Cyber Hell: Exposing An Internet Horror

Netflix

Als een rechtgeaarde sadist wilde hij er wel de credits voor hebben. En dus plaatste de Koreaan ‘Baksa’ pontificaal zijn eigen naam of een tag zoals ‘@baksaya’ of ‘slaaf van Baksa’ op de naaktfoto’s die hij rondpompte in speciale chatrooms. Hij had ze tenslotte zelf bemachtigd bij veelal minderjarige meisjes, die op slinkse wijze via Telegram onder druk waren gezet en gechanteerd.

Zodra cyberbullies zoals Baksa en zijn ‘vakbroeder’ Godgod die meisjes eenmaal in hun greep hebben, scheppen ze er duidelijk een duivels genoegen in om hun slachtoffers tot het bot te vernederen. Schrijf ‘bitch’ of ‘persoonlijk toilet’ op je lichaam, kan zomaar een bevel zijn. Of: kerf dat in je lijf met een mes. Intussen hengelen ze tevens persoonlijke informatie over de meisjes binnen, om hen nóg verder te intimideren.

In de jachtige fastfood-docu Cyber Hell: Exposing An Internet Horror (105 min.) reconstrueert Jin-seong Choi dit griezelverhaal vanuit het perspectief van de journalisten en rechercheurs die de seksuele intimidatie op het spoor kwamen. Slachtoffers, video’s of afbeeldingen van hen en hun communicatie met de agressors zijn geanonimiseerd of zelfs gerepliceerd. Veel bronnen willen bovendien alleen onherkenbaar in beeld komen.

Net als vergelijkbare producties als Don’t F**k With Cats en The Tinder Swindler richt deze straffe productie, helemaal bijdetijds vormgegeven en met een volvette soundtrack, zich volledig op de jacht op de geslepen roofdieren Baksa en Godgod, die via zogenaamde nummerchatrooms ook een handel in seksvideo’s opzetten. Met cryptovaluta kunnen anonieme bezoekers video’s aanschaffen, die alleen zijn te kwalificeren als kinderporno.

‘Bedankt dat jullie een demon hebben gedood die ik niet kon tegenhouden’, zegt één van hen als hij eindelijk is gearresteerd. Naar de motieven van deze bullies blijft het echter gissen. En misschien zijn de ‘normale’ types uit deze Cyber Hell, die verder ook niet worden uitgediept, uiteindelijk ook wel verontrustender. Zij kijken rustig – of, waarschijnlijker, opgewonden – toe hoe een willekeurige Koreaanse tiener op het digitale dorpsplein aan de schandpaal wordt genageld, helemaal uitgekleed en bekogeld met rotte tomaten.

Petites

Rayuela Productions

Ruim 25 jaar zijn alweer verstreken sinds België en de rest van de wereld in de greep raakten van Marc Dutroux. Zijn arrestatie in 1996 zette een collectieve martelgang in gang. Eerst werden de vermiste meisjes Sabine en Laetitia aangetroffen in zijn huis in het Waalse Marcinelle, onder de rook van Charlois. Later bleek dat hij, samen met zijn vrouw Michelle Martin en handlanger Michel Lelièvre, ook verantwoordelijk was voor de geruchtmakende verdwijningen van andere jonge meisjes, waarnaar al een hele tijd werd gezocht: Julie en Melissa. En An en Eefje.

Over Marc Dutroux, de gewetenloze kinderontvoerder en -verkrachter, de spil van een internationaal (?) pedofielennetwerk en de volksvijand die enkele jaren later zowaar nog uit de gevangenis wist te ontsnappen ook is sindsdien veel gezegd en geschreven. Over het complete falen van de Belgische rechtsstaat, waardoor hij véél te lang ongestoord zijn gang kon gaan, eveneens. En over de massale volkswoede als gevolg daarvan, die op 20 oktober 1996 culmineerde in de zogenaamde Witte Mars te Brussel, een massale betoging zonder spandoeken of politieke slogans, natuurlijk ook.

De Zaak Dutroux behoort tot de grootste trauma’s van het moderne België. Dat is ook de insteek die regisseur Pauline Beugnies kiest in de documentaire Petites (Engelse titel: The End Of Innocence, 93 min.). Ze belicht de tragische geschiedenis vanuit het perspectief van kinderen die met ‘Dutroux’ opgroeiden, op zijn jachtterrein bovendien. Gedetailleerd schetsen dertig volwassen Belgen, off screen, hoe ze de gebeurtenissen als kind hebben beleefd en welke gevolgen die hadden voor hun ontwikkeling. De één verzamelde krantenknipsels, een ander maakte speciale radio-uitzendingen over de kwestie.

Hun herinneringen – van ongeloof, angst en verdriet – worden ondersteund door nieuwsreportages en interviews uit de periode dat de nachtmerrie aan het licht kwam en ogenschijnlijk willekeurige familievideo’s uit dezelfde tijd – VHS-beelden die zomaar uit onze eigen kindertijd of gezinnen afkomstig hadden kunnen zijn. Op die manier vloeien de waan van die donkere dagen en de dagelijkse dingen uit het leven van een opgroeiend kind samen tot een persoonlijke impressie van de kwestie die onder de huid van een complete generatie is gekropen en daar springlevend lijkt te zijn gebleven.

‘Voor mij kan elke volwassene een gevaar zijn’, illustreert één van de geanonimiseerde hoofdpersonen bijvoorbeeld treffend hoe seksualiteit voor haar al op heel jonge leeftijd bezoedeld is geraakt. ‘Maar ik wil m’n kinderen die verdrongen gevoelens ook niet inprenten. Daar mogen zij niet het slachtoffer van worden.’ Even daarvoor heeft iemand ook al geconstateerd dat de volwassenen destijds hun catharsis hebben gehad met het politieke debat. ‘Daarmee hebben ze al hun emoties kunnen uiten’, klinkt het spijtig. ‘Al die opstandigheid, wrevel en haat. En de kinderen, tsja…’ 

Het is een wrange conclusie voor een krachtige film, over Dutroux’ directe en indirecte slachtoffers en het land waarin zij nu al 25 jaar leven.

Jimmy Savile: A British Horror Story

Netflix

Hij kan met gemak voor een dorpsgek worden versleten. En dat wordt hij ook: de bekendste dorpsgek van het hele land. Die tevens dienst doet als televisiepresentator, verslaggever, deejay, fondsenwerver en algehele mascotte. Jimmy Savile (1926-2011) is dan misschien een eigenaardige jongen, lijken ze in het Verenigd Koninkrijk te denken, maar het is wel ‘onze’ eigenaardige jongen. Hij wordt razendpopulair. Een volksheld pur sang, die geen kwaad lijkt te kunnen doen.

En dus kan het zomaar gebeuren dat Jimmy, met die boerse kop, tamelijk oenige glimlach en uitzinnige blonde haardos, tijdens zijn carrière van ruim een halve eeuw aan de zijde belandt van grootheden zoals premier Margaret Thatcher, de paus en Lady Di (en tevens een penvriend wordt van haar echtgenoot Charles). ‘Een man van het volk mag onder het volk zijn’, zoals televisiecriticus Mark Lawson het uitdrukt in de tweedelige docu Jimmy Savile: A British Horror Story (170 min.) van Rowan Deacon. Hij laat even een stilte vallen. ‘Daardoor zijn er vreselijke dingen gebeurd.’

Want er zijn al die tijd ook geruchten. Over kleine meisjes. Die kunnen evenwel niet voorkomen dat Savile in 1990 wordt geridderd, de apotheose van het eerste deel van deze documentaire. Daarin is te zien hoe hij met televisieprogramma’s zoals Jimmy’ll Fix It – waarin hij, werkelijk waar!, kinderwensen vervult – en breed uitgemeten vrijwilligerswerk en liefdadigheidsacties uitgroeit tot een publieksfavoriet. Als je al die elementen, met de wijsheid van nu, opnieuw bekijkt, is het vrijwel onmogelijk om níet te zien wat hij ondertussen achter de schermen uitvreet.

