The AI Doc: Or How I Became An Apocaloptimist

Netflix

Na het alarmistische eerste half uur van zijn film The AI Doc: Or How I Became An Apocaloptimist (105 min.) kunnen ze documentairemaker Daniel Roher (Navalny) opvegen. Kunstmatige intelligentie, ofwel AI, zorgt voor de ondergang van de mensheid.

De ontwikkeling van AGI (Artificial General Intelligence), de Heilige Graal van AI, zal een grotere impact hebben dan de Industriële Revolutie. Het systeem wordt slimmer dan de gehele mensheid bij elkaar (!), volstrekt superieur in het herkennen en vervolgens manipuleren van patronen. Zonder enige vorm van ethiek of moraal. Dat kan alleen verkeerd aflopen. Sommige van de vooraanstaande experts in deze zoekende, vlot en aantrekkelijk opgediende denkfilm van Roher en zijn coregisseur Charlie Tyrell gaan er zelfs vanuit dat hun eigen kinderen nooit de middelbare school zullen bereiken.

Dit toekomstperspectief voelt als een klap in het gezicht voor Roher: zijn echtgenote Caroline Lindy, die tevens dienst doet als verteller van deze docu, is zwanger van hun eerste kind. Hij snakt dus naar licht aan het einde van de tunnel. Welkom, Peter Diamandis. ‘De enige tijd die spannender is dan vandaag is morgen’, stelt deze exponent van het ‘data-gedreven optimisme’. Volgens hem is superintelligentie geen bedreiging maar een voorwaarde voor het voortbestaan van de menselijke soort, hét antwoord op grote uitdagingen zoals pandemieën, hongersnood en klimaatverandering.

De aanstaande vader Roher weet nog niet aan welke kant hij staat, bij de doemdenkers of de rasoptimisten. Want zelfs de meest hoopvol gestemde deskundigen maken zich zorgen om de ‘racedynamiek’ rond AI. Hoe kunnen ze daarvan een race naar de top, in plaats van richting de bodem maken? Roher benadert de CEO’s van de vijf belangrijkste AI-bedrijven, ‘de Oppenheimers van dit moment’. Twee van hen staan hem niet te woord over het fenomeen dat net zo bedreigend zou kunnen worden als kernwapens. Mark Zuckerberg (Meta) heeft geen behoefte om te reageren, Elon Musk (xAI) geen tijd.

Sam Altman (OpenAI), Demis Hassabis (Google Deepmind) en Dario Amodei (Anthropic) staan hem wél welwillend te woord. Roher legt hen eerst de vraag voor of het verstandig is om nu een kind op de wereld te zetten en krijgt ogenschijnlijk eerlijk antwoord. Daarna pleiten de AI-hotshots eensgezind voor internationale afstemming en onafhankelijk toezicht. Net als bij nucleaire wapens. ‘Er zijn op dit moment meer regels voor de verkoop van een broodje dan voor de bouw van een AI, die de wereld kan vernietigen’, voegt de computerwetenschapper Connor Leahy daar nog gortdroog aan toe.

Voor het indammen en afremmen van Artificial Intelligence is publieke druk nodig, betoogt Daniel Roher, nadat zijn vrouw Caroline, net moeder geworden, het oorspronkelijke einde van deze urgente en toch ook wel onrustbarende film heeft afgeschoten met de kwalificatie ‘Kumbaya-onzin’. Haar echtgenoot herpakt zich, met een onverbloemde oproep aan alle ‘Apocaloptimisten’ om in actie te komen.

Molly Vs. The Machines

VPRO / zondag 27 september, om 22.40 uur, op NPO2

Zoals elke avond had hij de voordeur afgesloten. Via de smartphone van zijn puberdochter kwam de buitenwereld echter alsnog binnen. In de nacht van 20 op 21 november 2017 maakte Molly Russell een einde aan haar jonge leven. Sindsdien voert haar vader Ian, namens haar en al die andere tieners die zijn overgeleverd aan social media, strijd tegen de tech-giganten. In de laatste uren van haar leven werd Molly op Instagram, onderdeel van Meta, gebombardeerd met berichten over zelfdoding, depressie en zelfpijniging. Totdat ze daar fatale consequenties aan verbond.

In de urgente documentaire Molly Vs The Machines (uitzendtitel: Molly versus het algoritme, 83 min.), geïnspireerd op het boek The Age Of Surveillance Capitalism van Harvard-hoogleraar Shoshana Zuboff, plaatst Marc Silver de tragische casus van de Britse tiener binnen de evolutie van het internet, het ontstaan van sociale media en de doorontwikkeling daarvan tot platforms voor ‘surveillance kapitalisme’. Uit de levens van gewone burgers destilleert Big Tech voorspellingen, die worden verkocht aan de hoogste bieder. Met hun eigen gebruikers, inclusief kwetsbare kinderen, als handelswaar.

Instagram heeft mijn veertienjarige dochter helpen doden, concludeert Ian Russell, die besluit om terug te vechten tegen de algoritmes en de tech-bro’s voor de rechter daagt. Hij fungeert als hoofdpersoon voor deze ingenieuze film, waarin daarnaast nog een andere verteller, gecreëerd met behulp van AI, wordt geïntroduceerd. Die schetst de techkant van de kwestie. Trefzeker reconstrueert Silver, met acteurs in een onwerkelijk decor, bovendien de rechtszitting, waarin zij tegenover elkaar komen te staan. Molly’s familie, haar vriendinnen en hun advocaten kijken toe.

Molly’s persoonlijke geschiedenis wordt zo vastgeklikt aan het Metaverhaal, waarin we allemaal – inclusief ons dierbaarste bezit, onze kinderen – participeren in een sociaal experiment. Daarbij geeft Silver, via enkele klokkenluiders, een alarmistische boodschap af: de techreuzen zijn zich bewust van de schade die hun product kan veroorzaken, maar willen er niets aan doen. Illustratief is de reactie van Meta-baas Mark Zuckerberg na de herverkiezing van Donald Trump als president van de Verenigde Staten: het moet afgelopen zijn met censuur op onze platforms.

