfs voor het eerst ontmoet.

De eerste twee delen van deze boeiende journalistieke productie richten zich op de donorkinderen en hun donoren, het derde deel speelt zich vooral binnen het ziekenhuis zelf af. Waar artsen en medewerkers van het matchen van wensouders en donoren nogal eens een (administratief) rommeltje hebben gemaakt. Met alle gevolgen van dien: voor onwetende/onwillige donoren, de betrokken ouderparen en – vooral – hun inmiddels volwassen kinderen, die in het duister tasten over van wie ze afstammen – of uitermate ongelukkig worden van de informatie die ze daarover krijgen verstrekt.

De volle reikwijdte van wat er toentertijd mis is gegaan in het Rijnstate dringt pas echt door in de afsluitende aflevering van Sporen Van Een Spermabank, die is opgebouwd rond een onthulling van Karbaat-achtige proporties. Dit bijzonder pijnlijke verhaal krijgt ongetwijfeld nog een staartje en maakt ook erg benieuwd naar de inhoudelijke reactie van het ziekenhuis en de betrokken arts.

Cold Case: Who Killed JonBenét Ramsey

Netflix

Aan de true crime-lawine lijkt maar geen eind te komen. Elke dag is er een nieuw raadsel om op te lossen, een tragisch misdrijf om van te gruwelen of een tot de verbeelding sprekende ‘cold case’ die weer, wéér!, afgestoft wordt.

Zeker bij die oude zaken lijkt de kans dat er nog iets nieuws boven tafel komt te verwaarlozen. JonBenét Ramsey zou nu bijvoorbeeld 34 jaar oud zijn en in niets meer lijken op het zesjarige schoonheidskoninginnetje dat tijdens kerstmis 1996 werd vermoord. Zoals vader John Ramsey, één van de voornaamste troeven van deze nieuwe productie van true crime-veteraan Joe Berlinger (de Paradise List-trilogie, de Crime Scene-serie en Conversations With A Killer: The Ted Bundy/John Wayne Gacy/Jeffrey Dahmer Tapes), anno 2024 eerder op een bedaagde opa lijkt dan op een radeloze vader die zijn kind kwijt is – en al snel tot hoofdverdachte werd gebombardeerd.

You always have to look at the family, zeggen agenten niet voor niets tegen elkaar. Ook Johns vrouw Patsy bleef dus niet buiten schot. Zij werd gezien als de kwade genius achter de ‘seksualisering’ van haar dochter, die veelvuldig aan schoonheidswedstrijden voor kinderen deelnam. Alle verdachtmakingen tegen het echtpaar Ramsey leidden zelfs tot een soort neprechtszaak in de ranzige talkshow van Geraldo Rivera. Een ‘deskundige’ had in dat kader 23 uur aan beeldmateriaal van JonBenéts optredens bekeken en een scène gevonden waarop het meisje verkleed als elfje optreedt voor senioren. ‘Ze pakt een saxofoon, waarmee ze anderhalve minuut masturbeert.’

Los van het twijfelachtige karakter van junior-missverkiezingen, kan het nóg onsmakelijker dan de discussie daarover opstarten over de rug van een vermoord kind? En wat te denken van een detective die tv-interviews begint te geven, waarin ze vader John ongegeneerd aanwijst als de moordenaar? En mag je van journalisten niet verwachten dat ze ook zelf vuige roddels en (gelekte) informatie checken en niet alleen aan de leiband lopen van de plaatselijke politie, die vrijwel direct volledig overtuigd is geraakt van de schuld van de Ramseys? In Cold Case: Who Killed JonBenét Ramsey (179 min.) gaat ‘t, kortom, net zo vaak over hoe er in de Amerikaanse media werd bericht over de moordzaak als over het misdrijf zelf.

En dat is geen vrolijk stemmend verhaal. In ‘the court of public opinion’ worden John en Patsy Ramsey vliegensvlug veroordeeld en komt ook JonBenéts negenjarige broer Burke nog ongenadig aan de beurt. Al die verdachtmakingen hebben al eens hun weg gevonden naar Kitty Greens ingenieuze film Casting JonBenét (2017), waarin (amateur)acteurs uit de woonplaats van de Ramseys, Boulder in Colorado, auditie doen voor een rol in een productie over de zaak en ondertussen allerlei lezingen van het misdrijf en informatie over hun eigen leven delen. In deze driedelige docuserie vormen al die verhalen, methodisch bij elkaar gezet, een unheimisch geheel.

