Doe Maar: Dit Is Alles

‘Bij de platenmaatschappij die Doe Maar onder contract had, stond de telefoon vandaag urenlang roodgloeiend’, meldde nieuwslezer Harmen Siezen in 1984 in het NOS Journaal. ‘Wenende meisjes lieten ‘t weten dat ze niet konden geloven dat Doe Maar niet meer bestaat.’

De rage die Doe Maar begin jaren tachtig veroorzaakte kent zijn gelijke niet in de Nederlandse popgeschiedenis. Nooit eerder was een groep zo populair als de band rond blikvangers Hennie Vrienten (zang/bas) en Ernst Jansz (zang/toetsen). En er is sindsdien geen band geweest die ook maar in de buurt is gekomen van de gigantische populariteit van deze ‘Nederlandse Beatles’.

In  Doe Maar: Dit Is Alles (83 min.) wordt de ongekende hype, die zal eindigen met twee emotionele afscheidsconcerten in De Maaspoort in Den Bosch, nog eens helemaal uit de doeken gedaan. Van de begindagen als lekker los nederpopbandje, dat na de entree van Hennie Vrienten ineens hits begint te schrijven, tot de bijna onleefbare populariteit aan het eind, als tieneridolen tegen wil en dank.

Vrienten, Jansz en gitarist Jan Hendriks krijgen in deze smakelijke muziekfilm van Patrick Lodiers en Martijn Nijboer uit 2013 alle ruimte om de tropenjaren nog eens opnieuw te beleven, waarbij ook het voortijdige vertrek van drummer Carel Copier, die het latere succes vanaf de zijlijn gade moest slaan, en de ontwrichtende heroïneverslaving van diens opvolger René van Collem aan de orde komen.

Ten tijde van het maken van deze film maakte Doe Maar zo nu en dan weer een rondgang langs de vaderlandse podia. De wonden die in hun glorieperiode bleken te zijn geslagen – met name tussen het rivaliserende front- en songschrijversduo Vrienten en Jansz – waren toen alweer een heel eind geheeld. In Doe Maar: Dit Is Alles overheersen dan ook wederzijds respect en pure trots. 

En dat is gezien de erfenis van de band helemaal niet vreemd: een imposante hoeveelheid popklassiekers – met ook een essentiële bijdrage van vijfde bandlid Joost Belinfante, de klassieker Nederwiet – die de tijdgeest perfect weerspiegelden en toch volstrekt tijdloos zijn gebleken.

Nao ’t Zuuje

BNNVARA

U kent Lex Uiting wellicht als presentator van RTL Boulevard. Of eerder als host van Kinderen Voor Kinderen. In zijn geboortestad Venlo kennen ze hem sinds 2017 vooral als prins Lex de Eerste van carnavalsvereniging Jocus.

En Lex en zijn directe familie zijn tot tranen toe geroerd als dat bekend wordt gemaakt. Want Carnaval – ‘vastelaovend’ in Venlose termen – doet ertoe in grote delen van Zuid-Nederland. Als er één ding spreekt uit de documentaire Nao ‘t Zuuje (50 min.) van mede-Venlonaar Rob Hodselmans, dan is het dat: voor overtuigde vierders is vastelaovend véél meer dan enkele dagen zingen, slempen en sjansen.

Het feest vertegenwoordigt voor hen traditie, gemeenschapszin en verzoening. Vrijwel allemaal benadrukken ze, ieder op z’n eigen manier, dat vastelaovend behalve loskomen ook een soort thuiskomen is. De ultieme bevestiging dat ze ‘hier’ horen. En Hodselmans tekent dat liefdevol en van dichtbij op, in een documentaire met een melancholieke ondertoon die nooit een ordinaire hosfilm wordt.

Hij volgt hoe Prins Lex van het Jocusrijk en z’n twee adjudanten, zijn broer Dick en beste vriend Martijn, enkele dagen lang helemaal opgaan in het feestgedruis, maar heeft intussen ook oog voor de kleine menselijke verhalen die daarbinnen zijn te vinden: van een vrouw die allang weg is uit Venlo, maar nu in echtscheiding ligt en overweegt terug te keren. Een zieke man die aan de vooravond van zijn allerlaatste vastelaovend lijkt te staan. En een Venlonaar met een donkere huidskleur die voor de verandering eens helemaal in de massa kan opgaan.

Stuk voor stuk worden ze onderdeel van het grotere geheel. Voor even. Want als het laatste lied van dat feest, waarin alle zorgen even konden worden vergeten, heeft geklonken, dient het gewone leven zich weer aan. En wordt ook die prins weer een doodgewone jongen. Die vanuit Amsterdam het hele jaar naar vastelaovend verlangt.

