I Follow Rivers

Field Productions

Ze heeft haar zinnen gezet op de Aldeyjarfoss-waterval in IJsland. Die wil de Noorse kajakster Mariann Sæther eigenlijk al twintig jaar bedwingen. Ze heeft in haar lange carrière alles al bereikt, maar wil haar grenzen blijven verleggen. Dat gaat onvermijdelijk gepaard met risico’s. In de voorbije jaren zijn er zes extreme kajakkers in Sæthers omgeving om het leven gekomen. Ze heeft haar zoontje Benjamin naar één van hen vernoemd.

Inmiddels is er opnieuw gezinsuitbreiding op komst in de caravan die ze met haar Zwitserse vriend Ron Fischer bewoont in Trofors. Hij vindt die Aldeyjarfoss helemaal geen goed idee. Sterker: hij haat watervallen – ook omdat hij zelf meermaals rugletsel heeft opgelopen – maar weet ook: als Mariann iets in haar kop heeft… De hoofdpersoon van I Follow Rivers (90 min.) heeft een ijzeren wil en stalen zenuwen, maar beschikt natuurlijk gewoon over een lijf van vlees en bloed.

Het is Ron soms zwaar te moede in deze ferme film van Barbora Hollan, die Sæther zeven jaar lang heeft gefilmd. Met Aldeyjarfoss voortdurend als stip op de horizon laveert zij tussen haar twee levens. Thuis, met Ron en de kinderen, in die krappe caravan, terwijl er tegelijk een eigen huis moet worden gebouwd en een raftingbedrijf onderhouden. En in woeste wateren, waar ze als oudere wildwaterkoningin een nieuwe generatie kajakkers probeert bij te benen.

Sæthers manoeuvres langs verraderlijke stroomversnellingen en kolossale watervallen zijn enerverend vastgelegd, ook vanuit een ik-perspectief met GoPro-camera’s, en trekken natuurlijk de aandacht, niet in het minst door de adembenemende decors. Toch is I Follow Rivers ook een kleine film, over een gedreven vrouw die de confrontatie met zichzelf moet aangaan: wat is die Aldeyjarfoss me waard? Durf ik hem werkelijk aan? En waartoe verplicht ik anderen dan?

Als ze eenmaal in IJsland is aanbeland en de ontzagwekkende waterval in de ogen kijkt – en daarmee ook haar eigen sterfelijkheid – weet Mariann Sæther pas zeker of die droom het haar werkelijk waard is om te blijven najagen.

Au Bain Des Dames

Caviar Paris / Les Films de Nout

‘Beha aan, ouwe taarten’, staat er op een wand bij het strand van Marseille gekalkt. Joëlle reageert direct. De oudere Française trekt haar topje uit, steekt haar beide middelvingers in de lucht en roept demonstratief ‘fuck!’. De korte documentaire Au Bain Des Dames (30 min.), een joyeuze film van Margaux Fournier, kan beginnen. Even later liggen Joëlle en haar vriendinnen comfortabel aan het strand. Enkele van hen inderdaad, net als zij, zonder beha, topless.

Ze praten over mannen, over relaties en over seks. Zonder meel in de mond. Expliciet. Vulgair zelfs. Zoals we vrouwen op leeftijd eigenlijk niet meer hebben horen praten sinds Heddy Honigmanns O Amor Natural (1996). Joëlle houdt van stoere mannen, vertelt ze. Type Charles Bronson, Al Pacino of Robert De Niro. En Patrick Bruel, die wordt alsmaar knapper. Ze heeft overigens ook ervaring met vrouwen, vertelt Joëlle onbeschroomd op dat stukje strand dat helemaal van hen lijkt.

Geflirt wordt er ook, in het zonovergoten Marseille. ‘Ik zou hem wel lusten’, bekent Joëlle bijvoorbeeld over een plaatselijke Casanova, een man met een gebruind lijf in een flatterende zwembroek. ‘Een lekker stuk vlees.’ Is het bluf? ‘Honden geven mij de liefde die jullie mij niet geven’, klaagt een andere oudere Adonis, terwijl hij het hondje van één van de dames, in leeftijd uiteenlopend van grofweg zestig tot honderd, liefdevol aanhaalt. Hij gaat daarna tussen hen in liggen.

Fournier zet de verwikkelingen onder de zon aan met romantische muziek en schroomt ook niet om close-ups van de gebruinde oudere lichamen te tonen. Gaandeweg komt vanachter het gebabbel en de bravoure ook een kwetsbaardere kant van met name Joëlle tevoorschijn. De hekel die ze heeft gekregen aan haar eigen uiterlijk, bijvoorbeeld. ‘Ik kijk in de spiegel’ vertelt ze. ‘En spuug naar mezelf.’ En de relatie met haar ex-echtgenoot, die we nu toxisch zouden noemen.

Au Bain Des Dames is desondanks doordesemd van een onweerstaanbaar joie de vivre, van oude lijven met jonge geesten (of andersom), dat vertrouwen geeft in de toekomst, als menigeen z’n geest jong probeert te houden terwijl dat lichaam toch echt ouder wordt.

Death Of The Pastor’s Wife

Netflix

Als bevallig koormeisje valt de tiener Mica Francis predikant John-Paul ‘JP’ Miller vrijwel direct op. De voorganger van de Solid Rock Church, vijftien jaar ouder, is dan nog getrouwd. De afloop van hun affaire, die zal uitlopen op een getroebleerd huwelijk, is bij aanvang van Death Of The Pastor’s Wife (134 min.) al bekend: met de dan dertigjarige predikantsvrouw Mica Miller loopt het niet goed af. De vraag is alleen: heeft zij in het voorjaar van 2024 zelf haar leven beëindigd? Op de sociale media weten ze het antwoord wel.

‘Als jullie je mannen niet seksueel bevredigen’, heeft JP het vrouwelijke deel van zijn kerkgemeenschap dan al voorgehouden, ‘schotelt Satan hem de rest van de dag twintig andere mogelijkheden voor.’ Intussen schrijft Mica de volgende zinnen in haar dagboek. ‘Ik heb met John-Paul te doen, want hij verdient beter. Hij verdient een bevlogen, levendige echtgenote die van hem en God houdt, getalenteerd is en hem altijd het meeste aanmoedigt.’ Ze kan JP’s libido nauwelijks bijbenen.

Met familie, vrienden en andere (oud-)leden van Solid Rock Ministries reconstrueren Julia Willoughby Nason en Michael Gasparro in deze driedelige serie hoe Mica steeds meer in de verdrukking raakt tijdens haar huwelijk met John-Paul, die als echtgenoot en predikant aanzienlijke macht over haar heeft. Intussen ontwikkelt ze ernstige mentale problemen. JP komt daarbij niet aan het woord. Hij fungeert simpelweg als ‘bad guy’ in de tragedie die zich ontwikkelt rond zijn vrouw.

Dat is een tamelijk eendimensionaal verhaal, uitgeserveerd met soms bijna onwerkelijke kerkbeelden, overvloedig social mediamateriaal en – met behulp van AI ingesproken – dagboekfragmenten: over ‘een man van God’ die zijn lusten botviert op zijn echtgenote (en andere vrouwen binnen zijn kerk) en, buiten haar, altijd nog Satan heeft om de schuld te geven. Een kundig gemaakt true crime(?)-verhaal – ‘murder by suicide’ misschien? – dat helemaal ‘viral’ gaat.

