A 3 Minute Hug

Netflix

Familie 1 tot en met 15 mogen naar voren komen, roept een man met een megafoon. Ze gaan in de rij staan voor A 3 Minute Hug (28 min.). Op de achtergrond prijkt een groot spandoek: #hugsnotwalls.

Het is 12 mei 2018. Tussen El Paso en Juarez. Van beide zijden van de Amerikaans-Mexicaanse grens stromen mensen toe. Ouders met kinderen. Geliefden. Opa’s en oma’s. Ze hebben hun verwanten van de andere kant van de grens vaak jarenlang niet gezien. ’Families klaar….’ En dan zijn er enkele luttele minuten om die ander aan te raken, eens goed vast te pakken en diep in de ogen te kijken.

Everardo González observeert slechts in deze korte film als immigranten die toegang hebben gekregen tot de Verenigde Staten familieleden ontmoeten van wie de asielaanvraag werd afgewezen. Woorden schieten tekort en blijven dus ook achterwege. De beelden, veelal in slow-motion, vertellen alles en krijgen extra lading door vet aangezette, indringende muziek van de Vlaamse componist Wim Mertens.

Na enkele ogenblikken ontlading volgt de doffe realiteit: ‘de tijd is om’. Het afscheid. En daarna weer een leven zonder elkaar.

Marten & Oopjen: Portret Van Een Huwelijk

NTR

Met de veel gelauwerde documentaireserie Het Nieuwe Rijksmuseum bracht Oeke Hoogendijk in 2014 de perikelen rond de renovatie van het Amsterdamse museum op prachtige wijze in beeld. In Marten & Oopjen – Portret Van Een Huwelijk (55 min.), een film over de mogelijke aankoop van twee schilderijen van Rembrandt, valt ze terug op twee vertrouwde gezichten uit die serie: voormalig directeur Wim Pijbes (2008-2016) en huidig directeur Taco Dibbits (2016-heden). De spanning tussen hen is soms voelbaar.

De twee krijgen in deze film gezelschap van de aandoenlijke Franse baron Eric de Rotschildt, een telg van de puissant rijke familie die de twee schilderijen in privébezit heeft, en Sébastien Allard, de directeur schilderijen van het concurrerende Franse museum het Louvre, die de kunstwerken ook maar wat graag aan de collectie wil toevoegen. 160 miljoen moeten ze opbrengen. Kunnen de musea Marten en Oopjen misschien samen aanschaffen? Dat lijkt een goed idee. Totdat het Rijksmuseum het bedrag ook in zijn eentje denkt te kunnen ophoesten…

Op een gegeven moment dreigt zelfs een diplomatieke rel tussen Nederland en Frankrijk. Met bravoure, zo nu en dan wat venijn en het nodige gevoel voor humor ontrafelt Hoogendijk het roerige aankoopproces, dat door meerdere crises gaat. Wie daarvoor verantwoordelijk is, daarover verschillen de meningen. Over één ding zijn de direct betrokkenen het echter allemaal eens: het is van eminent belang dat deze twee essentiële Rembrandts in Europa toegankelijk worden gemaakt voor publiek.

En uiteindelijk, na de fraai in beeld gebrachte restauratie, is het dan zover en kunnen Marten en Oopjen aan de wereld worden getoond, een vanzelfsprekende apotheose voor deze chique film, die kleiner van opzet en minder gelaagd is dan Het Nieuwe Rijksmuseum, maar een uitstekende nabrander vormt voor Hoogendijks pièce de résistance.

Living The Light – Robby Müller

acteur Dennis Hopper (l) & Robby Müller (r) / NTR

Zijn beelden spraken altijd al voor hem. Later moesten ze dat letterlijk doen. Door ziekte kon cameraman Robby Müller (1940-2018) toen niet meer zelf praten. Claire Pijman kreeg intussen de beschikking over zijn privé-archief. Ze laat z’n hoogst persoonlijke Hi8-video’s, polaroids en foto’s in het liefdevolle portret Living The Light – Robby Müller (85 min.) samenvloeien met scènes uit de films die hij als ‘director of photography’ maakte met gerenommeerde regisseurs zoals Wim Wenders, Jim Jarmusch en Lars von Trier.

Als een moderne Hollandse meester speelt hij daarin met het licht. Een fascinatie die geen einde leek te kennen. Ook buiten de filmset was er altijd wel een camera voorhanden en een tafereel dat moest worden vastgelegd. Op hotelkamers, in een onbekende stad of gewoon thuis, in familiekring. ‘Alles werd gefilmd’, zegt zijn dochter Camilla MacGillavry-Müller. ‘Elke situatie. Tot vervelens toe. Hij deed het gewoon. Dat hoorde bij hem.’

Illustratief zijn opnames die Müller maakte van een wandeling van zijn ouders. Als het oudere echtpaar poseert op een bruggetje bij een meertje, vindt hij met zijn camera hun handen die worden weerspiegeld in het water en verliest zichzelf vervolgens helemaal in het spiegelende water. Even later spreekt hij vanuit een hotelkamer, tijdens de opnames van een film met een regisseur die een beetje ‘slapjes’ is, zijn zieke moeder toe. Op de achtergrond weerklinkt Reflections In The Water van Debussy.

Zo laat Pijman, zelf cameravrouw, beelden en verhalen vrijelijk rijmen in deze filmische ode aan Neerlands invloedrijkste cameraman, waarvoor Jim Jarmusch met zijn band Sqürl een speciale soundtrack componeerde. De beelden zijn daarbij leidend. De interviews (met regisseurs als Wim Wenders, Steve McQueen en Lars von Trier en directe collega’s van Müller) moeten volgen, in plaats van andersom. Achter elk afzonderlijk shot zit de man verscholen, die misschien ‘geen Hollywood-oog’ had, maar wel een geheel visie op de wereld creëerde.