De vrijheid van meningsuiting staat weer voorop, heet ‘t dan. ‘In reality it’s a trade off’, stelt Zuckerberg. ‘It means we’re gonna catch less bad stuff.’ Ian Russell bekijkt ‘t met een cynische glimlach. Catch. Less. Bad. Stuff. ‘Het is nu wel duidelijk dat veiligheid deze platforms geen ene zier kan schelen’, verzucht hij. Waarna Marc Silver er nog een dwingende call to action aan toevoegt: ‘Eis je slaapkamers weer op als plekken van privacy, veiligheid en zelfbeschikking. Vergeet niet: de macht ligt in jouw handen!’

Sovereign Son

Verde Films / vanaf donderdag 24 september in de bioscoop

Van takken had zijn vader een ingang gemaakt. Als je een beetje bukt, zoals Marcus van Belkum aan het begin van deze intrigerende documentaire doet, kun je nog altijd naar binnen gaan. Binnen is dan wel buiten: een park in Amsterdam. Niet ver van de snelweg, maar wel lastig bereikbaar. De vader van Marcus, de Brit Stanley Powton, leefde er jarenlang in een zelfgebouwde tent. Helemaal alleen, ver van alles en iedereen, maar hooguit een half uurtje rijden van de woning van zijn zoon. Die had daar alleen helemaal geen weet van en ontdekte het pas in 2021, toen de man die hem had verwekt dood was aangetroffen in zijn tent. Stanley had er vermoedelijk een maand of negen gelegen.

In kleren van zijn vader, netjes gewassen natuurlijk, vertelt Marcus aan filmmaker Cindy Jansen welke persoonlijke spullen hij daar, in dat zelfverkozen thuis van zijn vader, nog meer veilig heeft kunnen stellen. Met behulp van generatieve AI probeert Jansen daarmee vervolgens een impressie van het leven van Powton te genereren. Het kost enkele pogingen voordat ze min of meer de juiste toon heeft gevonden. Ook de omgang met diens Sovereign Son (79 min.) vergt enige afstemming. De filmmaakster en haar hoofdpersoon, die zichzelf tot het ‘wakkere’ deel van Nederland rekent en die zich dus ook niet zomaar door haar laat regisseren, staan soms lijnrecht tegenover elkaar.

Jansen is Stanley Powton op het spoor gekomen via Stichting De Eenzame Uitvaart, die mensen zonder nabestaanden uitgeleide doet met een gedicht. ‘In de broekzak van de dode zit een Brits paspoort, uitgegeven aan een ongehuwde man uit 1958,’ schreef initiatiefnemer Joris van Casteren over #269, ofwel De Tentman, in de Volkskrant. ‘Of hij het is, is nog ongewis als hij naamloos wordt begraven.’ En over de ontmoeting tussen de toekomstige ouders van Marcus, begin jaren negentig in München: ‘Zij was 19, de Engelsman 33. Hij had gereisd, door Zuid-Amerika, Afrika en Azië.’ Marcus zelf komt ook nog aan het woord: ‘Ze hebben een onenightstand gehad waar ik het product van ben.’

Dat klinkt veel laconieker dan hij in werkelijkheid overkomt. Terwijl Marcus die ongrijpbare vader alsnog te pakken probeert te krijgen, worstelt hij met de wereld en zijn plek daarbinnen. Hij voelt zich weliswaar thuis in ‘wappie-Twitter’, maar overweegt toch om Nederland, en de bijbehorende ‘Matrix’, achter zich te laten. Boos- en kwetsbaarheid lijken voortdurend om voorrang te vechten – zijn relatie met vriendin Linda dreigt eronder te bezwijken. Marcus imagineert regelmatig een ander leven, van een man die heerst over z’n eigen bestaan, dat Jansen dan weer met enkele AI-prompts poogt op te roepen. Kun je anti-alles zijn en toch weer gezond in je hoofd worden? vraagt ze hem ook.

Sovereign Son weigert intussen categorisch om een rechttoe rechtaan zoektocht naar een verdwenen vader te worden – al bevat de film wel degelijk bezoekjes aan de mensen en plekken die hem even tot leven kunnen wekken. En Jansen waakt er ook voor om een sluitend portret te fabriceren van een zoon die zich, bij gebrek aan een gezond voorbeeld, verliest in toxische mannelijkheid en die, net als z’n vader, buiten het systeem wil leven. Deze film, een lekker tegendraadse dwarsdoorsnede van het leven van twee mannen die grip proberen te krijgen op wie ze (willen) zijn, vraagt en geeft intussen ruimhartig.

Kusama In Holland

Memphis Film / maandag 21 september, om 22.40 uur, op NPO2

Een protofeminist, een handenbindster, een bezienswaardigheid. Zo’n zestig jaar later roept het verblijf in Nederland van de Japanse kunstenares Yayoi Kusama, de onlangs op 97-jarige leeftijd overleden polka dot-koningin en Instagram-hype, nog altijd levendige beelden op. Via kunstenaars zoals Henk Peeters en Jan Schoonhoven vindt zij in de jaren zestig aansluiting bij de zogeheten Nul-beweging, een reactie op de Cobra-groep en de expressionistische schilderkunst. Ze maakt in die tijd bijvoorbeeld ‘infinity nets’, hele grote schilderijen met eindeloos herhaalde boogjes of puntjes.

Met haar excentriciteit, verzet tegen traditionele rolpatronen en seksueel geladen werk doet Kusama In Holland (53 min.) het nodige stof opwaaien. Bij de tentoonstelling ‘Facetten van de hedendaagse erotiek’ in de Haagse galerie Orez moet in 1965 zelfs de zedenpolitie eraan te pas komen. Preutse Nederlanders spreken schande van de in zilver of goud gespoten schoenen met fallussymbolen die zij daarvoor heeft gemaakt. Later begint ze ook naakt-happenings te organiseren en wordt haar werk alsmaar explicieter. Kusama schildert live stippen op blote mannenlijven – al is ze zelf, volgens de overlevering, wars van lichamelijk contact.

De kunstenares, die pas op latere leeftijd erkenning zal krijgen in eigen land en inmiddels geldt als één van de belangrijkste kunstenaars die Japan ooit heeft voortgebracht, wordt door de vrienden en kennissen uit haar Nederlandse periode in deze boeiende film van Sherman de Jesus zelfs gekenschetst als ‘geestesziek’. Ze blijft haar hallucinaties alleen de baas door ze te vertalen naar kunst. Obsessief, tot in het oneindige. De Jesus verbeeldt die binnenwereld met treffende geanimeerde sequenties van Cristina Garcia Martin, aangevuld met een voice-over die is geïnspireerd op originele teksten en citaten van Kusama en ingesproken door Kumi Sekimoto.