Un Hijo Propio

Netflix

‘Ik ontmoette haar vijf maanden geleden in het ziekenhuis’, verklaart Eleonor Alejandra ‘Ale’ Marín Mendoza na haar arrestatie aan de toegesnelde pers. ‘We raakten aan de praat… zij en ik. Ze was een alleenstaande moeder. Dit was haar tweede kind van een andere vader. En ze wilde de baby niet. Ze zei dat ze een abortus wilde of het kind wilde weggeven.’

En dat komt goed van pas. Alejandra en haar echtgenoot Arturo verlangen al enige tijd naar een kind, maar dat wil maar niet lukken. De Mexicaanse vrouw, toevalligerwijs ook werkzaam in een ziekenhuis, sluit een deal met deze Mayra: na de bevalling neemt ze in stilte haar baby over. Tot die tijd zal ze alleen geloofwaardig zwanger moeten zijn, ook voor Arturo. Hij weet van niets. Ale begint zich dus vol te vreten – en werkt zich zo, vanaf haar roze wolk, flink in de nesten.

Dat is de intrigerende startpositie van Un Hijo Propio (Internationale titel: A Child Of My Own, 96 min.), de nieuwe film van de Chileense maakster Maite Alberdi die in de afgelopen jaren danig van zich deed spreken met de documentaires The Grown-UpsThe Mole Agent en The Eternal Memory. Deze film oogt in eerste instantie, wanneer die gefingeerde zwangerschap nogal zoet wordt gereconstrueerd, als een typisch dik aangezet Latijns-Amerikaans drama.

Gaandeweg geven Ana Celeste en Armando Espitia, de acteurs die van Ale en Arturo een tragikomisch koppel hebben gemaakt, in deze ‘based on a true story’-productie echter steeds vaker ruimte aan de echte personen en krijgt de film een meer traditioneel documentair karakter. Dan laat Alberdi ook de werkelijkheid achter de geacteerde scènes zien en wordt duidelijk wat de gevolgen van Ales onbezonnen actie – of is het toch een slinks misdrijf? – zijn geweest.

Het uitgangspunt van Un Hijo Propio lijkt op een andere recente Netflix-documentaire over schijnzwangerschap. Terwijl Jessica Dimmock van Maternal Instinct een typische true crime-docu heeft gemaakt, heeft Alberdi duidelijk geen rechttoe rechtaan-benadering voor ogen. Met de gesuikerde eerste helft van de film, voor een enkeling wellicht een dealbreaker, presenteert ze Ales rozige versie van de gebeurtenissen, die in de tweede helft in perspectief wordt geplaatst.

Alle puzzelstukjes vallen dan in elkaar en tonen, aan de hand van een opmerkelijke casus, de immense druk waaronder sommige vrouwen staan om moeder te worden en nageslacht te produceren. De drang om een kind te krijgen kan er zelfs toe leiden dat ze er zelf in gaan geloven dat ze in verwachting zijn. Arturo wil intussen nog altijd een biologisch kind, een zoon natuurlijk. En zijn echtgenote, ‘sadder but wiser’, zal zich met deze blauwe droom moeten verzoenen.

36 Seconds: Portrait Of A Hate Crime

Disclosure Films / Prime Video

Als familieleden van de student tandheelkunde Deah Barakat (23), zijn vrouw en studiegenote Yusor Abu-Salha (21) en haar jongere zus Razan (19) op 10 februari 2015 door de politie  van Durham County in North Carolina op de hoogte worden gebracht van de moord op hun dierbaren, twijfelen ze geen seconde over wie de dader is: die ene boze buurman, Hicks.

‘Mijn naam is Craig Hicks’, zegt die even later inderdaad, zonder omhaal van woorden, tijdens zijn eerste politieverhoor. ‘Ik heb net drie mensen neergeschoten in Chapel Hill.’ Dodelijk kalm vertelt hij vervolgens hoe ie de drie Amerikaanse moslims koelbloedig heeft geëxecuteerd in hun eigen huis. Volgens Craigs vrouw Karen hadden ze ruzie over parkeerplekken. Geen haatmisdrijf dus.

Mohammad Abu-Salha laat zich daardoor niet van de wijs brengen. De vader van Yusor en Razan, als geneeskundestudent naar de VS gekomen vanuit Jordanië, houdt tijdens de uitvaart weliswaar een verzoenende toespraak – ‘Het gaat erom dit land, dat ze liefhebben en waar ze leefden en stierven, vreedzaam te maken voor iedereen.’ – maar is ervan overtuigd dat het wel degelijk om een ‘hate crime’ gaat.

Dat is in de rechtbank alleen verdomd lastig aan te tonen. Tarek Albaba toont in 36 Seconds: Portrait Of A Hate Crime (94 min.) hoe het jaren duurt voordat Craig Hicks, een man die houdt van ‘shooter games’ en Falling Down als favoriete film heeft, wordt berecht. Intussen worden Amerikaanse moslims, ook doordat presidentskandidaat Donald Trump steeds olie op het vuur gooit, alsmaar vijandiger benaderd.

Tegelijk hangt dus ook boven de markt of het eigenlijk wel gaat om een haatmisdrijf. De video die Deah zelf heeft gemaakt van de drievoudige moord – en waarvan zijn moeder Amira wil dat die wordt getoond in de rechtbank – maakt binnen 36 seconden een einde aan elke twijfel. Eenmaal in de woning van Deah en Yusor lijkt die boze buurman bovendien met voorbedachten rade te handelen.

Deze film laat tevens zien welke ravage Hicks heeft aangericht binnen een gemeenschap, die sowieso al machteloos moet toezien hoe het aantal haatmisdrijven in de Verenigde Staten alleen maar toeneemt en ondertussen worstelt met die ene, nauwelijks te verteren vraag: zou een aanval van moslims op witte Amerikanen ook zo gemakkelijk zijn afgedaan als een uit de hand gelopen parkeerconflict?

Abandonados

Disney+

‘Kent u ze?’, leest Marisa Manera in 1984 op een prikbord van de sociale dienst van Barcelona, bij een foto van een aandoenlijk tweejarig meisje en twee schattige jongetjes. ‘We hebben informatie nodig over deze kinderen. Als u ze kent, neem dan contact op met Montse Martí, sociaal werker.’ De ongewenst kinderloze Marisa meldt zich direct bij Montse: samen met haar man, de leerkracht Lluís Moral, wil ze de kinderen wel in huis nemen. Ruim veertig jaar later is Marisa, zeker na het overlijden van haar echtgenoot, nog altijd hun steun en toeverlaat, hun moeder.

Elvira Moral Manera en haar oudere broertjes Ramón (6) en Richi (4) zijn op 22 april 1984 op het treinstation Estació de Francia spelend in een trein aangetroffen door een conducteur. De drie kinderen zeggen dat ze daar zijn achtergelaten door een Franse man genaamd Denis, die hen vanuit Parijs met een witte Mercedes naar Barcelona zou hebben gebracht. Van hun ouders weten de kinderen, die vooral Frans spreken, verder hoegenaamd niets. Zelfs hun voornaam kunnen ze niet reproduceren. Ze kennen ook hun eigen achternaam niet.

