Beste Meneer Bouterse

Amstelfilm

‘Een land dat zijn verleden niet onder ogen durft te komen heeft geen toekomst’, constateert de Surinaams-Nederlandse journalist Ananta Khemradj. Zij was nog niet geboren toen in 1982 de zogenaamde Decembermoorden plaatsvonden in Suriname. Deze traumatische gebeurtenis, waarbij vijftien tegenstanders van het bewind van president Desi Bouterse werden vermoord, splijt het land nog altijd in tweeën.

In de persoonlijke documentaire Beste Meneer Bouterse (63 min.) richt Khemradj rechtstreeks het woord tot de voormalige legerleider, ex-president en politiek leider van de NDP over de tweespalt in Suriname. ‘Ik snap niet dat u ervoor kiest het gezicht te worden van het land’, zegt ze bij beelden van hoe Bouterse wordt toegejuicht door zijn hondstrouwe aanhang. ‘Wetende dat u zoveel mensen pijn hebt gedaan.’

Terwijl ze door Suriname reist gaat Khemradj in gesprek met allerlei landgenoten. Van de huidige president Chan Santokhi en filmmaker Pim de la Parra, de man achter de eerste Surinaamse speelfilm Wan Pipel na de onafhankelijkheid in 1975, tot pro-Bouterse stemmen zoals oud-woordvoerder Ricardo Panka, NDP-jongere Raynel Enfield en voormalig minister Jennifer van Dijk-Silos.

De ‘Boutisten’ pleiten ervoor om de blik te richten op de toekomst, terwijl hun opponenten vinden dat die pas kan beginnen als er recht is gedaan aan het verleden. Daardoor zit het land in een patstelling en lopen veel Surinamers nog altijd op eieren wanneer ze worden bevraagd op politieke kwesties. Als Ananta Khemradj met jongeren wil praten over hoe het verder moet met Suriname stuit ze dan ook regelmatig op onwil, angst en boosheid.

Deze documentaire is bedoeld om een begin te maken met zoiets als nationale verzoening. Dat is erg hoog gegrepen voor één enkele film. En ook Khemradj’s poging om na een gesprek met Jan Pronk, de Nederlandse minister die destijds verantwoordelijk was voor Suriname’s onafhankelijkheid, toegang te krijgen tot vertrouwelijke stukken over de toedracht van de Decembermoorden, lijkt gedoemd om te mislukken.

Beste Meneer Bouterse is vooral een loffelijke poging om het maatschappelijke gesprek toch weer te openen en te bekijken hoe een nieuwe generatie Surinamers zich zou kan loswrikken van de traumatische geschiedenis, die het land nu al veertig jaar in verschillende facties verdeelt.

The Big Conn

Apple TV+

Zou het hartveroverende personage Saul Goodman, de lekker louche advocaat uit de gelauwerde series Breaking Bad en Better Call Saul, misschien geënt zijn op Eric C. Conn? De advocaat uit Pikeville, Oost-Kentucky, oogt net zo goedkoop, houdt er al even dubieuze methoden op na en schaamt zich ook niet voor een Goodman-achtige commercial, compleet met country- of rapsongs, koddige dansjes en bevallige dames, onder wie de bekende pornoster Raven Riley. En Conn laat rustig, dat ook, een standbeeld van Abraham Lincoln, à 400.000 dollar, bij zijn privéparkeerplaats plaatsen.

In de mijnstreek heeft ‘Mr. Social Security’, een ‘Appalachian’ kruising tussen Robin Hood en Rudy Giuliani, aan het begin van deze eeuw een uitkeringsfraude van ruim een half miljard opgezet. Bijna honderd procent van de aanvragen voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering die hij indiende namens zijn cliënten, doorgaans slecht opgeleide en al enige tijd werkeloze werkemensen, werden toegewezen door één en dezelfde rechter: David Daugherty uit Huntington, West-Virginia. En daarvan kreeg de doorgewinterde – opgelet! – Connman dan weer een heel fijn percentage, dat werd geïnvesteerd in zo ongeveer een week vakantie per maand.

