North By Current

Twee weken na Kalla’s dood trouwde zijn zus Jesse met David. ‘Ik ontmoette hem voor het eerst op de uitvaart’, vertelt filmmaker Angelo Madsen Minax in een voice-over. ‘Ze woonden net een week samen toen ze stierf.’ Hadden Kalla’s moeder en haar nieuwe geliefde, die met zijn gewelddadige verleden de schijn een beetje tegen heeft, misschien iets van doen met het overlijden van zijn tweejarige nichtje? Als Madsen in 2016 in ‘Nowhere Michigan’ arriveert, lijken ze van alle blaam gezuiverd.

‘Zal ik je nog vertellen over het andere kind dat we hebben verloren?’ vraagt Madsens vader even later aan hem. ‘We zijn er twee kwijtgeraakt: een kleinkind en een dochter’, vult zijn moeder aan. ‘We hadden een klein meisje met de naam Angela. Dat was me er eentje. En daar hebben we nooit eerder over gesproken, maar het was echt een hartendief.’ Madsen staat perplex door wat zijn ouders zeggen: Gaan jullie mijn transitie nu echt vergelijken met de dood van Kalla?’

Hij is even sprakeloos. Voor de egodocumentaire North By Current (85 min.) keert Madsen in de navolgende jaren regelmatig terug naar zijn geboortegrond, waar duidelijk heel wat oud zeer is achtergebleven. Om de gevolgen van Kalla’s dood op zijn oudere zus en haar partner, die inmiddels enkele kinderen verder zijn, op te tekenen en in het reine te komen met zijn eigen achtergrond daar, in de hoop dat zijn familie ook bereid of in staat is om in het reine te komen met hem.

Madsen heeft zijn zeer persoonlijke film een collage-achtig karakter gegeven: gesprekken met familieleden worden doorsneden met jeugdvideo’s, natuurbeelden, abstracte shots en re-enactments van situaties uit het verleden. Het geheel wordt bijeengehouden met een indie-soundtrack en ingekaderd door Madsens filosofisch bedoelde voice-over die in een permanente dialoog lijkt te zijn verwikkeld met de stem van een vroegrijp kind, ingesproken door Sigrid Harmon.

In die tegelijk zeer associatieve en ook erg geconstrueerde vorm zit zowel een rouwfilm als een coming of age-drama verscholen. Die komen alleen slechts ten dele binnen. Hoewel ruw en persoonlijk – op het voyeuristische af soms – voelt North By Current soms ook nét iets te bedacht en gekunsteld.

The Mirror And The Window

Doxy

Hij laat een foto van een klein meisje zien. Als filmmaker/editor weet Danniel Danniel als geen ander dat elke film een belofte inhoudt. Hij had daarvoor eerst een pistool in gedachten. Als hij die in het begin zou laten zien, zou de kijker vast benieuwd zijn wanneer, door wie en waarom ermee zou worden geschoten. Maar hoe kom je aan een wapen in Nederland? En hoe zou hij de film daarmee dan moeten afronden? Zijn belofte wordt dus een foto van een onbekend kind. En dat moet aan het einde van de film dan terugkomen.

Danniel weet dat hij niet meer lang zal leven en heeft zijn vriend Diego Gutiérrez gevraagd om hem te filmen. Ze spreken regelmatig af in een Nederlands restaurant, waar Danniel zich op een vreemde manier thuis voelt. Juist omdat het zo’n onpersoonlijke plek is en de echte allure ervan tot het verleden behoort. Intussen is ook Gina Coppe, de moeder van Gutiérrez, aanbeland in de allerlaatste fase van haar leven. In haar woning in Mexico-Stad, waar ze persoonlijke verzorging krijgt, vertelt ze over de relatie met zijn vader en mijmert ze over de liefde van haar leven, waarmee ze hem bedroog.

In The Mirror And The Window (93 min.) portretteert de Mexicaanse filmmaker, die vanuit Nederland opereert, deze twee mensen van wie hij afscheid zal moeten nemen. Hij doorsnijdt hun verhalen met beelden van een bootreis naar Antarctica, daar waar de mens zich nauwelijks doet gelden en de natuurlijke orde der dingen ongestoord zijn gang kan gaan. Die moet ongetwijfeld hun tocht naar het einde weerspiegelen. ‘Daniel en mijn moeder, ik heb het gevoel dat ik twee brandende kaarsen film die me vragen om door te gaan met filmen’, verzucht Gutiérrez in één van de voice-overs waarmee hij de film bijeenhoudt. ‘Zelfs als de kaars uitdooft.’

Ondanks het pistool dat de hele tijd boven de vertelling hangt, in de vorm van de foto van een ‘meisje’, blijft die tamelijk taai. Voor een buitenstaander blijft het zoeken naar de betekenis van de intieme scènes en gesprekken die hem worden voorgeschoteld. Zoals de direct betrokkenen zelf, aan de vooravond van hun levenseinde, ook naarstig op zoek zijn naar zingeving. Ze editten hun leven, selecteren de scènes die in hun verhaal te pas komen en laten de rest achterwege, als ruw materiaal dat ze liever voor zichzelf houden. Intussen komt het aangekondigde einde naderbij, in een zoekende film die wil aanzetten tot bespiegeling.

Diego: El Último Adiós

HBO

Deze film begint bij de dood van de held. Met Diego Maradona stierf op 25 november 2020 een ongeëvenaard Argentijns icoon, volgens sommigen de beste voetballer aller tijden. Die man was hij echter allang niet meer. De gewezen sterspeler leek al jaren een parodie op zichzelf. Hij begon steeds meer te ogen als een Latijnse variant op André Hazes, die ooit per ongeluk Sjakies wondersloffen heeft aangetrokken: tonnetjerond, hyperemotioneel en ogenschijnlijk altijd onder invloed van het één of ander.

Deze tragische figuur kreeg enkele jaren voor zijn dood alle ruimte in Maradona En Sinaloa (2019), een serie over zijn periode als trainer van een zieltogende Mexicaanse club, terwijl de prachtige documentaire Diego Maradona uit datzelfde jaar, een film over zijn glorieperiode bij SSC Napoli, dan weer inzichtelijk maakte hoe zijn neergang ooit was ingezet met een tragische combinatie van drank, drugs en vrouwen. De documentaire Diego: El Último Adiós (89 min.) reconstrueert de allerlaatste fase van Maradona’s veelbewogen leven, de nasleep van zijn door allerlei speculaties omgeven dood en de verhalen die hij tenslotte heeft nagelaten. Niet de voetballer Diego Maradona staat centraal, maar de man en het symbool.

De film van Sebastián Alfie keert daarvoor eerst terug naar veertien maanden voor zijn dood. ‘Pluisje’ accepteert dan een baan als coach van de Argentijnse club Gimnasia de La Plata, die dreigt te degraderen uit de hoogste voetbalklasse. Van daaruit werkt Alfie toe naar het onvermijdelijke einde. Met familieleden, vrienden, medespelers, personeelsleden, doctoren en fans pelt hij intussen de man af, die jarenlang roofbouw pleegde op zijn lichaam en geest. Volgens Stefano Ceci kreeg Maradona uiteindelijk problemen met zijn hart, lever, nieren, knieën, rug en hoofd. ‘Ik zeg het je’, stelt zijn Napolitaanse vriend en ex-manager ferm. ‘Alleen Diego Armando Maradona had zo zestig jaar oud kunnen worden.’

