De Erfenis Van Luther


Zou de hedendaagse westerse wereld een moderne Maarten Luther kunnen gebruiken? Die vraagt dringt zich onvermijdelijk op tijdens het bekijken (nee: ondergaan) van De Erfenis Van Luther (55 min.), het eigenzinnige filmessay van Peter Greenaway over Maarten Luther die 500 jaar geleden de protestantse Reformatie in gang zette.

Het vertrekpunt voor dit beeldenbombardement (is het een documentaire?) was nu eens niet het woord. Nee, in den beginne was het beeld, constateert de alom aanwezige verteller Jochum ten Haaf in de openingsscène. Met behulp van schilderijen, tekeningen en prenten uit de zestiende en zeventiende eeuw verbindt hij het leven van Luther en zijn verzet tegen de dominantie en arrogantie van de katholieke kerk vervolgens op onnavolgbare wijze met hedendaagse thema’s.

Het virtuoze De Erfenis Van Luther heeft een behoorlijk hoog instapniveau en verteltempo, waardoor de film waarschijnlijk slechts een select publiek zal bereiken. Greenaways bespiegelingen over de grote hervormer Maarten Luther zijn echter moeiteloos te vertalen naar onze eigen wereld, waarin de aanbidders van Mammon, de God van het (grote) geld, bijvoorbeeld ook wel wat weerwoord en verzet kunnen gebruiken.

The Day I Met El Chapo

Netflix

Ze speelt de rol van haar leven. Kate del Castillo droomde jarenlang van een doorbraak in Hollywood. De Mexicaanse soapactrice vond uiteindelijk een mecenas in Joaquín Guzmán Loera. Ofwel: de beruchte drugsbaas met zijn eigen televisieserie, El Chapo. Hij bezorgde haar de onbetwiste hoofdrol in de driedelige documentaire The Day I Met El Chapo (162 min.).

Sean Penn speelt daarin de bad guy. De Amerikaanse steracteur stuurde Del Castillo’s plannen om op El Chapo’s verzoek een speelfilm over zijn leven te maken helemaal in de war. Tijdens de eerste ontmoeting van het drietal bleek hij haar erin te hebben geluisd. Penn wilde helemaal geen film maken, hij wilde gewoon een interview met de meest gezochte crimineel van de wereld, die even daarvoor met veel bombarie uit de gevangenis was ontsnapt.

Guzmán Loera had haar persoonlijk uitgenodigd, vertelt Del Castillo in een van de vele zorgvuldig geënsceneerde en (melo)dramatische scènes van deze documentaire. El Chapo mag dan verdacht worden van betrokkenheid bij tientallen moorden. In zijn handgeschreven brief aan haar liet hij zien dat hij wel degelijk een ‘goei hartje’ heeft. Aldus een vereerde Kate, die drugshandel verder natuurlijk absoluut niet wil vergoelijken.

En zo rijgen de ‘spannende’ en ‘ontroerende’ momenten zich aaneen in deze uiterst zepige docu over de ontmoeting tussen de hedendaagse The Good (de onverschrokken femme fatale Kate del Castillo, tevens executive producer van deze film), The Bad (de Mexicaanse meesterbandiet met de Robin Hood-achtige allure en een zwak voor aantrekkelijke soapsterren) en The Ugly (dat miezerige Amerikaanse acteurtje met zijn gladde praatjes en ook al een zwak voor aantrekkelijke soapsterren, Sean Penn).

Penn verzet zich inmiddels met hand en tand tegen de rol die hem is toebedeeld in deze, op een welhaast perverse manier fascinerende film. Hij wordt neergezet als de man die de beruchte drugsbaas, die na zijn spectaculaire ontsnapping weer werd opgepakt, zou hebben verraden. Kate del Castello kan de kijker echter recht in de ogen kijken. Dat doet ze dan ook regelmatig.

