Alleen Samen

De Haaien

Hoewel er slechts luttele minuten zit tussen hun geboortes, blijft het belangrijk wie het oudste is. Dat weegt een leven lang door. Zoals het een archetypische eeneiige tweeling betaamt, zijn Lisa en Chrisje Moes nochtans onafscheidelijk. ‘Jij bent een blok aan mijn been’, zingen ze vrolijk, maar daar menen ze geen woord van. Als Chris het ouderlijk huis verlaat, belandt ze ‘toevallig’ in het flatgebouw waar Lies ook al woont. ‘Je raakt elkaar toch niet kwijt’, zegt één van de twee – ik weet even niet wie, ook hun stemmen lijken identiek – over de bijzondere band die ze nu eenmaal hebben. ‘Een relatie kan je nog kwijtraken.’

In Alleen Samen (25 min.), een vlotte korte documentaire van Kim Smeekes, lijken de twee extraverte zussen een permanente performance te geven. Ze zingen en dansen dat het een lieve lust is, kijken op het strand wie er het hardste kan rennen en lijken in het algemeen op vol tempo en volume door het leven te struinen. En dan komt er toch een kink in de kabel, waarmee de twee al een leven lang met elkaar verbonden zijn. Vanuit het ziekenhuis stuurt Lisa, ogenschijnlijk toch echt de oudste van de twee, een echo door naar Chrisje: ze is zwanger van haar eerste kindje.

Die blijde gebeurtenis zet een ontwikkeling in gang, die de vanzelfsprekendheid en exclusiviteit van de relatie tussen de twee zussen onder druk zet. Raakt Chrisje door Lisa’s zwangerschap op het tweede of zelfs derde plan? Hoe laat je iemand los zonder wie je jezelf nooit hebt gekend? Kan dat überhaupt? Smeekes staat er bovenop als dat proces van afstand nemen, en toch ook vast proberen te houden, zich voltrekt en met name Chrisje haar eigen weg in het leven moet zien te vinden. Mét en zónder de zus, door wie ze zich nog nooit eenzaam heeft gevoeld.

Elisabetta

VPRO

Een klein donker meisje met twee aandoenlijke staartjes in het haar doolt door een soort eindeloze groene gang. Zo nu en dan gaat ze een kamer binnen. Een andere keer stuit ze op een gesloten deur. In diverse symbolische sequenties representeert het kind Elisabetta (25 min.), de hoofdpersoon, naamgever en maker van deze korte documentaire.

Zij wil bestáán. Kort na haar geboorte in de Noord-Italiaanse stad Brescia, nu zo’n dertig jaar geleden, heeft Elisabetta’s moeder haar identiteit aan een ander meisje gegeven. Daardoor heeft Elisabetta Agyeiwas, die via een tante in Nederland is beland, nog altijd geen officieel bewijs van haar eigen bestaan. En sinds het overlijden van haar Nederlandse pleegmoeder, staat ze er als AMA (Alleenstaande Minderjarige Asielzoeker) ook nog eens helemaal alleen voor.

In deze persoonlijke film richt Elisabetta zich tot haar biologische, van oorsprong Ghanese moeder. ‘Alle gesprekken die ik voer leiden naar jou’, zegt ze bijvoorbeeld in één van de voice-overs waarmee de vertelling wordt gestuurd. ‘Waarom heb je ervoor gekozen om mij niet op te voeden?’ Uiteindelijk besluit de jonge vrouw om bij de Nederlandse politie aangifte te doen van identiteitsfraude en hoogstpersoonlijk verhaal te gaan halen in Italië.

Elisabetta’s moeder wil haar echter niet te woord staan, haar vader is sowieso helemaal buiten beeld en de zaak zelf blijkt zo gecompliceerd dat ie in beide landen vastloopt. Ze gaat daarover in gesprek met haar tante, de voormalige adjunct-directeur van haar basisschool, een vertegenwoordiger van de Nederlandse politie en de honorair consul in Verona. Zo probeert zij klaarheid te krijgen in een zaak die voor niemand echt van levensbelang lijkt. Behalve voor haar.

Elisabetta dreigt verloren te raken op een stukje niemandsland in hartje Europa, vastgeketend aan een kwestie die ook de kijker met de nodige onbeantwoorde vragen achterlaat. Terwijl de jonge vrouw juist op dit moment, nu ze een volgende stap in haar leven gaat zetten, zo’n behoefte heeft aan vaste grond onder de voeten.

Een filmpje van/over Elisabetta van enkele jaren geleden:

Ningdu

Periscoop Film

In The Missing Picture (2013) brengt de Cambodjaanse filmmaker Rithy Panh een historisch verhaal waarvan nauwelijks beelden bestaan opnieuw tot leven. Aan de hand van zijn eigen familiegeschiedenis reconstrueert hij met kleipoppetjes het gruwelregime van De Rode Khmer, dat in de tweede helft van de jaren zeventig twee miljoen mensen van huis en haard verdreef en uitgestrekte ‘killing fields’ achterliet.

Ningdu (104 min.), de debuutfilm van de Chinese animator Lei Lei, is een soortgelijke tour de force, waarin met behulp van kleurrijke stop-motion, popart en animatie, gecombineerd met zwart-wit foto’s en archiefbeelden, een persoonlijke geschiedenis over het voetlicht wordt gebracht en zo het grotere verhaal wordt verteld van een vernietigend maatschappijmodel, dat eveneens onnoemelijk veel mensen het leven onmogelijk heeft gemaakt – of heeft gekost. Plaats van handeling is China in de jaren vijftig en zestig. Gevangen tussen De Grote Sprong Voorwaarts, die van het agrarische land een moderne industriële natie moet maken, en de navolgende Culturele Revolutie, die ‘communistische puurheid’ als uitgangspunt heeft.

Lei Lei spreekt in deze collageachtige film met zijn vader Lei Jiaqi. Ook diens vader Lei Ting, de opa van de filmmaker, komt aan het woord. Hun herinneringen worden door hem als nakomeling, bijzonder inventief en gebruikmakend van surrealistische taferelen, aangekleed en op smaak en tempo gebracht met een experimentele jazzsoundtrack. De vertellers zelf blijven buiten beeld en schetsen vanuit die positie de achterkant van de grote geschiedenis. Levendig verhalen ze bijvoorbeeld over hoe Lei Ting in de jaren vijftig van huis wordt gestuurd om een radertje te worden in China’s massaproductiemachine. Als thuis zijn vrouw overlijdt, worden zijn kinderen naar een weeshuis gestuurd.

