De Villamoord – Seizoen 2

KRO-NCRV

Niet minder dan 44 afleveringen van zijn misdaadprogramma wijdde Peter R. de Vries ooit aan de zogenaamde Puttense moordzaak. Totdat de geruchtmakende moord op Christel Ambrosius echt he-le-maal was uitgeplozen en de naam van de onterecht veroordeelde zwagers Herman du Bois en Wilco Viets definitief gezuiverd.

Met het wederom drie afleveringen tellende tweede seizoen van de true crime-serie De Villamoord (143 min.) is Joost van Wijk inmiddels zes afleveringen onderweg met het onder de aandacht brengen van een andere zaak: de gewelddadige dood van een 63-jarige villabewoonster uit Arnhem in 1998. Dat zou ook zomaar een gerechtelijke dwaling kunnen zijn – al wil de Hoge Raad daar (voorlopig) nog niet aan.

Waar de documentairemaker zich in het eerste seizoen van De Villamoord vooral concentreerde op de intimiderende politieverhoren, een valse bekentenis die daaruit voortkwam en het schrale fysieke bewijs op basis waarvan hoofdverdachte Nefzat Altay en acht andere mannen uiteindelijk werden veroordeeld, zoomt hij in dit vervolg nadrukkelijk uit naar het criminele circuit van Arnhem.

In het beruchte Spijkerkwartier hielden de veelal Turkse mannen zich bezig met de handel in heroïne en is waarschijnlijk ook het antwoord te vinden op de vraag waarom juist zij als daders van de moord zijn aangemerkt. In het bijzonder bij ‘straatagent’ Henk Evers en het zogenaamde Dotterteam, dat destijds de welig tierende drugscriminaliteit te lijf ging.

Hoewel de nieuwe afleveringen dezelfde strafzaak behandelen – en de sfeer en toonzetting vergelijkbaar zijn, de muziekkeuze vertrouwd smaakvol is en verteller Stefan Stasse de bevindingen weer met net zoveel bravoure uitserveert – worden die geen herhaling van zetten. Ze bevatten bijvoorbeeld een keur aan nieuwe bronnen: enkele nog niet eerder geïntroduceerde verdachten, (anonieme) getuigen en opvallend kritische rechercheurs die toentertijd betrokken waren bij het politieonderzoek.

Aan Eline, een kennis van het slachtoffer die de fatale avond in de villa op wonderbaarlijke wijze overleefde, wordt ditmaal zelfs helemaal geen aandacht besteed. Van Wijk concentreert zich op het ontrafelen – en daarmee onderuit halen – van de strafzaak tegen de negen veroordeelde mannen. Met als onderliggende vraag: leed het team van de omstreden onderzoeksleider Ad Baars, die zelf niet aan de serie wil meewerken, aan tunnelvisie? Of was er meer aan de hand?

Dat betoog legt (wederom) allerlei zwakke plekken (of zelfs ernstige misstanden) in het politieonderzoek bloot, maar wordt tijdens het secuur uitpluizen van het onderzoek soms ook wat praterig en stroperig. Joost van Wijk waagt zich verder niet aan wat er dan wél kan zijn gebeurd als de veroordeelden inderdaad onschuldig zouden blijken te zijn. Na twee seizoenen heeft de serie daardoor nog altijd meer vragen opgeworpen dan beantwoord. Wordt dus ongetwijfeld weer vervolgd.

Hoeveel afleveringen van De Villamoord er nog moeten komen? Peter R. zou het wel weten: totdat onomstotelijk vaststaat wat er is gebeurd en wie daarvoor verantwoordelijk is. En geen seconde eerder.

I, Sniper

Vice

‘Je hebt het gevoel dat je de families in de steek hebt gelaten.’ Steve Bailey veegt zijn tranen weg. De Amerikaanse agent heeft destijds de auto van het tweetal, met de spotter achter het stuur en zijn scherpschutter in de achterbak, staande gehouden, maar had niet door wie hij voor zich had. Uiteindelijk liet hij ze toch weer verder rijden. ‘We hadden ze’, constateert Bailey geëmotioneerd. ‘Mijn fout.’

De volstrekte willekeur van de moorden maakte het een stuk lastiger om hen in de kraag te grijpen. Natuurlijk, ze hadden een motief. Vooral hij, de 41-jarige Golfoorlog-veteraan John Muhammad. Lee Malvo, de Jamaicaanse tiener die daadwerkelijk de trekker overhaalde, was niet meer dan een werktuig. De dodelijke slachtoffers die ze samen maakten hadden feitelijk maar één ding gemeen: ze waren op het verkeerde moment op de verkeerde plek.

In het najaar van 2002, ruim een jaar na de aanslagen van 11 september 2001 en enkele maanden voor de Amerikaanse inval in Irak, begon het duivelse duo aan zijn beulswerk. Ze zouden uiteindelijk een hele serie dodelijke slachtoffers maken in de omgeving van Washington. Gewone, volstrekt onschuldige mensen. Op laffe wijze afgemaakt. Tankend bij het benzinestation. Zittend voor hun eigen huis. Of rustig het gras maaiend. Vermoord omdat Muhammad zijn woede op de wereld moest koelen en de outcast Malvo als was in diens handen was.

Vanuit de Red Onion State Prison te Virginia doet die laatste nu, via gesprekken met de gevangenistelefoon van maximaal een kwartier, zijn relaas in I, Sniper (308 min.). Daartegenover staan de huiveringwekkende verhalen van overlevenden, nabestaanden en politiemensen die jacht op hen maakten. De filmmakers, onder leiding van regisseur Ursula MacFarlane, hebben zich bovendien toegang verschaft tot ex-geliefden, familieleden en vrienden van het moordduo. Zij kunnen van binnenuit hun totale ontsporing duiden.

Deze achtdelige documentaireserie schetst hoe de terreurcampagne van Muhammad en Malvo huishoudt in de betrokken gemeenschap. Er ontstaat bijvoorbeeld een massale klopjacht op een man uit het Midden-Oosten en een kleine witte truck, terwijl de verdachten in werkelijkheid zwart waren en rondreden in een donkere Chevrolet Caprice. Schietend, welteverstaan. Alsof ze op een militaire missie waren. Maar tegen wie of wat? En hoe zijn ze gekomen tot hun ogenschijnlijk willekeurige wraakactie? Is er een levenspad denkbaar dat op een logische manier naar dit soort blinde woede leidt?

I, Sniper is groots aangepakt, dramatisch getoonzet en meeslepend gemonteerd. Een tragische geschiedenis die zich stap voor stap ontvouwt, steeds spannender wordt en onderweg ook aan diepte en betekenis wint. Totdat het drama in zijn volledige omvang zichtbaar is geworden. Geen gemakzuchtige trashy true crime dus, maar een gelaagd psychologisch portret van een jeugdige scherpschutter, diens getormenteerde leermeester en de wereld die zij ongenadig opschudden, met talloze verwoeste levens tot gevolg. Een vrijwel vergeten schokgolf die een kleine twintig jaar later hier en daar nog altijd nadreunt.