Hij maakt er zelf ook gedurig grappen over. Wat voor avonturen heb je beleefd? vraagt een verslaggever hem bijvoorbeeld als hij in de jaren zeventig, voor de camera natuurlijk, een week gaat joggen voor een goed doel. ‘Zoveel avonturen dat mijn zaak donderdag voorkomt in meerdere regio’s’, antwoordt Jimmy Savile. ‘We vertrekken meestal vrij snel als we ergens hebben geslapen. Wanneer alle vriendjes, broers en vader je komen zoeken met geweren, vinden ze alleen een dieselwolk en een oliedruppel.’ Hij kan zulke dingen zeggen, zonder dat iemand er iets van denkt. Enkele gesprekspartners van toen kunnen het nu nauwelijks aanzien.

In het tweede deel van de docu wordt de pleister echt van de collectieve wonde getrokken en komt de volle omvang van het leed dat deze onverbeterlijke kindermisbruiker heeft veroorzaakt in beeld. En ook dan wordt weer pijnlijk duidelijk dat hij er zelf eigenlijk nooit een geheim van heeft gemaakt. ‘Soms help ik de jongens’, vertelt Savile bijvoorbeeld over zijn vrijwilligerswerk in een ziekenhuis te Leeds. ‘En soms, als niemand kijkt, help ik de meiden. We stoeien gewoon wat en ik maak me verdienstelijk als er een patiënt is die mijn specialiteit nodig heeft.’ De verslaggever kan er wel om lachen.

Dat schaapachtige gelach, in alle soorten en maten, is zo mogelijk bijna nog schrijnender dan het misbruik zelf. De sociaal handige Jimmy is alles en iedereen steeds te slim af. Dat is ook de portee van deze geladen productie die zich in tegenstelling tot de meeste seksueel misbruik- of #metoo-documentaires niet op de slachtofferverhalen richt – slechts één misbruikt kind komt aan het woord, tegen het einde van het tweeluik – maar op de manier waarop de pedofiel Savile al die jaren ongestoord zijn gang kan gaan. Niet door een groot complot, zo lijkt het, maar omdat hij nu eenmaal Jimmy is. Een eigenaardige jongen die nooit kwaad in de zin lijkt te hebben.

This Is Joan Collins

NTR

Ze fungeert als verteller in haar eigen levensverhaal. Zwierig, joyeus en soms vilein slalomt Joan Collins langs alle inciting incidents, plotpoints en points of no return van haar Hollywood-achtige bestaan. De inmiddels hoogbejaarde actrice speelt een rol, zonder twijfel. Een typetje zelfs. ‘Moet dit stuk er echt in?’ vraagt ze bijvoorbeeld quasi-serieus, als haar ontmoeting met acteur Maxwell Green aan de orde komt. Hij was drieëndertig, zij zeventien. En maagd. ‘Mijn moeder zou zeggen dat er misbruik van me was gemaakt’, zit ze enkele ogenblikken later alweer helemaal in haar vertellersrol. ‘Tegenwoordig zouden we het “date rape” noemen.’ Green zou haar eerste echtgenoot worden en niet haar laatste slechte ervaring met mannen.

Het alomtegenwoordige seksisme in de filmindustrie loopt als een rode draad door This Is Joan Collins (95 min.). Mannen dringen zich op (of erger), gaan stelselmatig vreemd of speculeren heel nadrukkelijk op de zogenaamde ‘casting couch’. Collins vertelt erover zonder meel in de mond of zelfmedelijden. Soms herschrijft ze ter plekke de voice-over teksten – en daarmee het leven zoals dat hier wordt gepresenteerd. Een woelig bestaan als celebrity, waarin steeds weer een andere kerel de hoofdrol opeist. Dit bijzonder amusante Tinseltown-verhaal, met een schrijnende ondertoon, bevat daardoor een schier eindeloze rij, doorgaans weinig flatteus gekenschetste, bekendheden, waaronder Richard Burton, Warren Beatty, Anthony Newley, Ryan O’Neal, Ron Kass, Donald Trump, Peter Holm en Percy Gibson.

Regisseur Clare Beavan baseerde dit portret op enkele autobiografieën van Collins en maakt ook gebruik van scènes uit haar ontzaglijke film- en televisie-oeuvre om situaties uit het werkelijke leven van haar hoofdpersoon te verbeelden. Die werd in zo’n beetje elk decennium van haar volwassen leven wel eens afgeschreven als ‘te oud’ of ‘uit de tijd’. En steeds weer keerde de Britse actrice terug van nooit weggeweest. Met als hoogtepunt de rol van Alexis Carrington in Dynasty, een populaire soapserie waarvoor ze in de jaren tachtig negen jaar lang hoogstpersoonlijk het onderdeel ‘nasty’ verzorgde. Ze werd er ‘de meest gehate vrouw op televisie’ en voor het eerst echt gefortuneerd mee en kreeg op latere leeftijd zelfs een uitnodiging voor Playboy. Als een echte Hollywood-feministe accepteerde ze die met graagte.

Ook in This Is Joan Collins participeert ze met overduidelijk plezier. Al kan het natuurlijk ook gewoon de uitstekende actrice zijn, die zich uitleeft in de rol van haar leven. Want of de vamp op leeftijd echt achter de facade vandaan is gekomen? Daarvoor laat ze toch te zelden écht het achterste van haar tong zien. Bepaalde onderdelen van haar leven worden bovendien nauwelijks aangeraakt. Haar jongere zus Jackie, een succesvolle schrijfster en onlangs onderwerp van haar eigen documentaire Lady Boss, komt bijvoorbeeld nauwelijks ter sprake. Deze film richt zich vooral De Ster Joan Collins, die actief moest zijn binnen een entertainmentwereld die nog nooit van #metoo had gehoord. Al wist, zoveel is ook wel duidelijk, waarschijnlijk iedereen er wel degelijk van.

Rose West, Born Evil?

Werd Rose West opgevoed tot moordenares? Of was ze kwaadaardig van nature? Deze Britse true crime-docu laat er geen gras over groeien: binnen anderhalve minuut is de argeloze kijker ondergedompeld in de naargeestige wereld van Rose en haar echtgenoot Fred, die diverse lijken bleken te hebben begraven in de kelder van hun horrorhuis op Cromwell Street nummer 25 in Gloucester. En dan dropt verteller Sally Bailey meteen die bijzonder unheimische vraag: nature of nurture?

Rose West, Born Evil? (58 min.) zoomt vervolgens met onder anderen Freds biograaf, Rose’s advocaat, een psycholoog, een criminoloog, enkele buurtbewoners, een voormalige kamerhuurster van het koppel en een vrouw die met Rose in de gevangenis zat in op de huiveringwekkende daden van het echtpaar West in de jaren zeventig en tachtig en keert van daaruit ook een paar keer terug in de tijd, om te ontdekken of er in de (familie)geschiedenissen van Rosemary Letts en Frederick West wellicht aanwijzingen zijn te vinden voor hun totaal ontspoorde gedrag.

Voor alle sprekers blijft het natuurlijk speculeren waarom het tweetal gaandeweg aan het martelen en moorden is geslagen. In hun verleden, wellicht zelfs al ruim vóór hun geboorte, is echter genoeg malheur te vinden, zo toont deze vet aangezette tv-docu van Jared Wright aan, die als voedingsbodem kan hebben gediend voor de geweldsspiraal waarin Rose en Fred terecht kwamen. De vraag of het psychopathische gedrag van het seriemoordenaarsduo biologisch of juist ervaringsgewijs is bepaald valt niet met zekerheid te beantwoorden. Het ligt echter voor de hand dat het ging om een fatale combinatie van natuur en kwetsuur.

Wij Praten Niet

Halal

Ze zitten vast, in elk geval in hun hoofd, in een wereld, waarin ze vaak niet meer waren dan een lichaam. Dat kon worden ingezet, gebruikt, misbruikt. Al vanaf (te) jonge leeftijd speelt seks een dominante rol in het leven van Dunya (18), Adil (16), Amy (15) en Delilah (15), met desastreuze gevolgen voor hoe ze kijken naar het leven, jongens/mannen én zichzelf. Hoe kunnen ze zich losmaken van die wereld, waardoor ze uiteindelijk zullen worden vermorzeld?

