Club Heaven

Clin d’oeil films / Cinema Delicatessen

Voor jou tien anderen. Die boodschap krijgen de medewerkers van Club Heaven (77 min.), ofwel de Chinese EDM-club Play House in Chengdu, bij het begin van hun dienst steeds weer te horen. Op barse toon. Niet zo verveeld, tandje erbij. De klant verlangt meer. En wij ook. Als jij niet levert, staan er talloze achttien- en negentienjarigen klaar om ’t van je over te nemen.

Zo wordt, behalve de hal zelf, ook het team geprepareerd voor weer een avond in de Chinese nachtclub, die slechts één God kent: Mammon. De yens moeten rollen, van de clientèle naar de eigenaar van deze Electronic Dance Music-hemel. En ook zijn personeel praat tussen de bedrijven door louter over geld, houdt zich onledig met gokspelletjes of bediscussieert de kosten van cosmetische ingrepen.

Het feest zelf wordt in deze documentaire van Jona Honer van enige afstand, vanuit de ingewanden van de vleesgeworden geldmachine, weergegeven als een surrealistische kerkdienst voor het kapitalisme. Een thermische camera kijkt ogenschijnlijk stiekem mee bij het vertier voor z’n oog. Alsof je naar de negatieven van een liederlijke foto zit te kijken. Waarbij elk geluid, ook geen dancebeat dus, ontbreekt.

De camera lijkt in deze vervreemdende film sowieso meestal verdekt opgesteld, beweegt nauwelijks en registreert slechts het systeem, waarin de mensen, zowel de medewerkers van de club als de bezoekers daarvan, slechts onbeduidende radertjes vormen. Zo tekent zich in Club Heaven een zielloze wereld af, waarvan geld, macht en status het kloppende hart vormen. De hemel op aarde zogezegd.

Jay-Z In 8

MUBI

Twee mannen van middelbare leeftijd aan een tafel. Tegenover elkaar, in een immense zaal. In zwartwit ook, volledig gericht op elkaar. Een zwarte man, met dreads en een flinke muts op. En een witte, met een kalend hoofd en een volle grijswitte baard. Hiphop-superster Jay-Z en sterproducer Rick Rubin, in wat een Amerikaanse aflevering van Zomergasten of een portretterende podcast zou kunnen zijn. Van bijna zes uur, in acht bedrijven: Jay-Z In 8 (354 min.).

Gastheer Rubin, een cruciale figuur in de ontwikkeling van de Amerikaanse rock en rap, was enkele jaren geleden zelf hoofdpersoon van een docuserie, Shangri-La (2019), en ontving eerder ook al ex-Beatle Paul McCartney voor een diepgaand gesprek in McCartney 3, 2, 1 (2021). Rubin is zen. Geen man voor kritische vragen. Hij heeft zich volledig ondergedompeld in z’n gesprekspartner, neemt (blootsvoets en zo nu en dan ook in kenmerkende kleermakerszit) plaats op zijn stoel en vraagt vervolgens raak, met oprechte interesse, bijna kinderlijk enthousiasme en soms een filosofische inslag.

De geanimeerde conversatie met rapper en producer Shawn Carter, alias Jay-Z, is doorsneden met sleutelsongs uit diens lange loopbaan. De teksten daarvan, waarin hij zijn ziel binnenstebuiten keert, worden zonder poespas in beeld gebracht. Geen blingbling uit de videoclips dus, maar de pure straatpoëzie. De twee mannen luisteren aandachtig, wisselen blikken van herkenning uit en knikken en fluisterrappen zo nu en dan ook enthousiast mee. Twee mannen, jongetjes bijna, in verbinding. Knuffelend zelfs. Bloedsbroeders die voor het oog van de wereld diezelfde wereld even lijken te vergeten.

Tegen die opzet en Rubins werkwijze valt best wat in te brengen – wanneer mondt invoelen bijvoorbeeld uit in stroop om de mond smeren? hoe is bepaald wat er aan de orde komt? – maar hij creëert een veilige omgeving voor Jay-Z om diepgaand te reflecteren op zijn achtergrond, familie, imago, carrière en relatie (met Beyoncé; haar naam valt niet eenmaal). Deze omvangrijke gespreksfilm voelt echt als een samenwerking, waarbij Rubin op de aftiteling staat vermeld als regisseur en Jay-Z als executive producer, en wordt een ongegeneerde viering van Jay-Z’s taal, verhaal en muziek.

The Essence Of Eva

NTR

Ze is zowel de droom als de nachtmerrie van elke muzikant die het helemaal wil gaan maken. Eva Cassidy overlijdt op 2 november 1996 op slechts 33-jarige leeftijd als een grote onbekende, een getalenteerde zangeres die haar belofte nooit helemaal waar heeft kunnen maken. Haar hele carrière heeft ze genoegen moeten nemen met een kleine schare van trouwe fans. Enkele jaren na haar vroegtijdige dood breekt Cassidy echter alsnog wereldwijd door met het compilatiealbum Songbird, waarop ze eigen interpretaties brengt van klassiekers zoals Stings Fields Of Gold, de traditional Wade In The Water en de Wizard Of Oz-hit Over The Rainbow.

Ze moet zo’n zangeres zijn geweest zoals iedere muziekliefhebber wel kent: bemind in kleine kring, door de rest van de wereld over het hoofd gezien. In de documentaire The Essence Of Eva (82 min.) halen Alex Fegan en Malcolm Willis haar alsnog uit de kroegen, restaurants en kleine zaaltjes, waartoe ze bij leven en welzijn was veroordeeld. Met familieleden, vrienden en collega-muzikanten tekenen ze een vrouw en artiest op, die wars is van opsmuk en haar oren ook niet zomaar laat hangen naar wat de muziekbusiness van haar vraagt. Een platencontract bij het befaamde jazzlabel Blue Notes Records gaat daarom aan haar neus voorbij – al biedt directeur Bruce Lundvall daarvoor, nét voordat Eva het tijdige voor het eeuwige verwisselt, nog wel zijn excuses aan.

Illustratief voor Cassidy’s carrière is de totstandkoming van het door haar zelf uitgebrachte live-album Live At Blues Alley. Eerst moet er geld geleend worden om twee avonden in een club in Washington D.C. vast te kunnen leggen. Dan blijkt er een bromgeluid in de opname van de eerste avond te zitten. En de dag erop is ze zelf verkouden. Cassidy heeft dan al niet lang meer te leven. Ze wordt, begin dertig nog maar, gediagnosticeerd met kanker. Tijdens een avond in The Bayou waarop lokale muzikanten geld voor haar inzamelen, betreedt de vrouw die postuum wereldberoemd zal worden, nog eenmaal het podium. Ze zingt – werkelijk waar – de Louis Armstrong-evergreen What A Wonderful World en lijkt daarna gedoemd om vergeten te worden, net als talloze andere zangeressen die plaatselijk worden gekoesterd.

