Three Minutes – A Lengthening

US Memorial Holocaust Museum

Een beeld zegt misschien meer dan duizend woorden, maar dan moet je wel weten waarnaar je kijkt. De drie minuten film die de Joodse Amerikaan David Kurtz maakte tijdens een trip door Europa in 1938 werden in elk geval níet geschoten in het geboortedorp van Kurtz’s vrouw, zo ontdekte hun kleinzoon Glenn. Hij trof de beelden in 2009 bij toeval aan in een oude kast in een familiehuis te Florida.

Toen Glenn Kurtz na maanden zoeken eindelijk een overlevende had opgespoord, hielp die hem binnen enkele ogenblikken uit de droom: nee, al die onbekommerde Joodse mensen, zich ogenschijnlijk nauwelijks bewust van wat hen boven het hoofd hing, kwamen niet uit zijn geboortedorp nabij de grens van Polen en Oekraïne. Teleurstelling. Dan moesten het wel beelden zijn van het stadje Nasielsk, ten noorden van Warschau, de plek waar zijn grootvader is geboren.

De zoektocht van Glenn Kurtz, eerder vervat in zijn boek Three Minutes In Poland (2014), vormt het uitgangspunt voor het intrigerende essay Three Minutes – A Lengthening (69 min.), waarin Bianca Stigter die drie minuten tot in detail ontleedt. In- en uitzoomen. Voor- en achteruit kijken. Speculeren over wat je denkt te zien of daarbij juist de hulp inroepen van een deskundige of getuige (zoals Maurice Chandler, ofwel Moszek Tuchendler, die als jongetje is te zien in de film).

Op zoek naar aanwijzingen voor wie of wat er in beeld is en welke informatie daaruit valt te destilleren, duikt Stigter in de Joodse gemeenschap Nasielsk. De Britse actrice Helena Bonham-Carter fungeert daarbij als verteller, die namens haar alle hoeken en gaten van het materiaal verkent. Van heel praktisch – wie, wat, waar? – tot meer filosofisch. Over de kleur rood bijvoorbeeld. In sommige talen is er voor rood en bloed maar één woord. Rood, de kleur ook die het laatst vervaagt.

De Nederlandse filmmaakster gebruikt verder geen ‘talking heads’. Ze verlaat zich volledig op die dikke drie minuten amateurfilm. Meer is er van de bewoners van het Joodse stadje ook niet bewaard gebleven. Ook niet van de plek waarnaar ze binnen afzienbare tijd vrijwel allemaal zouden verdwijnen, het vernietigingskamp Treblinka. Met die wetenschap krijgen de op zichzelf onschuldige beelden, van mensen die nieuwsgierig naar de camera kijken, onvermijdelijk een loodzware lading.

‘Mijn tante was ongeveer even oud als sommige overlevenden’, zegt Glenn Kurtz. ‘Zij groeide op in Brooklyn. De wereld waarin zij opgroeide is óók verdwenen. En toch, als je naar beelden van Brooklyn uit 1938 kijkt, is dat totaal anders dan bij materiaal uit Nasielsk uit 1938. Vanwege het gevaar dat deze mensen bedreigde en het gegeven dat de wereld waarin zij leefden snel daarna met geweld zou worden vernietigd. In plaats van langzaam, als gevolg van het verstrijken van de tijd.’

Camp Confidential: America’s Secret Nazi’s

Netflix

Het is een brisante kwestie: na de Tweede Wereldoorlog smokkelden de Verenigde Staten stiekem vooraanstaande Duitse wetenschappers het land uit. De bekendste van hen, Wernher von Braun, zou de centrale figuur van het Amerikaanse ruimtevaartprogramma worden. Als voormalige nazi, verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de V2-raket en andere wapens die werden ingezet tegen de geallieerden, kon hij zich ontwikkelen tot vertegenwoordiger van het vrije westen in één van de meest zichtbare frontlinies van de Koude Oorlog.

