Life In Color

Netflix

De aarde kan zich natuurlijk geen betere pleitbezorger wensen dan Sir David Attenborough. In de driedelige serie Life In Color (144 min.) buigt de hoogbejaarde Britse bioloog zich over de rol van kleur in de natuur. Kleuren waaraan we ons al sinds jaar en dag vergapen. En kleuren die wij, als mensen, helemaal niet kunnen zien en die nu met behulp van ‘speciaal voor deze serie ontwikkelde camera’s’ toch zichtbaar worden gemaakt.‘

Geheime communicatiekanalen voor de meest persoonlijke berichten’, oreert Attenborough daarover dat het weer een lieve lust is bij het begin van de serie, die natuurlijk ook weer een lust voor het oog is. ‘En zulke krachtige en prachtige kleuren dat ze onze zintuigen overrompelen. Om een partner te vinden, een rivaal te verslaan, een vijand te waarschuwen of je ervoor te verstoppen.’

In aflevering 1 exploreert de serie dieren die met kleuren proberen te imponeren. De pauw natuurlijk, maar ook ara’s, mandrils, kolibries en paradijsvogels. In de tweede episode duiken David Attenborough en zijn team in camouflagekleuren. Dit resulteert bijvoorbeeld in een enerverende scène waarin een Bengaalse tijger een groepje axisherten, dat hem door zijn schutkleuren nauwelijks kan waarnemen, probeert te besluipen. Uiteindelijk slaan enkele langoer-apen alarm.

De casus van de tijger wordt verder uitgewerkt in de laatste aflevering van Life In Color, waarbij de ‘kleurenblindheid’ van zijn prooien met een speciale bril wordt nagebootst. Zo wordt zichtbaar waarom de indrukwekkende jager zo lang onzichtbaar kan blijven. De slotaflevering concentreert zich nadrukkelijk op zulke pogingen van wetenschappers en filmers, bijvoorbeeld met een ultravioletcamera, om de alomtegenwoordige kleurenpracht te vatten.

Dat is beslist interessant, maar haalt ook de magie van al die indrukwekkende beelden uit de voorgaande twee uur, verlevendigd met een speelse soundtrack, een heel klein beetje weg.

De Boerenrepubliek

Bert ter Beek / ICU Documentaires

Het is een aangrijpend tafereel. Boer Bert ter Beek uit Oene, een man die je direct in je hart sluit, bidt het Onze Vader en heft vervolgens, te midden van de loeiende koeien in zijn stal, Psalm 121 aan. Als Bert klaar is, gaat hij aan het werk met de mannen die zijn gekomen om zijn vee te ruimen. Hij pakt een touw en leidt de eerste de beste koe de vrachtwagen in. Zijn hoogbejaarde vader kan het niet aanzien. Bert slaat zijn arm om hem heen en zegt troostend: ‘Stil maar, jongen. We redden het wel.’

‘De burger begrijpt de boer niet meer’, constateert verteller Felix Meurders aan het begin van de vierdelige serie De Boerenrepubliek (200 min.) van Hans Hermans en Martin Maat. ‘En de boer snapt de overheid al helemaal niet meer.’ De Brabantse varkensboer Frans Meulenmeesters verwoordt dat gevoel perfect. ‘Het is nooit, maar dan ook nooit, maar dan ook nooit genoeg.’ ‘s Mans bittere constatering vormt de opmaat naar een breed opgezette, empathische en genuanceerde rondgang langs de permanente botsing van belangen tussen boer, natuur en overheid, aan de hand van de MKZ-crisis in het voorjaar van 2001. Die ijlt twintig jaar na dato nog altijd na in agrarisch Nederland.

Het eerste geval van mond- en klauwzeer werd aangetroffen in Oene, een dorp in het Noordoosten van Gelderland dat direct in lockdown moest – een term die toen overigens nog helemaal niet werd gebruikt. De plaatselijke melkveehouder Albert Hassink haalde destijds het NOS Journaal met een videodagboek vanuit zijn eigen bedrijf. De beelden maken nog altijd indruk. ‘Die worden allemaal afgemaakt’, zegt Hassink met een snik in zijn stem, bij de aanblik van zijn ogenschijnlijk kerngezonde koeien. ‘Daar heb je je hele leven hard voor gewerkt. Je ouders, je voorouders, om dit op te bouwen. Het wordt in één dag allemaal afgemaakt. Allemaal.’ Hij sluit zijn video af met een oproep aan de toenmalige minister van landbouw, Laurens Jan Brinkhorst: ‘Minister, dit gaat fout. Dat ziet u toch ook wel?’

