Jeffrey Epstein: Filthy Rich

Netflix

Je weet het wel.

Dat er mannen zijn die er een geheel eigen werkelijkheid op nahouden en denken dat ze overal mee wegkomen. Ook als het bewijsmateriaal tegen hen zich opstapelt en opstapelt en opstapelt, zoals de schrijnende vierdelige documentaireserie Jeffrey Epstein: Filthy Rich (224 min.) nog maar eens ten overvloede aantoont.

Die zich steevast omringen met gelijkgestemden, zoals Bill Clinton, Harvey Weinstein, de Britse prins Andrew en – natuurlijk – Donald Trump. Op plekken als het luxueuze Palm Beach in Florida, de sjieke New Yorkse Upper East Side en Epsteins eigen Maagdeneiland (!) Little St. James. Waar het grote geld regeert en werkelijk alles te koop is. Zelfs een kinderlichaam.

Die anderen rücksichtslos inzetten voor hun eigen gerief (‘een pyramidespel van misbruik’) en in één oogopslag juist die tienermeisjes eruit pikken die ze volledig naar hun hand kunnen zetten. ‘Ik was het ideale slachtoffer’, zegt één vrouw daar nu over. ‘Vóór Jeffrey Epstein was ik iemand anders’, stelt een ander over wat het misbruik met haar deed.

Die niet, nóóit, schromen om politieagenten, journalisten en advocaten die hen de voet dwars willen zetten rigoureus de mond te snoeren. Zoals menige spreker in deze serie van regisseur Lisa Bryant en de executive producers Joe Berlinger en James Patterson (medeauteur van het boek Filthy Rich: The Shocking True Story Of Jeffrey Epstein) aan den lijve heeft ervaren.

Die de daadkracht en charme hebben om andere mannen en vrouwen zover te krijgen dat ze hun eigen ethiek uitschakelen en het wangedrag, zowel actief als passief, blijven faciliteren. Zodat zij slachtoffers kunnen blijven maken. Vrijwel al die handlangers zwijgen overigens nog altijd, ook al hebben ze tegenwoordig niets anders te vrezen dan reputatieschade.

Die hun slachtoffers uiteindelijk, als ze al hun moed bij elkaar hebben geraapt, tóch niet het zwijgen kunnen opleggen. Filthy Rich is in essentie hun relaas. Hun afrekening met het verleden, ook met hun eigen, soms tamelijk dubieuze rol daarin. En een overtuigend exposé van een man en wereld met een totaal gebrek aan moraal.

Je wilt het alleen niet weten.

De #metoo-kwestie heeft in de afgelopen jaren echt zijn weg gevonden naar documentaires: na Untouchable, Leaving Neverland en Surviving R. Kelly is er nu bijvoorbeeld ook een filmische aanklacht tegen hiphop-producer Russell Simmons: On The Record.

Our Godfather

Netflix

Wat zou het breekpunt zijn geweest voor Tommaso Buscetta? Toen zijn twee zoons in opdracht van maffiabaas Toto Riina werden doodgemarteld en opgelost in zuur? Toen vervolgens de man van zijn zus Felicia werd gedood bij een overval op zijn pizzeria? Of toen ook zijn oudere broer Vincenzo en diens zoon nog op brute wijze werden afgemaakt?

Feit is dat Tommaso ‘Don Masino’ Buscetta halverwege de jaren tachtig een ondenkbaar geachte stap zette. Hij besloot de omertá, de zwijgplicht van La Cosa Nostra, te doorbreken en in het openbaar te getuigen over de wandaden van de Siciliaanse maffia, waarvan hij enkele decennia onderdeel had uitgemaakt. Hij werd daarmee de allereerste spijtoptant en bracht ‘de mannen van eer’ zowel in binnen- als buitenland een gevoelige slag toe. Die cruciale beslissing en de gevolgen daarvan komen in Our Godfather (92 min.) vanzelfsprekend uitgebreid aan de orde.

Na zijn getuigenis doken Buscetta en wat er nog restte van zijn familie onder in de Verenigde Staten. Daar moesten ze, onder een valse naam en voortdurend omgeven door bodyguards, een nieuw bestaan opbouwen. Intussen betaalden de Italiaanse onderzoeksrechters aan wie hij zijn verhaal deed de tol voor zijn ‘verraad’. Giovanni Falcone en Paulo Borsselino werden met veel aplomb opgeblazen door handlangers van Toto ‘Het Beest’ Riina, die het natuurlijk ook op ‘Il Primo Pentito’ had gemunt.