The Big Conn (232 min.), de vierdelige serie van James Lee Hernandez en Brian Lazarte (McMillions) over die kwestie, profiteert intussen van een heuse sterrencast: via passages uit zijn ongepubliceerde autobiografie, ingesproken door Boyd Holbrook, wordt de Conn-artiest zelf opgevoerd. Hij zal ook nog op andere manieren van zich laten horen. Daarnaast is er bijvoorbeeld Mason Tackett, een lochte hillbilly-variant op Eminem. Jennifer Griffith en Sarah Carver, klokkenluiders bij de Sociale Zekerheidsadministratie, fungeren als de tweekoppige Erin Brockovich, terwijl Damian Paletta, de Woodward & Bernstein voor hetzelfde geld van The Wall Street Journal, de zwendel uiteindelijk publiek maakt.

In de handen van Hernandez en Lazarte, die hun sappige schelmenverhaal opleuken met erg dik aangezette reconstructiescènes, losse humor en ludieke muziekjes (waaronder de kraker Little Green Bag van George Baker, dat sinds Quentin Tarantino’s Reservoir Dogs toch echt als een afgelikte boterham geldt), wordt Conn een nóg larger than larger than life-personage. Hoe vaak hij is getrouwd, daarover verschillen bijvoorbeeld de meningen. Ergens tussen de zes en veertig keer. ‘De vent heeft gewoon geen moreel kompas’, stelt Conns goedlachse advocaat Scott White. ‘Je kunt een slang niet verwijten dat ie zich als een slang gedraagt.’

Te midden van Conns kolder dreigt de achterliggende problematiek – van de gewone mensen met een haperend lichaam, die zich ook bij Kentucky’s eigen Goodman hebben gemeld – verloren te gaan. Want als de Amerikaanse overheid begint terug te slaan en toegekende uitkeringen ineens stopzet, worden zij geacht om de klappen op te vangen. Als deze kwetsbare Amerikanen in aflevering drie letterlijk in beeld komen, verandert deze miniserie even rigoureus van toon. Die plotselinge aandacht voor Conns slachtoffers blijft alleen een beetje een fremdkörper. Al snel vervolgt The Big Conn z’n weg weer als het type vermakelijke real life-misdaadkomedie, dat tegenwoordig per strekkende meter wordt afgeleverd.

Trust No One: The Hunt For The Crypto King

Netflix

Begin 2019 komt de onheilstijding: Gerald Cotten, de dertigjarige oprichter van de Canadese cryptowisselbeurs QuadrigaCX, is tijdens een reis in India plotseling overleden. Hij neemt de wachtwoorden van zijn klanten mee het graf in. Ruim tweehonderd miljoen dollar, geïnvesteerd in bitcoins, wordt daardoor onbereikbaar. 

Enkele Quadriga-gebruikers, waaronder een digitaal geanonimiseerde investeerder met de schuilnaam QCXINT, laten het er niet bij zitten en gaan online op zoek naar hun geld. Ze beginnen zich al snel af te vragen of Gerry eigenlijk wel dood is. Is die nerdy jongen, die nog geen vlieg kwaad leek te doen, er misschien stiekem tussenuit geknepen met hun inleg?

Dat is een aardige premisse voor Trust No One: The Hunt For The Crypto King (91 min.), een diepe duik in de ondoorzichtige wereld van het grote (virtuele) geld, waarbij ook nu weer niets is wat het lijkt en het antwoord op de ene vraag alleen maar een volgende vraag inluidt. Waarbij het bovendien, zo gaat dat dan, de vraag is wanneer een bruikbare hypothese verandert in een ordinaire complottheorie.

