The Last Movie Stars

HBO Max

‘Hoe was het om hen te zijn?’ vroeg acteur, regisseur en schrijver Ethan Hawke zich af toen hij als zestienjarige jongen op school in New Jersey het befaamde acteurskoppel Paul Newman (1925-2008) en Joanne Woodward (1930-…) zag lopen. Zij hadden daar ook een kind in de klas zitten. Paul Newman was zo’n beetje alles wat de jonge Hawke wilde zijn: knap, gelukkig, succesvol en bovendien gezegend met een goed hart.

Terwijl de halve wereld vanwege het Coronavirus in lockdown zit, wordt de volwassen Ethan Hawke door Newmans dochter Claire gevraagd om zich in het befaamde koppel te verdiepen. Hij valt bijna van zijn stoel als hij hoort dat Paul Newman zijn vriend Stewart Stern ooit heeft gevraagd om hem, Joanne en enkele sleutelfiguren uit hun leven te interviewen voor memoires, die uiteindelijk nooit zijn verschenen. De tapes daarvan zijn weliswaar vernietigd, maar de gesprekken blijken volledig te zijn uitgeschreven. Hawke begint te videobellen met bekende vrienden: wisten zij eigenlijk wel dat Paul…? En hadden ze enig idee dat Joanne…? Wat herinneren zij zich überhaupt nog van hen?

Die zoom-gesprekken met collega’s als Martin Scorsese, Sam Rockwell, Zoe Kazan, Richard Linklater, Karen Allen, Mark Ruffalo, Paul Schrader, Steve Zahn, Ewan McGregor, David Letterman, Sally Field en Vincent D’Onofrio vormen een terugkerend element in deze zesdelige serie, die demonstreert hoe Hollywood sindsdien (niets) is veranderd. Hawke en z’n vrinden spreken daarnaast ook indringend over of/hoe ze zich herkennen in Newman en Woodward en over acteren in het algemeen. En daarna stelt hij hen de vraag die al een tijd in de lucht hangt: hebben zij misschien zin om die uitgeschreven gesprekken – en daarmee ook The Last Movie Stars (360 min.) zelf – tot leven te brengen? 

En zo wordt George Clooney de klassieke Hollywood-ster Paul Newman, Laura Linney zijn al even gelauwerde grote liefde Joanne Woodward en pak ‘m beet Brooks Ashmanskas een lekker schmierende schrijver/acteur Gore Vidal. Met verve kleuren zij het archiefmateriaal rond de twee iconen en de talloze fraaie en strategisch ingezette fragmenten uit hun filmografie in. Tegelijkertijd gaat Hawke in gesprek met een dochter uit Newmans eerste huwelijk en de kinderen die hij later tijdens zijn relatie met Woodward kreeg. Zij kijken gezond kritisch terug op het leven van hun ouders, die weliswaar langdurig succes hadden maar ook moesten dealen met hun eigen demonen en gezamenlijke issues.

Met deze dubbelbiografie van epische proporties, waarmee hij weer mensen van vlees en bloed maakt van ooit onaantastbaar gewaande iconen, vertelt Ethan Hawke in wezen tegelijkertijd zijn eigen verhaal als acteur, beroemdheid en (ex-)partner van een grote ster. Zo laat hij bijvoorbeeld ook zijn acterende dochter Maya en echtgenote Ryan aan het woord. Met zijn vrouw, die tevens als producer van deze miniserie fungeert, bespreekt hij bijvoorbeeld kritiek op een voorlopige montage van de productie. Daarmee onderstreept Hawke de meta-visie op zijn onderwerp en vak, die hij wil neerleggen in deze serie. Een scène die niet werkt krijgt en passant een duw in de goede richting.

Hoewel The Last Movie Stars in totaal maar liefst zes uur beslaat – en Hawke daarin zelf een aanzienlijke positie claimt en zich het leven van zijn protagonisten soms ook toe-eigent – blijft de serie moeiteloos overeind. Het is een monument geworden voor twee (buiten)gewone mensen, aan wie je je kunt blijven vergapen en die tegelijkertijd zeer aanraakbaar worden.

