Midnight Traveler

Zó ver is het vrije westen vanuit Afghanistan. Van eigen land gaat het eerst naar Tadzjikistan, dan terug naar Afghanistan, via Iran, naar Turkije, vast in Bulgarije, via Servië, naar… Enfin, u begrijpt de strekking van dit verhaal.

Nadat de Taliban in maart 2015 een doodsvonnis heeft uitgesproken over filmmaker Hassan Fazili, vertrekt hij samen met zijn vrouw Fatima en hun jonge dochters Nargis en Zarah richting Europa. Enkele duizenden kilometers liggen er tussen hen en hun beoogde plaats van bestemming. Het Afghaanse gezin zal echter jarenlang onderweg zijn…

Voor Midnight Traveler (86 min.) hebben ze hun reis gedocumenteerd met drie smartphones. De ontberingen, natuurlijk: bedrog door mensensmokkelaars, dagenlang overnachten in een ijskoud bos en agressie van demonstranten in Oost-Europa. Maar ook het gewone dagelijks leven: sneeuwpret, liefdevol echtelijk gekibbel en leren fietsen.

Tijdens de reis worden de kinderen zichtbaar groter. Zonder een echt thuis groeien ze uit tot grote meiden. In de mooiste scène van deze roadmovie-tegen-wil-en-dank is te zien hoe de oudste dochter Nargis als een bijna-puber meezingt en danst met een Michael Jackson-hit. ‘They don’t really care about us’, zingt ze uit volle borst. Zou ze door hebben wat ze zingt?

Het zijn zulke kleine menselijke momenten die deze documentaire een optimistische ondertoon geven. Hoeveel tegenslag de Fazili’s ook ondervinden of hoe vaak hun hoop op snel uitsluitsel ook wordt ondermijnd, steeds weer lijken ze te kunnen putten uit een schier onuitputtelijk reservoir van moed, (mede)menselijkheid en familiezin.

Die maken van Midnight Traveler een onweerstaanbare film.

#387

Een rib, handgewricht en vingerkootje. Enkele haren. Meer resteert er niet van #387 (54 min.). En een riem, een beige hoodie en een portemonnee, met daarin enkele vochtige foto’s en een brief die bijna is vergaan. ‘I love you’, staat erin.

Nummer #387 is één van de ongeveer achthonderd mensen, die op 18 april 2015 stierven bij een scheepsramp op de Middellandse zee. Het kunnen er ook een paar honderd meer zijn. Niemand die precies weet hoeveel mensen er in Libië aan boord zijn gegaan. Of wie ze waren en waar ze vandaan kwam. Uit landen als Mali, Senegal en Mauritanië, waarschijnlijk. Of de Hoorn van Afrika. Met nauwelijks iets op zak, behalve de droom van een nieuw leven.

Een plek in een zeemansmassagraf viel hen te deel. Slechts 28 opvarenden overleefden de ramp. Twee ervan zitten in de cel: de kapitein en zijn plaatsvervanger. Op last van de Italiaanse regering wordt het gekapseisde schip in juni 2016 uit het water gehaald en gaat een forensisch team op Sicilië proberen om de identiteit van de verdronken passagiers vast te stellen. Ze worden op de voet gevolgd door de cameraploeg van regisseur Madeleine Leroyer.

Het onderzoeksteam heeft 528 intacte lichamen om te identificeren. Daarnaast zijn er ook nog losse lichaamsdelen uit het ‘ghost ship’, die een idee kunnen geven over hoeveel mensen er precies op het vaartuig zaten. Hun taak brengt de onderzoekers naar anonieme graven op plaatselijke kerkhoven en naar andere delen van de wereld, waar getraumatiseerde overlevenden en ontzette familieleden van slachtoffers hen wellicht verder kunnen helpen.

Het uitgangspunt van deze observerende documentaire doet denken aan het non-fictie boek Het Been In De IJssel, waarin Joris van Casteren op zoek gaat naar de herkomst van een menselijk onderbeen dat is aangetroffen in een Nederlandse zijtak van de Rijn. Deze film is breder van opzet en voelt daardoor soms ook wat ongericht. Tis uiteindelijk een speurtocht naar menselijke waardigheid. Waarbij #387 zo nu en dan een beetje uit beeld verdwijnt en uiteindelijk ook nooit écht in beeld komt.

