Menendez Brothers: Misjudged?

HBO Max

Het is een verhaal dat tot de verbeelding blijft spreken: twee jonge rijke broers uit Beverly Hills vermoorden samen in koelen bloede hun ouders.

En dat is ook precies wat het is: een verhaal. Zeker in de nieuwe Netflix-serie van Ryan Murphy, Monsters: The Lyle And Erik Menendez Story, de opvolger van zijn bingehit Monster: The Jeffrey Dahmer Story. Maar dat geldt evenzeer voor de true crime-docu Menendez Brothers: Misjudged? (88 min.) uit 2022, nummer zoveel in een schier eindeloze stroom tv-docu’s over de beruchte broers, die niet geheel toevallig opnieuw wordt uitgebracht, met een nét iets andere titel: Menendez: Monsters Or Misjudged? Voor wie het ‘echte’ verhaal verkiest boven de ‘gespeelde’ versie.

Deze productie van true crime-crack Andrea de Brito begint in het hier en nu: bij tieners die, ruim dertig jaar na dato, moeiteloos allerlei feitjes over het schokkende misdrijf van 20 augustus 1989 kunnen oplepelen en ook overtuigd zijn van het motief van de broers Lyle en Erik om hun ouders dood te schieten: ze zouden jarenlang zijn mishandeld en misbruikt door José en Kitty. De Menendez-broers zijn namelijk al enige tijd ‘trending’ op TikTok, waar tieners zoals ook de Nederlandse Nora ervan overtuigd zijn geraakt dat hun veroordeling een justitiële dwaling moet zijn. 

Het oorspronkelijke beeld van de twee was heel anders: de rijkeluiszoontjes uit Los Angeles zouden puur uit haat en hebzucht hebben gehandeld. Dat verhaal over seksueel misbruik was slechts een smoesje. ‘The abuse excuse’, noemde topadvocaat Alan Dershowitz ‘t, niet meer dan een ‘verlaat de gevangenis zonder te betalen’-kaartje. Ze werden in de media dan ook keihard aangepakt en eindeloos geridiculiseerd, zo laat De Brito feilloos zien. ‘Ik zou ervoor betalen om ze te zien sterven’, zegt een meisje bijvoorbeeld in een talkshow. Ze oogst er zelfs applaus mee.

En toen belandden beelden van het oorspronkelijke proces tegen de broers enkele decennia na de geruchtmakende moord op het Internet en werden zo, vaak zonder de bijbehorende context, toegankelijk voor een nieuwe generatie crime-consumenten. ‘Jonge mensen die opgroeiden met een meer open en begripvolle mentaliteit waren in staat op deze zaak terug te kijken’, vertelt de Amerikaanse universitair docent Sharon Ross, die mediatrends en jeugdcultuur bestudeert. ‘Zij vroegen zich af: hebben we het verkeerd aangepakt?’ Enter de Free Menendez Movement.

Duidelijk is dat wat er tijdens die rechtszaak is gezegd nu soms totaal anders wordt beoordeeld. Voor seksueel misbruik, in het bijzonder van jongens, is veel meer begrip gekomen – en daarmee ook voor Lyle Menendez, die vanuit de gevangenis zijn kijk geeft op de actuele stand van zaken, en zijn jongere broer Erik. Van gewetenloze daders, die alles in het werk stelden om weg te komen met hun daad, is het beeld voor menigeen gekanteld naar getroebleerde jongens, die gigantisch uit de bocht zijn gevlogen – en daarvoor inmiddels wel lang genoeg hebben vastgezeten.

Menendez Brothers: Misjudged? schetst al met een afgewogen beeld van de geruchtmakende moordzaak en is daardoor meer geworden dan het hap-slik-weg verhaal dat ook van deze tragische casus valt te maken – al krijgen de TikTok-kids echt te veel ruimte en wordt het geheel ook enigszins ontsierd door een platte crime-soundtrack. Neemt niet weg dat de afhandeling van de moordzaak inderdaad serieuze vragen oproept en dat dit ‘verhaal’ nog wel eens een staartje zou kunnen krijgen.

Stopping The Steal

HBO Max

Tot het bittere einde, de verloren verkiezingen van 2020, bleven ze aan de zijde van ‘hun’ president staan. Pas toen Donald Trump de uitslag van die verkiezingen begon te betwisten – hij was daar al ruim vóór de verkiezingsdag, dinsdag 3 november, mee begonnen – kwam alsnog het ongemak bij de prominente Republikeinen die zich nu, vier jaar later, uitspreken in Stopping The Steal (90 min.).

De titel van deze documentaire van Dan Reed (Leaving Neverland / The Truth Vs. Alex Jones) refereert natuurlijk aan Trumps eigen scandaleuze Stop The Steal-campagne, geïnstigeerd door zijn eigen ‘dirty trickster’ Roger Stone en uitvoerig belicht in de fascinerende docu A Storm Foretold (2022). Onder deze noemer slingerde Trumps team met ‘topjuristen’ zoals Rudy Giuliani en Sidney Powell, zonder enige vorm van bewijs, allerlei zelfverzonnen misstanden met doorlekkende stiften (‘Sharpiegate’), gemanipuleerde stemmachines en overleden kiezers de wereld in.

Alle sprekers in deze chronologische reconstructie van de even onwerkelijke als donkere periode tussen Joe Bidens verkiezingsoverwinning en de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021, wilden oorspronkelijk dat Trump zou worden herkozen in 2020. Daarvan zijn Republikeinse kopstukken zoals Bill Barr (Trumps voormalige minister van Justitie), Marc Short (stafchef van vicepresident Mike Pence), Alyssah Farah Griffin (communicatiedirecteur van het Witte Huis) en Stephanie Grisham (Trumps perswoordvoerder) inmiddels al lang en breed, ongetwijfeld met de staart tussen de benen, teruggekomen.

Anderen zoals Jacob Chansley, de beruchte QAnon-sjamaan die bij de bestorming van het Capitool zowaar in de senaatsruimte belandde, en Mark Finchem, lid van de militie Oath Keepers en Make America Great Again-volksvertegenwoordiger in Arizona, zijn er nog altijd van overtuigd dat Biden z’n overwinning heeft gestolen. Zij lijken ook geen enkele wroeging te hebben over het feit dat Republikeinse officials die hun rug recht hielden in de betwiste staten Arizona en Georgia, partijgenoten dus, op grove wijze werden belasterd en bedreigd. Terwijl zwaarbewapende milities ondertussen voor een grimmige sfeer op straat zorgden.

‘Ik heb maar elfduizend stemmen nodig’, drong Donald Trump hoogstpersoonlijk aan bij Brad Raffensperger. ‘Doe me een lol!’ De ‘secretary of state’ van Georgia en zijn Chief Operating Officer Gabriel Sterling, samen verantwoordelijk voor de verkiezingen in die staat, hielden hun rug echter recht. Bijna vier jaar later is het een ongemakkelijke gedachte dat diezelfde Trump – een ernstige bedreiging voor de Amerikaanse democratie, zo bevestigt deze gedegen terugblik met louter voormalige medestanders en partijgenoten nog maar eens ten overvloede – opnieuw een serieuze kanshebber is voor het Amerikaanse presidentschap.

Vrijwel iedereen die tijdens zijn eerste ambtstermijn direct met hem te maken heeft gekregen – en zelfs een oerconservatieve hardliner zoals de voormalige vicepresident Dick Cheney – voelt inmiddels de noodzaak om openlijk voor Trumps herverkiezing te waarschuwen. Wat dit waard is, blijkt op 5 november 2024 – als er die dag al een uitslag is, tenminste, en als die ook wordt geaccepteerd door de verliezer.

Trump: What’s The Deal?

Journeyman Pictures

Trump: What’s The Deal? (82 min.) vroegen filmmakers Al Levin en Libby Handros zich al in 1991 af over de flamboyante Amerikaanse zakenman, die in een bestseller beweerde dat hij als geen ander The Art Of The Deal beheerste. Van een politieke carrière was toen nog helemaal sprake. Donald Trump was simpelweg een flamboyante New Yorkse ondernemer, vastgoedman en nouveau riche-held, die graag in de spotlights stond. Behalve als die ook zijn schaduwzijden blootlegden, natuurlijk.

Volgens de producers van de documentaire zou Trump, ondersteund door juristen, televisiezenders dringend hebben geadviseerd om die toch maar niet uit te zenden. De film bleef dus op de plank liggen, wachtend op een geschikt moment om alsnog met de wereld te worden gedeeld. En toen stelde Trump zich in 2015 kandidaat voor het presidentschap en werd die gewraakte docu alsnog uitgebracht. Boodschap: de nieuwe en de oude Trump zijn één en dezelfde persoon.

Vooropgesteld: de film is ook volgens de makers ‘weinig flatterend’. Een doelbewuste poging om een ogenschijnlijk versleten bokser, die begin jaren negentig na een serie uppercuts uitgeteld in de hoek lijkt te liggen, de definitieve knock-out te geven. Met allerlei smeuïge publicaties, interviews, mediamomentjes en quotes van zijn biograaf/ghostwriter Tony Schwartz, juristen, critici en journalisten, van snedig commentaar voorzien door een alomtegenwoordige voice-over.

De inhoud is echter vintage-Trump. Zijn spraakmakende media-optredens. Zijn dubieuze deals. Zijn ongegeneerde grootspraak. Zijn beledigingen van iedereen die hem de voet dwars zet. Zijn (totale gebrek aan) smaak. Zijn schimmige deals met de beslissers. Zijn seksuele escapades. Zijn onwil om te betalen voor werk dat voor hem is uitgevoerd. Zijn voortdurende leugens. Zijn vermogen om overal mee weg te komen. En, o ja, zijn rechtszaken om anderen rücksichtslos de mond te snoeren.