Wanneer de man enige tijd later hertrouwt en het gezin dus kan worden herenigd, verkondigt de Chinese leider Mao in 1966 zijn Culturele Revolutie en wordt Lei Ting publiekelijk te kijk gezet als een lid van de bourgeoisie – compleet met pak, stropdas en dikke sigaar – en vervolgens als klassenvijand naar een heropvoedingskamp gestuurd. Het is een tragische geschiedenis die nog altijd doorweegt in het heden, maar desondanks met een zekere nuchterheid uit de doeken wordt gedaan. De betrokken familieleden weten simpelweg niet beter en zijn elkaar, ondanks alle ontberingen, altijd vast blijven houden. Deze film is hun getuigenis, in beelden vervat door de getalenteerde kleinzoon.

Sins Of Our Mother

Netflix

De verhouding tussen Lori Vallow en haar vierde echtgenoot Charles wordt er zacht gezegd niet beter op als zij ervan overtuigd raakt dat hij een ‘duistere geest’ is geworden en een demon in zich verbergt. Van deze ‘Nick Schneider’ wil ze zich maar al te graag ontdoen. Niet veel later – op 11 juli 2019 in Chandler, Arizona om precies te zijn – beslecht Lori’s broer Alex met enkele kogels een ruzie met Charles. Noodweer, zegt hij. En zijn zus/Charles’ vrouw lijkt daar niet echt van op te kijken of wakker van te liggen.

Lori, de hoofdpersoon van de driedelige docuserie Sins Of Our Mother (139 min.), heeft dan al een turbulent leven achter de rug. De knappe blondine deed bijvoorbeeld mee aan de Miss Texas-verkiezing, draafde op in het welbekende tv-spelprogramma Wheel Of Fortune en raakte gaandeweg steeds dieper verwikkeld in haar eigen interpretatie van het geloof, dat ze als kind van de Mormoonse Fundamentalist Church of Jesus Christ of Latter-Day Saints (LDS) had meegekregen.

Aan de zijde van alweer een nieuwe liefde, de zelfverklaarde ziener Chad Daybell, begint Lori Vallow vervolgens steeds meer tekenen te vertonen van een bijzonder gevaarlijke vorm van godsdienstwaanzin, die zomaar enkele ‘zombies’ uit haar directe omgeving het leven zou kunnen kosten. En dan dient het einde der tijden zich ook nog aan, natuurlijk. Kortom: koren op de molen voor een true crime-crack zoals Skye Borgman, die eerder dit jaar ook al Girl In The Picture en I Just Killed My Dad afleverde.

Het is Lori’s oudste zoon Colby Ryan, ondersteund door enkele andere familieleden en kennissen, die voorgaat in deze afdaling in Lori Vallows eigen versie van de hel. Zijn jongere zus Tylee Ryan en broertje JJ Vallow zijn intussen ook nog vermist geraakt. Borgman serveert al die tragische verwikkelingen vet en vakkundig uit, totdat ze zijn gecondenseerd tot zo’n typisch ‘bizar verhaal’, waarvan de goegemeente lekker kan gruwen. Zoals dat gaat bij true crime, het ideale tijdverdrijf voor brave burgers zoals jij en ik.

Nikki

Videoland

Het lijkt soms een klein wonder als het wél goed gaat met Nikki (112 min.). In de jaren dat documentairemaker Monique Nolte (Het Beste Voor Kees) de tiener volgt zit ze namelijk voortdurend tussen twee vuren. Tussen vader Fred, die grote delen van haar leven buiten beeld is en meteen stress veroorzaakt als hij wel even, letterlijk, ‘in the picture’ verschijnt. En moeder Karin, die beslist het beste voorheeft met Nikki, maar ook kampt met borderline.

Op de basisschool gaat het desondanks best goed met het meisje. Ze krijgt een HAVO-advies en meldt zich vol goede moed op het Christelijk Lyceum Zandvliet in Den Haag. Daar blijven haar resultaten, mede door opvallend hoog verzuim, echter toch achter en begint al het tumult in haar jonge bestaan als KOPP-kind, een kind van ouders met psychische problemen, zich te wreken. Hoezeer Karin haar daartegen ook probeert te beschermen.

Monique Nolte nestelt zich met haar camera jarenlang in de omgeving van moeder en dochter en sluit ook aan bij sleutelmomenten op school of met hulpverleners. Zo vangt ze van zeer nabij de ontwikkelingen in het leven van de opgroeiende tiener. In dat opzicht doet Nikki enigszins denken aan Alicia (2017), de verpletterende film van Maasja Ooms over een meisje dat helemaal verdwaald raakt in de Nederlandse jeugdzorg, met buitengewoon tragische gevolgen.

Zo schrijnend is deze observerende documentaire niet – al komt ie soms gevaarlijk dichtbij. Nolte maakt ook uitgesproken artistieke keuzes: ze kiest bijvoorbeeld voor het incorporeren van geanimeerde sequenties, die droom- en angstbeelden van haar hoofdpersoon tastbaar maken. Het is de vraag of de film die nodig heeft. Bij sommige aangrijpende scènes kan de kijker zelf ook wel bedenken wat er in het hoofd van de puber omgaat.

Dit laat onverlet dat ook deze film regelmatig aanvoelt als een stomp in de maagstreek. Nikki moet zich door het ene na het andere loyaliteitsconflict banen en ervoor zorgen dat ze onderweg zichzelf niet kwijtraakt. Het is de tragiek van een jong meisje met een moeder die volgens eigen zeggen een gat van binnen heeft dat door anderen moet worden gevuld en een papa die niet weet hoe hij vader moet zijn. Hoe kan een kind in zo’n omgeving opgroeien tot een (psychisch) gezonde volwassene?

Luc

IJswater Films

‘Ik heb kankerveel schijt aan de rechter!’ schreeuwt Lucas van der Laan tegen de zee, op een verlaten strand waar hij volgens eigen zeggen een enorm gevoel van vrijheid ervaart. Hij gaat nog even door. Het moet er duidelijk uit. De ene ‘fock’ na de andere. Gevolgd door: ‘En niemand die je hoort zeiken.’

De vijftienjarige jongen is net weggelopen uit een gesloten jeugdzorginstelling. Zijn jas heeft hij daar achtergelaten. Hij mag die van Tim Bary wel even lenen. De filmmaker volgt Luc (30 min.) al enkele maanden. De tiener heeft een tijd op straat geleefd en vraagt zich af of hij nu misschien bij zijn vader, met wie hij een lastige relatie lijkt te hebben, kan overnachten. 

Lucas is een echte jongen van de straat. Zo klinkt hij tenminste – en wil hij waarschijnlijk ook klinken. ‘Nee, mán’, zegt hij. Of: ‘tantoe lekker.’ En werkelijk te pas en te onpas: ‘je weet toch?’ Als smeermiddel voor zo’n beetje elke zin. En dan is er nog de ‘waggie’ om in te pitten. Want daarop lijkt het uit te draaien: samen met de documentairemaker overnachten in diens auto.