De rol van kunstenares Alicia Framis, die als onderdeel van haar werk onlangs is getrouwd met het AI-hologram Ailex, is minder evident. Of ‘t moet zijn dat zij, in navolging van Yayoi Kusama, eveneens een exponent is van een wereld, waarin kunstenaars ook zichzelf tot hun werk rekenen. Sterker: Kusama lijkt ook al in het Holland van de jaren zestig nauwelijks te kunnen worden onderscheiden van haar kunst. Ze heeft uiteindelijk bijna een eeuw kunnen bestaan – overleven, wellicht – bij de gratie ervan.

Trump And The Tech Titans

BBC / donderdag 18 juni, om 20.45 uur, op Canvas

Het beeld spreekt boekdelen: bij de tweede inauguratie van Donald Trump als president van de Verenigde Staten, begin 2025, staan techmiljardairs zoals Elon Musk en Peter Thiel te glimmen op de eerste rij. Zij zijn stuk voor stuk, stelt Trump-biograaf Michael Wolff in de Britse documentaire Trump And The Tech Titans (58 min.), ‘rijker dan iemand ooit is geweest in de menselijke geschiedenis’.

De omstreden kopstukken van Big Tech hebben een ‘diabolisch verbond’ gesloten met de Republikeinse president, constateert de econoom en Democratische politicus Robert Reich. Het gevolg daarvan is ook duidelijk volgens senator Bernie Sanders, de spreekbuis van Links Amerika die altijd zegt waar het op staat. ‘Abraham Lincoln sprak over een overheid van, door en voor de mensen. Ik denk dat je nu met een gerust hart kunt zeggen dat Amerika een land van, door en voor de miljardairs is geworden.’

Onzin, werpt Trump-fluisteraar Steve Bannon tegen in deze journalistieke film van Matthew Hill. Jullie hebben helemaal niets tegen oligarchen, houdt hij z’n opponenten voor. ‘Jullie hebben alleen problemen met oligarchen die jullie niet steunen’. Daar valt wel iets voor te zeggen. Ook bij de Democratische partij zijn rijke donoren natuurlijk van harte welkom – al gaan hun Republikeinse tegenstrevers zonder twijfel véél verder. Sinds de entree van Trump ligt de rode loper uit voor de stoutste jongens van Silicon Valley.

Hill zoomt natuurlijk in op Elon Musk, die met de aankoop van Twitter z’n eigen megafoon heeft gekocht (waarmee ook ‘vrolijk’ voor Trump kan worden geroeptoeterd). In Brownsville, Texas, waar ie met z’n ruimtebedrijf SpaceX is neergestreken, runt Musk bovendien z’n eigen (bananen)republiek, waar hij rustig andere bewoners kan intimideren en een eigen milieuramp mag veroorzaken. Het is een somber stemmende proeftuin voor hoe de wereld eruit zal zien als Musk hem helemaal in z’n handen krijgt.

De ‘tech titan’ die in deze ontluisterende exegese van het monsterverbond tussen MAGA en Big Tech echter het meeste aandacht opeist is de libertariër Peter Thiel. Hij is steenrijk geworden met de betalingsdienst PayPal en faciliteert met zijn huidige bedrijf Palantir de totalitaire ordedienst ICE. En ook daarmee verdient ie, natuurlijk, geld als water. Vanuit Thiels ‘PayPal Mafia’ is bovendien vicepresident J.D. Vance voortgekomen, een man die met techgeld wordt klaargestoomd om zijn baas in 2028 op te volgen.

Net als Trump, die crypto-ondernemers en AI-ontwikkelaars vooral niet lastig valt met regulering en lekker meeprofiteert als er geld wordt verdiend, zal hij Big Tech geen strobreed in de weg leggen. ‘We zijn op weg naar een dystopie’, zegt nota bene Steve Bannon over de wereld die zo lijkt te ontstaan. ‘Tenzij we hen stoppen.’

Trump And The Tech Titans is hier te bekijken.

Ai Weiwei’s Turandot

Incipit Film / La Monte Productions

Hij is bepaald geen voor de hand liggende keuze als regisseur voor Turandot. En ook voor Ai Weiwei is ‘t in het voorjaar van 2020 een flinke stap om zich over een opera van Giacomo Puccini te ontfermen. Hij heeft er eigenlijk niets mee. En dat is waarschijnlijk precies de reden dat de tegendraadse Chinese kunstenaar de klus toch heeft aanvaard. Los daarvan had hij ruim dertig jaar geleden al eens een rolletje als figurant in de opera. En toen kreeg hij ook te maken met Chiang Ching, die nu als choreografe fungeert voor zijn uitvoering van Puccini’s laatste opera voor het Teatro Dell’Opera in Rome.

Ai Weiwei’s Turandot (77 min.) wordt dus een héél andere opera. Politiek geladen, dat staat vast. Want voor Ai Weiwei is kunst altijd politiek. Turandot gaat in zijn optiek over vluchtelingen. Zoals hij zelf is, als dappere en onvermoeibare strijder tegen de Chinese dictatuur die tegenwoordig noodgedwongen vanuit het westen opereert. Turandot representeert de autocratie waartegen hij zelf te hoop – en bijna stuk – is gelopen en is zo bezien dus ook een persoonlijk project. ‘Het is geen simpele opera. Het gaat om ons begrip en onze individuele interpretatie van hoe onze wereld zou moeten zijn.’

Het is een bijzondere tijd voor kunstenaars zoals wij, houdt hij de cast en crew voor. Met deze opera kunnen ze een rol spelen in het verdedigen van de vrede en menselijkheid. De Chinese kunstenaar, die tijdens z’n leven regelmatig als vleesgeworden opgestoken middelvinger heeft geacteerd, lardeert zijn versie van Turandot dus met paraplu’s als schild tegen de oproerpolitie, Michael Jackson-achtige moonwalks en geladen nieuwsbeelden uit de wereld van nu. Documentairemaker Maxim Derevianko registreert dit maakproces en doorsnijdt ‘t met impressies van zijn roerige kunstenaarsbestaan.

En dan – het is tenslotte 2020, het jaar van de pandemie – gooit het Coronavirus, halverwege de film, roet in het eten en bevriest de ontwikkeling van Weiweis interpretatie van Turandot. En wanneer de productie in 2022 wordt hervat, valt Rusland, tot grote ontzetting van een aantal medewerkers aan de groots opgezette productie, buurland Oekraïne binnen.

