Lezecher: De Lange Strijd Voor Een Holocaustmonument

Max

Een monument met de namen van de 102.000 Joden en 220 Roma en Sinti die in de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord. Dat wordt in Amsterdam vast met open armen ontvangen, zou je denken. Toch krijgt het initiatief van Jacques Grishaver, de voorzitter van het Nederlands Auschwitz Comité, vanaf het allereerste begin met tegenwerking te maken. 

In 2010, aan het begin van de documentaire Lezecher: De Lange Strijd Voor Een Holocaustmonument (55 min.), lijkt het Westermanplantsoen, in het hart van de oude Amsterdamse Jodenbuurt, de gedroomde locatie. Na aanhoudende protesten moet het Holocaust Namenmonument echter verkassen naar het Wertheimpark, maar ook daar loopt het project, waarvoor inmiddels de gerenommeerde architect Daniel Libeskind is aangetrokken, vast in het drijfzand van eindeloze bezwaarprocedures: tegen aantasting van het aangezicht, bomenkap of de hoge bouw…

Op al te veel begrip kan dat niet rekenen bij de gedreven Grishaver – of bij documentairemaker Deborah van der Starre, die duidelijk met hem en zijn ideaal sympathiseert. ‘Misschien denkt men dat wij na dertien jaar opgeven’, zegt de man, die een groot deel van zijn familie verloor in de vernietigingskampen, strijdbaar als hij weer een tegenslag heeft moeten incasseren. ‘Dat gebeurt dus niet. We gaan rustig verder.’ Dan laat hij toch even in zijn kaarten kijken. ‘Alleen zullen vele mensen, die het mee hadden willen maken, er niet meer zijn. Die zijn dood. Maar ja, dat gaat om Joden. Dat maakt verder dus niks uit.’

’s Mans emotie doet misschien niet helemaal recht aan de positie van de bezwaarmakers, maar is gezien de teleurstellingen die hij tijdens de realisering van het Namenmonument krijgt te verwerken wel begrijpelijk. In deze gedegen documentaire registreert Van der Starre het complete moedeloos makende proces, waarbij ze Jeroen Krabbé als verteller alle gebeurtenissen met elkaar laat verbinden en toewerkt naar het moment waarop dan eindelijk de eerste schop in de grond mag. Voor een monument dat er volgens Jacques Grishaver allang had moeten zijn.

The Last Days

Netflix

Terwijl duidelijk werd dat de oorlog verloren was, gingen de Duitsers onverminderd door met het uitroeien van Joden. ‘Als ze zes maanden voor het einde van de oorlog waren gestopt en al die energie hadden gestoken in het versterken van hun eigen verdediging, hadden ze het vast langer volgehouden’, zegt Holocaust-overlever Bill Basch aan het begin van The Last Days (87 min.). ‘Maar het doden van Joden was belangrijker voor hen dan het winnen van de oorlog.’

Het hart van deze Oscar-winnende documentaire van James Moll uit 1998 wordt gevormd door de getuigenissen van vijf Hongaarse Joden. Zij overleefden alle ontberingen, maar die domineren ruim vijftig jaar later (natuurlijk) nog altijd hun leven. ‘Ik kende niemands naam’, vertelt Basch als hij met zijn zoon Martin het vernietigingskamp bezoekt waar ze letterlijk over lijken moesten stappen. ‘Ik heb nooit iemand willen leren kennen. Ik wilde het nooit weten, voor het geval iemand die persoon kende wiens schoenen ik uittrok toen hij stierf.’

De bijbehorende beelden zijn groot en afschrikwekkend. Graatmagere, naakte mannen die lijken op wezenloze zombies. Stapels verweesde schoenen of koffers. En eindeloze lijsten, waarop mensenlevens worden gereduceerd tot zielloze gegevens. Tegelijkertijd zijn er talloze delicate details: de diamanten die Irene Zisblatt bewaarde door ze in te slikken, het badpak waaraan Renée Firestone zich vastklampte als laatste tastbare herinnering aan haar vader en de zelfgemaakte menora die de Amerikaanse militair Paul Parks kreeg van een Joodse man die hij uit Dachau bevrijdde.