Tegelijkertijd geeft de filmmaker ook het woord aan Argentijnen die in direct contact kwamen met Maradona, een man met klaarblijkelijk een enorm groot hart. Hun verhalen dragen alleen maar bij aan de mythevorming rond de geniale linkspoot die hun land in 1986 wereldkampioen maakte. Een vrouw beweert bijvoorbeeld dat hij in 2007 haar leven redde toen ze was opgenomen vanwege een depressie. Diego zou bovendien een voormalige teamgenoot hebben behoed voor zelfdoding. En twee rouwende tegenpolen, een oudere aanhanger van Maradona’s club Boca Juniors en een fan van aartsrivaal River Plate, werden samen vereeuwigd op een foto, die de verbroedering na zijn overlijden perfect representeerde.

Met een gedragen mixture van al die persoonlijke herinneringen, fraai archiefmateriaal, beelden van de plek waar hij is gestorven en een weerslag van de uitzinnige rouwtaferelen die volgden op zijn eenzame dood wordt Diego: El Último Adiós inderdaad een emotioneel vaarwel aan de man die, ondanks al zijn opzichtige tekortkomingen, de harten stal van Argentinië en voetbalfans in de hele wereld en nu al ruim 35 jaar weigert om die terug te geven.

Huisje, Boompje… Weduwe

EO

‘Onze verhalen beginnen waar het leven van onze vent eindigt’, stelt één van de twee Mariekes van Huisje, Boompje… Weduwe (45 min.) opvallend luchtig bij aanvang van deze korte televisiedocu. De twee jonge vrouwen noemen zichzelf ‘widowchicks’. Sinds ze elkaar twee jaar geleden hebben ontmoet via een weduwenforum zijn ze echte vriendinnen. ‘Terwijl vrienden om ons heen bezig waren met relaties, carrières en baby’s rouwden wij om onze overleden vent.’

Nadat hun echtgenoten enkele jaren geleden plotseling overleden, gingen Marieke van Lierop (28) en Marieke Foppen (33) geleidelijk aan verder met hun leven. Ze moesten wel. En er kwam ook weer ruimte voor een nieuwe partner, die de last van het verleden ook een beetje op zijn schouders kreeg. Die moest zich bovendien zien te verhouden tot hun schoonouders.

De twee Mariekes vertellen hun verhaal nu aan een derde naamgenoot, Marieke de Man. Zij zet de vriendinnen naast elkaar op een bank en geeft hen alle ruimte. De chemie tussen de twee jonge vrouwen is zichtbaar. Hun gedeelde ervaringen hebben voor een soort zusterband gezorgd. Behalve verdriet is er gelukkig ook ruimte voor een gulle lach. Ook al heeft het leven hen inmiddels alweer voor stevige nieuwe uitdagingen gesteld.

De ene Marieke maakt zich op voor nieuw geluk, de andere moet opnieuw tegenslag overwinnen. Dat gaan ze allebei op hun eigen onverschrokken manier aan, in een vlotte docu die qua vorm en toonzetting doet denken aan televisieprogramma’s als Je Zal Het Maar Hebben of Over Mijn Lijk. Rouw en verdriet krijgen vrijwel permanent tegenwicht van lol en humor, zodat het leven draaglijk blijft. Of gewoon weer leuk wordt.

‘Het kan echt alle kanten op in het leven’, zegt Marieke, ‘die met die bril’, tot besluit. ‘Dat hebben wij wel ervaren. En dat rouwen meer is dan huilen in een hoekje, dat ook.’

The Banality Of Grief

IDFA

Hij maakt haar voortdurend deelgenoot van wat hij meemaakt, wat zich voor zijn camera aandient ook en hoe hij zich daar dan zelf weer toe verhoudt. In gedachten is Jon Bang Carlsen permanent bij zijn echtgenote Madeleine. Zij is enkele jaren geleden overleden. Carlsen wil en kan zich echter niet losmaken van de vrouw, met wie hij 35 jaar van zijn leven heeft gedeeld.

Terwijl hij in de Verenigde Staten werkt aan een nieuw project, wordt de Deense filmmaker constant overvallen door gevoelens en gedachten aan haar. Die vervat hij in een stream of consciousness-achtige brief, die als hart van The Banality Of Grief (70 min.) fungeert. Soms kwetsbaar en gevoelig, dan weer scherp en vol zelfspot. Vaak filosofisch ook, in een poging om de alomvattendheid van zijn verdriet en wat dit bij hem aanricht vast te grijpen en alsnog met haar te delen.

Het presidentschap van Donald Trump functioneert als metaforisch decor voor zijn somtijds deplorabele staat. Dat contrasteert met de opkomst van diens voorganger, de eerste zwarte president van de Verenigde Staten Obama, en het gevoel van hoop en geluk dat Carlsen met die periode associeert. Overmand door herinneringen aan zijn leven met Madeleine zwerft hij tevens door zijn eigen verleden als filmmaker, dat wordt geïllustreerd met treffende fragmenten.

The Banality Of Grief is een zeer particulier verhaal – en daardoor ook universeel. Rouw manifesteert zich in minutieuze details, die voor iedereen anders en toch herkenbaar zijn. Deze film is, zoals de maker het zelf omschrijft, een kleine stamelende liefdesbrief aan een vrouw waarvan het adres nog onbekend is. Jon Bang Carlsen is alleen wel een overdadige verteller. Hij vertoont zich weliswaar slechts zelden voor ‘het dodemansoog’ – de benaming die Madeleine gaf aan de cameralens, waardoor zijzelf zich ook zelden liet betrappen – maar laat de woorden intussen rijkelijk vloeien.

Hij voorkomt daarmee dat deze heel persoonlijke documentaire een gemakkelijke tearjerker wordt, maar maakt het tegelijkertijd ook lastiger voor buitenstaanders om zich écht te identificeren met zijn gevoel van verlies.

Sudden Death: My Sister’s Silent Killer

BBC

Een kinderfilmpje van een schattig jongetje en meisje. Patrick en Lauren. Broer en zus. Patrick is inmiddels zeker tien jaar ouder. Hij kijkt strak in de camera. Intussen klinkt een telefoongesprek met een alarmnummer. ‘Hoe oud is je dochter?’ vraagt een hulpverlener. ‘Negentien’, antwoordt Laurens moeder. ‘Oké, leg haar op haar rug en verwijder eventuele kussens.’ Paniek aan de andere kant van de lijn: ‘Ze is weg!’ De camera dwaalt ondertussen door het lege huis. Lauren krijgt eerste hulp. Patrick kijkt nog altijd recht naar de kijker. Waarna de tragische titel van de film in beeld verschijnt: Sudden Death: My Sister’s Silent Killer (50 min.).

