Clubliefde Op Z’n Spartaans

Dutch Angle TV

Samen zijn we de verhalen

We vertellen ze allemaal

Van toen het kolkte, toen het spookte

Van euforisch en fenomenaal

Over zij die niet meer leven

Tot zij die mogen blijven dromen

Zes letters en twee kleuren

Vreemde vogels

Stadsiconen

Nee, hier is niet wijlen Jules Deelder aan het woord. Toch is de tongval van de spreker onmiskenbaar Rotterdams, worden met die twee kleuren wel degelijk rood en wit bedoeld en vormen de zes letters ook nog eens het woord S.P.A.R.T.A. Voormalig stadsdichter Derek Otte verhaalt over zijn onmetelijke liefde voor de keurige voetbalclub die al sinds jaar en dag op Het Kasteel acteert. In de schaduw van stadgenoot Feyenoord, dat wel. Al zal geen rechtgeaarde Spartaan dat toegeven.

Bij een andere hoofdpersoon van Clubliefde Op Z’n Spartaans (28 min.), één van de voortrekkers van een erg actieve supportersgroep, komt Jules Deelder alsnog prominent in beeld, vereeuwigd op een spandoek met zijn eigen quote: ‘Als Spartaan zijn wij geboren. Als Spartanen sterven wij.’ Nu hij zelf de daad bij het woord heeft gevoegd, heeft Deelder hoogstpersoonlijk kunnen vaststellen of de hemelpoort inderdaad, zoals hij zelf altijd stellig beweerde, ‘verdacht veel weg heeft van Het Kasteel.’

Het is duidelijk: regisseur Bernard Krikke richt zich in deze vermakelijke tv-docu niet zozeer op het spel met de bal zelf als wel op de clubcultuur die daaromheen is ontstaan. Hij spreekt in dat kader ook met schrijver Anton Slotboom, de clubarchivaris, een superfan met zijn eigen museumpje en de saxofonist van, jawel, Jules Deelder, die alle verschillende elementen lekker aan elkaar toetert met bekende jazzklassiekers. Want met een club als Sparta kun je nog altijd op z’n Deelders de blits maken.

In de woorden van diens bijna-erfgenaam Otte:

Mijn trouw heb je voor eeuwig

Mijn trots ook wel eens niet

Soms breng je grote vreugde

Soms niets meer dan verdriet

Valse hoop of goede moed

Mij raak je nooit meer kwijt

Sparta voor en Sparta na

Totdat mijn dood ons scheidt

Still Tomorrow

‘Hoe accepteer je jezelf?’ vraagt een studente van de universiteit van Peking aan de gast van de dag. ‘Hoe word je een gelukkige, tevreden vrouw?’ Dichteres Yu Xiuhua maakt van haar hart geen moordkuil. ‘Ik heb mezelf nog steeds niet volledig geaccepteerd’, zegt ze, moeizaam formulerend. ‘Bijvoorbeeld: ik wil een normaal gezicht trekken als ik praat. Dat lukt me niet. En hoe je een gelukkige vrouw wordt? Daar heb ik geen ervaring mee. Ik zou het je niet kunnen vertellen.’

Ze zegt het niet somber, eerder met een bijtend soort zelfspot. Het is en blijft echter een pijnlijke ontboezeming van de vrouw die een hersenverlamming heeft en daardoor voortdurend met een onwillig lichaam heeft te maken. Gelukkig heeft Yu Xiuhua een lenige geest. En de gave om de juiste woorden te vinden. Haar gedicht ‘Ik heb half China doorkruist om met jou te slapen’ heeft haar land bijvoorbeeld stormenderhand veroverd. En nu maakt ze een heuse boektournee.