Orwell: 2+2=5

18k.film

De optelsom klopt. Neem George Orwell (1903-1950), de vermaarde Britse auteur achter de iconische dierenfabel Animal Farm en de ultieme dystopische roman, 1984.

Voeg daar regisseur Raoul Peck, de maker van het imposante James Baldwin-video-essay I Am Not Your Negro (2016) en de anti-Apartheidsfilm Ernest Cole: Lost And Found (2024), aan toe.

En strooi er tenslotte een snufje Alex Gibney, de man achter vlijmscherpe politieke en maatschappelijke documentaires die ditmaal als producent fungeert, overheen.

Het resultaat? Orwell: 2+2=5 (119 min.), een combinatie van zowel het leven van Orwell in het daar en toen als een exploratie van zijn gedachtengoed in het hier en nu.

De vertelling start in 1946 als George Orwell – die van de Britse acteur Damian Lewis een stem heeft gekregen, gebaseerd op zijn dagboek en andere geschriften – op het Schotse eiland Jura een begin maakt aan wat zijn laatste boek zal worden: 1984, een messcherpe satire over een totalitaire staat, waarin Big Brother alles bepaalt en het individu niets heeft te vertellen. En daarmee is hij zijn tijd méér dan 35 jaar vooruit.

Terwijl de auteur terugblikt op zijn leven en verslag doet van hoe hem dat in de laatste jaren steeds meer ongemakken bezorgt, zoomt Raoul Peck in op hoe de grondslagen van Orwells angstaanjagende staat tachtig jaar later enthousiast in de praktijk worden gebracht. Bewijzen te over – en de bijbehorende Newspeak: Stimulus package = handouts to the wealthy, bijvoorbeeld. Of: campaign finance = Legalized corruption.

De filmmaker ondersteunt zijn ambitieuze betoog met een mengeling van familiefoto’s, scènes uit films en docu’s over Orwell, de verfilmingen van Animal Farm en 1984, nieuwsfoto’s, archiefbeelden, graphics, AI-fabrikaten, filmfragmenten van Ken Loach, Terry Gilliam en Steven Spielberg en scènes uit documentaires zoals Babi Yar. Context (Sergei Loznitsa), Generation Wealth (Lauren Greenfield) en Myanmar Diaries (anoniem).

Het is een alarmistisch verhaal, gestut met quotes van onder anderen Pierre Bourdieu, Bernie Sanders, Edward Snowden, Maria Ressa en Shoshana Zuboff. Over dictatuur, oorlog en propaganda. Met voor de hand liggende schurken zoals Trump, Poetin en Netanyahu. En al even voorspelbare strijdtonelen: Syrië, Oekraïne en Gaza. Parasieten zuigen zich intussen schaamteloos vol: de Musks, Bezossen en Zuckerbergs.

Gezamenlijk geven zij op een onnavolgbare wijze invulling aan die onvergetelijke leuzen uit 1984: War is peace. Ignorance is strength. Freedom is slavery. En Peck hamert die boodschap er met verve in. Niet altijd even subtiel, maar wel zéér effectief. 1+1 wordt in zijn handen daadwerkelijk, eh…, 3. Ook omdat 2+2, getuige dit toch wel behoorlijk deprimerende video-essay, helemaal niet meer zo nodig 4 hoeft te zijn.

De optelsom klopt dus: volgens de Orwelliaanse logica is dit zonder enige twijfel een vijfsterrenfilm – ook al staan er hier effectief slechts vier op papier.

Milou’s Strijd Gaat Door

familiefoto / NTR

‘Ik ben Milou’, zegt de hoofdpersoon bij de start van deze indringende film. ‘Je hoort mijn stem, maar ik leef niet meer. Omdat ik het belangrijk vind dat mijn verhaal verteld wordt, is mijn stem met kunstmatige intelligentie nagemaakt. Daarvoor zijn oude geluidsopnamen van mij gebruikt.’

Alles wat ze nu met de kijker deelt heeft Milou overigens ooit zelf gezegd of geschreven, vertelt haar AI-alter ego. De bijbehorende foto’s komen uit het familiealbum. En de tekeningen en social media-filmpjes heeft ze, in de jaren voordat in 2023 euthanasie aan haar werd verleend, zelf gemaakt. ‘Alleen deze introductie niet’, voegt ‘Milou’ daar nog aan toe. ‘Die is geschreven door Bart, de regisseur.’

En die neemt de vertelling vervolgens meteen bij de hand met zijn eigen voice-over: ‘Maar hoe kan het dat Milou, een meisje van zeventien, zodanig psychisch lijdt dat ze euthanasie krijgt?’ Waarna de titel van deze documentaire in beeld verschijnt, Milou’s Strijd Gaat Door (103 min.), en de zoektocht naar het antwoord op die vraag kan beginnen. Als er al een eenduidig antwoord bestaat…

Milou was het nichtje van producent Rob Hüsken, de beste vriend van documentairemaker Bart Hölscher. Samen hebben zij nu, tegemoet komend aan de laatste wens van Milou, een film gemaakt, waarin de lijdensweg van de tiener uit Bavel nog eens pijnlijk gedetailleerd wordt gereconstrueerd met Milou’s ouders Mireille en Louis, haar vriendinnen Lisa en Nyssa en enkele behandelaars.

Daarmee wordt in de eerste helft van deze documentaire het fundament gelegd voor het tweede deel van de film, waarin de openbare discussie aan de orde komt die na Milou’s zelfverkozen ‘humane dood’ losbarstte. Is het wel gewenst dat minderjarigen die ogenschijnlijk ondraaglijk en uitzichtloos psychisch lijden in aanmerking komen voor euthanasie? De meningen van behandelaars lopen daarover uiteen.

Kinder- en jeugdpsychiater Menno Oosterhoff, die Milou’s wens om humaan te kunnen sterven honoreerde, noemt dat besluit ‘één van de moeilijkste beslissingen’ uit zijn leven. Naderhand voelde hij zich bovendien gecriminaliseerd door collega’s, en in hun kielzog ook politici, die de zorgvuldigheid daarvan in twijfel trokken. En hij maakte zich kwaad over de ‘parent blaming’ die er ook uit sprak.