Deze vier jeugdige slachtoffers van seksueel geweld, onherkenbaar in beeld gebracht, doen in Wij Praten Niet (70 min.) onverbloemd hun verhaal tegenover een therapeut. De gezichten van de verschillende hulpverleners fungeren daarbij als spiegel voor de ontboezemingen van de tieners. Meestal reageren zij empathisch en professioneel, een enkele keer schemert er ook iets van hun eigen gedachten of gevoelens door in hun respons.

De ervaringen van hun geanonimiseerde cliënten vormen onmiskenbaar het hart van deze schurende film. Verhalen die zijn doortrokken van schaamte, spijt en stoerheid. Over seks voor een slaapplek, héél onveilige klanten en groepsverkrachting van gedrogeerde meisjes bijvoorbeeld. De jongeren maken daarbij van hun hart bepaald geen moordkuil. Intussen klinkt ook door hoe weinig waarde ze in dat verband aan zichzelf lijken te hechten.

Regisseur Marjolein Busstra omlijst deze gesprekken met symbolische sequenties, zoals een dans op straat waarin alle opgekropte emotie eruit komt, een vervaarlijk ogende hond als ultieme vertrouweling of een hand met een ijshoorntje dat geleidelijk aan helemaal wordt overvoerd met softijs. Zo verbeeldt ze de unheimische atmosfeer die oprijst uit de tienerverhalen, maar lijkt ze ook de copingstrategieën van de beschadigde tieners te willen veruiterlijken.

Uiteindelijk zit de essentie van Wij Praten Niet desondanks in de woorden. ‘Ik zou het wegduwen’, zegt Dunya bijvoorbeeld, heel treffend, over hoe het zou zijn als ze voor de verandering eens liefde, oprechte genegenheid, zou krijgen. ‘Ik zou het afstoten. Ik hou er niet van. Ik wil het niet in mijn leven. Oprotten!’

Secrets Of Playboy

Hij overleed een maand voordat in oktober 2017 de #metoo-affaire rond Harvey Weinstein losbarstte. Hugh Hefner bleef dus buiten schot. Enkele jaren na zijn dood komt de oprichter van Playboy echter alsnog aan de beurt. Met de twaalfdelige (!) docuserie Secrets Of Playboy (506 min.) gaat zijn zorgvuldig gecultiveerde imago van gedistingeerde ladiesman, met pijp, badjas en verheven woorden over emancipatie en de vrijheid van meningsuiting, alsnog aan gruzelementen. Maar of ‘Hef’ daar, nadat hij ruim zestig jaar onbekommerd zijn gang heeft kunnen gaan, nu echt last van zal hebben?

Hugh Hefner (1926-2017) kon al die tijd doorgaan voor een typische representant van de Mad Men-periode. Voor mannen zoals hij waren (jonge) vrouwen toch vooral ‘eye candy’ of – als je een beetje een geslaagde vent was – ‘arm candy’. En ja, dat hij van seks hield en het ‘geen handvol, maar een land vol’-principe huldigde, daarvan maakte Hef ook nooit een geheim. En dat het bed met hem delen de kans vergrootte om Playmate Of The Year te worden, lag ook wel min of meer voor de hand. Zo ging dat nu eenmaal in de ideale wereld van machtige mannen. De vleesgeworden Playboy leefde gewoon de droom van elke gezonde kerel.

Getuige deze serie van Alexandra Haggiag Dean waren zijn Playboy Mansion en de Playboy-clubs in de rest van het land, waar de zogenaamde Bunnies in hun ultrakorte jurkjes met konijnenoren, strikje en staart werkzaam waren, echter ook het toneel voor drugsgebruik en -handel en grootschalig seksueel misbruik: opgedrongen plastische chirurgie, stiekeme seksopnames, (groeps)verkrachting, bestialiteit en het bekijken van ‘snuff films’. Waarbij ieders grenzen werden overschreden als dat het ‘male chauvinist pig’ Hefner of bekende vrinden zoals Tony Curtis, Roman Polanski, Jim Brown en Bill Cosby te pas kwam. Intussen kon hij zijn façade van sociaal bewogen voorvechter van burgerrechten ophouden.

Met voormalige playmates, bunnies en medewerkers, gereconstrueerde scènes en natuurlijk veel fraai archiefmateriaal, waarin het naakt overigens consequent is weggeretoucheerd, schetst Secrets Of Playboy – glad, overcompleet en écht te sensatiebelust – een ontluisterend beeld van Hugh Hefner, zijn seksverslaving, narcisme en machtshonger, en de entourage waardoor hij die in stand kon houden. Een aantal van zijn medewerkers, inclusief ook enkele vrouwen, hebben zijn gedrag jarenlang goedgepraat en gefaciliteerd. Nu, na zijn dood, spreken zij zich alsnog uit en worden die getuigenissen verbonden aan vullis die al eerder werd opgediept over Mr. Playboy.

Van weerwoord is verder geen sprake. Deze serie is een onvervalste – en waarschijnlijk ook niet geheel onterechte – lynchpartij. Zodat het misschien tóch zou kunnen dat Hef zich nu, als hij daar tenminste alleen in is gaan liggen, spontaan omdraait in zijn graf.

Phoenix Rising

HBO

Er gingen al jaren verhalen rond over de ongezonde interesse van filmproducent Harvey Weinstein in actrices. In de omgeving van Jeffrey Epstein werd er openlijk gegrapt over zijn voorkeur voor veel te jonge meisjes. Maar Brian Warner had, getuige Phoenix Rising (149 min.), echt de ideale deal met de duivel gesloten. Via een alter ego genaamd Marilyn Manson kon hij als rockartiest al zijn bedorven fantasieën kwijt aan de wereld. Intussen mocht hij die achter de schermen, als een horror-variant op R. Kelly, daadwerkelijk botvieren op enkele zorgvuldig geselecteerde slachtoffers, onder wie zijn voormalige vaste vriendin en de protagonist van deze tweedelige documentaire, de Amerikaanse actrice Evan Rachel Wood. Volgens haar broer Ira is Manson niets minder dan een wolf in wolfskleding.

‘Ik was geen fan van zijn muziek, maar ik mocht hem en waar hij voor stond’, schreef Evan Rachel Wood (Thirteen, The Wrestler en Westworld) na hun ontmoeting in 2006 in haar dagboek. ‘Hij houdt mensen een spiegel voor en wijst ze op hun hypocrisie en domheid.’ Zij was achttien, hij zevenendertig. Wood, een kwetsbaar meisje uit een gebroken gezin, raakte al snel volledig in de ban van de bekende rockster. Volgens haar was het een typisch geval van ‘grooming’: hij maakte haar volledig afhankelijk van hem, isoleerde haar van haar directe omgeving en begon haar vervolgens als zijn privéslaaf te behandelen. Tot er helemaal niets meer van haar over was. ‘Ik begon te beseffen dat ik daar zou sterven’, zegt ze in deze film van Amy Berg, die heel dicht bij haar komt. ‘Ik wist niet hoe ik weg kon.’

Zeker in het tweede deel daalt Evan Rachel Wood daadwerkelijk af in de hel die Marilyn Manson ruim viereneenhalf jaar van haar leven heeft gemaakt, inclusief brandmerken, elektroshocks en zweepslagen (met een nazizweep, natuurlijk; ze was tenslotte Joods). Haar getuigenissen zijn gelardeerd met schrijnende details, komen overeen met de ervaringen van andere ex-vriendinnen en maken daardoor een zeer geloofwaardige indruk. Om het helemaal pijnlijk te maken verwerkte hun agressor de vernederingen ook in zijn werk. Zoals een ander slachtoffer het verwoordt: misbruik als kunst. Soms ook letterlijk: tijdens de opnames voor een videoclip, die tot frustratie van de #IStandWithEvan-crowd overigens nog altijd online staat, zou Manson tegen haar wil seks hebben gehad met Wood. Verkrachting, gewoon voor de camera.