Een half leven later tasten de Abandonados (163 min.) nog altijd in het duister over hun eigen achtergrond. Als Elvira zelf moeder wordt, wil ze echter meer weten over haar oorsprong. Die beslissing zet een enerverende zoektocht in gang, die in deze vierdelige serie door regisseur Carlos Alonso Ojea op de voet wordt gevolgd. Ramón, Richi en Elvira worden daarbij terzijde gestaan door een groepje amateurdetectives en onderzoeksjournalist Carles Porta en zijn team. Stukje bij beetje ontdekken de drie waar – en bij wie – ze vandaan komen.

Daarvoor moeten ze, zoveel jaar na dato, nog steeds onwil wegnemen bij bronnen die hen wellicht verder kunnen helpen. Want al snel wordt duidelijk dat hun ouders zich vermoedelijk in criminele kringen bewogen, waar doorgaans kordaat wordt gehandeld en zorgvuldig wordt gezwegen. Wellicht ligt daar ook het antwoord op de vraag waarom pa en ma hun kinderen – samen en toch moederziel alleen – aan hun lot hebben overgelaten op een treinstation en nooit meer iets van zich hebben laten horen. Toch boeken de broers en zus wel degelijk vooruitgang.

Als dit buitengewone verhaal, dat Ojea stapsgewijs en met de nodige suspense onthult, zijn voorlopige ontknoping nadert, hebben ze kennis gemaakt met pak ‘m beet een beruchte crimineel die in de Modelo de Barcelona-gevangenis wordt geliquideerd, een Parijse speelgoedwinkel met een krokodil aan het plafond en de Gouddieven van Andalusië. Op zoek naar sporen uit het verleden zijn ze bovendien in de landen Frankrijk, België en Zwitserland beland. Tegelijk leren de drie Abandonados zichzelf ook beter kennen – als producten van zowel nurture als nature.

Aan het einde van hun aangrijpende queeste – althans aan het einde van deze overrompelende miniserie, die in de verte aan de ingenieuze real life-thriller Three Identical Strangers (2018) doet denken – zijn ze heel wat wijzer, maar blijft er ook nog het nodige te raden en te wensen over. Zoals één van de sleutelfiguren uit hun speurnetwerk, de forensisch arts Montse Del Rio, hen bij aanvang al heeft gewaarschuwd: dit wordt een lange afstandsrace. En de finish lijkt nog altijd niet in zicht. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Bang My Box: The Robin Byrd Story

HBO Max

In het hoardershuis dat ze samen met haar echtgenoot Shelly bewoont in New York, is al twintig jaar niemand meer te gast geweest, vertelt Robin Byrd. Haar hele leven ligt er uitgestald, waaronder meer dan zeshonderd videotapes van het erotische programma dat ze een half leven lang had op de Amerikaanse kabeltelevisie. Met The Robin Byrd Show werd de oud-deelnemer aan Miss Bare America, zelfverklaarde orgiekoningin en voormalige porno-actrice vanaf halverwege de jaren zeventig een icoon van het ‘seks-positief feminisme’, waarbij het bovendien heerlijk inbellen was.

In de zeer vermakelijke documentaire Bang My Box: The Robin Byrd Story (79 min.) neemt ze Jylian Gunther en Stephanie Schwam mee in haar leven met echtgenoot Shelly, met wie ze nu al ruim vijftig samen is. Het was ‘liefde op het tweede gezicht’, aldus de inmiddels bijna zeventigjarige liefde & seks-activiste. Shelly, sinds 1974 een aandachtig observator van ‘The Byrd’, kampt tegenwoordig echter met dementie. Daardoor wordt zijn vrouw ook gedwongen om na te denken over haar nalatenschap. Hoe voorkomt ze dat fatsoensrakkers er straks vandoor gaan met haar archief?

Geestverwanten van hen hebben de vrijgevochten Robin Byrd al eerder het leven zuur gemaakt. Toen haar show in de jaren tachtig een hit werd, ontwikkelde zij zich, in de woorden van New York Times-journalist Bob Morris, tot ‘a kind of kitsch Lady Liberty For the city that never sleeps’. Met haar stralende glimlach, blonde haren en uitdagende poses ontving ze talloze iconen van de Amerikaanse sekswereld, met wie ze dan tot besluit het sexy liedje Baby, Let Me Bang Your Box zong. In haar gehaakte bikini werd Byrd zo zowel een rolmodel als een steen des aanstoots voor conservatief Amerika.

Niet in het minst omdat ze, in een periode die wordt gemarkeerd door de Stonewall-rellen van 1969 en de AIDS-crisis van halverwege de jaren tachtig, in haar programma ook volop ruimte bood aan de LHBTIQ+-gemeenschap. Toen het gevreesde HIV-virus huis begon te houden onder Amerikaanse gays, schroomde ze niet om het gebruik van condooms en beflapjes te propageren. En toen de minister van Justitie Ed Meese, in de rug gedekt door de conservatieve ‘moral majority’, obscene televisieprogramma’s en telefoonsekslijnen het leven zuur begon te maken, verzette zij zich met hand en tand.

Onder het motto ‘Free The Byrd’ werd die dekselse Robin Byrd, promiscue tot op het bot, zowaar een uithangbord voor de vrijheid van meningsuiting. En nu, als vrouw van respectabele leeftijd en als kind van het parool ‘vrijheid blijheid’ (dat in Bang My Box overigens overtuigend over het voetlicht wordt gebracht), is ze daar maar wat trots op.

Chris & Martina: The Final Set

Netflix

‘Ze voerden een eeuwige oorlog op de tennisbaan. En nu proberen ze elkaars leven te redden.’ De woorden zijn afkomstig van Chris Everts voormalige echtgenoot Andy Mill, maar zijn quote is niet voor niets te horen als de titel van deze documentaire in beeld verschijnt: Chris & Martina: The Final Set (97 min.). Dit is de tagline, de reden om deze film te bekijken. Want dat is behalve een boeiende terugblik op één van de grootste tweekampen uit de sporthistorie vooral ook een aangrijpend portret van twee vrouwen die door ziekte, kanker, voor het eerst de controle over hun leven helemaal kwijt zijn en dan elkaars gezelschap weer opzoeken.

Chris Evert en Martina Navratilova vormen in de jaren zeventig en tachtig de Yin en Yang van het vrouwentennis. Het meisjemeisje uit Florida versus de communistische ‘overloper’ uit Tsjechoslowakije. Verfijnd baseline-spel tegenover krachtig serve & volley. Natuurtalent versus power. ‘Cute’ tegen ‘tomboy’. Achteraf bezien lijkt het onvermijdelijk dat de ‘Chrissie Craze’ ook gepaard zou gaan met Martina-weerzin. Zeker als haar geaardheid, een publiek geheim in de tenniswereld, de media bereikt. Navratilova wordt in The New York Daily News ongewild geout als ‘biseksueel’, de term die als vluchtheuvel wordt gebruikt door vrouwen die in werkelijkheid op vrouwen vallen.