‘De reactie van deze boer begrijp ik heel goed’, reageert Brinkhorst twintig jaar later. ‘De individuele boer valt niks te verwijten.’ Het is volgens de oud-minister wel tragisch: omdat Nederland zelf – met steun van belangenorganisaties van de boeren – een toonaangevende exporteur van landbouwproducten wilde worden, moest het Europese non-vaccinatiebeleid worden ingevoerd. ‘De gevolgen zijn natuurlijk dat je je export kwijt bent als je gaat vaccineren.’ En dus werd er niet geënt, zoals de betrokken boeren wilden, maar ‘geruimd’, een eufemistische term voor het doden van de dieren. ‘Koeienmoord’, volgens sommige agrariërs. Van in totaal zo’n kwart miljoen, voor het grootste deel gezonde dieren. Dat zou uiteindelijk leiden tot rellen in Kootwijkerbroek. En die waren dan weer een logisch vervolg op de boerenprotesten van de jaren negentig en een voorbode van de grootschalige acties die organisaties als Farmers Defence Force tegenwoordig opzetten.

In deze ambitieuze reeks worden al die elementen, zo nu en dan met ingrijpen van voice-over Meurders, op een logische manier met elkaar verbonden: van de uitbraak van varkenspest tot het huidige stikstofbeleid en de Coronacrisis (die in 2001 al min of meer werd voorspeld door viroloog Ab Osterhaus). Met oog voor zowel de gevoelens en belangen van de Nederlandse boer als van zijn natuurlijke opponenten, de natuur- en dierenbeschermers. Die spreken over dierenbevrijding, een klimaatcrisis en gebrek aan biodiversiteit (en als gevolg daarvan zoiets als ‘landschapspijn’). Beide partijen lijken elkaar gevangen te houden in een kansloze strijd, waarin ook hun gezamenlijke vijand, ‘de politiek’, vooralsnog het verschil niet weet te maken.

Sinds de MKZ-crisis is het aantal boeren gehalveerd en het aantal dieren gelijk gebleven. Dat lijkt vragen om problemen. Alleen een fundamentele herbezinning zou de Gordiaanse knoop die de Nederlandse landbouw gaandeweg is geworden kunnen ontwarren. De Boerenrepubliek besteedt in dat kader ook aandacht aan veelal kleinschalige initiatieven om het boeren te vernieuwen. Uiteindelijk bepaalt de consument natuurlijk welke daarvan succesvol kunnen zijn. ‘Drie keer per dag hebben wij als mensen een stem in wat voor voedselsysteem wij willen’, stelt varkenshouder Jeffrey Korsmit uit Sint Willebrord. Hij houdt zijn Magalitza varkens gewoon buiten, waar ze lekker in de modder kunnen rollen. Voor hem en het welslagen van zijn bedrijf is het vanzelfsprekend essentieel dat de kwaliteit van het product (weer) voorop komt te staan.

Op een respectvolle manier belicht deze verzorgde serie zo, aan de hand van een crisis die diepe sporen heeft getrokken door de boerengemeenschap, alle verschillende posities en perspectieven rond de Nederlandse landbouw en hoe de toekomst daarvan eruit zou kunnen zien.

De Boerenrepubliek is hier te bekijken.

Normal Is Over

Renée Scheltema

Bijna een halve eeuw geleden waarschuwde een groep prominente wetenschappers, verzameld in de Club van Rome, al dat de aarde de oneindige behoefte aan beter, groter en meer van de mens nooit aan zou kunnen. Het rapport De Grenzen Aan De Groei fungeerde in 1972 als een wake-up call voor een complete generatie: het moest en zou anders met de wereld. Renée Scheltema was één van hen. Ze herinnert zich nog goed hoe ze tijdens de oliecrisis ging rolschaatsen op autoloze zondagen. Tegelijkertijd zag ze dat er uiteindelijk (te) weinig veranderde. Economische groei bleef leidend.

