Pilotenmasker

EO

Owen blaast op zijn oranje fluit. Hij wil die tunnel niet in. En papa en mama vinden dat hij er wel in moet. Alleen even een foto maken. Ze beloven een kadootje. Owen gaat uiteindelijk overstag. Hij houdt zijn knuffel stevig vast. Op de achtergrond klinkt Kinderen Voor Kinderen. Raar Maar Waar.

De openingsscène van Simonka de Jongs aangrijpende film Pilotenmasker (94 min.) is een voorbode van wat de kijker nog te wachten staat: kleuters met ‘gemene celletjes’ in hun lichaam, die noodgedwongen worden blootgesteld aan ingrijpende medische onderzoeken en behandelingen. Normale kinderen die verzeild zijn geraakt in volstrekt abnormale situaties.

In de allerbeste ‘direct cinema’-traditie, zonder interviews en met een camera die intiem de (rauwe) werkelijkheid registreert, worden de gebeurtenissen op de afdeling kinderoncologie van het Prinses Máxima Centrum in Utrecht vereeuwigd. De focus ligt daarbij volledig op de kinderen. Ouders, verpleegkundigen en doktoren blijven vaak helemaal buiten beeld of figureren aan de rand van het frame.

Simonka de Jong, kleindochter van de bekende historicus Loe (over wie ze ook een film maakte), verplaatst zich af en toe ook letterlijk in het perspectief van de kinderen en geeft hen een camera in de hand, zodat ze hun eigen belevingswereld kunnen vastleggen. Onderwijl blijven de medici voor hen vechten met hun ziekte.

Laat Het Los, zingt een schattig meisje tegen het einde van Pilotenmasker hartstochtelijk mee met Elsa van de Disney-film Frozen, die ze voor zich ziet op een mobiele telefoon. ‘Laat het gahaaan!’ En haar directe omgeving heeft het even te kwaad.

Het is de opmaat naar de indrukwekkende slotscène van deze afwisselend pijnlijke, vertederende en hartverscheurende film, die terecht kans maakt om te worden uitgeroepen tot beste Nederlandse documentaire tijdens het IDFA.

Pilotenmasker is hier te bekijken. In 2023 maakte Simonka de Jong een soort vervolg op Pilotenmasker. In Stil Water legt ze echter de focus op de ouders, broertjes en zusjes van een kind met kanker.

Arna’s Children

Kanopy

Even registreren op de website van het documentairefestival IDFA, dat woensdag van start gaat in Amsterdam, en je kunt talloze documentaires, veelal gratis, bekijken. Zoals bijvoorbeeld Arna’s Children (57 min), een aangrijpende film uit 2003 over een Palestijnse kindertheatergroep, die tijdens de tweede Intifada, waarbij Israël en de Palestijnen weer eens lijnrecht tegenover elkaar stonden, op het podium met allerlei gevoelens leerde omgaan.

Juliano Mer Khamis vertelt het verhaal van zijn onverzettelijke moeder Arna, een Joodse vrouw die een Palestijnse man trouwde en in de jaren negentig een theater runde in het vluchtelingenkamp Jenin. Arna en haar zoon probeerden een groepje Palestijnse kinderen enthousiast te maken voor acteren, in de hoop hen daarmee te kunnen behoeden voor de burgeroorlog die rondom hen woedde.

Enkele jaren later, vijf jaar na de dood van zijn moeder en het opdoeken van haar theatertje, keert Juliano terug naar Jenin om de balans op te maken. Wat is er geworden van de enthousiaste theatermakers? Hebben ze zich weten te ontworstelen aan de voetangels en klemmen van hun dagelijks bestaan? Of zijn ze ‘gewoon’ onderdeel geworden van het alles verslindende conflict en uitgegroeid tot martelaar (of terrorist, afhankelijk vanaf welke kant je naar het conflict kijkt)?

Het antwoord in deze bekroonde documentaire stemt helaas weinig hoopvol. Daarbij speelt ook het lot van de filmmaker, Juliano Mer Khanis, een belangrijke rol. In 2011 werd hij bij het verlaten van het theater, waarmee hij samen met zijn moeder de wereld wilde verbeteren, neergeschoten door een gemaskerde schutter. Drie jaar eerder had hij zijn dood zelf al voorspeld. Voor deze moord is tot dusver overigens niemand veroordeeld.

An Open Secret


#MeToo. Sinds de schandalen rond onder anderen Harvey Weinstein, Kevin Spacey en Job Gosschalk is seksuele intimidatie, en de bijbehorende doofpotcultuur, ‘the talk of town’ in zowel Hollywood als Hilversum. Drie jaar geleden maakte Amy Berg al een film over dit thema, An Open Secret (99 min.)