Met slachtoffers, direct betrokkenen en enkele deskundigen probeert regisseur Luke Sewell in deze interessante financiële thriller door te dringen tot de kern van de grootschalige zwendel (?), die een spoor van gedupeerden heeft achtergelaten. Zij willen genoegdoening, maar bij wie kunnen ze terecht voor digitaal geld dat spoorloos is verdwenen en misschien zelfs wel nooit heeft bestaan?

Torn

Disney+

Heb jij kínderen? De andere klimmers konden het nauwelijks geloven. Daarvoor moest je toch een verantwoordelijk leven leiden? En dat leek lastig te verenigen met het bedwingen van de hoogste bergtoppen van de wereld. Toch was dat precies wat Alex Lowe deed. Samen met zijn vaste partner Conrad Anker behoorde hij zelfs tot de absolute wereldtop. Tot die ene fatale dag in Tibet, 5 oktober 1999.

Ruim twintig jaar later kijkt zijn oudste zoon Max Lowe, die tien was toen Alex plotseling verdween, samen met zijn moeder Jennifer en jongere broers Sam en Isaac terug op het leven van zijn illustere vader. Waarbij onvermijdelijk de vraag opspeelt of dat klimmen nu werkelijk belangrijker was dan zijn gezin? En hoe nabestaanden vervolgens moeten omgaan met het antwoord op die vraag?

Max bekijkt in Torn (92 min.) beelden van de laatste expeditie van de man waaraan hij en zijn broers slechts beperkt herinneringen hebben. Hij vraagt zijn maat Conrad bovendien om te vertellen wat hij nog weet van die tragische trip, toen ze werden overvallen door een helse lawine. Wat ging er in zijn vader om tijdens de laatste dagen en uren van zijn leven? Dacht hij nog aan hen?

Max Lowe’s persoonlijke zoektocht brengt hem in de tweede helft van deze intieme, intense en erg ontroerende film op precair terrein, als hij exploreert hoe zijn familie omgaat met wat zijn vader heeft achtergelaten. Welke plek kan Alex nog spelen in het leven dat voor hen gewoon verder gaat? En kan iemand ooit de plek innemen van deze geïdealiseerde ouder, die elke dag meer op ‘Superman’ begint te lijken?

Voor de emotionele afwikkeling van dat zeer persoonlijke proces begeven Max Lowe en zijn familie zich naar de plek waar alles begon en eindigde: Shishapangma in Tibet. Daar kunnen ze afscheid nemen van de man die al ruim twintig jaar over hun schouder meekijkt terwijl zij er samen, in zijn geest, het beste van proberen te maken.

The New Corporation: The Unfortunately Necessary Sequel

Volgens de Amerikaanse wet hebben ondernemingen opmerkelijk genoeg dezelfde rechten als mensen. Dat bracht de makers van de documentaire The Corporation er in 2003 toe om bedrijven eens door te lichten aan de hand van de Personality Diagnostic Checklist uit de DSM-IV, het standaardwerk over psychische stoornissen. Als ondernemingen inderdaad vergelijkbaar waren met mensen, concludeerden ze, dan gedroegen die zich als psychopaten. Voor het maximaliseren van de winst was zo’n beetje alles geoorloofd.

Een kleine twintig jaar later heeft menige multinational zijn koers verlegd. Maatschappelijk verantwoord ondernemen lijkt het nieuwe parool. Gaat het om een serieuze koerswijziging of is het vooral een cosmetische ingreep? vragen de makers van dit vervolg zich af. Toevallig is er inmiddels ook een nieuwe editie van de DSM verschenen. Die bevat zowaar een extra kenmerk om psychopatie te scoren: het gebruik van verleiding, charme, welbespraaktheid of vleierij om je doelen te bereiken. Als dat geen aardige invalshoek is voor The New Corporation: The Unfortunately Necessary Sequel (107 min.)…

De documentairemakers Joel Bakan en Jennifer Abbott houden het opereren van grote ondernemingen vervolgens weer ouderwets kritisch tegen het licht. Ze belichten diverse pijnlijke voorbeelden van ‘creative capitalism’ en ontwaren daarin allerlei boeiende tendensen, zoals bijvoorbeeld de pogingen om de overheid steeds onmachtiger te maken, ‘starve the beast’, en daarna, onder het mom van ‘dat kunnen wij beter’, elementaire taken te privatiseren: van de gezondheidszorg en het onderwijs tot de watervoorziening en het leger. Alles moet aan de markt worden overgelaten. En daardoor gaan ondernemingen steeds meer de dienst uitmaken en worden sociale verbanden, de democratie en de aarde zelf steeds verder ontwricht.