I’ll Be Gone In The Dark Special Episode

HBO/Ziggo

Deze epiloog van Liz Garbus’ documentaireserie I’ll Be Gone In The Dark uit 2020 is tegelijk ook een proloog. De Special Episode (49 min.), die is geregisseerd door Elizabeth Wolff, geeft namelijk niet alleen een update over wat er sindsdien is gebeurd met de man die werd gearresteerd als de beruchte Golden State Killer, maar gaat ook terug naar het allereerste begin: het gruwelijke misdrijf waardoor de veertienjarige Michelle McNamara in 1984 helemaal in de ban raakte van het fenomeen misdaad.

Michelles alles verterende fascinatie voor true crime zette haar uiteindelijk op het spoor van de angstaanjagende verkrachter en moordenaar die in de jaren zeventig en tachtig talloze levens vernielde in Californië. Ze gaf hem een straffe bijnaam en schreef een huiveringwekkend boek, I’ll Be Gone In The Dark, dat na haar plotselinge dood in 2016 een enorme bestseller werd. En dit vormde, samen met haar eigen tragische levensgeschiedenis, dan weer de basis voor een emotioneel geladen docuserie.

Michelle McNamara zou helaas nooit de identiteit leren kennen van de killer, die zich nu als verward en hulpbehoevend voordoet in de rechtbank en zo alsnog zijn welverdiende straf hoopt te ontlopen. En de Amerikaanse schrijfster, echtgenote van komiek Patton Oswalt, zou ook nooit het onderzoek kunnen afronden naar de verkrachting van en moord op de 24-jarige Kathleen Lombardo in haar woonplaats Oak Park, die haar als tiener helemaal in zijn greep kreeg en die al die jaren onopgelost is gebleven.

Die oude lustmoord en een wellicht daarmee samenhangende gewelddadige verkrachting uit dezelfde periode wil in deze nabrander van de documentaireserie alleen maar niet echt een logische eenheid vormen met de afhandeling van de strafzaak tegen The Golden State Killer. In het universum van Michelle McNamara waren ze misschien onlosmakelijk verbonden, maar hier lijken de twee verhaallijnen vooral tot elkaar veroordeeld omdat ze afzonderlijk toch te weinig body hebben om een eigen documentaire te rechtvaardigen.

Sasquatch

Hulu

In oktober 1993 zou hij, nabij een grote wietkwekerij in Mendocino County, drie dodelijke slachtoffers hebben gemaakt. Sasquatch (139 min.). Ofwel: Bigfoot. Een soort angstaanjagende combinatie van beer en gorilla. Het mythische monster zou nog altijd ronddolen in de uitgestrekte bossen van de zogenaamde ‘Emerald Triangle’, een soort Californische vrijstaat waar eind jaren zestig een contingent hippies is neergestreken. Heeft hij een kleine dertig jaar geleden inderdaad drie gruwelijk verminkte lijken achtergelaten op Spy Rock Road?

De morsige journalist David Holthouse was ter plaatse toen het gerucht over de drie lijken de ronde begon te doen. De zaak heeft hem sindsdien nooit meer losgelaten. Nu gaat hij alsnog op onderzoek uit in het uitgestrekte gebied, dat wordt bevolkt door losgeslagen cannabistelers, verdorven Hells Angels en onversaagde Sasquatch-jagers en dat eerder het decor vormde voor de white trash-docuserie Murder Mountain. Als Bigfoot ergens op zijn plek zou zijn, dan is het in dit wetteloze land.

Regisseur Joshua Rofé volgt Holthouse als die met bibberende camera afspreekt op duistere plekken, telefoontjes voert met vervormde stemmen en onherkenbaar gemaakte bronnen met namen als Razor, Ghostdance en – juist! – Bigfoot aan de tand voelt. Wat niet (meer) is te filmen, zoals de sinistere gebeurtenissen in het najaar van ‘93, is in grimmige animaties vervat. Intussen wordt de queeste die begon als een zoektocht naar de geheimzinnige überprimaat gaandeweg een rondgang door het (semi)criminele circuit van Mendocino, speurend naar wat er toentertijd kan zijn gebeurd.

Zoals dat gaat in dit soort true crime-series loopt de protagonist het ene na het andere dwaalspoor af, hoort hij ademloos smeuïge van-horen-zeggen verhalen aan en laat hij zich ook wel eens ongenadig – jawel! – het bos insturen. Daar ziet de kijker op een gegeven moment allang de bomen niet meer. Begrijpelijke wraakactie? Afrekening binnen de plaatselijke penoze? Of tóch een onsmakelijk Broodje Sasquatch?

Over het ondoorgrondelijke monster zijn overigens talloze ‘documentaires’ gemaakt, waaronder het hilarische Shooting Bigfoot.

Why Did You Kill Me?

Netflix

Op het social mediaplatform MySpace zoekt Angel contact met Jokes. ‘Hou je van me?’ wil ze van hem weten. ‘Dat weet je toch?’ antwoordt hij. ‘Zeg het dan’, probeert ze hem uit te dagen. Hij gaat overstag: ‘Ik hou van je.’ Stap voor stap werkt Angel vervolgens toe naar de belangrijkste vraag die ze nog voor hem heeft: ‘Waarom heb je me vermoord?’.

Het is een intrigerende opening voor de true crime-documentaire Why Did You Kill Me? (84 min.) van Fredrick Munk. Het vervolg mag er eveneens wezen: Belinda Lane, de moeder van het slachtoffer, reconstrueert met behulp van een maquette en speelgoedautootjes wat er op die fatale 24 februari 2006 is gebeurd met ‘Angel’, de 24-jarige Crystal Theobald.

De witte Ford Expedition van William ‘Jokes’ Sotelo heeft daarin in elk geval een prominente rol gespeeld. Maar wie heeft de fatale schoten gelost? En welke rol speelt de 5150-bende, die al enige tijd de dienst probeert uit te maken in Riverside, een voorstad van Los Angeles? Moeder Belinda gaat, met de hulp van een handig nichtje, undercover op MySpace.

Met het nodige kunst- en vliegwerk weet ze informatie te verzamelen over wat er met Crystal kan zijn gebeurd en wie daarin waarschijnlijk een rol heeft gespeeld. Intussen krijgt de kijker een inkijkje in het grimmige milieu waarbinnen het drama zich heeft afgespeeld: ‘low life America’, waar armoe, (huiselijk) geweld en verslaving een perpetuum mobile van ellende veroorzaken.

Belinda Lane is daarvan zelf een treffend voorbeeld. Ze is waarschijnlijk een stuk jonger dan haar afgetobde hoofd doet vermoeden. Een ondergebit zou ook al heel veel helpen. Uit alles spreekt dat haar leven, ook al vóór Crystals gewelddadige dood, een aaneenschakeling van malheur was. In de zaak van haar dochter komt ze zichzelf nog eens knoerthard tegen.

En tóch, ook tot haar eigen verbazing, vindt ze zowaar iets van verzoening. Daar zit uiteindelijk ook de voornaamste meerwaarde van deze degelijke true crime-productie, die voorzichtig aanschurkt tegen bijdetijdse genretoppers als Don’t F**k With Cats: Hunting An Internet Killer en Love Fraud, maar dat niveau zeker niet haalt.