En een geheim zou het ook blijven. Er kraaide geen haan naar de film, die nochtans was gemaakt door een gerenommeerde filmmaakster die enkele jaren daarvoor nog een Oscar-nominatie had gekregen voor Deliver Us From Evil. In die documentaire richtte Berg zich op seksueel misbruik binnen de katholieke kerk. Toen ze haar aandacht verlegde naar Hollywood, kwam daar echter aanmerkelijk minder respons op.

Is An Open Secret simpelweg aan de aandacht ontsnapt of – samenzwerinnggg! – doelbewust onschadelijk gemaakt? Wie zal het zeggen? Omdat de film nu ineens heel actueel is geworden, heeft Amy Berg hem in zijn geheel op Vimeo gezet. Zodat iedereen alsnog kan kijken naar het relaas van enkele kinder- en tieneracteurs die in handen vielen van onvervalste Hollywood-roofdieren.

De film begint met fragmenten uit een aflevering van de populaire eighties-sitcom Diff’rent Strokes, waarin een oudere man het schattige joch Arnold probeert te verleiden. Voor de acteur Todd Bridges, die Willis speelde in de Amerikaanse televisieserie, kwam dat nét iets te dichtbij. Hij liep al enkele jaren rond met een geheim, dat hij maar niet kreeg kwijtgespeeld.

En daarin blijkt Bridges bepaald niet de enige. In deze schokkende documentaire komen zowat alle situaties en voorbeelden voorbij, die in de afgelopen weken al zoveel tumult hebben veroorzaakt in Medialand. De slachtoffers zijn alleen (nog) jonger. Afgaande op de beerput die in An Open Secret voorzichtig open wordt getrokken, zal de stroom geruchten, beschuldigingen en ontkenningen/bekentenissen uit de entertainmentindustrie voorlopig niet opdrogen.

La Chana

IDFA

‘Als ik danste, was ik gelukkig’, zegt Antonia Santiago Amador met gebroken stem. ‘Want ik ben geboren om te dansen.’ Die constatering spat werkelijk vanaf de allereerste seconde van La Chana (83 min.). Als de muziek weerklinkt, haar handen en voeten dat duizelingwekkende ritme vinden en ze haar kin weer fier omhoog steekt, wordt Antonia wie ze in wezen altijd is gebleven: de grootste flamencoster van haar tijd.

In deze intense documentaire, de publieksfavoriet van het IDFA in 2016, is ook een andere Amador te zien, die in weinig doet denken aan de gewezen flamencodanseres La Chana: een bejaarde zigeunervrouw die lam is geslagen door het leven, nadat ze dertig jaar geleden van het ene op het andere moment de schijnwerpers moest verlaten die haar zo gesierd hadden.

In het uiterst sfeervolle La Chana van regisseur Lucija Stojevic neemt de Spaanse danseres nog eenmaal de handschoen op. Hoewel ze tegenwoordig breekbaar oogt en bovendien minder goed ter been is, besluit Amador uit haar eigen schaduw te stappen en opnieuw de bühne, die haar ooit zo vertrouwd was, op te stappen en de confrontatie aan te gaan met haar publiek.

Venus

Mubi

Zet een stoel midden in de kamer, laat enkele jonge vrouwen daarop plaatsnemen en praat met hen over hoe ze hun seksualiteit beleven. Veel meer heeft de documentaire Venus (57 min.) van Lea Glob en Mette Carla Albrechtsen niet om het lijf.

De vrouwen die centraal staan in de Deense film, vorig jaar op het IDFA bekroond met de EDA Award voor best female-directed documentary, kwamen in eerste instantie op een castingoproep af. Voor een speelfilm over de seksuele verlangens en frustraties van vrouwen. Dat filmidee heeft gaandeweg plaats moeten maken voor deze praatdocu.

Venus, een titel die natuurlijk verwijst naar de Romeinse godin van de liefde, had met gemak een puberale aangelegenheid kunnen worden. Met platvloerse, exhibitionistische of juist treurige verhalen. De film ontwijkt die valkuilen echter met verve en toont gewone (en erg openhartige) jonge vrouwen in al hun intimiteit en kwetsbaarheid.

Ook als er wordt gesproken over hoe ze een orgasme beleven, pijnlijke sekservaringen of hoeveel bedpartners ze hebben gehad, leidt dit niet tot Spuiten & Slikken-achtige taferelen. Zelfs als de maaksters de geïnterviewden vragen om te flirten met de camera of zich in het zicht van de kijker te ontkleden, gaat Venus geen moment gebukt onder effectbejag.