Marilyn Manson heeft inmiddels gereageerd op de beschuldigingen met een aanklacht vanwege smaad. In de documentaire is hij veelvuldig te zien – via zijn werk, dat door deze nieuwe bijsluiter een nog naargeestiger karakter heeft gekregen – maar komt hij zelf niet aan het woord. Via citaten uit zijn autobiografie The Long Hard Road Out Of Hell probeert Amy Berg toch vat te krijgen op de beschadig(en)de persoon Brian Warner. ‘Ik kreeg de kans om herboren te worden’, schrijft hij daarin. ‘Marilyn Manson was de perfecte hoofdpersoon voor een gefrustreerde schrijver als ik. Een personage dat vanwege z’n minachting voor de wereld om hem heen en vooral voor zichzelf er alles aan doet zodat mensen hem aardig vinden. Als hij hun vertrouwen eenmaal heeft gewonnen, maakt hij ze kapot.’

Dat lijkt een adequate beschrijving van de handelswijze waarvan hij nu wordt beticht door ‘survivors’ zoals Evan Rachel Wood. Een kleine tien jaar na het einde van hun relatie is de actrice nog altijd doodsbang voor hem. De weg die zij met Manson heeft afgelegd – van onschuldig meisje naar beschadigde vrouw – wordt door Berg geïllustreerd met animaties die Disney-achtig beginnen en gaandeweg een steeds naargeestiger karakter krijgen. Dat is een wel erg Amerikaanse inkleuring van de loop der dingen, maar op basis van deze doeltreffende film is er zeker alle reden om Brian Warner, die jarenlang achter zijn Antichristus-achtige personage heeft kunnen schuilen, indringend te bevragen over de verontrustende #metoo-beschuldigingen aan zijn adres. Phoenix Rising zou daarbij wel eens als breekijzer kunnen fungeren.

Kampen Om Grønland

Het is een universeel dilemma dat in diverse uithoeken van de wereld opspeelt: een volk, provincie of land wil niet langer onderdeel uitmaken van het grotere geheel waartoe het behoort. Beter: een déél van dit volk, die provincie of dat land wil niet langer deel uitmaken van het geheel. De rest juist wel. Uitroepteken. Zo is een patstelling ontstaan die bij het minste of geringste kan uitmonden in een echt conflict.

Sinds 1721 maakt Groenland, samen met de Faeroër-eilanden, als zelfstandig gebied deel uit van het koninkrijk Denemarken. Meer dan de helft van de 56.000 inwoners van het in Noord-Amerika gelegen eiland wil echter onafhankelijk worden. Maar kan Groenland financieel wel echt op eigen benen staan en is Denemarken bovendien bereid en/of in staat om afstand te doen van het uitgestrekte arctische gebied?

In Kampen Om Grønland (Engelse titel: The Fight For Greenland, 96 min.) toont Kenneth Sorrento hoe een nieuwe generatie Groenlanders zich verhoudt tot deze vragen. De aspirant-politicus Kaaleeraq M Andersen bepleit bijvoorbeeld vrijmaking van Denemarken. Zijn missie heeft een wrange persoonlijke dimensie. Andersen tobt met zijn gezondheid. Voor een optimale behandeling kan hij alleen in een Deens ziekenhuis terecht.

Tillie Martinussen, een concurrent bij de aanstaande parlementsverkiezingen van de net opgerichte Cooperation Party, is er dan weer van overtuigd dat Groenland nooit zelfstandig kan overleven en in z’n eentje wel eens een speelbal zou kunnen worden van internationale grootmachten met snode plannen, zoals China of de Verenigde Staten. Met die mening maakt ze zich bepaald niet bij elke Groenlander geliefd.

In plaats van al die aandacht voor onafhankelijkheid van Denemarken zou er in de ogen van Martinussen veel meer aandacht moeten zijn voor de ernstige problemen van Groenlandse jongeren. Vrijwel permanent maken drank- en drugsmisbruik, seksueel geweld en zelfdoding nieuwe slachtoffers. Dat is een thema waarop ook de strijdbare rapper Josef Tarrak-Petrussen en zijn verloofde Paninnguaq Heilmann aanslaan.

De deplorabele situatie van nieuwe generaties Groenlanders, een fenomeen dat zich bij vrijwel alle onmachtige volkeren voordoet, is hen een doorn in het oog. Zij zoeken naar redenen om weer trots te kunnen zijn op hun oorsprong. Om dat idee zichtbaar uit te dragen hebben ze allebei traditionele Inuit-gezichtstatoeages laten zetten. En dat gevoel van trots op de eigen cultuur willen ze ook meegeven aan hun pasgeboren kind. 

Stuk voor stuk zijn de jongelingen in deze boeiende film, die zich afspeelt tegen een indrukwekkend decor aan het noordelijke uiteinde van de aarde, bezig met het definiëren en uitdragen van hun eigen identiteit als Groenlanders. Daarbij blijken ze best veel gemeen te hebben, maar zijn er ook nog zoveel verschillen dat het verdomd lastig is om het eens te worden én te blijven.

Sisterhood

BNNVARA

Op de filmklapper staat de werktitel voor deze documentaire: De Vrouwenfilm. Het is uiteindelijk Sisterhood (55 min.) geworden. Sophie Dros wil daarin praten over vrouw zijn en wat dat betekent. En daarvoor – zagen De Kijkende Man en z’n Vrouw – heeft Dros in een fraaie studiosetting enkele, ja, vrouwen uitgenodigd.

De flamboyante modeontwerpster Anne-Rixt Gast, Vlaamse televisiepersoonlijkheid Jamecia Baker (Ex On The Beach), bodybuildster Maria Wattel en journalist Tatjana Almuli (schrijfster van Knap Voor Een Dik Meisje) vertegenwoordigen verschillende uithoeken van een nieuwe generatie vrouwen, constateren De Kijkende Man en Vrouw eensgezind. Daarnaast spreekt Dros een groepje van vijf tienermeisjes.

Van tevoren legt de filmmaakster uit hoe ze het wil gaan aanpakken. Haar gesprekspartners mogen recht in de camera kijken. ‘Het wordt echt een beetje een gesprek’, zegt ze erbij. ‘Dus je kan ook dingen aan mij vragen.’ En als ze ergens liever niet over praten… Na alle plichtplegingen kan haar met iconische vrouwbeelden sjiek aangeklede interviewfilm beginnen. Met een citaat van Simone de Beauvoir bovendien.

Bij de opnames zijn overigens ook cameraman Boas van Milligen Bielke en geluidsman Gijs Domen betrokken. Zij kijken en luisteren mee als onderwerpen zoals menstruatie, verliefdheid en – vooral – irritante, onveilige of zelfs gevaarlijke mannen worden behandeld en mengen zich uiteindelijk ook voorzichtig in dit gesprek. Dat is ook wel zo prettig voor De Kijkende Man. Anders zou die zich maar een indringer voelen.

Bij gesprekken die volgens zijn Vrouw soms overigens op ‘wijvengezeik’ dreigen uit te lopen. Terwijl alle deelnemers toch vooral niet als een ‘zeikwijf’ gezien willen worden. De Kijkende Man, een witte van middelbare leeftijd bovendien, laat zich nochtans braaf meenemen door deze Vrouwenfilm, waarin uiteenlopende onderwerpen zoals de smurfen (en hun smurfin), dickpics en stalkers ook aan bod komen.

In hun conversatie zit een onverholen pleidooi verscholen voor een zusterschap, een verbond van vrouwen (en mannen, misschien zelfs De Kijkende) die hun onderlinge verhoudingen opnieuw proberen te definiëren. Tenminste, dat is wat Hij – al schrijvende en zijn Vrouw die er naderhand over door wilde praten negerende – uit dat kleine uurtje pregnante en soms ook wat vrijblijvende Vrouwenpraat heeft weten te destilleren.

We Need To Talk About Cosby

Showtime

Als Zwart Amerika één gidsfiguur heeft gehad in de tweede helft van de twintigste eeuw, dan was het Bill Cosby. Ga maar na: hij geldt als de eerste breed geaccepteerde zwarte stand-up comedian, had als allereerste Afro-Amerikaan een hoofdrol in een televisieserie (I Spy), ontwikkelde zich in de jaren zeventig tot de grote kindervriend Fat Albert en floreerde tenslotte jarenlang als Amerika’s favoriete vaderfiguur Cliff Huxtable in de immens populaire The Cosby Show. En toen staken er steeds hardnekkigere geruchten de kop op over het drogeren en seksueel misbruiken van talloze vrouwen.