Maar, zoals de Peruviaanse mensenrechtenactivist Jose Pablo Baraybar, die namens het internationale Rode Kruis participeert in het onderzoek, het verwoordt: ‘Ik denk dat we elkaar in eerste instantie tijdens het leven respect verschuldigd zijn. En daarna pas ná de dood. In die volgorde.’

Love Child

Zij zou gestenigd worden, hij geëxecuteerd. En dus ontvluchten Leila en Sahand in 2012 op stel en sprong hun geboorteland Iran. Ze vluchten allebei ook uit een ongelukkig huwelijk. Met hún buitenechtelijke kind – al moet dat laatste feit via een DNA-test nog officieel worden aangetoond.

Voor dat Love Child (111 min.) is deze nieuwe werkelijkheid een hard gelag. De kleuter Mani wil de oom, die ook nog zijn vader blijkt te zijn, niet accepteren. Hij zet zich als een bezetene af tegen Sahand, die dit lijdzaam over zich heen moet laten komen. Het is een buitengewoon pijnlijke scène die deze observerende documentaire van Eva Mulvad nog verder op scherp zet.

Want de twee geliefden hebben hun onveilige zekerheid ingeruild voor veilige onzekerheid. Totdat hun asielaanvraag is afgehandeld, kunnen ze in relatieve rust leven in een appartement in Turkije. Wat de toekomst brengt, blijft echter ongewis. Leila en Sahand verversen zowat elke minuut de website van de vluchtelingenorganisatie UNHCR, om te bekijken wat de status van hun aanvraag is.

Mulvad mag daarbij ruim zes jaar ongegeneerd meekijken en is tevens welkom bij therapiesessies, waarin man en vrouw, los van elkaar, hun achtergrond en dilemma’s schetsen. Intussen lopen de spanningen in deze pijnlijk intieme film flink op als uitsluitsel over hun lot uitblijft en de belangen van Leila en Sahand uit elkaar (lijken te) gaan lopen.

Op hun donkerste dagen hebben ze vast wel eens gedacht: steniging of executie, was dat niet véél gemakkelijker geweest? Maar dan is er, gelukkig, nog altijd dat liefdeskind.

Island Of The Hungry Ghosts

VPRO

Ze overhandigt hen een houten bak met zand en een verzameling speelgoedpoppetjes. Of ze daarmee hun vroegere leven kunnen verbeelden? Poh Lin Lee is traumatherapeut. Ze spreekt met mensen die worden vastgehouden in een zwaarbewaakt Australisch detentiecentrum voor illegale asielzoekers op Charlotte Island. Haar gesprekspartners bevinden zich in een uitzichtloze situatie. Ze zitten voor onbepaalde tijd achter slot en grendel en zitten ook nog vast aan een snel te vergeten verleden, dat ze nu heel serieus met poppetjes proberen op te roepen.

De idealistische Poh Lin is hun enige contact met de buitenwereld. En die last begint steeds zwaarder te wegen voor haar, getuige Island Of The Hungry Ghosts (90 min.). Ze neemt de gesprekssessies mee naar huis, naar haar echtgenoot en twee dochtertjes Poppy en Albertine, die een idyllisch bestaan lijken te leiden op datzelfde eiland in de Indische Oceaan. Intussen is daar ook net een krabbentrek (een compleet andere migratie, die vreemd genoeg niet wordt tegengegaan, maar actief wordt ondersteund door eilandbewoners) op gang gekomen en probeert de lokale Chinese gemeenschap de geesten op te roepen van arbeiders die al een eeuw dood zijn.

Deze stemmige film van Gabrielle Brady, onderscheiden op diverse documentairefestivals, verbindt al die elementen met elkaar. De filmmaakster probeert geen strak gestructureerd narratief te construeren, maar neemt de kijker mee op een associatieve ontdekkingstocht waarin iedereen zijn eigen metaforen kan vinden – al ligt de betekenis van de fraaie sequenties met de migrerende krabben er natuurlijk duimendik bovenop. De steeds grimmiger wordende sessies met de illegale asielzoekers, die volgens deze bespreking in de Britse krant The Guardian overigens zijn gereconstrueerd, fungeren ondertussen als verbindende factor.