De aanvankelijke vriendschap tussen de twee tegenpolen lijkt in dit dubbelportret van Rebecca Gitlitz dan te zijn veranderd in ijzige rivaliteit. Omdat een innige relatie het ten koste van alles willen winnen in de weg zou kunnen staan. Inmiddels zijn de vriendschapsbanden hersteld en kunnen de aartsrivalen samen op de bank wedstrijden terugkijken – en zowaar blij zijn voor de ander. Gitlitz laat hen ondertussen reflecteren op hun levens die volledig in dienst stonden van de sport. Ze worden daarbij terzijde gestaan door familieleden en kennissen, tennisinsiders en voormalige concullega’s zoals Billie Jean King, John McEnroe en Pam Shriver.

Terwijl Evert en Navratilova elkaar aansporen om nog eenmaal het beste uit zichzelf te halen, tijdens de allesbeslissende tiebreak tegen een gemeenschappelijke opponent die niet maalt om geld, macht of status, tonen ze uit welk hout ze zijn gesneden. Ieder voor zich gaan ze moedig de strijd aan met de ingrijpende kankerbehandelingen. En samen lijken ze, net als tijdens hun epische tenniscarrières, vooralsnog onverslaanbaar.

The Nightmare Upstairs: What Happened To Ty And Bryn?

Disney+

De ongemakkelijke ‘he said-she said’-kwestie uit The Nightmare Upstairs: What Happened To Ty And Bryn? (83 min.) krijgt in dit typisch Amerikaanse documentaire-tweeluik de vorm van een ‘she said-she said’-twistgesprek. Jessica Zahrt versus haar voormalige schoonmoeder Jolleen Larson. De één spreekt over totaal ongepast gedrag van haar ex naar hun zoon en dochter. De ander over een wraaklustige moeder die haar kinderen heeft opgezet tegen haar voormalige partner. Kindermisbruik versus oudervervreemding.

In maart 2018, zes jaar nadat ze uit elkaar zijn gegaan, heeft Jessica een contactverbod gevraagd tegen haar ex-man. Jolleens zoon Brent Larson mag hun kinderen Ty en Brynlee niet meer zien. Hij zou hen seksueel hebben misbruikt. De kwestie zal in de navolgende jaren ernstig ontsporen. Als hun inmiddels vijftienjarige zoon Ty en zijn jongere zus in 2022 op advies van een sociaal werkster naar een herenigingskamp worden gestuurd om zich te verzoenen met hun vader, waardoor ze hun moeder dan negentig dagen niet zullen zien, besluiten de tieners om hun slaapkamer te barricaderen.

Ze beginnen tegelijk te livestreamen via Twitch, met steun van hun moeder. Jessica begint zelf ook als een bezetene over de zaak te TikTokken. Het is de zoveelste keer dat de camera doelbewust wordt ingezet in deze vechtscheiding. Brent heeft de ontmoetingen die hij onder toezicht heeft met zijn kinderen ook al vastgelegd met een GoPro, om zo aan te tonen dat er helemaal niets mis is. Op één van die opnames roept Ty hem scherp tot de orde. Spontaan? Of toch ingefluisterd door zijn moeder – en haar kindertherapeut JP Lilly, een lid van de Bikers Against Child Abuse?

De documentairemakers Henry Roosevelt en Caitlin Keating zetten de verschillende lezingen van wat er is gebeurd en nu moet gebeuren recht tegenover elkaar en volgen hoe de zaak zich vervolgens door het Amerikaanse rechtssysteem beweegt. Als de strijdende partijen niet voor rede vatbaar zijn, moet de rechter bepalen wie de voogdij krijgt over de tieners en of er dan nog ruimte is voor bezoekrecht van de andere ouder. Hij tast ongetwijfeld net zo in het duister over wat er precies is gebeurd als de gemiddelde kijker van deze pijnlijke docu, maar moet er wel zijn oordeel over geven.

Welke moeder krijgt er gelijk? De vrouw die weigert om haar kinderen uit te leveren aan een man die z’n eigen grenzen niet kent? Of de vrouw die haar zoon, zelf niet in staat of bereid om voor de camera te verschijnen, wil beschermen tegen het volksgericht dat ongetwijfeld volgt op zulke beschuldigingen? Ofwel: she said-she said.

The Murder Of Rachel Nickell

Netflix

’Alex, de man die mama vermoordde, waar was die?’ vraagt André Hanscombe aan zijn zoontje als ze de plaats delict naderen in het Londense park Wimbledon Common. Rachel Nickell is daar op 15 juli 1992 met bijna vijftig messteken om het leven gebracht. De enige getuige van de gruwelijke moord is haar tweejarige zoontje. Omdat de politie volledig in het duister tast over de ‘gemene man’ die de jonge vrouw heeft gedood, wordt Alex later mee teruggenomen naar het park, in de hoop dat hij zich details herinnert waarmee de dader kan worden geïdentificeerd. En zijn vader André moet hem daar, voor een camera die hun bezoek documenteert, bevragen over de grootste tragedie van hun leven.

Ruim dertig jaar later blikt Hanscombe, samen met anderen die destijds bij het politieonderzoek betrokken raakten, in The Murder Of Rachel Nickell (96 min.) terug op het schokkende misdrijf en de zoektocht naar de dader, die aanvankelijk maar niet op gang wil komen. Doordat de moordenaar geen vingerafdrukken of andere bruikbare sporen heeft achtergelaten op de plaats delict, weet hij heel lang uit handen van de politie te blijven. Deze geruchtmakende zaak vormt ook het uitgangspunt voor de zojuist uitgebrachte dramaserie The Witness. Voor kijkers daarvan toont deze indringende documentaire van Lucy Bowden de echte mensen achter de personages en de tragedie waarin zij verzeild raken.

Anderen zien een vaardig verteld true crime-verhaal, waarbij de filmmaakster stapsgewijs nieuwe informatie en bronnen introduceert. Zo laat ze nieuwkomers bij deze geschiedenis, die in Groot-Brittannië heel wat stof deed opwaaien, de zaak echt meebeleven. Centraal daarin staan een jonge vrouw die haar zoontje met haar eigen leven beschermt, een kind dat zich ook na haar dood aan zijn moeder blijft vastklampen en een man die daarna de weg terug naar het leven moet vinden voor zichzelf en hun zoon. Én een ‘ongeorganiseerde seriemoordenaar’, aldus de Amerikaanse FBI-profiler Robert Ressler, voor wie het misdrijf blijkbaar de apotheose is van een verwrongen fantasie. En hij is nog niet klaar.

‘De gemene man stak zijn ding in haar’ vertelt Alex een jaar na de dood van zijn moeder, tijdens een zorgvuldig voorbereid kinderverhoor, aan zijn vader André. ‘Een mes.’

Hoeksteen Van De Samenleving

BNNVARA / Frenkie Media / Tomtit Film

’Volgens de Emancipatiemonitor wil meer dan de helft van de heterostellen bij de komst van een kind zorg en werk gelijk verdelen’, stelt documentairemaker Juul Op den Kamp als verteller van haar documentaire Hoeksteen Van De Samenleving (61 min.). ‘Maar slechts negen procent slaagt daar daadwerkelijk in.’