Voor Eva Cassidy zal het echter anders lopen. Via een omweg wordt ze na haar dood alsnog een ster. En misschien is dat wel precies zoals het had moeten zijn. ‘Als ze nog geleefd had, denk ik ook niet dat ze in grote zalen had opgetreden’, meent haar moeder Barbara in dit liefdevolle portret. ‘Dat had ze zwaar gevonden, denk je niet?’ Vader Hugh valt haar direct bij: ‘Ze had het nooit over succes.’

Charlotte Sohy, La Consécration d’Une Compositrice

France TV

Rolmodellen heeft ze niet. Vrijwel alle vrouwelijke musici en componisten die zich vóór haar hebben gemanifesteerd in de klassieke muziek zijn aan het begin van de twintigste eeuw, als Charlotte Sohy (1887-1955) haar eerste composities schrijft, in de vergetelheid geraakt. Zoals ook de Franse componiste, na haar overlijden op 68-jarige leeftijd, zal overkomen. De geschiedenis wordt doorgaans nu eenmaal geschreven door mannen. En die willen vrouwen, ook als ze hun bladmuziek doelbewust verbloemd ondertekenen met Ch. Sohy, nog wel eens over het hoofd zien.

Pas als haar kleinzoon François-Henri Labey zich over haar muzikale nalatenschap buigt, begint het tij te keren. In Charlotte Sohy, La Consécration d’Une Compositrice (uitzendtitel: Charlotte Sohy – een onvolprezen componist, 52 min.) schetst Matthias Weber de postume comeback van de Franse componiste. Via Claire Bodin, die een festival organiseert voor vrouwelijke componisten, komt de jonge dirigente Debora Waldman in 2013 aanraking met Sohy’s werk. Het is liefde op het eerste gezicht. Op het festival ontmoet ze vervolgens François-Henri, die haar meteen voorziet van ander werk van zijn grootmoeder.

Die is in 1909, schetst de centrale verteller van deze tv-docu, onderdeel geworden van een hecht duo. Want dan ontmoet Charlotte Sohy haar twaalf jaar oudere collega Marcel Labey (33). Het is ook dan liefde op het eerste gezicht – of beter: op het eerste gehoor. De twee zijn daarna altijd samen bezig. ‘Wordt het eerste resultaat een baby of een symfonie?’ vraagt Sohys docent compositie Vincent d’Indy zich af. Allebei, geeft kleindochter Catherine Werner honderd jaar later glimlachend antwoord. In het jaar erop. Er zullen er nog een flink aantal volgen: kinderen én composities.

Sohy heeft misschien niet héél veel werk nagelaten, maar volgens Debora Waldman is elk stuk een meesterwerk. In 2019 breekt zij de ban met een uitvoering van de symfonie Grand Guerre door het Orchestre Victor-Hugo Franche-Comté in Besançon. Sindsdien is Charlotte Sohy populairder dan ooit. Niet in het minst ook door de inspanningen van de celliste Héloïse Luzzati en pianiste Célia Oneto Bensaid. Zij nemen Sohys muziek op en geven uitvoeringen in haar voormalige huiskamer. De Chinese sterpianist Lang Lang gaat eveneens overstag. Ook hij betoont Sohy alle eer in dit gedegen portret.

Free Nelson Mandela

Channel 4

Eerst bevrijdt muziek de geest, daarna de man. In dit geval: Nelson Mandela. Sinds 1964 zit de leider van het African National Congress (ANC) op Robbeneiland een levenslange gevangenisstraf uit. Zijn strijd tegen het Apartheidsregime, dat al zoveel zwarte Zuid-Afrikanen heeft geknecht of gedood, krijgt gaandeweg echter steeds meer internationale steun. En muziek speelt daarbij een essentiële rol. Eerst als manier om zelfrespect te verkrijgen en uitdrukking te geven aan hoe de zwarte meerderheid van de Zuid-Afrikaanse bevolking lijdt onder het witte minderheidsregime. Later om Mandela te lanceren als een wereldwijd symbool en druk uit te oefenen op datzelfde bewind.

Free Nelson Mandela (92 min.), ter gelegenheid van Mandela’s 65e verjaardag in 1983 uitgebracht door The Special AKA, is daarvan het meest iconische voorbeeld. De compositie van Jerry Dammers, de spil van de Britse skaband The Specials, groeit uit tot hét strijdlied van de Anti-Apartheidsbeweging. Deze boeiende documentaire van James Rogan, die zich in Freddie Mercury: The Final Act (2021) al richtte op hoe muziek het bewustwordingsproces rond AIDS bevorderde, belicht nu de rol van songs van Miriam Makeba, Hugh Masekela, Gill Scott-Heron, Peter Gabriel, Bob Marley & The Wailers, Labi Siffre en Artists United Against Apartheid in de strijd tegen een racistisch maatschappijmodel.

En hoewel Rogan Jerry Dammers en andere westerse artiesten zoals Peter Gabriel, Bono, Steven Van Zandt en Jim Kerr aan het woord laat, krijgen zij nooit de overhand. De filmmaker realiseert zich dat het échte verhaal bij zwarte Zuid-Afrikanen zit en roept de bloedige Apartheid-historie op met schokkende nieuwsbeelden, audiofragmenten van Nelson Mandela en zijn omstreden echtgenote Winnie en interviews met nazaten van ANC-kopstukken zoals Steve Biko, Oliver Tambo en Joe Slovo. Hun gezamenlijke inzet blijkt uiteindelijk succesvol: in 1990 komt Nelson Mandela na ruim 27 jaar gevangenschap vrij. Vier jaar later wordt hij beëdigd als de eerste zwarte president van Zuid-Afrika.

Ruim veertig jaar sociale strijd, weerspiegeld in en ook aangejaagd door muziek, zijn niet zonder resultaat gebleven en hebben nu ook hun weg gevonden naar een even geladen als swingende film.

Alive Inside: A Story Of Music And Memory

Bond / 360

Kom eens een dagje bij me filmen, zei sociaal werker Dan Cohen ooit tegen filmmaker Michael Rossato-Bennett. Die ene dag werd drie jaar. Samen maakten ze een sprankelende reis door de menselijke geest, via ouderen met dementie en hun relatie met muziek. In 2014 verscheen de weerslag daarvan: Alive Inside: A Story Of Music And Memory (78 min.).

Het procedé oogt al snel vertrouwd: we zien een oudere Amerikaan in het verzorgingshuis Cobble Hill, die in het gat is gevallen dat ooit zijn geheugen was. Hij of zij is nauwelijks meer aanspreekbaar. Daarna toont Rossato-Bennett met foto’s en verhalen van dierbaren de persoon die nog ergens in die verstopte geest en dat broze lijf verscholen moet zitten. En als een duveltje uit een doosje tovert Cohen die vervolgens toch weer tevoorschijn. Met een heel eenvoudig instrument, dat alleen niet wordt vergoed door de zorgverzekering: een iPod met koptelefoon.

‘Er bestaat geen pil die dat kan’, stelt Dan Cohen. ‘Een medicijn kan hooguit de vonk dempen of het licht dimmen, maar kan die nooit naar buiten halen.’ En dat geldt bepaald niet alleen voor ouderen met dementie, toont Rossato-Bennett. Muziek kan ook anderen uit hun isolement halen: psychiatrische patiënten, slachtoffers van oorlogsgeweld in Congo of mensen die vanwege een lichamelijke aandoening aan een ziekenhuisbed zijn gekluisterd. Muziek is ‘the quickening art’, volgens de befaamde neuroloog Oliver Sacks (Awakenings), de kortste route naar het binnenste van de mens.