Death In The Terminal


18 Oktober 2015. De radiozender Radio Darom laat ‘hete, mediterrane muziek’ neerdwarrelen over het Beersheba-busstation in Israël. Mensen zijn op weg naar hun bus, pinnen nog even of wachten op hun verbinding. En dan, in de vorm van enkele oorverdovende knallen, barst de spreekwoordelijke bom.

De aanslag, waarbij uiteindelijk drie dodelijke slachtoffers zullen vallen, veroorzaakt blinde paniek en chaos. Het beeld wordt zwart. In vuurrode letters verschijnt de titel van de documentaire: Death In The Terminal (50 min.). We zijn nauwelijks twee minuten onderweg. Beveiligers, militairen en onverschrokken helden snellen toe. De jacht op de schutter(s) is geopend.

Het verhaal van die klopjacht wordt in deze beklemmende film, die vorig jaar tot beste middellange documentaire werd verkozen tijdens het IDFA, verteld met beelden van mobiele telefoons en beveiligingscamera’s op het busstation. Beelden die zijn gelekt naar de Israëlische filmmakers. Tali Shemesh en Asaf Sudry laten daarnaast ook diverse ooggetuigen aan het woord, die elk vanuit hun perspectief de gebeurtenissen reconstrueren (en elkaar daarbij soms ook tegenspreken).

Al snel hebben de jagers hun prooi te pakken: een man uit Eritrea, waarop de omstanders maar al te graag hun woede willen koelen. Noem het gerust een volksgericht. Zou deze ususal suspect ook nog een bomgordel om hebben? En waarom loopt hij rond op sandalen?

Die Avond In Bataclan

dieavond

 

Als één Nederlandse documentairemaker de vinger aan de pols heeft bij een jeugdig publiek, dan is het Jessica Villerius. Steeds weer slaagt ze erin om met haar films toegankelijke en aansprekende thema’s aan te boren; van eerwraak en loverboys tot automutilatie en anorexia. Met Deal Met De Dood beijverde ze zich dit jaar bovendien – met succes, zo lijkt het – voor de in haar ogen ten onrechte ter dood veroordeelde Texaan Clinton Young.

In zekere zin is het dus niet meer dan logisch dat het juist Villerius is die terugkeert naar Die Avond In Bataclan (44 min.). Op de dag af twee jaar na de gruwelijke terroristische aanslag bij een concert van de Amerikaanse rockband Eagles Of Death Metal in de Parijse rockclub spreekt ze met de Nederlandse overlevende Ferry Zandvliet, de vader van een Frans slachtoffer, een arts die op die fatale avond eerste hulp verleende én Azdyne, de vader van één van de daders, Samy Amimour.

Deze televisiedocumentaire moet het hebben van zijn indringende verhalen, die worden afgewisseld met nieuwsitems en amateuropnamen van de aanslag waarbij in totaal 89 mensen de dood vonden. Dat levert geen spectaculaire nieuwe inzichten op, of enorm emotionele taferelen. Wel een onverwachte prille vriendschap tussen twee hoofdpersonen die allebei duivels hard geraakt zijn door die verdoemde avond in Bataclan en toch de moed en zin hebben gevonden om door te leven (en de aldus opgedane levenslessen door te geven).

Geschenk Uit De Bodem

KRO-NCRV

De enorme grijparm van een sloopmachine stevent af op de camera, die binnen een Groningse Jarino-woning is opgesteld. Enkele seconden later verpulvert de grijper het raam van de kamer. Het bijbehorende kozijn wordt er vervolgens met donderend geraas eveneens uitgetrokken.

Welkom bij de documentaire Geschenk Uit De Bodem. Welkom ook in Loppersum, waar aardgaswinning ervoor heeft gezorgd dat een ogenschijnlijk comfortabele woonwijk uit de jaren zeventig moet worden gesloopt, zodat er ‘aardbevingsbestendige’ woningen’ kunnen komen.

In dat opmerkelijke gegeven, met de bijbehorende terminologie, zit eigenlijk de gehele Nederlandse verhouding tot het Groningse aardgasveld verscholen. De brenger van welvaart en voorspoed heeft het dagelijks welbevinden in Grunnen inmiddels behoorlijk gedestabiliseerd.

Toch is Geschenk Uit De Bodem (87 min.) bepaald niet de woedende protestfilm, waarop bepaalde actievoerders wellicht hadden gehoopt. De documentaire van Paul Cohen en Martijn van Haalen heeft eerder een tragikomische toon. Omdat in Nederland elk nadeel nu eenmaal ook zijn voordeel heb.

Zo heeft die aardbevingsproblematiek bijvoorbeeld voor extra werk gezorgd, beweert een man tegenover enkele bouwvakkers, die in het kader van hun sloopwerkzaamheden naar een cursus ‘omgaan met gevoelens’ zijn gestuurd. En wat doe je als je ergens komt op visite?, wil een andere gespreksleider weten. ‘Groeten’, antwoordt één van de slopers direct. ‘Precies!’