In de korte film Camp Confidential: America’s Secret Nazi’s (36 min.), een hybride van documentaire en animatie, komen voormalige medewerkers van een geheim legerkamp, dat simpelweg PO Box 1142 werd genoemd, aan het woord. Zij waren destijds verantwoordelijk voor de opvang van deze (voormalige) nationaalsocialisten. Dat bracht hen regelmatig in gewetensnood. Het leeuwendeel van de kampmedewerkers was Joods en uit Europa gevlucht om Hitler en zijn trawanten te ontvluchten. Nu werden ze geacht om enkele kopstukken van dat kwaadaardige regime met alle egards te ontvangen en wegwijs te maken in hun nieuwe vaderland.

In 2006 interviewde The National Park Service enkele van deze Joodse veteranen. De audio-opnamen daarvan vormen de onderlegger voor deze film van Daniel Sivan en Mor Loushy, die is aangekleed met een combinatie van authentieke archiefbeelden en geanimeerde scènes (die soms nét iets te Disney worden). Verder konden ze spreken met twee nog levende oud-medewerkers van 1142. Die kijken verbitterd terug op hun werk in het geheime kamp, dat in 1946 werd gesloten. ‘Von Braun wist dat Auschwitz bestond’, zegt één van hen, Arno Mayer, met afgrijzen. Achter zijn rug noemden de Duitse gasten hem als medewerker soms rustig ‘de kleine Jodenjongen’.

Zulke uitingen, en de daaraan verbonden denkbeelden, zouden hen echter niet verhinderen om gewoon op te gaan in de Amerikaanse samenleving en er soms zelfs, zoals Von Braun, publiekelijk carrière te maken. Ook omdat, zo maakt deze aardige terugblik tevens duidelijk, hun begeleiders in Camp Confidential te verstaan hadden gekregen dat ze dit geheim toch echt mee hun graf in moesten nemen.

The Last Days

Netflix

Terwijl duidelijk werd dat de oorlog verloren was, gingen de Duitsers onverminderd door met het uitroeien van Joden. ‘Als ze zes maanden voor het einde van de oorlog waren gestopt en al die energie hadden gestoken in het versterken van hun eigen verdediging, hadden ze het vast langer volgehouden’, zegt Holocaust-overlever Bill Basch aan het begin van The Last Days (87 min.). ‘Maar het doden van Joden was belangrijker voor hen dan het winnen van de oorlog.’

Het hart van deze Oscar-winnende documentaire van James Moll uit 1998 wordt gevormd door de getuigenissen van vijf Hongaarse Joden. Zij overleefden alle ontberingen, maar die domineren ruim vijftig jaar later (natuurlijk) nog altijd hun leven. ‘Ik kende niemands naam’, vertelt Basch als hij met zijn zoon Martin het vernietigingskamp bezoekt waar ze letterlijk over lijken moesten stappen. ‘Ik heb nooit iemand willen leren kennen. Ik wilde het nooit weten, voor het geval iemand die persoon kende wiens schoenen ik uittrok toen hij stierf.’

De bijbehorende beelden zijn groot en afschrikwekkend. Graatmagere, naakte mannen die lijken op wezenloze zombies. Stapels verweesde schoenen of koffers. En eindeloze lijsten, waarop mensenlevens worden gereduceerd tot zielloze gegevens. Tegelijkertijd zijn er talloze delicate details: de diamanten die Irene Zisblatt bewaarde door ze in te slikken, het badpak waaraan Renée Firestone zich vastklampte als laatste tastbare herinnering aan haar vader en de zelfgemaakte menora die de Amerikaanse militair Paul Parks kreeg van een Joodse man die hij uit Dachau bevrijdde.

De herinneringen van de overlevenden worden in deze klassieke Holocaust-film vergezeld door gesprekken met een Duitse arts die in Auschwitz werkte, een lid van het zogenaamde Sonderkommando dat in een kamp lijken moest afvoeren en enkele Amerikaanse soldaten die aan het eind van de oorlog werden geconfronteerd met de (on)menselijke catastrofe van deze plekken des doods. Ergens in die onbeschrijfelijke ellende vonden al deze gewone mensen de moed en kracht om door te gaan met hun bestaan, er in de navolgende halve eeuw zelfs nog iets van te maken.