De herinneringen van de overlevenden worden in deze klassieke Holocaust-film vergezeld door gesprekken met een Duitse arts die in Auschwitz werkte, een lid van het zogenaamde Sonderkommando dat in een kamp lijken moest afvoeren en enkele Amerikaanse soldaten die aan het eind van de oorlog werden geconfronteerd met de (on)menselijke catastrofe van deze plekken des doods. Ergens in die onbeschrijfelijke ellende vonden al deze gewone mensen de moed en kracht om door te gaan met hun bestaan, er in de navolgende halve eeuw zelfs nog iets van te maken.

Night Will Fall

Zelfs de cameralens, die doorgaans van het gruwelijkste tafereel simpelweg een shot met personages, kleurstelling en een kader maakt, kon ditmaal geen bescherming bieden. De cameramannen die de geallieerde troepen vergezelden toen deze in 1945 de Duitse concentratiekampen ontdekten, zouden hun eigen beelden nooit meer kwijt kunnen spelen. Die stonden voor altijd op hun netvlies gebrand.

Dat had ook te maken met de specifieke opdracht die ze van hun meerderen hadden gekregen: verzamel concreet bewijsmateriaal. Leg de ellende van dichtbij en zo plastisch mogelijk vast, zodat niemand ooit kan ontkennen dat dit ooit is gebeurd (en wie ervan op de hoogte waren). Waar de dodelijkste details in oorlogsverslagen vaak on(der)belicht blijven, werd er nu juist op ingezoomd. Met alle gevolgen van dien. Het resultaat is 75 jaar later, zelfs met oorlogsmoeie ogen, nog altijd niet om aan te zien.

De Britse filmmaker Sidney Bernstein probeerde het schokkende beeldmateriaal direct na afloop van de Tweede Wereldoorlog te verwerken in de documentaire German Concentration Camps, waaraan ook topregisseur Alfred Hitchcock zijn medewerking verleende. De film, nooit helemaal afgerond, zou echter achter slot en grendel verdwijnen. Als huiveringwekkend bewijsstuk van waartoe de mens in staat is, dat alleen even niet te pas kwam in een wereld die zich alweer opmaakte voor een volgende oorlog, een koude ditmaal.

In de bijzonder indringende reconstructie Night Will Fall (73 min.) uit 2014 ontleedt regisseur André Singer met direct betrokkenen de totstandkoming van deze documentaire die in eerste instantie, tot de geruchtmakende Neurenberg-processen, vrijwel niemand te zien zou krijgen. Hij laat de ontluisterende beelden daarnaast voor zichzelf spreken en komt zo akelig dicht bij de ervaring van de gewone soldaten die destijds nietsvermoedend, en met draaiende camera, de hel van Bergen-Belsen of Auschwitz betraden en daar werden geconfronteerd met het werk van een duivelse machine die in een mum van tijd menselijk afval had gemaakt van gewone stervelingen.

Wat zij toen tot in de goorste details vastlegden, heeft vele oorlogen later nog niets aan kracht ingeboet en laat zich ook op een 21e eeuws beeldscherm slechts met afgewend hoofd, dichtgeknepen neus en het nodige doorzettingsvermogen aanschouwen. Al is het zonder enige twijfel belangrijk om dat bij tijd en wijle tóch te doen.

Opa Blitz En De Zilveren Theelepeltjes

EO

‘Opa is tijdens de Tweede Wereldoorlog opgepakt met Oranje-propaganda. Samen met een compagnon. En die compagnon, die was de volgende dag weer thuis, maar opa is nooit meer teruggekomen.’ Veel meer had sportpsycholoog/auteur Peter Blitz, die in 2015 overleed, niet over zijn vader Simon te vertellen. Peters zoon David wil echter véél meer weten over de grootvader die hij nooit heeft gekend en gaat op zoek naar het verhaal achter Opa Blitz En De Zilveren Theelepeltjes (52 min.).

‘Het begint me duidelijk te worden dat er een vuil spelletje met je is gespeeld’, constateert David halverwege zijn reis door het verleden, waarvoor hij in een blitze auto langs de plekken rijdt die zijn grootvader op weg naar zijn dramatische einde heeft aangedaan. ‘Dat kan haast niet anders. Ik hoor allerlei verschillende toonaarden van hetzelfde liedje, dat eigenlijk niet verteld had mogen worden. Er is verraad in het spel, dat op de één of andere manier binnen de kringen van de familie een eigen leven is gaan leiden.’