Het is een kunstvorm die de gehele mens kan raken en die ‘de film die alleen in iemands hoofd wordt afgespeeld’, ook wel geheugen genoemd, weer kan aanzetten. Via Louis Armstrong, The Andrews Sisters of Beach Boys komen beelden, geuren én danspasjes weer terug – ook al is het maar voor even. ‘Ik onderzoek de Ziekte van Alzheimer al 38 jaar’, vertelt dokter Peter Davis. ‘Maar ik heb niets beters te bieden aan mijn patiënten dan muziektherapie.’ Het aanschaffen van iPods – we schrijven begin jaren ’10 – heeft echter meer voeten in de aarde dan wie dan ook zou willen.

Gelukkig zijn er beelden van ouderen zoals Henry, een Afro-Amerikaanse man die helemaal opleeft door gospelmuziek en zo viral gaat, om de zaak vlot te trekken. Behalve een pleidooi voor muziek als ontsluiter van de menselijke ziel wordt Alive Inside, aangestuurd met Rossato-Bennetts enigszins zijige voice-over, daardoor ook een soort aanklacht tegen gezondheidszorg, die mensen reduceert tot patiënten en definieert aan de hand van hun deficiënties. Deze docu toont overtuigend dat zij eerst en vooral nog altijd mens zijn – met een onbedwingbare liefde voor muziek.

The Welcome Table

HBO Max

Aan een welkomsttafel op een dijk bij New Orleans, genaamd Bywater Levee, ontvangt documentairemaker Josh Fox (Gasland) de hoofdpersonen van zijn nieuwe film The Welcome Table (131 min.). Ze komen van heinde en verre, op de vlucht geslagen voor de gevolgen van klimaatverandering. ‘Hoe zijn we hier beland?’ vraagt hij zich halverwege af, in zijn deel van een duo voice-over met de Amerikaanse jazzzanger John Boutté, waarmee deze alarmistische documentaire wordt aangestuurd. ‘Kunnen we hier nog weg? En hoeveel erger gaat het nog worden?’

Fox verwelkomt zijn gasten aan die tafel met muziek, toepasselijke liederen gespeeld door een keur aan muzikanten, en dompelt zich vervolgens onder in de verhalen van deze klimaatvluchtelingen. Hij begint in eigen land bij Ali en haar jonge gezin. Zij woonden in Paradise, California, en zijn in 2018 gevlucht voor een verwoestende natuurbrand. De beelden staan op haar netvlies gebrand: terwijl er een propaantank ontploft, klinkt op de radio een bekende hit van The Bee Gees: stayin’ alive, stayin’ alive ah, ha, ha, ha, stayin’ alive. Terwijl ze hun auto vervolgens door het vuur sturen, kan Ali maar aan één ding denken: ‘Zo wil ik niet doodgaan.’

Daarna begeeft Fox zich naar Brazilië, waar hoosbuien in 2023 een modderstroom op gang hebben gebracht die een hele favela met de grond gelijk maakte en de bewoners, als ze al overleefden, dakloos achterliet. In de Mexicaanse stad Juárez treft Fox een jonge Colombiaanse vrouw, die op de vlucht is voor overstromingen in haar land. Ze is twee jongere zussen kwijtgeraakt bij de grens. Die zijn weggevoerd door de Amerikaanse autoriteiten. En in Italië ontmoet hij de Nigeriaanse bootvluchteling Chris Obehi, die de barre tocht over de Middellandse Zee heeft overleefd en nu carrière maakt als zanger. Non Siamo Pesce, zingt hij. We zijn geen vissen.

Josh Fox reist de halve wereld over. Naar de Maagdeneilanden, om de schade van orkanen op te nemen. Naar het kurkdroge Kenia, waar een heel dorp inmiddels afhankelijk is van één enkele waterput. Naar Peru, om te zien hoe oliewinning het Amazonegebied ernstig verontreinigt. En naar Australië, waar Aboriginals het slachtoffer worden van ‘klimaatgentrificatie’. Heel herkenbaar: in New Orleans, bij die dijk, gebeurde in 2015, na de Orkaan Katrina, precies hetzelfde. Die conclusie trekt de filmmaker steeds weer in deze erg ruim uitgevallen film: de mensen die het minst kunnen doen aan de klimaatverandering, worden er het hardst door geraakt.

Niet in het minst doordat de machthebbers steeds weer nieuwe blokkades voor hen opwerpen. Letterlijk. Met als duidelijkste voorbeeld de spreekwoordelijke muur van de Amerikaanse president Trump en de manier waarop hij ICE loslaat op migranten. Josh Fox schroomt daarbij niet om de vergelijking te trekken met Hitler en Mussolini. Hij probeert sowieso dwarsverbanden te leggen, met grote thema’s zoals migratie, kolonialisme en mensenrechten. En aan het eind dropt Fox nog een klein bommetje: al zijn hoofdpersonen zijn weliswaar uitgenodigd aan zijn tafel op die dijk, maar lang niet iedereen heeft daadwerkelijk een visum voor de Verenigde Staten gekregen.

Suzan & Freek: We Vieren Het Leven

Videoland

‘Jij zegt heel vaak: ik vind het heel leuk om Suzan van Suzan & Freek te zijn’, vertelt Freek aan het begin van de documentaire Suzan & Freek: Tussen Jou En Mij (2023), terwijl hij met zijn arm om Suzan op het strand van Santa Barbara zit. ‘En ik vind het leuk om Freek van Suzan & Freek te zijn.’ Sindsdien is er heel wat gebeurd – understatement! – maar lijken ze dat gevoel vast te hebben gehouden.

Suzan & Freek: We Vieren Het Leven (64 min.) is tenminste doortrokken van een soort onverwoestbaar optimisme. Ondanks dat verpletterende nieuws in mei 2025: Freek heeft uitgezaaide longkanker, zonder kans op genezing. Die boodschap sloeg natuurlijk in als een bom. Het was zelfs de vraag of het zingende duo ooit nog samen het podium zou betreden. Maar zie daar: precies een jaar later staan Suzan Stortelder en Freek Rikkerink met hun band in het Gelredome te Arnhem. Tienmaal, welteverstaan.

Al snel volgde er ook beter nieuws: ze mochten hun eerste kindje Sef verwelkomen en kregen een prominente rol als coach in het televisieprogramma The Voice Of Holland. De twee hielden er intussen allebei hun eigen coping strategie op na. Suzan stortte zich op het inrichten van de kinderkamer. En Freek begon alles wat los en vast zit te lezen over mensen die een vergelijkbaar ‘rampscenario’ hadden gekregen. Zo lijken ze, doelbewust levend in het hier en nu, de boel weer behoorlijk op de rit te hebben gekregen.