‘De hel is niet gewoon vuur of zo’, zegt een geëmotioneerde Afghaanse man treffend. ‘De hel is ergens waar je mensen ziet lijden, je familie ziet lijden. Waar je je vrienden ziet lijden. En je kunt niets doen.’ Het is een plek die ook Poh Lin Lee zelf steeds beter begint te leren kennen…

Liberty: Mother Of Exiles

HBO

Met een toorts in de opgeheven rechterhand waakt Lady Liberty sinds 1886 over New York. Ze is de verbeelding van vrijheid die de wereld verlicht. Het Vrijheidsbeeld was eeuwenlang ook zo’n beetje het eerste wat immigranten te zien kregen als ze via Ellis Island in hun nieuwe vaderland arriveerden. De boodschap was duidelijk: hier, in het land van de onbegrensde dromen, zouden ze zichzelf kunnen zijn. Vrij van de zorgen, armoede en vervolging die hen huis en haard hadden doen verlaten.

Liberty: Mother Of Exiles (81 min.) is een ode aan de geest van dat Amerika, een land van en voor immigranten. Deze aardige mozaïekfilm van Randy Barbato en Fenton Bailey belicht de ontstaansgeschiedenis van het door de Franse beeldhouwer Frédéric Bartholdi ontworpen icoon, mensen die nu op de één of andere manier hun brood verdienen met het maken, verkopen of nabootsen van het Vrijheidsbeeld en hedendaagse pogingen om op geheel eigen wijze, of het nu via een kunstwerk is of via een goocheltruc, betekenis te geven aan het begrip vrijheid.

Als verbindende factor fungeert de van oorsprong Belgische modeontwerpster Diane von Furstenberg. Zij beijvert zich voor een nieuw, groots opgezet museum, waarmee de aan het Vrijheidsbeeld gelieerde idealen kunnen worden uitgedragen. Deze documentaire wil daar duidelijk ook aan bijdragen. Van elke persoon die aan het woord komt wordt expliciet het land van herkomst vermeld. Zonder dat het heel nadrukkelijk ter sprake komt, voelt dit als kritiek op het hedendaagse Amerika, dat met zijn rug naar de rest van de wereld dreigt te gaan staan en zich letterlijk wil afsluiten voor een nieuwe generatie nieuwkomers.

Living Undocumented

Awa Sow / Netflix

‘Stel je voor dat je wakker wordt en je vader is weg’, zegt Awa Sow, een Afro-Amerikaanse vrouw van Mauritaanse afkomst. ‘Je gaat naar huis en zegt dat alles in orde komt, maar dat weet je zelf niet eens. Stel je voor dat je probeert te slapen maar wakker ligt. Urenlang. Omdat je niet kun slapen.’ De felle donkere vrouw, van wie de vader plotseling werd afgevoerd zodat hij de VS kan worden uitgezet, kijkt recht in de camera. ‘Die zorg wordt je dood.’ Een traan rolt over haar wang. ‘Ze zullen je proberen te breken’, concludeert ze bitter. Awa richt zich, terwijl in beeld de Amerikaanse president Trump verschijnt, rechtstreeks tot de kijker: ‘Je kunt de documentaire bekijken. Je kunt zeggen: dit is erg. Maar uiteindelijk kijk jij ernaar op tv. Die kun je afzetten. Doorgaan met je leven.’

De allereerste scène van de zesdelige docuserie Living Undocumented (256 min.) laat er geen misverstand over bestaan: terwijl wij voor de buis zitten, worden er in een (ander) westers land, dat we nog niet zo lang geleden als voorbeeld zagen, onschuldige mensen gedeporteerd. Waar de vorige Amerikaanse president Obama en diens voorgangers zich nog beperkten tot het uitzetten van illegale criminelen, probeert Trump alles wat los en vast zit op te pakken. Rond zijn veelbesproken grensmuur, zo lekte afgelopen week uit via The New York Times, zou volgens hem bovendien een gracht met krokodillen en slangen moeten worden aangelegd. En anders kunnen ze die indringers toch gewoon in hun been schieten?