In deze boeiende documentaire van Mark Franchetti en Andrew Meier verbreken Buscetta’s nazaten eindelijk het stilzwijgen. Ruim dertig jaar hielden z’n (derde) vrouw Cristina en hun zoon Roberto en dochter Lisa zich op in de schaduw. Verhuizend van het ene naar het andere Amerikaanse ‘safe house’, altijd beducht op verrassingsaanvallen vanuit Sicilië. Ze vertellen hoe het was om te leven in geleende tijd, met een man die zichzelf niet meer kon zijn. Een doorgewinterde maffioso, vermomd als brave huisvader.

Hun herinneringen aan ‘de pratende peetvader’, die in het openbaar altijd met zijn rug tegen een muur wilde zitten, worden rijkelijk geïllustreerd met familiefilmpjes en vormen echt een meerwaarde. Het verhaal van de bloederige maffiaoorlog, en Tommaso Buscetta’s sleutelrol daarbinnen, is al eerder verteld, maar niet eerder werden de gevolgen daarvan voor de directe verwanten van de klokkenluider, die zich altijd een ‘man van eer’ bleef voelen, zo pregnant in beeld gebracht.

The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst


Verdacht van drie afzonderlijke moorden, maar nooit veroordeeld. Ook al heeft Robert Durst toegegeven dat hij één van de lijken in stukken heeft gezaagd en vervolgens in het water heeft gedumpt. Dat is het fascinerende uitgangspunt van de Amerikaanse true crime-klassieker The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst (268 min.) uit 2015, die in eigen land een ongelofelijke mediahype veroorzaakte.

Meer zou je eigenlijk niet moeten willen weten over deze opzienbarende zesdelige serie, die in zijn geheel online is te bekijken. En ga ook vooral niet googelen op Durst, zijn steenrijke New Yorkse vastgoedfamilie of de moorden waarvan hij wordt verdacht, waaronder die op zijn echtgenote Kathleen McCormack. Je zou op informatie kunnen stuiten die de overrompelende kijkervaring kan vergallen. The Jinx bekijk je bij voorkeur zonder enige verdere voorkennis.

Feit is – voor de nieuwsgierige aagjes onder ons, die zich toch niet kunnen bedwingen – dat Robert Durst een hoofdpersoon is om van te dromen: charmant, gelaagd en totaal onvoorspelbaar. En soms ronduit angstaanjagend. In regisseur Andrew Jarecki, die eerder al de prachtige documentaire Capturing The Friedmans maakte, treft Durst echter een waardig opponent, die samen met hem op zoek gaat naar de waarheid. Daarbij gaan de handschoenen uit en – spoiler alert! – blijven de zendersetjes aan.

Dat is dan ook écht alles wat je hoeft te weten over deze superspannende miniserie, waarin Durst en Jarecki elkaar, zichzelf én de kijker de ene na de andere vernietigende vuistslag geven. Want The Jinx: The Life And Deaths Of Robert Durst is zowel ‘too good to be true’ als ‘too true to be good’.

Dear Zachary: A Letter To A Son About His Father


Een klein monumentje moest het worden, deze film. Voor een overleden vriend. Vermoord, om precies te zijn. In een park in Pennsylvania. Dokter in opleiding Andrew Bagby. 6 November 2001. Vijf kogels en een klap op het achterhoofd. Verdachte: zijn veel oudere ex-vriendin Shirley. Een ‘psychotic bitch’, volgens diverse betrokkenen.

Andrews vriend Kurt Kuenne was net bezig met filmen en interviewen. Had zijn ouders Kate en David al gesproken. Andrews voormalige verloofde. En een enorme stoet familieleden, vrienden, kennissen en studiegenoten. Toen bleek Shirley (tweemaal gescheiden, drie kinderen) enkele maanden zwanger. Van dezelfde Andrew, die ze met voorbedachte rade zou hebben vermoord.

Toen Kuenne dat hoorde, had hij geen keuze meer: zijn film voor familie en vrienden zou worden opgedragen aan Andrews kind. Zachary Andrew Turner, geboren op 18 juli 2002. Zeven maanden na de dood van zijn vader. Ook rond het kleine jongetje zou zich een groot drama afspelen. De persoonlijke tributevideo veranderde in een intrigerende documentaire: Dear Zachary: A Letter To A Son About His Father (91 min.).