Je kunt Geschenk Uit De Bodem niet alleen zien en horen, maar soms ook bijna ruiken. Spruitjeslucht, om precies te zijn. Zo sneuvelen goede bedoelingen op Hollandse regelzucht, laten ‘risico’s’ zich volgens een contactpersoon van kritische bewoners direct ombouwen in ‘kansen’ en worden keiharde protestacties gesmoord in pure gezelligheid.

Op het Nederlands Film Festival won de documentaire, die volgens de jury ‘een scherp oog voor de absurde kanten van het Nederlandse poldermodel’ laat zien, de prijs van de Kring van Nederlandse Filmjournalisten. Welke doorgewinterde polderaar zou het daarmee oneens kunnen zijn?

Leonard Cohen, Bird On A Wire


Bij een erkende ladiesman als Leonard Cohen verwacht je dat hij in het hiernamaals inderdaad is begroet door ruim zeventig bereidwillige maagden. De Canadese zanger met de sonore stem en zwaarmoedige muziek is nu precies een jaar dood. Ter gelegenheid daarvan vertoont Het Uur Van De Wolf vrijdag de klassieke documentaire Leonard Cohen, Bird On A Wire (106 min.), een film uit 1974 die enkele jaren geleden is gerestaureerd.

De Britse regisseur Tony Palmer volgt de romantische bard tijdens zijn Europese tournee van 1972. Het levert taferelen op die we sindsdien talloze malen hebben gezien in muziekdocumentaires: overvolle kleedkamers, flirtende dames, technische problemen, verplichte interviews, ontmoetingen met handtekeningenjagers en optredens op bijzondere plekken.

Toch blijft deze archetypische tourfilm, hoewel voor hedendaagse kijkers vast wat traag, over de hele linie boeien. De documentaire laat een artiest in topvorm zien. Een man die zijn kwetsbaarheid durft te tonen en die zichzelf gelukkig ook niet altijd even serieus neemt. ‘Leonard Cohen zingt zijn liederen van leed en vertwijfeling’, roept hij tijdens een concert vol zelfspot in de microfoon. ‘Daar komt hij, mensen.’

Behalve talloze memorabele scènes – zoals bijvoorbeeld een verhitte confrontatie met ontevreden fans, die de zanger na een mislukt concert hoogstpersoonlijk hun geld teruggeeft – bevat deze documentaire die van de aardbodem leek te zijn verdwenen ook een uitgebreide selectie Cohen-evergreens (waarvan de teksten voor de liefhebber bovendien netjes in het Nederlands zijn vertaald).

Bird On A Wire is een prima manier om (alsnog) te beginnen aan Leonard Cohen, die nu alweer een jaar de eeuwige jachtvelden afstruint en intussen ook gewoon op dit ondermaanse blijft voortleven.

Trappen

KRO-NCRV

Je zou bij deze film bijna een Simon Carmiggelt-achtige voice-over verzinnen: ‘Zie ze gaan, die dappere Amsterdammers. Het is hard werken op dat stalen ros. Stampen, manoeuvreren en versnellen. Strijdend om een plek. In een stad die nooit stil wil staan, maar soms noodgedwongen halt moet houden.’

Met heel veel goede wil zou je Trappen (46 min.) kunnen zien als een moderne variant op Bert Haanstra’s legendarische documentaire Alleman. De film van Wilko Bello, die eerder de stad doorkruiste op zijn skates voor Wheels Of Fortune, lijkt soms een uitgesponnen versie van Haanstra’s kijk op een overvol strand in het Nederland van begin jaren zestig.

De film is al acht minuten onderweg, en een tamelijk zwaar aangezette begin-voiceover en fietsbeelden in alle soorten en maten verder, als er voor het eerst iemand aan het woord komt: een deskundige die zich erover verbaast dat er fietsen worden weggesleept, terwijl in de officiële stalling nog volop ruimte blijkt te zijn (en even verderop een parkeergarage leeg staat te staan).

Dat somt Trappen wel aardig op: veel clipachtige sequenties van fietsdrukte, inclusief de bijbehorende stress, asociale acties en (bijna) ongelukken. Hier en daar aangevuld met duiding door mobiliteitsexperts. Maar of dat voldoende is voor een aansprekende documentaire (die ook interessant is voor mensen van buiten de hoofdstad)?