Want waar Donald komt, komt trammelant. Met critici, concurrenten, huurders, sporters én allerlei vrouwen. En als de grond hem te heet onder de voeten wordt, neemt hij zijn toevlucht tot de beruchte advocaat Roy Cohn, de georganiseerde misdaad of zijn vrienden van de media. Want die hijsen hem steeds weer op het schild, van waaruit hij dan kan pochen over zijn seksleven met z’n eerste vrouw Ivana of een architectuurrecensent kan affakkelen die het waagde om Trump Tower te bekritiseren.

Het bleek allemaal – en dat blijft fascinerend – geen beletsel om toch weer een comeback te maken als zakenman, met Melania Knauss een succesvol fotomodel te schaken, een succesvolle versie van zichzelf te lanceren in het televisieprogramma The Apprentice én het Amerikaanse presidentschap te bemachtigen. Wellicht zelfs tweemaal.

Lucrecia: Un Crimen De Odio

Disney+

‘Alfredo, in het huis waar ik werk, werd ik ineens heel ziek’, schreef Lucrecia Peréz in haar laatste brief aan haar echtgenoot in de Dominicaanse republiek. ‘Idersa bracht me naar de dokter en ik ben nu weer beter. Als dit allemaal achter de rug is, mijn liefste, stuur ik je tweeduizend dollar. Dan kun je stoppen met werken op het land en iets beters beginnen.’

Alfredo las de brief voor op Lucrecia’s uitvaart. Ze werd op vrijdag 13 november 1992 doodgeschoten in Madrid. Nadat ze was ontslagen als hulp in huis verbleef de illegale immigrante enige tijd in de leegstaande nachtclub Four Roses in de wijk Aravaca, die door andere Dominicanen was gekraakt. Dit pand werd in die fatale nacht geattaqueerd door vier jonge Spaanse skinheads. Extremistische kaalkoppen. Neonazi’s. Onder aanvoering van een omstreden agent van de Guardia Civil.

Vier schoten zouden Luis Merino en zijn drie handlangers Felipe, Victor en Javier in totaal hebben gelost. En toen was de Dominicaanse werkster dood en een landgenoot van haar, ene Porfirio Elias, ernstig gewond. Lucrecia liet een zesjarige dochter achter. Kenia, inmiddels achter in de dertig, vertelt in de vierdelige serie Lucrecia: Un Crimen De Odio (Engelse titel: Lucrecia: A Murder In Madrid, 136 min.) hoe er thuis nauwelijks werd gesproken over de dood van haar moeder. Te pijnlijk.

Vanaf de derde aflevering zoomt deze miniserie van David Cabrera en Garbine Armentia, die zich eerst op het slachtoffer en misdrijf heeft geconcentreerd, in op de vier verdachten, ogenschijnlijk normale Spaanse jongelingen, en hun vermoedelijke modus operandi op de dag van Lucrecia’s dood. Was het moord met voorbedachte rade? Of toch eerder een poging tot intimidatie, die helemaal uit de hand liep? En wie was er schuldig? Alleen de schutter of ook zijn drie medestanders?

De moord op Lucrecia Peréz veroorzaakte grote verontwaardiging in Spanje: dit was een haatmisdrijf. Net als eerder de racistische moord op Kerwin Lucas/Duinmeijer (1983) in Nederland en later de gewelddadige dood van Stephen Lawrence (1993) in Groot-Brittannië. De daders waren jonge nationalistische mannen die streefden naar een blanke natie, gebruik maakten van nazi-symbolen zoals de Hitlergroet en het hakenkruis en een algehele weerzin hadden tegen ‘buitenlanders’.

Lucrecia: Un Crimen De Odio roept dat naargeestige milieu, dat in Spanje ook automatisch is verbonden met de bruine erfenis van dictator Franco, overtuigend op. Er is bijvoorbeeld een navrante bijrol voor Felipes moeder die de buurt naar verluidt regelmatig op keihard gedraaide fascistische liederen vergastte. Zo maakt deze krachtige miniserie inzichtelijk hoe een cultuur van xenofobie uiteindelijk kan leiden tot een volstrekt zinloze moord.

Requiem For The American Dream

De Amerikaanse Droom, het idee dat je van een dubbeltje een kwartje kunt worden, is dood, betoogt Noam Chomsky (1928) bij aanvang van Requiem For The American Dream (73 min.) uit 2015. Niet veel later zal ook de Republikeinse presidentskandidaat Donald Trump, zo’n beetje Chomsky’s tegenbeeld, diezelfde droom dood verklaren. Hun analyses over Amerika staan nochtans haaks op elkaar.

De situatie in de Verenigde Staten is volgens Chomsky te vergelijken met de crisis in de jaren dertig. In deze aangeklede monoloog, door Peter Hutchison, Kelly Nyks en Jared P. Scott samengesteld uit vier jaar interviews, ageert de invloedrijke intellectueel tegen het dominante maatschappijmodel. Hij baseert zich daarbij op tien principes rond de concentratie van macht en kapitaal.

Vanuit dit uitgangspunt verklaart Chomsky de wereld waarin wij leven. Het resultaat is een stijflinkse analyse van een zeer ongelijke samenleving, waarin de bezittende klasse succesvol zijn eigen belangen beschermt. Op kosten van de rest van de bevolking én de democratie. Deze maatschappijvisie laat zich volgens hem samenvatten als: ‘alles voor mezelf, niets voor alle anderen.’

Al te veel invloed voor de gewone man kan de elite zich helemaal niet permitteren, stelt Chomsky. En dus zet die ongegeneerd de economie en politiek naar z’n hand. Vergelijk dat eens met autofabrikant Henry Ford. Die gaf zijn eigen medewerkers ooit een flinke salarisverhoging. Zodat ook zij een auto konden kopen. Eigen belang en maatschappelijk belang gingen toen hand in hand.

In onze hedendaagse wereld worden gewone burgers gereduceerd tot, liefst volstrekt ongeïnformeerde, consumenten. Zodat ze irrationele keuzes maken en relatief eenvoudig zijn te beïnvloeden. Kijk maar naar de politiek zegt hij erbij. Alsof Chomsky dan al voorvoelt dat er een Trump-tijdperk aan zit te komen, dat is doordesemd van onderbuikgevoelens, desinformatie en marketingopzetjes.

Requiem For The American Dream is eerder een college dan een reguliere docu. De film vraagt dus aandacht, interesse en misschien ook wel een zekere maatschappijvisie. Belasting betalen zou een feest moeten zijn, zegt Chomsky bijvoorbeeld enigszins provocerend. Daarmee zorg je er immers voor dat de overbuurjongen kan studeren of je tante een goede behandeling in het ziekenhuis krijgt.

Het is een idee dat tegenwoordig bijna archaïsch aandoet. Alsof Chomsky is blijven steken in de jaren zestig, de periode waartegen Trump gedurig te hoop loopt en waarin hij zelf van zich deed spreken tijdens de protesten tegen de Vietnam-oorlog. Veel persoonlijker wordt Requiem For The American Dream overigens niet. Dit is geen Noam Chomsky-verhaal, maar een verhaal van Noam Chomsky over ons.

Een man die ruim een halve eeuw consequent de heersende moraal in de Verenigde Staten en de westerse wereld als geheel is blijven bekritiseren. Men neme bijvoorbeeld ook zijn standaardwerk over massamedia als propagandamiddel voor het kapitalisme, Manufacuring Consent. Zo gaat Chomsky ook het collectieve geheugen in: uitgesproken en dwars, maar ook coherent en consistent.

De linkse oom met de scherpe blik, priemende vinger en wollen trui die het beter weet – écht.

The Corridors Of Power

Dror Moreh Films / VPRO

Nooit meer.’ Na de onvoorstelbare gruwelen van de Holocaust heeft menige Amerikaanse leider deze of soortgelijke woorden uitgesproken als er na de Tweede Wereldoorlog ergens in de wereld opnieuw sprake leek te zijn van volkerenmoord. Maar wat hield die twee beladen belofte werkelijk in? Volgden op de woorden ‘never’ en ‘again’ ook passende daden? Of waren die voor ‘de politieagent van de wereld’ uiteindelijk toch niet meer dan loze woorden, een doekje voor het bloeden?

De achtdelige docusere The Corridors Of Power (459 min.), waarvoor Meryl Streep als verteller fungeert, neemt de proef op de som bij enkele actuele gevallen van genocide, waarbij de Verenigde Staten en de internationale gemeenschap wel, niet of erg laat ingrepen: van de zenuwgasaanvallen van de Iraakse dictator Saddam Hoessein op de Koerden via de etnische zuivering in Bosnië en Kosovo tot Assads ‘knielen of sterven’-regime in Syrië en de barbaarse daden van Islamitische Staat.

Regisseur Dror Moreh laat sleutelfiguren uit de regeringen van de Amerikaanse presidenten Reagan, Bush sr., Clinton, Bush jr. en Obama, zoals Hillary Clinton, Colin Powell, James Baker, Madeleine Allbright, Condoleezza Rice en Samantha Power aan het woord over hoe ze met hun beleidskeuzes brandhaarden elders in de wereld probeerden in te dammen. Of er sprake was van genocide – en dus reden om in te grijpen – hing vaak ook af van het ‘strategische belang’ van het desbetreffende land.