Sinds begin jaren negentig woont de Nederlandse met haar gezin in Zuid-Afrika. Gaandeweg groeide bij haar behoefte om de staat van de aarde op te maken in een persoonlijke film en te bekijken hoe de klimaatverandering, milieuverontreiniging en de massale uitroeiing van allerlei diersoorten tot staan kan worden gebracht. Want het roer moet om volgens haar en, zoals wiskundige/filosoof Charles Eisenstein het uitdrukt, Normal Is Over (102 min.). Dat uitgangspunt brengt haar gedurende enkele jaren naar alle uithoeken van de wereld, waar ze in gesprek gaat met wetenschappers, deskundigen en activisten.

De teneur van de film is beurtelings idealistisch, alarmistisch én hoopvol. Want initiatieven om de zaak ten goede te keren zijn er ook volop. Al blijft het vigerende maatschappijmodel, en de daarmee verbonden economische mores en verhoudingen, erg hardnekkig. Een enkele keer stuit Scheltema tevens op een luchtig tafereel, zoals wanneer de enorme koe van dierenactiviste Marina Rust-Evans in de keuken belandt en het halve interieur dreigt te verpletteren. Knuffelend krijgt de ‘cowgirl’ hem uiteindelijk toch weer naar buiten. 

Door zijn inhoud en toonzetting zal Normal Is Over, dat ongegeneerd ijvert voor een betere wereld, niettemin vooral aftrek vinden bij een kijkersgroep, die zich sowieso al bekommert om de toekomst van de aarde en haar bewoners. Want om de (meeste) ideeën in de documentaire te omarmen, zal ieder van ons ook zijn eigen streven naar economische groei moeten loslaten. En dat lukt vermoedelijk pas als we in ons eigen leven de absolute noodzaak daartoe zien.

Wellicht dat de Coronacrisis daarin nog als vliegwiel gaat fungeren…

Acasă, My Home

Astra Film

Dit verhaal zou zich kunnen afspelen op een onontgonnen stuk wildernis in Zuid-Amerika. Of op een nagenoeg verlaten Indonesisch eiland. Met ontblote bast peddelt een groepje verwilderde jongens in een bootje door het water. Op zoek naar vis, een zwaan achtervolgend. Volledig één met de natuur. Op de achtergrond prijkt alleen een rijtje grauwe flats. De Roemeense hoofdstad Boekarest bevindt zich op nauwelijks een steenworp afstand.

Twintig jaar geleden nam de gypsy Gica Enache, teleurgesteld in de reguliere maatschappij, zijn vrouw Niculina mee naar Vacaresti, een verwaarloosd natuurgebied met meren en wilde dieren vlakbij de stad. Daar voedden ze samen maar liefst negen kinderen op. De pater familias doet denken aan het Viggo Mortensen-personage uit de fraaie speelfilm Captain Fantastic, een vader die zijn kroost in de bossen probeert te behoeden voor de consumptiemaatschappij. Tagline: he prepared them for everything except the outside world.

Zoals ook de vergelijking met de documentaire The Wolfpack, over de zes broers Angulo die van hun dominante vader jarenlang hun New Yorkse appartement nauwelijks mochten verlaten, zich onvermijdelijk aandient bij  Acasă, My Home (86 min.). Zeker omdat ook hier de buitenwereld zich steeds nadrukkelijker meldt in de wereld van de Enaches, in de vorm van ambtenaren die van Vacaresti een beschermd natuurpark willen maken en de kinderbescherming die zich zorgen maakt over het welzijn van de kinderen.

Dat kan niet goed gaan. En dat doet het dus ook niet. ‘Wil je zien hoe ik mezelf in brand steek?’ roept de patriarch theatraal als zo’n groepje bemoeials zich meldt op het vervuilde erf bij zijn hut. ‘Gewoon voor de show.’ Voordat hij, met een peuk in de hand, de daad bij het woord kan voegen, wordt de boel gesust. De Enaches zullen moeten terugkeren naar de maatschappij die ze de rug toe hadden gekeerd. En vader Gica, die kampt met gezondheidsproblemen en mede daardoor de controle verliest, gaat mee. Of hij dat nu wil of niet.