Jetje Van Radio Oranje: Van Het Één Kwam Het Ander

Frits Droog / Max

Van het één kwam het ander. Voor het werk van haar vader was het hele gezin Paerl toevallig in het buitenland toen de Duitsers in mei 1940 Nederland binnenvielen. De Joodse tiener Jetty en haar familie probeerden tevergeefs weer naar huis te reizen, maar belandden uiteindelijk in Engeland. Daar werd ze gevraagd voor Radio Oranje. Ze zou er als zangeres uitgroeien tot Jetje Van Radio Oranje: Van Het Één Kwam Het Ander (50 min.), een symbool voor het Nederlandse verzet.

Via een gesprek met dochter Anne-Rose Bantzinger, woonachtig in een huis dat oogt als één groot eerbetoon aan haar moeder, portretteren Pamela Sturhoofd en Jessica van Tijn de vrouw die haar beroemdheid na de oorlog wist te continueren, onder andere via deelname aan het Eurovisie Songfestival en de hit De Vogels Van Holland. Ook haar echtgenoot, tekenaar en kunstschilder Cees Bantzinger, wordt heel uitgebreid eer betoond in dit verzorgde tv-monumentje.

Dat laatste roept in eerste instantie vragen op. Die worden in het slot van Jetje Van Radio Oranje echter geheel beantwoord, als een uiterst pijnlijke kwestie uit het verleden hem halverwege de jaren tachtig alsnog dreigt in te halen. ‘Hoe ik dat thuis moet vertellen, dat is me nog een raadsel’, vertelde Bantzinger destijds aan de omstreden schrijver Adriaan Venema, die consequent in de onderbuik van de oorlog was blijven wroeten. ‘Het is gebeurd. Het is geschiedenis.’

Van het een kwam ook nu, ruim veertig jaar na dato, het ander. En Jetty’s leven nam weer een dramatische wending.

Claudia de Breij – Hier Zijn Wij

‘Claudia die vertelt hoe de wereld in elkaar zit’ had even behoefte aan adempauze. In Heintje Davids (1888-1975), de rasartieste die maar geen afscheid kon nemen, vond ze haar ‘paard van Troje’. En in multi-instrumentalist Michelle Samba en deejay/human beatboxer Abdelhadi Baaddi ontdekte Claudia de Breij trouwe kompanen. Ook om gezamenlijk de Corona-periode, waarin ze alle drie een schrijnend optreedtekort opliepen, enigszins gezond door te komen.

In Claudia de Breij – Hier Zijn Wij (50 min.) documenteert Suzanne Raes hoe het drietal zich leven en werk van Davids, telg van een befaamde Nederlandse artiestenfamilie, eigen probeert te maken. Dat lijkt in eerste instantie vooral spielerei. Totdat ze toch, voor een klein publiek, mogen gaan spelen. Sterker: Carré wacht. En dan worden het sleutelen aan en doorleven van de voorstelling, die voor De Breij toch dichterbij komt dan gedacht, ineens een zaak van, nou ja, levensbelang.

‘De familie Davids was een Joodse familie’, vertelt ze tijdens de muzikale familievoorstelling Hier Ben Ik. ‘Dat had ik helemaal niet verteld, want het maakt toch eigenlijk ook niet uit. Het maakt nooit uit wat je bent. Totdat je het van andere mensen niet mag zijn, toch?’ De oversteek naar haar eigen leven is dan snel gemaakt. ‘Je bent gewoon verliefd op iemand. En dan zegt iemand dat dat niet mag. Dan ben je in één keer een homoseksueel.’