Regisseur Lindsay Konieczny valt direct met de deur in huis in de openingsscène van deze interessante tv-docu. ‘Hoe kun je volkomen gezond zijn en dan de volgende dag ineens niet wakker worden?’ stelt Patrick vervolgens de vraag die alle betrokkenen bezighoudt. Het is onduidelijk of daarop ooit echt antwoord komt. Er zijn officiële benamingen voor wat er waarschijnlijk is gebeurd met Lauren. Sudden Arrhythmic Death Syndrome. Of Sudden Cardiac Arrest. Aandoeningen die doorgaans worden geassocieerd met voetballers zoals Nouri en Eriksen. Hun hart hield er en plein publique, tijdens een wedstrijd, ineens (even) mee op.

Het blijft echter nauwelijks te verkroppen dat er waarschijnlijk nooit definitief uitsluitsel komt over de precieze oorzaak van Laurens overlijden of waarom ze juist op dat moment is bezweken. Patrick, die zijn ouders verder niet wil belasten met zijn gevoelens, gaat op onderzoek uit naar wat er zich heeft afgespeeld in het lichaam van zijn zus en welk effect dat heeft op hem als jongvolwassene. Hij gaat in gesprek met allerlei deskundigen, lucht verder zijn hart bij lotgenoten en ontmoet de voormalige profvoetballer Fabrice Muamba (Tottenham Hotspur), die in 2012 een hartstilstand op het voetbalveld overleefde.

Uiteindelijk laten Patrick en zijn ouders ook onderzoeken of Laurens plotselinge overlijden wellicht een erfelijke kwetsbaarheid in de familie blootlegt en of dit soort tragische sterfgevallen op de één of andere manier zijn te voorkomen. Daarmee werpt deze rondgang langs leed, vrees en toch ook hoop belangrijke vragen op over aandoeningen die nog altijd ondergediagnosticeerd zijn en daarom ogenschijnlijk ongehinderd kunnen blijven voortwoekeren in de levens van nietsvermoedende jonge mensen en hun families.

Beautiful Something Left Behind

Peter / Good Company Pictures

‘Wat betekent het als iemand dood is?’ vraagt één van de begeleiders van Good Grief aan een groepje kinderen. ‘Je ziet ze nooit meer terug’, antwoordt Peter. Het zesjarige jongetje is zowel zijn moeder als zijn vader kwijtgeraakt. ‘En nu zit ik vast bij oom C.J.’ Even later laten Peter en zijn oom twee ballonnen de lucht invliegen. ‘Forever in our hearts’, staat erop.

In Beautiful Something Left Behind (88 min.) volgt de Deense filmmaakster Katrine Philp gedurende een jaar hoe enkele Amerikaanse kinderen die een ouder hebben verloren vat proberen te krijgen op het concept dood. Tijdens wekelijkse bijeenkomsten in het hulpcentrum te Morristown, New Jersey kunnen ze hun verdriet laten zien, praten over gevoelens en alle emoties uitdrukken in spel, bijvoorbeeld door met een speelgoedautootje een ongeluk na te spelen, lekker boos te worden in de vulkaanruimte of een begraafplaats in te richten met Playmobil-poppetjes.

Philp maakt zich daarbij klein en blijft volledig op de achtergrond. Ze laat de gebeurtenissen voor zichzelf spreken en voegt hier en daar alleen wat muziek toe, die gelukkig nooit opdringerig wordt. Ze portretteert de kinderen daarnaast (in hun nieuwe) thuis, vangt hun rituelen om uiting te geven aan hun rouw en geeft hen de ruimte om te vertellen over de dierbaren die ze moeten missen. De één haalt er duidelijk bevrediging uit om dat onder woorden te brengen, een ander houdt z’n gevoelens het liefst bij zich en communiceert zijn verdriet of verwarring vooral non-verbaal.

In die zin beleven de kinderen een overlijden in hun directe omgeving niet anders dan volwassenen. En ze begrijpen er evenveel – of even weinig – van als ieder ander. De veerkracht van de jongens en meisjes om hun leven weer op te pakken – en de manier waarop ze daarbij worden geholpen door bijzonder empathische procesbegeleiders en familieleden – is bewonderenswaardig én aangrijpend. Bij vertrek laten de kinderen in Good Grief een soort herinneringsmuur achter, met daarop familiefoto’s van het gezin dat ze ooit vormden. In betere tijden, die de toekomst echter niet in de weg hoeven te staan. 

Zo’n zorgvuldig rouwproces gun je elk kind – al gun je natuurlijk geen kind het overlijden van een ouder. Ook de kleine Peter stapt uiteindelijk bijna ongemerkt de rest van zijn leven binnen. In een ‘Uncles Are The Best’ T-shirt.

State Funeral

Mokum

De ene na de andere delegatie komt eer betonen aan de overleden leider. Uit landen zoals Polen, de DDR en Hongarije, natuurlijk. En vertegenwoordigers van communistische partijen uit westerse landen. Ernstig kijkende mannen, en een enkele vrouw, die al even serieus de hand schudden van het officiële ontvangstcomité. De gestorven leidsman beziet de plichtplegingen vanaf foto’s en schilderijen. Hij oogt als een beminnelijke man, een wijze vader des vaderlands.

Even daarvoor is het volk, in elke uithoek van de Sovjet-Unie, tot in detail geïnformeerd over de verslechterende gezondheidstoestand van Jozef Vissarionovich Stalin (1878-1953) en zo voorbereid op diens dood. Taferelen van massale rouw gaan vervolgens vergezeld van een monotone stem die via een omroepsysteem het verzamelde volk toespreekt. ‘Onze vader is overleden’, klinkt het in de gezwollen taal die ook hedendaagse leiders als Kim Jong-un begeleidt en die, als je de zweep nooit hebt gevoeld die op de woorden kan volgen, onvermijdelijk op de lachspieren werkt. ‘Onze harten lopen over van verdriet. Hij zal nooit meer de hand van een kameraad schudden.’

Óf – zo weten alle rouwenden dondersgoed – een kameraad naar de Goelag sturen of in het kader van ‘De Grote Zuivering’ voorgoed laten verdwijnen. Ruim 27 miljoen landgenoten werden onder zijn bewind vermoord. Nog eens vijftien miljoen kameraden stierven de hongerdood. Aan de zwarte kant van Stalins regeerperiode wijdde regisseur Sergei Loznitsa enkele jaren geleden al de documentaire The Trial, waarin de schijnprocessen tegen vooraanstaande Russische wetenschappers worden ontleed, een huiveringwekkende voorbode van de zwartste jaren van zijn schrikbewind.