Duidelijk is dat er binnen de Amerikaanse regeringen van dienst regelmatig fundamenteel verschil van mening was. Topdiplomate Prudence Bushnell is er bijvoorbeeld nog altijd woest over dat haar land in 1994 niet ingreep in Rwanda toen Hutu’s daar de Tutsi-minderheid, gereduceerd tot ‘kakkerlakken’, met machetes, knuppels en bijlen begonnen af te slachten. Zodra de Amerikaanse burgers in veiligheid waren gebracht, verflauwde de aandacht van de regering Clinton direct.

Als de situatie daarna ontspoort in Soedan, lijkt Clintons opvolger, George W. Bush, wél bereid om in te grijpen. Enkele dagen later, op 11 september 2001, worden de Verenigde Staten echter zelf getroffen door een terroristische aanval. Waarna Bush ten oorlog gaat in Irak en de Janjaweed, de brute beulen van dictator Omar al-Bashir, vrij spel krijgen in Darfur. Daar voltrekt zich volgens Nicole Widdersheim (USAID) de duivelse logica van dit type oorlog: eerst seksueel geweld, daarna massaslachtingen.

Kun en wil je als ‘politieagent’ in zo’n penibele situatie vuile handen maken? Waar begint je verantwoordelijkheid en eindigt je betrokkenheid? En hoe kun je voor zowel vrede als gerechtigheid zorgen? Dat blijkt, steeds weer, een vrijwel onmogelijke opdracht voor de betrokken politici en diplomaten. En ook een loffelijk initiatief zoals het Internationaal Strafhof in Den Haag, een hedendaagse variant op het Neurenberg-tribunaal, wordt actief ondermijnd, nota bene door de Verenigde Staten zelf.

Deze indringende serie zet bepalende figuren uit de Amerikaanse buitenlandpolitiek aan tot oprechte zelfreflectie en plaatst hun keuzes, dilemma’s en frustraties in een historische context. De parallellen met het verleden zijn vaak onontkoombaar. ‘Wat is het verschil tussen Sarajevo en Auschwitz?’ haalt ambassadeur Peter Galbraith bijvoorbeeld een wrang grapje aan dat rondging in Sarajevo, een stad die ‘t zonder drinkwater en gas moest doen. ‘In Auschwitz hadden ze tenminste nog gas.’

Meisjes Van De Goede Herder

VPRO

‘Lang, mager meisje’, leest oud-pupil Lies Vissers in haar eigen dossier. ‘Infantiel’. En: ‘probleemkind.’ Toen Lies twaalf was, overleed haar vader. Moeder kon de opvoeding alleen niet aan. En dus werd de oudere vrouw halverwege de jaren zestig als tiener naar één van de vijf Nederlandse kloosters van de Zusters van de Goede Herder-congregatie gebracht. Daar werd ze volgens eigen zeggen ‘gedepersonaliseerd’ en voor het leven beschadigd.

Joke de Smit was één van de 20.000 andere ‘gevallen meisjes’ die als tiener bij de katholieke kloosterorde werden ondergebracht. Ze kregen er werk in naaiateliers en wasserettes toebedeeld en werden flink afgeknepen door de aldaar werkzame nonnen. Joke ervoer het als een bijzonder liefdeloze omgeving, een soort jeugdgevangenis. ‘Vanaf dat moment ben ik heel rebels geworden.’ Samen met Lies, met wie ze een lekker no-nonsense duo vormt, en zeventien andere beschadigde vrouwen heeft zij nu advocaat Liesbeth Zegveld in de arm genomen om de Goede Herder voor de rechter te dagen.

Documentairemaakster Britta Hosman sluit voor de vierdelige serie Meisjes Van De Goede Herder (208 min.) drie jaar lang bij hen aan, maar laat ook de gedaagden aan het woord: de huidige directeur van de congregatie, Hubert Janssen, en de laatste nog levende en inmiddels behoorlijk fragiele Zusters. Zij geven een gezicht aan het repressieve systeem dat ook internationaal steeds meer onder vuur is komen te liggen. In Ierland bijvoorbeeld, waar wantoestanden bij de zogenaamde Magdalene Laundries voor veel ophef en aangrijpende slachtofferverhalen hebben gezorgd. 

Waar de verhalen over de Zusters van de Goede Herder – geïllustreerd met fraaie zwart-wit beelden uit een verloren tijd, die zich nochtans tot dik in de jaren negentig heeft uitgestrekt – ook vandaan komen, ze bevatten steeds dezelfde elementen: vernedering, tucht en dwangarbeid. Ook in Nederland, waar de meisjes aan het werk werden gezet voor het koninklijk huis en bedrijven als C&A en Vroom en Dreesman. De kloosterorde stak de opbrengst daarvan in eigen zak. Het is één van de onderwerpen die worden opgebracht tijdens de rechtszaak tegen de katholieke congregatie.

Met een bespiegelende voice-over, waarmee ze op z’n Schuldigs of Stuks ook in het hoofd van haar personages probeert te kruipen, kadert Hosman alle ontwikkelingen in. Ze schuwt ook confronterende vragen aan de huidige leiding van de Herder niet. Directeur Janssen stelt zich dan tot taak om de zaken nog zoveel mogelijk in een positief daglicht te plaatsen. Hij loopt daarbij alleen gedurig achter de feiten aan. Het ene verwijt is nog niet (min of meer) gecounterd of de volgende kwestie dient zich alweer aan. Anonieme graven op het Goede Herder-terrein in Almelo bijvoorbeeld.

Welk verhalen zijn daarin verdwenen en kunnen alsnog worden opgediept? In hoeverre laat een verleden dat zo gebrekkig is gedocumenteerd zich sowieso nog volledig reconstrueren en mag je daarover met hedendaagse ogen oordelen? En (hoe) kunnen misstanden met terugwerkende kracht worden gerepareerd? Is erkenning dan genoeg? Deze delicate en doortimmerde miniserie, die kritisch en toch afgewogen bericht over een nog altijd zeer gevoelige kwestie, kadert het terrein zorgvuldig in en brengt tevens nieuwe zaken aan het licht over een verleden dat pas kan afgesloten als er rekenschap over is afgelegd.

Power

Netflix

Wie is er machtiger? vraagt Yance Ford zich af in de openingsscène van Power (88 min.). Het volk of de politie? Het is de opmaat naar een zeer kritische beschouwing van de Amerikaanse politie, die door hem wordt beschouwd als een staat binnen de staat. En die heeft ‘t in het bijzonder gemunt op minderheden, zwarte Amerikanen in het bijzonder.

De ‘paramilitaire organisatie’ is onder andere voortgekomen uit de slavenpatrouilles. Politiemensen spreken volgens de Afro-Amerikaanse agent Charlie Adams niet voor niets over ‘patrouilleren’. Historicus en socioloog Nikhil Pal Singh verwijst daarnaast naar hoe de politie, halverwege de negentiende eeuw, witte kolonisten steunde bij het overnemen van land van indianenstammen. Of de gemeentepolitie die toen in de steden de arbeidersklasse in het gareel moest houden. De politiemacht wordt nu eenmaal ingezet door de bezittende klasse, betogen diverse deskundigen, om de status quo in stand te houden en uitdagers daarvan klein te houden.

Volgens hen gaat het daarbij in het bijzonder om immigranten – en dus om racisme en xenofobie. Filosoof George Yancy geeft het voorbeeld van de arts Samuel Cartwright. Hij constateerde in de negentiende eeuw dat slaven die de plantages wilden ontvluchten aan de psychische aandoening ‘drapetomanie’ leden. Want zulke inferieure mensen konden natuurlijk met geen mogelijkheid de oprechte behoefte hebben om vrij te zijn. Ze waren immers geboren om slaaf te zijn. Alle reden dus ook om elke vorm van oproer direct de kop in te drukken en onruststokers, zoals burgerrechtenactivist Stokely Carmichael en Black Panther-leider Huey P. Newton, keihard aan te pakken.

Wat in 1838 begon met het allereerste hedendaagse politiekorps in Boston, is een kleine tweehonderd jaar later uitgegroeid tot 18.000 korpsen met ruim een miljoen agenten. Een miljardenbusiness, laat Yance Ford zien in dit polemische beeldessay, dat thematisch verwantschap vertoont met recente films als Riotsville, U.S.A. en Stamped From The Beginning. In een ontluisterende sequentie vragen alle Amerikaanse presidenten van de afgelopen halve eeuw – van Lyndon Johnson tot Joe Biden, met uitzondering van Jimmy Carter – bijvoorbeeld om meer geld voor Law & Order. In 2023 ging het inmiddels om niet minder dan 192 miljard dollar.

Intussen kunnen de politieorganisatie of individuele agenten nauwelijks aansprakelijk worden gesteld als ze hun boekje te buiten gaan, stelt Ford. En daarvan zijn in dit prikkelende pamflet talloze voorbeelden te zien, uit vroeger tijden en van recenter datum, zoals bijvoorbeeld de pijnlijke ‘I can’t breathe’-video van Eric Garner of het filmpje van de 75-jarige demonstrant die rücksichtslos omver wordt geduwd door een politieman, op zijn achterhoofd valt en bloedend wordt achtergelaten. Met al die verschillende voorbeelden wordt een repressief systeem geschetst, dat de bovenklasse beschermt en de rest van het volk, desnoods met bruut geweld, probeert te knechten.

We Steal Secrets: The Story Of WikiLeaks

Universal Pictures

De slogan is even provocerend als zelfvoldaan: ‘WikiLeaks: giving us the truth when everyone else refuses to.’ Op het levensgrote billboard, langs een Amerikaanse weg, staat tevens een ‘holier than thou’- achtige foto van voorman Julian Assange. Die neemt tijdens interviews ook geen blad voor de mond en noemt WikiLeaks zonder terughoudendheid ‘de machtigste inlichtingendienst op aarde, een inlichtingendienst van het volk’.