Anna Chai en Aaron Saidman hebben in 2018 acht gezinnen gefilmd, waarvan één of meerdere leden illegaal in de Verenigde Staten verblijven. Ze kunnen elk ogenblik opgepakt worden door de Amerikaanse overheidsdienst ICE. Van oudsher gaat het veelal om economische vluchtelingen, mannen uit Latijns-Amerika die geld willen verdienen om thuis een gezin te kunnen onderhouden. Tegenwoordig betreft het echter ook steeds vaker immigranten die op de vlucht zijn geslagen voor (bende)geweld in eigen land. Hun schrijnende verhalen worden in deze activistische documentaireserie gesandwicht, om zo de grotere problematiek van Trumps klopjacht op immigranten, waarbij volstrekt onschuldige kinderen zonder scrupules van hun familie worden gescheiden, in beeld te brengen.

Aflevering 1 introduceert bijvoorbeeld Luis uit Honduras, die sinds 2012 in de Verenigde Staten verblijft. Zijn zwangere vrouw Kenia is opgepakt in Kansas en zal worden uitgezet. Samen met zijn driejarige zoontje Noah gaat Luis haar uitgeleide doen, waarbij hij het gevaar loopt dat hij zelf, of z’n zoontje, ook het land moet verlaten. De Israëliër Ron leeft al sinds 2001 illegaal in de VS. Hij heeft kinderen die in z’n huidige land zijn geboren en dus Amerikaans staatsburger zijn, maar mag hij zelf ook blijven? En Alejandra, sinds 1998 illegaal in het land, kan sinds een verkeerscontrole in 2013 elk ogenblik gedeporteerd worden. Blijven haar dochters dan bij echtgenoot Temo, een voormalige militair die op Trump stemde? Of gaan ze met haar terug naar Mexico, een land waaraan zijzelf vooral traumatische herinneringen heeft?

Chai en Saidman beperken zich veelal tot observeren en laten hun hoofdpersonen vrijwel ongefilterd hun persoonlijke verhaal doen. Bij sommige nieuwkomers of hun advocaten en pleitbezorgers hadden enkele kritische vragen niet misstaan. Nu worden bepaalde mensen die, hoe begrijpelijk ook, doelbewust illegaal naar de VS zijn gekomen wel heel eenvoudig alleen als slachtoffer neergezet. Tegelijkertijd toont Living Undocumented wel op indringende wijze de achterkant van Trumps wrede deportatiebeleid en worden immigranten die door hem stelselmatig zijn gedehumaniseerd, als ongedierte dat maar het beste kan worden verdelgd, weer overtuigend vermenselijkt. Het zijn doodgewone mannen en vrouwen die, zoals ieder van ons, simpelweg het beste willen voor hun geliefden en zichzelf. En dat zou niemand hen kwalijk mogen nemen.

Maalstroom

Documentaires vertellen – vanwege het lange productieproces soms met enige vertraging – gezamenlijk het verhaal van onze tijd. Ze laten zien wie wij, mensen, zijn, wat ons bezighoudt en waar we voor staan. Over weinig thema’s zijn in de afgelopen jaren bijvoorbeeld zoveel films gemaakt als over de oorlog in Syrië en de vluchtelingenstroom die daardoor op gang is gekomen.

Die documentaires geven het fenomeen, dat eenvoudig in abstracte – en soms ronduit onmenselijke – termen is te vatten, een humaan gezicht. Ze houden ons een spiegel voor: wij hadden hulpverlener kunnen zijn in een volledig verwoeste stad (Last Men In Aleppo), vaste bewoner van een vluchtelingenkamp in Libanon (The Long Season) of doelwit van Islamitische Staat (City Of Ghosts).

Verwende westerlingen zoals wij (of beter: zoals ik) bereiken echter onvermijdelijk ook een verzadigingspunt. Dan dreigt een zekere verveling en ontstaat honger naar een nieuwe verhaal. Andere films met andere helden die andere obstakels moeten overwinnen. Intussen blijft, natuurlijk, gewoon het leed. Van gewone mensen, in of uit Syrië, voor wie het bekijken van documentaires een onbegrijpelijk westers tijdverdrijf moet zijn.