‘Waarom maken we deze documentaire volgens jou?’ vraagt de interviewer van dienst in deze docu aan Suzan, terwijl ze met Sef in de kinderwagen aan de waterkant zit. ‘Ik vind het zelf heel leuk om dingen vast te leggen’, antwoordt zij. ‘Ik wilde dit zelf voor mezelf ook hebben en ik vind het prima dat andere mensen het ook zien.’ Dan lijkt ze ‘t vooral te hebben over die concertreeks, want nuchter als ze (blijkbaar) zijn, gaan Suzan & Freek, nadat ze dat overbekende verhaal hebben gedaan, het liefst over tot de orde van de dag.

Daarmee wordt dat vieren van het leven toch vooral een gesmeerd lopend kijkje achter de schermen bij een groots opgezette live-productie, waarvoor alles tot in de puntjes wordt geregeld en de twee bijvoorbeeld over het publiek gaan zweven. Er staat zelfs een dixi onder het podium, grapt hun vriend Snelle, die natuurlijk ook van de partij is in het Geldedome. Net als een geëmotioneerde Claude en ‘hun’ Voice Of Holland-winnaar Ruben Hillen. Samen vieren ze ongegeneerd het leven. Van Suzan & Freek, in het bijzonder.

Batik, Beats & Bumbu

Periscoop Film / vanaf donderdag 18 juni in de bioscoop

De eerste generatie Nederlanders met Indonesische roots probeerde geruisloos te integreren. Generatie twee vormde zogezegd een brug tussen de eerste en de volgende generaties. En de derde generatie, waarop Claire Pijman zich richt in de documentaire Batik, Beats & Bumbu (84 min.), probeert de verbinding te leggen tussen de wereld waarin zij zijn opgegroeid en het land van hun voorouders.

‘Er is wel echt iets aan het bloeien’, stelt Megan de Klerk, de leadzangeres van Nusantara Beat, een zeskoppige groep uit Amsterdam die zich onderscheidt met moderne interpretaties van traditionele Indonesische muziek. Pijman (Living The Light – Robby Muller / Een Vrouw Als Monique) volgt de groep naar Indonesië voor enkele optredens. Ook de andere hoofdpersonen van deze bedaarde film, jonge kunstenaars met wortels in het voormalige Nederlands Indië, doen inspiratie op in het Aziatische land waar hun oorsprong ligt.

Chefkok Vanja van der Leeden, auteur van het boek Indorock, laat zich door haar collega William Wongso bijvoorbeeld nóg verder inwijden in de geheimen van de Indonesische keuken. De modeontwerpers Romée Mulder en Myrthe Groot van atelier Guave bezoeken hun batikcontact Nia Hasan Batik. En deejay Michiel Sekan is als baas van zijn eigen platenlabel Jiwa Jiwa Records en connaisseur van de Indonesische muziek altijd op zoek naar verborgen pareltjes. Hij schrijft ook een boek, Soundwriters, over de Indische muzikale diaspora.

Stuk voor stuk zoeken ze een weg door hun eigen culturele erfgoed: wat valt er nog te ontdekken en hoe kunnen – en mogen – ze daar hun eigen draai aan geven? Deze documentaire registreert dat proces, waarin zij ook nadrukkelijk verbinding zoeken met vakbroeders en -zusters in Indonesië. Dat levert geen héél spannende of verrassende vertelling op. Pijman volgt haar hoofdpersonen simpelweg op de weg die zij afleggen: van Nederland naar dat land, waar ze net zo goed thuis zijn, en nóg dieper de cultuur in, die ze zich eigen hebben gemaakt.

Eenmaal terug in het land waar ze zijn opgegroeid vertalen deze vertegenwoordigers van de derde generatie Indische Nederlanders hun indrukken naar exposities, feesten en optredens, waarmee ons aller cultuur verder wordt verrijkt.

The Great Hip Hop Hoax

Vertigo Films / Docplay / vrijdag 12 juni, om 20.30 uur, op NPO2 Extra

In Londen, het centrum van de Britse muziekwereld, worden ze aan het begin van deze eeuw als Schotse rappers totaal niet serieus genomen. Een medewerker van een platenmaatschappij dubt hen met het nodige dedain ‘de rappende Proclaimers’, naar de Schotser dan Schotse tweelingbroers Craig en Charlie Reid die ooit een wereldwijde hit scoorden met (I’m Gonna Be) 500 Miles. Gedesillusioneerd keren Billy Boyd en Gavin Bain terug naar Dundee.

Niet veel later melden ze zich opnieuw in Londen, met een Amerikaanse tongval. Als respectievelijk Silibil en Brains McLoud, ofwel het Californische hiphopduo Silibil n’ Brains – ook al zijn ze in werkelijkheid nog nooit in de Verenigde Staten geweest. The Great Hip Hop Hoax (88 min.) Is van start gegaan. Binnen de kortste keren krijgen de twee extra puberale varianten op Eminem een platencontract onder hun neus geschoven en lijkt hun kostje gekocht.

De Britse filmmaakster Jeanie Finlay tekent het jongensboekverhaal in deze vermakelijke docu uit 2013 op met de bijna karikaturale relrappers zelf en mensen uit hun persoonlijke en professionele omgeving, lardeert hun herinneringen met interviews, backstage-materiaal en televisieoptredens van Silibil n’ Brains en hecht dit geheel vervolgens af met tamelijk cartooneske animaties, die de banale absurditeit van hun schelmenstreek nog eens benadrukken.

De gretigheid waarmee de complete muziekindustrie erin tuint en het hiphopduo, dat zelf natuurlijk wel beter weet, in z’n eigen imago begint te geloven, is tegelijkertijd verbazingwekkend en volkomen begrijpelijk – al worden de Schotse poseurs uiteindelijk, een illusie armer, natuurlijk tóch ingehaald door de wetten van de business die ze zo gemakkelijk in luren hebben gelegd als Silibil en Brains McLoud.

Tot De Laatste Noot

NTR

De één mist de ‘dodelijke perfectie’ niet, een ander beschouwt haar werk nog altijd als een ‘levenselixer’. In Tot De Laatste Noot (60 min.) portretteert Marlou van den Berge vier operazangeressen op leeftijd. Ze hebben in feite niets meer te bewijzen, maar dat voelt lang niet altijd zo.

Hoewel ze zich soms een marionet van de almachtige regisseur heeft gevoeld en aan het einde van haar carrière volgens een bruuske recensent ‘de vocale bruikbaarheid voorbij’ was, moest de Nederlandse sopraan Charlotte Margiono (1955) wel even wennen toen ze na een voorstelling niet meer werd begroet met een bos bloemen. ‘Dat is echt diva af’, vertelt ze zonder omhaal van woorden. ‘Géén bloemen meer.’

Haar Franse collega Sandrine Piau (1965) is nog altijd actief, maar twijfelt of ze moet doorgaan tot haar stem het begeeft. Iedere zangeres krijgt te maken met een afnemend stembereik, geleidelijk of juist héél plotseling. Dat betekent soms ook rollen opgeven of de componist vragen om de rol om te schrijven naar een iets lagere toonsoort. Maar waar en wanneer bereik je als performer je eigen grens?