Joe Berlinger is erin geslaagd om zo toch weer een meeslepende vertelling te maken. En in deel drie van Cold Case richt hij zich op andere verdachten van de moord, uit een schmutzige uithoek van het strafdossier, en stuit dan zowaar op aanknopingspunten om de zaak mogelijk alsnog tot klaarheid te brengen. Want hedendaags DNA-onderzoek biedt voorheen onvoorziene mogelijkheden.

Theatre Of Violence

Dogwoof

Twaalf jaar geleden ging de activistische film Kony 2012 ineens ‘viral’. Een mensenrechtenorganisatie genaamd Invisible Children wilde er zo voor zorgen dat Joseph Kony, de leider van het Lord’s Resistance Army (LRA) in Oeganda, eindelijk zou worden berecht door het Internationaal Strafhof in Den Haag, dat hem al in 2005 officieel in staat van beschuldiging had gesteld.

Zover kwam het nooit. Slechts één enkele soldaat van het  Oegandese rebellenleger werd aangehouden: Dominic Ongwen. Hij was als negenjarige ontvoerd door het LRA en zou zich daarna als kindsoldaat, in de periode van 2002 tot en met 2005, schuldig hebben gemaakt aan gruwelijke oorlogsmisdaden in wat zijn advocaat Krispus Ayena het Theatre Of Violence (91 min.) noemt in Noord-Oeganda.

Het proces tegen Ongwen start in 2016 en vormt het fundament onder deze indringende film van Lukas Konopa en Emil Langballe. Methodisch lopen de aanklagers een hele waslijst aan beschuldigingen tegen de verdachte door. Tegelijkertijd realiseren alle betrokken zich dat Dominic Ongwen niet alleen de dader van afschuwelijke misdaden tegen de menselijkheid is, maar ook het slachtoffer ervan.

De vraag wat dit dan betekent voor zijn vervolging loopt als een rode draad door het proces, dat zich afspeelt tegen de achtergrond van tumultueuze presidentsverkiezingen in Oeganda, waarbij Joseph Kony’s grote tegenstander Yoweri Museveni, sinds 1986 aan de macht in het Afrikaanse land, op alle mogelijke manieren probeert om zijn opponent, de populaire Afrobeatzanger Bobi Wine, van zich af te schudden.

Die verkiezingsstrijd was al het toneel van de meeslepende documentaire Bobi Wine: The People’s President en wordt in Theatre Of Violence binnen z’n historische context geplaatst, inclusief de koloniale erfenis van landen zoals Oeganda, waar autocratische machthebbers vaak door de voormalige kolonisator aan de macht zijn geholpen. En dat schept ruimte voor messianistische tegenstanders zoals Joseph Kony.

Want Kony’s aanhangers beschouwen hem als niets minder dan een profeet. Een man met bovennatuurlijke gaven, met een eigen leger van God. ’s Mans kindsoldaten, betoogt Dominic Ongwens advocaat Krispus Ayena, werden zo volledig gehersenspoeld. Ze schikten zich naar die nieuwe werkelijkheid. Volstrekt onmenselijke handelingen behoorden vervolgens al snel tot de orde van de dag.

Joseph Koney zelf houdt zich al jaren schuil, maar als Ayena door Oeganda reist om ontlastende getuigen te zoeken, die later overigens inderdaad voor zijn cliënt zullen pleiten bij het Strafhof, stuit hij wel op een vrouw en enkele kinderen van de rebellenleider. Een man die volgens de advocaat heel aardig overkomt en in niets lijkt op het monster dat uit zoveel verhalen naar voren komt.