‘Négen procent’, herhaalt schrijfster Anja Meulenbelt. ‘Na een halve eeuw feminisme!’ Alle reden om dat eens nader te onderzoeken. Daarvoor duikt Op den Kamp, aan de hand van fraai archiefmateriaal, eerst de geschiedenis in. Ze gaat terug naar de Industriële Revolutie, de tijd dat de splitsing tussen het privé- en het publieke domein ontstaat. Mannen gaan buitenshuis werken, vrouwen zorgen thuis voor het gezin. Dit wordt ook in de wet verankerd. De Wet handelingsonbekwaamheid zorgt er tot dik in de jaren vijftig voor dat vrouwen afhankelijk zijn van hun echtgenoot.

In de navolgende zeventig jaar is er weliswaar héél veel veranderd, maar binnen de zogeheten kerngezinnen ijlt het traditionele rollenpatroon van man en vrouw nog altijd flink na. Want Nederlandse vrouwen mogen dan hoger opgeleid zijn dan ooit, als het gaat om inkomen en macht hobbelen ze nog steeds achter het andere geslacht aan. Veertig procent van hen is financieel afhankelijk van hun partner, doceert Juul Op den Kamp in deze interessante interviewfilm. En bij vrouwen met een migratieachtergrond of in een lage sociale klasse ligt dat cijfer nog hoger.

In een ouderwetse keuken en traditionele huiskamer spreekt ze over de aanhoudende ongelijkheid in het Nederlandse gezin, waar de komst van kinderen nogal eens zorgt voor een stereotiepe rolverdeling, met vrouwen zoals oud-politicus Hedy d’Ancona, journalist Lynn Berger, historicus Lotte Houwink ten Cate, universitair docent dekoloniale studies Nawal Mustafa en econoom Sophie van Gool – en enkele mannen. Wat er binnen het gezin gebeurt, lijkt misschien een privéaangelegenheid, maar is in werkelijkheid een weerslag van maatschappelijke normen.

Achter de voordeur stoeien man en vooral vrouw, zeventig jaar na de afschaffing van de Wet handelingsonbekwaamheid, dus met ouderschapsverlof, babyboete, deeltijdklem, loonkloof en scheefgroei. Alsof de tijd, ondanks alle verworvenheden van het feminisme en de vrouwenemancipatie, toch een beetje stil heeft gestaan.

Trailer Hoeksteen Van de Samenleving

Yiya Murano: Muerte A La Hora Del Té

Netflix

Ruim tien jaar na haar dood geniet Yiya Murano (1930-2014) nog altijd een even opmerkelijke als bedenkelijke heldenstatus in Argentinië. Ze leeft voort in talloze memes. De elegante dame van middelbare leeftijd, die zo lijkt te zijn weggelopen uit een moordmysterie van Agatha Christie, wordt eind jaren zeventig beschuldigd van drie geraffineerde moorden. Bij de thee die ze haar buurvrouwen voorzet, heeft ze vermoedelijk ook cyanide geserveerd. Maar hoe?

Over Yiya’s motief is weinig twijfel in de documentaire Yiya Murano: Muerte A La Hora Del Té (104 min.): na een door haar opgezet piramidespel heeft ze bij elk van de  vrouwen een schuld uitstaan. Die hoeft ze nu niet te voldoen. De zaak tegen ‘de gifmengster van Monserrat’ lijkt zonneklaar – ook al blijft haar echtgenoot Antonio heilig in haar onschuld geloven. Yiya’s eigen zoon Martín Murano, die later een boek aan zijn moeder zal wijden, treedt zelfs als getuige à charge op in El Caso Yiya. Hij is ervan overtuigd dat hij het kind van een moordenares is.

Regisseur Alejandro Hartmann diept deze geruchtmakende geschiedenis, waarvan de Argentijnse media (en Yiya zelf) maar geen genoeg krijgen, op met Martín en enkele direct betrokkenen, lardeert hun herinneringen met krantenkoppen, reportages en televisie-interviews en illustreert dit geheel weer uitbundig met nogal vet gereconstrueerde scènes, voor een belangrijk deel in zwartwit. De kwestie krijgt daarmee bijna een soapy karakter, alsof die drie uiterst verdachte sterfgevallen vooral geschikte gespreksstof zijn voor een theekransje.

Zo lijkt de zaak zelf in Argentinië ook te zijn behandeld. Yiya groeit uit tot een cultureel fenomeen. Ze wordt een graag geziene gast in televisieprogramma’s, krijgt haar eigen musical en maakt haar reputatie zelf ook ongegeneerd te gelde. En zoonlief Martín, voormalig stuntman, profiteert op zijn eigen dubbelzinnige manier mee. Zo moeder, zo zoon, klinkt ’t niet voor niets in deze, jawel, vermakelijke combinatie van moordmysterie en ‘celebrity’-portret.


Chernobyl: The Lost Tapes

HBO

Ooit was Tsjernobyl nog niet de naam van de grootste nucleaire ramp uit de geschiedenis. Ooit stond die naam symbool voor de droom van de Sovjet-Unie, een communistische heilstaat die hier, zevenhonderd kilometer van Moskou, een nieuw ideaal zou verwerkelijken: een zonovergoten droomwereld, voortgestuwd door een onuitputtelijke bron van kernenergie.

Bij dat beeld start de Britse documentairemaker James Jones in 2022 ook zijn film Chernobyl: The Lost Tapes (96 min.), waarvoor hij onbekend beeldmateriaal heeft opgediept uit Sovjet-archieven, waarin de Sovjet-Unie, die dan al op zijn laatste benen begint te lopen, de schijn nog ophoudt. ‘Het leven was zo relaxt’, vertelt inwoonster Lyudmila Ihnatenko, die net is getrouwd met haar grote liefde Vasya en zwanger is van hem. ‘We konden ons helemaal niet voorstellen dat er gevaar dreigde.’

En dan wordt het 26 april 1986. Jones zet het beeld op zwart en laat een indringend alarmsignaal horen. Bij de centrale komt een paniekerig telefoontje vanuit de kerncentrale binnen. Na een explosie is er brand uitgebroken in één van de reactoren. En daarbij is ook radioactieve straling vrijgekomen. De autoriteiten proberen de crisis direct in te dammen en ondertussen de eigen bevolking zo lang en zoveel mogelijk van de domme te houden. Met, heel voorspelbaar, ronduit desastreuze gevolgen.

Terwijl de omvang van de ramp duidelijk wordt, een grootschalige evacuatie op gang komt en Jan & alleman de schade probeert te beperken, gaat de 1 mei-viering in het nabijgelegen Kyiv echter gewoon door. De Sovjet-Unie probeert halsstarrig – zo laat Jones zien met een geladen mixture van archiefbeelden en off screen-terugblikinterviews met medewerkers van de kerncentrale, gewone inwoners van Tsjernobyl en functionarissen in de hoofdstad Moskou – de façade op te houden.

Geen van de betrokkenen kan dan nog bedenken hoe lang deze nucleaire ramp blijft na-ijlen. Want Tsjernobyl zal ook jaren nadat de eerste Sovjetburgers zijn blootgesteld aan radioactieve straling – de beelden van hun verminkte lichamen branden zich ook veertig jaar later moeiteloos op het netvlies – slachtoffers blijven maken. Volgens het regime hebben zij ‘radiofobie’. Zwaar getroffen burgers zoals Lyudmila Ihnatenko doorbreken nu het zwijgen, dat hen na de crisis in de kernreactor is opgelegd.