The Velvet Queen

Periscoop Film

De pijn verbijten, de tijd vergeten en nooit twijfelen of je krijgt wat je verlangt. Dat is kortweg, in de woorden van de Franse romanschrijver en rasavonturier Sylvain Tesson, de attitude van zijn reisgenoot in The Velvet Queen (originele titel Les Panthère Des Neiges, 92 min.). Natuurfotograaf Vincent Munier heeft Tesson meegenomen naar het Tibetaanse hoogland. In dat adembenemende decor, op duizenden meters hoogte en in ijzige kou, hopen ze samen een sneeuwluipaard te betrappen.

Tijdens hun wekenlange voettocht praat de fotograaf zijn metgezel fluisterend bij over de dieren die ze ontwaren: antilopen, blauwschapen, yaks, Tibetaanse vossen of blauwe beren. Samen verbazen ze zich over deze majestueuze wereld, waarin de mens niet meer is dan een voetboot. De heilige graal, zo’n ongrijpbaar luipaard, blijft vooralsnog echter buiten (camera)bereik. ‘Waar is mijn kameraad naar op zoek?’ vraagt Tesson, die als verteller fungeert, zich ondertussen af. ‘Rondsnuffelend tussen de rotsen met zijn verrekijker.’ Munier zegt dat hij vooral de schoonheid van de natuur wil vieren. Hij is er niet op uit om de onvolkomenheden daarvan bloot te leggen.

Die houding, vervat in een ontzag voor al wat leeft of geleefd heeft, geeft hun queeste – en daarmee ook deze film – een groots en filosofisch karakter. Waarbij de twee mannen steeds die ene zin in hun achterhoofd houden: Big Brother is watching you. Misschien zien wij het dier dat we zoeken niet, maar dat ziet ons wel degelijk. Illustratief daarvoor is de intrigerende foto van een valk die de Franse fotograaf tijdens een eerdere reis naar Tibet heeft gemaakt. Is dat werkelijk een sneeuwluipaard dat hem vanachter die rotspartij gadeslaat? Of is het toch een zinsbegoocheling?

Munier en Tesson gebruiken alles wat ze hebben om het mythische dier alsnog te vangen. Ze plaatsen bijvoorbeeld op strategische plekken kleine, gecamoufleerde cameraatjes, in de hoop zo een glimp van een sneeuwluipaard te kunnen opvangen. Dat streven naar een ogenschijnlijk vrijwel onbereikbaar doel drijft deze magnifieke documentaire van Marie Amiguet, waarin de vergezichten van Tesson en Munier, het weldadige decor en de prachtige soundtrack van Warren Ellis, gemaakt in samenwerking met Nick Cave, op een glorieuze manier versmelten. Via deze ontzagwekkende wereld laat The Velvet Queen de mens zien zoals hij werkelijk is: een nietig wezen, dat ongegeneerd begeesterd en ontroerd kan, mag én moet raken door al wat hem omgeeft.

Becoming Cousteau

Disney+

Gedurende zijn leven zag hij de wereld onder water ernstig verschralen. Hij, Jacques-Yves Cousteau (1910-1997), had die hoogstpersoonlijk toegankelijk gemaakt voor een groot publiek. Met zijn boot De Calypso en vaste bemanning, waaronder zijn ferme echtgenote Simone, bevoer hij jarenlang de wereldzeeën. Hij produceerde in die tijd onder andere de Oscar-winnende documentaire Le Monde De Silence (1956) en werd een graag geziene gast op televisie met de serie The Undersea World Of Jacques Cousteau. Niet eerder was het leven onder de zeespiegel zo (prachtig) in beeld gebracht.

‘Duiken is de beste afleiding die je kunt hebben’, zegt hij daarover aan het begin van Becoming Cousteau (96 min.). ‘Als ik uit het water kom, voel ik me beroerd. Het is alsof je kennis hebt mogen maken met de hemel en dan wordt terug gesmeten op aarde.’ Je ziet hem meteen weer staan op zijn schip: met die kamerbrede glimlach, pregnante haviksneus en eeuwige rode beanie. Een ranke gestalte, verder meestal slechts gekleed in een zwembroek. De archetypische ‘oceanaut’, zoals hij zijn stiel, met een knipoog naar de toentertijd eveneens immens populaire ruimtevaart, zelf ooit dubde.