John Wayne Gacy: Devil In Disguise

‘Ik zie niet in hoe ik antisociaal kan zijn als ik toch zoveel contacten met andere mensen onderhoud’, zegt de man aan de andere kant van de tafel licht verontwaardigd. ‘En hoe zit het dan met die meervoudige persoonlijkheidsproblematiek?’ wil zijn gesprekspartner weten, tijdens een interview dat nooit eerder was te zien. Oh, dat? Dat was vooral een probleem van enkele gekke doktoren. Toen ze langskwamen, had hij zich nog netjes voorgesteld: ik ben John Wayne Gacy, de politicus, de clown, de familieman en de zakenman. ‘De volgende dag stond er in de krant dat ik een meervoudige persoonlijkheid had!’

De gesprekken die Gacy in 1992 met de legendarische FBI-profiler Robert Ressler had – niet vanwege zijn veelzijdige bestaan, maar vanwege de bijna dertig lijken die in de kruipruimte van zijn huis werden aangetroffen – vormen het hart van deze zesdelige docuserie over één van de beruchtste seriemoordenaars aller tijden. Hier is, zoveel is duidelijk, een monster aan het woord. Of op zijn minst een zeer beschadigde man. Hij oogt niettemin als een joviale buurman, die meteen bijspringt als er een klusje moet worden gedaan. Als aannemer had hij in de regio Chicago zo ook een uitgebreid netwerk opgedaan, waarin zich tevens talloze jonge mannen bevonden. Jongens eigenlijk nog. Voor altijd. Door hem.

Drieëndertig moorden zouden er uiteindelijk officieel worden toegeschreven aan de man, die in 1978 werd gearresteerd en die, ondanks het feit dat hij in 1994 toch echt ter dood is gebracht, nog altijd voortleeft als de ultieme killerclown, Pogo. John Wayne Gacy: Devil In Disguise (310 min.) kan worden beschouwd als het definitieve verhaal van deze volledig verknipte figuur. Daarbij heeft regisseur Rod Blackhurst niet gekozen voor een dramatische, nét iets te dik aangezette true crime-‘tone of voice’ gekozen, maar eerder voor een tamelijk nuchtere toonzetting. Ingetogen bijna. Waarbij niet alleen het bizarre personage Gacy en diens gruweldaden worden uitgediept, maar waarbij er ook aandacht is voor z’n slachtoffers en zijn eigen familie, Johns zus Karen Kuzma in het bijzonder.

Behalve agenten, aanklagers en journalisten die destijds bij het onderzoek betrokken waren, komen ook Gacy’s oude celmaat, voormalige medewerkers en – via een audio-interview – zijn tweede vrouw Carole (die zich regelmatig beklaagde over de stank in huis) aan het woord. Hun herinneringen zijn aangekleed met een uitputtende collectie archiefmateriaal. Daarbij springen met name beelden uit 1969 van Gacy in een gevangenis te Iowa in het oog. Hij zat toen, lang vóórdat hij zijn moordzucht zou gaan botvieren, al een straf uit voor ‘sodomie’. Tijdens activiteiten in de keuken en in gesprekken met het bezoek is een modelgevangene te zien, een man die zijn leven heeft gebeterd en die na achttien maanden vervroegd in vrijheid zal worden gesteld. Het monster, dat zich dus al schuldig had gemaakt aan verkrachting, moest zijn ware gezicht nog tonen.

In de slotafleveringen buigt Blackhurst zich over de vragen die onbeantwoord zijn gebleven na Gacy’s executie: van extra slachtoffers tot grootse complottheorieën. Omdat overtuigende antwoorden opnieuw uitblijven, gaat de serie een beetje als een nachtkaars uit. Al heeft John Wayne Gacy: Devil In Disguise ook dan nog altijd één uitgesproken troef: de grijze, ietwat morsige man, die een ordner heeft aangelegd met gedetailleerde informatie over alle 33 slachtoffers en die intussen tegenover Ressler stellig blijft beweren dat hij daar toch echt niets mee te maken heeft. Iemand die niet beter weet zou hem inderdaad voor een sociale vent kunnen verslijten.

Soupçons: Les Dessous De L’Affaire Wesphael

Netflix

Heeft ze de hand aan zichzelf geslagen? Of is Véronique Pirotton toch vermoord door haar echtgenoot? Op die fatale 31e oktober van 2013 verbleven ze samen op kamer 602 van Hotel Mondo te Oostende. Daar hadden ze eerst uitbundig de liefde bedreven – eerst tot vermaak en later tot ergernis van andere hotelgasten – en vervolgens gigantisch ruzie gemaakt. De consternatie eindigde met een enorme dreun.

Die echtgenoot was een bekende Belg, de Waalse politicus Bernard Wesphael. Hij had de schijn tegen: zijn vrouw had een affaire. Al houdt Wesphael in Soupçons: Les Dessous De L’Affaire Wesphael (179 min.) bij hoog en bij laag vol dat hij daarvan geen idee had. Hij meende dat ze last had van een stalker. Onzin! stellen familieleden van het slachtoffer. Wesphael liegt dat hij zwart ziet. En hij is zo schuldig als wat.

Véronique en Bernard hielden er in elk geval een tumultueuze relatie op na, zo moet de hoofdverdachte toegeven. Met veel hartstocht, drank en conflicten. Volgens hem was ze al langer instabiel, gebruikte ze veel medicatie en had ze bovendien al diverse zelfmoordpogingen ondernomen. Nu was het haar, in een letterlijk bezopen bui, eindelijk gelukt. Of was er toch, hypothese 3, sprake van een spontane dood?

Bernard Wesphael blijft in deze vijfdelige true crime-serie in elk geval onverminderd pleiten voor zijn onschuld. In tamelijk bizarre scènes gaat hij daarnaast terug naar locaties die een rol speelden in de noodlottige gebeurtenissen en acteert daarbij onbekommerd zichzelf, bijvoorbeeld als hij in de gevangenis van Brugge verliefd wordt op een ander. Het lijkt bijna alsof hij ervan geniet om de hele kwestie weer eens lekker op te rakelen.

Regisseur Alain Brunard illustreert ‘s mans beweringen en de (conflicterende) verklaringen van getuigen, deskundigen en familieleden met beveiligingscamerabeelden uit het hotel, de verhoren van Wesphael en een politiereconstructie van wat er ter plaatse gebeurd kan zijn. De politieke loopbaan van de hoofdverdachte in deze zaak die de Belgische media jarenlang beheerste blijft opmerkelijk genoeg volledig onbelicht.

Door alle tegenstrijdige lezingen over wat er die laatste avond is gebeurd en hoe de driehoeksverhouding tussen de politicus, diens getroebleerde vrouw en haar geheime minnaar in elkaar stak, is het vrijwel onmogelijk vast te te stellen hoe de vork precies in de steel zit. Feit is dat Véronique Pirottons dood, die doet denken aan het noodlottige ongeluk/de slinkse moord in de true crime-klassieker The Staircase, meer dan stof genoeg biedt voor drie uur vermakelijk giswerk.