En zo wordt Tim Bary in deze korte docu, de weerslag van enkele uren in de nabijheid van een ontwortelde puber, langzaam maar zeker in het leven van zijn hoofdpersoon gezogen. Die vraagt zelfs of hij misschien bij hem thuis mag slapen, maar dat gaat de jongeman achter de camera toch nog te ver. Dan liever samen in de auto een filmpje kijken.

Luc is niet meer dan een momentopname uit het woelige bestaan van de jongen die zich groter voor lijkt te doen dan hij is. Dat is de beperking én de kracht van de film. Bary geeft de kijker nauwelijks context. Die moet wat er is gebeurd met Lucas zelf maar bij elkaar zien te sprokkelen – en komt daarmee ongetwijfeld een heel eind, op zijn minst in de goede richting.

Misschien doen de precieze details van dit ene leven op drift er ook niet toe en is Lucas van der Laan vooral een voorbeeld van al die jongeren die, vaak zonder al te veel perspectief, in een gesloten inrichting zitten. Wachtend op de dag dat ze terug kunnen naar het leven dat ze noodgedwongen moesten verlaten of simpelweg tot hun achttiende verjaardag.

Een buitenstaander kan alleen hopen dat er in de tussentijd geen onherstelbare schade is ontstaan.

Koning Op De Dam

Witfilm

In een klein kantoortje werken broer en zus samen de administratie weg. Horecatycoon Won Yip mag dan alle cafés op de Dam in Amsterdam bezitten, samen met zijn oudere zus Anine bekommert hij zich nog altijd hoogstpersoonlijk om de boekhouding. Met een calculator lopen ze alles na en verwerken de facturen en stapeltjes geldbiljetten die binnenkomen.

Het is een treffend tafereel, exemplarisch voor de mores binnen het Chinees-Nederlandse familiebedrijf, waar handen uit de mouwen steken voor iedereen de norm is en de baas toch gewoon de baas blijft. ‘De controlerende factor’, noemt Won Yip dat zelf. Hij legt uit: ‘Het feit dat ik hier boven de zaak woon, al dertig jaar, is twee, drie procent extra op je bedrijfsresultaat.’

Waarom? vraagt documentairemaker Sarah Vos, die Koning Op De Dam (85 min.) met Sander Snoep heeft geregisseerd. Won Yip benadrukt dat alle betrokkenen ervan op de hoogte moeten zijn dat de baas op elk moment kan meekijken. ‘Dus het kan ook zomaar zijn dat ik op het dak sta of dat ik op mijn dakterras naar beneden aan het kijken ben. Ze weten ook niet wanneer ik kom.’

Terwijl het hoofd van de Yipgroup met straffe hand zijn business micromanaget, een luxueus penthouse laat inrichten in het hartje van Amsterdam (om na zeventien jaar eindelijk met zijn Zeeuwse vriendin Heleen te gaan samenwonen) en enkele persoonlijke en zakelijke crises moet zien te bezweren, legt Vos hem op de pijnbank over zijn doelen, werkwijze en motieven. 

In die persoonlijke vraaggesprekken, slim versneden met interviews met Heleen en Anine, komt automatisch het familieverhaal van de Yips boven. Over hoe hun ouders vanuit China, een land waar armoede en repressie hand in hand gingen, in Nederland terechtkwamen en daar met een Chinees restaurant, waar de klok rond werd gewerkt, het fundament legden voor een familie-imperium.

Het is een beladen verhaal over mensen die door hun eigen leiders zijn verjaagd, dat door Vos en Snoep met fraai archiefmateriaal, begeleid door een expressieve soundtrack, wordt verbeeld en uiteindelijk treffend samenkomt in die ene anekdote over Won Yips vader. Die ging volgens hem elke dag slapen met zijn paspoort en 25 briefjes van duizend gulden in het borstzakje van zijn pyjama.

In zulke herinneringen en de bijbehorende sfeertekeningen zit de kracht van Koning Op De Dam. De film portretteert niet alleen van dichtbij een gestaalde ondernemer en z’n zakelijke entourage, maar zet de schijnwerper tevens op de wereld die daarachter schuilgaat en die meestal buiten beeld blijft: van al die Aziatische families in Nederland, die op hun eigen voorwaarden aan de weg timmeren.

I Just Killed My Dad

Netflix

Dat hij ‘t heeft gedaan, staat niet ter discussie. I Just Killed My Dad (125 min.) is dus nadrukkelijk geen whodunnit, maar een whydunnit: waarom heeft Anthony Templet, een inmiddels achttienjarige tiener uit Baton Rouge in de Amerikaanse staat Louisiana, op 3 juni 2019 zijn vader Burt doodgeschoten? In de openingsscène neemt hij plaats op een stoel in een – bij true crime verplichte – duistere loods om te worden geïnterviewd.

Anthony stelt zelf dat het noodweer was, maar andere sprekers in deze driedelige serie van Skye Borgman – waaronder zijn stiefmoeder Susan, advocaat Jarrett Ambeau, een voormalige collega, Burts beste vriend en allerlei betrokkenen bij het politieonderzoek – hebben zo hun twijfels bij zijn lezing van wat er is gebeurd. Achter het simpele nieuwsfeit – zoon doodt vader – gaat een hele geschiedenis schuil.

Borgman pak dit tragische verhaal zorgvuldig uit en belandt zo in Ingleside, Texas, waar het kat- en muisspel van Burt, Anthony en de rest van hun getroebleerde familie een kleine twintig jaar eerder is begonnen en ook Anthony’s biologische moeder Teresa, die al jaren volledig uit zijn leven is verdwenen, nog wel het één en ander heeft te vertellen over haar tienerzoon en de man die haar ooit radeloos achterliet.

Wordt Anthony’s daad, vanuit die context bezien, begrijpelijk of zelfs te vergoelijken? Die vraag speelt nadrukkelijk op als Borgman de zaak vaardig – met de eveneens verplichte emotionele interviews, beveiligingscamerabeelden, duistere reconstructiescènes en unheimische soundtrack – verder ontleedt. En ook: wat is Anthony voor een jongen? Getraumatiseerd of contactgestoord? Is hij (nog/wel) in staat tot empathie?

Tijdens een door Anthony’s advocaat Ambeau (voor deze serie?) georganiseerd proefproces, waarbij ook de beraadslagingen van een speciaal samengestelde proefjury in beeld worden gebracht, komt vervolgens aan de orde welke straf de jongen nu moet krijgen. Het antwoord vormt de vanzelfsprekende climax van deze stevige true crime-productie. Waarna alleen nog een emotionele uitlui volgt.

The Rossellinis

In zekere zin leven ze, ruim veertig jaar na ‘s mans overlijden, nog altijd in zijn schaduw. Daar, bij de uitvaart van Roberto Rossellini, begint ook deze documentaire van zijn oudste kleinzoon Alessandro. Al zijn nazaten begeleiden de grote regisseur, die sinds de film Roma Città Aperta (1945) werd beschouwd als een genie, in 1977 naar zijn laatste rustplaats. Volgens Alessandro lijden ze stuk voor stuk aan dezelfde aandoening: Rossellinitis.