Zulke tegenstellingen – ook die tussen de dader en het slachtoffer in één en dezelfde getroebleerde man en de verhitte situatie in het Afrikaanse land tegenover de beheerste rechtszittingen in Den Haag – tekenen deze film, die gaandeweg steeds verder onder de huid kruipt. Terwijl tijdens het proces de meest gruwelijke details aan de orde komen, proberen de rechters voor een ordelijke rechtsgang te zorgen.

Ook zij raken echter bevangen door de enormiteit van het drama dat zich in Oeganda heeft afgetekend.

Tsunami: Race Against Time

Disney+

In Banda Atjeh, een stad op het Indonesische eiland Sumatra, sleurt een maalstroom van water, modder en de brokstukken van een verpletterde wereld alles en iedereen met zich mee. Ontheemde bewoners proberen zich staande te houden op de vervaarlijk drijvende vloot van wrakstukken en zo te overleven op die fatale zondagochtend 26 december 2004. Een plaatselijke camerajournalist legt vast hoe een groep mannen tevergeefs een klein meisje uit het water probeert te trekken. Één van hen kan het niet langer aanzien, duikt in het water en zwemt ernaartoe.

‘Ze bleef maar zeggen: papa, papa…’, herinnert de toenmalige redder in nood, muzikant Dedi Rahmat, zich in de vierdelige serie Tsunami: Race Against Time (176 min.) van regisseur Daniel Bogado, die eerder de aanslagen van 11 september 2001 reconstrueerde in 9/11: One Day In America. ‘Hoewel ik een alleenstaande 25-jarige man was, zei ik tegen haar: papa is hier, papa is hier…’ Bij beelden van hoe Dedi het geschrokken kind zorgzaam in zijn armen houdt en met haar achter op een brommer richting het ziekenhuis klimt, vertelt de man hoe hij het meisje daar aan een verpleegkundige heeft overhandigd. ‘Ik heb het kind nooit meer gezien, maar in mijn hart weet ik dat ze het heeft overleefd.’

Ruim 11.000 kilometer verderop, op het Pacific Tsunami Warning Center in Hawaii, probeert seismoloog Barry Hirshorn intussen vat te krijgen op de aardbeving onder water, die met name in de Indische Oceaan woest om zich heen slaat. De ramp zal uiteindelijk ruim tweehonderdduizend levens claimen, in veertien verschillende landen. In deze miniserie probeert Bogado de totale tragedie te vatten. Hij heeft daarvoor de beschikking over honderden uren beeldmateriaal van allerlei verschillende bronnen en kan een beroep doen op enkele overlevenden. Zij kregen elk op hun eigen manier te maken met de tsunami, die menigeen in hun directe omgeving het leven kostte.

Deze persoonlijke getuigenissen brengen de inmiddels twintig jaar oude ramp weer helemaal tot leven. De Zweedse toerist Fredrik Bornesand, die vakantie viert in het Thaise Phuket, heeft eerst bijvoorbeeld niet door wat er op hen afkomt. Wat erg voor de eigenaar van het hotel, denkt hij. Al die waterschade! Pas later realiseert hij zich dat ze met z’n allen in een klassieke ‘leven of dood’-situatie terecht zijn terechtgekomen. Ook in Sri Lanka zijn de ramp en ravage nauwelijks te overzien en belandden zowel hulpverleners als gewone burgers in bijzonder hachelijke situaties. Voor menigeen is het ieder voor zich en God voor ons allen, anderen proberen daar bovenuit te stijgen.

Bogado speelt hun persoonlijke verhalen gewiekst uit, waardoor tot het laatst ongewis blijft of sommige verwanten van zijn hoofdpersonen het er levend afbrengen – of niet. Zo ging het in werkelijkheid ook: wat het lot nog gaat brengen, laat zich immers niet voorspellen. Het dreigt in dit ooggetuigenverslag van de dodelijkste tsunami uit de recente historie soms wel bijna een raadspelletje te worden: heeft puntje-puntje-puntje ’t nu overleefd of niet? De filmmaker zorgt er bovendien wel voor dat de serie in balans blijft. Tegenover elk groot drama staat een klein wonder – of op zijn minst een lichtpuntje, waaruit een bepaalde vorm van hoop kan worden geput.