De Duitse mezzosopraan Doris Soffel (1948) lijkt zich die vraag niet te willen stellen. Ze staat op late leeftijd nog altijd op de grootste podia en wil duidelijk in het harnas sterven. De Amerikaans-Nederlandse sopraan Roberta Alexander (1949–2025) tenslotte, die tijdens de montage van deze film is overleden, heeft dit uitgangspunt min of meer in de praktijk gebracht. Tot het laatst vraagt ze het uiterste van zichzelf.

Van den Berge (Ademtocht, De Vele Gevechten Van Maite Hontelé, Het Dinsdagavondgevoel en Klaas de Jonge, De Prijs Van Vrijheid) volgt deze vier gelauwerde operazangeressen tijdens repetities, voorstellingen en hun andere bezigheden, laat hen terugkijken naar fragmenten uit hun absolute hoogtijdagen en vangt ondertussen hun bespiegelingen op ouder worden en het dealen daarmee.

De opzet van Tot De Laatste Noot doet denken aan die van Tot De Laatste Snik!? (2022), de documentaire waarin Marcel Goedhart vijf Nederlandse pophelden portretteerde, en is al net zo effectief. Een boeiende film over hoe je als begenadigde veteraan vitaal, relevant én gelukkig blijft.

Yuja Wang

Sky UK & Arte / NTR / maandag 25 mei, om 22.40 uur, op NPO2

‘Het is een goed geoliede machine’, zegt de Chinees-Amerikaanse sterpianiste Yuja Wang, ongemakkelijk lachend, in de documentaire Yuja Wang (55 min.). ‘Hij blijft uit zichzelf doordraaien. En wij zijn niet meer dan de onderdelen. Belangrijke onderdelen. Maar als ik afval, kunnen andere onderdelen me vervangen. Dat klinkt akelig, maar zo zakelijk is het wel.’

Het is een wrange conclusie voor een vrouw, die wordt geroemd om haar ongeëvenaarde techniek en virtuositeit en die geldt als de rockster van de klassieke wereld. Ook zij wordt rücksichtslos vervangen als ze niet meer mee wil draaien. Als Yuja zou besluiten om haar agenda, die enkele jaren vooruit wordt gepland, eens helemaal schoon te vegen. Omdat ze even niet wil – of gewoon niet meer kan.

Documentairemaker Lorna Tucker, die eerder uitgesproken vrouwelijke kunstenaars zoals Greta Garbo, Katharine Hepburn en Vivienne Westwood portretteerde, legt Yuja Wang op een divan en confronteert het voormalige wonderkind met een associatieve beeldenstroom uit haar eigen verleden. Samen met haar muzikale helden, leraren en begeleiders reflecteert Wang ondertussen kritisch op haar leven en loopbaan.

‘Ik wil vanaf het begin al rustiger aan doen’, zegt ze, later in deze nogal weelderig vormgegeven film, waarin ook haar performances worden gematcht aan een wirwar van associatieve beelden die op een ‘green screen’ zijn geprojecteerd. ‘Ik klaag nu. Maar als ik het rustiger aan deed, zou ik ook klagen. Je blijft altijd aan jezelf twijfelen. En je bent onzeker. Wil ik heel productief zijn of liever gelukkiger en rustiger?’

Dit portret van de uitgesproken pianiste wordt zo bijna een update van Paul Cohens observerende documentaire Janine (2010) over Wangs Nederlandse vakzuster Janine Jansen – al worden de eenzaamheid, stress en kritiek van het leven als rondreizende topmusicus in deze film niet alleen zicht- en voelbaar gemaakt, maar ook nog eens zeer expliciet benoemd.

Michael Jackson: An American Tragedy

BBC

Het is de tragiek van Michael Jackson (1958-2009). Nooit meer kan hij in ons collectieve geheugen weer dat ogenschijnlijk onbekommerde kindersterretje worden, dat z’n familiegroep The Jackson 5 begin jaren zeventig naar de toppen van de hitlijsten zong. De ongenaakbare popheld, die met het soloalbum Thriller (1982) het ene na het andere record brak en de popmuziek grondig vernieuwde. En zelfs niet die beeldbepalende figuur, met het bizarre gedrag, aan wie de wereld zich kon blijven vergapen.

Sinds hij in 1993 voor het eerst werd beschuldigd van het misbruiken van weerloze kinderen, is alles bezoedeld geraakt: Jacksons ongenadige talent als zanger, songschrijver en danser. Zelfs het weerloze kind dat hij zelf ooit was, in het oog van de wereld opgegroeid en als jongetje al opgezadeld met de verantwoordelijkheid voor een gehele familie, lijkt persona non grata te zijn geworden. Een onschuldig ogend welpje dat gaandeweg zou zijn uitgegroeid tot een grenzeloos seksueel roofdier.

In de driedelige serie Michael Jackson: An American Tragedy (175 min.) neemt Sophie Fuller nog geen uur de tijd om Jacksons leven en carrière te schetsen, vóórdat die helemaal door elkaar worden geschud door de beschuldigingen van de dertienjarige Jordan Chandler en zijn familie. En hoewel die zaak voor ettelijke miljoenen wordt geschikt, blijft hij besmet. Zelfs een huwelijk met de dochter van de King Of Rock & Roll, Lisa Marie Presley, kan de reputatie van de King Of Pop niet meer redden.

Zijn zus La Toya, tot dan de belangrijkste bron van deze miniserie, verdwijnt dan van het toneel. Alsof de familie Jackson, die naar verluidt ook bij de speelfilm Michael weer een dikke vinger in de pap heeft gehad, z’n handen aftrekt van het aardedonkere deel van zijn nalatenschap. Fuller kan echter terugvallen op een brede waaier aan bronnen: zowel vrienden, medewerkers en belangenbehartigers als onafhankelijke waarnemers, critici en de rechercheurs die de beschuldigingen tegen ‘Wacko Jacko’ hebben onderzocht.

Met al die getuigenissen, geïllustreerd met overdadig archiefmateriaal, schetst ze een scherp en toch genuanceerd overzicht van De Casus Michael Jackson: hoe een verknipte, eenzame en diep tragische figuur en z’n team met allerlei kunstgrepen (zoals een beroep op de zwarte identiteit, die hij eerder juist heeft afgezworen) zijn imago proberen te redden. Een man die volgens zijn spirituele adviseur, rabbi Shmuley Boteach, verslaafd is geraakt aan de adoratie van z’n fans en die zijn grip op de realiteit volledig kwijt is.

Martin Bashirs documentaire Living With Michael Jackson (2003 ), waarin Jacksons ongepaste omgang met de minderjarige Gavin Arvizo pijnlijk in het oog springt, lijkt zijn definitieve ondergang te hebben ingeluid, terwijl Leaving Neverland (2019), waarin Wade Robson en Jimmy Safechuck verklaren hoe Jackson hen als kind heeft misbruikt, hem tien jaar na zijn dood definitief brandmerkt als pedofiel – al blijven zijn fans toch wel achter hem staan en valt daar nog altijd een flinke duit mee te verdienen.

De eveneens in het voorjaar van 2026 verschenen docuseries Michael Jackson: The Trial en Michael Jackson: The Verdict zoomen volledig in op de casus van Gavin Arvizo.