De kinderen worden daar eens goed gewassen, gaan naar de kapper en stromen ook in op school, waar ze lezen, schrijven en rekenen kunnen leren. De domesticatie van de zigeuners, een bevolkingsgroep waarop menige Roemeen neerkijkt, verloopt desondanks niet zonder strubbelingen. In deze fraaie debuutfilm van onderzoeksjournalist Radu Ciorniciuc blijven twee totaal verschillende ideeën over het leven met elkaar botsen. Aarden in de nieuwe wereld gaat dus bepaald niet vanzelf, terwijl terugkeren naar de oude eveneens onmogelijk is.

Het is het centrale dilemma van de familie Enache – en vrijbuiters in het algemeen – dat Ciorniciuc vervat in een beeldende vertelling, waarin vissen en het eten of verkopen daarvan een symbolische lading krijgt. Als manier van in contact blijven met de natuur, als product om in het eigen levensonderhoud te kunnen voorzien en als activiteit die in de bewoonde wereld alleen op afgesproken plekken geoorloofd is. Het komt allemaal samen in een film die inmiddels diverse filmprijzen won, waaronder de Cinematography Award op het Amerikaanse Sundance Film Festival.

David Attenborough: A Life On Our Planet

Keith Scholey / Silverback Films / Piece Of Magic

Als iemand liefde voor de aarde verpersoonlijkt, dan is het David Attenborough. De Britse bioloog en televisiemaker mag vanwege zijn vele natuurdocumentaires en -boeken tegenwoordig zelfs ‘sir’ voor zijn naam zetten. Hij is inmiddels dik in de negentig en nog even bevlogen als altijd. ‘Dit is mijn getuigenverklaring en mijn visie voor de toekomst’, zegt de geboren verteller bij aanvang van David Attenborough: A Life On Our Planet (83 min.).

Deze film kan worden beschouwd als de aanbiedingsbrief bij zijn nalatenschap, gericht aan de wereld waarvan hij binnen afzienbare tijd toch afscheid zal moeten nemen. Het is een ontdekkingsreis door zijn eigen leven, de ontwikkeling van de aarde en de impact van de mens daarop, elementen die samenkomen in ‘s mans grenzeloze liefde voor mens, plant en dier en zijn zorgen over hun toekomst. Er zijn geen restricties, concludeert hij droef. ‘We kunnen blijven consumeren. Totdat de aarde op is.’

In zekere zin is deze documentaire van Alastair Fothergill, Jonnie Hughes en Keith Scholey herkenbaar als een typische Attenborough-productie: de imposante beelden van de aarde als habitat voor al wat leeft en de uit duizenden herkenbare stem waarmee hij die op weergaloze wijze toegankelijk maakt voor een groot publiek hebben nog niets aan kracht ingeboet. De toonzetting is alleen somberder. Hier spreekt een man die alles wat hem lief is door zijn handen ziet glippen.

‘De wereld is echt niet meer zo wild als ie ooit was’, lamenteert hij over de biodiversiteit die hij zijn hele leven lang heeft bezongen en die nu rücksichtslos dreigt te worden vertrapt. ‘Dat hebben we vernietigd.’ Attenborough zou echter Attenborough niet zijn als hij geen uitweg zag uit de misère. Deze persoonlijke getuigenis wordt afgesloten met een plan de campagne voor een behouden toekomst. ‘Als wij voor de natuur zorgen’, klinkt het vol vertrouwen, ‘zal de natuur voor ons zorgen.’

Chasing Coral

Netflix

Bekentenis: er zijn dagen dat ik niet aan koraalriffen denk. Of aan de verschraling en verdwijning ervan, die het gevolg zou zijn van klimaatverandering (of onderdeel is – dat zou natuurlijk ook kunnen – van een concept dat door de Chinezen werd bedacht om de Amerikaanse industrie te ontwrichten).

De documentaire Chasing Coral (89 min.), opvolger van het voor een Oscar genomineerde Chasing Ice, is niet minder dan een manifest, een oproep om het tij te keren. Koralen zijn essentieel voor het ecosysteem, zo betoogt regisseur Jeff Orlowski, ondersteund door een hele trits deskundigen. Je kunt tenslotte ook de bomen niet uit het bos weghalen.

De pogingen van wetenschappers en activisten om op allerlei exotische plekken onder water (prachtig) bewijsmateriaal te verzamelen, waarin letterlijk is te zien hoe de koralen afsterven, vormen het hart van deze documentaire. Die beelden geven deze groots opgezette film zelfs, als je er gevoelig voor bent, een emotionele climax.