‘Mensen zeiden tegen me: jij bent een Rossellini. Met jouw achternaam kun je geen ober worden’, vertelt Alessandro’s oom Robertino, ooit één van de meest begeerde mannen ter wereld, bijvoorbeeld treffend. ‘Ik mocht eigenlijk alleen maar een genie zijn.’ Tegenwoordig heeft hij zich teruggetrokken op een idyllische plek aan de Zweedse kust, in een huis dat ooit toebehoorde aan zijn moeder Ingrid Bergman, de befaamde actrice en tweede vrouw van zijn vader.

‘Wij waren bij onze geboorte al losers’, zegt Alessandro’s tante Ingrid, die het liefst buiten beeld blijft. ‘Hopeloos!’ Haar tweelingzus Isabella lijdt ogenschijnlijk nog het minst aan de familieziekte. Zij heeft een geslaagde carrière opgebouwd als fotomodel en actrice en voelt zich ook wat ongemakkelijk bij de vragen die haar neef in The Rossellinis (98 min.) op haar afvuurt en de onaantastbare status die hij haar, als rechtgeaarde opvolger van zijn grootvader, toedicht.

Tijdens zijn boeiende rondgang langs verschillende familieleden, doorsneden met filmfragmenten van de patriarch, komt Alessandro gaandeweg tot de conclusie dat hij, de zoon van Roberto Rossellini’s gedroomde opvolger Renzo en een zwarte vrouw, de kleinzoon die opzichtig worstelde met een drugsverslaving, de man ook van twaalf ambachten en dertien ongelukken, misschien wel het meest gebukt is gegaan onder die vermaledijde familienaam en de verpersoonlijking daarvan: zijn grootvader.

Dat familiesysteem heeft hen elk op hun eigen manier gevormd. Daarom kan deze boeiende film eigenlijk ook slechts op één manier tot een (bevredigend) einde worden gebracht: met een gestileerde groepsfoto waarop elk afzonderlijk familielid zijn eigen plek binnen de Rossellinis probeert in te nemen. Zodat in één beeld zichtbaar wordt wat hen bindt én wat hen van elkaar onderscheidt. Alsof stamvader Roberto ze van gene zijde nog eenmaal netjes op hun plek heeft gezet.

Jacinta

Jacinta (l) en Rosemary (r) / Hulu

Rosemary vindt het verschrikkelijk dat de gevangenisstraf van haar 26-jarige dochter Jacinta (105 min.) erop zit. Zelf heeft ze nog een jaar of drie te gaan. De twee vrouwen werden allebei op zeer jonge leeftijd moeder en kampen met een hardnekkige drugsverslaving. Is Jacinta Hunt nu wel in staat om van de heroïne af te blijven en bovendien een bestendige relatie op te bouwen met haar eigen tienjarige dochter Caylynn?

De vooruitzichten zijn ronduit slecht: de jonge vrouw is al eerder de fout ingegaan en heeft thuis in de Amerikaanse staat Maine een wel heel wankele basis om op terug te vallen. Want Jacinta is een telg van de lokaal beruchte familie Geisinger. Onvervalste ‘deplorables’, altijd in de weer met dope en/of criminaliteit. Haar halve familie – van haar broer tot de vader van haar kind – zit inmiddels in de bajes of is hard op weg om daarnaar terug te keren.

Filmmaker Jessica Earnshaw sluit drie jaar lang met haar camera aan bij Jacinta en haar verwanten en legt van zéér dichtbij hun strubbelingen met drugs, elkaar en het leven in het algemeen vast. Balancerend tussen hoop en wanhoop, tussen clean, helemaal van de wereld en ‘cold turkey’, lijken ze stuk voor stuk inwisselbare onderdelen van een volstrekt disfunctioneel familiesysteem, dat zichzelf al generaties lang in stand houdt.

Terwijl ze in de periode na haar vrijlating steeds twee stappen vooruit en één achteruit zet (of andersom), probeert Jacinta op de één of andere manier een relatie te onderhouden met Caylynn. ‘Heb ik nu de keuze gemaakt om high te worden, in plaats van mijn kind te zien?’ zegt ze op een ontmoedigend moment, ergens halverwege haar trip naar de uitgang/draaideur. ‘Ja. Maar dat gaat volledig tegen mijn eigen gevoel in.’

Haar dochter fungeert sowieso afwisselend als licht aan het einde van de tunnel en – als dit uit het zicht raakt – als onuitputtelijke bron voor wéér een periode duisternis. Jacinta’s pogingen om voor haar dochter een betere versie van zichzelf te vinden vormen daardoor een bij vlagen ronduit deprimerend verhaal, waarbij het nog maar de vraag is of ze zich uiteindelijk weet te ontworstelen aan het verwachtingspatroon dat anderen – en zijzelf – van haar hebben.

Elin

KRO-NCRV

Ze wil weten wat er in haar kind omgaat. Elin (86 min.) heeft zoveel te vertellen, maar het komt er heel moeilijk uit. Het meisje heeft rond haar geboorte een hersen- en gehoorbeschadiging opgelopen en is bijzonder lastig te verstaan. Elins vader Patrick en tweelingzus Bente kunnen haar lang niet altijd begrijpen. En de buitenwereld al helemaal niet. Haar moeder Marie-José Schelvis weigert zich daarbij neer te leggen: zeker nu de puberteit voor de deur staat wil ze dat haar kind zich kan uiten. Anders zit Elin ‘nog meer gevangen in haar eigen lijf’.

Marie-José wil ook haar eigen verhaal kwijt. Ze blogt over haar ervaringen als moeder van een zwaar gehandicapt kind. Die blogs fungeren tevens als anker voor deze observerende documentaire van Cinta Forger en Walther Grotenhuis. ‘Ik ben moe’, schrijft Marie-José bijvoorbeeld, als ze lijkt af te stevenen op een burn-out. ‘En weet je? Ik mag moe zijn. Het is geen normale situatie. Ik moet het niet meer continu bagatelliseren. Mijn emmer is nooit helemaal leeg, dat accepteer ik, maar misschien krijg ik hem af en toe halfleeg.’

Samen met haar echtgenoot Patrick, die voor zijn werk regelmatig naar het buitenland moet, zoekt Marie-José naar een geschikte spraakcomputer, die Elin met haar mond kan aansturen. Dit wordt een intensief en frustrerend proces, dat in deze aangrijpende film met begrip, compassie en oog voor detail is opgetekend. Werkelijk alle betrokkenen lopen over van de goede wil, maar zelfs zoiets praktisch als het bestellen van een aardbeienijsje – laat staan het uiten van gedachten of gevoelens – heeft al veel meer voeten in de aarde dan wie dan ook wil.