We Need To Talk About Cosby (236 min.) herbergt natuurlijk diverse pijnlijke getuigenissen van de vrouwen die, gedurende ruim een halve eeuw, werden misbruikt door ‘America’s Dad’. Toch is deze vierdelige documentaireserie van W. Kamau Bell veel meer dan de volgende #metoo-productie, waarin een bewonderde bekendheid wordt ontmaskerd als een vunzige machtswellusteling die geen enkel respect heeft voor de grenzen van een ander. Om precies te zijn, in Bill Cosby’s geval: als de belichaming van de zwarte verkrachter, die zich ook zomaar aan witte vrouwen kan vergrijpen.

Bell richt zich niet alleen op het afschminken van de notoire geilneef – en na bijna vier uur rest er van het Afro-Amerikaanse icoon nauwelijks meer dan een zielig hoopje man – maar plaatst hem ook nadrukkelijk binnen zijn culturele context: een zwarte gemeenschap die snakt naar rolmodellen en in Bill Cosby bijna een halve eeuw een ideaal uithangbord lijkt te hebben gevonden. In dat opzicht doet We Need To Talk About Cosby denken aan een andere epische docuserie over een gevallen zwart symbool, O.J.: Made In America (2016), over de van moord verdachte oud-footballer O.J. Simpson.

W. Kamau Bell, die zich als komiek een erfgenaam van Cosby voelt, vergeet ook diens verdiensten niet. De comedian/acteur/producent/schrijver heeft grote waarde gehad voor de ontwikkeling van een soort zwart bewustzijn. ‘Mensen zien in Cosby twee verschillende personen’, zegt schrijver/docent Jelani Cobb. ‘De ene is de grote mensenvriend en de andere een onvervalst roofdier. Maar ik vraag me af of je die twee van elkaar kunt scheiden.’ Want elke publieke belofte, daad of gift verhoogde Bill Cosby’s status en maakte het moeilijker om hem van zijn voetstuk te stoten.

Met een uitgelezen selectie van veelal zwarte oud-medewerkers, intellectuelen en deskundigen licht Bell de verschillende aspecten van Bill Cosby’s leven en carrière door, waarbij hij soms plotseling, zonder aankondiging vooraf, afslaat richting een individueel slachtofferverhaal. Zoals het ook in de praktijk ging: terwijl het publieke personage Bill Cosby weer een nieuwe manier had gevonden om ieders hart te veroveren, speurde de vent daarachter voortdurend naar jonge, kwetsbare vrouwen om enkele Quaalude-pilletjes te laten slikken en daarna zijn lusten op te botvieren.

De documentairemaker laat zijn gesprekspartners ook naar Cosby’s werk kijken. Fragmenten die destijds onschuldig leken, krijgen met de kennis van nu een geheel nieuwe lading en leiden tot ongemakkelijke conclusies. Dat het geperverteerde oeuvre van de inmiddels ook van wandaden beschuldigde shockrocker Marilyn Manson allerlei clous bevat over wat hij privé zoal uitspookte, kan nauwelijks een verrassing zijn. Maar dat ook de aimabele vrouwen(!)arts Cliff Huxtable uit The Cosby Show soms opzichtig hintte naar de hitsigheid van zijn bedenker/vertolker wekt toch wel enige verbazing.

Cosby’s strapatsen bleven echter verdacht lang een publiek geheim. Ook omdat zijn eigen gemeenschap ten koste van alles wilde voorkomen dat zwarte mannen zoals hij publiekelijk werden gelyncht. Totdat de comedian Hannibal Buress in 2014 de handschoen oppakte. ‘’Als je hier weggaat, googel dan “Bill Cosby verkrachting”’, hield hij zijn publiek voor. ‘Dat is niet grappig bedoeld. Die shit levert meer resultaten op dan “Hannibal Buress”.’ Zijn min of meer spontane actie vormde het startschot voor de publieke ontmanteling van het fenomeen Bill Cosby.

Deze intelligente, gelaagde en aangrijpende serie voorziet de Kwestie Cosby, en de toxische mannencultuur die de entertainer is gaan representeren, van allerlei verschillende perspectieven en zoekt daarbij ook de pijnpunten binnen de zwarte wereld op. ‘Eerlijk gezegd heb ik tijdens het maken van deze documentaire vaak overwogen om ermee te stoppen’, zegt W. Kamau Bell niet voor niets. ‘Ik wilde vasthouden aan mijn herinneringen aan de Bill Cosby van voordat ik Bill Cosby leerde kennen.’

Epstein’s Shadow: Ghislaine Maxwell

Viaplay

Wie staat er op de foto met Donald Trump, Mick Jagger, Elon Musk, Naomi Campbell, Bill Clinton, Paris Hilton, Rupert Murdoch, Michael Caine en de Britse koningin Elizabeth? Nee, geen regeringsleider, filmster of topsporter. Ghislaine Maxwell, een Britse socialite die floreerde op recepties, premières en cocktailparty’s en bovendien zou hebben gefungeerd als postiljon d’amour voor Jeffrey Epstein.

Dat klinkt een stuk mooier dan het was. Ghislaine Maxwell faciliteerde ‘s mans misbruik. Als vrouw legde zij de rode loper uit voor talloze minderjarige meisjes, waaraan Epstein en zijn trawanten, onder wie naar verluidt de Britse prins Andrew, zich dan konden vergrijpen. Volgens schrijfster Anna Pasternak, die haar leerde kennen op de universiteit van Oxford, is Maxwell daarom misschien nog wel meer schuldig dan Epstein. ‘Zij heeft haar geslacht verraden.’

In de driedelige serie Epstein’s Shadow: Ghislaine Maxwell (161 min.), die volgt op diverse docuseries over Epstein zelf en zijn met complotten omgeven dood in de gevangenis, verdiept Barbara Shearer zich in deze omstreden vrouw. Het roofdier Jeffrey Epstein was, opnieuw volgens de uitgesproken Pasternak, eigenlijk een soort nieuwe versie van haar bullebak van een vader, de tamelijk louche mediamagnaat Robert Maxwell. Net als Epstein zou hij op mysterieuze wijze om het leven komen.

Met veel verschillende ‘talking heads’ uit Maxwells periferie, waaronder ook huisvriend Christopher Mason en Ghislaines voormalige vriendin Lady Victoria Hervey, probeert Shearer vat te krijgen op haar omstreden hoofdpersonage, dat vanzelfsprekend zelf geen medewerking heeft verleend aan de serie. De stelligheid waarmee secundaire bronnen zoals Anna Pasternak, die in de afgelopen jaren nauwelijks directe toegang lijken te hebben gehad tot Maxwell, haar gedrag duiden wekt enige verbazing. Naar wat Ghislaine echt beweegt is het ook voor hen gissen.

Als psychologisch portret laat de serie dus nogal wat te wensen over. De meerwaarde zit hem met name in het perspectief: de getuigenverklaringen van slachtoffers, want die ontbreken natuurlijk ook niet in Epstein’s Shadow, richten zich vooral op de rol van Ghislaine Maxwell als de vrouw die het grootschalige seksueel misbruik mogelijk maakte. Of ze dat louter als rechterhand van Jeffrey Epstein deed of daar zelf ook een pervers genoegen aan beleefde blijft daarbij de vraag.

Zoals ook boven de markt blijft hangen wie er verder nu precies betrokken waren bij de verdorven escapades van het tweetal en of die, zoals complotdenkers beweren, doelbewust in de doofpot zijn gestopt. En was Ghislaine Maxwell, net als haar vader, stiekem in dienst van de Israëlische geheime dienst? Vragen te over in deze wat gemakkelijke miniserie. De antwoorden laten alleen op zich wachten – en zijn ook niet allemaal beantwoord tijdens de rechtszaak tegen haar die onlangs werd afgerond.

Jagged

HBO

Op voorhand waren er de berichten: Alanis Morissette distantieert zich van deze documentaire over het enorme succes van haar debuut als volwassen artiest, Jagged Little Pill (1995). Morissette voelt zich verraden door maakster Alison Klayman, verklaarde ze aan Variety. Die zou misbruik hebben gemaakt van een kwetsbare periode in haar leven, de postnatale depressie waarin ze belandde na de geboorte van haar derde kind. De film zou ook enkele pertinente onwaarheden bevatten.