Crime Scene: The Vanishing At The Cecil Hotel

Netflix

In de openingsscène van deze vierdelige serie ligt ‘t er meteen duimendik bovenop: het Cecil Hotel in Skid Row, een beruchte wijk in het centrum van Los Angeles, is een verdoemde plek. Je kunt er zomaar dope gebruiken of dealen, in de prostitutie verzeild raken of tragisch aan je einde komen. ‘De Cecil is een plek waar seriemoordenaars zich ontspanden’, zegt de plaatselijke historica Kim Cooper over het low-budget hotel waar veelal jonge toeristen terechtkwamen te midden van verschoppelingen die er zo’n beetje permanent hun intrek hadden genomen. Richard Ramirez, berucht geworden als The Night Stalker verbleef er bijvoorbeeld een tijdje.

Heeft Elisa Lam, een jonge Canadese vrouw die eind januari 2013 incheckte bij het hotel, deze duivelse plek ooit nog verlaten? Ze is spoorloos verdwenen. En rechercheurs die de zaak onderzoeken hebben haar op beelden van beveiligingscamera’s alleen naar binnen zien gaan. Lam lijkt nooit meer naar buiten te zijn gekomen. Dat is de uitgangspositie voor Crime Scene: The Vanishing At The Cecil Hotel (219 min.) van true crime-crack Joe Berlinger, die genreklassiekers als de Paradise Lost-trilogie, Cold Blooded: The Clutter Family Murders en Conversations With A Killer: The Ted Bundy Tapes op zijn naam heeft staan.

Een sinistere video van de 21-jarige Elisa Lam, die zich vreemd gedraagt in de hotellift, gaat viral en zet allerlei dubieuze amateurdetectives aan het werk. Ze beginnen de beelden te analyseren en spitten daarna de online-historie van de jonge vrouw door. Op zoek naar aanwijzingen voor wat er kan zijn gebeurd. Daarmee belandt Crime Scene op hetzelfde terrein als de zenuwslopende series Don’t F##k With Cats: Hunting An Internet Killer en Love Fraud. Van dat niveau is deze vet aangezette productie – een bonte verzameling ‘deskundigen’, duistere en suggestieve reconstructiebeelden en een unheimische soundtrack – evenwel niet.

Berlinger geeft opvallend veel ruimte aan wilde speculaties over wat er kan zijn gebeurd en allerlei bizarre complottheorieën over het ‘spookhotel’ Cecil die daar weer uit voortvloeien. De verantwoordelijke figuren – een soort onuitstaanbare combinatie van influencer, ramptoerist en allesweter – vliegen gaandeweg helemaal uit de bocht. Uiteindelijk is het de documentairemaker daar ook om te doen: terwijl deze zelfbenoemde onderzoekers vanachter hun eigen toetsenbord een gruwelijk misdrijf proberen op te lossen, gewoon als aardig tijdverdrijf of als mogelijkheid om zichzelf te profileren, richten ze heel veel schade aan. En het onderzoek naar wat er echt is gebeurd met Elisa Lam wordt er alleen maar door gehinderd.

Deze kanteling van het verhaal – van whodunnit naar schotschrift tegen social media-klopjachten – wordt door Joe Berlinger pas redelijk laat ingezet en plaatst de start van de serie in een verrassend perspectief. En daarna ontstaat er zowaar ruimte om de kwestie rond Elisa Lam écht op zijn merites te beoordelen. Helaas wordt dat effect dan weer een beetje teniet gedaan door het wel erg cheesy einde, waarin de tragische jonge vrouw, op z’n Amerikaans, ineens allerlei héle bijzondere kwaliteiten worden toegedicht. Want zelfs een noodlottige kwestie heeft een echte heldin nodig.

Night Stalker: The Hunt For A Serial Killer

Netflix

Hij wil de angst in hun ogen zien, meent rechercheur Gil Carrillo van de Los Angeles County Sheriff’s Department. Voordat hij hen misbruikt of afmaakt. De onbekende engerd maakt daarbij geen onderscheid des persoons: hij richt zich op zowel mannen als vrouwen. Ze komen op gruwelijke wijze aan hun einde. Steeds op een andere manier bovendien. En hij ontvoert en misbruikt ook kinderen. Die laat de psychopaat naderhand weer vrij.

Carrillo’s theorie over een willekeurig verkrachtende en moordende freak, zonder kenmerkende doelgroep of vaste werkwijze, kan op hoon rekenen van collega’s en deskundigen. Zo’n seriemoordenaar is er nog nooit geweest. Gil ziet spoken, menen critici. Of hij wil zich gewoon op een oneigenlijke manier profileren. Bij elke legendarische slechterik hoort immers ook een dappere politieagent, die hem heeft ontmaskerd en ingerekend. Het gaat vast gewoon om een serie losstaande misdrijven.

In de vierdelige serie Night Stalker: The Hunt For A Serial Killer (189 min.) reanimeert documentairemaker Tiller Russell de man die wel degelijk halverwege de jaren tachtig Los Angeles en omgeving terroriseerde. Hij verlaat zich daarbij vooral op het detectiveduo, Carillo en zijn oudere kompaan Frank Salerno, dat de geruchtmakende zaak tot een oplossing moest brengen. Hun werk werd bepaald niet gemakkelijker toen ook de media een patroon ontdekten in de serie wandaden en hoorden dat de dader soms mysterieuze boodschappen, zoals een pentagram, achterliet op de plaats delict.

Russell gebruikt het spoor van vernieling dat de Night Stalker door Zuid-Californië trok en de klopjacht die vervolgens op hem werd geopend door de politie om een typische true crime-productie op te tuigen: schokkende getuigenissen van overlevenden en grimmige foto’s en archiefbeelden zijn gelardeerd met dramatische close-ups van details uit de verschillende misdrijven, van een unheimische onderlaag voorzien door onheilspellende geluiden en muziek en doorsneden met cryptische quotes van de man die ze uiteindelijk in de kraag zullen grijpen.

De serie wordt soms wel erg hijgerig en werkt toe naar een uitkomst, die voor geen enkele ‘misdaadliefhebber’ een verrassing kan zijn. De man die dan vanuit de duisternis tevoorschijn komt, een archetypische angstaanjagende freak, blijkt echter zo sinister en grotesk dat het toch nog choqueert.

Murder On Middle Beach

HBO

Het moordslachtoffer was toegedekt. Beter: de moeder van Madison Hamburg was toegedekt. Hij onderzoekt haar gewelddadige dood in 2010 in de vierdelige serie Murder On Middle Beach (268 min.). Barb werd aangetroffen in de besneeuwde achtertuin van haar eigen huis in Connecticut. In eerste instantie leek het nog een gestorven dier dat daar lag. Het was bedekt met kussens. En bloed, zo bleek later. ‘Het’ bleek echter een ‘zij’.

Wat zegt het over de dader als het slachtoffer volledig is afgeschermd? Wil hij/zij niet geconfronteerd worden met de aanblik ervan? Zeker in situaties waarin dader en slachtoffer elkaar héél goed kenden lijkt dat een bruikbare hypothese. Dit wordt ook het (impliciete) uitgangspunt van Madison Hamburgs zoektocht, die ruim zeven jaar in beslag zal nemen: was het zijn eigen vader Jeffrey? Barbs tante Jill? Haar zus Conway? Of toch Madisons eigen zus (en Barbs dochter) Ali?

