Up To G-Cup: In Iraqi Kurdistan

‘Je ziet hier nooit dat twee mensen die van elkaar houden ook echt bij elkaar komen’, zegt Hind. ‘Dat is onmogelijk. Ik ben nu ook één van die mensen. Je moet je eigen liefdesleven doodtrappen.’ Hind koestert een onmogelijke liefde, heeft ze even daarvoor verteld. Voor een man die aan een ander is beloofd. De Koerdische vrouw probeert hem nu zelf ook te vergeten met een ander, zegt ze ongemakkelijk glimlachend. Die houdt van haar, méér dan zij waarschijnlijk ooit van hem zal kunnen houden. Hind begint weer zenuwachtig te lachen. ‘Klaar. Ik kan niet meer.’

De jonge vrouw werkt in de eerste lingeriewinkel van Iraaks Koerdistan. Die is te vinden in een groot winkelcentrum te Suleimaniyahh en wordt van materiaal voorzien door de Nederlands-Koerdische Shapol, de centrale figuur in deze documentaire van Jacqueline van Vugt. In de winkel speelt een belangrijk deel van Up To G-Cup: In Iraqi Kurdistan (81 min.) zich af. Vrouwen passen er beha’s of ondergoed – activiteiten die ze zorgvuldig afschermen van de camera. Tussen de praktische handelingen en gesprekjes door doen ze, soms in bedekte termen, hun persoonlijke verhaal. Over de positie van vrouwen, seksuele ervaringen en oorlog, altijd weer oorlog.

Ze hebben stuk voor stuk zo hun littekens opgelopen. Lingerie kan hen helpen om hun zelfvertrouwen te vergroten, maar confronteert hen ook met zichzelf en de wereld waarin ze (moeten) leven. Schaamte speelt daarbinnen een belangrijke rol. En die speelt soms ook op in deze solide film, die volledig vanuit vrouwelijk perspectief wordt verteld. En de ervaringen van deze Koerdische vrouwen mogen ons dan misschien vertrouwd in de oren klinken, ze hebben nog altijd weinig aan urgentie ingeboet.

De Laatste Sociaal Advocaten

Jacqueline Nieuwstraten / KRO-NCRV

In hun gezamenlijke naam zit de geest van een verdwenen tijd opgesloten: Advokatenkollektief Rotterdam. Met allerlei K’s, juist. Een naam die ondubbelzinnig refereert aan de gedachte dat we voor elkaar moeten zorgen. Ook, of juist, juridisch. Als er een conflict is over de huur, uitzetting naar land van herkomst dreigt of een voormalige werkgever weigert uit te betalen, is deskundige ondersteuning onontbeerlijk.

Dat zou net zo vanzelfsprekend moeten zijn als een bezoek aan de huisarts, vinden ze bij het Kollektief. Sinds 1975 staan ze daar juist die mensen bij, die niet vanzelfsprekend de weg vinden in het doolhof dat de overheid, bedrijven en de rechtspraak rondom hen hebben opgetrokken. Bezuinigingen en privatisering maken dat werk echter alsmaar moeilijker. Totdat goede juridische hulp alleen nog is weggelegd voor de Nederlanders met een rappe tong, de juiste vrinden en hele diepe zakken.

De documentaire De Laatste Sociaal Advocaten (55 min.) kan alleen uitgelegd worden als een pleidooi voor het (voort)bestaan van de sociale advocatuur. Regisseur Ingeborg Jansen schuift aan bij het spreekuur, gaat mee op huisbezoek en neemt plaats in de rechtszaal, om van dichtbij te registreren hoe de medewerkers van het Advokatenkollektief basale juridische zorg verlenen aan hun veelal kwetsbare cliënten. Zulke vlieg op de muur-scènes vult ze aan met enigszins overbodige persoonlijke interviews met de advocaten, die onder woorden brengen wat allang duidelijk is geworden uit hun daden: dit werk doe je vanuit oprechte betrokkenheid.

