Verde Films / vanaf donderdag 24 september in de bioscoop

Van takken had zijn vader een ingang gemaakt. Als je een beetje bukt, zoals Marcus van Belkum aan het begin van deze intrigerende documentaire doet, kun je nog altijd naar binnen gaan. Binnen is dan wel buiten: een park in Amsterdam. Niet ver van de snelweg, maar wel lastig bereikbaar. De vader van Marcus, de Brit Stanley Powton, leefde er jarenlang in een zelfgebouwde tent. Helemaal alleen, ver van alles en iedereen, maar hooguit een half uurtje rijden van de woning van zijn zoon. Die had daar alleen helemaal geen weet van en ontdekte het pas in 2021, toen de man die hem had verwekt dood was aangetroffen in zijn tent. Stanley had er vermoedelijk een maand of negen gelegen.

In kleren van zijn vader, netjes gewassen natuurlijk, vertelt Marcus aan filmmaker Cindy Jansen welke persoonlijke spullen hij daar, in dat zelfverkozen thuis van zijn vader, nog meer veilig heeft kunnen stellen. Met behulp van generatieve AI probeert Jansen daarmee vervolgens een impressie van het leven van Powton te genereren. Het kost enkele pogingen voordat ze min of meer de juiste toon heeft gevonden. Ook de omgang met diens Sovereign Son (79 min.) vergt enige afstemming. De filmmaakster en haar hoofdpersoon, die zichzelf tot het ‘wakkere’ deel van Nederland rekent en die zich dus ook niet zomaar door haar laat regisseren, staan soms lijnrecht tegenover elkaar.

Jansen is Stanley Powton op het spoor gekomen via Stichting De Eenzame Uitvaart, die mensen zonder nabestaanden uitgeleide doet met een gedicht. ‘In de broekzak van de dode zit een Brits paspoort, uitgegeven aan een ongehuwde man uit 1958,’ schreef initiatiefnemer Joris van Casteren over #269, ofwel De Tentman, in de Volkskrant. ‘Of hij het is, is nog ongewis als hij naamloos wordt begraven.’ En over de ontmoeting tussen de toekomstige ouders van Marcus, begin jaren negentig in München: ‘Zij was 19, de Engelsman 33. Hij had gereisd, door Zuid-Amerika, Afrika en Azië.’ Marcus zelf komt ook nog aan het woord: ‘Ze hebben een onenightstand gehad waar ik het product van ben.’

Dat klinkt veel laconieker dan hij in werkelijkheid overkomt. Terwijl Marcus die ongrijpbare vader alsnog te pakken probeert te krijgen, worstelt hij met de wereld en zijn plek daarbinnen. Hij voelt zich weliswaar thuis in ‘wappie-Twitter’, maar overweegt toch om Nederland, en de bijbehorende ‘Matrix’, achter zich te laten. Boos- en kwetsbaarheid lijken voortdurend om voorrang te vechten – zijn relatie met vriendin Linda dreigt eronder te bezwijken. Marcus imagineert regelmatig een ander leven, van een man die heerst over z’n eigen bestaan, dat Jansen dan weer met enkele AI-prompts poogt op te roepen. Kun je anti-alles zijn en toch weer gezond in je hoofd worden? vraagt ze hem ook.

Sovereign Son weigert intussen categorisch om een rechttoe rechtaan zoektocht naar een verdwenen vader te worden – al bevat de film wel degelijk bezoekjes aan de mensen en plekken die hem even tot leven kunnen wekken. En Jansen waakt er ook voor om een sluitend portret te fabriceren van een zoon die zich, bij gebrek aan een gezond voorbeeld, verliest in toxische mannelijkheid en die, net als z’n vader, buiten het systeem wil leven. Deze film, een lekker tegendraadse dwarsdoorsnede van het leven van twee mannen die grip proberen te krijgen op wie ze (willen) zijn, vraagt en geeft intussen ruimhartig.

Een gedachte over “Sovereign Son

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.