Zo gaat deze voorstelling behalve over de onverbeterlijke revuester ook over Claudia de Breij zelf en haar muzikale partners, voor wie ‘spelen’ niets minder dan noodzaak is. Raes brengt die behoefte en het bijbehorende proces treffend in beeld in een achter de schermen-docu, die is doorsneden met Heintje Davids-fragmenten. En als de voorstelling dan echt staat, gooit Corona weer roet in het eten.

They Call Me Dr. Miami

Met vermeldingen in songs als I Don’t Care, Cuddle My Wrist en 4 AM droegen de rappers Snoop Dogg, Future en 2 Chains eraan bij Dr. Miami een begrip werd in de Amerikaanse plastische chirurgie. Dé man om een snelle ‘boob job’, ‘tummy tuck’ of ‘butt lift’ te krijgen. Op social media laat deze karikaturale variant op onze eigen Robert Schumacher zich ook zelf niet onbetuigd. Via popi filmpjes op Instagram en Snapchat geeft hij potentiële klanten alvast een kijkje in zijn catalogus, operatiekamer of slechte gevoel voor humor.

Achter het personage van de supersnelle dokter, die je voor een paar duizend dollar van een ‘perfect’ en volstrekt inwisselbaar uiterlijk kan voorzien, blijkt in deze documentaire van Jean-Simon Chartier de gladjanus Michael Salzhauer schuil te gaan. Deze Joodse businessman hoopt dat hij nog maar een dikke tien jaar hoeft te werken en daarna lekker kan gaan rentenieren. Tot die tijd gaat hij z’n product ongegeneerd aan de man/vrouw brengen – en die op de loer liggende burn-out op afstand proberen te houden.

Die geldingsdrang moet zijn onzekerheid compenseren, stelt echtgenote Eva in het tamelijk treurige portret They Call Me Dr. Miami (78 min.). Ze lijkt zich soms behoorlijk te generen voor de publieke escapades van haar man, die zich voor wat extra aandacht nergens voor lijkt te schamen en die thuis bovendien de gelovige familieman uithangt. Salzhauers dochter heeft zich zelfs afgewend van de sociale media. Dat lijkt bepaald geen onnatuurlijke reactie voor een kind dat zich moet zien te verhouden tot een vader, die zo’n beetje alles representeert wat de influencer-cultuur zo intens leeg kan maken.

Al te veel om het lijf heeft deze film, die met de Franse slag ook nog wat ethische kwesties rond cosmetische chirurgie aan de orde stelt, uiteindelijk niet. Het is vooral een ontluisterend portret van een man die zich, ondanks zijn innig beleefde relatie met het Joodse geloof, met recht een plastic arts mag noemen.

Skies Above Hebron

Doxy

‘Soldaat!’ roept de Joodse overbuurvrouw naar militairen van de legerpost als de Palestijnse broers Amer (11) en Anas (7) te dichtbij komen met de duiven die ze houden op hun dak. Tegen de jongens: ‘Deze plek is niet van jullie. Wegwezen!’

‘Ga zelf weg’, roepen ze terug. ‘Houd je mond!’ De broers weten dan al hoe laat het is. ‘Nu komen de soldaten eraan’, zegt Anas. Hij maakt er schietgeluiden en –bewegingen bij. Als de Israëlische militairen zich daadwerkelijk melden, raken de gemoederen snel verhit. ‘Ik zweer bij God dat ik je hoofd verbrijzel als je mijn zoon meeneemt’, zegt de moeder van de broers.

‘Ze hebben iets gedaan’, legt één van de soldaten uit. ‘We moeten ze boven aan een officier laten zien. Alle kinderen. Nu! Anders kom ik vannacht terug en arresteer ik iedereen in huis.’

Skies Above Hebron (56 min.) is nauwelijks vijf minuten onderweg en de situatieschets is compleet: Hebron, een stad aan de Westelijke Jordaanoever waar de Palestijnse bevolking en Joodse kolonisten op voet van oorlog met elkaar leven. Het is de plek waar de broers Quneibi en een andere Palestijnse jongen, Marwaan Sharabati, opgroeien. Die heeft als elfjarige al een foto gemaakt van een ‘martelaar’ die werd doodgeschoten door een Israëlische soldaat.