Als Alex Gibney in 2013 de documentaire We Steal Secrets: The Story Of WikiLeaks (129 min.) oplevert, is Assange alomtegenwoordig in de media. Zijn klokkenluiderswebsite WikiLeaks heeft in 2010 de spraakmakende Collateral Murder-video, waarin is te zien hoe een Amerikaanse gevechtshelikopter in Irak gewone burgers en journalisten neermaait, de wereld in gestuurd. En hijzelf geldt als een belangrijke voorvechter van de vrijheid van meningsuiting, die structureel de gevestigde orde tegen de haren in blijft strijken – en zo ook het noodlot tart.

Inmiddels zit Assange alweer zo’n twaalf jaar vast in Groot-Brittannië, waar hij vecht tegen uitlevering aan de Verenigde Staten (vervat in de documentaire Ithaka: A Fight To Free Julian Assange). Ook zijn reputatie ligt aan gruzelementen: WikiLeaks zou tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 hebben samengespannen met Rusland, om Donald Trump aan de winst te helpen. Hij is een banneling geworden. Een dubieuze figuur, waarvoor alleen verstokte strijders voor de persvrijheid zich nog sterk maken. Van de Robin Hood-achtige status die Assange ooit genoot, is niets meer over.

Gibney verdiept zich in het verleden van zijn enigmatische hoofdpersoon. Als de hacker Mendax, alias Nobele Leugenaar, is hij in zijn geboorteland Australië betrokken geweest bij diverse ontregelende acties. Hij ontleedt verder alle controverses waarin Assange verzeild raakt en laat tegelijk zien hoe hij overduidelijk geniet van alle aandacht die hem ten deel valt. In de slipstream van de permanente commotie rond Julian Assange voltrekt zich ondertussen het drama rond de klokkenluider Bradley Manning, die vanuit Bagdad ultrageheime informatie naar WikiLeaks heeft doorgespeeld.

‘I just… couldn’t let these things stay inside of the system and inside of my head’, schrijft deze bradass87 in vertrouwelijke berichten aan de Amerikaanse hacker Adrian Lamo. ‘I’m just weird, I guess. I… care?’ Informatieanalist Manning, die later in transitie zal gaan en zich dan Chelsea begint te noemen (zoals is te zien in de documentaire XY Chelsea), wordt er vervolgens ingeluisd door Lamo, een man die, getuige bijvoorbeeld een scène waarin hij opzichtig met een ‘snitch’-pet poseert, in zijn eigen spionagefilm lijkt te leven. Hij zorgt ervoor dat Manning wordt gearresteerd.

Intussen komt Julian Assange ook steeds meer onder vuur te liggen vanwege vermeend seksueel geweld tegen twee Zweedse vrouwen, de basis voor de penibele situatie waarin hij ruim tien jaar later nog altijd zit. Alex Gibney spaart de onverbeterlijke ‘selfkicker’, die als kat in het nauw rare sprongen begint te maken, niet in deze intrigerende, spannende en fraai vormgegeven film. Tegelijkertijd kraakt hij ook harde noten over de manier waarop Assange door zijn tegenstanders wordt aangepakt, waarbij de vraag boven de markt hangt of ook hij erin is geluisd.

Voor Chelsea Manning, die een zware periode beleeft in detentie, heeft Gibney duidelijk meer compassie. Zij is uiteindelijk de ware held van We Steal Secrets.

Antares De La Luz: La Secta Del Fin Del Mundo

Netflix

De wereld zal vergaan op 21 december 2012. Een kleine maand daarvoor slaan Antares en zijn volgelingen nog een laatste aanval van de Duivel af. Op 23 november komt het tot een episch gevecht met het duister, dat door de Chileense sekteleider, die zich ‘de krijgershouding’ helemaal eigen heeft gemaakt, resoluut in hun voordeel wordt beslecht. Hij gooit het vleesgeworden kwaad eigenhandig in het vuur. Binnenkort is alles voorbij, zeggen ze dan tegen elkaar. Zij zullen vrij zijn!

Ruim tien jaar later kijken de sekteleden, sommigen na een gevangenisstraf, in Antares De La Luz: La Secta Del Fin Del Mundo (100 min.) ontzet terug op een periode die alle tekenen vertoont van een collectieve psychose. Ze waren volledig in de greep geraakt van Ramón Castillo Gaete, alias Antares, de incarnatie van God. ‘Ik ben vele malen geïncarneerd’, zou die tegen zijn secondant Pablo Undurraga hebben gezegd. ‘Sommige van die incarnaties dienden om te onderwijzen. Als Jezus kwam ik onderwijzen. Als Boeddha en Krishna kwam ik onderwijzen. Ditmaal ben ik niet gekomen om te onderwijzen. Ik ben deze keer gekomen om de duisternis te verslaan.’

En deze overtuiging, die vast niet helemaal los valt te zien van uitbundige meditatiesessies met de hallucinogene Ayahuasca-thee, leidt tot een stoutmoedige daad om de mensheid te redden. De mensheid zelf – niet gehinderd door een sjamanistisch amalgaam van de Maya-traditie, tegencultuur-icoon Carlos Castaneda en de godheid Viracocha – ziet er intussen iets geheel anders in: een onbestaanbare gruweldaad, een offer dat nooit gebracht had mogen worden. Zelfs als daarbij in ogenschouw wordt genomen dat Antares en zijn trippende gevolg oprecht handelen vanuit hun ‘innerlijke wezen’ en er altijd van uit zijn gegaan dat het nooit 22 december 2012 zal worden.

Als die dag toch aanbreekt – en er zullen nog talloze dagen volgen, om alle zonden te overdenken – is dat in wezen het begin van het einde. Niet van de wereld zoals wij die kennen, maar van de sekte die een eindeloze nachtmerrie is geworden voor de leden. Gezamenlijk roepen zij die nu weer op. Alleen Pablo Undurraga komt daarbij herkenbaar in beeld, de anderen kiezen ervoor om anoniem te blijven. Regisseur Santiago Correa vervat hun schokkende herinneringen in dramatisch getoonzette reconstructies, ondersteunt die met getuigenissen van direct betrokkenen, politieagenten, juristen en psychiaters en topt het geheel af met enkele ingenieuze symbolische sequenties.

Uiteindelijk spitst deze krachtige documentaire zich toe op de vraag of de sekteleden destijds toerekeningsvatbaar waren, of zodanig gehersenspoeld dat hun bijdrage aan dat ene fatale offer hen – formeel – niet kan worden aangerekend? En hoe kunnen ze zelf, inmiddels helemaal uitgetript, verder met hun leven, in de wetenschap dat de wereld weliswaar niet is vergaan, maar dat de wereld zoals zij die kennen ook nooit meer dezelfde zal zijn?

We Are Legion: The Story Of The Hacktivists 

Luminant Media

Als Brian Knappenbergers documentaire We Are Legion: The Story Of The Hacktivists (95 min.) in 2012 wordt uitgebracht, hangt er nog een positief sentiment rond 4chan, het online-platform waar het hackerscollectief is ontstaan. Natuurlijk, de grenzen van het betamelijke worden er continu afgetast en zo nu en dan ook flink overschreden, maar dat zijn uiteindelijk niet meer dan bijeffecten van het onwankelbare geloof in een waarlijk vrij internet. En zodra de vrijheid van meningsuiting wordt ingeperkt, vormen al die individuele hackertjes zowaar een gezichtsloos leger: Anonymous.

‘Anonymous invites you to join us in an act of solidarity’, roept een video in 2008 bijvoorbeeld op tot actie tegen de omstreden sekte Scientology. ‘Anonymous invites you to take up the banner of free speech, of human rights, of family and freedom. Join us in protests outside of Scientology centers worldwide.’ Zo wordt in 2008 Project Chanology opgestart. En inderdaad, niet veel later ontstaan overal in de wereld protesten bij Scientology-kantoren. Demonstranten met een Guy Fawkes-masker op, gepopulariseerd door de film V For Vendetta en overgenomen door Anonymous, zetten de toon.

Ook de acties van ‘Anons’ tegen de extreemrechtse talkradiohost Hal Turner, hun steun aan WikiLeaks, Operation Payback (vóór internetpiraterij) en hun bijdrage aan de Arabische Lente, die alle ruimte krijgen in Knappenbergers optimistische film, kunnen waarschijnlijk nog altijd menigeens goedkeuring wegdragen. Anonymous, met al z’n botsende ideeën, onorthodoxe methoden en algehele anarchie, wordt anno 2012 over het algemeen gezien als een kracht voor het goede, als een geheel bijdetijdse uitvoering van het Power To The People-principe.

De sleutelfiguren uit de turbulente Anonymous-historie klinken in deze film dan ook trots op hun bijdrage. Ze beschouwen zichzelf duidelijk als moderne uitvoeringen van Robin Hood, als activisten die ten faveure van het volk opstaan tegen de macht. ‘Ik heb op de bergtop genaamd Anonymous gestaan en zag onder me een wereld die in de ban is geraakt van revolutie’, zegt een hacktivist, die zichzelf Commander X noemt, zelfs trots bij beelden van de dan opkomende Occupy Wall Street-beweging. ‘Je voelt een siddering door je lijf als je zo meesurft op de golven van de geschiedenis.’