Intussen houdt Marie-José zich ook bezig met de vraag hoe het verder moet met haar dochter als zij niet meer haar ‘handen en tolk’ kan zijn. Elin lijkt op haar eigen manier eveneens gericht op volwassen worden. Van tekenfilmseries verlegt ze haar aandacht naar games, waarin ze – aan de zijde van haar tweelingzus – even helemaal vrij kan zijn. En op Elins kamer in het nieuwe huis dat het gezin, mede voor haar, betrekt moet een vliegtuigenbehang komen. Zodat ze zich, in elk geval in gedachten, soms los kan maken van dat onwillige lijf, om frank en vrij de wereld te verkennen.

Marie-José Schelvis cijfert zich vrijwel volledig weg voor haar opvallend montere kind. Het evenwicht in haar leven, tussen de vastberaden liefde die ze als moeder voelt voor haar dochter en de verantwoordelijkheid die ze voor datzelfde meisje moet (en koste wat het kost ook: wil) dragen lijkt nochtans broos en is afhankelijk van kleine overwinninkjes. Die bieden hoop voor Elins toekomst.

For Heaven’s Sake

Ziggo

De 31-jarige Harold Heaven vertrok in het weekend van 27 oktober uit zijn afgelegen hut en werd daarna nooit meer gezien. Het is een kwestie die de Canadese familie Heaven uit Haliburton County, Ontario, al geruime tijd bezighoudt: wat zou er toch met hem zijn gebeurd? Een familielid, de nerdy acteur/comedian Mike Mildon, en zijn doortastende vriend Jackson Rowe, twee ontzettende true crime-fans, besluiten om de cold case – zeg maar gerust: icecold case! – te gaan onderzoeken voor hun eigen epische misdaadklassieker: de achtdelige docuserie For Heaven’s Sake (244 min.), geregisseerd door Tim Johnson.

Één ding weet het olijke duo zeker: Harold Heaven zelf zullen ze niet meer vinden. Hij verdween immers al in 1934 en zou inmiddels zo’n 115 jaar oud zijn. En al zijn vrienden, mogelijke getuigen en potentiële verdachten zijn natuurlijk ook allang kassiewijlen. Mike en Jackson zijn voor hun kansloze missie (?) dus aangewezen op het originele politieonderzoek én op de Heaven-familie. Want die brengt al generaties lang amateurdetectives voort, op wie de verdwijning van Harold een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefent. En één ding weten die dan weer zeker: hun excentrieke (oud-)oudoom stierf beslist geen natuurlijke dood.

De twee speurneuzen lopen in elke aflevering een andere onderzoekspiste af: van zelfdoding en criminele wegwerkers tot boze buurmannen en ontvoering door buitenaardse wezens. Intussen diepen ze allerlei bewijsmateriaal op, doen hoogstpersoonlijk onderzoek, laten enkele cruciale gebeurtenissen naspelen en tuigen natuurlijk een heus true crime-overzichtsbord met verdachten, motieven en dwarsverbanden op. Wat lijkt te beginnen als een uit de hand gelopen grap krijgt gaandeweg een serieuzer karakter. Met hun zoektocht krijgen Mike en Jackson daadwerkelijk het nodige boven tafel en slagen ze er ook in om de wereld van die ene verdwenen man op te roepen.

Een wereld waarin wel eens geen plek zou kunnen zijn geweest voor een ‘zonderling’ zoals Harold Heaven. En hoewel deze slimme true crime-pastiche zowaar nog best spannend wordt ook, ontleent For Heaven’s Sake, lekker laconiek verteld en met veel melige humor, z’n bestaansrecht toch vooral aan zijn bijzondere positionering: op het kruispunt van familiemythe, lokale geschiedschrijving en ‘urban legend’. Waar de jacht, zoals dat gaat in dit soort amateurdetective-producties, bijna altijd mooier is dan de vangst…

Trump: Unprecedented

Discovery+

Tijdens de hoorzittingen van het Amerikaanse congres over de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021 werd onlangs een explosieve nieuwe getuige gepresenteerd: documentairemaker Alex Holder. Hij bleek enkele maanden achter de schermen opnamen te hebben gemaakt bij de familie Trump tijdens de presidentscampagne van vader Donald, óók op die ene donkere dag waarop de Amerikaanse democratie dreigde te bezwijken voor intimidatie en geweld. Enkele weken later is er zowaar al de driedelige documentaireserie Trump: Unprecedented (148 min.).

‘President Trump, his family and advisors had no editorial control in the making of this series’, meldt Holder voor de zekerheid aan het begin van elke aflevering. Toch krijgt de Trump-clan (Donald, zijn kinderen Donald Jr., Eric en Ivanka en schoonzoon Jared Kushner) behoorlijk wat ruimte in wat al met al toch een tamelijk traditionele familiekroniek, verteld vanuit de tumultueuze campagne van 2020, is geworden. Waarbij de pater familias zo nu en dan een tablet in de handen krijgt gedrukt, om op beelden of uitspraken van zijn kroost te reageren.

Met kritische vragen valt Holder zijn hoofdpersonen, die hij tevens volgt bij politieke bijeenkomsten, verder niet lastig. Dat laat hij over aan enkele onafhankelijke kenners van de familie, die de mooi weer-verhalen van Donald en z’n kids in perspectief plaatsen. Zo ontstaat een gelaagd portret van het politieke familiebedrijf Trump, op smaak gebracht met een soundtrack die niet geheel toevallig refereert aan zowel House Of Cards als Succession. Het zou de documentairemaker alleen wel hebben gesierd als hij zijn subjecten ook persoonlijk het vuur aan de schenen had gelegd.

Het duurt uiteindelijk tot aflevering drie voordat de serie aanbelandt bij woensdag 6 januari 2021. Dan maakt ook vicepresident Mike Pence, de man die toen tot grote frustratie van de familie Trump de verkiezingsoverwinning van zijn Democratische tegenstrever Joe Biden certificeerde en daarna ternauwernood aan Trumps woedende aanhang kon ontsnappen, ineens zijn opwachting. Niet dat hij ook maar iets wil zeggen over de dag waarop zijn baas, die hij jarenlang door dik en dun heeft verdedigd, hem voor de leeuwen wierp. Net als de leden van het familiebedrijf trouwens.

Dat is een enigszins teleurstellende uitkomst voor een serie die de kijker eigenlijk ‘all access’ heeft beloofd. Zoals Trump: Unprecedented sowieso weinig nieuws heeft te melden over de dag waarop datzelfde bedrijf een vijandige overname van ‘Merica probeerde uit te voeren. Wat rest is een heel aardige zedenschets van een man/merk/familie die maar al te graag wil uitgroeien tot een politieke dynastie. Want of vader Donald zich in 2024 nu wel of niet kandidaat stelt voor het presidentschap, de Trump-clan gaat zich ongetwijfeld nog in de nodige politieke campagnes wagen.