Thuis, op het platteland, zit Yu Xiuhua echter gevangen in een slecht huwelijk, waar ze na twintig jaar eindelijk uit zou willen breken. Haar echtgenoot Yin Shiping is nauwelijks thuis, maar wil toch niet scheiden. ‘Nu je beroemd bent?’ zegt hij. ‘Vergeet het maar. Waar je ook gaat, ga ik.’ Ruziën kunnen ‘de hufter’ en zijn vrouw als de allerbesten, blijkt in de documentaire Still Tomorrow (52 min.) uit 2016. En nu is Yu Xiuhua’s moeder, bij wie de bekvechtende echtelieden inwonen, ook nog eens ziek.

Regisseur Fan Jian volgt de dichteres met de messcherpe tong – al komen de woorden soms moeilijk haar mond uit – tijdens haar strubbelingen met de (zelf)liefde. Dat is een eenzaam proces, zowel thuis als ‘on the road’. Ze zit vastgeketend aan een lichaam dat het hare is en toch nooit helemaal van haar wordt. Jian vervat dat gevoel in lange, zorgvuldige shots van Yu Xiuhua en haar directe omgeving. Die maken van deze wrange film tevens een rijke kijkervaring.

Intussen fungeren haar gedichten, zoals ze dat zelf fraai verwoordt, als wandelstokken waarmee ze rondstrompelt.

Still Tomorrow is hier te bekijken.

Dichterbij

EO

‘Dames, ik ben de dakloze dichter van Amsterdam’, zegt Hilmano van Velzen tegen de twee vrouwen voor wie hij net in een winkelcentrum in Almere vol vuur een gedicht heeft voorgedragen. Hij ziet er opvallend uit: een Surinamer in een schreeuwerige bontjas, met een zwarte capuchon op en behangen met opzichtige kettingen. Hij neemt de complimentjes in ontvangst en schakelt dan door: ‘En ik ben op zoek naar mijn vader. Die heb ik jaren niet gezien.’

Die vader is een steeds terugkerend thema in de gesprekken met de straatpoëet, voor wie de stad een soort huiskamer is geworden. Ze zijn ooit, ergens, gebrouilleerd geraakt en Hilmano kan dat nog altijd niet verkroppen. Samen met zijn vriendin Iris probeert hij Dichterbij (25 min.) de man te komen, die dat contact blijkbaar al een hele tijd afhoudt. En dichter bij de jongen die hij ooit moet zijn geweest.

De dakloze dichter is ook wel een opvallend portret. Al ruim 35 jaar struint hij door zijn stad (‘liever in Mokum zonder poen dan in Parijs met een miljoen’) en brengt hij zijn poëzie aan de man. Een geboren performer, dromend van z’n grote doorbraak. Er staat inmiddels ook een gedichtenbundel op stapel. Binnen drie maanden denkt Hilmano er zeker een miljoen van te kunnen verkopen. Alleen in Nederland, welteverstaan. ‘En dan die hele merchandise erbij!’

Die overmoed staat vast niet helemaal los van de harddrugs die hij, ook voor de camera, gebruikt in deze intrigerende korte film van Caroline Keman. Want soms kan zijn stemming ineens helemaal omslaan, ook in de relatie met Iris. Het maakt van hem ongetwijfeld een moeilijke en onvoorspelbare man, maar ook een fascinerend documentaire-personage. Zo’n man waar je, met een mengeling van plezier, irritatie en compassie, maar naar blijft kijken.

Keman doet dat met een onmiskenbaar gevoel voor sfeer en compositie. Dichterbij wordt daardoor een hallucinante film, die stiekem onder de huid kruipt. Over een man die met veel bravoure paradeert over het slappe koord tussen genie en gekte, waar hij elk moment vanaf kan donderen. ‘Ik heb niet overal antwoorden op, hè?’ zegt hij zelf. ‘Ik weet alleen dat de poëzie op het juiste moment in mijn leven is gekomen en dat het heelt en dat het verzacht. En dat de dromen die ik altijd had niet voor niets zijn geweest.’

Dichterbij is (tussen 20.00 uur en 6.00 uur) hier te bekijken.