Regisseur Liz Garbus slaagt er vervolgens in om de man achter de missie vandaan te halen. Met dagboekfragmenten, ingesproken door de Franse acteur Vincent Cassel, kleurt ze het fraaie beeldmateriaal in en schetst ze ook de achtergronden daarvan, inclusief een persoonlijk drama dat Cousteau zal tekenen. Daarnaast laat Garbus bemanningsleden en intimi, off screen, aan het woord over de man waarmee hele generaties natuurliefhebbers zijn opgegroeid. Daarbij komen tevens de achtergronden van zijn publieke leven aan de orde: het auto-ongeluk dat ervoor zorgde dat hij geen piloot kon worden, een fatale diepzeeduikmissie met een collega bij de Franse marine en het feit dat hij zijn expedities ooit financierde met olie-onderzoek.

In het licht van ‘s mans latere klimaatactivisme, de vanzelfsprekende derde akte van dit aansprekende portret, is met name dat laatste saillant. Kapitein Cousteau en zijn crew zouden bijvoorbeeld het leeuwendeel van de olievelden van Abu Dhabi hebben ontdekt. Toen hij een half leven later zag wat de mensheid op aarde had aangericht, bijvoorbeeld bij het koraalrif dat hem zo dierbaar was, restte Jacques Cousteau nog maar één ding: al zijn prestige in de strijd gooien om het tij alsnog te keren. Bijna 25 jaar na z’n dood echoot ‘s mans boodschap nog altijd na – al is er in die tijd tragisch weinig bereikt.

Het Leven Gaat Niet Altijd Over Tulpen

EO

Klaas Schouten, een noeste werker van tegen de zestig, heeft het mooi voor elkaar: hij is gelukkig getrouwd met Jolanda, hun tulpenkwekerij in het West-Friese Andijk floreert en zoon Simon en dochter Irene schaatsen nationaal en internationaal voor de medailles. En dan krijgt zijn echtgenote een hersenbloeding en staat zij, en daarmee ook haar directe familie, voor een lange en moeizame herstelperiode.

Regisseur Barbara Makkinga dringt in Het Leven Gaat Niet Altijd Over Tulpen (84 min.) diep door in het leven van het echtpaar Schouten en hun vier volwassen kinderen. Dat speelt zich af tegen een werkelijk prachtig decor. In de openingsscène poseert het gezin bijvoorbeeld te midden van een zee van gele tulpen voor een familiefoto. Waarna er hele fijne (drone)shots zijn te zien van de verwerking van bloemen op het uitgestrekte veld.

Het camerawerk, met veel oog voor symmetrie en detail, is één van de zegeningen van deze film, die daardoor groots aanvoelt en soms toch heel intiem wordt, bijvoorbeeld als de kinderen de dagelijkse zorg voor moeder voor hun rekening nemen of als vader Klaas van dichtbij wordt gevolgd tijdens een wedstrijd van één van zijn kinderen. Ook opvallend: de expressieve soundtrack van Vincent van Warmerdam, die wel erg de aandacht naar zich toetrekt.

Terwijl de beide zonen Simon en Klaas junior plannen maken om het bedrijf over te nemen, is het met name dochter Catherine die mantelzorger is voor hun moeder. In hoeverre vervult zij daarmee een wezenlijke taak binnen het familiebedrijf en vertegenwoordigt dit ook waarde? Het herstel van Jolanda, die is aangewezen op een rolstoel en ook geregeld in een verpleeghuis verblijft, verloopt intussen tergend langzaam. Ze is ook regelmatig somber of nukkig.

Met fragmenten uit familievideo’s toont Makkinga de vrouw die ze ooit was en de moeder die haar kinderen nog altijd in haar zien. Zo maakt ze inzichtelijk wat de familie is kwijtgeraakt. Dit drama treden ze overigens doorgaans met Hollandse nuchterheid tegemoet. Dat verdriet blijft veelal onderhuids. Het contrast is groot met hoe Klaas bijvoorbeeld reageert als hij meent dat één van zijn kinderen onrecht is aangedaan tijdens het schaatsen. Dan bliksemt het in zijn ogen.