Over zulke gewone Syriërs worden nog altijd films gemaakt. Maalstroom(45 min.) van Misja Pekel bijvoorbeeld, een documentaire over weemoed die voor een groot deel is opgebouwd uit ‘found footage’, beelden die door al even gewone Syriërs zijn gemaakt met hun mobiele telefoon, consumentencamera of tablet: hoe ze onbekommerd zwemmen, lekker gaan stappen of enthousiast sneeuwballen gooien. Pekel bemachtigde de beelden via een oproep op Facebook, die werd ondersteund door gewone Syriërs.

Met het op die manier verzamelde materiaal en zelf geschoten beelden van een poging om de oversteek te maken van Calais naar Dover, bijeengehouden door een poëtische tekst van de Syrisch-Palestijnse dichter Ghayath Almadhoun, roept Pekel het Verloren Land van deze ontheemden op en reconstrueert hij tevens hun reis, en de bijbehorende gemoedstoestand, naar het Beloofde Land: het Europa dat wij gewoon, zonder nadenken, al jaren bewonen.

Het is een melancholieke dwaaltocht geworden langs bitterzoete herinneringen en onbezonnen toekomstdromen. Over een ‘gewoon’ leven. Hier en nu. In de vele gezichten die in Maalstroom passeren kun je als kijker moeiteloos je eigen spiegelbeeld herkennen. Want ‘zij’ is in werkelijkheid natuurlijk ‘wij’.

But Now Is Perfect


In Riace kun je betalen met Charlie Chaplin-biljetten, Che Guevara-geld of Martin Luther King-flappen. Tenminste als je een immigrant bent en al een tijd zit te wachten op geld van de Italiaanse overheid. Het is een idee van burgemeester Domenico Lucano, die ervoor zorgde dat de nieuwkomers in zijn dorp in elk geval in hun eerste levensbehoeften konden voorzien. Zonder de gastvrijheid van Lucano, eerder al te zien in de documentaire It Will Be Chaos en een aflevering van Tegenlicht, hadden we nog nooit gehoord van het dorp in de Zuid-Italiaanse regio Calabrië.

Riace is tevens het toneel van But Now Is Perfect (55 min.), de nieuwe film van Carin Goeijers die op het IDFA in première gaat en in competitie is voor de prijs voor beste middellange Nederlandse documentaire. Het Italiaanse dorp, dat een reputatie verwierf als veilige thuishaven voor vluchtelingen en zo de vergrijzing en krimp van het eigen dorp een halt toeriep, ligt alweer enige tijd onder vuur. Net als de burgervader zelf, die ervan wordt beschuldigd dat hij niet zorgvuldig is omgegaan met overheidsgeld. De Italiaanse regering probeert ondertussen Lucano’s droomproject te ontmantelen.

Deze documentaire tekent de menselijke gevolgen daarvan op in de kleine dorpsgemeenschap, waarbinnen oude en nieuwe Italianen samen proberen te leven. Goeijers richt haar aandacht in het bijzonder op de Nigeriaanse vrouw Becky Moses. Ze woont al enkele jaren in Riace en lijkt behoorlijk ingeburgerd, maar moet verplicht vertrekken naar een opvangkamp, elders in de regio. Daar loopt het niet goed met haar af, een dramatische gebeurtenis die de filmmaakster inleidt met een symbolische zwarte kat die door de straten van het dorp zwerft.

Moses laat een flinke schoenencollectie en nog wat andere spullen achter. In de openingsscène van deze documentaire, die wat mij betreft soms wat dichter bij het tragische levensverhaal van de hoofdpersoon had mogen blijven, toont een bevriende dorpsgenoot ze mismoedig aan de camera. Het zijn de restanten van een in de knop gebroken leven – en daarmee ook van een idealistisch experiment, dat rigoureus de nek dreigt te worden omgedraaid.

Onderkomen

 

’Beetje rustiger, hè?’. De zeventiger Huub heeft het even gehad met Ghullam, die hem zojuist in een balorige bui heeft begroet met ‘alles goed, brother?’. ‘Wie?’, reageert de Afghaanse jongen uitdagend. ‘Je hebt geen verblijfsvergunning’, stelt Huub scherp. ‘Dus je moet je wel een beetje…’ Het was een grapje volgens Ghullam, maar Huub is niet overtuigd. ‘Ja, grapje, ik begrijp het’, zegt hij geïrriteerd. ‘Je bent een grapjas.’