Twaalf jaar later ziet die wereld, vastgelegd in de recente documentaire The Antisocial Network: Memes To Mayhem, er compleet anders uit. Uit de rijen van de Anons is QAnon opgestaan. En 4chan, en afsplitsingen daarvan zoals 8chan, heeft zich ontwikkeld tot een soort openbaar riool, waarin iedereen anoniem zijn eigen vuil mag spuiten. Complottheorieën en extreemrechts hebben er vrij spel. Daar, in wat ooit de vrijplaats van het internet was, is ook de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021 aangejaagd, een serieuze poging om de Amerikaanse democratie de nek om te draaien.

Met de wijsheid van nu zijn de aanzetten daartoe hier en daar al te ontdekken in We Are Legion, bijvoorbeeld via de onbesuisde acties van de hackgroep LulzSec en het hacken, blocken en doxen van ogenschijnlijk tamelijk willekeurige organisaties. De anonimiteit van het internet biedt uiteindelijk meer vrijheid dan de mens blijkbaar aankan – al overheerst in deze zeer vermakelijke film toch nog echt het kwajongensgevoel van de allereerste generatie hackers. Die zocht eerst alle hoeken en gaten van die vrijheid op en begon daarna ongenadig de gevestigde orde tegen de haren in te strijken.

The Jinx Part Two

HBO Max

Het eerste seizoen van The Jinx gaat er in maart 2015 uit met een knal. Zeg maar gerust: met een gigantische explosie. In de fascinerende zesdelige true crime-serie legt Andrew Jarecki (Capturing The FriedmansRobert Durst op de grill. Het zwarte schaap van een vermogende familie uit New York wordt in verband gebracht met maar liefst drie afzonderlijke moorden: op zijn eerste echtgenote Kathleen McCormack, beste vriendin Susan Berman en buurman Morris Black. Durst ontkent alles. Als hij aan het eind van de slotaflevering naar het toilet gaat, legt een zendermicrofoon, volgens Jarecki bij toeval, echter vast hoe de vermeende moordenaar ‘There it is. You’re caught.’ tegen zichzelf zegt. ‘Killed them all, of course.’ 

Die bekentenis wordt wereldnieuws. Hoe kun je met een nieuw seizoen over zo’n daverende apotheose heen? En welke ontwikkelingen rechtvaardigen nog eens zes afleveringen? The Jinx Part Two (295 min.) start als Robert Durst net, een dag voordat dit spraakmakende slot wordt uitgezonden, is gearresteerd en vervolgt daarna met een blik achter de schermen bij het eerste seizoen, bijvoorbeeld van hoe de nabestaanden van Dursts slachtoffers bij Jarecki voor het eerst worden geconfronteerd met diens bekentenis. Daarna sluit de filmmaker, die zich al een jaar of vijftien vastbijt in de drievoudige moord, aan bij de gedreven cold case-onderzoeker John Lewin. Hij moet de zaak alsnog vlot trekken en voor de rechter proberen te brengen.

Durst presenteert zichzelf daar doelbewust als een fragiele oude man, waarvan het nog maar de vraag is of hij de rechtsgang wel helemaal vat. Hij spreekt daar openlijk open over tijdens telefoongesprekken met intimi, zoals zijn huidige echtgenote Debrah Charatan – ook al weet hij dat die waarschijnlijk worden afgeluisterd door Lewin. En die heeft ze blijkbaar tevens doorgespeeld aan Andrew Jarecki. De opnamen vormen één van de fundamenten onder dit tweede seizoen van The Jinx, dat de moorden op Dursts vrouw Kathie Durst en zijn beste vriendin Susan Berman wederom onder de loep neemt en vitale nieuwe feiten, bewijzen en getuigen presenteert. En de charmante engerd Robert Durst geeft daar dan op z’n geheel eigen wijze telefonisch commentaar op.

De serie komt tamelijk moeizaam op gang. Jarecki moet laveren tussen het ophalen van de voornaamste bevindingen van het eerste seizoen, de totstandkoming en impact daarvan én het verder brengen van het verhaal. Pas vanaf aflevering 3 neemt hij de gelegenheid om écht opnieuw in de afzonderlijke moordzaken te duiken en wint de serie zienderogen aan urgentie en spanning. Dan ontwikkelt The Jinx Part Two zich alsnog tot een waardevolle en uiteindelijk ook noodzakelijke aanvulling op die eerste voltreffer, die bovendien wordt afgetopt met een getuigenis onder ede van de onweerstaanbare schurk zelf. Tijdens het kruisverhoor legt Lewin Durst het vuur aan de schenen.

Dit gebeurt niet zonder humor. Als de aanklager een zeer uitgebreide vraag heeft gesteld, reageert de verdachte, die deze vanwege een haperend gehoor van een schermpje moet lezen, bijzonder sarcastisch. ‘Ik denk dat ik u moet feliciteren’, zegt hij. ‘U hebt uw persoonlijke record verbroken. U hebt achttien regels gevuld op mijn tablet.’ Lewin reageert direct: ‘En ik wil u feliciteren met het verbreken van het meineedrecord.’ Waarna Dursts advocaten natuurlijk bezwaar maken. De rechter is echter onverbiddelijk: ‘Overruled.’ Zelfs Durst is het er uiteindelijk mee eens dat hij meermaals heeft gelogen tijdens zijn verklaring. Welk rookgordijn probeert hij met die bekentenis nu weer op te trekken? Of is hij gewoon druk doende om verwarring te zaaien, zodat de feiten als vanzelf het onderspit delven?

Tegelijkertijd ontspint zich een fascinerend verbaal steekspel, dat te langen leste toch echt tot een vonnis moet leiden. In de intrigerende slotaflevering verlegt Jarecki zijn aandacht tenslotte naar de entourage van zijn hoofdpersoon. (Hoe) heeft die zijn misdaden gefaciliteerd? Ieder voor zich hebben ze in de spiegel gekeken en de vraag moeten beantwoorden die Lisa DePaulo van New York Magazine heel treffend heeft geformuleerd: wat kost mijn ziel? En daarmee komt dit tweede seizoen – en als het niet heel gek loopt: The Jinx als geheel – toch weer tot een climax. Niet met een gigantische explosie, maar met een nabrander die zich ook niet zomaar uit het geheugen laat verdrijven. Intussen is Part Two uitgegroeid tot een essentieel onderdeel van één van de beste en belangrijkste true crime-producties.

Deze bespreking is na elke aflevering bijgewerkt.

Total Trust

NTR

Op een beurs in Shanghai worden de nieuwste technische snufjes gepresenteerd. Een bril waarmee je in mensenmenigtes een verdachte kunt spotten. Of gezichtsherkenningscamera’s voor bussen, zodat voortvluchtigen en mensen op de zwarte lijst kunnen worden opgespoord. Het is duidelijk waarvoor een markt is in het hedendaagse China. En de staat zelf onderneemt ook permanent nieuwe initiatieven. ‘In de toekomst zal zwartrijden, tippelen, eten en drinken in de metro worden opgenomen in de persoonlijke sociale kredietgeschiedenis’, stelt een promofilmpje van het initiatief ‘Slimme Stad’ bijvoorbeeld. En het Skynet Project, ’s wereld grootste bewakingsnetwerk, mag dan al uit 170 miljoen camera’s bestaan, het is toch echt de bedoeling dat er nog eens 400 miljoen bij komen.

In Total Trust (91 min.) brengt Jialing Zhang, een in de VS woonachtige Chinese filmmaakster die eerder betrokken was bij de essentiële documentaires One Child Nation en In the Same Breath, deze surveillancesamenleving in beeld met overzichtsbeelden van kolossale steden, waarin de mens niet meer is dan een onbeduidend radertje in een ondoorgrondelijk systeem. Een dystopische wereld, waarin alles plat wordt geslagen, desnoods letterlijk, om de almacht van de staat in stand te houden. Het sociale observatie-pilot in Rongcheng is daarvan een uitstekend voorbeeld. In de plaatselijke gemeenschap is alles in strikte regeltjes vervat, die continu met de nieuwste technieken worden gecontroleerd. Big Data faciliteert zo een staat die volledige macht kan uitoefenen over z’n burgers.

Als iemand zich toch kritisch uitlaat over de autoriteiten, zoals de advocaat Chang Weiping, wordt die snel onschadelijk gemaakt. Chang heeft ‘onrechtmatig veroordeelden’ bijgestaan en is gearresteerd vanwege ‘aanzetten tot ondermijning van de staatsmacht’. Zijn vrouw Chen Zijuan en hun zoontje Tutu beijveren zich sindsdien voor zijn vrijlating. Ook de journaliste Sophia Huang Xueqin vraagt aandacht voor de zaak van de advocaat, die 2000 kilometer verderop wordt vastgehouden en zijn achterban met videodagboeken op de hoogte probeert te houden van hoe ’t met hem gaat. Sophia is onlangs ook aangehouden. Daarbij zijn biometrische gegevens afgenomen: iris, stem en vinger- en handpalmafdrukken. ‘Dus zelfs als ik een masker draag, kunnen ze me nog steeds identificeren.’

Sinds advocaat Wang Quanzhang in de gevangenis heeft gezeten vanwege zijn inzet voor mensenrechten, worden ook hij en zijn vrouw Li Wenzu permanent lastig gevallen door handlangers van het regime. Als Wang bijvoorbeeld thuis wordt geïnterviewd door een Japanse cameraploeg, krijgt hij daarna meteen telefoon van de politie. En zodra Li haar gezicht laat zien op een social media-account wordt dit direct geblokkeerd. In het appartementencomplex te Beijing waar ze samen met hun zoontje wonen worden zij ook permanent in de gaten gehouden met camera’s. En bij bijzondere gelegenheden posten er zelfs onbekende lieden voor de deur, die hem ook rustig barricaderen om het activistische echtpaar ervan te weerhouden om naar buiten te gaan.