Het Leven Gaat Niet Altijd Over Tulpen weet in, om en ver van huis de interne machinerie van de Schoutens uitstekend te vangen, al worden niet alle verschillende verhaallijntjes even zorgvuldig uitgewerkt en had enige duiding soms ook niet misstaan. De film is eerst en vooral een fraaie sfeerimpressie van een hecht gezin dat er in moeilijke tijden, zoals het nu eenmaal gewend is, gezamenlijk de schouders onder zet.

All Or Nothing: Manchester City

Amazon Prime

Happy people have no stories, declameerde de Noord-Ierse band Therapy? ooit. Als het nergens wringt, is er eigenlijk ook niets te vertellen. Documentaires(eries) over winnende sporters of teams zijn doorgaans dan ook vooral interessant voor hun eigen achterban. De achtdelige serie All Or Nothing: Manchester City (387 min.) lijdt daar een beetje onder: de sterrenploeg van de Spaanse supercoach Pep Guardiola is in het seizoen 2017-2018 eigenlijk gewoon te goed.

Natuurlijk, er wordt wel eens gelijk gespeeld – en een heel enkele keer zelfs verloren. En er zijn vanzelfsprekend blessures, best veel zelfs. De Britse club, sinds enkele jaren het speeltje van een puissant rijke familie uit Abu Dhabi, heeft alleen een bijzonder brede selectie. En als zelfs die het niet meer kan bolwerken, wordt gewoon de poeplap getrokken en voor enkele tientallen miljoenen bijvoorbeeld nóg een centrale verdediger aangetrokken. Voor het geval dat Vincent Kompany, Nicolás Otamendi en/of John Stones niet inzetbaar zijn.

All Or Nothing, een spin-off van de gelijknamige reeks over American football-teams die inmiddels ook een tweede seizoen over het Tottenham Hotspur van coach José Mourinho heeft gekregen, oogt daardoor soms nét iets te veel als een promofilm voor The Blue & White Army, die ooit toch echt doorging voor de arbeidersclub van Manchester, en moet het ook niet van zijn diepgang hebben. De serie, waarvoor acteur Ben Kingsley als verteller fungeert, heeft echter één uitgesproken troef: Josep ‘Pep’ Guardiola, people’s manager, vakidioot en – natuurlijk – peptalker. Zo’n man waarvoor je door het vuur gaat. Met heel veel passie en nog meer theater weet hij steeds weer de juiste snaar te raken bij gearriveerde wereldsterren, die (bijna) alles al hebben gewonnen.

Hij is ‘t die van elke wedstrijd, die ongetwijfeld toch weer winnend wordt afgesloten, een bijzondere uitdaging maakt, waarvoor nu toch echt alles uit de kast moet worden gehaald. Dat werkt als een tierelier. En dus valt er de ene na de andere prachtgoal, voorzien van de welbekende superlatieven van de sportcommentatoren en het massale gejuich van de City-fans. De Premier League-titel is vooral een kwestie van tijd. Alleen de strijd om de verschillende bekers, waaronder die felbegeerde Champions League-cup, zorgt daadwerkelijk voor spanning en sensatie.

Tussendoor gaat de selectie op initiatief van aanvoerder Kompany paintballen, komen de spelers trouw hun maatschappelijke verplichtingen na en is er een (verplicht) bezoekje aan de Verenigde Arabische Emiraten, waar de sjeik even mag meedelen in het succes dat hij zelf heeft gefinancierd. Vrijwel alle spelers worden daarnaast nog vluchtig uitgelicht, inclusief kleine privéverhaaltjes zoals een te vroeg geboren kind of schoonvader die voor de grote rivaal United is. De optelsom is een aardige inkijk in de wereld van het moderne topvoetbal, waarmee ook de PR-afdeling van de club, die zich ongetwijfeld ook flink heeft bemoeid met de inhoud, vast hartstikke tevreden was.

En dan is het weer door naar de volgende wedstrijd, waarvoor Pep zijn ‘Cityzens’ weer tot op het bot probeert te motiveren. ‘Het enige verschil, guys, tussen Real Madrid, FC Barcelona en ons is dat zij ongelofelijke gelovers zijn’, zegt hij na één van de weinige nederlagen van zijn ploeg. Hij laat een dramatische stilte vallen. ‘Bij het beklimmen van de hoogste berg gaat het niet om dit’. Zijn vinger wijst inmiddels naar het scherm waarop hij doorgaans zijn tactische ideeën deelt. ‘Het gaat om hier’, zegt Guardiola terwijl hij tegen zijn voorhoofd tikt. De wijsvinger daalt vervolgens af naar het hart. ‘En om hier.’