Het is niet moeilijk om te bedenken met welke passages uit Jagged (99 min.) Morissette achteraf bezien moeite zou kunnen hebben. Ze hint bijvoorbeeld duidelijk naar seksueel misbruik in haar jaren als prille tiener, vóórdat ze Jagged Little Pill maakte. En verhaalt over die keer dat ze werd uitgenodigd door haar producer om enkele zangpartijen opnieuw in te zingen. In werkelijkheid wilde die het eens over haar gewicht hebben. Het was in zo’n omgeving, wil ze maar zeggen, slechts een kwestie voordat ze een eetstoornis ontwikkelde.

Waarom ze al die tijd heeft gewacht om zulke ontboezemingen te doen? Vrouwen wachten helemaal niet, zegt ze scherp. Er was gewoon een cultuur van niet (willen) luisteren. En dat is het dan wel zo’n beetje. Verder is Jagged ‘gewoon’ een popdocu over een artiest die boven zichzelf uitstijgt en een onwaarschijnlijk succesverhaal wordt. Verteld door de hoofdpersoon zelf, enkele getrouwen (producer en mede-songschrijver Glen Ballard, drummer Taylor Hawkins en haar vriendinnen Steph Gibson en Johanna Stein) en enkele ‘kenners’ (waarvan je je kunt afvragen wat ze nu werkelijk toevoegen).

Het uitgangspunt is intrigerend: tienerster wordt gedumpt door haar platenmaatschappij (en door een nog altijd onbekend vriendje, aan wie ze de vlijmscherpe wereldhit You Oughta Know zal wijden) en neemt op de best mogelijke manier wraak: met een collectie onweerstaanbare hart-op-de-tong liedjes, die zich halverwege de jaren negentig ontwikkelen tot de lijfliederen van een nieuwe generatie (vrouwen). Die songs – waarvan de teksten typografisch worden afgebeeld – hebben in de tussentijd nauwelijks aan kracht ingeboet. En ook Morissettes performances met haar band – waarvan sommige leden zich overigens, ondanks haar, gewoon als rockbeesten gedroegen – staan 25 jaar na dato nog altijd fier overeind.

Leuk, dat zeker. En voor generatiegenoten van de Canadese zangeres zonder enige twijfel ook een feest van herkenning. Méér wordt Jagged evenwel nooit: een alleraardigste terugblik op de formatieve jaren van een toonaangevende artiest, die de wereld van de popmuziek definitief zou hebben opengebroken voor vrouwen. Géén diep persoonlijk verhaal van een vrouw die al haar halve leven in therapie zegt te zitten en nu in het openbaar het achterste van haar tong laat zien.

Procession

Netflix

Zijn eigen zaak moet nog voor de rechter komen. Daarom heeft Tom Viviano, een Amerikaan van halverwege de zestig, zijn verhaal nog niet in een filmscène kunnen verwerken. ‘Maar ik kan acteren voor de anderen. Ik vind het een eer en een voorrecht om dit te mogen doen.’

Viviano heeft niet de gemakkelijkste rol toebedeeld gekregen. Hij kijkt naar zijn priestergewaad, het uniform van de dader in alle afzonderlijke verhalen die ze gaan verfilmen. ‘Het was niet gemakkelijk om dit aan te trekken, om er zo bij te zitten’, zegt hij geëmotioneerd. ‘Maar op deze manier kan ik bijdragen.’ Even later speelt de gezette Amerikaan een angstaanjagende priester, een representatie van de man die zijn lotgenoot Joe Eldred sinds z’n jeugd bezoekt in nachtmerries. Eldred kijkt toe hoe een traumatische gebeurtenis uit zijn leven wordt nagespeeld en mag bijsturen of ingrijpen als hij dat nodig vindt.

In de documentaires Actress, Kate Plays Christine en Bisbee ‘17 werkte regisseur Robert Greene al eerder met gedramatiseerde scènes. Nadat hij in 2018 een persconferentie zag van zes slachtoffers van seksueel misbruik door katholieke priesters besloot hij hun advocate Rebecca Randles te benaderen, met het voorstel om samen met hen een film te maken. Procession (118 min.) is de aangrijpende weerslag van een intensief proces, dat uiteindelijk drie jaar in beslag zou nemen. In die periode zijn de mannen, onder begeleiding van een dramatherapeute, stuk voor stuk de confrontatie met hun verleden aangegaan.

Via het bezoeken van cruciale plekken in Missouri, de staat waar het misbruik plaatsvond en stelselmatig werd afgedekt, en het ter plaatse (laten) uitspelen van pijnlijke ervaringen proberen ze hun angsten te overwinnen. Als vanzelf ontstaat er zo ook een broederschap tussen de mannen, die elkaar helpen om het contact met hun vroegere zelf te herstellen. Binnen dat kwetsbare proces is een bijzondere rol weggelegd voor de jonge lokale acteur Terrick Trobough. Hij wordt gecast om het kind in hen te vertolken, dat steeds weer, voor het oog van God, zijn onschuld verliest.

Met een combinatie van gedetailleerd uitgewerkte herbelevingsscènes en de gesprekken en activiteiten die daaromheen plaatsvinden dringt Procession door tot de schaamte, het verdriet en de woede die deze mannen al decennia in zich dragen. Die worden nog eens versterkt doordat zeker niet alle daders, van de in totaal ruim 230 verdachte priesters uit de omgeving van Kansas City, ook daadwerkelijk ter verantwoording zijn geroepen voor hun daden. Hun slachtoffers moeten de vrede dus eerst en vooral in zichzelf vinden.

Mist

BNNVARA

Er zijn de verplichte privéfilmpjes, weerslagen van een ogenschijnlijk benijdenswaardige jeugd. Gemaakt door een trotse ouder die vereeuwigt hoe zijn/haar kind, een jong meisje in het officiële tenue van de turnbond, steeds weer boven zichzelf uitstijgt. Ze heeft duidelijk talent en wint ook medailles. Het zijn video’s die ongetwijfeld met familie en vrienden zijn gedeeld. Kijk eens, wat onze Stephanie nu weer heeft gepresteerd!

‘Ik krijg het helemaal benauwd’, zegt een inmiddels volwassen Stephanie Tijmes als ze jaren later haar vaste trainingshal binnenstapt. ‘Gadver!’ Haar herinneringen aan de periode dat ze topsport bedreef worden begeleid door opvallend unheimische muziek. Niet voor niets: waar zij aan denkt bij die formatieve jaren is niet te zien op de filmpjes. ‘Ik heb tien jaar lang elke dag gehoord dat ik lelijk en te dik was’, vertelt de voormalige topturnster in Mist (26 min). ‘En dat ik niet goed was, niet hard genoeg trainde, stijf was.’

Sinds de Amerikaanse documentaires At The Heart Of Gold: Inside The USA Gymnastics Scandal en Athlete A genadeloos de mores blootlegden binnen de Amerikaanse turnwereld, waar ‘tough love’ de norm leek en dat ‘love’ soms dan ook nog eens héél verkeerd werd geïnterpreteerd, is ook grensoverschrijdend gedrag in Nederland op de agenda komen te staan. Stephanies ervaringen doen denken aan die van haar Amerikaanse collega’s. ‘Ze hebben ons afgemaakt, geschreeuwd, gekleineerd, genegeerd, gemanipuleerd.’

Daarmee worstelt ze, getuige deze indringende korte film van Sophie Kalker, nog elke dag. Tijdens therapiesessies probeert de oud-topsporter vat te krijgen op haar problemen, waardoor ze moeite heeft om haar grenzen te bewaken en regelmatig dissocieert. Stephanie is niet de enige, blijkt tijdens een groepsgesprek met voormalige teamgenoten. Stuk voor stuk zitten ze in therapie. ‘Ik heb geprobeerd om te achterhalen of ik überhaupt iemand wist die er niet beschadigd is uitgekomen’, zegt Loes Linders tegen de anderen. ‘Ik ken er geen.’