State Funeral (135 min.) behandelt in een vergelijkbare opzet de vierdaagse plechtigheden rond het overlijden van de dictator in 1953. Met niet eerder vertoond beeldmateriaal reconstrueert Loznitsa minutieus de overdadige rouwrituelen van een land dat los moet komen van de man die de verpersoonlijking van het Sovjetsysteem is geworden en decennialang ieders leven heeft gedomineerd. Van hele volksstammen die blindelings in de grote leider zijn gaan geloven en nu in diepe rouw lijken te zijn verzonken – en anderen die dat voor de zekerheid ook na zijn dood blijven veinzen. Naamloze dienaren van de natie, een politiek idee of gewoon ‘de partij’.

Sergei Loznitsa maakt ook van deze film één lange, lange treurmars: in stijf zwart-wit of juist bloemrijke kleuren, inclusief natuurlijk sprekend communistisch rood. Oneindig gezeul met voluptueuze rouwkransen, begeleid door dramatische klassieke muziek. Door mannen met strakke gezichten en vrouwen die met een zakdoek hun tranen bedwingen. Oprecht dan wel zuiver ritueel verdriet. Het onderscheid is nauwelijks te maken. Net als de plechtigheden na Stalins dood trekt State Funeral zo traag en statig voorbij, een schier eindeloze herhaling van zetten. En net als zijn film over Stalins schijnprocessen is het vastleggen daarvan geschiedkundig van wezenlijk belang, maar vereist dit ook een erg lange adem bij de kijker.

Dertien Dagen

Floor Haak / c: Gijs Haak

‘Laatste keer dat ik in bad ben geweest, denk ik’, zegt Floor Haak monter, nadat hij met enige moeite naakt op zijn bed is gaan zitten. ‘Hoop ik. Ik kan nu verder wel vies worden.’ Vertel eens: wat is het plan? oppert zijn filmmakende zoon Gijs. ‘Het plan is om volgende week te beginnen met niet eten en niet drinken’, antwoordt Floor. ‘En dan ga ik vanzelf dood als het goed gaat.’

De hoogbejaarde man uit Vrouwenpolder heeft alleen geen idee hoe dat zal zijn. Vandaar dat het hem ook wel een goed idee lijkt als het hele gebeuren wordt gefilmd. ‘Dan kunnen andere mensen zien hoe dat is en kunnen ze eventueel ook daarvoor kiezen als ze eraan toe zijn.’ Zijn gezicht betrekt heel even: ‘En dan hoeven ze niet te wachten tot er dan eindelijk pillen zijn.’

Dertien Dagen (43 min.) zullen Floor Haak (1932-2019) nog vergund zijn. En Gijs (en zijn broer Michiel) blijft al die tijd aan zijn zijde: filmend, pratend, zorgend, wachtend en tenslotte wakend. Hun vader doet gewoon fitheidsoefeningen, neemt zijn pillen en bekijkt alvast zijn kist en bidprentje. De teneur is rustig en ontspannen. Met een lichte toon, (zelf)relativering en de nodige humor.

Soms, als hij even ligt te slapen, lijkt Floor het leven al te hebben verlaten. Zelf noemt hij dat dan ‘een proefligging’. Te midden van alles wat hij liefhad zet de oudere man zo, ogenschijnlijk zonder twijfel of verdriet, de allerlaatste stappen naar de dood. ‘Geef me maar even mijn vader’, zegt hij als er oude foto’s rondom zijn bed worden geplaatst. ‘Ik hoop dat ie trots op me was.’

Het wordt een waardig einde, waar Floor Haak zelf ‘heel tevreden’ over is. En zijn zoon Gijs heeft dat – en de man die zijn vader was – sereen vereeuwigd. Met voldoende distantie en toch héél intiem. Ondersteund door sfeervolle muziek, waaronder een gezamenlijk gezongen Hallejujah. En doordrenkt met de onvoorwaardelijke liefde die alleen een kind voor zijn ouder kan voelen.

Vanuit het hiernamaals ziet Floor, zonder enige twijfel, dat het goed is.

Zijn kleindochter Mila maakte een jaar voor zijn overlijden overigens ook een film over Floor Haak: Het Laatste Beeld. Terwijl zij zijn dagelijks bestaan filmt, vertelt hij haar over zijn leven.

Death Of A Child

finalcutforreal.dk

Schuld is een veel te mild woord. Rouw volstaat ook niet. Als ouder zou je het liefst je kop door een muur beuken, om hem vervolgens af te hakken. Overmand door een nauwelijks te bevatten falen, dat je je hele leven blijft achtervolgen.

Doug vergat ‘s ochtends zijn driejarige dochtertje Kristen af te leveren bij de kinderopvang. ‘s Middags ging hij haar daar ophalen met zijn vrouw Diana. Kristen bleek nog in zijn auto te liggen. Eerste hulp mocht niet meer baten.

Bishop werd nog geen half jaar oud. Zijn ouders dachten van elkaar dat ze hun zoontje naar het dagcentrum hadden gebracht. Thuis ging het ondertussen helemaal mis.

Ook Bryce zou z’n eerste verjaardag niet halen. Zijn moeder Lynn, in het dagelijks leven militair, kon hem niet meer redden. ‘Geen ouder wil weten hoe het is om je eigen kind te beademen.’ En toen moesten de officiële beschuldigingen nog komen.

In hun vorige film Pervert Park (2014) portretteerden Frida en Lasse Barkfors Amerikaanse zedendelinquenten. In Death Of A Child (79 min.) uit 2017 richten ze zich op een al even omstreden groep: ouders die ‘schuldig’ zijn aan de dood van hun eigen kind. Het resultaat is al net zo indringend. Terwijl hun hoofdpersonen zijn te zien in hun dagelijks leven, inclusief (dezelfde) partner en kinderen, doen ze hun verhaal. Volstrekt normale ouders die een ondraaglijke last met zich meetorsen.

Het Deense echtpaar Barkfors blijft zelf vrijwel volledig op de achtergrond en laat de diep persoonlijke getuigenissen zoveel mogelijk voor zichzelf spreken: over schaamte, depressie, huwelijksproblemen, laster, ouderschap, sociale uitsluiting én de vraag of ze hun kind ooit, in het hiernamaals, nog zullen ontmoeten. En of het dan niet boos op hen zal zijn. Niemand anders kan hen immers nog een verwijt maken dat ze zichzelf nooit hebben gemaakt. Behalve het kind dat alleen in hun gedachten voortleeft.

Toch is deze stemmige film geen eindeloos tranendal geworden. Na afloop overheerst vooral het gevoel dat ook na het grootst denkbare verdriet het leven gewoon verdergaat. Het vergt dan alleen wel ongelooflijk veel moed en doorzettingsvermogen om het weer ten volle aan te gaan.

306 Hollywood

Het huis aan 306 Hollywood Avenue in Newark, New Jersey, was al verkocht. En toen bleek dat Jonathan en Elan Bogarín toch nog geen afscheid konden nemen van hun oma Annette Ontell, die daar maar liefst 67 jaar had gewoond. Ze kregen twaalf maanden respijt van hun moeder Marilyn om grootmoeders huis en spullen te bekijken, sorteren en arrangeren. De kleding die ze ontwierp en zelf ook droeg. Al wat er is overgebleven van hun jong overleden oom David. En de kunstgebitten van opa Herman, die een prachtig tableau kunnen vormen met zijn tandenborstels.