Zoals het relaas van een Indonesisch jongetje dat drie weken na de ramp wordt aangetroffen door hulpverleners. Martunis Sarbini heeft al die tijd langs het strand gelopen en geslapen tussen levenloze lichamen. Hij oogt moederziel alleen, maar zal uiteindelijk toch weer een thuis vinden. Hij staat daarmee model voor alle overlevenden, die na de ramp de brokstukken van hun leven bij elkaar moesten vegen.

Witches

MUBI

Enkele eeuwen geleden zou ze wellicht op de brandstapel zijn beland – in plaats van in een kliniek voor vrouwen die net een kind hebben gekregen.

Na de geboorte van haar zoon, nu drie jaar geleden, raakte Elizabeth Sankey verstrikt in zichzelf. Een stem in haar hoofd vertelde de Britse filmmaakster dat de wereld beter af zou zijn zonder haar. Ze wilde al snel niet meer leven en was bang dat ze haar eigen kind iets zou aandoen. Deze wirwar van inktzwarte gevoelens ging duidelijk verder dan de ‘baby blues’ waarin sommige moeders belanden. Sankey was terechtgekomen in een postpartum psychose. Binnen een maand na de geboorte moest ze worden opgenomen.

In een andere tijd en wereld, betoogt Sankey in het bekroonde video-essay Witches (90 min.), zou ze wellicht zijn beschouwd als een heks. Want zo ontdeden gemeenschappen zich soms van eigenzinnige, kritische én instabiele vrouwen. Die werden tot ‘outcast’ verklaard en uit hun natuurlijke omgeving verwijderd. Dan hoefden anderen ook niet in te gaan op wat ze zeiden of hun klachten serieus te nemen. De geschiedenis kent talloze voorbeelden van zulke ‘heksen’ die worden verstoten – of definitief uitgeschakeld.

Elizabeth Sankey verbindt haar eigen verhaal en dat van enkele lotgenoten met die beladen geschiedenis. Ook in beeld: met talloze fragmenten uit speelfilms, die op een virtuoze manier worden verknoopt met haar persoonlijke relaas – al is die connectie eerder associatief dan letterlijk en soms ook enigszins gekunsteld. Ze wil duidelijk iets kwijt over hoe we naar vrouwen in het algemeen kijken en hoe zij worden opgezadeld met predicaten als maagd, hoer, meisje, moeder en (goede en slechte) heks.

Sankey doet haar verhaal vanuit een klassiek decor, midden in beeld zittend en recht in de camera kijkend. Alsof ze zich rechtstreeks tot de kijker wil richten, in de overtuiging dat die nodig van de ernst van de situatie moet worden doordrongen. Én zodat zij niet kan worden weggezet als de zoveelste hysterica, die het leven nu eenmaal niet aankan. Zo’n houding is namelijk niet zonder gevaar: zelfdoding is één van de belangrijkste doodsoorzaken bij zwangere vrouwen en vrouwen die net een kind hebben gekregen.

Dave Emson, de enige man in deze indringende film, blijft daarvoor waarschuwen. Zijn vrouw Daksha worstelde al langer met haar psychische gezondheid, maar stopte met haar medicatie toen ze zwanger werd van hun dochter Freya. In stilte, bang om te worden gezien als een slechte moeder en haar kinderen kwijt te raken, worstelde Daksha met een postpartum psychose. Met dramatische gevolgen. ‘Ik kan niet toestaan’, stelt Dave, ‘dat mijn meiden, en andere moeders en baby’s, tevergeefs sterven.’

Met voorbeelden van andere moeders die uit het dal wisten te klimmen en hulp van de supportgroep Motherly Love, waarin vrouwen met elkaar praten over de schaduwkanten van het moederschap, vond Elizabeth Sankey de weg terug naar zichzelf en haar kind. De groep heeft mijn leven gered, zegt ze vanachter de camera tegen oprichtster (en ervaringsdeskundige) Milli Richards. Allebei ervoeren ze hoe heilzaam de stilte verbreken en delen – en de angst, schaamte en schuldgevoelens achterlaten – kan zijn.