Dolly Parton: America Reunited

Arte

Natuurlijk begint dit portret van Dolly Parton met haar grootste hit. Over Jolene, de haaibaai die haar vent probeerde te stelen. Tevergeefs, natuurlijk. De Amerikaanse zangeres, songschrijver en actrice blijkt steeds weer onweerstaanbaar. Niet alleen overigens door haar ‘royale rondingen’, aldus de verteller van Dolly Parton: America Reunited (52 min.). Ook door de tamelijk overdadige manier waarop de inmiddels tachtigjarige ster zich opmaakt en kleedt. Ofwel Dollyfashion, ‘een overdreven versie van vrouwelijkheid’.

Daarachter gaat een vrije, sterke en ambitieuze vrouw schuil. Ferm stippelt ze haar eigen carrière uit, die hier met louter archiefbeelden en -interviews wordt gereconstrueerd door Nicolas Maupied. Als meisje uit de Appalachen debuteert ze halverwege de jaren zestig in Nashville met de single Dumb Blonde, maar blijkt natuurlijk allesbehalve een dom blondje. Zestig jaar later is zij ‘s werelds countryhoofdstad allang ontgroeid. Dolly – achternaam overbodig – is een begrip geworden. De ‘wise old woman’ van de Amerikaanse entertainmentindustrie.

Daarvoor moet ze zich eerst nog wel losmaken van haar vaste muzikale partner Porter Wagoner. Dolly’s afscheid resulteert in nóg een ongenadige wereldhit: I Will Always Love You. Tweemaal zelfs. Als we de aalgladde versie van Whitney Houston meerekenen. Parton heeft zich dan ook al ontworsteld aan de conservatieve countrywereld. Geheel op eigen kracht groeit ze uit tot een pop- en filmster, ontwikkelt zich tot de peetmoeder van de Amerikaanse LHBTIQ+-scene en begint in Tennessee zowaar haar eigen themapark, Dollywood.

Deze televisiedocu zet al die ontwikkelingen, waarbij ze achter de schermen allerlei persoonlijke tegenslagen moet verstouwen en in het openbaar haar sociale hart laat zien, netjes achter elkaar, voegt daar kleurrijke animaties aan toe en laat de sterke vrouw in kwestie, via oude televisie-interviews, tussendoor ook nog reageren. Als Whitney Houston met die cover van Dolly’s ultieme liefdesverklaring ook haar kas flink heeft gespekt, reageert ze bijvoorbeeld met kenmerkende zelfspot. ‘Het kost veel geld om er zo goedkoop uit te zien.’

Zo maakt Dolly Parton zichzelf definitief onweerstaanbaar en blijft ze meteen eeuwig jong. Want intussen is ook Jolene, haar meesterzet als songschrijver, opgepakt door nieuwe generaties

Trailer Dolly Parton: America Reunited

Borrowed Time: Lennon’s Last Decade

Kaleidoscope / VPRO

Voor documentairemakers zijn acts als The Beatles niets minder dan ‘the gift that keeps on giving’. Steeds is er weer nét een andere ingang, nieuwe bron of frisse invalshoek om de illustere Britse popband of het leven van (één van) ‘The Fab Four’ te belichten. Met John Lennon (1940-1980), niet in het minst door zijn tragische einde, als overduidelijke favoriet.

Borrowed Time: Lennon’s Last Decade (134 min.) probeert zijn leven ná The Beatles in kaart te brengen en kan dus doorgaan voor de zusterfilm van Paul McCartney: Man On The Run, de documentaire waarmee onlangs werd gedocumenteerd hoe Lennons muzikale bloedsbroeder zich losmaakte van de legendarische popgroep die van hen allebei iconen had gemaakt.

De film van Alan G. Parker is ook meteen een soort tegenhanger ervan. Waar McCartney en mensen uit zijn directe omgeving buiten beeld terugblikken aan de hand van bijzonder, soms nog niet eerder toegankelijk gemaakt archiefmateriaal, wordt deze Lennon-docu vooral bevolkt door bronnen uit zijn periferie en een hele stoet biografen, journalisten en andere deskundigen.

Zij spreken overigens niet met meel in de mond. Ze belichten tevens Lennons maar al te menselijke kanten, zijn (verplicht) kritisch over z’n partner Yoko Ono en strooien intussen met smeuïge anekdotes. En natuurlijk vergeten ze ook hun eigen, vanzelfsprekend héél bijzondere, ervaringen met de aanbeden Beatle niet. Samen schetsen ze zo een aardig beeld van Lennons laatste decennium.

Van hun uitgebreide verhalen moet deze praterige film ‘t ook hebben. Want hoewel Borrowed Time oude interviews bevat met John Lennon, diens tante Mimi en de andere Beatles, die bijvoorbeeld reageren op zijn gewelddadige dood, moet de documentaire ‘t wel zonder zijn muziek doen. En die had, zo is al veel vaker aangetoond, wonderen kunnen doen.

The Rise Of The Red Hot Chili Peppers: Our Brother, Hillel

Netflix

De band moet nog definitief doorbreken als het oorspronkelijke driemanschap van The Red Hot Chili Peppers al uiteenvalt in 1988.

De drie hebben elkaar eind jaren zeventig leren kennen op Fairfax High, een middelbare school in Los Angeles. Anthony Kiedis en Mike Balzary zien er het bandje Anthym optreden. Enige tijd later krijgen ze een lift van de gitarist, Hillel Slovak. De drie worden onafscheidelijk. En als de bassist van Anthym er de brui aan geeft, vraagt Hillel Mike. Die heeft nog nooit een basgitaar aangeraakt, maar hapt toch toe. ‘Hij geloofde in mij’, vertelt Mike, een jongen uit een getroebleerd gezin die zich tegenwoordig ‘Flea’ noemt. ‘Hij zag me.’ Bij de gedachte aan dat moment moet de bassist ruim veertig jaar later nog altijd zijn emoties wegslikken. ‘Dat heeft mijn leven definitief veranderd.’

Wanneer Hillel en Flea, die z’n heil een tijdje elders zoekt als Anthym niet echt van de grond komt, weer eens samen willen optreden, sluit ook die andere boezemvriend, Anthony, zich bij hen aan. Zij worden in de rug gedekt door Anthym-drummer Jack Irons. De allereerste incarnatie van The Red Hot Chilli Peppers maakt in december 1982 z’n live-debuut voor een dolenthousiast publiek. Het zal alleen nog jaren kosten voordat de band definitief vlam vat. Tegen die tijd hebben ook drugs al hun verpletterende entree gemaakt. Of zoals Hillel ’t, volgens zijn vriendin Addie Brik, zegt: het is vrijdag, waar is de tofu? Voor Anthony en hem is het alleen al snel elke dag vrijdag.