Hölscher neemt de tijd om deze pijnlijke discussie, waarbij Oosterhoffs opponenten alleen via archiefbeelden aan bod komen, te behandelen. Het persoonlijke verhaal van Milou dreigt dan wat op de achtergrond te raken – al maakt hulpverlener Halil nog wel een speciale Blue Tree voor haar en bezoeken Milou’s ouders samen met lotgenoten het beeld Stille Strijd, dat aandacht vraagt voor psychisch lijden bij jongeren.

Op zulke kwetsbare momenten wordt nog eens duidelijk dat het leed dat zij met hun kind moeten dragen eigenlijk te groot is om onderdeel te worden gemaakt van een maatschappelijk debat – hoe legitiem dat verder ook is. Voor de ouders van Milou telt uiteindelijk slechts één ding: dat hun kind niet langer hoeft te lijden en niet aan haar lot wordt overgelaten terwijl ze aanstuurt op een waardig einde.

Roadrunner: A Film About Anthony Bourdain

Focus Features

‘Je komt er toch wel achter’, richt kunstenaar John Lurie zich rechtstreeks tot de kijker, als Roadrunner: A Film About Anthony Bourdain (119 min.), de documentaire over zijn vriend, pas enkele minuten onderweg is. ‘Dus ik zal het alvast verraden: er komt geen happy end. De eikel pleegde zelfmoord.’

Lurie wendt zich vervolgens tot de maker van die film, Morgan Neville. ‘Hoe ga je dit maken?’ wil hij weten. ‘Natuurlijk wil je praten over de roddels, maar dat is niet wat je wilt maken.’ Nee, antwoordt Neville. ‘Ik wil een film maken over waarom hij was zoals hij was.’ Lurie: ‘Daar heb ik ook geen antwoord op. Daarom zit ik zelf ook hier.’

Dat tragische einde, zo prominent neergezet bij de opening, hangt de hele film als een slagschaduw over het leven van Anthony Bourdain (1956-2018), dat een volstrekt nieuwe wending krijgt als hij, een kok van dik in de veertig bij het New Yorkse restaurant Les Halles, in 2000 een enorme bestseller schrijft: Kitchen Confessions.

In dat boek deelt hij zowel alle geheimen van de keuken als zijn eigen uitspattingen op het gebied van seks, drugs en rock & roll. Met een eigen reisprogramma bouwt Bourdain daarna al snel een vaste achterban op. Hij is een man die bereid lijkt om alles te eten, in Jan en alleman geïnteresseerd is en geweldig over zijn belevenissen kan vertellen.

Achter de schermen maakt hij ’t anderen – en zichzelf – bepaald niet gemakkelijk. Middelmatigheid beschouwt Bourdain bijvoorbeeld als een enorme zonde. ‘Geef deze nerds met eekhoornballen geen macht door ze hun zin te geven’, schrijft hij bijvoorbeeld in een boze bui aan een teamlid. ‘Ze zullen deze show doodknabbelen als hongerige eenden.’

Met Bourdains broer Chris, tweede vrouw Ottavia Busia, vriend Josh Homme (voorman van de rockband Queens Of The Stone Age), de sterkoks Eric Ripert en David Chang en verschillende leden van zijn vaste tv-team probeert Morgan Neville vat te krijgen op deze gecompliceerde persoonlijkheid, die gedurig in de knoop zit met zichzelf.

Als Bourdain, nadat ook zijn tweede huwelijk is stukgelopen en hij Ottavia en hun dochter Ariane heeft achtergelaten, halsoverkop verliefd wordt op de Italiaanse actrice en filmmaakster Asia Argento, begint zijn verslavingsgevoelige persoonlijkheid, waardoor hij eerder verslingerd raakte aan heroïne en cocaïne, hem danig op te breken.

‘Ik heb mijn haar niet meer geknipt sinds hij is gestorven’, vertelt zijn vriend David Choe geëmotioneerd. ‘Ik mis hem gewoon.’ Anthony Bourdains zelfverkozen dood heeft niet alleen bij hem diepe sporen achtergelaten, toont de stemmige apotheose van deze zeer doeltreffende biografie over een man die zoveel meer was dan zijn einde.

Toen Roadrunner in 2021 werd uitgebracht, ontstond er nog wel een controverse nadat bleek dat Neville, met behulp van kunstmatige intelligentie, enkele stukken geschreven tekst van Bourdain had omgezet in voice-overs en die, zonder dat verder expliciet te melden, tussen reguliere ingesproken teksten van zijn hoofdpersoon had geplaatst.

About A Hero

NOISE

Kaspar kan aan de slag. Werner Herzog heeft hoogstpersoonlijk toestemming verleend. ‘Probeer hem maar eens albino-krokodillen te voeden, om zo paleontologische kunst te maken’, geeft de Duitse meesterfilmer als tip mee aan documentairemaker Piotr Winiewicz. ‘Het gaat kunstmatige intelligentie niet lukken!’ houdt hij hem voor de zekerheid ook nog voor. ‘Veel succes!’

Het duurt in About A Hero (84 min.) vervolgens slechts luttele minuten of die uit duizenden herkenbare stem, hoogwaardig Engels met een onmiskenbaar Duits accent, begint het eerste personage in deze film aan te sturen: de gesoigneerde media-advocaat Robert J. deBrauwere – of een digitale representatie van hem. DeBrauwere heeft zojuist in z’n klinische kantoor in de één of andere wolkenkrabber voorgelezen welke juridische speelruimte Winiewicz heeft bij het maken van deze, déze dus, ‘documentaire’.

Met een voice-over start Kaspar, de AI die is getraind met Herzogs werk, een verhaal op dat is gesitueerd in het industriestadje Getunkirchenburg, waar ‘Herzog’ bij aankomst direct stuit op een ‘peculiar mixture of mistery and misery’. En dat gevoel wordt nog eens versterkt door de dood van een fabrieksarbeider genaamd Dorem Clery. Waarna een vrouw, in zwart-wit en zeer close in beeld genomen, vertelt hoe plichtsgetrouw Clery was. ‘We moeten voorzichtig zijn met de machines’, zou hij volgens haar hebben gezegd.