‘Ik was daar aan het spelen’, vertelt hij, bij zijn huis tegenover een grote Israëlische nederzetting. ‘Daar beneden viel hij neer, bij die witte steen. Hij vervolgt: ‘Een oude kolonist richtte zijn geweer op me. Hij schoot en ik bukte. De kogel ging net langs me heen.’ Toen kwamen er soldaten, die het geheugenkaartje van Marwaans telefoon wilden hebben. Dat liet hij niet gebeuren. Met vastberaden blik toont de jongen zijn foto. Die gun je geen enkel kind.

Esther Hertog en Paul King volgen de opgroeiende jongens gedurende enkele jaren. Het conflict dat rondom hen woedt werkt vormend. Ook zij worden, of ze dat nu willen of niet, meegezogen in de tragische waan van de dag. Waarbij camera’s worden ingezet als wapen, kinderen aan een waterpijp lurken om de stress te managen en Joden, en Joodse kinderen, automatisch tot vijand worden gebombardeerd.

Totdat iedereen, zo laat Skies Above Hebron trefzeker zien, zijn voorbestemde plek in de strijd heeft ingenomen of eieren voor z’n geld besluit te kiezen. Intussen proberen Amer en Anas gewoon hun duiven in leven te houden. In een wereld die daarin geen potentieel vredessymbool herkent, maar ze gewoon betrekt in de strijd.

Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder

EO

Háár verhaal over De Oorlog, de Tweede natuurlijk, ontbrak nog. Femma Fleijsman-Swaalep, ze is inmiddels 92 en bijt al zo’n 75 jaar op haar lip. In Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder (55 min.) doet de Amsterdamse vrouw tóch nog haar verhaal. Een verhaal dat ze eigenlijk zo snel mogelijk wilde vergeten en dat ze de kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen die er toch nog zijn gekomen altijd probeerde te besparen.

Toch is de toon die Fleijsman als verteller aanslaat in deze film van Alfred Edelstein, via een voice-overtekst die is ingesproken door Karin Bloemen, opvallend luchtig. Alsof dat verleden, vereeuwigd op het lijf van haar zoon Ron met het Auschwitz-nummer 83018, vooral niet te zwaar mag worden aangezet. ’Bij mijn aankomst in Auschwitz hoefde ik niet te douchen’, vertelt Bloemen bijvoorbeeld. ‘Als je begrijpt wat ik bedoel.’

In het centrale interview van deze boeiende documentaire laat de hoofdpersoon die laconieke ondertoon al snel varen. Als ze vertelt over hoe ze na de hel van het kamp geheel onverwacht thuiskwam en zag hoe haar moeder daarbij bijna bewusteloos raakte bijvoorbeeld. ‘De dokter moest voor haar komen’, vertelt ze, overmand door emoties. ‘Ze kon het maar niet geloven: jij bent toch wel Femma?’

De manier waarop ze aan een gruwelijk lot is ontsnapt is nog altijd gemakkelijk invoelbaar, maar de manier waarop ze überhaupt ‘op transport’ werd gezet is minstens zo opmerkelijk. Daarbij komt de gelauwerde Duitse ‘jodenredder’ Hans Calmeyer in beeld. Op hem leek altijd het parool ‘Wie één leven redt, redt de hele wereld’ van toepassing. Maar zou ‘Wie één leven vernietigt, vernietigt de hele wereld’ eigenlijk niet treffender zijn geweest?

Het Raadsel Van Femma: Prooi Van Een Mensenredder is hier te bekijken.