The New Corporation brengt een onversneden activistische boodschap, met treffende acties van linkse helden als Alexandria Ocasio-Cortez en Katie Porter en interviews met gekende criticasters van het hedendaagse kapitalisme, zoals de strijder tegen inkomensongelijkheid Robert Reich, Indiase activiste Vandana Shiva, Winner Takes All-schrijver Anand Giridharadasm, activistische burgemeester van Barcelona Ada Colau en filosoof Noam Chomsky. In wezen slaat dit vervolg daarmee op dezelfde trom als de oorspronkelijke Corporation-film en voegt het ook niet zo heel veel toe aan recente documentaires zoals Saving Capitalism en het Thomas Piketty-vehikel Capital In The Twenty-First Century.

Hoewel de inhoud soms echt schokkend is, klinkt die inmiddels toch ook wel erg vertrouwd en zou deze preek dus wel eens alleen de eigen parochianen, van de Linkse kerk natuurlijk, kunnen bereiken.

The Corporation

Is het een monster, een kapitalistische weldoener of toch een psychopaat? In het messcherpe video-essay The Corporation (144 min.) uit 2003 ontleden Mark AchbarJennifer Abbott en Joel Bakan (die ook het gelijknamige boek schreef) wat een onderneming nu eigenlijk is, wat zo’n in essentie indentiteitsloze entiteit werkelijk beoogt en wat daarvan de maatschappelijke impact is. De aanleiding is amoreel gedrag van (CEO’s van) multinationals, de toon zonder enige twijfel links-activistisch en de overkoepelende boodschap nog altijd ontzettend actueel: de namen van toenmalige boosdoeners als Exxon, Dow Chemical en Monsanto kunnen moeiteloos worden vervangen door moderne pendanten zoals Facebook, Google en – in een Nederlandse context – Shell en de NAM.

Omlijst door een aanstekelijke mixture van fragmenten uit nieuwsreportages, commercials, voorlichtingsfilmpjes, animaties, speelfilms en documentaires geven zowel linksige opiniemakers zoals Noam ChomskyNaomi Klein en Michael Moore als (voormalige) topmannen van internationaal opererende ondernemingen, beurshandelaren, vertegenwoordigers van rechtse denktanks en de Nobelprijs-winnende vrije marktdenker Milton Friedman hun visie op de aard van onderneming en het kapitalisme in het algemeen. Mijn eerste reactie op de aanslagen van elf september? bekent een beurshandelaar openhartig. Simpel: ‘Gaat de goudprijs nu omhoog?’ Ofwel, het welbekende adagium: never waste a good crisis.

Alles op de wereld zou een exploitant moeten hebben, stelt een andere geboren entrepreneur zelfs. Want zo iemand draagt beslist zorg voor zijn eigen eigendom. En dat zou dan de ultieme bescherming zijn voor alles wat waarde vertegenwoordigt. Deze film toont nochtans moeiteloos aan dat diezelfde wereld nog veel vaker compleet weerloos is tegenover de mensen en bedrijven die van ‘moving product’ hun hoogste ideaal hebben gemaakt en zoomt in op enkele absurde voorbeelden van dat doorgeslagen kapitalisme, zoals het doodenge Disney-stadje Celebration in Florida, een undercover-campagne voor ‘real life-product placement’ en het patenteren van zowat alles wat je in je stoutste dromen kunt bedenken; van de complete drinkwatervoorziening in de Boliviaanse stad Cochabamba tot levende organismen (waarbij de mens, vooralsnog, is uitgezonderd).