Werner Herzog, de echte, heeft deze hele onwerkelijke exercitie natuurlijk over zichzelf afgeroepen. ‘A computer will not make a film as good as mine in 4500 years’, liet hij in 2016 op het Sundance Film Festival optekenen. Was het in een overmoedige bui? Winiewicz heeft de uitspraak in elk geval aangegrepen om een ontregelende, bij vlagen ook grappige en uiteindelijk zeer verontrustende film te maken, waarin klassieke elementen uit pak ‘m beet thriller, sciencefiction, erotiek en horror zijn verwerkt.

Herzog is daarvoor ook een perfect uitgangspunt/doelwit. Hij was altijd al een maker die geregeld switchte tussen fictie en non-fictie, met een zeer uitgesproken eigen stijl bovendien en overduidelijk genietend van zijn eigen gebruik van symboliek en muziek. Maar is Winiewicz’s ingenieuze film ook méér dan een gigantische ‘mindfuck’, een spel met de menselijke geest waarbij Clery’s machine natuurlijk staat voor de alomtegenwoordigheid en oneindige mogelijkheden van artificial intelligence?

Jazeker. About A Hero is niet per definitie continu een fijne kijkervaring, maar stelt, ook via gastbijdragen van bijvoorbeeld komiek/schrijver Stephen Fry, kunstenares Stephanie Dinkins en schrijver Charles Mudede, existentiële vragen over mens, machine en creativiteit. Over echt en onecht. En over empathie. Kun je bijvoorbeeld meeleven met zo’n overduidelijk kunstmatig geconcipieerd verhaal en digitaal gecreëerde personages? Kun je de deepfakes überhaupt onderscheiden van de echte mensen en acteurs (*)?

Uiteindelijk zijn al die indrukken terug te brengen tot één enkele vraag: waar zit ik (in Godsnaam) naar te kijken? En dat is, natuurlijk, precies de bedoeling. Van Winiewicz, Herzog en – als gevolg daarvan ook – Kaspar.

(*) De aftiteling wordt daarmee een wezenlijk onderdeel van de film.

Eternal You

creatie avatar: Gareth Moon / Gebrueder Beetz

Hij is bang. ‘Ik ben het nu eenmaal niet gewend om dood te zijn’, zegt Cameroun tegen zijn vriendin Christi Angel. Via de Artificial Intelligence-service Project December, kunnen de twee met elkaar communiceren – ook al is hij, inderdaad, al enige tijd overleden.

Project December, een AI-toepassing die is ontwikkeld door de startup van de Amerikanen Jason Rohrer en Tom Bailey, is onderdeel van een groeimarkt. Elk jaar sterven er tientallen miljoenen mensen. Veel nabestaanden hebben de behoefte om nog iets tegen hen te zeggen, even van hen te horen of zomaar een praatje te maken. Nieuwe ondernemingen zoals HereAfter.ai, YOV en Soul Machines spelen maar al te graag in op die vraag. En de techniek waarvan zij zich bedienen, die volgens OpenAI-voorman Sam Altman in potentie elk aspect van ons leven kan verbeteren (of ruïneren), wordt steeds immersiever. De kopie is soms nauwelijks van het origineel te onderscheiden.

Zo luistert de hele familie van Stephenie Oney ademloos naar de met Resemble AI gekloonde stem van opa Bill, die toch echt al een tijdje niet meer onder hen is. Bills virtuele terugkeer zorgt voor verbazing, ontroering én scepsis. Zoals zijn stem nu wordt gebruikt om zijn verhaal te vertellen, constateert een familielid, kan met diezelfde stem ook zijn verhaal wordt verzonnen. En juist op die ethische implicaties van de toepassingen van generatieve AI richten Hans Block en Moritz Riesewieck, die ook in The Cleaners en Made To Measure al de achterkant van het internet en moderne technologie onderzochten, zich in de intrigerende documentaire Eternal You (86 min.).

Want wat nu als zo’n ‘overledene’ uit de bocht vliegt? Als Cameroun bijvoorbeeld vertelt dat hij zich in de hel bevindt en is omringd door louter verslaafden, begint de gelovige Christi Angel zich af te vragen of ze misschien onbedoeld een demon heeft gecreëerd. Jason Rohrer van Project December reageert laconiek. ‘Ik geloof niet dat hij in de hel is’, zegt hij lachend. ‘Ik geloof trouwens ook niet dat hij in de hemel is. Als ze mijn mening wil, heb ik slecht nieuws voor haar: hij bestaat helemaal niet meer. Zo denk ik erover. Dat is zelfs nog slechter voor haar. Volgens mij deugt haar hele geloof niet.’ Zonder scrupules biedt hij haar niettemin een digitale variant op het eeuwige leven aan.

Los van de menselijke implicaties van het idee van postume communicatie – kunnen we deze nieuwe mogelijkheden eigenlijk wel bevatten, wat betekenen ze ‘In Real Life’ en welke plek neemt rouwen daar dan nog in? – heeft dat ook allerlei praktische consequenties. Weten we bijvoorbeeld werkelijk hoe de Artificial Intelligence-techniek werkt? En van wie zijn de data van de overledene? Intussen gaan de ontwikkelingen natuurlijk gewoon in sneltreinvaart door. In het Zuid-Koreaanse tv-programma Meeting You heb je als nabestaande bijvoorbeeld al de kans – John de Mol en co. opgelet! – om in Virtual Reality een digitale kloon van een gestorven dierbare te ontmoeten.

De rouwende moeder Jang Ji-Sung kon er nog eenmaal een geïdealiseerde versie van haar overleden dochtertje Nayeon in de armen sluiten – en de rest van de wereld mocht, inderdaad, lekker meegenieten.

The Andy Warhol Diaries

Netflix

Een man, een kunstenaar, een genie, een mythe, een personage, een evenement zelfs. Andy Warhol (1928-1987), één van de bekendste kunstenaars van de twintigste eeuw, laat zich in deze serie niet zomaar in één enkele omschrijving vangen. ‘Andy Warhols belangrijkste kunstwerk is Andy Warhol’, stelt kunstkenner Jeffrey Deitch. ‘Hij is een perfect voorbeeld van de kunstenaar als kunst. Hij valt daarmee in dezelfde categorie als Gertrude Stein, Salvador Dali en Oscar Wilde.’