Broer en zus vergelijken de onderneming met een archeologische opgraving, waarbij ditmaal een compleet leven wordt blootgelegd en tentoongesteld. Ze hebben daarbij tevens de beschikking over gefilmde interviews die ze tussen haar 83e en haar 93e deden met oma Annette en gaan tijdens hun zoektocht naar wat er na de dood overblijft van het leven ook te rade bij een archeoloog, uitvaartverzorger, bibliothecaris, modeconservator, natuurkundige en de archivaris van een puissant rijke familie. Want welke waarde moet er worden toegekend aan de restanten van het bestaan van een heel gewone vrouw zoals hun grootmoeder?

Dat blijkt toch vooral te zitten in de blik waarmee dat erfgoed wordt bezien. Annettes jurken zijn bijvoorbeeld beeldschoon. Paste ze er op latere leeftijd nog in? Haar dochter Marilyn heeft het eens samen met haar uitgeprobeerd. Dit resulteert in een lange en aandoenlijke scène, die buitenstaanders toch een wat voyeuristisch gevoel geeft. Even later komen die jurken in deze sprankelende film opnieuw tot leven als ze de ranke lichamen van jonge brunettes omspannen. Die gaan er bovendien ‘spontaan’ van dansen in de voortuin van het huis.

Zulke plotselinge oprispingen van magisch realisme, waarbij ook de feeërieke soundtrack een hoofdrol claimt, geven 306 Hollywood (94 min.) een onmiskenbaar joyeuze feel. Die wordt nog eens versterkt door de speelse verteltrant: Jonathan en Elan doen hun verhaal via een soort permanente dialoog. ‘Er is een reden dat mensen geen huizen aanhouden waarin ze niet wonen’, concludeert Jonathan als ze bij hun ‘opgraving’ overal schimmel tegenkomen. ‘Brood van vorig jaar’, toont Elan vervolgens een bedorven boterham. Haar broer vult aan: ‘gefillte fisch uit het vorige decennium’. Waarna zijn zus ‘toiletpapier uit de vorige eeuw’ vindt.

Uiteindelijk stuiten ze op een audiocassette met de mysterieuze titel ‘The Fighting Ontells’. Alle familieleden zijn er zowaar op te horen. Ruziënd, dat wel. ‘Wacht eens even’, denkt Jonathan hardop. ‘Tien maanden lang hebben we met al die spullen geprobeerd om het verleden weer tot leven te wekken. Met het aanzetten van die tape zijn we er ineens.’ En met behulp van de enorme telescoop die toch niets staat te doen in huis en de inzet van enkele lipsynchroon opererende acteurs kunnen ze hun grootouders nog zien ook!

Al die bravoure en humor kunnen evenwel niet verhullen dat deze betoverende film, die zich direct in je systeem nestelt, in wezen gaat over rouw, weemoed en het accepteren van die twee nauwelijks te bevatten waarheden van het leven: dat elke dag maar één keer kan worden geleefd en dat iemand die eenmaal weg is, hoezeer je het ook probeert, echt nooit meer terugkomt. Alleen de herinnering blijft – en spullen die deze ongenadig kunnen kietelen.

Gates Of Heaven

Het was toch schandalig! Ze werden gewoon weggegooid in de vuilnisbak of zomaar op een willekeurige plek in de grond gestopt. Dat kon zo niet langer, vond Floyd ‘Mac’ McClure. Toen had de Amerikaanse dierenvriend een eureka-moment: het werd tijd voor een speciale begraafplaats. Op de Foothill Pet Sematary in Los Altos zou er alle gelegenheid zijn om op een waardige manier afscheid te nemen van je geliefde huisdier.

Mac kan er tot in detail over vertellen. En dat doet hij dan ook in Gates Of Heaven (82 min.), de debuutfilm van Errol Morris uit 1978. Net als zijn medewerkers, klanten en concurrent. Over de dieren die worden binnengebracht. Over de onmetelijke liefde van hun baasjes en de manier waarop die tot uiting komt tijdens de uitvaart. En over de problemen van de begraafplaats zelf, dat ook, die gaandeweg in financiële problemen raakt. Dit gaat Mac natuurlijk aan het hart. Zeker als alle graven dreigen te worden ontruimd.

Morris las daarover een bericht in de krant en besloot om deze tragikomische film te gaan maken over dierenliefde en hoe je daaromheen (g)een business kunt opbouwen. Collega Werner Herzog had volgens de overlevering weinig fiducie in het project; als Morris erin zou slagen om de film af te ronden, beloofde hij om zijn schoen op te eten. Zover zou het inderdaad komen. Nadat die goed gekruid en gekookt was, dat wel. En zonder zool. Het (on)smakelijke tafereel zou zijn weg vinden naar de korte documentaire Werner Herzog Eats His Shoe.

De stoffelijke overschotten van Foothill’s dieren zouden uiteindelijk worden verplaatst naar het concurrerende Bubbling Well Pet Memorial Park in Napa Valley, waar de tweede helft van deze interviewfilm zich afspeelt. Daar hebben ze zelfs een kerk die de liefde voor dieren predikt. Want, zoals vrouw des huizes Scottie Harberts het uitdrukt: aan de hemelpoort gaat God echt geen onderscheid maken tussen tweevoeters en viervoeters. En dat is een passend parool voor dit aandoenlijke portret van een geheel eigen subcultuur, die bovendien is gesitueerd in een twintigste eeuws Amerika dat inmiddels al lang en breed is verdwenen.

Deepfake Therapy

KRO-NCRV

Gespannen zitten ze te wachten voor het computerscherm. Op een teken van leven. Als ze de koptelefoon hebben opgezet, ontstaat er direct contact. ‘Hee’, zegt een vrouw, met een gezicht dat ineens helemaal straalt. ‘Hee meis’, kan een man zijn ogen bijna niet geloven. ‘Dat is apart.’ Een andere vrouw blijft simpelweg gelukzalig grinniken: ‘Hallo!’

Tegenover hen heeft hun overleden partner plaatsgenomen. Ze kunnen er zelfs gewoon mee praten. En dat werkt zichtbaar als balsem op de ziel. De gesprekken zijn onderdeel van Deepfake Therapy (24 min.). Met behulp van moderne techniek, waarbij beelden van hun gestorven geliefde tot leven worden gewekt, ondergaan ze een experimentele vorm van rouwtherapie.

Het is een ongelooflijk intiem beeld: van mensen die, tegen beter weten in, opgaan in een gefingeerde ontmoeting met hun andere helft, waarin ze nog eenmaal alles kunnen zeggen. Deze personen op het scherm houdt regisseur Roshan Nejal, die met deze observerende docu afstudeerde aan de Filmacademie, overigens zorgvuldig uit beeld. Ze zijn ook niet te horen.