Op basis van haar gedenkwaardige hoofdrol in The Day I Met El Chapo komt de actrice, die zich nog altijd niet te groot voelt voor een soaprol, bovendien beslist in aanmerking voor een Oscar.

Tijd Om Te Sterven

tijdomte

 

De jongeren die worden gevolgd in de televisieserie Over Mijn Lijk, waarvan over enkele weken een nieuw seizoen begint, leven in overdrive. Ze zijn letterlijk doodziek. ‘Maar rustig wachten op de dood willen ze niet’, zo geeft de vlotte voiceover de kijker steeds weer mee. ‘Ze proberen er juist nog een mooie tijd van te maken.’

Die drang om alles te halen uit de tijd die hen nog rest wordt gesymboliseerd door de verplichte bucketlist: reizen naar verre oorden, symbolische tatoeages en vette feesten. Voordat het leven met goed fatsoen kan worden afgerond, moeten er zoveel mogelijk zelf opgelegde taken en doelen worden weggestreept.

In de documentaire Tijd Om Te Sterven (53 min.), waarin de terminaal zieke mensen van middelbare leeftijd die verblijven in Hospice de Winde worden geportretteerd, is dat Carpe Diem-gevoel doorgaans ver te zoeken. Tot op zekere hoogte lijken de bewoners zich te hebben verzoend met hun lot. Één van hen wil op de valreep nog trouwen met zijn nieuwe vriendin. Tijdens het bruiloftsfeest valt hij in slaap. Dat is het wel zo’n beetje.

Anne Christine Girardot, zelf ook vrijwilliger van De Winde in Deventer, legt de laatste dagen van de stervenden en hun naasten geserreerd vast in deze traditioneel gemaakte documentaire. Hoewel de vorm en toon hemelsbreed verschillen van de Sturm & Drang van Over Mijn Lijk, zijn de thema’s en onderwerpen die worden opgeworpen vergelijkbaar. Met als centrale vraag: wanneer is het leven voltooid of nog waard om (verder) te leven?

One Of Us

Netflix

‘Waarom stoot de gemeenschap mensen uit?’, heeft de ex-gelovige Luzer volgens eigen zeggen eens gevraagd aan een vriend die nog altijd deel uitmaakt van de Chassidische gemeenschap. ‘Zo houden we de gemeenschap in stand’, zou deze hebben geantwoord. ‘Dat kan alleen zo. In Duitsland konden ze de gemeenschap niet bij elkaar houden.’

De gruwelen van de Holocaust zijn nog steeds uiterst actueel voor de ultra-orthodoxe Joodse gemeenschap van Brooklyn. Ruim zeventig jaar na dato bewaken de Chassidische Joden in New York hun wereld met straffe hand. Ze hebben eigen scholen, ambulances en politiemensen. Bovendien houden ze, volgens critici, hun mensen bewust onwetend. Zodat die zich buiten de gemeenschap niet staande kunnen houden

Rachel Grady en Heidi Ewing volgen in One Of Us (95 min.) Etty, Luzer en Ari tijdens hun wankele pogingen om de Chassidische gemeenschap waarin ze opgroeiden (en soms ook moesten trouwen) tóch achter zich te laten. Daarvoor betalen ze een stevige prijs. Ze zijn direct geëxcommuniceerd en worden bovendien geacht om alle banden met hun verleden door te snijden, ook als dat bijvoorbeeld hun eigen kinderen betreft.

Harlan County USA


‘Which side are you on?’, zingt de inmiddels bejaarde activiste Florence Reece de stakende mijnwerkers en hun vrouwen toe in een sleutelscène van deze Oscar-winnende documentaire uit 1976. De legende wil dat ze het nummer als twaalfjarig meisje schreef toen haar vader deelnam aan een mijnwerkersstaking. Zelf houdt ze ’t op de jaren dertig, toen de crisis ongenadig huishield in Anytown, USA.