17 Blocks

Als je één en hetzelfde gezin gedurende twintig jaar filmt – of zichzelf laat filmen – ontdek je onvermijdelijk iets over het leven. Over hoe het de één optilt en een ander op zijn plek houdt. Over hoe het je lam kan slaan, uit het lood of gewoon, keihard, op je bek. En over hoe de plek waar je wordt geboren – de familie, buurt en stad – kan bepalen wie je bent en wordt, of juist helemaal niet.

Als filmmaker Davy Rothbart in 1999 op Emmanuel Sanford-Durant (9) en z’n oudere broer Smurf (15) stuit, hun zus Denice ontmoet en alleenstaande moeder Cheryl leert kennen, kan hij op geen enkele manier vermoeden wat de toekomst in petto heeft voor hen. Of toch wel. Het samengestelde gezin woont immers in het zuiden van Washington D.C., een frontlinie in de Amerikaanse ‘war on drugs’ die slechts 17 Blocks (98 min.) verwijderd is van het Capitool.

Duizend uur beeldmateriaal wordt daar verzameld, die voor deze doorleefde documentaire moest worden teruggebracht tot dik anderhalf uur. Hele en halve levens, verteld in luttele minuten. Hoogtepunten, dieptepunten en het ‘gewone’ leven. Emmanuel heeft bijvoorbeeld een studerende vriendin en wil brandweerman worden. Smurf hangt rond op de beruchte straathoeken, zit zo nu en dan vast en zet ondertussen enkele kinderen op de wereld. En Denice wordt eveneens op jonge leeftijd (alleenstaande) moeder.

Als het noodlot toeslaat – en dat lijkt het onherroepelijk te doen in dit soort levens – en letterlijk overal in huis bloedspatten achterlaat, nemen de zaken in de familie Sanford een dramatische wending. Waarbij Cheryl, de vrouw die haar kinderen een stabiele basis wilde meegeven, worstelt met schuldgevoelens en haar toevlucht zoekt tot middelen die de situatie alleen maar kunnen verergeren. Rothbart slaat dit proces van zeer dichtbij gade en documenteert tevens hoe de Afro-Amerikaanse familie het tij probeert te keren.

Het is nu twintig jaar geleden dat de baanbrekende tv-serie The Wire het rauwe leven rond de ‘corners’ in grote Amerikaanse steden en de zieke drugseconomie die daaromheen is ontstaan op indringende wijze agendeerde. Dit jaar verscheen bovendien het ‘vervolg’ We Own This City, over de bijbehorende politiecorruptie. Een documentaire zoals 17 Blocks brengt diezelfde ontwikkelingen terug tot menselijke proporties en laat treffend zien hoe drugs en geweld een spoor van vernieling kunnen trekken door een gewone familie.

Waarbij het natuurlijk nog maar de vraag is of de tijd wel alle wonden kan helen. Want zo is het leven: een aaneenschakeling van losse gebeurtenissen die pas achteraf, bezien vanuit de achteruitkijkspiegel, een verhaal blijken te vormen. En als er al een happy end komt, staat dit op voorhand zeker niet vast.

Mijn Geniale Broer Harry

Harry Dames (l) en Roy Dames (r) / c: Roy Dames

Mijn Geniale Broer Harry (54 min.) lijkt een film over de oudere broer van Roy Dames, die op 22-jarige leeftijd overleed. ‘Anderhalf jaar ouder was hij, maar vele lichtjaren wijzer.’ In wezen is deze indringende film uit 2013 echter vooral een portret geworden van de filmmaker zelf, die na Harry’s vroegtijdige dood met zijn camera steevast de zelfkant begon op te zoeken.

Zijn broer Harry zocht het juist hogerop: in de sterren. Hij ging wiskunde en sterrenkunde studeren in Leiden, had best astronaut willen worden en kreeg uiteindelijk van de NASA de kans om een prestigieus promotieonderzoek naar de planeet Jupiter te gaan doen. Totdat hij in 1974, in hun ouderlijk huis te Beverwijk, overleed aan een hersentumor.

Roy was twintig toen Harry stierf. Bijna veertig jaar na zijn dood gaat hij op zoek naar de betekenis van diens leven – en probeert hij vat te krijgen op zijn dood. Hij brengt daarom een bezoek aan hun moeder, zijn zussen, Harry’s studiebegeleider, zijn promotor, een studievriend, de wetenschapper die z’n onderzoek afrondde en de pastoor die hem moest begraven.

Terwijl hij Harry’s sporen traceert, vertelt Dames – via een persoonlijke, aan zijn broer gerichte voice-over – ook zijn eigen levensverhaal: over hoe hij via een studie tropische landbouw op een melaatsenkolonie in India belandde en daarna Nederlandse ‘onaanraakbaren’ ging filmen. Kleine krabbelaars, zwervers en – net als hijzelf – onverbeterlijke zuipschuiten.

Hij voelde zich verwant met hen. Ze hadden vaak niets meer te verliezen. Behalve een film over zijn broer, zijn woelige eigen bestaan en onderwerpen zoals de hemel, het heelal en die ongrijpbare dood wordt Mijn Geniale Broer Harry daarmee ook een handzame bijsluiter voor het omvangrijke oeuvre van Roy Dames, dat op overtuigende wijze wordt verbonden met zijn leven.

Te midden van rauwe, uit het leven gegrepen producties zoals Foute Vrienden, Meiden Van de Keileweg en Afrikaanse Bruid is dit zonder twijfel zijn meest persoonlijke film – en misschien ook wel gewoon zijn mooiste.

Vastgelegd

KRO-NCRV

‘Je hebt een film gemaakt toen ik geboren was, in 1962, van de eerste dagen of weken’, zegt Batya Wolff in de persoonlijke documentaire Vastgelegd (63 min.) tegen haar vader Max. ‘En toen ik die film voor het eerst zag, dacht ik: die film gaat over iemand die dood is. Terwijl ik kijk naar een film van het begin van mijn leven.’ Één van Batya’s zussen, waarvoor Max een vrijwel identiek geboortefilmpje maakte, heeft zelfs het gevoel dat haar kinderbedje niet voor haar was ‘maar dat er allemaal botten in liggen van dode mensen’.

Die associaties zijn niet vreemd. Van hun Joodse familie zijn bijna driehonderd leden vermoord tijdens de Tweede Wereldoorlog. De enthousiaste filmer Max Wolff heeft er een enorm boekwerk over geschreven. ‘Een Joods monument van onze familie’, zegt hij trots tegen Batya. Zij vindt dat boek echter beladen. ‘Max’, begint ze. ‘Al wat van jou is, draag ík ook bij me.’ Ze wil duidelijk een punt maken, maar haar hoogbejaarde vader pakt het luchtig op. ‘Dat vind ik niet erg. Hoef ik het niet alleen te dragen.’ En daarna bladert hij rustig verder in z’n boek. Zijn dochter blijft hem nadrukkelijk aankijken. ‘En ik dan?’