Het idee van de Sovjet-Unie als een ideaal maatschappijmodel is dan ook allang ten grave gedragen. En anders kan deze onrustbarende documentaire van James Jones, die in Fukushima: A Nuclear Nightmare (2026) ook de angstaanjagende crisis in een Japanse kernreactor nog zal reconstrueren, alsnog dienen als nagel aan de doodskist die in feite allang ter aarde is besteld.

Love, Ted Bundy

Oxygen

Hij werkte als vrijwilliger voor een zelfmoordpreventiehulplijn, publiceerde over hoe seksueel geweld kan worden voorkomen en was actief binnen een misdaadcommissie van de Amerikaanse stad Seattle. Edna Cowell Martin vond haar knappe neef Ted een moordkerel. Ze adoreerde hem als een oudere broer. De twee waren samen opgegroeid en belandden daarna allebei op de Seattle University. En toen begonnen er in 1974 in hoog tempo jonge vrouwen te verdwijnen in de staat Washington, meisjes die zomaar vriendinnen hadden kunnen zijn van Edna. De gedachte dat Ted in de buurt woonde gaf haar toch wel enig gevoel van veiligheid.

Bijna een halve eeuw heeft de Amerikaanse vrouw gezwegen over deze neef, de man die tegenwoordig als ‘de popster onder de seriemoordenaars’ te boek staat. In 1986 nam Edna weer contact op met Ted Bundy, die toen al lang en breed in een dodencel zat te wachten op zijn executie. Ze hadden in de voorgaande tien jaar geen contact met elkaar gehad. Zijn nicht had besloten om Ted te schrijven, in de hoop hem informatie over zijn (nog onbekende) slachtoffers te kunnen ontfutselen. De neef, die z’n hele leven dus een complete vreemde voor haar was gebleven, beantwoordde haar brieven. Hij ondertekende die alsof er niets aan de hand was: Love, Ted Bundy (85 min.).

Edna Cowell Martin wil haar briefwisseling met die beruchte neef nog altijd alleen met handschoenen aanraken. Ze heeft haar schroom om over hem te vertellen inmiddels wel laten varen. Ze was bepaald niet de enige die zich door Ted in de luren had laten leggen. Haar latere echtgenoot Don vond het een ‘goeie gast’, vertelt hij aan documentairemaker Christopher Cassel, die hun herinneringen omkleedt met een mixture van archiefmateriaal en erg gelikte reconstructies. De twee kunnen een uniek persoonlijk perspectief toevoegen aan wat er al bekend is over de diabolische killer – al tasten ook zij nog altijd, letterlijk, in het duister over wat er écht in hem omging.

Edna kan zich met terugwerkende kracht nog wel een paar momenten herinneren, waarin zijn ogen letterlijk zwart werden en haar geliefde neef even een totaal andere man leek. Het monster dat zich in eigen kring altijd verscholen had gehouden, zou later diepe schaamte veroorzaken bij alle mensen die hem ooit tot hun familie of vriendenkring hadden gerekend. Anna, het enige kind van Edna en Don, ontdekte zelfs pas later dat haar moeder verwant was aan Ted Bundy, de seriemoordenaar over wie we bijna veertig jaar na zijn dood, getuige ook Edna’s boek Dark Tide en deze degelijke true crime-docu die daarop is gebaseerd, nog altijd niet zijn uitgepraat.

Gedwongen Geloften

BNNVARA

Het onzegbare is misschien nog wel uit te spreken, maar hoe breng je dit dan in beeld? Roxanne Herder en Eva Strating hebben voor Gedwongen Geloften (53 min.), hun documentaire over Nederlandse vrouwen die werden gedwongen om te trouwen en/of getrouwd te blijven, een creatieve oplossing gevonden: ze introduceren enkele jonge actrices die eerst via een koptelefoon het persoonlijke verhaal van een slachtoffer beluisteren en dit daarna zelf, vanuit een neutraal ingerichte kamer, uitspelen voor de camera.

Zo werd ‘Sarah’ door haar ouders verplicht om naar Somalië te gaan, om daar met een oom te trouwen. Die zou dan ook een Nederlands paspoort krijgen. ‘Nadia’ werd in Afghanistan voor 10.000 dollar verkocht. Haar paspoort werd afgepakt, de beoogde echtgenoot ontmoette ze pas op de huwelijksdag. En ‘Zainab’, die in Nederland een vriendje had gekregen, dreigde door haar familie naar Turkije te worden gebracht, zodat haar vader haar daar kon uithuwelijken. Bij een supermarkt in Bulgarije sloeg ze op de vlucht.

Behalve Nederlandse vrouwen van buitenlandse komaf, met een islamitische achtergrond, introduceren Herder en Strating ook ‘Deborah’, een vrouw die opgroeide in een zwaar gereformeerde omgeving. Toen haar huwelijk uitmondde in huiselijk en seksueel geweld, wilde zij zich daarvan losmaken. Als dochter van een dominee was een echtscheiding echter niet aan de orde. En hoewel haar echtgenoot later werd veroordeeld, was het toch Deborah die door haar gemeenschap als de dader werd aangemerkt.

Hun tragische verhalen worden in deze indringende film ingekaderd door de Pakistaans-Nederlandse mensenrechtenactiviste Shirin Musa, die de vrouwen op alle mogelijke manieren bijstaat en die zich met haar organisatie Femmes For Freedom sterk maakt voor hen. Ze ijvert bijvoorbeeld voor de zogeheten ‘dochterregeling’, zodat voormalige (kind)bruiden die hier zijn opgegroeid en tijdens een gedwongen verblijf in het buitenland hun nationaliteit en verblijfsrecht zijn kwijtgeraakt, weer kunnen terugkeren naar Nederland.

Musa kent de problematiek van binnenuit. Haar betrokkenheid is volgens eigen zeggen ontstaan ‘vanuit persoonlijke wanhoop en groot verdriet’. Zij weet dus hoe belangrijk ‘t is om een bondgenoot te vinden, liefst ook in de Nederlandse overheid, en om een stem te krijgen als je mensenrechten met voeten worden getreden.

June

Paramount

Bij de gedachte aan June Carter Cash (1929-2003) ziet menigeen waarschijnlijk Reese Witherspoon voor zich, de actrice die haar vol verve vertolkte in de biopic van haar echtgenoot, Walk The Line. Of ze denken gewoon aan hem, de Amerikaanse countrylegende Johnny Cash. Het duurt echter ruim een half uur voordat de illustere zanger met die uit duizenden herkenbare, aardedonkere stem haar levensverhaal binnenstapt in de documentaire June (98 min.). Met, natuurlijk, de iconische woorden: ‘Hello, I’m Johnny Cash’.

Het is dan 1956 en June heeft er al een half leven opzitten: ze groeit op als lid van de befaamde folkgroep The Carter Family, wordt daarna als komisch talent ontdekt in de befaamde Grand Ole Opry in het countrymekka Nashville en is dan al aan haar tweede huwelijk bezig – en heeft als gevolg daarvan ook twee dochters, Carlene en Rosie. Na enige tijd afhouden kan ze ‘The Man in Black’ begin jaren zestig echter niet meer weerstaan – ook al is hij een onverbeterlijke junk. De real life-versie van Walk The Line staat op het punt om te beginnen.