Voor kijkers zoals ik is dat een frustrerende keuze. Die willen, als een ware ramptoerist, met eigen ogen kunnen vaststellen hoe dat eruit ziet: een overledene die een extra leven krijgt. Tegelijkertijd is die keuze zeer goed verdedigbaar: het verhaal zit niet in de gimmick, maar in wat de deepfake-technologie teweegbrengt bij de nabestaanden die met dat beeldscherm communiceren.

‘Mensen zien wat ze willen zien en horen wat ze willen horen’, zegt rouwtherapeute Leoniek van der Maarel-Stordiau daarover tegen Ayesha de Groot. Die gaat de rol vertolken van Dalisay, de overleden dochter van Ron en Patricia de Boer. Leoniek spoort haar om tijdens het gesprek vooral veel te lachen. De reden is eenvoudig: ‘Wat gebeurt er als je jouw kind weer ziet lachen?’

En dat is een fascinerend tafereel. En een mindfuck tegelijkertijd. Niet alleen voor de deelnemers aan het gesprek. Als kijker vraag je je af: zou ik zelf ooit dat stemmetje in mijn hoofd, dat ‘nep’, ‘wishful thinking’ of zelfs ‘volksverlakkerij’ roept, kunnen negeren? Of kun je zulke dingen alleen denken als je zelf nog nooit met een dergelijk verlies bent geconfronteerd?

Dit experiment met Deepfake Therapy doet in elk geval vermoeden dat deze therapievorm heilzaam zou kunnen werken voor mensen die vastlopen in hun rouw. Zoals de moderne mens ook praatjes maakt met een zorgrobot, cyberseks heeft of opdrachten geeft aan een virtuele assistent. Al voelt dat voor buitenstaanders vaak soms nog wat onwennig.

Deepfake Therapy is hier te bekijken.

Wat Achterblijft

Van Osch Films

Kun je als kijker een band opbouwen met mensen die je nooit krijgt te zien? In dit geval: de drie volwassen dochters die de woning van hun overleden moeder leeghalen en gereed maken voor verkoop. En de vrouw die tot voor kort in datzelfde huis woonde.

Bij aanvang van de korte documentaire Wat Achterblijft (28 min.) ligt het ouderlijk huis er helemaal ontzield bij. Ontdaan van elk leven, klaar om een nieuwe bestemming te krijgen. Daarna laat regisseur Loes Janssen zien hoe alle restanten van dat afgebroken bestaan worden weggewerkt: het servies, de kleding en alle meubels, natuurlijk. Maar ook: de Surinaamse pop, het bord met de geborduurde tekst ‘Vera is in de tuin’ en een speeldoosje dat ‘t nog blijkt te doen.

Janssen observeert de ontmanteling van dichtbij en vangt de terloopse gesprekken tussen de zussen, die niet herkenbaar in beeld worden gebracht. De toon is vooral praktisch. ‘Volgens mij was mama’s devies “wie wat bewaart, die heeft wat”, of niet?’ zegt één van hen bijvoorbeeld bij de aanblik van alle spullen. Slechts een enkele keer wordt het onderliggende verdriet uitgesproken, bijvoorbeeld als ze stuiten op moeders pruik.

Toch is de situatie, misschien wel juist omdat er geen concrete gezichten aan worden gegeven, gemakkelijk invoelbaar. Alles wat door de overledene(n) een leven lang zorgvuldig is bewaard of verzameld wordt nu rücksichtslos verdeeld, afgegeven of gewoon weggegooid. Met het afscheid nemen van al die spullen, stuk voor stuk goed voor hun eigen herinneringen, kan er ruimte komen voor universele gevoelens van rouw en verlies.

Het zijn taferelen, hier zonder enige opsmuk gepresenteerd, die herkenbaar zijn voor iedereen die in z’n directe omgeving wel eens is geconfronteerd met de restanten van een afgesloten bestaan. Als het verdriet nog niet is ingedaald, geven de bezittingen van de overledene houvast bij het verdergaan met het eigen leven – en het aangaan van een kijkersrelatie met de overlevenden.

Waar is trouwens mama’s trouwring?

Dood In De Bijlmer

Witfilm

‘Nederland ziet er niet meer uit zoals Anita van Loon’, zegt Anita van Loon. De medewerkster van uitvaartorganisatie Yarden en hoofdpersoon van de documentaire Dood In De Bijlmer (74 min.) wordt verantwoordelijk voor ‘het eerste multiculturele uitvaartcentrum van Nederland‘, dat moet verschijnen in Amsterdam-zuidoost.

Van Loon bezoekt in dat kader diverse gemeenschappen om bij de potentiële clièntele de vraag te inventariseren. Worden de toiletten wel groot genoeg? vraagt een vrouw van Afrikaanse komaf. Ze is bang dat ze met haar traditionele gewaad niet terecht kan op een kleine Nederlandse wc. Kan ik voor mijn uitvaart mijn eigen drankjes meenemen uit de Lidl of Aldi? wil een man weten.

En er moet een keuken komen in het nieuwe centrum, constateren ze bij de uitvaartonderneming. Zodat er roti kan worden gekookt. Gelukkig mag er op de gekozen plek gewoon lawaai gemaakt worden. Want Ghanezen willen tijdens hun afscheidsceremonies kunnen dansen. Terwijl ze zich zo verdiept in hoe andere culturen de overledene uitgeleide doen, bijvoorbeeld via een soort re-enactment van een Hindoestaanse uitvaart, krijgt Van Loon in eigen kring te maken met een sterfgeval.

‘De dood is wel een dingetje’, constateert ze in deze intrigerende documentaire van Paul Sin Nam Rigter. Intussen kost het haar werkgever heel wat kruim om de business case voor het nieuwe uitvaartcentrum rond te maken. Want is er bij elke cultuur wel evenveel behoefte? De moskee redt het bijvoorbeeld best op eigen kracht. ‘Dit land is gestoeld op het christendom.’, stelt oprichter Muhammad Gaffar scherp. ‘Ze hebben alles verwaarloosd.’

Gedurende vijf jaar volgt Dood In De Bijlmer (Internationale titel: Dealing With Death) het proces dat moet leiden tot een breed gedragen uitvaartcentrum. Tegelijkertijd zoomt de film via bijzonder sprekende fly on the wall-scènes ook in op verschillende uitvaartdiensten, waarbij een zeer extraverte Ghanese afscheidsbijeenkomst en een traditionele Nederlandse begrafenis bijvoorbeeld parallel zijn gemonteerd.

Zulke intieme inkijkjes in verschillende culturen maken tevens helder hoe weinig we eigenlijk van elkaar weten, ook al maken we misschien gebruik van dezelfde school of supermarkt. Het is een gedachte die ook bij Anita van Loon post lijkt te vatten. Ze begint zich af te vragen of dat idee van een uitvaartcentrum voor iedereen niet een zinsbegoocheling is. Want dood gaan we allemaal, maar afscheid nemen doet ieder toch echt op zijn of haar eigen manier. En in zijn eigen omgeving.

