Population Boom

VPRO

We zijn inmiddels met bijna acht miljard. Toen de documentaire Population Boom (58 min.) werd uitgebracht in 2013, was net de zeven miljard-barrière geslecht. In 1998 waren er nog ‘slechts’ zes miljard wereldbewoners.

In dit tempo wordt de aarde volgens menigeen volstrekt onleefbaar. Multimiljonairs als Ted Turner en David Rockefeller luiden daarom de noodklok in deze film van Werner Boote: opwarming van de aarde en hongersnood zijn op deze manier onvermijdelijk. Over pandemieën wordt nog met geen woord gerept.

In Georgia bezoekt Boote een monument tegen overbevolking, in 1980 door anonieme donoren geplaatst. In acht talen staat daarop geschreven dat de mensheid koste wat het koste moet worden teruggebracht tot maximaal 500 miljoen zielen. Dat is natuurlijk voer voor complotdenkers. Hoe gaan ‘ze’ dat bewerkstelligen?

De Oostenrijkse filmmaker bezondigt zich niet aan dergelijke samenzweringstheorieën. Hij gaat op diverse plekken in de wereld de dialoog aan over het verminderen van de bevolking (in andere landen, dat wel), de Chinese éénkindpolitiek en wereldwijde toegang tot anticonceptiemiddelen.

Interessante materie, dat zeker. Alleen wel wat praterig uitgewerkt. Population Boom bevat ook zeker interessante gesprekken, waarin de gevaren van overbevolking op sommige terreinen soms ook worden gerelativeerd, maar wordt nooit een sprankelende vertelling waarbij je van de ene in de andere verbazing valt.

Al leveren Boote’s vergeefse pogingen in de slotscène om in Bangladesh, het drukstbevolkte land ter wereld, de bus te nemen wel degelijk bijzondere taferelen op. Zeker als hij daarna ook nog letterlijk op de trein belandt, te midden van een aanzienlijk deel van die snel uitdijende wereldbevolking.

Little Dieter Needs To Fly

Werner Herzog Filmproduktion

Ik ben geen held. De mannen die zijn gestorven, dat waren pas helden. Het klinkt als een platitude, maar oorlogsveteranen zoals Dieter Dengler voelen het blijkbaar echt zo: pas in de dood kan een doodgewone strijder voor de goede zaak uitgroeien tot een symbool van heldenmoed.

De hoofdpersoon van de documentaire Little Dieter Needs To Fly (77 min.) werd in 1966 als Amerikaanse gevechtspiloot naar Vietnam gestuurd en kwam daar in een gevangenenkamp terecht. Nadat hij enkele maanden onder erbarmelijke omstandigheden had vastgezeten, wist hij op heroïsche wijze te ontsnappen.

Regisseur Werner Herzog tekent het levensverhaal van Dengler op kenmerkende wijze op: met gevoel voor drama, vervat in gedragen klassieke muziek en begeleid door lekker hoogdravende voice-overs, in Engels met onmiskenbaar Duitse tongval. Waarbij de grens tussen docu en drama lang niet altijd duidelijk is te trekken.

Opent en sluit de hoofdpersoon bijvoorbeeld werkelijk elke deur voordat hij een ruimte betreedt? Of is dat, zoals sindsdien talloze malen is gesuggereerd, een idee van Herzog zelf om Denglers behoefte aan bewegingsvrijheid te verbeelden? En hoe zit het met de enorme voorraad van de hoofdpersoon? Écht, of ook een dramatisering van wat had kunnen zijn?

De scènes waarin de praatgrage protagonist met lokale bewoners herinneringen ophaalt en naspeelt, zijn in elk geval duidelijk geregisseerd. Een even effectieve als opzichtige poging om de man terug te brengen naar de gebeurtenissen en emoties van toen. Die verraadt tevens de hand van de man die zichzelf ongetwijfeld als een meester ziet – en niet eens onterecht.