O Amor Natural

NTR

‘De vlam die overal kan oplaaien. Op de grond, op het tapijt of zelfs op de keukentafel’, leest de ene Braziliaanse vrouw lachend voor aan de ander. ‘Een lijf aan lijf gevecht van zweet, sperma en lichaamsvocht.’ De twee dames op gevorderde leeftijd, zittend op een stoel aan het strand, kunnen hun lol niet op. ‘En daarna ga je naar bed om uit te rusten.’

‘De vrouw is ons de baas, vooral op het erotische vlak’, constateren twee gniffelende Braziliaanse mannetjes op een terras. ‘Doen jullie het nog wel?’, wil Heddy Honigmann weten. ‘Ik wel’, antwoordt de jongste, 67. ‘Maar ú doet het toch niet meer?’ schakelt de Nederlandse documentairemaakster door naar de ander. De 82-jarige man laat zich niet overrompelen: ‘Hoezo niet? Ik zal u niet vragen of u met mij wilt experimenteren.’ Schaterend: ‘Maar ik ben er niet slecht in.’

’Zuigen en gezogen worden door de liefde’, leest een andere oudere man met een dikke bril even later voor uit een bundel van de befaamde Braziliaanse dichter Carlos Drummond de Andrade (1902-1987). ‘Tegelijk de mond multivalent. Het lichaam twee in één genot volledig. Dat niet mij behoort noch jou behoort. Genot van fusie diffuse transfusie. Likken, zuigen en gezogen worden in hetzelfde spasme. Alles is mond en mond. Negenzestigvoud tongenmond.’ Honigmann: ‘Vindt u het mooi?’ De man begint te glunderen: ‘Het is half seksueel. Het is een beetje seksueel.’

Het recept is bedrieglijk simpel: neem O Amor Natural (76 min.), Drummond de Andrade’s postuum verschenen erotische gedichten, en leg de bundel voor aan gewone Brazilianen op leeftijd. Ze openen zich als vanzelf over hun eigen liefdesleven. Zo simpel als het idee voor deze documentaire uit 1996 is, zo elegant is de uitvoering. Honigmann belandt al luisterend en vragend bij de kapper, in een hoedenwinkel en – natuurlijk! – op het strand. Daar ontlokt ze haar gesprekspartners warme, sensuele en grappige ontboezemingen. Dat lijkt gemakkelijk, maar vraagt in werkelijkheid hele precieze casting en een uitstekend gevoel voor toon en timing. De juiste mensen, bij wie de juiste eh… snaar wordt geraakt.

Het resultaat is ernaar: O Amor Natural bulkt van de onvergetelijke personages. Zoals de vrouw die in een commercial een magnetron aanprijst omdat er dan meer tijd overblijft voor seks en daar dan weer heel eigen ideeën over heeft. Een 85-jarige schuinsmarcheerder en zijn vergevingsgezinde dochter, waarbij ’s mans vele buitenechtelijke affaires geen enkel schaamtegevoel oproepen. En de voormalige Olympische zwemster die blozend voorleest over ‘de driehoek van het schaamhaar wit van water, sperma, liefdes loop’. Stuk voor stuk wentelen ze zich (nog eenmaal) in de vleselijke liefde en worden ze overvallen door ‘saudade‘, die onmiskenbare mengeling van gevoelens van verlies, gemis, afstand en liefde.

En dat allemaal geïnspireerd door een befaamde dichter, die zijn pikante geschriften pas na zijn dood liet publiceren. ‘Een zacht beroeren van de clitoris’, leest de 74-jarige sambazangeres Dona Neuma daarin. ‘Ik weet niet wat dat is.’ De eigenaar van de dansschool die naast haar zit heeft ook geen idee. ‘De clitoris is het plekje dat de vrouwen genot geeft’, legt Heddy Honigmann uit. ‘Hij geeft dus de kittelaar een achternaam?’, reageert de vrouw verheugd. ‘Dan begrijp ik het.’ Waarna ze verlekkerd begint terug te blikken op haar huwelijk, dat achttien kinderen heeft opgeleverd. ‘Met al dat neuken heb ik hem gedood, denk ik.’

O Amor Natural is hier te bekijken.