Het is niet altijd pais en vree in de sloopflat te Maastricht, waar drie Afghaanse tieners al enkele jaren de dag door moeten zien te komen met televisie, muziek en sporten. Intussen hopen ze op een verblijfsvergunning. De jongens zijn als minderjarige naar Nederland gekomen en hebben toen een AMV-status (Alleenstaande Minderjarige Vluchteling) gekregen. Gepensioneerde vrijwilligers van VLOT, een plaatselijke afdeling van het Leger des Heils, begeleiden hen nu bij hun pogingen om definitief in Nederland te mogen blijven.

In Onderkomen (69 min.) volgt Jacqueline van Vugt hun gezamenlijke pogingen om een weg te vinden door het Nederlandse asieldoolhof. Nadat eerdere pogingen zijn gestrand, vertellen ze nu hun ware verhaal – of een verhaal waarvan ze denken dat het een verblijfsvergunning oplevert. De één is christen geworden, een ander beroept zich erop dat hij homoseksueel is. Maar of met die nieuwe insteek de poort van Fort Nederland nu wél kan worden opengebroken?

Van Vugt heeft de dramatische levensverhalen van Keiber, Noori en Ghullam en hun ervaringen met de Nederlandse asielprocedure laten visualiseren door enkele studenten van de opleiding Communication & Multimedia Design van de Hogeschool Arnhem Nijmegen. Hun fraaie animaties vormen beslist een meerwaarde voor deze treffende documentaire, maar roepen tegelijkertijd de vraag op hoe waarheidsgetrouw die verbeelding is (en kan zijn) van een verleden dat zo omstreden én bepalend voor de toekomst is.

Ghullam heeft ambities als rapper. Jacqueline van Vugt vroeg voormalig Osdorp Posse-rapper Def P. of hij met de Afghaanse jongen een titelnummer voor de documentaire wilde opnemen.

It Will Be Chaos

 

Twee doodskisten worden uit de laadbak van een truck getakeld. Voorzichtig worden ze op de grond gezet. Enkele vrouwen storten zich hevig geëmotioneerd op de kisten. Het hartverscheurende tafereel speelt zich af op het Italiaanse eiland Lampedusa. De Middellandse zee heeft zojuist 367 weerloze mensen verzwolgen, nadat er brand is uitgebroken op hun boot die vervolgens is gekapseisd.

Zijn het illegalen of vluchtelingen? Voor Giusi Nicolini, de burgemeester van Lampedusa, is dat in 2013 geen vraag. Zij staat voor humane opvang van de nieuwkomers. Het Italiaanse openbaar ministerie besluit tegelijkertijd doodleuk om de overlevenden van de ramp te vervolgen als illegale asielzoekers. Één van hen, de Eritreeër Aregai, moet daarnaast ook nog getuigen tegen de kapitein van de boot. Niet veel later verdwijnt hij in de illegaliteit.

Aregai is één van de hoofdpersonen van It Will Be Chaos (93 min.), een ambitieuze documentaire waarvoor Lorena Luciano en Filippo Piscopovijf jaar lang (2013-2018) in alle uithoeken van Europa filmden. De vlieg op de muur-documentaire probeert niets minder dan de totale Europese migrantencrisis te vatten. Van Italiaanse vissers die op zee vluchtelingen redden en lijken bergen tot landgenoten die vinden dat diezelfde mensen direct moeten worden gedeporteerd.

De Syrische familie Orfahli besluit nochtans de oversteek naar Europa te maken. In de Turkse stad Izmir wacht vader Wael al dagenlang op bericht van de smokkelaar die voor hen de overtocht zal regelen. Terug naar huis kunnen ze niet meer. Nadat de Orfahli’s zijn vertrokken, is hun huis volledig verwoest. Nu wacht een tocht per rubberboot naar het Griekse eiland Lesbos. Luciano en Piscopo volgen hen van dichtbij, op de lange weg naar het Europese vasteland.