Een film als een trits omvallende dominostenen. Geen idee waar het stopt of heengaat. Ruw gefilmd, snel gemonteerd. En zo gewiekst opgebouwd dat het bijna onkies wordt. Waarbij het persoonlijke perspectief van de maker, de voice-overs aan het adres van Andrews zoon Zachary, zorgt voor een enorme zeggingskracht. En een aangrijpende film die de kring van Andrew Bagby inderdaad volledig ontstijgt en na het ondergaan nog wel even nazindert.

De reportage The Legacy Of Dear Zachary: A Journey To Change Law (15 min.) kan worden beschouwd als een nabrander voor Dear Zachary. Een making of, die ook de nasleep van de film in beeld brengt. Na de documentaire zelf te bekijken dus.

Capturing The Friedmans

 

De man die altijd gewoon je vader was – en als scheikundeleraar bovendien een gewaardeerd lid van de lokale gemeenschap – blijkt ineens een pedoseksueel te zijn. Tijdens bijlessen thuis heeft hij zich bovendien vergrepen aan buurtkinderen. En, als klap op de vuurpijl, zou je broer Jesse hem daarbij terzijde hebben gestaan. Nee, het leven lacht David Friedman en zijn familie bepaald niet toe.

Regisseur Andrew Jarecki kwam het ongemakkelijke verhaal van Capturing The Friedmans (107 min.) op het spoor toen hij een portret wilde maken van de clown Silly Billy (alias David). Achter de clown bleek – heel clichématig, zou je bijna zeggen – een tragische figuur schuil te gaan, die gebukt ging onder een schokkende familiegeschiedenis met zijn vader en broer (waarin ook moeder Elaine een prominente rol speelt).

Deze openingsfilm van het IDFA in 2003 is geen documentaire met gemakkelijke antwoorden. Jarecki laat de meningen, visies en herinneringen van familieleden, vrienden, slachtoffers, politieagenten en deskundigen over wat er nu precies is gebeurd met elkaar botsen. Hoewel hij zijn eigen standpunt duidelijk laat doorschemeren – de regisseur participeerde later in pogingen om de zaak heropend te krijgen – blijft er tegelijkertijd voldoende ruimte voor twijfel.

Zoals de verhalen over seksueel misbruik, zo blijkt opnieuw in de huidige #MeToo-kwesties, vrijwel altijd worden omgeven met vragen. De feitelijke basis onder eventuele aanklachten is vaak flinterdun. En dan komt het neer op getuigenverklaringen en herinneringen. Waarbij niets zo onbetrouwbaar blijkt als onze waarneming, wat enkele jaren later in Nederland nog eens werd bevestigd bij de geruchtmakende Eper incestzaak. En in hoeverre laten die familiefilmpjes van vader Arnold eigenlijk de werkelijkheid zien?

Capturing The Friedmans keert een ingewikkelde zedenzaak helemaal binnenstebuiten en belandt daarbij in de donkerste hoekjes van een getroebleerd gezin, waarvan de kinderen opmerkelijk genoeg nog altijd meer sympathie lijken te hebben voor hun vader dan voor hun emotioneel afwezige moeder. Zo wordt pijnlijk duidelijk dat geen enkel familielid, onschuldig of niet, ongeschonden uit de strijd komt in deze klassieke documentaire.

The First Monday In May

 

Elke designer brengt zijn eigen muze mee. Een medewerkster van het Met-gala begint aan een opsomming van de iconen die straks over de rode loper zullen paraderen: ‘Prada heeft Emily Blunt. Ralph Anne Hathaway. Versace heeft J.Lo. Beyoncé, Kim en Kanye, Rihanna, Cara, Amber Heard, Chastain, Julianne Moore, al die mensen zijn van ons, geloof ik.’ En daarmee heeft ze slechts een begin gemaakt met de schier eindeloze lijst celebrities die zich melden voor deze Superbowl van de modewereld. En dan moet er ook nog een tafelschikking worden gemaakt.

‘China: Through The Looking Glass’, zo heet de tentoonstelling waarmee het New Yorkse Metropolitan Museum Of Art opnieuw het snijvlak tussen mode en kunst opzoekt. De Britse curator Andrew Bolton stelt hem samen en de onvermijdelijke Anna Wintour, de daadkrachtige hoofdredactrice van Vogue, houdt zich hoogstpersoonlijk bezig met de organisatie. Regisseur Andrew Rossi, die eerder een film maakte over The New York Times, volgt het tweetal tijdens de maandenlange voorbereidingen op The First Monday In May (90 min.) van 2015.