Als hij ein-de-lijk is afgekickt, leven ze nog lang en gelukkig. Althans, in de sprookjesversie van hun leven, zoals één van de sprekers in deze documentaire van Kristen Vaurio de speelfilm met Joaquin Phoenix als Cash en Witherspoon als zijn onweerstaanbare echtgenote betitelt. Dat beeld is overigens ook al flink genuanceerd in The Gift: The Journey Of Johnny Cash (2019), tot nader order het definitieve portret van de muzikale legende Cash. June zal nog tot diep in de jaren tachtig heel wat te stellen hebben met de verslavingen van haar echtgenoot.

Intussen staat zij, de telg van een baanbrekende muzikale familie, ook volledig in zijn schaduw. Terwijl June – betogen hun kinderen, vrienden en bekende collega’s zoals Dolly Parton, Willie Nelson en Emmylou Harris – bijvoorbeeld zijn grootste hit Ring Of Fire heeft geschreven. Niet Johnny. Zij zal zich echter naar hem moeten plooien, Als een matrone blijft ze ook zijn leven bijsturen. ‘It’s hard to be Johnny Cash’, zegt June wel eens vergoelijkend over haar echtgenoot, volgens hun zoon John Carter Cash. Voor zichzelf huldigt ze een eenvoudig levensparool: Press On.

En met een soloalbum dat zo is getiteld wint ze in 1999, slechts enkele jaren voor haar dood, zowaar een Grammy Award, de kroon op een dienstbaar leven, als vrouw, moeder en artiest, dat in deze film nu eens centraal wordt gezet. Haar man, die ’t nog maar een paar maanden zal volhouden zónder haar, heeft daarin slechts een bijrol. De belangrijkste bijrol, dat wel. Daarmee wordt June een prima tegenhanger voor The Gift – en voor My Darling Vivian (2021), het portret van de eerste vrouw van Cash, Vivian Liberto.

Becoming Katharine Graham

Prime Video

Als Katharine Graham (1917-2001) nog de lakens had uitgedeeld bij The Washington Post, dan was het ondenkbaar geweest dat de Amerikaanse krant zo z’n oren had laten hangen naar de regering van Donald Trump als de huidige eigenaar Jeff Bezos in de afgelopen tijd heeft gedaan.

Toch wees in eerste instantie niets erop dat ‘Kay’ de toonaangevende krantenuitgeefster van haar tijd zou worden. Ze was weliswaar de dochter van eigenaar Eugene Meyer, die de krant in 1933 op een publieke veiling had gekocht voor de luttele som van 825.000 dollar, en werkte in haar jonge jaren ook daadwerkelijk op de redactie, maar papa vertrouwde de leiding van de krant toch liever toe aan zijn schoonzoon, Katherine’s echtgenoot Phil. Pas toen die in 1963 een einde aan zijn leven maakte, als gevolg van een veronachtzaamde bipolaire stoornis, kwam zij als vrouw in aanmerking voor de toppositie bij The Post.

Één foto – Becoming Katharine Graham (92 min.) is nog geen twintig minuten onderweg – verraadt de situatie waarin zij toen als werkende moeder terecht kwam: aan de bestuurstafel zitten 22 witte mannen in pak en welgeteld één vrouw, in een blauw jurkje. Van ‘doormat wife’ was Graham volgens eigen zeggen ineens een ‘working woman’ geworden. Een feministe avant la lettre, dat ook. Dit liet overigens onverlet dat ook zij, als werkgever bij een bedrijf waar vrouwen nog altijd vooral ondergeschikte functies bekleedden, een doelwit werd van de vrouwenbeweging. En daarvoor was de voormalige huismoeder zeker niet ongevoelig.

Toen Graham eind jaren zestig eenmaal in haar rol was gegroeid, toont deze gedegen biografie van George en Teddy Kunhardt, was ze ook klaar voor de grote uitdaging die op The Washington Post wachtte: Watergate. Samen met hoofdredacteur Ben Bradlee gaf zij de sterverslaggevers Bob Woodward en Carl Bernstein, die allebei ook participeren in deze film, rugdekking bij een stroom journalistieke onthullingen die de zittende president Richard Nixon steeds verder in het nauw brachten en in 1974 leidden tot zijn aftreden. ‘Tricky Dick’ had haar toen, getuige de geruchtmakende Nixon-tapes, allang tot staatsvijand verklaard.

Die geluidsopnames vormen, samen met archiefinterviews met Graham, passages uit haar Pulitzer Prize-winnende memoires Personal History en de herinneringen van haar kinderen Don en Lally, Post-medewerkers en intimi zoals Gloria Steinem en Warren Buffett, het geraamte van dit postume portret. Ruim een halve eeuw na dato zijn de tapes nog altijd schokkend. ‘She’s gonna get her tit caught in a big fat wringer’, liet Nixons campagnemanager bijvoorbeeld optekenen over de vrouw die later tot haar onvrede – was ze nu weer gepasseerd door kerels? – bleek te zijn weggesneden uit de Oscar-winnende film over Watergate, All The President’s Men (1976).

Zo kan ‘t er dus aan toe gaan als er in Het Witte Huis geen enkele morele code meer geldt. En zo dapper was Katharine Graham destijds, een leider met een héél rechte rug.

Tenga Duro Signorina! Isabella Ducrot Unlimited

AVROTROS / maandag 16 februari, om 22.45 uur, op NPO 2

Ze heeft inmiddels een geweldige toekomst achter zich. ‘Het leven begint rond je zestigste’, houdt de hoogbejaarde Italiaanse kunstenares Isabella Ducrot een veel jongere interviewster voor. ‘Ik bedoel: het gelukkige leven. Geloof me maar: na je zestigste word je gelukkiger.’

Rond die tijd is zij zelf Isabella geworden. Van tevoren was ze nog gewoon Antonia Mosco, een onopvallende vrouw uit Napels. Een parvenu, vindt ze zelf. Een absolute nobody. Totdat ze rond haar 55e begon te schilderen en de wereld zich opende. Eerst op haar doeken, daarna daadwerkelijk. Het leven is sindsdien alleen maar leuker en interessanter geworden, vertelt Isabella in de documentaire Tenga Duro Signorina! Isabella Ducrot Unlimited (Engelse titel: Hold On Miss! Isabella Ducrot Unlimited, tv-versie: 52 min.).

Monica Stambrini volgt de Italiaanse kunstenares twee jaar lang met haar camera naar exposities in galeries in Londen, Stockholm en New York. De wereld, die doorgaans zweert bij alles wat jong en nieuw is, ligt nu aan de voeten van een vrouw die de negentig al is gepasseerd. Isabella Ductrot laat zich alle aandacht graag aanleunen. Ze krijgt eindelijk de erkenning die elk mens zoekt – en die zij, ook nu de jaren des verstands allang zijn gekomen, nog steeds wil.