A Beautiful Obsession (2026) volgt Pep Guardiola in zijn laatste twee seizoenen bij Manchester City.

Drama Girl

Halal

In haar fictieve ouderlijk huis ontmoet de jonge danseres Leyla de Muynck de acteurs, Elsie de Brauw en Pierre Bokma, die zo meteen haar ouders moeten vertolken. De kennismaking is wat onwennig. Ze gaan dadelijk samen sleutelscènes uit haar leven naspelen. En geen van drieën weten ze wat dat gaat brengen.

De hele exercitie begon als een idee van regisseur Vincent Boy Kars, een Nederlandse filmmaker met een geheel eigen signatuur. Hij voerde urenlange gesprekken met Leyla (en zag in haar verhaal parallellen met zijn eigen leven), verwerkte die informatie in een script en vroeg haar vervolgens om de hoofdrol te spelen in de verfilming daarvan.

En Drama Girl (95 min.) is dan weer de documentaire die verslag doet van dat proces. Dat klinkt een stuk ingewikkelder dan het is. Kars laat De Muynck acteren in scènes die hij uit haar leven heeft geplukt en bekijkt wat er vervolgens gebeurt: lukt het haar om de toenmalige ervaring op te roepen? Wat brengt die haar? En in hoeverre heeft dat dan weer effect op de acteurs met wie ze werkt?

In zekere zin is de film, die zich op het snijvlak van fictie en non-fictie begeeft en de grenzen van beide genres aftast, een logisch vervolg op de vorige productie van Vincent Boy Kars. In Independent Boy nam hij voor een maand het leven van een goede vriend over en registreerde wat er toen gebeurde.

Ook nu stuurt de jonge regisseur als een soort filmend opperwezen de gebeurtenissen in het (nagespeelde) leven van zijn hoofdpersoon. Voor en na de opnames gaan Kars en De Muynck daar dan weer over in gesprek met elkaar en komen wezenlijke vragen uit de leef- en denkwereld van hedendaagse adolescenten, millennials, aan de orde.

Het gestileerde Drama Girl, aangekleed met fraaie danssequenties en synthesizermuziek, krijgt daardoor soms bijna de vorm van een therapiesessie, waarbij herbeleving voor een nieuw begrip van een gebeurtenis kan zorgen, maar ook navelstaarderij en psychologie van de koude grond op de loer liggen.

Een zeer eigenzinnige film dus, waarvan je gaat houden. Of niet.

The Social Dilemma

Netflix

‘Toen ik daar werkte had ik echt het gevoel dat we met iets goeds bezig waren’, zegt de voormalige toptechneut van Twitter. ‘Nu weet ik dat niet meer zo zeker.’

‘Ik maak me ernstige zorgen’, vult de mede-uitvinder van onder meer Google Drive en de like-knop van Facebook aan. ‘Grote zorgen.’

‘Het is gemakkelijk om uit het oog te verliezen dat deze tools zijn gemaakt om mooie dingen te doen in de wereld’, zegt een voormalige leidinggevende bij zowel Facebook als Pinterest. ‘Ze hebben verloren familieleden herenigd en orgaandonoren gevonden. Er zijn overal ter wereld ingrijpende veranderingen geweest dankzij deze platforms. We waren alleen naïef wat betreft de andere kant van de medaille.’

In The Social Dilemma (95 min.) luiden voormalige medewerkers van techgiganten de noodklok: hun geesteskinderen dreigen een monster van Frankenstein te worden, dat de samenleving grondig zou kunnen ontwrichten. De kern van hun betoog zit misschien wel in die ene eenvoudige constatering: als je niet betaalt voor het product, dan bén je het product. Ofwel: in werkelijkheid bestaat de klantenkring van social media uit adverteerders en zijn normale gebruikers niets meer dan koopwaar. Die mogen dus naar hartenlust worden verhandeld en beïnvloed, ook als dat ten koste gaat van hun persoonlijke welzijn of de sociale cohesie in de wereld waartoe ze behoren.