Niemand wil eigenlijk weten wat er precies gebeurd is, concludeert David Blitz. Niemand, behalve hij. En dus gaat de filmmaker in deze traditionele egodocu het gesprek aan met z’n eigen broer, zijn neven en nichten en de tweede vrouw van zijn vader. Hij wil weten wat zij van dat familieverleden hebben meegekregen en confronteert hen met wat hij in de archieven heeft ontdekt over de lepeltjes van zijn opa, gemaakt van zilveren muntjes met een afbeelding van koningin Wilhelmina erop, en hoe die Simon Blitz uiteindelijk op 37-jarige leeftijd in Auschwitz fataal zijn geworden.

Dat klinkt als een redelijk stereotype oorlogsverhaal, waarin de protagonist het verleden van een familielid uitpluist en dan tot schokkende ontdekkingen komt. Zoals er elk jaar rond Bevrijdingsdag wel een paar van zulke verhalen (opnieuw) worden verteld. Toch is de toonzetting ditmaal anders: Davids centrale voice-over, met Amsterdamse tongval, is lekker los en bevat veel humor. Hij ondersteunt zijn relaas bovendien met bezigheden in het hier en nu, zoals mediteren en wielrennen. En het geheel wordt lekker tegendraads aangekleed met edgy songs van Massive Attack, Stiff Little Fingers, Herman Brood, Nina Hagen en Iggy & The Stooges, die Blitz’s verleden in allerlei (punk)bandjes verraden.

Een frisse interpretatie van een inmiddels vertrouwd thema, kortom, die actueel aanvoelt, geen moment topzwaar wordt en – als het tragische levensverhaal van Simon Blitz naar z’n onvermijdelijke climax gaat en zijn kleinzoon even alle reserve laat varen – toch verduiveld hard binnenkomt. En dan is er nog dat ene theelepeltje…

Het Geheugen Van Auschwitz

EO

Sommige gebouwen staan op het punt van instorten. In zekere zin is dat goed: ze hadden er nooit mogen zijn en werden ook niet voor de eeuwigheid gebouwd. Toch moet Auschwitz-Birkenau, daar zijn alle betrokkenen het wel over eens, koste wat het kost behouden blijven. Om de vreselijke boodschap van de Holocaust door te geven en de authentieke plaatsen en spullen daarvan te kunnen laten zien.

In Het Geheugen Van Auschwitz (50 min.) documenteert Manfred van Eijk de herstelwerkzaamheden in het voormalige vernietigingskamp, zoals de conservering van enkele stenen barakken. Waarbij er geen klusje kan worden uitgevoerd, zónder dat dit indringende beelden of emoties oproept. Zeker als er een vrouw op bezoek komt die het kamp overleefde. Intussen moet ook het prikkeldraad, dat maar een beperkte levensduur blijkt te hebben, weer eens worden vervangen en ligt er nog een blik Zyklon B dat moet worden geconserveerd.

Een buitengewoon indringende aanblik biedt ook de verzameling kinderschoenen die vanuit het kamp bewaard is gebleven. In die schoentjes werd van alles aangetroffen: sokken, krantenknipsels en zelfs een wiskundeproefwerk. In één ervan, laat een conservator zien, staat een handtekening. ‘Je kunt hier lezen dat hij van Eva Mahler was. Uit andere informatie die we vonden, weten we dat ze op haar achtste naar Auschwitz werd gebracht.’

Van Eijk legt het herstelwerk en de bijbehorende verhalen en herinneringen sereen vast en doorsnijdt die met tekeningen en teksten die eveneens bewaard zijn gebleven. Het resultaat is een stemmige film, die de noodzaak om te blijven herinneren nog maar eens onderstreept. ‘Wat heeft mij gemotiveerd om in leven te blijven?’, zegt een vrouw die de tragedie doorstond. ‘Dat ik het de wereld wilde vertellen. De wereld moet de waarheid weten.’