Voor de Amerikaanse wet hebben ondernemingen dezelfde rechten als fysieke personen. Ze moeten dan echter wel worden beschouwd als psychopathische personen, constateren de makers van The Corporation. Zorgvuldig vinken ze alle eigenschappen af op de zogenaamde ‘Personality Diagnostic Checklist’ van de World Health Organisation. De gevolgen laten zich raden: van stuitende witte boordencriminaliteit en slinkse marketingcampagnes die volledig zijn gericht op maximaal zeurende kinderen tot exploitatie van mens en dier, massaontslagen, de verspreiding van ziektes, klimaat- en milieuverontreiniging en – natuurlijk! – oorlog. ‘Elk mens van vlees en bloed is een morele persoon’, stelt Noam Chomsky. ‘Tegelijkertijd laten we allerlei verschillende soorten gedragingen zien. Ieder van ons kan, onder bepaalde omstandigheden, medewerker van een gaskamer of juist een heilige worden.’

Dat is een ontnuchterende gedachte, met potentieel nefaste gevolgen. En die worden in deze pamflettistische film in een naargeestige historische context geplaatst – inderdaad: de banden tussen Hitler-Duitsland en bedrijven als IBM en Coca Cola (dat speciaal voor de Duitse markt Fanta ontwikkelde) – en zeker niet altijd even genuanceerd uitgeserveerd. Behalve voor winst zouden die ondernemingen immers ook – ik noem maar een dwarsstraat – voor perspectief voor mensen en hun gemeenschappen kunnen zorgen. Als totaalpakket is The Corporation niettemin een indrukwekkende aanklacht tegen het ongebreidelde kapitalisme, dat in grote delen van de wereld nog altijd – ook ná de financiële crisis van 2008, waarvan nog altijd niet iedereen is hersteld – als een allesomvattend geloof wordt aangehangen.

Call Her Ganda

‘Als die freak zich heeft voorgedaan als vrouw en daarover niet eerlijk is geweest, dan heb ik geen enkele moeite met de houding van de marine’, stelt Mike Coleman op Twitter. ‘Die transgender-jongen heeft gelogen, zo simpel is het’, vult Kelly Darcy aan. ‘Dit is seksueel misbruik.’ En ene Justin Darling, tweet: ‘Gerechtvaardigde doodslag! Ze moeten die gast met een rode loper onthalen in Amerika. Je speelt nu eenmaal met vuur als je liegt over wie je bent…’

Zomaar wat reacties op het ‘open riool’ Twitter op de gewelddadige dood van Jennifer Laude, een transgender-vrouw uit de Filipijnen. De verdachte is een Amerikaanse marinier genaamd Joseph Scott Pemberton, die in de voormalige kolonie van de Verenigde Staten was gestationeerd. Hij zou er pas tijdens de seks achter zijn gekomen dat hij met een she-male, een vrouw met een piemel, in bed was beland. Dat is het uitgangspunt van de activistische documentaire Call Her Ganda (97 min.), die de navolgende rechtszaak vanuit het perspectief van Laudes nabestaanden benadert.

Regisseur PJ Raval plaatst de gewelddadige dood uit 2014 in een historische context. In het pre-koloniale tijdperk maakten transgenders deel uit van de Babaylan-cultuur en werden ze gezien als spirituele leiders en sjamanen. Na de kolonisatie van de Filipijnen door Spanje deed de katholieke kerk hen echter in de ban. ‘We zijn verdreven naar niche-industrieën, zoals de schoonheidsindustrie en de seksindustrie’, stelt de activiste Naomi Fontanos. ‘De transgender-beweging zelf moet een einde maken aan het idee dat je je lichaam moet verkopen om te kunnen overleven.’