Het is alsof Hamburg als zoon en documentairemaker geblinddoekt een mijnenveld in wordt gestuurd, waarbij hij onderweg soms even mag rondkijken of via één van zijn verwanten kort een blik kan werpen op een specifieke kwestie. Zo stuit hij op diverse drama’s: fraude, alcoholisme, borderline, drugsverslaving en een heus piramidespel. Het lijken stuk voor stuk uitwassen van een volledig verwrongen familiesysteem, dat nu zelfs een mensenleven heeft gekost.

Madisons ontdekkingen worden in Murder On Middle Beach als een typische true crime-thriller uitgeserveerd, met onverwachte verhaalwendingen, tijdsprongen en cliffhangers. En een privédetective en verborgen camera-acties, natuurlijk. De persoonlijke insteek – een zoon die op zoek is naar wat zijn moeder fataal is geworden – geeft deze intrigerende serie, die gaandeweg wat stoom verliest, beslist meerwaarde. Voor Madison Hamburg, zoveel is duidelijk, staat er écht wat op het spel.

Zijn eigen positie zorgt tegelijkertijd ook voor complicaties. Zeker in relatie tot zijn vader Jeffrey moet Hamburg soms wel heel nadrukkelijk laveren tussen zijn verschillende rollen als zoon, filmmaker en amateurdetective. Dan wordt hij, de waarheidszoeker en -zegger, een exemplarisch voorbeeld van wat uiteindelijk misschien wel zijn voornaamste probleem is: als je je eigen familie niet (meer) kunt vertrouwen.

Love Fraud

Showtime

Een vastgoedman met zijn eigen bedrijf. Piloot bovendien. En katholiek, diep christelijk. Zo’n kerel swipe je op Tinder natuurlijk naar rechts. Zeker als je zelf toch al in de veertig bent en een nieuwe start wilt maken. Hij swipete gelukkig ook naar rechts.

Niet veel later zat Tracy bij Mickey op de motor. De motor waarop, zo bleek later, ook Ellen had gezeten. En Sabrina. ‘God is mijn getuige dat ik zielsveel van je hou’, had hij zelfs ingesproken op Sabrina’s voicemail. Het was niet gemakkelijk om dat voor de camera terug te luisteren. Haar gezicht, en dat van de anderen, spreekt boekdelen. Want hoe zat het dan met Jean? Sandy? Candi? Caroline? Carrie? Lisa? Angela? Christine? En er scheen zelfs een Vanessa in de picture te zijn geweest.

Enfin, Mickey hield er een levendig relationeel bestaan op na, zullen we maar zeggen. Alhoewel Mickey? Scott zul je bedoelen. Of Rick. Hij was trouwens ook professioneel waterskiër, kok of karateka, begreep Tracy. Al naar gelang de behoefte van de op te vrijen dame, die vervolgens werd bedolven onder liefdesverklaringen. Een onvervalste Love Fraud (200 min.), juist. Echte naam: Richard Scott Smith. En, voordat je het goed en wel doorhad, was ie alweer verdwenen. Met alles wat je had, natuurlijk.

En dus roep je, samen met lotgenoten, de hulp in van premiejager Carla, een lekker doorrookte tante die de charlatan moet traceren. En ook de filmmakers Heidi Ewing en Rachel Grady beginnen zich actief met de zoektocht te bemoeien in deze ingenieuze variant op Netflix’s kijkcijferhit van eind vorige jaar, Don’t F##k With Cats: Hunting An Internet Killer, die qua setting, ‘white trash America’, ook wel wat weg heeft van die andere bingeserie Tiger King: Murder, Mayhem And Madness.

Die jacht, op een charlatan die ogenschijnlijk routineus slachtoffers maakt, leidt naar Krab Kingz Seafood in Wichita, Kansas, waar Chris/Scott/Mickey lijkt te zijn neergestreken met ene Karla, die net op stel en sprong haar echtgenoot Jim in de steek heeft gelaten. De vogel is alleen alweer gevlogen voordat je kunt toeslaan. En zo gaat het steeds in deze ravissant vormgegeven miniserie, met verborgen camerabeelden, een lekker op de zenuwen werkende soundtrack en ronduit betoverende animaties.

Terwijl jij en die andere bedrogen vrouwen, lekkere larger than life-personages ook, blijven zinnen op wraak, brengen Ewing en Grady, die eerder al verantwoordelijk waren voor docuklassiekers als Jesus Camp en One Of Us, Love Fraud glorieus aan de kook, naar een peil dat voor slechts weinig true crime-documentaires is weggelegd. Met een enigmatische bad guy, een man die zielsveel van jou hield, van jou alleen, en die tijdens de zinderende apotheose toch nog het achterste van zijn tong wil laten zien. Althans, dat belooft hij plechtig.

Richard Scott Smith zegt ook: ‘I’ll do anything to be somebody’s everything. That’s truly what I want. You just gotta trust me.’

I’ll Be Gone In The Dark

HBO

De eerste aanval leek in veel opzichten op de 49 die er nog zouden volgen. Het 23-jarige slachtoffer werd wakker van een man in een marineblauw T-shirt en een witte bivakmuts, die in de deuropening van haar slaapkamer stond. Hij droeg geen broek en had een erectie. Ze dacht dat ze droomde. Totdat hij bij haar op bed sprong. ‘Als je één beweging of geluid maakt, steek ik dit mes in je.’

Alsof de duivel ermee speelt. Terwijl Michelle McNamara’s bloedstollende boek I’ll Be Gone In The Dark (346 min.), over een serieverkrachter en -moordenaar die in de jaren zeventig en tachtig een spoor van vernieling door Californië trok, een enorme bestseller werd in het voorjaar van 2018, kwam er zowaar een serieuze verdachte in beeld. Nu, twee jaar later, in de week dat er een documentaireserie wordt uitgebracht die is gebaseerd op deze moderne true crime-klassieker, heeft die kerel zowaar een verklaring afgelegd.

Michelle McNamara mocht al deze ontwikkelingen, die ze voor een groot deel zelf in gang had gezet met het bezeten speurwerk voor haar misdaadblog True Crime Diary, niet meemaken. Ze stierf begin 2016 op slechts 46-jarige leeftijd, ruim twee jaar voordat The Golden State Killer in beeld kwam. Die naam had ze overigens hoogstpersoonlijk bedacht. Voordat zij zich met de zaak begon te bemoeien ging de creep door het leven als The East Area Rapist en Original Night Stalker en had hij nooit de status van vergelijkbare ‘grootheden’ als Ted Bundy en The Zodiac weten te verwerven.

McNamara maakte van hem de archetypische engerd die ‘s nachts je huis binnendringt. En zo werd zijzelf, met een boek dat na haar dood nog moest worden afgerond, alsnog bestsellerauteur. Daarbij komt nu ook de hoofdrol in een zesdelige documentaireserie. Regisseur Liz Garbus heeft daarvan een natuurlijk vervolg gemaakt, waarin een reconstructie van de gruweldaden van de gewetenloze seriemoordenaar, de huiveringwekkende kern van het boek, is ingepast in een aangrijpend portret van de gedreven amateurdetective, die enkele decennia later de jacht op hem opende.