Carmiggelt zou er waarschijnlijk wel raad mee hebben geweten: ‘De fiets, het handzame bakbeest van de gewone mensch. Langzaam maar zeker verdrijft hij de auto uit zijn natuurlijke biotoop. De fiets, hij laat zich nooit klein krijgen. In weer en wind doet hij zelfs vermetele pogingen om ook die doldrieste scooter aan de kant te zetten.’ Of zoiets…

Joan Didion: The Center Will Not Hold


‘Ik zit hier op dit eiland midden in de Stille Oceaan in plaats van een scheiding aan te vragen’, schrijft de Amerikaanse auteur Joan Didion in 1969 over haar huwelijksproblemen in Life Magazine. Haar echtgenoot, de schrijver John Gregory Dunne, heeft de tekst – zoals altijd – geredigeerd.

‘Hoe werkte dat dan?’, wil haar neef en filmmaker Griffin Dunne weten in de documentaire Joan Didion: The Center Will Not Hold (97 min.). ‘Welke afspraak hadden jullie over het schrijven over jullie innerlijke publieke leven?’ Er was geen deal volgens Didion: ‘Je gebruikte je materiaal. Je schreef wat je had.’

Het dagelijks leven dat nu eenmaal moet worden geleefd, zodat je het vervolgens als voedingsbodem voor boeken, essays en artikelen kunt gebruiken. Connie Palmen en haar toenmalige man Ischa Meijer kozen tijdens een gezamenlijke reis ooit een heel praktische aanpak en verdeelden eerlijk wat ze meemaakten. Over leven om te schrijven gesproken.

Het huwelijk van Joan Didion en haar John, die als echte schrijvers natuurlijk regelmatig elkaars zinnen afmaakten, loopt als een rode draad door deze oerdegelijke film, die via Didions oeuvre tevens de grote Amerikaanse thema’s en persoonlijkheden van de laatste vijftig jaar schetst. Van Charles Manson tot Dick Cheney.

Het is ook een verhaal geworden over het schrijven zelf (want daar schrijven schrijvers nu eenmaal ook graag over) en over hoe dat schrijven het leven van de schrijver drijft, beïnvloedt en – als dat leven je uit handen glijdt – helpt. Een onderhoudend verhaal, geen onbetwiste bestseller.

Een Hart Voor Heerlen

hartvoor

 

Heerlen, de lelijkste stad van het zuiden. Verslaggever Aart Zeeman was er in de jaren negentig vaste gast. Als hij verloedering, prostitutie of drugsoverlast in beeld wilde brengen, kon hij bijna blind afreizen naar het gevaarlijke stadscentrum van Heerlen. Gegarandeerd slecht nieuws. Sinds de sluiting van de plaatselijke steenkoolmijnen, een halve eeuw geleden, had de Limburgse stad elke vorm van grandeur verloren.

Enter Heerlenaar Michel Huisman. Kunstenaar van beroep en een uitgesproken hater van de goedkope en smakeloze architectuur die zijn geboortestad grondig heeft verpest. In een onbezonnen bui stampte hij een ambitieus plan voor een nieuw stadshart uit de grond, dat tot zijn eigen verbazing werd omarmd door het stadsbestuur.

Aart Zeeman zoekt de flamboyante Huisman op en loopt in Een Hart Voor Heerlen (50 min.) samen met hem door zijn geesteskind in aanbouw, het Maankwartier. Met het eigenzinnige project, dat over ruim een jaar klaar zou moeten zijn, heeft hij zowel vrienden voor het leven als gezworen vijanden gemaakt. Sommigen zien in hem een ziener, anderen vinden hem maar een vervelende praatjesmaker en luchtfietser.

Die tegenstanders hebben zijn leven behoorlijk verziekt, aldus Huisman. Nooit eerder kreeg hij in zijn carrière zoveel stront over zich heen als tijdens dit ene, toevallige uitstapje naar de architectuur. Die botsing tussen de droom van een kunstenaar en de zakelijke dadendrang van bepaalde politici en vastgoedmannen geven deze onderhoudende journalistieke documentaire een lekker kartelrandje.

Belief: The Possession Of Janet Moses


In ons collectieve geheugen wordt het fenomeen ‘exorcisme’ waarschijnlijk verbonden met een stortvloed aan (goedkope) horrorbeelden. Van een dertienjarige Linda Blair, om precies te zijn. In de bioscoophit The Exorcist kreeg zij ooit, bezeten door de een of andere Duivel, een onvervalste grafstem en kon ze bovendien haar hoofd om zijn eigen as laten draaien. Bij echte duiveluitdrijvingen blijven dergelijke special effects achterwege. Het resultaat kan echter net zo ingrijpend zijn.

In Belief: The Possession Of Janet Moses (90 min.) maken we kennis met een getroebleerde alleenstaande moeder uit Wellington in Nieuw-Zeeland, de omgeving waar ooit de Lord Of The Rings-trilogie werd opgenomen. De familieleden van Janet Moses raken ervan overtuigd dat ze het slachtoffer is van een oude Maori-vloek, Makutu. Daar proberen ze eigenhandig een einde aan te maken, met alle gevolgen van dien.