Dat is een treurige conclusie: veelbelovende meisjes zijn tijdens hun turncarrière ernstig beschadigd geraakt. Niet als gevolg van één enkele trainer die alleen zijn eigen grenzen (er)kende, maar als bijproduct van een breed gedragen benadering van topsport die hen tot grootse prestaties moest aanzetten. ‘Ja, hoe hoop ik dat de toekomst eruit gaat zien?’ zegt Stephanie Tijmes, die ooit als het naïeve kind op al die turnfilmpjes dat giftige systeem binnenstapte. ‘Ik hoop in eerste instantie dat ik gewoon eens een dag kan doorkomen.’

Colonia Dignidad: Una Secta Alemana En Chile

Netflix

Al vóórdat de Duitse christelijke gemeenschap in 1961 aankwam in z’n nieuwe thuisbasis Chili, waren er beschuldigingen van seksueel misbruik tegen leidsman Paul Schäfer. Hij zou zich in eigen land hebben vergrepen aan enkele kinderen. Daarom had het voormalige lid van de Hitlerjugend ook elders zijn heil moeten zoeken. In het Zuid-Amerikaanse land stichtte Schäfer Colonia Dignidad: Una Secta Alemana En Chile (312 min.), waarbij hij ruim dertig jaar als een despoot heerste en ook zijn eigen jeugdbeweging kon starten, Villa Baviera.

‘Hij was een pathologische leugenaar’, zegt voormalig volgeling Ida Gatz. ‘Een oplichter. En een rattenvanger van Hamelen.’ Die kwalificaties, door meerdere oud-kolonisten onderschreven, contrasteren nogal met de idyllische beelden die destijds in Schäfers opdracht werden gemaakt van zijn gemeenschap: zingende, dansende of houthakkende sekteleden in lederhosen, hemels samenzingende koren en Florence Nightingale-achtige verpleegsters die zich over plaatselijke kinderen ontfermden. Propaganda van de bovenste plank.

Schäfer zelf bleef overigens het liefst buiten beeld. Alsof hij eigenlijk ook wel wist dat wie hij was of wat hij deed het daglicht niet kon verdragen. Van zijn blaffende Duits, dat onvermijdelijk aan die andere Germaanse leider doet denken, is wel meer dan genoeg audio bewaard gebleven. Dat verraadt de ware aard van de man, die gaandeweg een echt schrikbewind begon te voeren in de sekte. Het werd een pedofielenparadijs, vertelt een vroegere kolonist. Een ander begint meteen over de zogenaamde ‘Kartoffelkeller’, een martelplek waar heel wat bloed zou vloeien.

Deze zesdelige serie van Wilfried Huismann en Annette Baumeister verbindt de ontwikkeling van Schäfers geesteskind nadrukkelijk met de woelige politieke historie van Chili, dat eerst in 1970 de socialist Salvador Allende tot president verkoos en enkele jaren later een militaire staatsgreep te verduren kreeg, waardoor Augusto Pinochet aan de macht kwam. Die wist Schäfer, en daarmee ook diens volgelingen, steevast aan zijn zijde. Colonia Dignidad ontwikkelde zich tot een gewillig werktuig van Pinochets dictatuur.

Deze duistere geschiedenis, inclusief structureel seksueel misbruik, wordt met krachtige getuigenissen van direct betrokkenen, slachtoffers of een combinatie van beiden en bijzonder sprekend archiefmateriaal gedetailleerd opgeroepen. Zodat de volle omvang van Paul Schäfers perverse regime wordt geopenbaard.

In de naargeestige documentaire Songs Of Repression kijken voormalige leden van Colonia Dignidad op hun jaren binnen de gemeenschap en bedenken ze bovendien hoe de toekomst van Villa Barbiera eruit zou kunnen zien.

Hoe Overleef Ik – Francine Oomen Doorbreekt Het Zwijgen

Francine Oomen / c: Pascalle Bonnier

Als tiener had ze haar eigen Hoe Overleef Ik-boeken wel kunnen gebruiken, bekent gevierd schrijver Francine Oomen aan het begin van deze persoonlijke film. Hoe overleef ik de uitdagingen en gevaren van mijn puberteit? Haar voornaamste houvast tijdens die lastige jaren was de drie-eenheid lezen, tekenen en schrijven. Intussen was er dat ene trauma, dat al in de openingsscène van Hoe Overleef Ik – Francine Oomen Doorbreekt Het Zwijgen (55 min.) aan de orde komt en dat toch pas tegen het eind van de documentaire (vrijwel) volledig wordt ingelost.

‘Wat is er gebeurd, hoe herhalen de dingen zich en hoe kun je ervoor zorgen dat die herhaling, dat intergenerationele trauma, stopt?’ vat ze het nog een keer samen voor haar uitgever Elik Lettinga. ‘Want dat is wat ik uiteindelijk wil onderzoeken.’ Oomen is tenslotte niet voor niets schrijver geworden. Een boek moet de afronding worden van een zeer persoonlijk proces dat nu al enkele jaren in beslag neemt. Dit heeft haar heel wat kruim gekost en lijkt vooralsnog weinig echte verlichting op te leveren.

Pascalle Bonnier volgt haar op die intieme reis: door het verleden (naar de echtscheiding van haar ouders bijvoorbeeld, die daarna allebei zouden trouwen met de buurman/vrouw) en naar een toekomst waarin ze haar eigen rol als partner en ouder een nieuwe invulling kan geven. Want intimiteit en verbinding blijven heel moeilijk voor Oomen. ‘Ik ben mijn hele leven bezig met me te herinneren wat liefde nu echt is’, zegt ze bijvoorbeeld gefrustreerd als haar relatie is gestrand. ‘Niet die shit die m’n ouders me voorgedaan hebben.’

Bonnier waakt er intussen voor dat de film geen al te tobberig karakter krijgt. Ze verluchtigt Oomens confrontatie met de demonen uit haar jeugd bijvoorbeeld met enkele komische scènes waarin zij een paar schapen aankoopt voor bij haar nieuwe woning. Terwijl de schrijfster nog druk aan het ‘socialiseren’ is met haar nieuwe huisgenoten, zetten die het op een lopen. Eenmaal thuis laat ook ex-echtgenoot Erik, met wie ze nog altijd een goed contact onderhoudt, zich wéér in de luren leggen door de schichtige beesten. Een nieuw begin, zo gemakkelijk is dat nog niet.

Met vallen en opstaan probeert Francine Oomen zo in dit persoonlijke portret tegelijkertijd in het reine te komen met haar verleden en een vruchtbare basis te leggen voor een leven met haar dierbaren.

João De Deus: Cura E Crime

Netflix

Op haar 22e leek Angela Homercher ten dode opgeschreven. Ze had een hersentumor. De dokter gaf haar nog een dag of veertig. Toen hoorde ze over een medium in Abadiãnia in de Braziliaanse deelstaat Goiás. Hij verrichtte ‘spirituele operaties’. ‘Deze mensen zijn gek’, dacht Angela. ‘Laat me met rust. Laat me in vrede rusten.’ Homercher, net moeder, liet zich echter toch overhalen.

John Of God’ pakte zijn gereedschap, een lange schaar, en stak dat in haar neusgat. Hij keek haar niet aan. Toen hoorde ze hem zeggen: ‘kind, tel met mij.’ Hij draaide de schaar 21 keer om. Angela voelde de druk in haar hoofd afnemen. ‘Ik hoorde het in m’n hoofd alsof er een bot was gebarsten’, vertelt ze in João De Deus: Cura E Crime (204 min.). Even later braakte ze ‘een soort biefstuk’ uit en was het leed geleden. Angela Homercher bleek genezen.

Deze vierdelige serie van Mauricio Dias en Tatiana Villela bevat nog veel meer wonderbaarlijke genezingsverhalen. Rond het medium João Teixeira de Faria, bevangen door ‘entiteiten’. Hij greep in waar de reguliere geneeskunde met z’n handen in het haar zat. Met mes, scalpel of blote hand. En net als andere Braziliaanse spiritisten – of een Nederlandse evenknie zoals Jomanda – bouwde hij daarmee een aanzienlijke groep volgelingen op. João de Deus werd een uiterst lucratieve business. Een toeristische attractie ook. Zelfs Oprah Winfrey kwam op bezoek.