(You’ll be silent forever and) I’ll Be Gone In The Dark – een dreigement dat de bruut met de bivakmuts uitte naar één van zijn slachtoffers – is dus geen letterlijke verfilming van die onweerstaanbare pageturner, maar een ge(s)laagde poging om de achtergronden daarvan uit te diepen. De nadruk ligt eerder op McNamara dan op de man in wie ze zich heeft vastgebeten. Via haar eigen geschriften, ingesproken door actrice Amy Ryan, en chats met echtgenoot Patton Oswalt en mensen uit haar directe omgeving wordt de protagoniste echt tot leven gewekt.

Het bijbehorende drama – van een vrouw die nooit de vangst van haar jacht zal aanschouwen – geeft de serie meer emotionele lading dan het boek, dat wél beduidend spannender is en gegarandeerd voor doorwaakte nachten zorgt. De meest voor de hand liggende volgorde blijft dan ook: eerst met samengeknepen billen wegzinken in McNamara’s levenswerk en pas daarna, nabibberend en toch weer hongerig naar meer, dit postume eerbetoon aan de onversaagde speurder afwerken. Al is dat, een true crime-film over de aantrekkingskracht van true crime, ook op zichzelf beslist de moeite waard.

Bovendien belicht de serie tevens de nieuwste ontwikkelingen in de zaak rond The Golden State Killer. Waarvan de schrijfster destijds alleen kon dromen. Of, waarschijnlijker, net als haar lezers, nachtmerries had. Alsof de Duivel met haar speelde.

In de zomer van 2021 verscheen er nog een Special Episode voor deze serie, met een onderzoek naar de onopgeloste moord waardoor Michelle McNamara ooit in de ban raakte van true crime en actuele ontwikkelingen in de zaak rond de Golden State Killer.

Unsolved Mysteries

Netflix

‘The original creators of Unsolved Mysteries and the producers of Stranger Things invite you to solve new mysteries. Follow the clues. Solve the cases.’ Met die slagzin wordt deze reboot aangekondigd van de klassieke Amerikaanse serie over cold cases en onopgeloste raadsels, die van 1987 tot 2010 op de buis was. Het is nogal wat: of wij, argeloze kijkers, even de gepresenteerde zaken willen oplossen.

Vooruit: viel Rey Rivera van het statige Belvedere-hotel in Baltimore? Sprong hij er vanaf? Of kreeg hij toch een fatale duw? En zo ja, waarom dan? Iemand?

Andere zaak dan: was het werkelijk een Unidentified Flying Object dat enkele bewoners van Berkshire County in Massachusetts op 1 september 1969 zagen? En door wie zijn zij ontvoerd? Tips zijn altijd welkom.

Of, ook nog onopgelost: wie zit er achter de verdwijning van de moeder van Pistol Black? Was het Gary Hilton? Of die andere seriemoordenaar, Jeremy Jones? Of tóch haar echtgenoot Rob Endres? Zeg het maar.

Via herinneringen van direct betrokkenen, ooggetuigen en nabestaanden reconstrueren Marcus A. Clarke en Clay Jeter in dit zesdelige nieuwe seizoen van Unsolved Mysteries (271 min.) enkele spraakmakende zaken, waarbij weer druk kan worden gespeculeerd over de ware toedracht of afloop. En dat gebeurt dan ook, in de hoop ergens onderweg op de waarheid te stuiten. Of op iemand, een kijker misschien, die met het definitieve antwoord op de proppen komt.

Dat is ook het frustrerende van al die onopgeloste mysteries: nadat er drie kwartier lang met veel suspense – ferme quotes, duistere reconstructies en sinistere muziekjes – een drama, misdrijf of bovennatuurlijk verschijnsel is opgeroepen, loopt de whodunnit of whathappened af met steeds dezelfde sisser: als je een tip hebt, ga dan naar unsolved.com.

Daar moet je zin in hebben.

The Innocence Files

Netflix

Kun je vertrouwen op ooggetuigen? Houden agenten en aanklagers zich zelf eigenlijk wel aan de wet? En leveren bijtwonden enigszins betrouwbaar bewijsmateriaal op? Het zijn zulke elementaire vragen over het Amerikaanse rechtssysteem die The Innocence Files (570 min.) domineren. In de negendelige documentaireserie worden enkele zaken onderzocht van het zogenaamde Innocence Project, waarbij een team van gedreven Amerikaanse juristen mogelijke gerechtelijke dwalingen, veelal uit de tijd dat DNA nog niet kon worden gebruikt als (ontlastend) bewijsmateriaal, onder de loep neemt en ten onrechte veroordeelde landgenoten weer vrij probeert te krijgen.

De serie van de docucracks Alex Gibney, Liz Garbus en Roger Ross Williams introduceert in dat kader enkele naamloze Amerikanen, meestal afkomstig uit een minderheidsgroepering en probleemwijk, die voor jáááren achter de tralies zijn verdwenen. Het gaat zonder uitzondering om schrijnende verhalen van mannen, jongens nog soms, die voor het leven werden getekend door een wrede speling van het lot. En dat lot werd soms meer dan zomaar een handje geholpen door overijverige, véél te gretige of gewoon slinkse agenten, officieren van justitie en getuige-deskundigen.

De eerste drie afleveringen, geregisseerd door Williams, richten zich bijvoorbeeld op twee kindermoorden en de gewelddadige dood van een man en de verkrachting van diens echtgenote aan het begin van de jaren negentig. De verdachten van deze misdrijven hebben één ding gemeen: ze zijn alledrie veroordeeld op basis van verklaringen van één en dezelfde expert. ‘Ik ben slechts de boodschapper die het bewijs verzamelt voor de jury’, zegt forensisch tandheelkundige Michael West over de kritiek dat hij er maar wat op los heeft gefabuleerd. ‘En als er ergens een nieuwe methode uitkomt die aantoont: ‘Hij is onschuldig’ kúnnen we hem vrij laten.’

En tot die tijd zitten ze dus achter slot en grendel, soms tientallen jaren lang. Of ze het nu gedaan hebben of niet. Als mogelijke slachtoffers van al dan niet bewuste ‘testilying’. Hoewel hij flink onder vuur wordt genomen, zit de morsige West niettemin met zichtbaar genoegen voor de camera. Een larger than life-personage, dat overduidelijk geniet van de aandacht – en al even duidelijk: niet berekend is op zijn taak. Anderen die een gerechtelijke dwaling hebben gefaciliteerd stellen zich aanmerkelijk nederiger op en trekken, geëmotioneerd zelfs, het boetekleed aan. ‘Het spijt me’, zegt een vrouw die een man onterecht voor haar verkrachter heeft aangezien. Van slachtoffer is ze daarmee dader geworden, concludeert ze nu zelf.