Werner Herzog was na deze fascinerende documentaire uit 1997 overigens nog lang niet klaar met de lotgevallen van Dieter Dengler. Tien jaar later maakte hij Rescue Dawn, een speelfilm waarin acteur Christian Bale zich helemaal mag uitleven als de ontsnapte oorlogsvetera… eh.. held.

Mein Liebster Feind

Ze veroordeelden zichzelf tot elkaar. Werner Herzog en Klaus Kinski, de regisseur en zijn muze. Twee metershoge ego’s die elkaar over de hoogste toppen trokken en door de diepste dalen sleurden. Voor grote kunst was werkelijk alles geoorloofd. Samen maakten de Duitse geweldenaars vijf speelfilms, met Fitzcarraldo uit 1982 als absoluut hoogtepunt. Over een man die (bijna) net zo bezeten is als Herzog en Kinski zelf.

Het loodzware opnameproces van die film, waarbij Herzog niet alleen met Kinski maar ook met Murphy en zijn vermaledijde wet van doen kreeg, werd door regisseur Les Blank vereeuwigd in de making of-documentaire Burden Of Dreams. Herzog en zijn crew raken verzeild in een grensoorlog tussen Peru en Ecuador, krijgen te maken met weerbarstige natuurpracht en, oh ja, moeten ook nog een gigantische boot over een berg zien te slepen. Tot overmaat van ramp wordt hoofdrolspeler Jason Robards ziek. Hij moet, net als zijn beoogde sidekick Mick Jagger, afhaken. ’Ik leef mijn leven of beëindig mijn leven met dit project’, zet Herzog tijdens de opnames zijn hakken ferm in het zand.

Enter de helblonde ridder in het witte pak: Klaus Kinski. Volgens eigen zeggen – tenminste in de versie van sein Freund Werner – wist Klaus altijd al dat Hij de enige echte Fitzcarraldo was. Als een goedlachse redder in nood arriveert hij in de afgelegen Zuid-Amerikaanse jungle die Herzog in een optimistische bui heeft uitgezocht voor zijn film. En waar Klaus komt, komen problemen. Toch? Het is echter vooral de gekte van Herzog zelf die Les Blanks observerende documentaire domineert. Hij jaagt zijn eigen droom na. Ten koste van alles en iedereen. Vier jaar lang. Het neurotische gedrag van de acteur valt daarbij volledig in het niet.

Na Kinskis dood in 1991 schetste Herzog in 1999 in de documentaire Mein Liebster Feind (95 min.), evenwel een heel ander beeld van het enfant terrible Klaus Kinski – en daarmee en passant ook van zichzelf. Want Werner Herzog is natuurlijk een man die zichzelf héél erg graag hoort praten. Dat hebben vrijwel al zijn documentaires met elkaar gemeen. In deze ode aan zijn geliefde Nemesis bezondigt hij zich nu eens niet aan Engels met een Duitse tongval, maar houdt hij het bij zijn moedertaal. De regisseur is nochtans erg lang van stof, ook als hij andere medewerkers aan zijn films over Kinski interviewt, en zit de voortgang van de docu soms in de weg. Hij heeft wel oorspronkelijke gedachten.

Erg positief is Herzog verder niet over zijn favoriete leading man. Een egomaniak was het, die bij het minste of geringste gigantisch kon uitvallen. Buiten elke proportie. Dat laat hij ook met liefde en plezier zien. Bijvoorbeeld als Klaus Kinski tijdens de opnames voor Fitzcarraldo een wezenloze woedeaanval krijgt en een lid van de filmcrew helemaal stijf scheldt omdat het eten niet te vreten zou zijn. Die scène heeft Burden Of Dreams vreemd genoeg niet gehaald. Naderhand hebben enkele indiaanse figuranten hem nog aangeboden om Kinski van kant te maken, beweert Herzog. De filmmaker liep volgens eigen zeggen zelf ook een tijdje met moordplannen rond, bekent hij in deze intrigerende documentaire. Of hij daarmee de onbetwiste waarheid vertelt of op zijn eigen verknipte wijze aan mythevorming doet? Wie zal het zeggen?