De Andy Warhol van The Andy Warhol Diaries (398 min.) is een man die het al lang en breed heeft gemaakt. De zesdelige docuserie is opgebouwd rond fragmenten uit een dagboek dat hij sinds 24 november 1976 bijhield en dat in 1989, twee jaar na zijn dood, onder redactie van zijn persoonlijke assistent Pat Hackett (aan wie hij het ook dicteerde) werd uitgebracht. Regisseur Andrew Rossi heeft Warhols stem met behulp van Artificial Intelligence gekloond en acteur Bill Irwin vervolgens de teksten laten inspreken. Die techniek is omstreden, maar lijkt in dit geval, ook gezien Warhols eigen kopieerkunst, zeker te billijken en zorgt bovendien voor een ongefilterde kijk in het hoofd en hart van een man, die doorgaans niet gemakkelijk in zijn ziel liet kijken.

Aan het woord komen verder Jay Johnson (de tweelingbroer van Andy’s eerste serieuze liefde Jed Johnson), Jay Gould (de tweelingbroer van Andy’s tweede serieuze liefde Jon Gould), vrienden, medewerkers, collega’s, kunstkenners en een flinke parade van sterren, die elk op hun eigen manier hun door Warhol voorspelde ’15 minutes of fame’ hebben geconsumeerd: Debbie Harry, Rob Lowe, John Waters, Julian Schnabel, Mariel Hemingway, Fab 5 Freddy en Jerry Hall. Zij kenschetsen hem als een man die zich van jongs af aan schaamt voor zijn uiterlijk, voordoet als aseksueel en – hoewel hij nooit écht uit de kast is gekomen – graag omringt met mooie jonge mannen. Een man ook waarbij de AIDS-crisis flink zal huishouden.

Behalve zijn relationele leven belichten zij tevens de artistieke ontwikkeling van Warhol. Daarbij ligt de nadruk op zijn latere carrière als hij allang zijn eigen merk is geworden, zich meer en meer als een typische celebrity gaat gedragen en tegelijkertijd steeds minder serieus wordt genomen binnen de kunstscene. Warhols formatieve jaren, inclusief daarmee verbonden begrippen zoals popart, The Factory en The Velvet Underground, worden slechts in de kantlijn behandeld. In plaats daarvan is er uitgebreid aandacht voor zijn rol als beschermheer voor een nieuwe generatie (straat)kunstenaars zoals Keith Haring en met name Jean-Michel Basquiat, met wie hij een win-winrelatie ontwikkelt die gaandeweg toch helemaal spaak loopt.

En dan nadert Andy Warhols oneindige ‘feest’ plotseling toch zijn eind, na een tragisch verlopen galblaasoperatie. Op één van de laatste schilderijen die hij maakt staat de tekst: heaven and hell are just one breath away! Als hij die laatste adem uitblaast, halverwege de laatste aflevering, heeft de kijker beslist een relatie opgebouwd met deze ‘mechanische voyeur’ uit een andere tijd, die als één van de allereerste influencers (en een eigenzinnige beschouwer van de bijbehorende cultuur) kan worden beschouwd. Ook al heeft diezelfde kijker, net als Warhols tijdgenoten, tegelijk nooit helemaal vat gekregen op de man, de kunstenaar, het genie, de mythe, het personage en het evenement Andy Warhol.

Ai Weiwei: Never Sorry

United Expression Media

‘Kunnen we je moeder bezoeken om haar naar jou te vragen?’ wil de interviewer weten. Dat lijkt Ai Weiwei geen goed idee. ‘Ze is oud. Zoals zij naar me kijkt, zo ben ik niet.’ De Chinese kunstenaar en activist denkt even na. ‘Ik heb een idee: misschien kun je een willekeurige vrouw vragen om mijn moeder te zijn. Dat lijkt me prima. Vraag haar naar haar eigen zoon en vul dan mijn naam in.’ Het is Ai Weiwei ten voeten uit: tegendraads, in your face en met geheel eigen humor

Even later komt Gao Ying, Ai Weiweis echte moeder, niettemin gewoon binnen. ‘Ik ben heel trots, want hij spreekt zich uit voor de gewone burger’, stelt ze. ‘Maar ik zou willen dat hij alleen kunstenaar was. Één persoon kan nooit de problemen van een heel land oplossen.’ Tegen haar zoon, die al enige tijd op ramkoers ligt met het Chinese bewind, zegt ze. ‘Ik lig elke nacht wakker. Ik maak me zo’n zorgen dat ze je keihard gaan aanpakken.’ Hij reageert ogenschijnlijk stoïcijns. ‘Als ze me willen pakken, dan doen ze dat. Daar hebben we geen vat op.’

Ai Weiwei steekt zijn verbolgenheid over het Chinese regime, vervat in een foto met opgestoken middelvinger op het Tiananmen-plein, in elk geval niet onder stoelen of banken en probeert bovendien de onderste steen boven te krijgen in de kwestie rond de verpletterende aardbeving in Chengdu, waarbij tienduizenden doden vielen. Ook daarmee maakt hij geen vrienden. In de documentaire Ai Weiwei: Never Sorry (91 min.) uit 2012 wordt tastbaar hoe hij zich zo in een hoek van de kamer schildert. Trammelant met de autoriteiten is onvermijdelijk. En die komt er dan ook.

Regisseur Alison Klayman, die Ai Weiwei twee jaar filmde, belicht daarnaast met familieleden, collega’s, activisten en kunstkenners zijn achtergrond, persoonlijk leven, periode in New York en meest spraakmakende projecten, zoals het schilderen van een Coca Cola-logo op een antieke vaas en het voor de camera kapot smijten van een kostbare urn uit de tijd van de Han-dynastie. Kunst waarmee hij ‘the talk of town’ werd, maar zich ook ontwikkelde tot doelwit voor een regime dat van zijn onderdanen weinig strapatsen, en al helemaal geen openlijke tegenspraak, duldt.

‘Hij moet zichzelf echt beschermen, want hij is zo belangrijk’, meent collega-kunstenaar Chen Danqing in deze sprankelende film. ‘Ik weet heel goed hoe het hier gaat. Uiteindelijk proberen ze je te vernietigen. Dan zou hij weg zijn. En dat zou een enorm verlies betekenen.’ De man in kwestie reageert in stijl. ‘Wat kunnen ze me doen?’ tweet Ai Weiwei onverschrokken. ‘Niets anders dan deporteren, kidnappen en gevangenzetten of me gewoon helemaal laten verdwijnen.’