Als u na Nao ‘t Zuuje weer naar RTL Boulevard kijkt, ziet u vermoedelijk Lex de Eerste achter de presentatiedesk staan – en het kleine jongetje daarachter, voor wie een droom uitkomt.

Nao ’t Zuuje is hier te bekijken.

De Man Die Achter De Horizon Keek

Bas Jan Ader / KRO-NCRV

Kijk goed naar de foto hierboven. Dit is Bas Jan Ader. Hij staat op het punt om de Atlantische Oceaan over te steken. Van Amerika naar Engeland. In het kleinste zeilbootje ooit. De Ocean Wave. Gekkenwerk!

Zijn vrouw Mary Sue maakte deze foto van hem. Voordat hij, op 9 juli 1975, aan de oostkust van de Verenigde Staten de zee opging. Het is het laatste beeld van de Nederlandse avonturier en kunstenaar. Negen maanden later is zijn boot teruggevonden bij de Engelse kust. Van Bas Jan ontbreekt ruim veertig jaar later nog elk spoor.

Of toch niet? Martijn Blekendaal stuit op aanwijzingen dat er wel eens iets héél anders achter die verdwijning zou kunnen zitten. Hij pluist bijvoorbeeld de vele zwart-wit video’s die zijn held achterliet uit op mogelijke clous. Slapstickachtige filmpjes. Bas Jan laat zich van een tak in het water vallen. Bas Jan probeert schuin te staan en valt. En Bas Jan rijdt met zijn fiets de plomp in.

Intussen wordt de joyeuze verteller Blekendaal zelf steeds meer de hoofdrolspeler van deze met veel fantasie, schwung en humor aangeklede zoektocht naar De Man Die Achter De Horizon Keek (28 min.), die zijn doel steeds nadrukkelijker uit het oog verliest. En dat, de heilzame ontsporing van Blekendaals queeste, lijkt vanaf het allereerste moment de bedoeling te zijn geweest.

Op die foto hierboven had dus net zo goed Martijn Blekendaal kunnen staan. Dat had hij overigens ook best gewild. Die allesbepalende stap durven te zetten naar dat véél te kleine bootje.

Geschenk Uit De Bodem

KRO-NCRV

De enorme grijparm van een sloopmachine stevent af op de camera, die binnen een Groningse Jarino-woning is opgesteld. Enkele seconden later verpulvert de grijper het raam van de kamer. Het bijbehorende kozijn wordt er vervolgens met donderend geraas eveneens uitgetrokken.

Welkom bij de documentaire Geschenk Uit De Bodem. Welkom ook in Loppersum, waar aardgaswinning ervoor heeft gezorgd dat een ogenschijnlijk comfortabele woonwijk uit de jaren zeventig moet worden gesloopt, zodat er ‘aardbevingsbestendige’ woningen’ kunnen komen.

In dat opmerkelijke gegeven, met de bijbehorende terminologie, zit eigenlijk de gehele Nederlandse verhouding tot het Groningse aardgasveld verscholen. De brenger van welvaart en voorspoed heeft het dagelijks welbevinden in Grunnen inmiddels behoorlijk gedestabiliseerd.

Toch is Geschenk Uit De Bodem (87 min.) bepaald niet de woedende protestfilm, waarop bepaalde actievoerders wellicht hadden gehoopt. De documentaire van Paul Cohen en Martijn van Haalen heeft eerder een tragikomische toon. Omdat in Nederland elk nadeel nu eenmaal ook zijn voordeel heb.

Zo heeft die aardbevingsproblematiek bijvoorbeeld voor extra werk gezorgd, beweert een man tegenover enkele bouwvakkers, die in het kader van hun sloopwerkzaamheden naar een cursus ‘omgaan met gevoelens’ zijn gestuurd. En wat doe je als je ergens komt op visite?, wil een andere gespreksleider weten. ‘Groeten’, antwoordt één van de slopers direct. ‘Precies!’

Je kunt Geschenk Uit De Bodem niet alleen zien en horen, maar soms ook bijna ruiken. Spruitjeslucht, om precies te zijn. Zo sneuvelen goede bedoelingen op Hollandse regelzucht, laten ‘risico’s’ zich volgens een contactpersoon van kritische bewoners direct ombouwen in ‘kansen’ en worden keiharde protestacties gesmoord in pure gezelligheid.

Op het Nederlands Film Festival won de documentaire, die volgens de jury ‘een scherp oog voor de absurde kanten van het Nederlandse poldermodel’ laat zien, de prijs van de Kring van Nederlandse Filmjournalisten. Welke doorgewinterde polderaar zou het daarmee oneens kunnen zijn?