Ze verbinden de persoonlijke verhalen van Aregai en de familie Orfahli met korte sfeerimpressies vanuit de veelheid aan plekken waar de vluchtelingenproblematiek aan de orde komt: het Griekse vluchtelingenkamp Idomeni, een partijbijeenkomst van Silvio Berlusconi en het Italiaanse dorp Riace, waar de idealistische burgemeester Domenico Lucano (onlangs ook te zien in Tegenlicht) voor opvang van tweehonderd vluchtelingen heeft gezorgd. It Will Be Chaos offreert zo een veelomvattende kijk op de Europese migrantencrisis. Het is verder geen héél bijzondere film.

Dance Or Die

 

‘Iedereen vecht zijn eigen oorlog’, zegt Ahmad Joudeh bij de start van Dance Or Die (54 min.), een indringende film van Roozbeh Kaboly, die al diverse reportages voor Nieuwsuur maakte over de ontheemde danser. ‘Toen ik besloot om danser te worden, begon mijn oorlog.’ Even later loopt hij door Yarmouk, het volledig kapot geschoten Palestijnse vluchtelingenkamp in de Syrische stad Damascus waar hij opgroeide. Dan weerklinkt geweervuur. ‘Ze schieten op ons’, reageert hij laconiek. ‘Maar ze kunnen me niet raken.’

Ze hebben hem ooit in zijn benen proberen te schieten, stelt Ahmad zonder omhaal van woorden. Omdat hij de plaatselijke kinderen wilde leren dansen. Als reactie heeft hij een levensmotto in zijn nek laten tatoeëren: ‘dans of sterf’. Waarna hij de daad bij het woord voegt en, te midden van de onvoorstelbare ravage die de Syrische burgeroorlog heeft aangericht, een stijlvolle kleine dansvoorstelling geeft. Pure schoonheid, te midden van totale vernietiging. Hij zal in deze film op nog meer opmerkelijke plekken dansen, zoals bijvoorbeeld in een verweesde parkeergarage.

Ahmad Joudeh woont inmiddels anderhalf jaar in Nederland, danst bij het Nationale Ballet en begint zo langzamerhand een graag geziene gast in voorstellingen en televisieprogramma’s over de hele wereld te worden. Het leven lacht hem ogenschijnlijk toe; binnen de balletwereld heeft hij zijn plek en geestverwanten gevonden. Intussen blijft hij natuurlijk gewoon ‘een danser’, zo’n beetje het ergste wat zijn traditionele vader kon bedenken. Een schande voor de familie. Homoseksueel waarschijnlijk. Het huwelijk van zijn ouders ging eraan kapot.

Vanuit Amsterdam probeert Joudeh de relatie met zijn moeder thuis te onderhouden. En dan blijkt plotseling ook zijn vader in Europa te zijn aanbeland, waar hij zijn zoon, een internationale ster inmiddels, maar al te graag wil ontmoeten. Slaagt vader erin om zich te verzoenen met zijn zoon? Dat kleine verhaal, van een kind dat geaccepteerd wil worden door zijn ouder, vormt het hart van deze fraaie film, die een grote en schokkende wereldgebeurtenis en het leven daarna terugbrengt naar de menselijke maat.

De Witte Vlucht

 

In De Witte Vlucht (52 min.) van Camiel Zwart staat vanavond de Nijmeegse Basisschool Het Octaaf centraal. De school ligt midden in een veelkleurige wijk en moet met lede ogen aanzien hoe blanke ouders hun kinderen vaak naar een school in een andere wijk sturen.

Directeur Roger Visser neemt daarmee geen genoegen en gaat op pad om zijn ‘zwarte school’ aan de ouder te brengen in de wijk. Hij is van harte welkom bij een aantal stellen die hun schoolkeuze nog niet hebben bepaald en die een positieve (en wellicht ook wat sociaal wenselijke) grondhouding aannemen tegenover Het Octaaf.

Daarbij is het wel jammer – en ook erg tekenend – dat de ouders die hun kinderen al elders hebben ondergebracht niet voor Zwarts camera willen verschijnen en hem alleen kort telefonisch te woord willen staan. Bang dat ze zullen worden weggezet als elitair of zelfs racistisch. Die scherpte had De Witte Vlucht soms wel een beetje kunnen gebruiken.