De Peppers gaan er bijna aan onderdoor en moeten afscheid nemen van Slovak, het eindstation van deze film. Hij wordt opgevolgd door John Frusciante, die later in zijn eigen drugshel zal belanden – in 1994 vereeuwigd in een geruchtmakende aflevering van het Nederlandse muziekprogramma Lola da Musica. Zover komt The Rise Of The Red Hot Chili Peppers: Our Brother, Hillel (95 min.) niet. Documentairemaker Ben Feldman concentreert zich volledig op de onstuimige beginjaren van de Amerikaanse groep en had dus even goed Becoming Peppers kunnen heten. Net als vergelijkbare portretten van muzikale helden zoals David Bowie, Led Zeppelin en Madonna.

De roem en het succes die later altijd vanzelfsprekend lijken te zijn geweest, liggen dan nog in de toekomst verscholen. De meeste Anthony Kiedissen en Fleas van deze wereld – jong, wild en klaar om de wereld te veroveren – lopen onderweg averij op of bereiken, zoals hun maat Hillel Slovak, nooit de jaren waarin het sterrendom wel degelijk komt. Zijn voormalige boezemvrienden betonen de gitarist, tevens tot leven gewekt met z’n tekeningen en persoonlijke geschriften, in deze film alle eer. Hij stond mede aan de basis van – of, zoals dat nu eenmaal gaat bij gevallen helden: hij was de onbetwiste inspiratiebron voor – wat zij uiteindelijk wél zijn geworden.

June

Paramount

Bij de gedachte aan June Carter Cash (1929-2003) ziet menigeen waarschijnlijk Reese Witherspoon voor zich, de actrice die haar vol verve vertolkte in de biopic van haar echtgenoot, Walk The Line. Of ze denken gewoon aan hem, de Amerikaanse countrylegende Johnny Cash. Het duurt echter ruim een half uur voordat de illustere zanger met die uit duizenden herkenbare, aardedonkere stem haar levensverhaal binnenstapt in de documentaire June (98 min.). Met, natuurlijk, de iconische woorden: ‘Hello, I’m Johnny Cash’.

Het is dan 1956 en June heeft er al een half leven opzitten: ze groeit op als lid van de befaamde folkgroep The Carter Family, wordt daarna als komisch talent ontdekt in de befaamde Grand Ole Opry in het countrymekka Nashville en is dan al aan haar tweede huwelijk bezig – en heeft als gevolg daarvan ook twee dochters, Carlene en Rosie. Na enige tijd afhouden kan ze ‘The Man in Black’ begin jaren zestig echter niet meer weerstaan – ook al is hij een onverbeterlijke junk. De real life-versie van Walk The Line staat op het punt om te beginnen.

Als hij ein-de-lijk is afgekickt, leven ze nog lang en gelukkig. Althans, in de sprookjesversie van hun leven, zoals één van de sprekers in deze documentaire van Kristen Vaurio de speelfilm met Joaquin Phoenix als Cash en Witherspoon als zijn onweerstaanbare echtgenote betitelt. Dat beeld is overigens ook al flink genuanceerd in The Gift: The Journey Of Johnny Cash (2019), tot nader order het definitieve portret van de muzikale legende Cash. June zal nog tot diep in de jaren tachtig heel wat te stellen hebben met de verslavingen van haar echtgenoot.

Intussen staat zij, de telg van een baanbrekende muzikale familie, ook volledig in zijn schaduw. Terwijl June – betogen hun kinderen, vrienden en bekende collega’s zoals Dolly Parton, Willie Nelson en Emmylou Harris – bijvoorbeeld zijn grootste hit Ring Of Fire heeft geschreven. Niet Johnny. Zij zal zich echter naar hem moeten plooien, Als een matrone blijft ze ook zijn leven bijsturen. ‘It’s hard to be Johnny Cash’, zegt June wel eens vergoelijkend over haar echtgenoot, volgens hun zoon John Carter Cash. Voor zichzelf huldigt ze een eenvoudig levensparool: Press On.

En met een soloalbum dat zo is getiteld wint ze in 1999, slechts enkele jaren voor haar dood, zowaar een Grammy Award, de kroon op een dienstbaar leven, als vrouw, moeder en artiest, dat in deze film nu eens centraal wordt gezet. Haar man, die ’t nog maar een paar maanden zal volhouden zónder haar, heeft daarin slechts een bijrol. De belangrijkste bijrol, dat wel. Daarmee wordt June een prima tegenhanger voor The Gift – en voor My Darling Vivian (2021), het portret van de eerste vrouw van Cash, Vivian Liberto.

Just Our Heart

Amstelfilm

Rouw is liefde die z’n bestemming is kwijtgeraakt, zegt de boeddhistische schrijfster en rouwdeskundige Joan Halifax, één van de hoofdpersonen van Just Our Heart (105 min.), de nieuwe documentaire van Maartje Nevejan (Ik Ben Er Even Niet / Descending The Mountain). In deze spirituele reis onderzoekt de Nederlandse filmmaakster, die zelf een verlies heeft te dragen en die bij haar kinderen ziet hoe ook de verwording van de aarde tot rouw kan leiden, naar nieuwe rituelen om afscheid te nemen en te treuren.

De film begint direct met zo ongeveer de gemakkelijkst invoelbare vorm van rouw: het verdriet van kinderen die plotseling hun ouders zijn kwijtgeraakt. De vader en moeder van de Belgische zussen Linde (10) en Bente (7) zijn tien maanden eerder omgekomen bij een auto-ongeluk. Theatermaakster Barbara Raes neemt hen mee naar een schip, voor een reis op zee waarbij ze met spel, muziek en andere rituelen hun verlies onder ogen mogen zien en een plek kunnen geven. Dit resulteert in aangrijpende taferelen, zowel voor de verweesde meisjes zelf als hun directe omgeving.

Ook de verliesverhalen van de deelnemers aan een wetenschappelijk studie van de psycholoog Déborah González naar het gebruik van ayahuasca bij rouw zijn onmiddellijk herkenbaar. Bij La Montaña de Montserrat, een berg in de omgeving van Barcelona, verkennen zij met behulp van de hallucinogene thee hun binnenwereld en het verdriet dat daar wild rondgaat, in de hoop dat ze na dit overgangsritueel doorstromen naar een nieuwe fase in de omgang daarmee. Zodat ze, in de woorden van Joan Halifax, kunnen terugkeren naar hun leven. Als een andere persoon, dat wel.

Bij de andere stations die Nevejan aandoet in haar stemmige reis is de rouw abstracter en betreft ie geen verloren mensenlevens maar de verwording van de aarde en de giftige erfenis van het kolonialisme. Ibelisse Guardia Ferraggutti organiseert bijvoorbeeld rouwrituelen voor Moeder Aarde. Op de heilige berg Cerro Rico laat zij oude gebruiken van de inheemse bevolking van Bolivia herleven. Eeuwenlang werd daar zilver gedolven dat vervolgens naar Spanje werd gebracht. Terwijl miljoenen arbeiders stierven, werd volgens haar zo het fundament voor de westerse welvaart gelegd.

Ecoloog Monica Galiano is intussen tot de overtuiging gekomen dat de westerse mens opnieuw moet leren om mens te zijn en te co-creëren met z’n natuurlijke omgeving. ‘Als we onszelf terugplaatsen binnen de familie van de aarde, dan hoeven we onszelf niet meer als een plaag zien’, stelt ze. ‘We zouden dan gewoon tot de kinderen behoren.’ Samen met Joan Halifax fungeert Galiano als getuige-deskundige in Nevejans sfeervolle exploratie, die echt de tijd neemt om diep in de materie door te dringen en zo de verschillende vormen en stadia van verdriet en rouw te verbeelden.