Trefzeker schetst Total Trust met zulke unheimische cases het leven in een 1984-achtige controlestaat waar, met een slimme mix van moderne middelen en ouderwetse intimidatie de vrijheid van meningsuiting, en de bewegingsruimte van Chinezen die daarvan toch gebruik proberen te maken, steeds verder wordt ingeperkt. Totdat iedereen is gereduceerd tot een slaaf van het systeem.

Girls State

Apple TV+

Al tachtig jaar wordt in elke Amerikaanse staat een week georganiseerd waarin tieners zich kunnen bekwamen in het participeren in de democratie. Ze krijgen de opdracht om een eigen regering en justitieel systeem voor hun staat op te starten. Er zijn aparte programma’s voor jongens en meisjes. In de documentaire Boys State (2020) volgden Amanda McBaine en Jesse Moss wat Texaanse jongens ervan terecht brachten, deze zusterfilm concentreert zich op vijfhonderd meisjes uit Missouri.

Ook de Girls State (97 min.) van 2022 wordt natuurlijk bevolkt door idealistische, hyperambitieuze en nét iets te welbespraakte jongeren. Tegelijkertijd speelt er bij de meisjes nog iets anders: het glazen plafond waar (Amerikaanse) vrouwen nog altijd tegenaan hikken. Wie breekt erdoorheen? Als het aan Emily Worthmore ligt, wordt zij in 2040 de eerste vrouwelijke president. De conservatieve tiener zou overigens ook best televisiejournalist of rockgitarist willen worden. En liefst alle drie, natuurlijk.

Feit is echter dat vrouwen nog altijd ondervertegenwoordigd zijn in de Amerikaanse politiek en rechtspraak. En dat besluiten over typisch vrouwelijke thema’s zoals abortus, een heikel onderwerp in de Girls State omdat het Amerikaanse hooggerechtshof op datzelfde moment lijkt te gaan tornen aan het federale recht op abortus, doorgaans toch vooral worden genomen door vertegenwoordigers van de welbekende Old Boy State. Witte, gelovige en veelal conservatieve mannen, welteverstaan.

McBaine en Moss lopen mee met enkele participanten en registreren via hen de felle discussies, het politieke gekonkel en de gelikte campagnespeeches, waarbij nieuwe vriendinnen zomaar elkaars concurrent kunnen worden. Tegelijkertijd komt op dezelfde campus, voor het eerst in de historie, ook de Boys State van Missouri bij elkaar. Afgunstig kijken sommige meiden naar hoe ‘t er bij hen aan toegaat. Zelfs in de jeugdversie van de echte wereld blijken de mannen een streepje voor te hebben.

Die verschillen illustreren ten overvloede dat er nog een wereld te winnen is voor meisjes die hun Amerikaanse Droom willen waarmaken. En dat gaat ook beslist niet zonder slag of stoot, laat deze beurtelings hoopvolle en ontmoedigende ode aan de democratie zien, te beginnen in de eigen Girls State.

Justice, USA

HBO Max

Wie in de Verenigde Staten eenmaal in de mallemolen van justitie terecht is gekomen, moet heel veel moeite doen om er nog uit te kunnen stappen. ‘Uit landelijke cijfers blijkt: hoe meer een kind in contact komt met het strafsysteem’, stelt jeugdrechter Sheila Calloway in Justice, USA (307 min.). ‘Hoe groter de kans dat hij erin blijft.’ Deze zesdelige serie probeert het complete speelveld in beeld te brengen, via een zogenaamde 360 graden-kijk op het justitiële systeem van Nashville, Tennessee, waar elke dag zo’n 1500 tot 1700 mensen vastzitten. Marshall Goldberg en Randy Ferrell volgen een jaar lang enkele zaken, portretteren de betrokken mensen en brengen zo zowel de knelpunten in beeld als de momenten waarop de rechtsgang juist wel goed lijkt te werken.

Ze introduceren bijvoorbeeld Teresa Waters, een Afro-Amerikaanse vrouw die haar overspelige – althans dat is haar lezing van het verhaal – vriend John heeft bedreigd met een wapen. Zij zegt dat het zelfverdediging was, hij houdt staande dat hem weinig te verwijten valt. John heeft heel wat te verliezen: na een detentie van ruim elf jaar zit hij nog in zijn proeftijd. Als hem nu iets ten laste wordt gelegd, kan hij zomaar weer voor een hele tijd achter de tralies verdwijnen. De twee (ex-)geliefden zullen elkaar de navolgende periode afwisselend aantrekken en afstoten, ook voor de rechter. Intussen is ook Jerome, de voormalige echtgenoot van Teresa, nog in het spel. Hij heeft weliswaar een contactverbod, maar maakt haar het leven nog altijd zuur.

Via deze en andere casussen laat Justice, USA zien dat een detentie slechts zelden op zichzelf staat. De zaak van het zeventienjarige meisje Diamond Lewis maakt dat pijnlijk duidelijk. Zij zit al bijna twee jaar vast, vanwege een beroving die is uitgemond in moord. Diamond wordt als volwassene berecht en gaat akkoord met een schikking van 25 jaar gevangenisstraf. Zo ongeveer tegelijkertijd wordt haar vijftienjarige broertje Shubbie doodgeschoten. Haar vader Latherio Fizer en oudere broer Kethario zitten intussen ook vast. En in de vrouwengevangenis wordt Diamond opgevangen door Jessica Herman, een alleenstaande moeder met drie zoons die al bijna twee jaar in een cel zit. Zij heeft eerder dan weer een tijdje samengezeten met Diamonds moeder.

Bij de kapper komt het in de jeugdgevangenis intussen tot een confrontatie tussen de zeventienjarige Caleb Williams, lid van de plaatselijke 23-bende, en zijn leeftijdsgenoot Tristan, die al ruim een jaar vastzit voor een dubbele moord. En daarbij is dan weer een vriend van Caleb overleden. Ook Tristan lijkt belast door het verleden. Zijn oma was verslaafd, zijn vader overleed toen hij zes maanden oud was en zijn (tiener)moeder zat zes jaar in de gevangenis. Zij heeft zich daarna gerehabiliteerd en is verpleegkundige geworden. Het is de vraag of haar zoon dezelfde kans krijgt. Als Tristan niet kan aantonen dat hij op die fatale dag uit zelfverdediging handelde, kan hij zomaar veertig jaar krijgen. Intussen probeert hij vanuit de cel toch maar zijn middelbare schooldiploma te halen.

Zulke verhalen beginnen al snel vertrouwd te voelen. Vrijwel iedere gedetineerde heeft z’n eigen problematiek: een gewelddadig verleden, verslaving óf psychische problemen. Van dat laatste is Zachary Brill een tragisch voorbeeld. Hij speelde als honkballer voor de Texas Rangers, maar ontwikkelde een schizoaffectieve stoornis. Als zijn broer overlijdt aan een heroïneoverdosis, draait Zachary helemaal door. Zijn moeder moet haar eigen pensioenpot nu als onderpand gebruiken om de borgsom te kunnen ophoesten, waarmee haar zoon weer kan vrijkomen en werken aan zijn herstel. Inmiddels is er voor aangehouden inwoners van Nashville met mentale problemen zoals Zachary een Behavioral Care Center geopend, waar stabilisatie en behandeling voorop staan.

De slotaflevering van deze stevige serie – die gaandeweg wat in herhaling vervalt, maar dat is op zichzelf ook wel weer treffend – concentreert zich op zulke alternatieven voor gevangenisstraf. Een herstelgesprek bijvoorbeeld tussen de familie van een dertienjarige jongen die een auto-ongeluk veroorzaakte en de nabestaanden van de man die daarbij overleed. Want zelfs in een typisch Law & Order-land zoals de Verenigde Staten beginnen ze zich te realiseren, in de woorden van Ruby Joyner van het Davidson County Sheriff’s Office, dat alleen repressie niet volstaat. Want: beschadigde mensen beschadigen mensen.

A Dangerous Boy

Siggi Hakkari (l) en Julian Assange (r) / c: Allen Clark

‘Is this the most dangerous man in Iceland?’ schreeuwt de cover van The Reykjavik Grapevine op 19 juli 2013. Op de bijbehorende levensgrote foto staat Sigurdur Thordarson alias Siggi The Hacker, een twintigjarige computernerd die betrokken is geraakt bij het WikiLeaks-schandaal. Als IJslandse rechterhand van Julian Assange, de oprichter van de omstreden klokkenluiderssite (en hoofdpersoon van We Steal Secrets: The Story Of WikiLeaks), was Siggi direct betrokken bij de verspreiding van de beruchte Collateral Murder-video. Hij zou daarnaast echter ook als stiekeme informant voor de FBI hebben gefungeerd en diezelfde Assange hebben overgeleverd aan de Amerikaanse veiligheidsdienst.

De documentaire A Dangerous Boy (89 min.), waarvoor filmmaker Ole Bendtzen negen jaar lang heeft gefilmd met Siggi, start in 2014 als hij in de gevangenis van Reykjavik zit. ‘Ik hoop dat ik een goede ‘bad guy’ blijk te zijn’, zegt hij dan. Thordason is veroordeeld vanwege (betaalde) seks met een minderjarige jongen. Het leeftijdsverschil tussen hen was volgens de hacker echter maar anderhalf jaar. En hij heeft hem ook niet betaald, zegt hij, maar simpelweg enkele geschenken gegeven. De vraag rijst: zijn de beschuldigingen tegen Sigurdur misschien een afrekening, omdat hij via WikiLeaks – en eerder ook al via de reguliere IJslandse media – misstanden aan het licht heeft gebracht?