Opa Blitz En De Zilveren Theelepeltjes

EO

‘Opa is tijdens de Tweede Wereldoorlog opgepakt met Oranje-propaganda. Samen met een compagnon. En die compagnon, die was de volgende dag weer thuis, maar opa is nooit meer teruggekomen.’ Veel meer had sportpsycholoog/auteur Peter Blitz, die in 2015 overleed, niet over zijn vader Simon te vertellen. Peters zoon David wil echter véél meer weten over de grootvader die hij nooit heeft gekend en gaat op zoek naar het verhaal achter Opa Blitz En De Zilveren Theelepeltjes (52 min.).

‘Het begint me duidelijk te worden dat er een vuil spelletje met je is gespeeld’, constateert David halverwege zijn reis door het verleden, waarvoor hij in een blitze auto langs de plekken rijdt die zijn grootvader op weg naar zijn dramatische einde heeft aangedaan. ‘Dat kan haast niet anders. Ik hoor allerlei verschillende toonaarden van hetzelfde liedje, dat eigenlijk niet verteld had mogen worden. Er is verraad in het spel, dat op de één of andere manier binnen de kringen van de familie een eigen leven is gaan leiden.’

Niemand wil eigenlijk weten wat er precies gebeurd is, concludeert David Blitz. Niemand, behalve hij. En dus gaat de filmmaker in deze traditionele egodocu het gesprek aan met z’n eigen broer, zijn neven en nichten en de tweede vrouw van zijn vader. Hij wil weten wat zij van dat familieverleden hebben meegekregen en confronteert hen met wat hij in de archieven heeft ontdekt over de lepeltjes van zijn opa, gemaakt van zilveren muntjes met een afbeelding van koningin Wilhelmina erop, en hoe die Simon Blitz uiteindelijk op 37-jarige leeftijd in Auschwitz fataal zijn geworden.

Dat klinkt als een redelijk stereotype oorlogsverhaal, waarin de protagonist het verleden van een familielid uitpluist en dan tot schokkende ontdekkingen komt. Zoals er elk jaar rond Bevrijdingsdag wel een paar van zulke verhalen (opnieuw) worden verteld. Toch is de toonzetting ditmaal anders: Davids centrale voice-over, met Amsterdamse tongval, is lekker los en bevat veel humor. Hij ondersteunt zijn relaas bovendien met bezigheden in het hier en nu, zoals mediteren en wielrennen. En het geheel wordt lekker tegendraads aangekleed met edgy songs van Massive Attack, Stiff Little Fingers, Herman Brood, Nina Hagen en Iggy & The Stooges, die Blitz’s verleden in allerlei (punk)bandjes verraden.

Een frisse interpretatie van een inmiddels vertrouwd thema, kortom, die actueel aanvoelt, geen moment topzwaar wordt en – als het tragische levensverhaal van Simon Blitz naar z’n onvermijdelijke climax gaat en zijn kleinzoon even alle reserve laat varen – toch verduiveld hard binnenkomt. En dan is er nog dat ene theelepeltje…

Ask Dr. Ruth

Het is gemakkelijk om haar te onderschatten en af te doen als dat kleine kittige vrouwtje met het bijna karikaturale Duitse accent, dat werkelijk alles weet over seks. Dokter Ruth Westheimer noemt zichzelf misschien geen feminist, maar ze heeft met haar seksuele adviezen wel degelijk een sleutelrol gespeeld in de emancipatie van de Amerikaanse vrouw en het bespreekbaar maken van alle denkbare vormen van seksualiteit.

In Ask Dr. Ruth (99 min.) wordt de goedlachse seksuoloog, die al decennia een vaste gast in de internationale media is, gevolgd terwijl ze van de ene naar de andere activiteit stiefelt. Ze is de negentig inmiddels gepasseerd, maar aan energie nog altijd geen enkel gebrek bij ‘oma Freud’. Ze geniet duidelijk ook van de aandacht. Tussen alle mediaoptredens door bezoekt ze in deze film de mensen en plekken die haar leven hebben bepaald.