Settela, Gezicht Van Het Verleden

Hij noemde haar Esther. Een nette Joodse naam. Journalist Aad Wagenaar wist in 1994 natuurlijk niet hoe ze echt heette, dat desolate meisje met de witte hoofddoek. In het voorjaar van 1944 stond ze in de deuropening van een treinwagon, die elk ogenblik kon vertrekken naar het vernietigingskamp Auschwitz. Datzelfde meisje werd na de Tweede Wereldoorlog het gezicht van de (Nederlandse) Jodenvervolging. De vermoorde onschuld, letterlijk. En Wagenaar wilde een halve eeuw na dato beslist weten hoe ze écht heette.

De beelden werden onlangs ingekleurd, voor de Nederlandse speelfilm Gemmeker van regisseur Robert Schinkel. Ze zijn afkomstig uit een Westerbork-film die de Joodse fotograaf Rudolf Breslauer in opdracht van de Duitse kampcommandant Gemmeker maakte. Te midden van beelden van het dagelijks leven in het Drentse Durchgangslager is er ineens die ‘documentaire van zeven seconden’ waarin de Endlösung heel tastbaar wordt. Via een kwetsbaar meisje in een treinbarak, waarop pontificaal ‘74 pers’ staat geschreven. Zoveel mensen pasten er blijkbaar in de veewagen. De meesten van hen zouden nooit meer terugkeren naar huis.

In de documentaire Settela, Gezicht Van Het Verleden (55 min.) uit 1994 gaat filmmaker Cherry Duyns op zoek naar het verhaal achter de iconische beelden. Hij bevraagt de editor van de Westerbork-film, laat historici de precieze datum van het transport vaststellen (19 mei 1944) en spreekt overlevenden van de helletocht naar het vernietigingskamp. Zij bevestigen de opzienbarende conclusie die de speurder Wagenaar even daarvoor al had getrokken: het ‘gezicht van de Nederlandse Jodenvervolging’, de gestorven kinderen in het bijzonder, blijkt helemaal geen Joods meisje. Het is een Zigeunerin.

Ze heet Settela Steinbach, is een jaar of tien oud en komt uit het Limburgse Susteren, vertellen inmiddels bejaarde ooggetuigen als Crasa Wagner en het echtpaar Kercha en Leitji Rosenberg. Stukje bij beetje dringt Duyns met hen steeds dieper door in Steinbachs familieverhaal in deze serene, voor hedendaagse begrippen wat trage film. Via Settela, die bij de burgerlijke stand overigens stond geregistreerd onder haar Nederlandse naam Anna Maria, vertelt hij zo ook het verhaal van de Nazi-vervolging van de Nederlandse Sinti en Roma, een menselijke tragedie die tot dat moment onderbelicht was gebleven.

Is de scène met Settela inderdaad stiekem in de Duitse promotiefilm gefrommeld door Rudolf Breslauer, zoals Wagenaar veronderstelt? Als daad van verzet tegen de Shoah, die hij zelf ook niet zou overleven? Of is de wens hier toch de vader van de gedachte? Feit is dat Breslauer in zeven luttele seconden de onverdraaglijke waarheid van de transporten naar de vernietigingskampen op een indrukwekkende manier wist te vereeuwigen.

Settela, Gezicht Van Het Verleden is hier te bekijken.

The Accountant Of Auschwitz

Netflix

Vrolijke marsmuziek klinkt in de openingsscène van deze film. In beeld verschijnt de zwart-wit foto van een jonge militair. Rond brilletje, melancholiek gezicht. De stem van deze Oskar Gröning zorgt voor de herinneringen bij archiefbeelden van een concentratiekamp. ‘Het hoofdkamp van Auschwitz was net een klein dorp, met veel geroddel en geklets. Er was een kantine, een bioscoop.’ Intussen zien we hoe gezellig de medewerkers van het beruchte kamp ‘t hadden met elkaar. De opgewekte muziek zwelt weer aan: ‘Links um die Ecke…’ In het kader van de vrijetijdsbesteding wordt er enthousiast gesport. De atleten hebben ook mooie trainingspakjes aan, met een SS-embleem erop.

‘Het was een plek waar je vriendschappen voor het leven opdeed en waar ik met veel plezier op terugkijk’, blikt Gröning bij de start van The Accountant Of Auschwitz (75 min.) met weemoedige stem terug. Inmiddels wordt het archiefmateriaal van de levenslustige jongelingen afgewisseld met de huiveringwekkende beelden die we doorgaans associëren met het vernietigingskamp. ‘We waren ervan overtuigd dat we verraden waren door de hele wereld en dat er een grote samenzwering van Joden tegen ons was’, zegt de kampmedewerker nu, op zoek naar een verklaring en rechtvaardiging voor zijn eigen gedrag in de Tweede Wereldoorlog.