Dat wordt bijvoorbeeld zonneklaar tijdens het optreden van advocaat Jacqueline Nieuwstraten in de rechtszaal. Ze staat een cliënte bij die is gekort op haar kinderopvangtoeslag door de belastingdienst. Haar buitenlandse achternaam zal daarbij vast een rol hebben gespeeld. Nieuwstraten noemt het beestje bij de naam (‘etnische profilering’) en raakt zelfs geëmotioneerd. ‘Ik heb heel veel zaken hier bij de rechtbank Rotterdam gehad over moeders die hun kinderopvangtoeslag…’, zegt ze, terwijl de woede even op haar keel slaat. ‘Ik word nu haast gewoon emotioneel ervan. Maar als daar in die zaken hetzelfde is gebeurd…’

‘Dan is er echt onrecht geweest’, constateert de dienstdoende rechter. Nieuwstraten: ‘Ik vind dat echt onrecht. Zo hoor je als overheid niet met mensen, met burgers, die het ontzettend zwaar hebben, om te gaan.’ In haar gepassioneerde houding en betoog zit het wezen van de sociale advocatuur verscholen: opkomen voor mensen die dat zelf niet kunnen, met alles wat je hebt. En vanuit dat uitgangspunt boekt het Advokatenkollektief Rotterdam zo nu en dan, ook in deze boeiende film, overwinningen die wezenlijk verschil maken in het leven van de betrokken burgers.

Onderkomen


’Beetje rustiger, hè?’. De zeventiger Huub heeft het even gehad met Ghullam, die hem zojuist in een balorige bui heeft begroet met ‘alles goed, brother?’. ‘Wie?’, reageert de Afghaanse jongen uitdagend. ‘Je hebt geen verblijfsvergunning’, stelt Huub scherp. ‘Dus je moet je wel een beetje…’ Het was een grapje volgens Ghullam, maar Huub is niet overtuigd. ‘Ja, grapje, ik begrijp het’, zegt hij geïrriteerd. ‘Je bent een grapjas.’

Het is niet altijd pais en vree in de sloopflat te Maastricht, waar drie Afghaanse tieners al enkele jaren de dag door moeten zien te komen met televisie, muziek en sporten. Intussen hopen ze op een verblijfsvergunning. De jongens zijn als minderjarige naar Nederland gekomen en hebben toen een AMV-status (Alleenstaande Minderjarige Vluchteling) gekregen. Gepensioneerde vrijwilligers van VLOT, een plaatselijke afdeling van het Leger des Heils, begeleiden hen nu bij hun pogingen om definitief in Nederland te mogen blijven.

In Onderkomen (69 min.) volgt Jacqueline van Vugt hun gezamenlijke pogingen om een weg te vinden door het Nederlandse asieldoolhof. Nadat eerdere pogingen zijn gestrand, vertellen ze nu hun ware verhaal – of een verhaal waarvan ze denken dat het een verblijfsvergunning oplevert. De één is christen geworden, een ander beroept zich erop dat hij homoseksueel is. Maar of met die nieuwe insteek de poort van Fort Nederland nu wél kan worden opengebroken?

Van Vugt heeft de dramatische levensverhalen van Keiber, Noori en Ghullam en hun ervaringen met de Nederlandse asielprocedure laten visualiseren door enkele studenten van de opleiding Communication & Multimedia Design van de Hogeschool Arnhem Nijmegen. Hun fraaie animaties vormen beslist een meerwaarde voor deze treffende documentaire, maar roepen tegelijkertijd de vraag op hoe waarheidsgetrouw die verbeelding is (en kan zijn) van een verleden dat zo omstreden én bepalend voor de toekomst is.

Ghullam heeft ambities als rapper. Jacqueline van Vugt vroeg voormalig Osdorp Posse-rapper Def P. of hij met de Afghaanse jongen een titelnummer voor de documentaire wilde opnemen.