Deze vraag, tamelijk demonstratief voor de camera opgeworpen, zal onbeantwoord blijven, maar maakt de afstand tussen ouder en (volwassen) kind heel tastbaar. Vader Max wil/moet zijn oorlogsverleden blijven delen en zijn dochter krijgt hem niet aan zijn verstand gebracht dat hij haar daarmee belast. Daar zit de kern van deze schurende film, waarin Batya onderzoekt, in woord en beeld, afwisselend begeleid door hoorbare stilte en dwingende pianomuziek, wat dat vastleggen van het oorlogsverleden, dat vasthouden ook daaraan, betekent voor een volgende generatie.

‘Kan ik iets hebben verloren als ik het nooit gehad heb?’ vraagt ze zich bijvoorbeeld hardop af. ‘Kan ik rouwen om iemand die ik nooit gekend heb?’ Tegelijkertijd zoekt Batya Wolff in deze egodocu, gemaakt met Arnoud Holleman, ook naar manieren om de dood uit te bannen en al die overleden familieleden op de één of andere manier weer onderdeel te laten worden van haar huidige familiekring. Als doodgewone, levenslustige mensen, in plaats van als de symbolen van Jodenvervolging die ze mettertijd zijn geworden.

Naziha’s Lente

Het moest een portret worden van de vrouw achter het probleemgezin. De alleenstaande Marokkaanse moeder uit Amsterdam-West met tien kinderen, waarvan er al een aantal in aanraking waren geweest met justitie. Een sterke vrouw nochtans, die druk doende was om haar zaakjes op orde te krijgen. En toen zette een dramatische gebeurtenis Naziha’s leven helemaal op zijn kop. Hoe kon regisseur Gülsah Dogan haar oorspronkelijke idee, het geven van een menselijk gezicht aan een hardnekkig maatschappelijk probleem, overeind houden, zónder de waarheid geweld aan te doen?

Naziha’s Lente (90 min.) is de uitkomst van wat een worsteling moet zijn geweest. Een film over een Marokkaans-Nederlandse vrouw die zich bijna letterlijk heeft moeten vrijvechten. ‘Ik vind het jammer voor je dat je zonder vader moet opgroeien’, schrijft ze in een brief aan haar jongste kind en enige dochter Rachma (waarmee de documentaire begint en wordt afgesloten). ‘Ik had het graag anders gewild. Ik wil voor jou een ander leven dan wat ik heb gehad. Ik wil, Inshallah, dat je elke kans benut die op je pad komt. Ik wil dat je leert om voor jezelf op te komen en je stem laat horen.’

Als vrouw en moeder draagt Naziha de sporen van een ongelukkig huwelijk met een veel oudere man. Hij ‘kocht’ haar van haar moeder, maakte haar maar liefst tienmaal zwanger en hield er ronduit archaïsche ideeën over mannen, vrouwen en de opvoeding op na. Die komt Naziha nog steeds tegen: binnen zichzelf en bij haar jongens. Als Rachma straks zestien is, stelt één van haar zoons bijvoorbeeld half grappend over Naziha’s dochter, krijgt ze een hoofddoek en een plek in de keuken. En van een relatie met een jongen met een andere afkomst kan natuurlijk ook geen sprake zijn.

Terwijl ze zo voortdurend met één van haar opgroeiende kinderen in de weer is, ervoor moet zorgen dat er dagelijks eten op tafel komt en het huis aan kant is, mag Naziha zichzelf niet kwijtraken. Ze probeert los te komen van alle hulpverleners en haar ondertoezichtstelling te laten beëindigen. Naziha wil op eigen kracht verder, als spil van haar eigen gezin, voorbeeldfiguur in de wijk én vertrouwenspersoon. Daarvoor heeft ze zelfs een certificaat verdiend. Haar eerste. ‘Ik had die al van kinderen baren’, grapt ze tijdens de officiële uitreiking. ‘Maar dat is zonder certificaat.’

Met zulke scènes geeft Gülsah Dogan Naziha’s Lente lucht. Haar hoofdpersoon mag dan regelmatig het slachtoffer zijn geworden van haar achtergrond, cultuur of situatie, ze is in wezen geen slachtoffer. Binnen moeilijke omstandigheden probeert Naziha in deze delicate film uit 2014 te allen tijde verantwoordelijkheid te nemen voor zichzelf en de haren. ‘Het is nog geen tijd voor mij’, constateert ze tegelijkertijd. ‘Ik weet dat die put zo groot is, zo donker, zo diep, dat ik bang ben dat ik, als ik die put eenmaal opendoe, erin val. En daar hebben mijn kinderen niks aan.’

Naziha’s Lente is hier te bekijken.

Ethel

HBO Max

Robert Kennedy is een symbool geworden: de rechterhand van president John F. Kennedy, hoop van een nieuwe generatie én slachtoffer in een golf moordaanslagen die de jaren zestig danig zouden verpesten en ook Martin Luther King, Malcolm X en zijn oudere broer John het leven hebben gekost. Voor filmmaakster Rory Kennedy was hij echter gewoon haar vader.

En voor Ethel (93 min.) was hij Bobby, de echtgenoot met wie ze maar liefst elf kinderen op de wereld zou zetten. De man die ze op 6 juni 1968 moest afgeven. Sirhan Sirhan maakte na een campagnebijeenkomst in Californië en plein public een einde aan zijn leven – al is er bij menigeen, zoals dat gaat bij dit soort ontwrichtende gebeurtenissen, ook twijfel of hij wel de (enige) dader was.

Deze persoonlijke film uit 2012 richt zich op Robert F. Kennedy (1925-1968), de vader, het voorbeeld, de familieman. Herstel: deze persoonlijke film richt zich op Ethel Skakel Kennedy (1928-), de moeder, het voorbeeld, de familievrouw. De mater familias, die in haar eentje al die Kennedy-kinderen richting volwassenheid moest begeleiden. Ze leeft nu al meer dan een halve eeuw zónder Bobby.

Rory, die nog niet geboren was toen haar vader stierf, realiseert zich overigens direct waar de belangrijkste wegversperring naar het wezen van haar moeder zit: recht tegenover haar, vriendelijk glimlachend. Al haar broers en zussen zijn maar al te bereid om haar te woord te staan. Maar de hoofdpersoon zelf… ‘Al deze introspectie,’ verzucht haar moeder op een gegeven moment. ‘Ik haat het!’