Regisseur David Stubbs vertelt dit tragische verhaal met een combinatie van gedramatiseerde scènes, nagespeelde politieverhoren van direct betrokkenen en interviews met deskundigen. Deze reconstructie van de dramatische gebeurtenissen rond Janet Moses voelt daardoor meer als een speelfilm dan als een documentaire. Daarbij wreekt zich ook een beetje dat haar directe familieleden niet wilden meewerken.

Belief: The Possession Of Janet Moses maakt daardoor nét wat minder indruk dan je op basis van het onderwerp misschien zou verwachten.

Solo, De Wet Van de Favela

VPRO

Wat zijn de gevolgen als je als filmmaker voor God speelt? En ben je dan ook verantwoordelijk voor die gevolgen? Het zijn vragen die Jos de Putter zichzelf stelt in de film Solo, Out Of A Dream (55 min.) uit 2015. Hij zoekt daarin de Braziliaanse voetballer Leonardo op, die mede door zijn toedoen in Europa is beland.

Twintig jaar eerder filmde De Putter Leonardo, toen een eerzuchtig en heetgebakerd joch van elf uit een sloppenwijk van Rio de Janeiro, voor het eerst. Samen met zijn vriendje Anselmo droomde Leo, die opgroeide zónder vader en mét een ingewikkelde moeder, van een bestaan als profvoetballer – en daarmee van een ontsnapping uit het bikkelharde leven in de favela.

De documentaire Solo, De Wet Van De Favela (52 min.) uit 1994 effende het pad voor Leonardo naar Europa. Hij groeide als voetballer op bij Feyenoord en speelde tijdens zijn turbulente carrière ook nog voor Ajax, Red Bull Salzburg en Ferencvaros. Anselmo, zo was destijds al wel duidelijk, zou veroordeeld blijven tot ballen op een plaatselijk trapveldje en overleven in de Braziliaanse ‘urban jungle’.

De vraag wie van de twee uiteindelijk het beste terecht is gekomen lijkt op voorhand eenvoudig te beantwoorden. Het leven laat zich echter niet zo gemakkelijk in simpele conclusies vervatten, zo realiseert Jos de Putterzich met de wijsheid van nu. Is Leonardo, wiens voetbalcarrière na een kortstondig verblijf bij FC Eindhoven onlangs met een nachtkaars lijkt te zijn uitgegaan, werkelijk beter geworden van zijn avonturen in het verre Europa?

De Erfenis Van Luther


Zou de hedendaagse westerse wereld een moderne Maarten Luther kunnen gebruiken? Die vraagt dringt zich onvermijdelijk op tijdens het bekijken (nee: ondergaan) van De Erfenis Van Luther (55 min.), het eigenzinnige filmessay van Peter Greenaway over Maarten Luther die 500 jaar geleden de protestantse Reformatie in gang zette.

Het vertrekpunt voor dit beeldenbombardement (is het een documentaire?) was nu eens niet het woord. Nee, in den beginne was het beeld, constateert de alom aanwezige verteller Jochum ten Haaf in de openingsscène. Met behulp van schilderijen, tekeningen en prenten uit de zestiende en zeventiende eeuw verbindt hij het leven van Luther en zijn verzet tegen de dominantie en arrogantie van de katholieke kerk vervolgens op onnavolgbare wijze met hedendaagse thema’s.

Het virtuoze De Erfenis Van Luther heeft een behoorlijk hoog instapniveau en verteltempo, waardoor de film waarschijnlijk slechts een select publiek zal bereiken. Greenaways bespiegelingen over de grote hervormer Maarten Luther zijn echter moeiteloos te vertalen naar onze eigen wereld, waarin de aanbidders van Mammon, de God van het (grote) geld, bijvoorbeeld ook wel wat weerwoord en verzet kunnen gebruiken.

The Day I Met El Chapo

Netflix

Ze speelt de rol van haar leven. Kate del Castillo droomde jarenlang van een doorbraak in Hollywood. De Mexicaanse soapactrice vond uiteindelijk een mecenas in Joaquín Guzmán Loera. Ofwel: de beruchte drugsbaas met zijn eigen televisieserie, El Chapo. Hij bezorgde haar de onbetwiste hoofdrol in de driedelige documentaire The Day I Met El Chapo (162 min.).

Sean Penn speelt daarin de bad guy. De Amerikaanse steracteur stuurde Del Castillo’s plannen om op El Chapo’s verzoek een speelfilm over zijn leven te maken helemaal in de war. Tijdens de eerste ontmoeting van het drietal bleek hij haar erin te hebben geluisd. Penn wilde helemaal geen film maken, hij wilde gewoon een interview met de meest gezochte crimineel van de wereld, die even daarvoor met veel bombarie uit de gevangenis was ontsnapt.