Achter dokter Ruth Westheimer gaat Karola Siegel schuil, het enige kind van een orthodox-Joods gezin in Frankfurt an Main. Op tienjarige leeftijd werd ze naar Zwitserland gestuurd, om daar te ontsnappen aan de grijpgrage klauwen van Hitlers nationaal-socialisme. Ze zou haar ouders nooit meer zien. Als ‘wees van de Holocaust’ moest ze zichzelf helemaal opnieuw uitvinden. Zonder familie, in een vreemd land.

Dat tragische verleden wordt in deze documentaire van Ryan White opgeroepen met een combinatie van dagboekfragmenten en animaties, die de gebeurtenissen enigszins een Disney-laagje geven. Erg bijzonder is het traditioneel opgebouwde Ask Dr. Ruth sowieso niet. Het zijn de onverschrokken vrouw en haar bijzondere verhaal die het uiteindelijk moeten doen in deze eikenhouten film.

Ganz: How I Lost My Beetle

‘Kun je je herinneren, kleine kever, hoeveel kilometer we samen hebben gereisd?’, vraagt Josef Ganz aan de creatie die hem zo ruw is afgenomen. ‘Toen jij de weg opging, werd mijn naam gewist.’ Intussen zien we archiefbeelden van marcherende Nazi’s, die hun Führer eer bewijzen. Zij zullen zijn idee voor een Volkswagen, een auto voor Jan Modaal, omarmen en er een wereldwijd succes van maken. Ganz, de geniale ontwerper van de voorloper van die auto, de zogenaamde Meikever, staat tegen die tijd allang buitenspel. Hij wordt ruim vóór het begin van de Tweede Wereldoorlog rücksichtslos kalt gestellt.

In Ganz: How I Lost My Beetle (85 min.) geeft Suzanne Raes een stem aan de vergeten auto-ontwerper. Op basis van Het Ware Verhaal Van De Kever: Hoe Hitler Zich Het Ontwerp Van Een Joods Genie Toe-eigende, een boek van de Nederlandse journalist Paul Schilperoord, schreef ze een zeer persoonlijke voice-over, waarin Josef Ganz zijn eigen levensverhaal doet. De Duitse acteur Joachim Król heeft die tekst ingesproken en fungeert daarmee als verteller voor deze historische documentaire, waarin de man, zijn droom én de ontwikkeling van een auto voor het gewone volk worden geportretteerd. Een zeer geslaagde keuze.

De Ganz van Raes richt zich rechtstreeks tot de Volkswagen Beetle. Terwijl hijzelf met de staart tussen de benen naar de andere kant van de wereld vertrok, werd zijn geesteskind na de Tweede Wereldoorlog één van de populairste auto’s van de wereld. ‘Wie had gedacht dat jij het symbool van de Duitse wederopstanding na de oorlog zou worden?’ Suzanne Raes versnijdt het meeslepende relaas van de verteller met de pogingen van Ganz-kenner Schilperoord en Josefs achterneef Lorenz om een exemplaar van z’n oorspronkelijke auto te bemachtigen en aan de praat te krijgen.

Verder introduceert ze de kunstenaar Rémy Markowitsch, die de expositie Nudnik: Forgetting Josef Ganz heeft gewijd aan de vergeten Joodse ingenieur, en Maja, de nicht van Ganz. Bij haar geboorte ontving zij een brief van hem, die ze sinds jaar en dag bij zich draagt. Was die verre oom Joe, die zijn laatste levensjaren als balling in Australië zou slijten, een gigantische fantast of toch de ‘absente vader’ en ‘anonieme verwekker’ van de Kever? ‘Als alles was gelopen zoals het had moeten lopen’, constateert Maja gelaten, ‘dan hadden we nu in een slot in Oostenrijk gezeten.’

Die tragiek, van een geniale ontwerper – en zijn nazaten die wellicht net zo schathemelrijk hadden kunnen worden als de familie Porsche – is in Ganz: How I Lost My Beetle met compassie en gevoel voor drama, hoewel misschien een beetje lang, opgetekend. Een man die ruim een halve eeuw dood is krijgt zo een tweede leven en de erkenning die hem al zo lang toekomt.