Zoals één van de sprekers het formuleert: het is heel ingewikkeld om iets er heel eenvoudig uit te laten zien. Dat was een kunst die Robby Müller, getuige ook deze film die hem alle eer aandoet en beloond werd met een Gouden Kalf voor beste lange documentaire, volledig meester was.

De Zaak Gebroeders R.

KRO-NCRV

‘Dit is het leven wat wij gekozen hebben’, zegt de stem op vertrouwelijke toon. ‘Je wordt niet zomaar rijk. En als wij eenmaal rijk zijn, dan mag je best een beetje arrogant zijn, weet je wel.’ Aan het woord zijn de gebroeders R. Ze worden verdacht van drie geruchtmakende roofmoorden, in Drenthe in 2012.

Het onderzoeksteam van het Openbaar Ministerie meent een motief te hebben gehoord in de stiekem gemaakte geluidsopnames van de verdachten: geld. Ze horen er ook een gevaar op recidive in. In de woorden van de broers weerklinkt in elk geval geen berouw. Dit is moord in koelen bloede, daarover zijn de aanklagers het snel eens. Op mensen die bij toeval op het verkeerde moment op de verkeerde plaats waren.

De advocatenteams van Admilson en Marcos R., waaronder de befaamde Wim Anker, zien tegelijkertijd mogelijke verzachtende omstandigheden; de broers zijn geadopteerd vanuit Brazilië. Zijn ze daardoor misschien getraumatiseerd? En heeft Admilson tijdens zijn uitzending naar Afghanistan als militair wellicht PTSS opgelopen en is dat dan de oorzaak van de ‘explosie van geweld’, die niemand zag aankomen?

Maria Mok en Meral Meslu, die eerder films maakten over de Friese advocatentweeling Anker en hun verdediging van de beruchte zedendelinquent Robert M., zetten de voorbereidingen van de aanklagers en verdedigers op de rechtszaak recht tegenover elkaar in De Zaak Gebroeders R. (60 min.) en werken zo toe naar de zitting waarbij wordt beslist of de broers (levenslang) achter slot en grendel moeten of toch worden behandeld voor een psychiatrische stoornis.

Hun aanpak is sober: geen interviews, muziek of mooifilmerij. Mok en Uslu registreren als een vlieg op de muur, brengen de zaak terug tot zijn essentie en presenteren die zonder enige opsmuk. Bijzonder is daarbij hoeveel toegang het filmende duo heeft gekregen. Ook de gesprekken van de beide verdachten met hun advocaten, tijdens een observatie in de gevangenis in Vught, zijn gewoon gefilmd. Daar zit de meerwaarde van deze tot het bot uitgeklede documentaire, die de achterkant van een gruwelijke drievoudige moord treffend in beeld brengt.

Dat we deze film ook te zien krijgen, is overigens geen vanzelfsprekendheid. De uitzending is een paar keer uitgesteld omdat de zaak nog liep. Bovendien heeft het Openbaar Ministerie na bezwaren van de nabestaanden de medewerking aan de documentaire ingetrokken en via een kort geding tevergeefs geprobeerd om het gebruik van de beelden van het OM, dat toen nog gewoon meewerkte aan de film, te verbieden.

Jan Wolkers Spreekt…

NTR

‘Een andere Wolkers dan het cliché van de letterkundige branieschopper.’ Deze documentaire, die tien jaar na zijn dood wordt uitgebracht, legt de lat vanaf het begin hoog. Is het werkelijk mogelijk om het beeld van een gevierde schrijver/kunstenaar, die een heel publiek leven heeft geleid, te doen kantelen?

Voor Jan Wolkers Spreekt… (55 min.) heeft Wim van der Aar toegang gekregen tot privé-opnamen van Jans weduwe Karina Wolkers, die hij heeft aangevuld met een variëteit aan beeld- en geluidsmateriaal, zoals bijvoorbeeld b-roll beelden van de verfilming van Turks Fruit en Wolkers’ allereerste televisie-interview, waarin hij zich opmerkelijk dienstbaar opstelt naar de letterlijk hoog boven hem verheven interviewer.

Van der Aar vist die grabbelton met liefde leeg, waarbij de nadruk ligt op Wolkers’ Amsterdamse bloeiperiode van 1963 tot 1977. Uit dat laatste jaar stamt ook een interviewfragment met Jan Fillekers, dat helemaal aan het eind van de film is geplaatst. Daarin neemt de schrijver alvast een voorschot op zijn eigen nalatenschap.

Jan Wolkers beweert dat hij altijd zijn manuscripten verbrandt en zojuist het originele typoscript van zijn onlangs verschenen roman De Kus heeft geslachtofferd. ‘Ze vinden van mij niks terug’, zegt hij ferm (nadat we bijna een uur naar materiaal uit ‘s mans archief hebben zitten kijken). ‘Het boek, het eindproduct, dat is het. Dat ben ik.’

Zou Jan Wolkers destijds al hebben geweten dat dit je reinste onzin was? Op 19 oktober jongstleden, zijn tiende sterfdag, verscheen ook al Het Litteken Van De Dood. Een boek, geschreven door Onno Blom, de biograaf die Wolkers vlak voor zijn dood zelf aanwees. Blijkbaar wilde de grote schrijver toen allang zijn sporen niet meer uitwissen.