‘Mijn vader stierf in een kolenmijn’, vertelt ze haar gehoor met schorre stem. ‘En mijn man gaat ten onder aan stoflongen.’ Echt goed zingen kan ik niet, beweert ze even later. Waarna ze op onvaste toon ieders hart verovert. Conclusie: je bent een vakbondsman of een stuk tuig dat voor de bazen werkt. Aan welke kant sta jij eigenlijk?

Harlan County, USA (104 min.) van Barbara Kopple roept een vergeten wereld en verloren manier van leven op. Van mannen met verweerde koppen, die afdalen naar de diepste krochten van de aardkloot om zwart goud boven te halen. En van ouderwetse huisvrouwen, met gebloemde jurkjes en haar op de tanden, die ervoor zorgen dat ze hun rug recht houden als die verrekte bazen hun ziel aan de Duivel proberen te verkopen.

De mijnen mochten niet dicht. Nooit! Maar dat gingen ze natuurlijk wel. Veertig jaar later is het moeilijk om je voor te stellen hoe het anders had kunnen lopen. Maar toen, te midden van ellenlange stakingen die het uiterste vroegen van gewone mannen, vrouwen en hun gezinnen, was dat simpelweg ondenkbaar. Met de moed der wanhoop spreken, zingen en schreeuwen de mijnwerkersfamilies elkaar in deze meeslepende film naar een acceptabele deal, die uiteindelijk weinig waard zou blijken te zijn.

Ice Guardians

Netflix
Zou het Nederlands elftal misschien behoefte hebben aan een enforcer? In z’n hoogtijdagen had Oranje steevast doorgewinterde ijzervreters als Johan Neeskens, Jan Wouters en Edgar Davids in de gelederen. Zij beschermden de echte sterspelers en traden direct op als de tegenstander in hun ogen te ver dreigde te gaan.

In het ijshockey, waar een lekker stick- of vuistgevecht gewoon een verplicht onderdeel van de wedstrijd lijkt, is die rol zo ongeveer geformaliseerd: de enforcer. Een man die alleen het ijs op komt als er een robbertje moet worden gevochten en die als een soort bodyguard de sterspeler van zijn eigen team beschermt of uit de wind houdt. Geen Wayne Gretzky zogezegd, zonder een Dave Semenko.

De eikenhouten sportdocumentaire Ice Guardians (108 min) concentreert zich op deze vigilantes, die op commando ‘het recht’ in eigen hand nemen en daarmee volgens auteur en gedragsdeskundige Howard Bloom gewoon een normale teamrol oppakken. Onderzoek van de universiteit van Chicago zou hebben uitgewezen dat in de evolutie van elke groep – of het nu gaat om een jeugdbende of een managementteam – al snel vaste rollen ontstaan: een leider, een clown, een nerd én een luitenant, ofwel de enforcer.

Soms draaft regisseur Brett Harvey wat door met de mythevorming rond de enforcers, die hier bijna worden geportretteerd als moderne equivalenten op de cowboy met de witte hoed die met zijn Colt 45 slechteriken tot de orde roept (of gewoon kalt stellt). Ice Guardians slaagt er echter wel degelijk in om het beeld te nuanceren van de domme kracht die bij het minste of geringste een beuk uitdeelt en besteedt daarnaast ook aandacht aan de valkuilen en gevaren van de job.

In tijden waarin het Nederlands elftal naar een bedenkelijk niveau is weggezakt, weerklinkt ook in het voetbal de roep om dit soort mannen van stavast die, nadat ze natuurlijk uit volle borst hebben meegezongen met het Wilhelmus, bereid zijn om alles, werkelijk alles, te geven en te riskeren voor het team.

Waar Ice Guardians alle kanten van het enforcersambacht belicht, concentreert Alex Gibney zich in de ijshockeydocu The Last Gladiators op legendarische ambachtslieden zoals Chris ‘Knuckles’ Nilan, Donald Brashear en Marty McSorley.