Uiteindelijk wordt de soep niet zo heet gegeten als ie is opgediend en blijft geen onderwerp onbesproken: Bobby’s omstreden klus voor senator Joe McCarthy die een kwaadaardige heksenjacht op communisten ontketende, het vliegtuigongeluk dat Ethels ouders het leven kostte, haar aanvaringen met de wet, de rouw na de moorden op John en haar echtgenoot en het (lange) leven ná Bobby.

Samen met haar moeder, broers en zussen – en in de rug gedekt door werkelijk prachtige familiefilmpjes en treffende nieuwsreportages – boetseert Rory Kennedy een hartveroverende vertelling uit dat veelbewogen leven in de kantlijn van grote gebeurtenissen. Daarvan was Ethel overigens zo’n 99 maanden zwanger, misschien wel haar grootste prestatie en in elk geval haar meest tastbare erfenis.

Ethel wordt daarmee zowel een modern sprookje als een messcherp portret van de Verenigde Staten in de tweede helft van de twintigste eeuw, via de familie die als geen ander de Amerikaanse Droom – en de ontmanteling daarvan – belichaamde. En natuurlijk gaat deze egodocu net zoveel over de vader die Rory Kennedy nooit heeft gekend als over de moeder naar wie ze de film heeft vernoemd.

Kinderen Van Zwarte Bevrijders: Half An American

WNL

Negerin, noemden ze haar soms. En hij werd wel eens Zwarte Piet genoemd. Andere kinderen mochten niet met hen spelen. Of ze wreven over hun arm, om te zien of die huidskleur misschien afgaf. Officieel hadden Wanda van der Kleij en Cor Linssen een witte vader, maar iedereen die goed keek wist wel beter. Zij móesten afstammen van een zwarte man. Een soldaat uit het Amerikaanse leger, om precies te zijn, één van de strijders die Limburg aan het eind van de Tweede Wereldoorlog bevrijdde van de Duitsers.

Historica Mieke Kirkels, die het boek Kinderen Van Zwarte Bevrijders schreef, en de Amerikaanse schrijver Joe Wilson Jr. kunnen in Kinderen Van Zwarte Bevrijders: Half An American (52 min.) alles vertellen over de zwarte militairen in het Amerikaanse leger en hun rol in de bevrijding van West-Europa. Gaandeweg melden ook researcher Eric van den Berg, en in mindere mate regisseur Bram Endedijk, zich in hun eigen documentaire. Van den Berg vraagt Wanda en Cor of hij in DNA-banken op zoek mag naar hun biologische vader.

Dat onderzoek vormt de basis voor deze aardige tv-docu, die thematisch sterk verwant is met Hans Heijnens documentaire Zwarte Limburgers (2018): lukt het om directe verwanten van Wanda van der Kleij en Cor Linssen te vinden? En staan zij ervoor open om Nederlandse familieleden te leren kennen? Half An American wordt een emotionele reis, met enkele onvervalste Surprise Show-elementen. ‘Ik had al zoiets dat jullie me voor het blok zouden zetten’, zegt Cor bijvoorbeeld tegen de filmmakers als zij hem nieuwe informatie gaan geven over zijn afkomst.

Het spoor leidt onvermijdelijk naar Amerika, waar zwarte inwoners ten tijde van de Tweede Wereldoorlog nog werden beschouwd als tweederangs burgers en een deel van de wortels van Wanda en Cor liggen.

A Family Affair

KRO-NCRV

‘Dit was ons gezin’, vertelt Tom Fassaert bij oude familievideo’s. ‘Totdat oma in ons leven verscheen en alles veranderde.’ Marianne Hertz woont inmiddels al jaren in Zuid-Afrika en heeft ook al enige tijd geen contact meer met de rest van de familie. Nu ‘Mammie’ 95 is, wil ze echter nog eenmaal, samen met haar kleinzoon, de reis naar Nederland maken. ‘Ik geloof niet dat die mensen van mij enthousiast zijn om me te zien’, stelt ze met de nodige zelfkennis. ‘Dat denk ik niet.’

Ze lijkt haar pijlen ook vooral te richten op Tom. ‘Ik hou van jou, too much’, zegt ze tijdens een gezamenlijke safari, flirtend met de kleinzoon die een documentaire over haar maakt. ‘Ik mag het niet, het is verkeerd. Maar het is een feit.’ Marianne kan zich nauwelijks voorstellen dat Tom, die ook nog eens een vriendin blijkt te hebben, alleen geïnteresseerd is in haar als oma en als object voor zijn film. ‘Ergens denk je misschien ook’, fleemt ze tijdens één van haar dagelijkse opmaaksessies, ‘God, was ze maar 25 of 26 jaar oud.’

A Family Affair (108 min.) is nochtans méér dan een ‘excentrieke-oma-wordt-verliefd-op-kleinkind’-film. De persoonlijke documentaire – Fassaert heeft bezwaar tegen de term ‘egodocu’ – belicht een uiterst belastend familiesysteem. De ene generatie heeft de volgende generatie opgezadeld met allerlei thema’s of zelfs verminkt. Fassaert maakt de schade op met zijn vader en diens kwetsbare broer René, maar belandt via de verhalen van hun moeder ook bij zijn overgrootouders, die vanuit Hitlers Duitsland naar ons land zijn gevlucht.

Zorgvuldig pelt de Nederlandse filmmaker de verhoudingen af binnen zijn familie, waarin de voormalige mannequin en ‘perfecte moeder’ Mammie een sleutelrol speelt. Oma is een rasmanipulante, stelt Fassaerts vader Rob. Hij weet waarover hij spreekt. Het is alsof ze voortdurend op een schaakbord speelt. ‘Eerst word je een beetje koning’, zegt hij. ‘Dan daal je langzaam af naar koningin, dan word je toren of loper en uiteindelijk ben je pion. En dan word je, tsjoep, van het schaakbord afgemieterd als het haar niet meer uitkomt.’

Het is een manier van doen die Tom bekend begint voor te komen. Terwijl hij tijdens de reis naar Nederland vat probeert te krijgen op zijn oma, lijkt zij hem voortdurend te bespelen. Wie is deze intrigerende vrouw, die permanent bezig is met haar make-up en de spiegels om haar heen? Wat probeert zij op te houden? Samen koersen de onnavolgbare femme fatale, haar beschadigde zoons en dat filmende kleinkind in deze bekroonde film uit 2016 af op de finale ontmoeting, die het karakter van een verzoening moet krijgen.

Maar of ‘Mammie’ daartoe werkelijk bereid en in staat is…

Inmiddels werkt Tom Fassaert overigens alweer aan een nieuwe ‘persoonlijke documentaire’. In Tussen Broers, een film die voor 2023 staat gepland, belicht hij de pogingen van zijn vader Rob om het leven van diens broer René op orde te krijgen.

A Family Affair is hier te bekijken.