Ik Rouw Van Jou

BNNVARA

Heb je haar weer met d’r dooie moeder, dacht ze soms over zichzelf. Het is inmiddels al vijf jaar geleden. En toch voelt het als de dag van gisteren. Eerst belandt Spuiten & Slikken-presentatrice Nellie Benner in Ik Rouw Van Jou (48 min.), de documentaire die ze samen met Leon Veenendaal maakte, bij een rouwtherapeut, bij wie ze een luisterend oor vindt. Daarna gaat de Nederlandse twintiger in gesprek met haar vader Gerrit-Jan. Zij vond zijn verdriet om het overlijden van haar moeder destijds bijna ondraaglijk, hij durfde intussen niet te vragen hoe het met haar ging.

Vader weet inmiddels wel beter: ‘Verdriet kun je niet ontvluchten.’ En zijn dochter besluit de daad bij het woord te voegen en het verdriet inderdaad op te gaan zoeken. Eerst bij andere jongeren, die eveneens een ouder verloren. Stuk voor stuk vonden ze een uitlaatklep voor hun rouw: schrijven, schilderen of dansen. En ook voetballen, fotograferen of zelfs kickboksen. Imad Hadar vertelt bijvoorbeeld dat hij een andere vechter is geworden door het overlijden van zijn moeder. Hij heeft er een ‘zachter hart’ van gekregen.

Daarnaast richt Nellie ook nadrukkelijk de blik naar binnen. Ze zoekt bijvoorbeeld haar toevlucht tot physical coach Markus Schnizer – ‘geen therapeut, psycholoog of healer’ – met wie ze door het verdriet heen wil gaan en brengt een bezoek aan een voormalige buurvrouw, die al meermaals contact zou hebben gehad met Benners overleden moeder. Het openen van een briefje met een persoonlijke boodschap van gene zijde resulteert vervolgens in een ietwat ongemakkelijke emotionele scène.

Op zulke momenten dreigt deze persoonlijke zoektocht, doorsneden met fraaie gestileerde sequenties en intieme gedachtestromen van de maakster over rouw en verlies, even naar de verkeerde kant over te hellen, naar nét iets te nadrukkelijk gezocht drama. In het algemeen houdt Nellie Benner in deze aansprekende film evenwel prima koers bij het bewandelen van het pad van rouw naar acceptatie en het opzoeken daarbij van haar eigen en andermans emotie.

In His Image

EO

‘Als iemand sterft, stopt zijn hart met kloppen’, betoogt de intrigerende openingsscène van In His Image (70 min.), waarin een pincet individuele spermatozoïden te pakken probeert te krijgen. ‘Daarna sterven ook zijn hersenen. Het enige van zijn lichaam wat nog in leven is, is zijn sperma. Dat leeft nog drie dagen na zijn dood.’

In de volgende scène arriveert een oudere Joodse dame bij een vruchtbaarheidskliniek. Ludmila Rozkov heeft een ingepakte fotolijst bij zich. ‘Jullie herinneren je mij toch nog wel?’ vraagt ze bij binnenkomst. De vrouw wordt hartelijk omhelsd door het verplegend personeel, waarna ze de foto van haar kleindochter laat zien. Iedereen is enthousiast. ‘Wat een schattig klein meisje!’ Vijftien jaar nadat haar zoon German als soldaat sneuvelde, werd Veronika geboren. Het kind is verwekt met zijn ingevroren spermacellen.

Het echtpaar Haderet en Ron Meiri heeft nu al talloze amandelbomen geplant op de Golanhoogten. Ze gaan stuk voor stuk kapot, vertellen ze aan documentairemaker Tami Ravid. Net als hun zoon Shaked (Hebreeuws voor amandel), die in 2004 tijdens een training op deze plek is omgekomen. Zijn toenmalige vrouw liet sperma veiligstellen, maar belandde vervolgens in een andere relatie. En nu willen Shakeds ouders alsnog nageslacht van hem produceren. Ze moeten ervoor naar de rechter.

‘Om te accepteren dat je een dood kind hebt is een enorm proces’, zegt Haderet, tijdens beelden van de Bar Mitswa van haar gestorven zoon. ‘Maar de wetenschap dat er nog iets van hem in leven is, geeft je de mogelijkheid om zo nu en dan eens echt adem te halen.’ In beeld houdt de dertienjarige Shaked intussen liefdevol een baby vast. Zijn moeder ziet er een teken in: een kind zou de vervulling van een nooit ingeloste wens van haar zoon zijn. Maar kun je daar rechten aan ontlenen? Mag jouw kind voortleven, ook als het allang dood is?

Inbal, de weduwe van Matan Fitusi, heeft intussen toestemming gekregen van het gerecht om IVF-pogingen te starten. Samen met haar schoonouders Ilan en Tzipi wil ze een kind op de wereld zetten van de soldaat, die in 2008 op 22-jarige leeftijd aan kanker overleed. Inbal is begin veertig en alleenstaand. Dit zou wel eens haar laatste kans op een kind kunnen zijn. Ze heeft nog wel een vraag: als ik na de geboorte toch nog iemand ontmoet, mag die dan de rol van vader op zich nemen? Wettelijk lijkt daar niets op tegen. En ook Ilan en Tzipi zien vooralsnog geen bezwaar.

Kan verdriet, behalve gedragen, ook gecompenseerd worden? Ravid brengt de ethische implicaties van die gedachtegang op een ingetogen manier in beeld en dwingt de kijker met deze fascinerende film om zijn eigen ideeën over de eindigheid van het bestaan kritisch te bevragen.

Want het leven gaat door. Zelfs na de dood.

Waterlijken

oliviernijs.nl

De hoofdpersoon van deze documentaire is dood. Gevonden in het water. De titel zegt het al: hij is één van de Waterlijken (55 min.), die jaarlijks worden aangetroffen in Nederland. De man heeft zijn bril nog op als hij door politieagenten uit het water wordt gevist. Hij wordt onderdeel van een moordonderzoek. Of is de hoofdpersoon misschien toch van de brug gesprongen?

De hoofdpersoon zal in deze observerende documentaire van Nelleke Koop uit 2014 nog geconfronteerd worden met talloze professionals: waterpolitieagenten, een schouwarts, technisch rechercheurs, een forensisch patholoog en obductie-assistenten die de identificatie door familieleden voorbereiden. Stuk voor stuk doen die consciëntieus hun werk. Intussen vertellen ze, buiten beeld, wat hen beroepsmatig bezighoudt en hoe ze de ervaringen van hun werk in hun vrije tijd weer kwijtspelen.

De hoofdpersoon heeft een groot gat in zijn schedel, constateert een arts, maar die twee kleine gaatjes vindt ze pas echt verdacht. Daarmee mag het Nederlands Forensisch Instituut straks aan de slag. En wie zou de man, die in deze sobere film anoniem wordt gehouden, bij leven en welzijn eigenlijk zijn geweest? Niet dat ze echt geïnteresseerd zijn in wie hij was. De hoofdpersoon moet gewoon geïdentificeerd worden.