Os Buul

 

In Budel werden geen dode varkens aan bomen opgehangen. Toch maakte de komst van een asielzoekerscentrum heel wat los in het Brabantse dorp, gelegen aan de grens met Limburg en België. Ellen Davids, die opgroeide in ’Os Buul’, maakte er een genuanceerde documentaire over.

Als (voormalige) insider dringt ze door tot in het hart van het dorp en komt ze voorbij de clichés en het bijbehorende wij-zij denken die elk echt gesprek in de weg staan. Zo blijken niet alle tegenstanders van het centrum doorgewinterde racisten en dragen echt niet alle voorstanders geitenwollen sokken.

Os Buul (54 min.) is daardoor een even afgewogen als menselijk portret geworden van een dorp dat (on)gewild middelpunt wordt van een actuele maatschappelijke kwestie.

Stranger In Paradise

 

Het is een naar smoelwerk dat in Stranger In Paradise (69 min.) een klasje zojuist in Europa gearriveerde vluchtelingen achtereenvolgens genadeloos afblaft, net iets te veel bij de hand neemt en op de regeltjes wijst. Een personage dat je als kijker zo nu en dan met liefde en plezier op zijn bakkes zou willen slaan. Hij, de tegendraadse leraar, is een afspiegeling van wie wij zijn; het Europa dat zich teweer stelt tegen de continue stroom vreemdelingen.

Regisseur Guido Hendrikx maakt in deze straffe documentaire, de openingsfilm van het International Documentary Festival Amsterdam in 2016, gebruik van een acteur. Valentijn Dhaenens (De Helaasheid Der Dingen) speelt zijn rol van leraar met verve en zet zijn ‘leerlingen’ ogenschijnlijk met liefde en plezier onder een koude douche.

Hendrikx en Dhaenens houden de kijker intussen een genadeloze spiegel voor; wat zijn die vluchtelingen nu werkelijk voor ons? Hulpbehoevende vrienden van veraf? Potentiële profiteurs? Terroristen? Of…? Dergelijke vragen maken van Stranger In Paradise een ronduit ongemakkelijke film, die je moet (maar eigenlijk niet wilt) kijken.

De Kinderen Van Juf Kiet

 

In de klas van juf Kiet in het Brabantse dorp Hapert wordt Nederlands gesproken. Althans, dat is de bedoeling. In werkelijkheid nemen Kiets migrantenkinderen, waaronder ook veel vluchtelingen die net in Nederland zijn gearriveerd, regelmatig hun toevlucht tot hun moedertaal.

Die kinderen staan centraal in de observerende documentaire De Kinderen Van Juf Kiet (113 min.). De juf mag dan alom tegenwoordig zijn in het klaslokaal, met haar stem en de heel precieze aanwijzingen die ze daarmee geeft, maar vaak valt ze letterlijk buiten het frame.

De camera blijft te allen tijde gericht op de kinderen en bivakkeert permanent op hun ooghoogte. Juf Kiet is slechts een belangrijke bijfiguur. In de levens van deze ontheemde kinderen die een plek proberen te vinden in een nieuw land, te beginnen in deze klas.

Én in deze naar haar vernoemde film van het vermaarde docu-echtpaar Peter en Petra Lataster, die maandenlang in de Nederlandse bioscopen draaide. Het is een documentaire zonder enige opsmuk; geen interviews, montagetrucs of muziek om het drama aan te zetten.

Het verteltempo is kalm, op het trage af zelfs. Waardoor je als kijker gedwongen wordt om weg te zinken in het kleine (en tegelijk levensgrote) leed en geluk van deze ontheemde kinderen en hun strenge, maar ook uiterst liefdevolle juf.

Waar de kinderen van Juf Kiet moeten acclimatiseren in Nederland, staan de leerlingen van De Verrekijker, in de verwante documentaire Vergeet Mij Niet over een school met kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers, aan de vooravond van een (verplicht) vertrek uit het land.

Gezamenlijk tonen deze menselijke films de twee kanten van de medaille voor vluchtelingenkinderen in Nederland en de zeer betrokken leerkrachten die hen op de momenten dat het er echt toe doet proberen bij te staan.