Julian Assange verblijft vanwege beschuldigingen van seksueel geweld immers ook al jarenlang in de Ecuadoriaanse ambassade te Londen, het onderwerp van de documentaire Ithaka: A Fight To Free Julian Assange, om zo uitlevering naar de Verenigde Staten te voorkomen. Siggi’s moeder Ragnheidur Sigurdardóttir, bodyguard Dan Sommer en advocaat Vilhjálmur Vilhjálmsson sluiten zeker niet uit dat ook hij erin is geluisd. Duidelijk is dat de jeugdige hacker de verkeerde mensen tegen zich in het harnas heeft gejaagd. Maar of dat de aanklachten van negen afzonderlijke tienerjongens verklaart? En in hoeverre is Siggi Hakkari eigenlijk verantwoordelijk voor de suïcide van één van hen?

Zulke suggesties blijven in elk geval niet zonder gevolgen. Als Thordason de gevangenis mag verlaten, staat hij te boek als crimineel en pedofiel. Hij wordt persona non grata in zijn eigen land. Gaandeweg komt er in dit intrigerende portret, naast het slachtoffer van wel hele bijzondere omstandigheden, echter ook een andere Siggi naar voren: een geboren manipulator, die ervoor zorgt dat hij, goedschiks dan wel kwaadschiks, krijgt wat hij wil. Bendtzen weet niet meer wat hij moet geloven – ook omdat WikiLeaks eveneens duchtig twijfel zaait – maar blijft in contact met Siggi, die zijn omgeving bespeelt als The Puppet Master, de oplichter uit een Netflix-docu waaraan hij zich spiegelt.

Een gevaarlijke jongen was hij altijd al. Op de basisschool hackte Sigurdur Thordarson bijvoorbeeld een schoolcomputer om de cijfers te verlagen van klasgenoten die hij niet mocht. Inmiddels lijkt Siggi het kinderspel voorbij en is het steeds de vraag op welke borden hij schaakt, met/tegen wie en wie van hen er dan schaak(mat) wordt gezet.

The Truth Vs. Alex Jones

HBO Max

Er moet toch een speciaal plekje in de hel zijn gereserveerd voor iemand die een gruwelijke ‘school shooting’ misbruikt voor eigen gewin. Nadat een twintigjarige man op vrijdag 14 december 2012 twintig zes- of zevenjarige kinderen en zes van hun begeleiders dood heeft geschoten op de Sandy Hook-basisschool in Newtown, noemt Alex Jones het nauwelijks te bevatten drama binnen twee uur een ‘false flag’-operatie. De schietpartij zou, volgens een volledig uit de lucht gegrepen complottheorie, een voorwendsel zijn om de wapens van gewone Amerikanen af te kunnen pakken.

Als Robbie Parker, de vader van één van de slachtoffertjes, een dag later een persconferentie geeft om iets over zijn dochter Emilie te vertellen, ziet Jones zijn kans schoon in z’n programma Infowars: hij beschuldigt de rouwende vader ervan dat hij in werkelijkheid een acteur is. De hele schietpartij is volgens hem in scène gezet. Vanaf dat moment zijn Emilie’s vader en moeder en de andere Sandy Hook-ouders vogelvrij verklaard. Terwijl internettrollen hen blijven bestoken met laster en bedreigingen, maken ‘verslaggevers’ van Jones ondertussen het plaatsje Newtown zelf onveilig.

Negeren, ontkennen of bestrijden, niets lijkt te helpen. De verhalen over de ‘hoax’ Sandy Hook blijken niet onschadelijk te maken, ook omdat Jones zelf ze maar blijft aanjagen. Andere complotdenkers die in The Truth Vs. Alex Jones (118 min.) aan het woord komen, blijven ook jaren na dato nog altijd volharden in hun eigen waarheden, ten koste van de nabestaanden. Het is niet moeilijk om parallellen te zien met de Nederlandse complotten rond de moord op Marianne Vaatstra, het vermeende netwerk van pedoseksuele satanisten in Bodegraven en de Deventer Moordzaak.

De gevolgen van Jones’ leugens zijn soms nauwelijks te bevatten. Iemand schrijft bijvoorbeeld een brief aan de ouders van Daniel Barden dat hij zojuist over zijn graf heeft staan plassen. Een ander waarschuwt hen dat hij Daniels graf gaat openen, om te bewijzen dat er helemaal geen lijk in ligt. Met zulke voorbeelden laat filmmaker Dan Reed (Leaving Neverland) zien dat de leugenachtige wereld en het achterliggende verdienmodel van Alex Jones echt geen ondergrens kent. Daarna sluit hij aan bij de rechtszaak die enkele Sandy Hook-ouders tegen de lekker binnenlopende ‘bullshitter’ aanspannen.

Wat het doel daarvan is? vraagt Reed aan één van de betrokken ouders. ‘De totale destructie van Alex Jones’, antwoordt Nicole Hockley, de moeder van de zesjarige Dylan. Vooralsnog probeert de verdachte de rechtszaal echter nog te gebruiken voor zijn eigen theaterstukjes, compleet met infomercials. Tussendoor blijft hij ook in zijn eigen show leugens, laster en samenzweringstheorieën verspreiden. Als hij daar onder ede over wordt bevraagd, levert dat ongenadig vuurwerk op – en de constatering dat Jones ook dan, meineed of niet, rustig een loopje met de waarheid blijft nemen.

Tegenover hem staan ouders die door de hel zijn gegaan en daar jarenlang steeds opnieuw naar moeten terugkeren als Jones weer kwaadaardige onzin over hen of hun vermoorde kinderen de wereld in heeft geslingerd. In de rechtbank botst hun menselijkheid en waardigheid op het cynisme van een man die letterlijk over lijken gaat en ’t dan ook nog bestaat om af en toe een pathetisch kuchje te laten horen – in een opzichtige poging om zelf medelijden op te wekken. Dat kan en mag niemand koud laten. Jones belichaamt de schaduwzijde van het recht op vrijheid van meningsuiting.

The Truth Vs. Alex Jones is daarmee een essentiële film van en over deze tijd. Over hoe kwetsbaar de waarheid is – bijna een kwart van de Amerikanen denkt nog altijd dat Sandy Hook een hoax is. Over het aanwakkeren van angst, woede en complotten als verdienmodel. En over de hardste schreeuwers daarachter, voor wie er écht geen ‘bad publicity’ bestaat – alleen maar aandacht en de daarmee verbonden inkomsten. Voor hen is er waarschijnlijk inderdaad dat ene speciale plekje gereserveerd – al blijft Alex Jones vooralsnog gewoon zijn eigen, bijzonder lucratieve, informatieoorlogen uitvechten.

Alex’s War (2022) is een portret van Alex Jones, waarin Amerika’s meest beruchte complotdenker wordt gevolgd in de aanloop naar de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021 en intussen zijn levensverhaal wordt verteld. Filmmaker Alex Lee Moyer laat de beelden daarbij voor zich spreken en plaatst geen kritische kanttekeningen.

Stormy

Peacock

‘It was awful but I didn’t say no’, zegt Stormy Daniels nu over de gebeurtenis, waarmee ze ook buiten de porno-industrie wereldberoemd is geworden. In 2006 ontmoet de 27-jarige Stormy (110 min.) bij een golftoernooi in Lake Tahoe de ruim dertig jaar oudere ondernemer en realityster Donald Trump. In zijn hotelkamer wil hij, vertelt ze in deze documentaire van Sarah Gibson, plotseling seks met haar. En zij laat het gebeuren.

In die tijd is Trump al getrouwd met zijn huidige, derde echtgenote Melania. Als hij zich negen jaar later kandidaat stelt voor het Amerikaanse presidentschap vormt het verhaal van zijn affaire met Stormy – echte naam: Stephanie Clifford – dus een bedreiging voor zijn politieke ambities. Daarom laat de Republikeinse presidentskandidaat zijn rechterhand Michael Cohen haar, nét voor de verkiezingen van 2016, 130.000 dollar betalen. Hij koopt daarmee, denkt ie, haar stilzwijgen.

In januari 2018, wanneer Donald Trump alweer een jaar president van de Verenigde Staten is, lekt de dubieuze deal echter uit. Stormy wordt subiet het mikpunt van Trumps omvangrijke trollenleger. Dat ze haar uitmaken voor hoer of slet kan ze best hebben, zegt Clifford daarover opvallend nuchter. Ze moeten het alleen niet wagen om haar een leugenaar te noemen. Als Michael Cohen de zaak dan ook nog lijkt te gaan behandelen in een boek, is de maat vol.

Daniels huurt een advocaat in, de publiciteitsgeile Michael Avenatti, die haar moet bevrijden van de geheimhoudingsverklaring die ze heeft getekend. Als ze op 25 maart 2018 besluit om haar verhaal te doen in het televisieprogramma 60 Minutes, sluit ook journalist Denver Nicks aan. Hij begint achter de schermen opnames te maken bij de zaak die dan allang verder reikt dan dat ene slippertje: heeft Trump misschien campagnefinancieringswetten overtreden?.

Nicks kan van binnenuit de emotionele achtbaan vastleggen waarin zijn hoofdpersoon in de navolgende periode terechtkomt. Daar zit de meerwaarde van deze film, die de achterkant van een in de pers breed uitgemeten politieke affaire kan laten zien: hoe Stephanie Clifford, haar echtgenoot Glen en hun dochtertje zich staande proberen te houden terwijl Stormy Daniels en plein public de strijd aanbindt met de president en zijn handlangers.