Die alarmerende boodschap is natuurlijk al vaker afgegeven, maar wordt hier ook echt gestut met ‘daderkennis’ vanuit de onderbuik van Big Tech, waar psychologische inzichten worden gebruikt/misbruikt om het publiek volledig verslaafd te maken aan hun product. Met alle maatschappelijke gevolgen van dien: van vereenzaming en depressies tot stammenoorlogen en samenzweringstheorieën. Regisseur Jeff Orlowski vervlecht de bijbehorende doemscenario’s van deze insiders met een fictief en tamelijk clichématig verhaaltje over een jongen die via sociale media langzaam in zijn eigen echoput dondert.

De kwade genius daarachter, die van gewone stervelingen willoze laboratoriumratten maakt, krijgt bovendien letterlijk een gezicht via acteur Vincent Kartheiser (Pete Campbell uit de serie Mad Men). Vanuit een soort controleruimte, die zomaar een decorstuk van Star Trek had kunnen zijn, manipuleert hij de protagonist alle kanten op. Dat eendimensionale Hollywood-verhaallijntje akkedeert niet helemaal met de toon en boodschap van het documentairedeel. Want deze film wil wel degelijk een serieuze oproep doen tot een ethisch reveil bij Big Tech. Vooralsnog lijken de Zuckerbergs van deze wereld daarvan alleen nog niet echt warm of koud te worden.

A Night At The Louvre: Leonardo da Vinci

Piece Of Magic

Zou het daadwerkelijk een alternatief kunnen zijn? Niet gewoon achteraan aansluiten in de rij, tussen opgewonden Japanse toeristen, en dan als het moment komt in alle haast, met nét te veel ogen in de rug, wereldberoemde werken mogen bewonderen. Maar op een zelfverkozen plaats en tijd: gewoon thuis of in de bioscoop. Compleet ontspannen en tegelijkertijd volledig geconcentreerd door leven en werk van een wereldberoemde kunstenaar wandelen.

In A Night At The Louvre: Leonardo da Vinci (95 min.) leidt verteller Coraly Zahonero, ondersteund door de bevlogen conservatoren Vincent Delieuvin en Louis Frank, kunstliefhebbers door de expositie die in het najaar van 2019 ruim een miljoen bezoekers naar het Parijse museum bracht. Voor een retrospectief met 160 werken van homo universalis Leonardo da Vinci, die vanuit de gehele wereld waren ingevlogen en inmiddels stuk voor stuk alweer naar hun plek van herkomst zijn teruggekeerd.

Regisseur Pierre-Hubert Martin laat de camera door het nachtelijke Louvre schrijden voor een sfeervolle, door klassieke muziek begeleide tocht, die uiteindelijk culmineert in het onvermijdelijke bezoek aan de Mona Lisa, waar een gepast moment van stilte wordt ingelast. ‘Misschien is de Mona Lisa zo iemand die de ruimte betreedt en stilletjes observeert’, probeert de alomtegenwoordige Zahonero haar gehoor aan het denken te zetten. Zou de mysterieuze dame daarom zo glimlachen? Elke dag mag ze immers zo’n 30.000 bezoekers begluren.

Die 29.999 anderen kunnen de meeste museumbezoekers waarschijnlijk wel missen. Voor hen zou deze virtuele rondleiding inderdaad een alternatief kunnen zijn, al moeten ze zich dan wel overgeven aan de blik van de regisseur, zijn artistieke keuzes en de informatie die hij hen laat influisteren. In dat opzicht zou A Night At The Louvre in een interactieve vorm waarschijnlijk nóg beter tot z’n komen. Als de kunstliefhebber iets van het eigenaarschap van zijn museumbezoek kan behouden.

Independent Boy

VPRO

Hij had gewoon een schop onder zijn hol nodig. Metin Fennema, de hoofdpersoon van de documentaire Independent Boy (56 min.) die zijn vriend Vincent Boy Kars over hem maakte. Metin, een wat schlemielige jongen met snor, bloempotkapsel en een petje – een typetje bijna – moet nodig het huis uit en zou eindelijk ook eens wat met zijn muziek moeten doen.