Coronation

Ai Weiwei Films

Als Coronation (113 min.) vorig jaar was uitgebracht, dan hadden we er waarschijnlijk een dystopische thriller van sciencefiction-auteur Philip K. Dick in gezien. Over een volledig gesteriliseerde samenleving met een ziekelijke vorm van smetvrees, waarbij gewone burgers in beschermende kleding en gemondkapt (of toch gemuilkorfd?) door het leven gaan, de straten volledig leeg(geveegd) zijn en artsen en levenloze mensen een verloren gevecht lijken te leveren in een noodhospitaal. Een wereld die natuurlijk ook streng wordt bewaakt. Bij checkpoints staan mannen met een soort thermometerpistool, dat routineus tegen het voorhoofd van voorbijgangers wordt gezet. Bij verhoging volgt verplichte quarantaine.

Nu, na de (eerste) golf van het Coronavirus (ofwel: het nóg meer scifi klinkende COVID-19), weten we wel beter. Zeg overigens niet dat daar niet voor is gewaarschuwd, in een Netflix-serie nota bene. En het begon dus allemaal in China. In een laboratorium, tijdens een mislukt experiment, zal een Dick-adept/complotdenker daar meteen aan toevoegen. Die route slaat de controversiële filmmaker/kunstenaar Ai Weiwei, verbannen uit eigen land, echter niet in. Hij dringt door tot het hart van de eerste brandhaard van het virus, de Chinese miljoenenstad Wuhan, die door de almachtige overheid direct hermetisch is afgesloten. Terwijl collectief het virus in de kiem moest worden gesmoord, kregen gewone Chinezen ziekte, isolatie en de dood te verduren en waren ze genoodzaakt om de bemoeizucht van de overheid over zich heen te laten komen.

Zij voorzagen Weiwei, die zijn ballingschap in Europa doorbrengt, ook van beeldmateriaal. Driehonderd uur maar liefst. Zodat hij inzichtelijk kon maken hoe De Partij ook in tijden van Corona heerst: nieuwe rekruten moeten gewoon de eed afleggen, er wordt een wervend TikTok-dansje geoefend om het wassen van handen te stimuleren en een groep kinderen met mondkapje neemt op commando een overwinningsyell voor China op. Onwerkelijke taferelen. ‘Mensen kunnen bergen verzetten als ze maar samenwerken’, vertolkt een oudere Chinese vrouw nochtans trouw de partijlijn tegenover haar sceptische zoon. ‘Samen kunnen we elk probleem tackelen. Zo gaat het niet in andere landen.’ Onderhuids is er wel degelijk onvrede, potentieel verzet zelfs. Worden (relatief) gezonde patiënten bijvoorbeeld in het ziekenhuis gehouden om de sterftecijfers te drukken?

De totstandkoming van deze menselijke mozaïek van een lockdown, ingekaderd met unheimische synthmuziek en vervreemdende droneshots van de spookstad, is soms ook terug te zien in de film zelf. De personages worden niet of nauwelijks geïntroduceerd en blijven daardoor passanten. Naamloze onderknuppels van het allesomvattende systeem, zo je wilt. Dat geeft deze eerste lange coronadocu een wat fragmentarisch karakter, ook doordat sommige scènes wel heel erg veel ruimte krijgen. Ons Hollywood-brein wacht bovendien op een eenzame held die opstaat en, liefst met een kolossale lasergun, orde op zaken stelt. Of een dwarse arts die alle regels tart en tijdens een genadeloze race tegen de klok alsnog op een vaccin stuit.

Deze dystopie is alleen echt.

More Human Than Human


Zijn wij getuige van de geboorte van een nieuwe menselijke soort? vraagt verteller Tommy Pallotta zich af bij de start van More Human Than Human (78 min.), een documentaire die hij maakte samen met Femke Wolting. Waarna een filmfragment start met Rutger Hauer, die begint aan zijn onvergetelijke laatste woorden als rebelse androïde in de sciencefiction-hit Blade Runner (1982). Halverwege neemt RoboThespian, een blitse robot uit het Britse Cornwall, het ineens over van Hauer en maakt de monoloog af.

Het ding is gefabriceerd door Engineered Arts, dat acteerrobots maakt. Zelfs dat is blijkbaar geen klus meer voor gewone mensen. Volgens directeur Will Jackson kiest zijn bedrijf gewoon voor het laaghangende fruit. ‘Wat is de eenvoudigste goedbetaalde baan die een mens kan doen? stelt hij laconiek. ‘Brad Pitt. Hoe gemakkelijk is dat!’ Meer dan entertainment hoef je volgens hem niet te verwachten van robots. Dit exemplaar kan overigens ook het angstaanjagende personage van Robert de Niro in Taxi Driver, Travis Bickle. ‘Are you talking to me?’, klinkt het mechanisch.

De aandoenlijke robot relativeert de ideaal- en angstbeelden over artificiële intelligentie (AI) die we al jaren krijgen gevoerd via speelfilms. RoboThespian lijkt in elk geval niet uit op de totale vernietiging van de mensheid. Maar wat betekent de opkomst van AI dan wel voor de mens en kunnen mensen écht communiceren met een machine? Met een speciaal opgezet team neemt Pallotta de proef op de som en probeert een creatieve robot te bouwen, die zijn eigen rol als filmmaker zou kunnen overnemen (en die hem dan ook zou kunnen interviewen).

Het experiment, waaraan ook de bekende speelfilmregisseur Richard Linklater meewerkt, heeft slechts een beperkte meerwaarde. Deze intelligente documentaire heeft ook geen kunstgrepen nodig. Aan de hand van makers en denkers uit de artificiële voorhoede struint More Human Than Human, dat is gelardeerd met smakelijke fragmenten uit klassieke sciencefiction-films, door een nieuwerwetse wereld waarin de digitale assistent Siri je beste vriend kan worden, robots eigen kunst maken en overleden vrienden terugkeren als chatbot.

Dat resulteert in elementaire vragen over het bestaan. Neem de zorgrobot Alice, waarover Sander Burger in 2015 al de documentaire Ik Ben Alice maakte. Na een proefperiode wilden eenzame bejaarden echt niet meer zonder. Ook al ging het om gemechaniseerde empathie. En waarom zou die ook niet genoeg zijn? Hebben we échte empathie nodig? vraagt Pallotta zich af. Sterker: zijn mensen eigenlijk wel in staat tot echte empathie? Of, zoals één van de sprekers het kernachtig formuleert: gaan die robots nou steeds meer op ons lijken? Of begint de mens gewoon steeds meer op een robot te lijken?