Met z’n beladen thematiek, zweverige beelden en etherische muziek lijkt Just Our Heart wel een trip die niet iedereen zal willen aangaan. Deze film is vooral bestemd voor degenen die hun verbinding met de aarde, het leven en de dood, en zichzelf verder willen verkennen. Teneinde, om Monica Galiano te parafraseren, het anker uit te kunnen werpen op de enige geschikte plek: het hart.

Paul McCartney: Man On The Run

Piece of Magic / vanaf vrijdag 27 februari op Prime Video

Terwijl John en Yoko in 1969 voor het oog van de wereld in een Amsterdams hotelbed zijn gekropen om te pleiten voor vrede op aarde, heeft Paul zich samen met Linda teruggetrokken aan ‘the end of nowhere’. Hij verschanst zich op z’n boerderij op het Schotse platteland. Somber, te veel drinkend. The Beatles zijn uit elkaar! Alleen de wereld weet het nog niet – niet officieel in elk geval.

Want Lennon heeft nooit bekend gemaakt dat hij uit de band is gestapt. McCartney besluit uiteindelijk om niet langer te talmen en gooit de knuppel in het hoenderhok: The Beatles zijn geschiedenis! En dus wordt hij ook verantwoordelijk gehouden voor het einde van de populairste band ter wereld. Het feit dat hij in die tijd een rechtszaak aanspant om zich los te maken van de andere bandleden werkt niet in zijn voordeel.

In Paul McCartney: Man On The Run (115 min.) kijkt de Britse legende, volledig buiten beeld, terug op de jaren waarin hij vervolgens los probeert te komen van zijn verleden en een nieuwe versie van zichzelf hoopt te vinden. Zónder John, maar mét Linda. Zijn echtgenote, de Amerikaanse fotografe Linda Eastman, wordt al snel het gezicht van alles wat er volgens de buitenwacht niet deugt aan de ex-Beatle en zijn nieuwe groep, Wings.

McCartneys vrouw, hun dochters Mary en Stella, zijn broer Michael, John Lennons zoon Sean, de nog levende Wings-leden en bevriende muzikanten zoals Mick Jagger, Nick Lowe en Chrissie Hynde staan hem terzijde in deze documentaire van Morgan Neville (Keith Richards: Under The InfluenceShangri-La en 20 Feet From Stardom), die volledig uit archiefmateriaal bestaat, zowel muziekbeelden als privéfilmpjes en -foto’s.

Die schetsen een intiem beeld van de man die lang een ‘has been’ lijkt, een muzikale held die op z’n dertigste al veel meer verleden dan toekomst heeft. McCartney wil graag ‘one of the guys’ in zomaar een bandje zijn, maar blijft altijd de man achter YesterdayHey Jude en Let It Be. Eenmaal een Beatle betekent nu eenmaal altijd een Beatle. En hij zal zich dus ook moeten verhouden tot zijn voormalige bloedbroeder John Lennon.

Neville maakt dit delicate proces, waarbij zijn protagonist ook definitief een familieman wordt, van binnenuit zichtbaar. Dat gaat, vanzelfsprekend, met vallen en opstaan – en vallen en opstaan. ‘In mijn geval is er nooit iemand die zegt: wat een stom idee, je zou dat niet moeten doen’, constateert McCartney zelf, hoorbaar grinnikend. ‘Ik kan dus ook altijd een ander de schuld geven.’

Chuck Berry: The Original King Of Rock ‘N’ Roll

Cardinal Releasing

De stoet vakbroeders die in de documentaire Chuck Berry: The Original King Of Rock ‘N’ Roll (97 min.) eer bewijst aan de Amerikaanse meestergitarist, die dit jaar honderd jaar oud zou zijn geworden, is indrukwekkend:  Steven Van Zandt, George Thorogood, Joe Bonamassa, Nile Rodgers, Steve Jones, Nils Lofgren, Wayne Kramer en Joe Perry. Stuk voor stuk gitaristen van formaat. Één adept die je direct met Berry associeert ontbreekt echter: Keith Richards.

De muzikale leider van The Rolling Stones is natuurlijk tóch aanwezig in Jon Brewers postume portret van de aartsvader van de rock & roll, die klassiekers zoals Johnny B. Goode, Sweet Little Sixteen en Roll Over Beethoven afleverde en de fameuze ‘duck walk’ introduceerde. Ook hij kan niet heen om dat onvergetelijke fragment uit de concertfilm Chuck Berry: Hail Hail Rock ‘N’ Roll (1987), waarin Chuck Berry, terwijl zijn vaste pianist Johnnie Johnson met grote ogen toekijkt, Keith Richards tot gekmakens toe de gitaarriff van zijn hit Carol opnieuw laat spelen.

Behoudens een aantal gereconstrueerde scènes – geheel in zwart-wit met enkele zorgvuldig gekozen elementen, Chuck zelf bijvoorbeeld of de door hem bezongen auto’s, in felle kleuren – wikkelt Brewer met Berry’s echtgenote Themetta, enkele van zijn kinderen en bekende fans zoals Alice Cooper en Gene Simmons verder netjes de hoogte- en dieptepunten uit het leven en de loopbaan van Charles ‘Chuck’ Berry (1926-2017) af. Een baanbrekende zwarte artiest die doorbreekt naar een wit publiek – al gaat dat in de jaren vijftig bepaald niet vanzelf.

Illustratief zijn ‘s mans aanhoudende problemen met de wet. Die hebben ongetwijfeld met Chuck Berry’s gedrag en keuzes te maken, maar kunnen in het gesegregeerde Amerika zeker niet los worden gezien van zijn huidskleur. Ook in de muziekbusiness wordt hij aan de lopende band besodemieterd. Berry’s eerste hit Maybelline wordt bijvoorbeeld alleen gedraaid op de radio, omdat een derde van de royalties stiekem zijn verpatst aan de deejay Alan Freed en de een of andere verkoper van kantoorartikelen. Payola, juist. En dan ontdekken de luisteraars dat Chuck zwart is.

Een half leven later zal hij door de films Back To The Future en Pulp Fiction nog een keer ouderwets furore maken. Berry staat dan bekend als een lastpak, een man die met zijn gitaar, een kam en z’n tandenborstel de wereld rondreist en in elke uithoek optreedt met een plaatselijk begeleidingsbandje, waarna hij erop staat om in keiharde cash te worden uitbetaald. Een muzikant ook, die navolgers graag op hun plek zet, zoals Keith Richards dus aan den lijve ondervindt. En een onverbeterlijke ‘womanizer’ die desondanks ook, als we zijn gezin mogen geloven, een echte familieman is.

Tot op hoge leeftijd zal Chuck Berry zijn signatuursongs blijven spelen en de duck walk doen. Totdat de Duivel de man die hoogstpersoonlijk zijn muziek naar de wereld bracht tóch tot zich roept…