Guzmán Loera had haar persoonlijk uitgenodigd, vertelt Del Castillo in een van de vele zorgvuldig geënsceneerde en (melo)dramatische scènes van deze documentaire. El Chapo mag dan verdacht worden van betrokkenheid bij tientallen moorden. In zijn handgeschreven brief aan haar liet hij zien dat hij wel degelijk een ‘goei hartje’ heeft. Aldus een vereerde Kate, die drugshandel verder natuurlijk absoluut niet wil vergoelijken.

En zo rijgen de ‘spannende’ en ‘ontroerende’ momenten zich aaneen in deze uiterst zepige docu over de ontmoeting tussen de hedendaagse The Good (de onverschrokken femme fatale Kate del Castillo, tevens executive producer van deze film), The Bad (de Mexicaanse meesterbandiet met de Robin Hood-achtige allure en een zwak voor aantrekkelijke soapsterren) en The Ugly (dat miezerige Amerikaanse acteurtje met zijn gladde praatjes en ook al een zwak voor aantrekkelijke soapsterren, Sean Penn).

Penn verzet zich inmiddels met hand en tand tegen de rol die hem is toebedeeld in deze, op een welhaast perverse manier fascinerende film. Hij wordt neergezet als de man die de beruchte drugsbaas, die na zijn spectaculaire ontsnapping weer werd opgepakt, zou hebben verraden. Kate del Castello kan de kijker echter recht in de ogen kijken. Dat doet ze dan ook regelmatig.

Op basis van haar gedenkwaardige hoofdrol in The Day I Met El Chapo komt de actrice, die zich nog altijd niet te groot voelt voor een soaprol, bovendien beslist in aanmerking voor een Oscar.

Tijd Om Te Sterven

tijdomte

 

De jongeren die worden gevolgd in de televisieserie Over Mijn Lijk, waarvan over enkele weken een nieuw seizoen begint, leven in overdrive. Ze zijn letterlijk doodziek. ‘Maar rustig wachten op de dood willen ze niet’, zo geeft de vlotte voiceover de kijker steeds weer mee. ‘Ze proberen er juist nog een mooie tijd van te maken.’

Die drang om alles te halen uit de tijd die hen nog rest wordt gesymboliseerd door de verplichte bucketlist: reizen naar verre oorden, symbolische tatoeages en vette feesten. Voordat het leven met goed fatsoen kan worden afgerond, moeten er zoveel mogelijk zelf opgelegde taken en doelen worden weggestreept.

In de documentaire Tijd Om Te Sterven (53 min.), waarin de terminaal zieke mensen van middelbare leeftijd die verblijven in Hospice de Winde worden geportretteerd, is dat Carpe Diem-gevoel doorgaans ver te zoeken. Tot op zekere hoogte lijken de bewoners zich te hebben verzoend met hun lot. Één van hen wil op de valreep nog trouwen met zijn nieuwe vriendin. Tijdens het bruiloftsfeest valt hij in slaap. Dat is het wel zo’n beetje.

Anne Christine Girardot, zelf ook vrijwilliger van De Winde in Deventer, legt de laatste dagen van de stervenden en hun naasten geserreerd vast in deze traditioneel gemaakte documentaire. Hoewel de vorm en toon hemelsbreed verschillen van de Sturm & Drang van Over Mijn Lijk, zijn de thema’s en onderwerpen die worden opgeworpen vergelijkbaar. Met als centrale vraag: wanneer is het leven voltooid of nog waard om (verder) te leven?

One Of Us

Netflix

‘Waarom stoot de gemeenschap mensen uit?’, heeft de ex-gelovige Luzer volgens eigen zeggen eens gevraagd aan een vriend die nog altijd deel uitmaakt van de Chassidische gemeenschap. ‘Zo houden we de gemeenschap in stand’, zou deze hebben geantwoord. ‘Dat kan alleen zo. In Duitsland konden ze de gemeenschap niet bij elkaar houden.’

De gruwelen van de Holocaust zijn nog steeds uiterst actueel voor de ultra-orthodoxe Joodse gemeenschap van Brooklyn. Ruim zeventig jaar na dato bewaken de Chassidische Joden in New York hun wereld met straffe hand. Ze hebben eigen scholen, ambulances en politiemensen. Bovendien houden ze, volgens critici, hun mensen bewust onwetend. Zodat die zich buiten de gemeenschap niet staande kunnen houden

Rachel Grady en Heidi Ewing volgen in One Of Us (95 min.) Etty, Luzer en Ari tijdens hun wankele pogingen om de Chassidische gemeenschap waarin ze opgroeiden (en soms ook moesten trouwen) tóch achter zich te laten. Daarvoor betalen ze een stevige prijs. Ze zijn direct geëxcommuniceerd en worden bovendien geacht om alle banden met hun verleden door te snijden, ook als dat bijvoorbeeld hun eigen kinderen betreft.