De man is eerst en vooral een object om te onderzoeken. Vetlaag buik/borst: 40/30, wordt er op een bord genoteerd. Middenrif r/l: 4/5. En: blaasinhoud: 350 cc. De menselijke dood, gereduceerd tot een optelsom van klinische cijfertjes. Dit is nu eenmaal niet de gelegenheid om zijn persoon of leven te gedenken, maar om de oorzaak en gevolgen van zijn overlijden vast te stellen. Het blijft natuurlijk wel mensenwerk, uitgevoerd door personen van vlees en bloed.

Koop legt het werk aan de man gedetailleerd vast, zonder dat het een bloederige bedoening wordt, en geeft nauwelijks details prijs over de werkers aan de man, die desondanks behoorlijk tot leven komen. Over hemzelf (of moeten we zeggen: henzelf?) worden we verder weinig wijzer. Behalve dat deze hoofdpersoon een aansteker, bosje sleutels, een horloge en tien euro op zak had. Tastbare herinneringen aan een voortijdig afgebroken leven.

Dick Johnson Is Dead

Netflix

Dick Johnson gaat dood. Net als zijn echtgenote Catie Jo. Sterker: die is al dood. Een heup gebroken en daarna verder in het slop geraakt. Alzheimer ook. Dick wordt op straat verpletterd door een computer die uit het raam valt. Of hij dondert met een genadeloze klap van de trap. Of hij wordt op straat door een werkeman per ongeluk voor zijn kop geslagen met een stuk hout. Of…

‘Het is net Groundhog Day’, zegt hij zelf. Zijn dochter filmt Dick Johnson op weg naar de dood. Ze oefent dat einde alvast met hem, als het ware. Zodat zij, Kirsten Johnson, aan het idee kan wennen, waarschijnlijk. En dus wordt dit in wezen kleine verhaal, van een man die stilaan afscheid moet nemen van het bestaan, op een glorieuze wijze aangekleed met fatale ongelukken en ravissante sequenties, waarin Dicks idee van de hemel (of wat zijn dochter zich daarbij voorstelt) wordt verbeeld.

Als de voormalig psychiater begint te kampen met vergeetachtigheid (‘Ik val uit elkaar’) besluit hij bovendien om zijn huis in Washington te verlaten en bij haar in te trekken in New York. ‘We lijken wel gek’, zegt Kirsten. ‘Maar het probleem is dat ik anders niet bij je in de buurt ben’, meent haar vader. ‘Zo is het’, beaamt zij. ‘Ik ruil dit huis zo in om bij jou te zijn’, zegt Dick met de liefste glimlach van de wereld. ‘Geen twijfel over mogelijk. Daar hoef ik niet over na te denken.’ Kirsten klinkt ontroerd: ‘Dat gevoel heb ik ook.’

‘Soms hebben mensen het gevoel dat het op een bepaald ogenblik niet meer hoeft’, snijdt zij, een kwartier verderop in de film, als hij al lang en breed bij haar inwoont en zienderogen achteruit gaat, een lastig thema aan. ‘Daarvoor hou ik te veel van het leven’, stelt Dick. Kirsten houdt echter aan: ‘Dus je wilt wel blijven leven tot het punt waarop mam was, toen ze niet meer kon communiceren?’ Hij haalt zijn beste glimlach weer voor de dag. ‘Ik denk het wel. Maar je mag me ook euthanaseren. Overleg het eerst even met me.’

Met een lichte toets koersen vader en dochter in deze bijzonder grappige, buitengewoon vertederende en zeldzaam aangrijpende documentaire zo af op een ronduit briljante slotscène. Waarbij op voorhand natuurlijk al vaststond dat deze film maar op één manier kan eindigen: Dick Johnson Is Dead (90 min.).

Hope Frozen: A Quest To Live Twice

Netflix

‘We hebben het einde bereikt’, constateren de ouders van Einz lijdzaam in de videoboodschap die ze achterlaten voor hun dochter. ‘Het einde van wat medisch en menselijk mogelijk is. Er is niets meer. We hebben de limiet bereikt. Je zult altijd in ons hart zijn.’ Ze geven elkaar een kus. ‘Als je op een dag wakker wordt en deze video bekijkt, misschien over honderden jaren, willen we dat je weet dat we van je houden.’

Niet veel later overlijdt Einz, op tweejarige leeftijd aan hersenkanker. Nadat ze dood is verklaard, begint direct ‘het cryonische proces’. Het Thaise meisje wordt ingevroren, in de hoop dat de wetenschap ooit een manier vindt om haar ziekte alsnog te genezen. Zodat zij dan de kans krijgt op een tweede leven. Ze wordt echt letterlijk in een tijdcapsule geplaatst. Wanhoopsdaad? Dat zeker. Sciencefiction? Vooralsnog wel. Of toch een reëel toekomstperspectief? Wie weet.

Hoe Einz, Japans voor ‘liefde’, ooit gereanimeerd zou moeten worden, valt nu nog niet te zeggen, zegt Max More, CEO van de Amerikaanse Alcor Life Extension Foundation, in Hope Frozen: A Quest To Live Twice (80 min.). Hij hoopt in elk geval dat haar ouders er tegen die tijd zullen zijn en dat zij ze ook herkent. ‘Hopelijk zijn ze rond dezelfde leeftijd of jonger dan eerst, omdat we dan het probleem van ouder worden hopelijk hebben opgelost’, klinkt ‘t monter. Het verwijt dat hij het verdriet van rouwende mensen exploiteert werpt More in elk geval ver van zich.

Intussen mijmert de vader van Einz, zelf ook wetenschapper, over een wereld zonder ziekte en zorgt haar moeder ervoor dat al haar kleren en spulletjes in bewaring worden gegeven aan Alcor, zodat haar dochter daar misschien ooit nog plezier van kan hebben. De familie Naovaratpong, inclusief zoon Matrix, gaat ook nog even zelf poolshoogte bij het bedrijf in Arizona, waar op de patiëntenafdeling inmiddels 141 ingevroren lichamen zijn opgeslagen. Zullen zij ooit weer het levenslicht zien? Of is dat idee vooral een manifestatie van de weigering, of het onvermogen, om te accepteren dat het leven, zelfs dat van een volstrekt weerloze peuter, toch echt eindig is?

’Het kan me niet schelen dat mensen denken dat we haar niet loslaten’, zegt vader Sahatorn in deze wrange film van Pailin Wedel. ‘Zo ben ik nu eenmaal. Ik kan haar niet loslaten.’ Einz’s broer Matrix heeft zich ondertussen voorgenomen om er als wetenschapper in de Verenigde Staten hoogstpersoonlijk voor te gaan zorgen dat zijn zus ooit kan reïncarneren. Zijn eerste bevindingen over de beschikbare technologie zijn echter weinig hoopgevend, meldt hij telefonisch aan zijn vader. Die laat zich niet uit het veld slaan. ‘We kunnen geduldig zijn’, zegt hij, ook tegen zichzelf. ‘We kunnen duizend jaar wachten. Wie weet? Misschien zijn er dan tijdmachines.’