Tegelijkertijd moet ze dealen met de kaarten die het leven op haar leeftijd nu eenmaal uitdeelt, zoals het overlijden van haar echtgenoot Vicky. Gelukkig kan de kwieke kunstenares, die ooit begon met het maken van erotische afbeeldingen, terugvallen op haar persoonlijke assistent. Nora Iosia bivakkeert al ruim 25 jaar aan Ducrots zijde en neemt haar veel zaken uit handen, ook als haar opdrachtgeefster op zeer gevorderde leeftijd wordt benaderd door het modehuis Dior.

Stambrini staat er met haar neus bovenop, legt alle ontwikkelingen rond haar protagonist zonder opsmuk vast en kleurt Ducrots onwerkelijke oude dag in met een opmerkelijke jeugdige soundtrack. Zo vereeuwigt ze een vrouw in de bloei van haar leven. Want hoewel haar honderdste verjaardag stilaan in zicht komt, denkt Isabella Ducrot er nog niet aan om afscheid te nemen van het bestaan. Haar kunst – en daarmee ook haar leven – is vitaler dan ooit. En deze film, mocht ook zij niet kunnen ontsnappen aan de dood, haar levende testament.

How To Die In Oregon

HBO

‘It was easy, folks!’ zegt Roger Sagner, net voor hij zijn laatste adem uitblaast in de openingsscène van de aangrijpende documentaire How To Die In Oregon (107 min.) uit 2011. ‘It was easy.’ Even daarvoor heeft Roger, omringd door zijn naasten en enkele vrijwilligers van de ideële organisatie Compassion And Choices een drankje ingenomen, dat naar verluidt ‘houtachtig’ smaakt, om zijn leven te beëindigen.

Als de Amerikaanse staat Oregon halverwege de jaren negentig de Death With Dignity Act aanneemt, zijn er nog maar twee landen in de wereld – Zwitserland en Nederland – waar euthanasie is gelegaliseerd. Ruim vijftien jaar later hebben inmiddels ruim vijfhonderd ‘Oregonians’ de zachte dood gekregen die zij, gedwongen door de omstandigheden, hebben gezocht. Ze moeten het dodelijke middel uiteindelijk overigens wel zelf innemen. Hun artsen kunnen en willen zich nog niet wagen aan het verlenen van actieve hulp.

In deze film brengt documentairemaker Peter Richardson verschillende aspecten van dit delicate proces in beeld. Hij volgt bijvoorbeeld Cody Curtis, een aimabele 54-jarige vrouw met leverkanker, die is uitbehandeld en een waardig levenseinde nastreeft. Samen met haar echtgenoot Stan en hun volwassen kinderen Jill en zoon Thomas probeert Curtis, voortdurend ondersteund door haar oncoloog Katherine Morris, te genieten van elke goede dag die haar nog is vergund – al voelt ze zichzelf ook een ‘dead woman walking’.

Nancy Niedzielski uit Seattle is intussen vastbesloten om de laatste wens van haar echtgenoot Randy in vervulling te laten gaan. Hij overleed na een lange lijdensweg aan hersenkanker. ‘Zes weken voor zijn dood zei hij: dit wordt een heel lelijk proces’, herinnert ze zich geëmotioneerd. ‘Beloof me dat je je best doet om de wet te laten veranderen.’ Dat wordt vervolgens Nancy’s levensdoel. Pas als de Death With Dignity-wet is aangenomen in de staat Washington, is haar huwelijk echt voorbij – en kan zij eindelijk gaan rouwen.

Tegenstanders noemen zo’n zachte dood consequent ‘assisted suicide’ en bestrijden die te vuur en te zwaard. Richardson is er echter niet op uit om het politieke gevecht rond euthanasie te belichten, maar richt zich op de menselijke verhalen. Zo wil Randy Stroups zorgverzekeraar bijvoorbeeld zijn behandeling voor prostaatkanker niet vergoeden, omdat die te weinig effect zou hebben op z’n levensverwachting. Een ‘doctor assisted suicide’ blijkt wel bespreekbaar. Als Stroup daarmee naar buiten treedt, krijgt ie alsnog zijn behandeling.

Sober, zonder enige vorm van effectbejag, belicht How To Die In Oregon intussen de dagelijkse praktijk in Ohio rond Death with Dignity. Na een onverwachte zomer begint intussen ook de geleende tijd van Cody Curtis op te raken. Ze ziet er nog bedrieglijk goed uit – Curtis volgt een ‘kankerdieet’, zegt ze zelf – maar voelt het einde wel degelijk naderen. Als het zover is, brengt Peter Richardson dit met gepaste distantie in beeld. Als treffend slot van een ingetogen en juist daardoor zo indringende film.

Lettre D’Amour À Léopold L. Foulem

Ça Tourne Productions

Hij rommelt wat aan in en rond zijn zomerhuis in Caraquet, ontvangt er nieuwe en oude vrienden en probeert vooral in leven te blijven. De befaamde Canadese keramist Léopold Foulem slikt inmiddels zo’n vijftien pillen per dag, om de diabetes in toom te houden en z’n hartproblemen te bezweren. Zijn echtgenoot Richard en zus Marie-Paule fungeren daarbij als zijn linker- en rechterhand. Richard bedient de oven en maakt de foto’s van Léopolds werk. Marie-Paule, opgeleid als verpleegster, verzorgt haar broer en ondersteunt hem in de huishouding.

En nu heeft een dorpsgenoot, Renée Blanchar, het plan opgevat om een portret te maken van de vermaarde kunstenaar. Ze kwam vroeger als klein meisje al in Léopolds cadeaushop Le Royaume Du Cadeau. Voor haar was de winkel, vertelt ze geëmotioneerd aan hem, een eerste venster op wat de wereld verder nog te bieden had. ‘Het was alsof ik Ali Baba’s grot binnenging. Ik zag dingen die ik nog nooit eerder had gezien.’ En achter de toonbank stond een flamboyante jonge man zoals ze die nog niet eerder had gezien. Door hem, weet ze nu, is ze zelf later filmmaker geworden.

Haar film heeft dan allang het karakter aangenomen van een Lettre D’Amour À Léopold L. Foulem (52 min.). Geen gewone keramist overigens, maar een conceptuele keramist. Hij maakt geen decoraties, maar interpretaties van decoraties. ‘Het lijkt misschien een object’, vertelt Foulem aan galeriehouder John Leroux, die bij hem op bezoek komt. ‘Maar is in feite een abstractie ervan. Het object heeft z’n functie verloren.’ Dit misverstand wordt ook in de hand gewerkt door het materiaal waarmee Foulem werkt, keramiek. Daardoor lijkt het al snel alsof hij simpelweg gebruiksvoorwerpen maakt.

Iemand die beter kijkt, zoals Blanchar met haar camera, ziet echter de ideeënrijkdom, de grotere verhalen en de kleine details over pak ‘m beet religie, macht en seksualiteit. Beelden waarmee hij niet alleen haar raakt. ‘Lieve Léopold’, besluit zij dit kleine en huiselijke portret, als de keramist voor de rest van het jaar naar zijn andere huis in Montréal vertrekt, met een persoonlijke voice-over. ‘Je hebt mijn verbeelding verrijkt. Je voedde mijn eerste intuïtie over het bestaan van een wereld waarin je jezelf kunt uitvinden en kunt creëren op je eigen manier.’