Niña Maná

IDFA

Ze waren, zijn en/of worden zwanger. Het zijn nochtans slechts tieners. Argentijnse meisjes, vervat in grijswitte beelden. Moeders dus. Die een publiek ziekenhuis bezoeken. Om te bevallen, zorg te krijgen voor hun kind of – en dat is voor de meesten in het katholieke Argentinië eigenlijk geen optie – de zwangerschap te laten afbreken.

Regisseur Andrea Testa registreert de gesprekken die de jonge vrouwen voeren met gynaecologen, verpleegkundigen en andere hulpverleners. Ze concentreert zich in Niña Mamá (66 min.) volledig op hun verhalen. De behandelaars die hen welwillend ontvangen, geïnteresseerd bevragen en zonder waardeoordelen adviseren blijven buiten beeld.

Deze sobere aanpak – de camera beweegt nauwelijks en vangt de soms onwerkelijke werkelijkheid in lange shots – zorgt ervoor dat de nadruk volledig bij de ervaringen van de vrouwen komt te liggen. Zo meldt zich bijvoorbeeld een dertienjarig meisje, dat op een verjaardagsfeestje een jongen leerde kennen. Zes maanden later kregen ze samen ‘de zegen’, zoals ze het zelf zegt. Het meisje lacht er besmuikt bij. De ‘zegen’ stond helaas niet op zichzelf.

Intussen is er in de hele film geen jongen of man te zien. De jonge vrouwen staan er, in elk geval tijdens hun bezoek aan het ziekenhuis, helemaal alleen voor. Hun kerels werden, zijn en/of worden gewoon vader – en gaan vervolgens door met hun leven.

The Other F Word

 

Met dat ene F-woord hadden ze nooit al te veel moeite. Fuck the world. The Police. Of gewoon: You! Arrogante smoel opzetten, middelvinger erbij en klaar was kees. Dat andere F-woord kost de ouder wordende punkers in deze kostelijke documentaire aanmerkelijk meer kruim: father.

The Other F Word (99 min.) uit 2011 is een film die de groeipijnen in beeld brengt van eeuwige pubers, die ondanks zichzelf hebben gekozen voor het vaderschap. ‘You can do any fucked up thing you want to and say “I’m punk”’, zegt Fat Mike, de zanger van de Amerikaanse pretpunkband NOFX, over zijn jonge jaren. Nu maakt hij ‘s ochtends – in een badjas met zebraprint, dat wel – een ontbijt voor zijn dochtertje. Hij moet haar nog wel een keer uitleggen wat die twee SM-meesteressen op zijn linkerbovenarm betekenen.

Hoe zijn we van rebelleren tegen onze eigen ouders in Godsnaam zelf in de ouderrol terecht gekomen? vraagt Pennywise-zanger Jim Lindberg, de hoofdpersoon van deze film van Andrea Blaugrund Nevins, zich in een contemplatieve bui af. Na twintig jaar trouwe dienst overweegt hij om de band, en het bijbehorende bestaan ‘on the road’, te verlaten ten faveure van zijn gezin en een reguliere baan. Daarmee moet hij tevens afstand nemen van de gemeenschap waarin hij als misfit opgroeide en zijn oude strijdmakkers in de steek laten. Met een eventueel vertrek draait Lindberg ook hun punkrockdroom de nek om, zo realiseert hij zich.

Binnen de punkscene is het lastig volwassen worden, ook omdat een groot deel van de mensen om je heen dat ten enenmale weigert én omdat dit natuurlijk ook niet past bij het imago van een obstinate punker. Treffend is in dat verband een scène met Red Hot Chili Peppers-bassist Flea en zijn tienerdochter. Nadat ze samen een stukje op de piano hebben gespeeld, is het vader die zijn middelvinger meent te moeten opsteken naar de camera. Zijn dochter staat er, licht gegeneerd, bij te lachen. Hoe kun je je tegen zo’n ouder afzetten?

Als de relatie ouder-kind, en de rolverwarring die daarmee gepaard kan gaan bij deze mannen, ter sprake wordt gebracht, komt The Other F Word tot de kern: veel van de geportretteerde punkers onderhouden nog altijd een bijzondere moeizame relatie met hun eigen ouders. De boosheid daarover moest – en kwam – eruit via furieuze muziek. Als ze nu worden bevraagd over hun getroebleerde jeugd blijken onverwoestbare iconen als Flea, Rancid-brulboei Lars Frederiksen en Art Alexakis (Everclear) ineens heel kwetsbare jongetjes. Met felkleurd haar, ‘fuck authority’ T-shirts en een overdaad aan tatoeages, dat wel.

Over dat andere F-woord, Fuck, werd in 2005 trouwens ook al een documentaire gemaakt. Op het web is echter nauwelijks meer iets te vinden over het (als ik ’t me goed herinner) vermakelijke F*ck.