Witches brengt die boodschap glashelder, en toch op een volstrekt originele en eigenzinnige manier, over het voetlicht: hoe belangrijk ’t is dat moeders in nood serieus worden genomen en professionele zorg krijgen. Ook, of juist, omdat ’t zo’n beangstigende gedachte is dat zij, de vrouwen die doorgaans de veiligste plek op aarde vormen, hun kind iets zouden kunnen aandoen.

Music By John Williams

Disney+

Alleen al vanwege de soundtrack voor de film Jaws verdient componist John Williams een plek in Hollywoods eregalerij. Zonder hem zou Steven Spielbergs witte haai waarschijnlijk eerder lachwekkend dan doodeng zijn geworden. Williams schreef een elementair muziekstuk, waarmee een aanval van het bloeddorstige monster wordt aangekondigd. En een ongelooflijke bioscoophit was geboren. Music By John Williams (105 min.) begint dan ook met die twee uit duizenden herkenbare noten. Tada… Tadaa… En de haai is alweer onderweg, op zoek naar z’n prooi.

Williams componeerde natuurlijk de muziek voor zo’n beetje alle films van Spielberg: van Close Encounters Of The Third Kind, Indiana Jones en E.T. tot Jurassic Park, Schindler’s List en The Fabelmans. Daarnaast leverde hij ook iconische soundtracks voor Fiddler On The Roof, The Poseidon Adventure, Superman, Home Alone, JFK en Harry Potter. In totaal staan er vijf Oscars op de schouw in huize Williams. Met zijn muziek voor de Star Wars-franchise werd hij zelfs een rockster. Als hoogbejaarde dirigent trekt hij nog altijd volle zalen, waarbij tijdens The Imperial March een groot deel van z’n gehoor zelfs enthousiast meedirigeert met een heus lichtzwaard.

Dat succes heeft ook zijn keerzijde gehad, toont deze doeltreffende documentaire van Laurent Bouzereau, waarin verder nauwelijks een wanklank valt. Het duurt namelijk even voordat Williams ook serieus wordt genomen door z’n vakbroeders. Juist omdat hij zo succesvol is met filmmuziek. Want die wordt door sommige musici beschouwd als een bastaardkunstvorm. Als ‘Johnny’ wordt aangesteld als dirigent van het Boston Pops Orchestra, zorgt dit in eerste instantie dus voor spanningen. Uiteindelijk bezwijkt echter ook het sikkeneurigste orkestlid voor het muzikale vakmanschap van John Williams en wordt zijn tijd bij het orkest alsnog een succes.

Zelf vindt hij ‘t geweldig om en plein public te musiceren. ‘Voor het gewonde ego van een filmcomponist die geen publiek of applaus kent is het genieten van het magnifieke publiek in Boston.’ Dat al dan niet gewonde ego wordt in deze Hollywood-docu ook nog eens duchtig gestreeld door regisseurs (George Lucas, Chris Columbus, Ron Howard, J.J. Abrams en – natuurlijk – Steven Spielberg, die ook een dikke vinger in de pap had bij deze film) en muzikanten (violist Itzhak Perlman, saxofonist Branford Marsalis, cellist Yo-Yo Ma en violist Anne-Sofie Mutter) waarmee hij werkte. Samen dragen zij één  boodschap uit: muziek verbindt en John Williams is de ultieme verbinder.

Music By John Williams concentreert zich vrijwel volledig op ‘s mans liefde voor muziek en werkleven. De tragiek uit zijn persoonlijk leven – zijn vrouw, actrice/zangeres Barbara Ruick, stierf op slechts 41-jarige leeftijd en liet hem met drie jonge kinderen achter – wordt binnen enkele minuten afgewerkt. Misschien ook omdat muziek écht zijn eerste liefde was – en straks ook, als dan toch ‘The End’ verschijnt, z’n allerlaatste. De appel is in dat opzicht overigens niet ver van de boom gevallen. Zijn zoons zijn eveneens ‘lost in music’: Mark speelde met Cher, Air Supply en Tina Turner en Joe is leadzanger van Toto. Alleen Jenny, het enige familielid dat in deze film optreedt, houdt ’t bij een rondje golf.

En dat lijkt ook zo’n beetje het enige wat John Williams buiten de muziek doet.