Trumps advocatenteam stelt in de navolgende jaren alles in het werk stelt om haar kapot te procederen. Clifford dreigt alles te verliezen wat ze heeft: haar huwelijk, haar inkomen én haar bewegingsvrijheid. Want de lieden die haar in 2018 nog vanaf een anoniem account uitscholden, uiten tegenwoordig rustig op eigen titel onverholen dreigementen. Aan het eind van deze boeiende film oogt ze dan ook verbitterd, moegestreden en bang.

Het beschadigde meisje uit een white trash-milieu, de ongenaakbare stripper en pornoster, de vrouw die zich dapper teweer stelt tegen de ‘grab ‘em by the pussy’-president, de onderneemster die tijdens dat proces ook gewoon de tering naar de nering zet met de striptour Make America Horny Again en het boek Full Disclosure en de moeder die koste wat het kost haar kind wil beschermen maakt tegenwoordig een ronduit geslagen indruk.

Terwijl haar Nemesis middenin zijn derde presidentscampagne zit en druk doende is om al z’n juridische problemen voor zich uit te schuiven, vreest zij bankroet en de gevangenis. De behoefte om haar kant van het verhaal over het voetlicht te brengen, zodat de wereld weet wat er zich tijdens en vooral na dat schmutzige bezoek aan Trumps hotelkamer heeft afgespeeld, lijkt stilaan te zijn gedoofd. Sommige gevechten mag/kun je nu eenmaal niet winnen.

De zwijggeldaffaire komt waarschijnlijk in het voorjaar van 2024 alsnog voor de rechter. Stormy Daniels lijkt dan te mogen getuigen.

Outreau: Un Cauchemar Français

Netflix

Als een rij vallende dominostenen. De één na de ander. Het begint met de bekentenis van Myriam Badaoui, een morsige vrouw uit de Tour du Renard-flat in het Noord-Franse stadje Outreau. En daarna gaan allerlei mensen uit haar directe omgeving, waaronder haar verdorven echtgenoot Thierry Delay, door de knieën en biechten gruwelijk misbruik van kinderen op. Totdat er in totaal zeventien verdachten zijn. Hun verklaringen worden bevestigd door de jeugdige slachtoffertjes. Het kan niet anders of de jonge onderzoeksrechter Fabrice Burgaud is in 2001 gestuit op een pedoschandaal van epische proporties, al snel De Zaak Outreau genaamd, waarbij ook nog een vijfjarig Belgisch meisje lijkt te zijn vermoord. Het is onvermijdelijk dat daarbij ook de link tussen Outreau en Dutroux, de beruchte pedoseksueel die in dezelfde regio actief was, wordt gelegd.

Binnen de mediahype die zo ontstaat blijkt het verdomd lastig om het kaf van het koren te scheiden en kritische vragen te stellen. Bestaat er bijvoorbeeld bewijsmateriaal van kindermisbruik en bestialiteit dat de onthutsende verklaringen en (zelf)beschuldigingen ondersteunt? En hebben de ondervragers hun gesprekspartners, waaronder dus hele jonge kinderen, wellicht woorden in de mond gelegd? Zulke vragen zijn sindsdien natuurlijk regelmatig gesteld. Zoals onlangs nog in de magnifieke docuserie L’Affaire D’Outreau (2023), waarin Olivier Ayache-Vidal en Agnès Pizzini de geruchtmakende zaak bijzonder grondig en ingenieus ontleden – met nagespeelde politieverhoren en rechtbankzittingen, waarbij er een wisselwerking ontstaat tussen de acteurs en de echte mensen die zij vertolken – en ook de emotionele impact op alle betrokkenen zeer overtuigend overbrengen.

Zo bezien komt Outreau: Un Cauchemar Français (182 min.) echt als mosterd na de maaltijd – al zorgt de release op Netflix er ongetwijfeld voor dat deze productie veel meer bekijks trekt dan z’n tegenganger. De vierdelige serie van Marika MathieuCamille Le PomellecAnna Kwak en Oron Adar beschikt ook over een uitgesproken troef: de man die ruim twintig jaar geleden de drijvende kracht achter De Zaak Outreau was, Fabrice Burgaud. Hij wordt terzijde gestaan door magistraten van de rechtbank in Boulogne-sur-Mer en krijgt uitgebreid weerwoord van de advocaten van de verdachten. Terwijl in L’Affaire D’Outreau vier van de zeventien verdachten, waaronder deurwaarder Alain Marécaux, aan het woord komen, beperkt deze serie zich tot Marécaux’s ex-vrouw Odile Polvèche. ‘Hij wilde onze onschuld niet bewijzen, zegt zij over onderzoeksrechter Burgaud. ‘Maar alleen onze schuld.’

Deze nieuwe miniserie richt zich ook minder op de individuele verhalen en betrokken mensen – al is slachtoffer Jonathan Delay, die nog altijd vasthoudt aan de belastende verklaringen die hij als kind aflegde, ook nu weer present. Outreau: Un Cauchemar Français – aangekleed met een maquette van het Tour du Renard-flatgebouw, rechtbanktekeningen en een visualisatie van Burgauds computer, met daarin de complete mappenstructuur van het strafdossier – focust zich vooral op het metaverhaal: hoe het Franse justitiële systeem zo opzichtig de fout kon ingaan. De verpersoonlijking daarvan denkt nog vaak terug aan de zaak. ‘Gelukkig heb je verdedigingsmechanismes’, zegt Fabrice Burgaud bedachtzaam in deze kritische, maar beslist niet hijgerige ontleding van de zaak die Frankrijk op z’n grondvesten deed schudden en nog altijd tot verbeelding spreekt. ‘Anders was ik gek geworden.’

Ook hij zal soms afvragen wie nu precies het duwtje tegen de eerste dominosteen heeft gegeven en waarom daarna niemand de tegenwoordigheid van geest had om het vallen, al was het maar voor even, tot staan te brengen?

To Kill A Tiger

Netflix

De mukhiya, het plaatselijke dorpshoofd, adviseert Ranjit om zijn dertienjarige dochter met één van de drie te laten trouwen. Dat zou de beste oplossing zijn. Dan kan die strafzaak worden geannuleerd. Het idee komt volgens hem uit de lokale gemeenschap. Ranjit en zijn vrouw Jaganti willen er echter niets van horen. Bij de bruiloft van een familielid is hun dochter ‘Kiran’ verkracht door drie mannen uit datzelfde dorp in de Indiase deelstaat Jharkhand. De verdachten zijn direct opgespoord en gearresteerd. Zij moeten dus gewoon worden vervolgd en krijgen zeker geen plek binnen Ranjits familie. Maar die stellingname kan wel eens gevolgen hebben voor hun eigen positie in het dorp.

Als Pushpa Sharma, één van de activisten van de Srijan Foundation die de familie ondersteunt, zich daar meldt om met de dorpsbewoners te praten, hullen de meesten zich in stilzwijgen. Één oudere vrouw is echter zeer uitgesproken: een huwelijk is de enige oplossing. ‘Haar huis is toch al in opspraak geraakt door die jongen, dus hoe kan met hem trouwen dan een slechte zaak zijn?’ Pushpa reageert direct: ‘Dat zou betekenen dat een jongen een leuk meisje alleen maar hoeft te verkrachten om haar te kunnen trouwen.’ De vrouw laat zich echter niet uit het veld slaan. ‘Kijk, ze kan nu toch niet meer met een andere man trouwen’, zegt ze gedecideerd. ‘Ze moet met hem trouwen.’

De straf voor de drie mannen kan volgens de dorpelingen beperkt blijven tot een lokale variant op drie dagen je telefoon inleveren en een week geen zakgeld. Zo hopen ze de boel een beetje bij elkaar te houden. Niemand is immers groter dan de gemeenschap. Die boodschap krijgen Ranjit en z’n gezin ook steeds weer te horen in de indringende documentaire To Kill A Tiger (128 min.) van Nisha Pahjua. De rijstboer met het schuldgevoel en de gepijnigde blik houdt echter voet bij stuk. Ook al krijgt zijn dochter haar onschuld en reinheid daarmee niet terug. Ook al worden ze als familie uitgekotst door hun dorpsgenoten. En ook al is er zelfs de serieuze dreiging dat hen iets wordt aangedaan.

‘Vind jij het verkeerd dat we de politie erbij hebben gehaald?’ vraagt moeder Jaganti aan Pahuja, die jarenlang aan hun zijde bivakkeert om de ontwikkelingen in de zaak vast te leggen. ‘Nee.’ De filmmaakster laat ook de (vrouwelijke) advocaat van de verdachten aan het woord en volgt een lid van de dorpsraad, die als getuige kan worden opgeroepen tijdens de rechtszaak en daar bepaald niet op zit te wachten. Want binnen de plaatselijke verhoudingen kan opkomen voor jezelf of de rechten van een slachtoffer ertoe leiden dat je uit de gemeenschap wordt verstoten. Het verhaal van Ranjit en zijn gezin is daarvan een schrijnend – en, voor westerse ogen, zelfs ronduit verbijsterend – voorbeeld.

Kalm en zorgvuldig registreert Nisha Pahuja, die zelf ook in het vizier komt van boze dorpelingen, alle verwikkelingen. Ze vangt en passant, ook met prachtige droneshots, een oogstrelende wereld waar de tijd nochtans stil lijkt te hebben gestaan en middeleeuwse waarden en normen nog altijd vanzelfsprekend lijken. Van misogynie of ‘victim blaming’ heeft sowieso nog nooit iemand gehoord. En elke poging om daar verandering in te brengen, kan zomaar afgestraft worden. Is het niet in het hier en nu, zo wordt ook Ranjit te verstaan gegeven, dan wellicht later. Als de ogen van de wereld zich allang weer op een andere misstand hebben gericht.