Het leed dat op die manier werd veroorzaakt is nauwelijks te bevatten. Complete levens werden verwoest. Van de mannen in de cel én van hun partners, kinderen en ouders. Na de veroordeling gaat het leven weliswaar verder – of houdt op, dat ook – maar lijkt het elke glans te hebben verloren. Er rest de mannen niets anders dan strijden voor hun recht. Dit vaste stramien is eigenlijk in elke aflevering van The Innocence Files zichtbaar. Dat zorgt ervoor dat alle verhalen, hoe indringend ze ook worden verteld, in essentie hetzelfde zijn. Tegelijkertijd maken die overeenkomsten ook helder dat het bij deze gerechtelijke dwalingen niet om individuele blunders gaat, maar om ernstige systeemfouten in het Amerikaanse justitiële systeem. Die, natuurlijk, buitenproportioneel minderheidsgroepen raken.

How To Fix A Drug Scandal

Netflix

Zitten er mensen onschuldig in de cel? Die vraag dringt zich onmiddellijk op als Sonja Farak in 2013 wordt aangehouden. De chemicus van het Amherst-laboratorium in de Amerikaanse staat Massachusetts test in beslag genomen drugs en zou wel eens met bewijsmateriaal kunnen hebben geknoeid. Moeten die rechtszaken nu opnieuw? En wat kan Farak hebben bewogen om haar beroepseer op zo’n flagrante wijze te schenden? Ze zal toch niet zelf…?

De Amerikaanse true crime-crack Erin Lee Carr (Mommy Dead And DearestAt The Heart Of Gold: Inside The USA Gymnastics Scandal en I Love You, Now Die: The Commonwealth v. Michelle Carter) brengt de zaak tegen de 35-jarige chemicus in How To Fix A Drug Scandal (208 min.) samen met de kwestie rond een andere laborante: Annie Dookhan van het eveneens in Massachusetts gevestigde Hinton-misdaadlab. Zij heeft er ook een potje van gemaakt bij het testen van drugsbewijs.

Alle elementen voor een onvervalste nagelbijter lijken aanwezig. Toch duurt het even voordat deze vierdelige documentaireserie op stoom komt. Zeker de eerste aflevering is erg uitleggerig: wat doet zo’n drugslaborant nu precies en welke consequenties heeft het als dat werk niet kan worden vertrouwd? Dit gaat ten koste van het verteltempo, dat later wel wat wordt opgeschroefd.

Erin Lee Carr kleedt de vertelling aan met chique reconstructies, waarin actrice Shannon O’Neill Sonja Farak vertolkt, en kadert die in met een waslijst aan bronnen: openbaar aanklagers, advocaten, verdachten, deskundigen, journalisten en de moeder en zus van Farak. Die laatste komt zelf niet aan het woord. En ook Dookhan laat verstek gaan. Al is het sowieso de vraag wat zij had kunnen toevoegen. De meerwaarde van de tweede casus blijft beperkt.

Dit is en blijft het relaas van Sonja Farak, de welhaast malicieuze manier waarop het Openbaar Ministerie van de staat Massachusetts is omgegaan met de strapatsen van haar dolende medewerker en wat de consequenties daarvan zijn geweest voor honderden, misschien wel duizenden, veroordeelden. Daarbij is de vraag gerechtvaardigd of die vertelling wel een miniserie waard is of toch ook gewoon in één stevige docu over deze geruchtmakende zaak had gepast.

Killer Inside: The Mind Of Aaron Hernandez

Netflix

De parallellen met de geruchtmakende zaak rond O.J. Simpson zijn onmiskenbaar: bekende footballer komt in beeld als verdachte van moord en wordt zo het middelpunt van een enorme mediahype. Aaron Hernandez neemt zelfs nog even de benen in een witte SUV – als een bijna onwerkelijk eerbetoon aan OJ’s legendarische vlucht in een al even witte Ford Bronco, die destijds door nieuwshelikopters werd gevolgd en als BREAKING NEWS live op televisie was te zien.

Van het kaliber O.J.: Made In America, de Oscar-winnende serie over de gevallen footballster Simpson, is Killer Inside: The Mind Of Aaron Hernandez (201 min.) echter niet. De driedelige serie van Geno McDermott reikt minder ver en diep. Dit is geen exposé over het moderne Amerika. Toch wordt de zaak tegen de quarterback van The New England Patriots, die zijn zwager in spé Odin Lloyd zou hebben vermoord, wel degelijk in een breder kader geplaatst: van een door testosteron gedreven subcultuur, waarin bepaalde verhalen onbespreekbaar zijn.

McDermott neemt alleen nogal de tijd om de achtergrond van de American footballer, diens carrière en zijn huidige levenswandel uit de doeken te doen met mensen uit zijn directe omgeving, gezagsdragers en (sport)journalisten. De protagonist zelf hult zich intussen, vanwege overigens héél begrijpelijke redenen, in stilzwijgen. Hij is alleen te zien in de rechtszaal en te horen in telefoongesprekken met zijn vriendin, moeder, manager, personal assistant en maten.

Zij verhalen daarnaast over een man met twee gezichten, die nog wel eens meer onoorbare zaken op zijn geweten zou kunnen hebben. Een man ook met een geheim, zo beweren althans mensen die het zouden kunnen weten, dat hem tot een outcast in zijn eigen wereld zou kunnen maken – en een wandelende tijdbom in de onze. Én een man met een gebrek, waarvan hij zelf geen idee heeft – en de rest van zijn wereld niets wil weten.

Met deze elementen werkt deze degelijke miniserie, die tamelijk traag op gang komt, toch nog toe naar een ferme apotheose.

De Villamoord

KRO-NCRV

Zaten Nevzat Altay en de acht andere verdachten van De Villamoord (131 min.) in 1998 jarenlang onschuldig vast? Dan zou het volgens rechtspsycholoog Peter van Koppen gaan om de grootste gerechtelijke dwaling in de recente Nederlandse geschiedenis. Bovendien zou de echte dader dan nog op vrije voeten zijn en wellicht ook een bedreiging kunnen vormen voor de vrouw die de schietpartij in Arnhem overleefde, waarbij haar tante Geke om het leven kwam.

In deze driedelige documentaire van Joost van Wijk wordt de zaak nog eens helemaal doorgelicht. Met de hoofdverdachte, diens advocaat, een ooggetuige, betrokken politiemannen, een familielid, enkele deskundigen én de verdachte, op basis van wiens getuigenverklaring alle anderen zijn veroordeeld. Een bekentenis die hij nu als vals betitelt. Afgelegd onder aanzienlijke druk. Fysiek bewijs voor betrokkenheid van de mannen is er verder niet – een constatering waarbij, sinds geruchtmakende justitiële dwalingen als de Schiedammer Parkmoord en de Puttense moordzaak, eigenlijk alle alarmbellen zouden moeten afgaan.

De aanpak van Van Wijk doet bijna Amerikaans aan, met een slimme en dwingende voice-over van Stefan Stasse, fraaie beelden en visualisaties van de plaats delict en ronduit chique muziek. Zo maakt hij, in de traditie van true crime-klassiekers als The Thin Blue Line, de Paradise Lost-trilogie en Making A Murderer, gehakt van het politieonderzoek, waarbij tunnelvisie de waarheidsvinding in de weg zou hebben gestaan. Beeldmateriaal van de politieverhoren maakt dat tastbaar: de verdachten worden op alle mogelijke manieren onder druk gezet om te bekennen en krijgen intussen tevens de benodigde daderkennis gevoerd. Met dramatische gevolgen, niet alleen voor de zaak zelf.