Terwijl Jennifer Laudes radeloze moeder (die niet onder ogen wil zien dat haar kind waarschijnlijk sekswerk verrichtte), haar zus Marilou (die vermoedt dat haar eigen zoontje homoseksueel is) en Jennifers aanstaande Duitse echtgenoot Marc Sueselbeck (die zich gestaag ontwikkelt tot LGBT-activist) Pemberton veroordeeld proberen te krijgen, schermt diens team met het zogenaamde Visiting Forces Agreement. Op basis daarvan vallen Amerikaanse militairen ook als ze in de Filipijnen een misdaad begaan onder Amerikaans recht.

Intussen probeert Pembertons moeder Lisa het beeld van haar zoon als een licht ontvlambare homohater te nuanceren. Zo zit het niet: de negentienjarige soldaat eerste klas uit Massachusetts heeft zelf een lesbische zus. Daarmee legt deze interessante film twee volledig tegengestelde werelden bloot, waarbij de moeders meer met elkaar gemeen hebben dan ze zelf denken: allebei steunen ze onvoorwaardelijk hun eigen kind en zien ze hun eventuele karakterzwaktes het liefst door de vingers. Al blijft er natuurlijk een essentieel verschil tussen dader en slachtoffer…

Inside Lehman Brothers: The Story Goes On

lehman (1)

 

Als een donderslag bij heldere hemel ‘viel’ tien jaar geleden Lehman Brothers. De Amerikaanse zakenbank dreigde in 2008 bovendien de complete financiële sector met zich mee te trekken in het ravijn. Tijdens de wereldwijde economische crisis die zo ontstond moesten overal overheden bijspringen. Bij banken die als ‘too big to fail’ werden betiteld, maar er in de voorgaande jaren alles aan leken te hebben gedaan om juist die ondergang te bewerkstelligen.

‘Als ik dit zou laten zien aan Stevie Wonder, dan zou zelfs hij het zien’, vertelt Linda Meekes, een voormalige medewerkster van Lehman, als ze een vervalst financieel overzicht laat zien. Samen met enkele collega’s probeerde ze, ruim voordat de bank in 2008 plotseling in een vrije val terecht zou komen, de onregelmatigheden bij haar werkgever al aan de orde te stellen en Lehmans (ram)koers bij te sturen. Het kwam hen op vijandigheid, hoon en pure intimidatie te staan.

In Inside Lehman Brothers: The Story Goes On (85 min.) reconstrueren deze klokkenluiders hoe Lehmans übercompetitieve CEO Dick Fuld, bijgenaamd ‘de gorilla’, en zijn ‘cowboys’ in die jaren zonder enige vorm van scrupules handelden in dubieuze financiële producten en hypotheken. Om er zelf rijk van te worden, zonodig ten koste van hun eigen klanten. Fuld en de zijnen opereerden natuurlijk liefst binnen de wet, maar als het nodig was gingen ze ook gerust erbuiten. En als je daar als eenvoudige medewerker iets van wilde zeggen, zo toont deze stevige documentaire van Jennifer Deschamps aan, was je je baan bepaald niet meer zeker.

Inside Lehman Brothers: The Story Goes On biedt verder geen opzienbarende nieuwe inzichten. De roofdiermentaliteit binnen de financiële sector, zakenbanken zoals Lehman in het bijzonder, is al eerder tot in detail opgetekend in speelfilms en documentaires. Deze film laat echter zien dat er binnen die giftige werkatmosfeer ook wel degelijk medewerkers waren die hun geweten lieten spreken. Terwijl Gorilla Fuld en sommige van zijn cowboys de mede door hen veroorzaakte cris verlieten met een spreekwoordelijke zak geld, bleven zij achter met niet veel meer dan pek en veren.

De financiële crisis van 2008 heeft in de afgelopen jaren al tot een hele serie boeiende, veelal messcherpe documentaires geleid. In Oscar-winnaar Inside Job legt Charles Ferguson bijvoorbeeld enkele hoofdrolspelers ongenadig het vuur aan de schenen.