Daarbij ligt de nadruk op de keuze van de kunstwerken en de context waarbinnen die worden getoond. Hoe voorkom je bijvoorbeeld dat het beeld dat je creëert van China een hoog Disney- of Efteling-gehalte krijgt? Hoeveel draken en Ming-vazen kun je dan laten zien? En wie strijk je tegen de borst als je Mao te midden van Boeddha-beelden laat zien? Bolton en Wintour laveren in deze archetypische backstage-film voortdurend tussen twee culturen en ontkomen er niet aan om zo nu en dan politiek te bedrijven. Het sprankelende eindresultaat, waaraan door een strak aangestuurd team keihard is gewerkt, wordt uiteindelijk met veel grandeur ten overstaan van half Hollywood gepresenteerd.

One More Time With Feeling


Als een grauwsluier hangt het drama boven elke scène van de diep ontroerende documentaire One More Time With Feeling (113 min.), zonder dat het tragische ongeluk zelf steeds ter sprake komt. Arthur, de vijftienjarige zoon van zanger Nick Cave, viel van een klif. Sindsdien is niets meer hetzelfde.

Cave liep nooit voorop in de polonaise binnen het feesten- en partijencircuit. In zijn zwartgeblakerde muziek zocht hij nadrukkelijk de schaduwzijden en rafelranden van het leven op. Die Cave had nochtans iets onaantastbaars. Alsof de zwaarmoedigheid van zijn muziek nooit écht vat kreeg op de man zelf.

Tot die fatale veertiende juli in 2015 kon hij moeiteloos doorgaan voor de ongenaakbare hogepriester van de alternatieve popmuziek. Een positie die hij in de overrompelend mooie documentaire 20.000 Days On Earth uit 2014 nog op weergaloze wijze uitbuit. Welnu, die Nick Cave bestaat niet meer. Nooit meer, vermoedelijk.

In de man die in stemmig zwart-wit wordt geportretteerd in One More Time With Feeling (2016) is iets kapot gegaan. Via muziek probeert hij samen met zijn gezin en muzikale partners de weg terug naar het leven te vinden. Regisseur Andrew Dominik vertelt dat verhaal niet lineair, doet nauwelijks aan duiding en hengelt ook niet opzichtig naar grote emoties.

Met aangrijpende interviewfragmenten, verloren scènes en prachtige muziek, die uiteindelijk zijn weg heeft gevonden naar het Nick Cave-album Skeleton Tree, laat hij een man in verwarring zien. Rouw is nu eenmaal geen logisch proces waarin je stapsgewijs alle verplichte fasen doorloopt, waarna aan het eind van de tunnel altijd prachtig licht gloort.

Sinds hij ooit woest aan de rock & roll-deur klopte met zijn band The Birthday Party is Nick Cave een geliefd onderwerp van Nederlandse televisiemakers. Zo portretteerde Bram van Splunteren Cave bijvoorbeeld dertig jaar geleden in Stranger In A Strange Land, een portret dat integraal op YouTube is te vinden.

Disturbing The Peace

 

Een hoopvolle documentaire over het al eeuwig durende conflict tussen Israël en de Palestijnen? Die zag ik even niet aankomen. Disturbing The Peace (87 min.) zet de schijnwerper op de zogenaamde Strijders Voor Vrede, Israëli’s en Palestijnen die zich samen sterk maken voor het afzweren van de wapens.

De benaming ‘strijders’ is niet voor niets gekozen; de betrokken vredestichters hebben stuk voor stuk een heftig verleden bij één van de strijdende partijen. Dat maakt hun verzoening met een eeuwige vijand juist zo overtuigend.

Zelfs de alleenstaande moeder die zich ooit opmaakte voor een zelfmoordaanslag (en zich daarbij niet realiseerde dat er geen ideaal groter kan zijn dan je eigen kind) is helemaal bijgedraaid en nu een overtuigd lid van de Combatants For Peace.

De vredesvechters zijn bepaald niet onomstreden, zo wordt ook glashelder uit deze sterke film van Stephen Apkon en Andrew Young. In de strijd die nog altijd hoog oplaait tussen Israëli’s en Palestijnen worden ze van beide kanten van verraad beschuldigd. Intussen blijven ze doorwerken aan hun ideaal: vrede op de plek waar de strijdende partijen al decennia in de loopgraven liggen.