Daarna richt de krachtige miniserie zich op wat er dan wél kan zijn gebeurd in die Arnhemse villa, met nieuw (technisch) onderzoek en actuele verklaringen. Zo komt een ongemakkelijke alternatieve hypothese bovendrijven, die verder overigens niet in beton wordt gegoten. Dat is, als de zaak wordt heropend, aan politie en justitie. De Villamoord oogt intussen als een soort deluxe-aflevering van het fameuze televisieprogramma Peter R. de Vries Misdaadverslaggever. Zónder koene presentator en verplichte confrontatie voor de (verborgen) camera, maar mét journalistiek graafwerk en opmerkelijke bevindingen die de geruchtmakende strafzaak wel eens een beslissende draai zouden kunnen geven.

Wordt ongetwijfeld vervolgd. In de rechtszaal. Of op de beeldbuis. In seizoen 2 bijvoorbeeld.

De Villamoord is hier te bekijken.

Het Beest Van Harkstede

Videoland

‘Ik wou baas over een vrouw wezen.’

‘Dat kon toen die tijd nooit ver genoeg gaan voor me. Liefst met geweld.

’‘Toen was het alleen maar begeren, hebben en vernietigen.’

Was getekend: Willem van Eijk, alias Het Beest Van Harkstede (123 min.). Deze driedelige true crime-serie is gebaseerd op het boek Anatomie Van Een Seriemoordenaar van Sytze van der Zee, die tevens als verteller fungeert, en put regelmatig uit audio-interviews die misdaadverslaggever Peter R. de Vries deed met de beruchte Nederlandse seriemoordenaar.

Regisseur Marc de Leeuw doet de donkere dagen herleven toen Groningen volledig in de ban was van een serie moorden op vrouwen, die op een tippelzone werkten als prostituee. In 2001 kwam Willem van E. in beeld, een man die destijds al jaren TBS achter de rug had vanwege twee lustmoorden in de jaren zeventig en daarna zonder enige vorm van begeleiding weer de nietsvermoedende wereld in was gestuurd.

Met bronnen als zijn ex-vrouw Adrie, familieleden van zijn slachtoffers, een nicht, dorpsgenoten, een maatschappelijk werkster en gedragswetenschappers schetst De Leeuw het beeld van een angstaanjagende man, volgens een psychologisch rapport ‘een antisociale persoonlijkheid met een psychotische kern’. Een toonbeeld van externe attributie bovendien, dat consequent weigert om zich te laten behandelen.

De filmmaker vergezelt de getuigenissen over ‘het beest’ met video-opnames van een politieverhoor, suggestieve archief- en reconstructiebeelden en talloze onheilspellende muziekjes. Een slordige twintig jaar na dato is het nauwelijks te geloven dat hij zo lang ongestoord zijn gang heeft kunnen gaan. Niet in een of andere achterlijke uithoek van de Verenigde Staten. Gewoon hier, in Nederland.

Dat simpele feit geeft deze aardige serie écht extra lading.

Don’t F**k With Cats: Hunting An Internet Killer

Netflix

Elke seriemoordenaar begint met het mishandelen van dieren. Los daarvan: je blijft met je poten van katten af, vindt Deanna Thompson (alias Baudi Moovan, op Facebook). En dus slaat de data-analiste uit Las Vegas direct aan als ze het filmpje ‘1 boy, 2 kittens’ spot. Een jongen stopt daarin twee poezen in een luchtdichte zak, die hij daarna vacuüm zuigt.

Als een soort dierenbeschermingsdependance van het online-onderzoekscollectief Bellingcat gaat ze met enkele andere computernerds uit haar speciale Facebook-groep, onder wie een geek met de schuilnaam John Green, op zoek naar de geheimzinnige dierenbeul, die steeds sadistische filmpjes en aanwijzingen over zijn eigen identiteit achterlaat.

Voor hun online-speurtocht – die zich laat bekijken als een handleiding voor bijdetijdse amateurdetectives of -journalisten – stuiten ze al snel op een clip uit Catch Me If You Can, een speelfilm met Leonardo DiCaprio over een meesteroplichter die zijn achtervolgers steeds te slim af probeert te zijn. Als dat geen uitdaging is…

Hun queeste zal hen in de driedelige serie Don’t F**k With Cats: Hunting An Internet Killer (186 min.) van Mark Lewis naar de engste uithoeken van het internet en de menselijke geest leiden, in het spoor van bizarre personages als Jamsey Cramsalot Inhisass en Luka Magnotta. En dan moeten ze het lugubere filmpje ‘1 lunatic, 1 ice pick’ nog ontdekken…

Zo ontvouwt zich een superieur verteld true crime-verhaal, waarin verontruste burgers vanachter hun computer een hypermoderne klopjacht naar een gewelddadige narcist opzetten. Een soort Catfish 3.0, de spannendste docuserie van het jaar én een ongemakkelijk exposé over het huidige tijdsgewricht, waarin privacy eigenlijk niet meer lijkt te bestaan.

The Oslo Killing

Sundance

Wie vermoordde in 1974 de moeder van Maria Nielsen Iranzo? In haar appartement te Oslo werd de zwangere Deense vrouw op schokkende wijze van het leven beroofd. Terwijl haar vierjarige dochtertje toekeek. Het is een ervaring die Maria vanzelfsprekend nooit achter zich heeft kunnen laten. 45 Jaar na dato start ze haar eigen cold case-onderzoek.

De typische true crime-serie The Oslo Killing (250 min.) belicht alle hoeken en gaten van de geruchtmakende zaak, zet daarbij natuurlijk de nodige dwaalsporen uit en plaatst nét voor het einde van elke aflevering ook steeds een lekkere cliffhanger. Vakwerk, zou je kunnen zeggen. Waarbij Maria, ondersteund door haar oom en neef, bovendien een geloofwaardige protagonist is, voor wie de moordzaak een kwestie van levensbelang is.

Het helpt ook dat deze zesdelige serie van Ingrid Wevang en Pia Lykke niet alleen oude feiten en onderzoekspistes lijkt op te warmen, maar echt probeert om met de hedendaagse technieken nieuw bewijsmateriaal te vinden en daarmee verbanden te leggen. Het blijft alleen wel verdomd lastig om licht te brengen in een zaak die al bijna een halve eeuw onopgelost is. Ook al was er de hele tijd wel degelijk een voor de hand liggende verdachte, die nog eens goed onder handen moest worden genomen.

Behalve op nieuw onderzoek en nieuwe getuigenissen richt deze stevige serie zich tevens op de gevolgen van de moord voor het leven van Maria, die opgroeide bij haar Spaanse vader Enrique (de echtgenoot, sowieso altijd een potentiële verdachte in moordmysteries). In haar pogingen om eindelijk klaarheid te brengen in de zaak van haar moeder stuit ze op onbekende feiten, al dan niet gewillige getuigen én de Noorse bureaucratie, die een bevredigende uitkomst ernstig bemoeilijkt.