Enron: The Smartest Guys In The Room richt zich op malversaties bij het energiebedrijf Enron, die in 2001 aan het licht kwamen en zo de crisis van 2008 al min of meer aankondigden.

Unrest


Zolang er nog geen breed gedragen consensus bestaat over de precieze oorzaak blijft er waarschijnlijk altijd een zweem van twijfel hangen rond het Chronische Vermoeidheidssyndroom (ook wel ME of CVS genaamd). Gaat het om louter psychosomatische klachten (en is het dus een hedendaagse variant op wat ze vroeger hysterie noemden)? Of bestaat er wel degelijk een lichamelijke trigger voor al die ontwrichtende pijn en vermoeidheid?

In de indringende documentaire Unrest (97 min.) belicht Jennifer Brea de aandoening vanuit haar eigen persoonlijke perspectief. Hoe ze zelfs tijdens de geringste inspanning, zoals bijvoorbeeld een trap oplopen, vaak even moet uitrusten. Hoe ze door een overdaad aan prikkels volledig overstuur kan raken en dan alleen nog onverstaanbare klanken uitbrengt. En hoe ze uiteindelijk (vrijwel) elke dag volledig uitgeput en afgebrand in bed belandt, te moe en terneergeslagen om te leven.

Vanuit datzelfde bed heeft Brea ook een belangrijk deel van deze egodocu gemaakt; via haar laptop legt ze contact met medepatiënten, doctoren en wetenschappers en bespreekt met hen de oorzaken en gevolgen van het bestaan achter de dichtgetrokken gordijnen. Die persoonlijke betrokkenheid geeft de documentaire een echte meerwaarde: dit is niet zomaar een film over CVS-patiënten, maar een film ván en mét gewone mensen die gebukt gaan onder een ontluisterende aandoening, die behalve allerlei lichamelijke en geestelijke consequenties ook allerlei sociale implicaties meebrengt.

Met de ferme stomp in de maag Unrest, die inmiddels allerlei prijzen won en op de short list staat voor de Oscars, geeft Jennifer Brea het veelal verborgen leed van de CVS-lijder en zijn/haar directe omgeving een gezicht – twee, als je haar partner Omar meetelt, wiens leven ook volledig is ontregeld. Intussen doet Brea een dringend beroep op de (medische) wereld om de ziekte te erkennen en het gevecht ertegen met vereende kracht aan te gaan.

The Untold Tales Of Armistead Maupin


Hij was de man die acteur Rock Hudson vlak voor zijn dood ongevraagd outte. Schrijver Armistead Maupin kwam zelf pas op latere leeftijd uit de kast als homoseksueel en vond dat hij de Hollywood-held Hudson, die stervende was aan aids, moest helpen met schoon schip maken. Of de vermeende womanizer dat nu wilde of niet.

Het is één van de weinige keren dat The Untold Tales Of Armistead Maupin (91 min.) een weerhaakje vindt bij de chroniqeur van de gayscene van San Francisco, die met zijn eigen rubriek Tales Of The City in de plaatselijke krant een menselijk gezicht gaf aan de ontluikende LGBT-cultuur in de Verenigde Staten. Maupin had in deze zachte en ook wat veilige film van Jennifer M. Kroot, waarin zijn schrijfwerk een prominente plek krijgt en celebrities als Laura Linney en Ian McKellen de loftrompet over hem steken, soms wel wat scherper bevraagd mogen worden.

Hij oogt tegenwoordig als de gedistingeerde Republikeinse heer, die zijn conservatieve ouders ooit voor ogen moeten hebben gehad in de tijd dat hij, nog altijd stevig in de kast, een baantje had bij de rabiate homohater, senator Jesse Helms. Sindsdien is Maupin opgeschoven naar de andere kant van het politieke spectrum, naar homo-activisme. Toen het HIV-virus ongenadig huishield in de Amerikaanse homoscene en er, ook voor Armistead Maupin, geen weg terug meer was naar de bloeiperiode van San Francisco’s gaywijk Castro, die hij ooit zo treffend had opgetekend.