Harlan County USA


‘Which side are you on?’, zingt de inmiddels bejaarde activiste Florence Reece de stakende mijnwerkers en hun vrouwen toe in een sleutelscène van deze Oscar-winnende documentaire uit 1976. De legende wil dat ze het nummer als twaalfjarig meisje schreef toen haar vader deelnam aan een mijnwerkersstaking. Zelf houdt ze ’t op de jaren dertig, toen de crisis ongenadig huishield in Anytown, USA.

‘Mijn vader stierf in een kolenmijn’, vertelt ze haar gehoor met schorre stem. ‘En mijn man gaat ten onder aan stoflongen.’ Echt goed zingen kan ik niet, beweert ze even later. Waarna ze op onvaste toon ieders hart verovert. Conclusie: je bent een vakbondsman of een stuk tuig dat voor de bazen werkt. Aan welke kant sta jij eigenlijk?

Harlan County, USA (104 min.) van Barbara Kopple roept een vergeten wereld en verloren manier van leven op. Van mannen met verweerde koppen, die afdalen naar de diepste krochten van de aardkloot om zwart goud boven te halen. En van ouderwetse huisvrouwen, met gebloemde jurkjes en haar op de tanden, die ervoor zorgen dat ze hun rug recht houden als die verrekte bazen hun ziel aan de Duivel proberen te verkopen.

De mijnen mochten niet dicht. Nooit! Maar dat gingen ze natuurlijk wel. Veertig jaar later is het moeilijk om je voor te stellen hoe het anders had kunnen lopen. Maar toen, te midden van ellenlange stakingen die het uiterste vroegen van gewone mannen, vrouwen en hun gezinnen, was dat simpelweg ondenkbaar. Met de moed der wanhoop spreken, zingen en schreeuwen de mijnwerkersfamilies elkaar in deze meeslepende film naar een acceptabele deal, die uiteindelijk weinig waard zou blijken te zijn.

Ice Guardians

Netflix
Zou het Nederlands elftal misschien behoefte hebben aan een enforcer? In z’n hoogtijdagen had Oranje steevast doorgewinterde ijzervreters als Johan Neeskens, Jan Wouters en Edgar Davids in de gelederen. Zij beschermden de echte sterspelers en traden direct op als de tegenstander in hun ogen te ver dreigde te gaan.

In het ijshockey, waar een lekker stick- of vuistgevecht gewoon een verplicht onderdeel van de wedstrijd lijkt, is die rol zo ongeveer geformaliseerd: de enforcer. Een man die alleen het ijs op komt als er een robbertje moet worden gevochten en die als een soort bodyguard de sterspeler van zijn eigen team beschermt of uit de wind houdt. Geen Wayne Gretzky zogezegd, zonder een Dave Semenko.

De eikenhouten sportdocumentaire Ice Guardians (108 min) concentreert zich op deze vigilantes, die op commando ‘het recht’ in eigen hand nemen en daarmee volgens auteur en gedragsdeskundige Howard Bloom gewoon een normale teamrol oppakken. Onderzoek van de universiteit van Chicago zou hebben uitgewezen dat in de evolutie van elke groep – of het nu gaat om een jeugdbende of een managementteam – al snel vaste rollen ontstaan: een leider, een clown, een nerd én een luitenant, ofwel de enforcer.

Soms draaft regisseur Brett Harvey wat door met de mythevorming rond de enforcers, die hier bijna worden geportretteerd als moderne equivalenten op de cowboy met de witte hoed die met zijn Colt 45 slechteriken tot de orde roept (of gewoon kalt stellt). Ice Guardians slaagt er echter wel degelijk in om het beeld te nuanceren van de domme kracht die bij het minste of geringste een beuk uitdeelt en besteedt daarnaast ook aandacht aan de valkuilen en gevaren van de job.

In tijden waarin het Nederlands elftal naar een bedenkelijk niveau is weggezakt, weerklinkt ook in het voetbal de roep om dit soort mannen van stavast die, nadat ze natuurlijk uit volle borst hebben meegezongen met het Wilhelmus, bereid zijn om alles, werkelijk alles, te geven en te riskeren voor het team.

Waar Ice Guardians alle kanten van het enforcersambacht belicht, concentreert Alex Gibney zich in de ijshockeydocu The Last Gladiators op legendarische ambachtslieden zoals Chris ‘Knuckles’ Nilan, Donald Brashear en Marty McSorley.