‘Maar je moet je toch hebben gerealiseerd dat zeker die kinderen je helemaal niets misdaan kunnen hebben?’ werpt de interviewer van dienst tegen, terwijl de alomtegenwoordige marsmuziek gaandeweg helemaal vastloopt en de openingsscène aan zijn einde komt. ‘Die kinderen zijn op het moment zelf natuurlijk niet de vijand’, stelt Gröning. ‘De vijand is het bloed dat door hun aderen stroomt.’ Die gedachtegang maakte het voor de Duitser (blijkbaar) mogelijk om te werken bij Auschwitz. Zijn werk in het kamp was voor hem een normale baan. De één werkt nu eenmaal bij Philips of Volkswagen, een ander bij de Firma Endlösung.

Oskar Gröning verzamelde bijvoorbeeld de spullen van Joden die aankwamen in het vernietigingskamp. Zij hadden die immers toch niet meer nodig – waaruit je overigens meteen kunt afleiden dat hij er wel degelijk van op de hoogte was wat er met de nieuwe kampgasten zou gaan gebeuren. Maar is de man, die zelf ogenschijnlijk verder geen geweldsdaden pleegde, daarmee ook (mede)verantwoordelijk voor de genocide die in zijn directe werkomgeving plaatsvond?

Die principiële vraag drijft deze film van Matthew Shoychet, waarin De Zaak Gröning wordt geplaatst tegen de achtergrond van rechtszaken tegen oorlogsmisdadigers (die verdacht vaak met een heel beperkte straf zijn weggekomen). Van beruchte beulen als John Demjanjuk lijkt het logisch dat ze tot in lengte van dagen worden vervolgd, maar kun je ook iemand veroordelen die zelf geen mens heeft vermoord en daartoe ook niet de opdracht heeft gegeven? En: wanneer houdt iemands schuld op?

Tedje & Meijer: De Belofte Van Liefde

tedjeMeijerTedje2_3173c49603

Als overjarige pubers zitten ze samen op de bank, de hoofdpersonen van Tedje & Meijer: De Belofte Van Liefde (53 min.). Dik in de negentig zijn meneer en mevrouw Van der Sluis inmiddels. En ze zitten het liefst naast elkaar, de handen verstrengeld. Ze willen elkaar nooit meer loslaten. ‘Een band waarin eigenlijk geen plaats is voor anderen’, zegt hun dochter Mirjam Coole. ‘Ook niet voor kinderen.’

Het fragiele Joodse echtpaar staat voor een verhuizing. In de allerlaatste fase van hun bewogen leven samen, dat ooit begon op de Gemeentelijke Inhaalcursus Voor Ondergedoken Leerlingen (GICOL) in mei 1945. Ze hadden allebei helemaal niemand meer, maar vonden elkaar. ‘Het is vanzelf gegaan, het oud worden’, zegt de slechtziende Meijer liefdevol tegen zijn echtgenote, die steeds vergeetachtiger wordt. ‘We zijn gewoon niet dood gegaan.’

Zonder elkaar zijn ze niets, weet dochter Mirjam. Als zij eens een dagje ziek was, wist ook hij niet waar ie het zoeken moest. Daar konden zelfs de kinderen nooit tussenkomen. En altijd was er die oorlog: moeder, bijgenaamd IJzeren Rinus, sprak er nooit over, vader juist vrijwel permanent. Hun dochter: ‘Mijn credo is altijd geweest: Auschwitz zat bij ons aan tafel en at iedere avond een hapje mee.’

Vader zelf houdt vol dat ze hebben geprobeerd om zich geen ‘Auschwitz-mentaliteit’ aan te meten. Toch vindt ook zoon Ruben dat de ‘shoah’ soms het dagelijks leven in de weg heeft gezeten. Dat verschil tussen de ouders en kinderen Van der Sluis – die met typische tweede generatie-problematiek kampen – geeft een kartelrandje aan deze verzorgde documentaire van Heleen Minderaa over een stel dat tegen elke verwachting in oud is geworden. Samen nota bene.