En is Mein Liebster Feind een eerbetoon of juist een afrekening? Beide waarschijnlijk. In zijn autobiografie had Kinski op zijn beurt ook weinig positiefs te melden over Herzog (die nu beweert dat hij de acteur daarvoor hoogstpersoonlijk enkele scheldwoorden heeft ingefluisterd). Uiteindelijk, hun gezamenlijke werk overziend, overheerst echter een zekere mildheid. Elke grijze haar op mijn hoofd noem ik Kinski, vertelt Herzog tijdens een gesprek met zijn voormalige cameraman. De filmmaker lacht erbij. Ondanks alles mist hij zijn dierbare vijand…

Grizzly Man


Bij regisseur Werner Herzog dringt zich altijd de vraag op wie er nu eigenlijk het gekste is: de paradijsvogels en obsessievelingen die hij portretteert in zijn films? Of toch de bezeten filmmaker zelf, die steevast over ieders grenzen heengaat?

Zo portretteerde hij in de documentaire Little Dieter Needs To Fly, een verhaal dat Herzog later overigens ook als basis voor de speelfilm Rescue Dawn zou gebruiken, ooit een voormalige oorlogspiloot die jarenlang in een gevangenenkamp had gezeten. Hij had er een flinke tic aan overgehouden. Als Dieter Dengler een ruimte betrad of verliet, opende en sloot hij de deur voor de zekerheid nog een keer opnieuw (en opnieuw).

Dat dwangmatige gedrag was natuurlijk een prachtige metafoor voor het trauma dat Dengler in gevangenschap had opgelopen en de enorme behoefte aan vrijheid die hij sindsdien ervoer. Één klein probleempje: Herzog had die tic zelf verzonnen en zijn hoofdpersoon overtuigd/gedwongen om deze in zijn dagelijkse routine te incorporeren zolang de camera’s draaiden.

Welkom in de wereld van een filmmaker die altijd zijn eigen waarheid creëren. Voor objectieve feiten kun je beter je toevlucht nemen tot een willekeurig telefoonboek, zegt hij in de film Capturing Reality: The Art Of Documentary, een documentaire over het maken van documentaires. Daarvan moeten we het dus ook niet hebben in één van Herzogs aangrijpendste films, Grizzly Man ( 104 min.) uit 2005.

De berenman in kwestie, ene Timothy Treadwell, heeft zichzelf wijsgemaakt dat hij een soort huisvriend is geworden van een kleine groep grizzlyberen in Alaska. Voor zijn camera haalt hij, als een vlogger avant la lettre, ijzingwekkende toeren uit met levensgevaarlijke dieren waarbij een normaal mens uit de buurt zou blijven. De afloop laat zich dan ook raden – en is op een huiveringwekkende manier in deze film verwerkt.

Werner Herzog kreeg meer dan honderd uur beeldmateriaal van de berenknuffelaar (en zijn cameraschuwe vriendin Amie) in handen. Met dit found footage, dat hij paart aan interviews met mensen uit zijn directe omgeving, ontrafelt hij Timothy Treadwells tragische verhaal en onderneemt een meeslepende zoektocht door het op hol geslagen hoofd van de man die vanaf de uiterste rand van de samenleving hunkerde naar aandacht.

De Duitse filmmaker laat zich zelf natuurlijk ook niet onbetuigd. Met zoals altijd zwaar aangezette voiceovers met Duits accent, boordevolle uiterst diepe bespiegelingen over mens en leven, trekt Herzog Treadwells verhaal volledig naar zich toe. Het resultaat is een fascinerende film, die ook regelmatig voor jeuk op ongemakkelijke plekken zorgt en je mede daardoor lang bijblijft.