Zijn moeder heeft daar weinig vertrouwen in, zo laat ze hem bij aanvang van de film weten. En dus neemt Kars voor een maand de regie over in het leven van zijn vriend. Morgen staat er een busje voor de deur, meldt hij de verbouwereerde Metin en zijn moeder. Hij gaat op zichzelf wonen. Wat de rest van het experiment gaat brengen, weet dan nog niemand.

In hoeverre is het leven maakbaar, vragen Kars en Fennema zich intussen af. En zou je dat eigenlijk moeten willen? Het zijn serieuze vragen die tijdens deze lekker wringende film, waarbij je je voortdurend afvraagt wat er spontaan is vastgelegd en wat er speciaal voor de camera is geënsceneerd, gaandeweg van een plausibel antwoord worden voorzien.

Het experiment is dan allang zijn spannende beginfase voorbij, waardoor ook filmmaker Vincent Boy Kars zelf – hoe kan het ook anders? – met de billen bloot moet.

Ik Hoor Alles – Vincent Bijlo


Alsof de kamer waarin je je levenlang comfortabel hebt gewoond elke dag nét een beetje kleiner wordt. Totdat je er uiteindelijk niet meer kunt staan, zitten of liggen. Zo ongeveer, weet ik veel, moet het voelen voor de blinde cabaretier Vincent Bijlo. Zijn gehoor, de levenslijn naar andere mensen én zijn liedjes, gaat zienderogen achteruit.

Ik Hoor Alles – Vincent Bijlo (51 min.) van Floris Alberse, afgelopen donderdag te zien bij Het Uur Van De Wolf, is een film in de direct cinema-traditie. De camera volgt en observeert, ogenschijnlijk zonder dat de maker ingrijpt. Met subtiele geluidseffecten probeert hij de kijker echter wel degelijk mee te nemen naar Bijlo’s belevingswereld, waarin oorsuizingen zijn communicatie met de wereld en muzikale werk beginnen te bedreigen.

Ogenschijnlijk gelaten accepteert Vincent Bijlo zijn lot. Als hij een luistertest moet ondergaan, en zijn gehoor weer blijkt te zijn verslechterd, voel je als kijker echter de onderliggende wanhoop. Even later spreekt hij die uit in een lied: ’Er zit helemaal geen klootzak in mijn oren die langzaam de volumeknop dichtdraait. Het is gewoon een stom genetisch foutje.’

Het is een van de spaarzame momenten waarop de aimabele hoofdpersoon het onzegbare uitspreekt: een wereld waarin hij niet kan zien én horen. Zover zal het hopelijk niet komen. Waarschijnlijk wacht hem een toekomst waarin zijn natuurlijk gehoor wordt vervangen door een implantaat. Met een beetje pech draait dat gehoorapparaat alleen wel elk gevoel voor melodie de nek om.

Dat vooruitzicht hangt in deze sensitieve film als een zwaard van Damocles boven Vincent Bijlo’s al even sensitieve hoofd.

Rien N’est Pardonné


Toen Vincent Coen en Guillaume Vandenberghe in 2011 aan deze documentaire begonnen, hadden ze er geen idee van dat hun hoofdpersoon, de Marokkaanse activiste/journaliste Zineb El Rhazoui, vier jaar later betrokken zou raken bij de gruwelijke terroristische aanslag op het satirische tijdschrift Charlie Hebdo.

Ze overleeft die massaliquidatie bij toeval, door een vakantie, maar is daarmee nog lang niet gevrijwaard van de uitwassen van wat ze zelf het islamitische fascisme noemt. De hashtag #KillZinebElRhazoui wordt bijvoorbeeld 7000 maal gedeeld op Twitter.

Rien N’est Pardonné, ofwel Nothing Is Forgiven, (60 min.) is een kleine geschiedenis van vijf jaar extremistisch geweld, vanuit het perspectief van één van de direct betrokkenen; van de Arabische lente (die volgens Zineb El Rhazoui al snel een winter werd) tot de terroristische aanslagen in Frankrijk. Een indringende film over een principiële vrouw, die in een uiterst bedreigende en steeds kleiner wordende wereld zichzelf probeert te bewaken. Uiteindelijk kiest ze voor een opmerkelijke ‘uitweg’.