In zulke gevallen is het wachten op beschuldigingen van kwakzalverij, malversaties en – natuurlijk – seksueel misbruik. Die ontbreken dan ook niet in deze erg langgerekte productie over Brazilië’s bekendste gebedsgenezer. Die bestaat voor het leeuwendeel uit dramatische getuigenissen voor/tegen ‘John of God’ en archiefbeelden van de entiteit/charlatan aan het werk. Gaandeweg wordt de miniserie steeds meer het verhaal van de vrouwen, waaronder zijn eigen dochter Dalva, dat soapy en met de nodige Latijnse pathos wordt uitgeserveerd.

Uiteindelijk zal de John van God zich op 78-jarige leeftijd toch moeten verantwoorden voor zijn handelen (al dan niet als instrument van – heerlijk excuus – een hogere macht). Waarbij zijn geheugen – niet vreemd natuurlijk, gezien zijn hoge leeftijd – hem soms in de steek laat. ‘Het deed me pijn om hem zo te zien verdwijnen’, bekent een kerngezonde Angela Homercher, inmiddels vrijwilliger in het Huis Des Heiligen Ignatius van João de Deus. ‘Het voelde alsof ik mijn vader verloor.’

‘Iedereen die het woord van God verkondigt wordt aan het kruis genageld’, constateert João vervolgens zelf, met gepaste bescheidenheid. ‘Zelfs Zijn zoon.’

Catch And Kill: The Podcast Tapes

HBO

Als je een podcast verfilmt – de interviews, gepaard aan archiefmateriaal en figuratieve beelden – is het dan ineens een documentaire? De zesdelige serie Catch And Kill: The Podcast Tapes (170 min.) van Fenton Bailey en Randy Barbato is in elk geval een vervolg op de podcast van de Amerikaanse journalist Ronan Farrow, die op zichzelf weer een logische voortzetting is van diens bestseller Catch And Kill.

In alle producties staat de #metoo-zaak tegen filmproducent Harvey Weinstein centraal en hoe die door Farrow (en zijn concullega’s Jodi Kantor en Megan Twohey van The New York Times, die er het boek She Said over schreven, waaraan verder overigens nauwelijks aandacht wordt besteed) aan het licht is gebracht. Over die kwestie is trouwens al een stevige documentaire gemaakt, waarin allerlei slachtoffers zich uitspreken: Untouchable.

In de eerste aflevering van Catch And Kill gaat Ronan Farrow, die zelf overigens direct betrokken is bij de beschuldigingen van seksueel misbruik van zijn moeder Mia Farrow tegen zijn vader Woody Allen (zie: de docuserie Allen v. Farrow), in gesprek met het Italiaanse model Ambra Battilana Gutierrez. Zij maakte audio-opnames van hoe ze Weinstein probeerde te laten bekennen dat hij haar had lastiggevallen. ‘Five minutes’, voegt hij haar daarop dreigend toe. ‘Don’t ruin our friendship for five minutes.’

Verder spreekt Farrow met de journalisten Kim Masters en Ken Auletta (die jarenlang, tevergeefs, achter het Weinstein-verhaal aanzaten), Weinstein-medewerker Rowena Chiu (die ooit de klok probeerde te luiden over zijn volstrekt ongepaste toenaderingspogingen en de manier waarop die binnen Miramax Pictures werden toegedekt), een privédetective (die de opdracht kreeh om Farrow te schaduwen), zijn eigen collega Rich McHugh bij NBC News (dat hun gezamenlijke onderzoek naar het ultieme ‘male chauvinist pig’ in een diepe lade begroef) en de journalisten van The New Yorker (die het wél aandurfden).

Voor Harvey Weinsteins slachtoffers ruimt Ronan Farrow relatief weinig ruimte in. Verder komt alleen de actrice Rosanna Arquette aan het woord. Catch And Kill: The Podcast Tapes legt de nadruk op het systeem dat de bullebak met alle mogelijke middelen probeerde te beschermen en hoe Farrow de man en zijn machinaties uiteindelijk met journalistiek vakwerk weet tr ontmantelen. Maar of de serie daadwerkelijk iets toevoegt aan wat er al bekend en (door Farrow zelf) gepubliceerd is over de Weinstein-casus?

Audrie & Daisy

Netflix

‘John R., waarom heb je dit laten gebeuren?’, vraagt de Amerikaanse tiener Audrie Pott in een Facebook-bericht aan een kennis. ‘Weet je hoe mensen nu naar me kijken?’

Ze vervolgt: ‘Ik heb het verkloot en kan er niks meer aan doen om het te repareren.’

‘We gaan allemaal wel eens de fout in’, reageert hij. ‘Iedereen is dit alweer vergeten voordat de week voorbij is.’

Audrie weet wel beter: ‘Jij hebt echt geen idee hoe ‘t is om een meisje te zijn.’

De Facebook-chat tussen Audrie en John R. verwijst naar een feestje van de avond ervoor. Zij is daarbij stomdronken geworden en is enkele uren helemaal kwijt. De middelbare scholier uit Californië heeft wel een idee van wat er in die tijd is gebeurd: haar hele lichaam is beschreven met merkstift. Sommige delen van haar lijf worden opgeëist door bepaalde jongens, bij haar vagina en anus staan pijlen: ‘Harder.’ En iedereen die Audrie kent, lijkt de foto’s ervan te hebben gezien. Die gedachte komt keihard bij haar binnen, met desastreuze gevolgen.

Deze onverkwikkelijke geschiedenis krijgt in Audrie & Daisy (98 min.) gezelschap van nóg een traumatische affaire: de nacht die Daisy Coleman beleefde met enkele footballspelers. Ze was nog maar veertien en zo onder invloed dat ze bijna in comateuze toestand belandde. Voor hen was dat geen beletsel. En naderhand scheen er zelfs een video te zijn rondgegaan in haar woonplaats Maryville, Missouri. Die was echter alweer verdwenen toen de jongens, waarvan er één tot een prominente plaatselijke familie behoorde, ter verantwoording werden geroepen.

Voor de lokale gemeenschap was intussen allerminst bewezen dat Daisy daadwerkelijk was overweldigd door de sporthelden. Schaamde ze zich misschien voor wat er was gebeurd en had ze de jongens er toen maar bijgelapt? Via social media werd Daisy uitgemaakt voor ‘domme slet’ en ‘hoer’. Ze reageerde fel: ‘Sommige mensen kunnen wel een ‘high five’ gebruiken. Tegen het gezicht. En met een stoel.’ De situatie liep vervolgens volledig uit de hand. Daisy en haar gezin, sowieso al getroffen door persoonlijk drama, werden outcasts in hun eigen leefomgeving en besloten om te verhuizen.

In deze documentaire uit 2016 positioneren de filmmakers Bonni Cohen en Jon Shenk zich zonder voorbehoud aan de zijde van de slachtoffers: twee meisjes die elkaar helemaal niet kennen, maar die wel soortgelijke ervaringen hebben. Via hun verhalen wordt duidelijk hoe lastig het is om (vermeende) daders van dit soort seksueel geweld veroordeeld te krijgen. Omdat aanvullend bewijs meestal ontbreekt of tegenstrijdig is, komt het vaak neer op een kwestie van ‘he said/she said’. En daarbij trekt ‘zij’, die dan ook al publiekelijk door het slijk is gehaald, nogal eens aan het kortste eind.

Deze erg Amerikaanse film zet die thematiek helder op de kaart – al komen de twee verhalen wat lastig samen – en probeert tegelijkertijd een emancipatoire boodschap uit te dragen: hoe uit al die ellende, zolang je er maar over praat, toch een soort zelfrespect en empowerment kan voortkomen. De getroebleerde Daisy, die aansluiting vindt bij een groepje lotgenoten, moet daarvan het gezicht zijn. Een jonge vrouw die zich door al die malheur niet kapot laat maken.

In 2020 hebben bijzonder droevige gebeurtenissen er echter voor gezorgd dat de positieve draai die wordt gegeven aan Daisy’s traumatische ervaring inmiddels in een totaal ander daglicht is komen te staan.