The Clinton Affair

A&E

Via het verleden kun je het heden begrijpen. Zo maakte de Oscar-winnende documentaireserie O.J.:Made In America enkele jaren geleden de historische context van de Black Lives Matter-beweging inzichtelijk. De zesdelige serie The Clinton Affair (300 min.), over de buitenechtelijke relatie die de Amerikaanse president Clinton halverwege de jaren negentig had met een Witte Huis-stagiaire, schildert al even overtuigend de voorgeschiedenis van het Trumpisme, #metoo en Russiagate.

Het is een klassieke scène geworden. Bill Clinton kijkt recht in de camera. ‘I did not have sexual relations with that woman’, klinkt het ferm. Hij neemt een korte pauze, alsof hij moeite moet doen om zich haar naam te herinneren, en dropt dan de naam die voor eeuwig aan hem verbonden zal blijven: ‘Miss Lewinsky’. Hij vervolgt: ‘I never told anybody to lie. Not a single time. Never! These allegations are false. And I need to go back to work for the American people.’

We weten allemaal hoe het verder zal lopen: Clinton moet toegeven dat hij er een geheel eigen definitie van een seksuele relatie op nahoudt en dat hij wel degelijk een verhouding heeft gehad met ‘that woman’. Het feit dat hij daarover heeft gelogen, en de suggestie dat hij ook Lewinsky zou hebben aangezet om te liegen, leidt tot een afzettingsprocedure. Van een impeachment van de populaire Democratische president zal het echter nooit komen.

Deze fascinerende serie van Blair Foster reconstrueert de seksuele en politieke affaire nauwgezet met enkele belangrijke spelers, zoals openbaar aanklager Ken Starr, Paula Jones (die Clinton eerder al beschuldigde van aanranding), de conservatieve literaire agent Lucianne Goldberg (die belastende telefoongesprekken van Lewinsky in de openbaarheid bracht) en – de grootste troef – Monica Lewinsky zelf. Een vrouw van halverwege veertig inmiddels, die openhartig en (zelf)kritisch terugkijkt op de kwestie die altijd aan haar zal blijven kleven.

In de aftiteling van The Clinton Affair schitteren twee namen vanzelfsprekend door afwezigheid: Bill en Hillary Clinton. Zij hebben niets te winnen bij het opnieuw oprakelen van een oud schandaal, dat volgens Hillary eerst en vooral ‘a vast right-wing conspiracy’ was. ‘Het probleem met het onderzoeken van de Clintons is dat ze zich gedragen alsof ze schuldig zijn’, stelt Solomon Wisenberg, een lid van Ken Starrs team dat het echtpaar destijds onder de loep nam. ‘Of ze nu schuldig zijn of niet.’

Ook Monica Lewinsky’s diabolische vertrouwelinge Linda Tripp ontbreekt helaas in de serie. Zij is het die Goldberg het geheim influistert van Lewinsky’s jurk, waarop een spermavlek van Clinton zou zitten. De literaire agent waarschuwt haar nog: ‘Je moet bereid zijn om haar te verliezen als vriendin.’ Tripp: ‘Dat besluit heb ik al genomen.’ Goldberg adviseert haar vervolgens om haar telefoontjes met Lewinsky op te nemen en speelt het verhaal daarna door aan een journalist van The Washington Post.

De opgenomen en uitgeschreven telefoongesprekken tussen Linda Tripp en Lucianne Goldberg getuigen van een enorm cynisme. Voor het beschadigen van ‘The Big Creep’ is alles geoorloofd, inclusief het misbruiken van het vertrouwen van Tripps naïeve vriendin Lewinsky, die vervolgens wordt blootgesteld aan slutshaming avant la lettre. Zij is de onbetwiste protagonist van deze serie. Dit is in essentie haar verhaal (en dat van haar ouders, die ook aan het woord komen), dat werd opgetekend tijdens twintig uur interview.

The Clinton Affair bevat bovendien een schat aan bijzonder archiefmateriaal, bijvoorbeeld van een bezoekje van Monica en haar vader en stiefmoeder aan Clinton in het Witte Huis, inclusief het maken van de verplichte groepsfoto. Of beelden van een jonge versie van Trump-medewerker Kellyanne Conway, die als opiniemaker van Fox News de regering Clinton ervan beschuldigt dat ze alles ontkent en criticasters belastert. Ook dat oogt onwerkelijk. Het is immers Conway die bijna twintig jaar later hoogstpersoonlijk de term ‘alternative facts’ zal munten.

Deze zesdelige televisiedocu is duidelijk meer dan een naargeestige trip nostalgia. De parallellen met het tijdperk Trump zijn talrijk. De ‘unfortunate encounters’ die Clinton zou hebben gehad met meerdere vrouwen doen bijvoorbeeld denken aan allerlei #metoo-kwesties, waaronder die rond de huidige president. Die wacht op zijn beurt misschien eveneens een impeachmentprocedure als het Russiagate-onderzoek tot dwingende conclusies leidt. En wie zou één van de ‘elves’ zijn geweest, die Hillary’s rechtse samenzwering in stilte juridisch heeft gefaciliteerd? Juist: een man die onlangs het middelpunt was van een gigantisch politiek moddergevecht.

De laag bij de grondse manier waarop de strijd tussen de Democratische president en zijn Republikeinse opponenten wordt uitgevochten en geëxploiteerd lijkt tegenwoordig bovendien gemeengoed te zijn in de (Amerikaanse) politiek. Op een verwrongen manier herhaalt dus ook deze geschiedenis zich.

Jonestown: Terror In The Jungle

Sundance

Of de grote leider nu David Koresh, Charles Manson of in dit geval Jim Jones heet, het patroon bij (religieuze) sektes is altijd hetzelfde: de man die zich ooit, wellicht met nobele motieven, heeft opgeworpen als bevlogen spreker en voorganger, gaat gaandeweg zozeer in zichzelf geloven dat het gevaarlijk wordt voor de buitenwereld en zijn eigen volgelingen.

Veertig jaar geleden, op 18 november 1978, kwam er zo in Guyana een dramatisch einde aan The Peoples Temple. Dominee Jim Jones overreedde, of verplichtte, zijn parochianen om een einde aan hun leven te maken. Ruim 900 mensen stierven in de nederzetting Jonestown door het drinken van fruitsap met het vergif cyanide erin – of, als ze niet wilden, verwurging of een dodelijk schot. Na een schietpartij, waarbij onder anderen een Amerikaans congreslid was gestorven, was de grond Jones te heet onder de voeten geworden.

De gedegen vierdelige documentaireserie Jonestown: Terror In The Jungle (170 min.), waarin regisseur Shan Nicholson archiefmateriaal combineert met gedramatiseerde scènes, reconstrueert met voormalige kerkleden, deskundigen én twee kinderen van Jones de opkomst van The Peoples Temple als een multiraciale kerk met een socialistische inslag en de onvermijdelijke neergang die daarna volgt, met een gruwelijke apotheose in de Guyaanse jungle tot gevolg.

Jim Jones verwordt in die periode van een gepassioneerde voorganger tot een maniakale machtswellusteling, die steeds meer toewijding vraagt van zijn familie en daarvoor alle mogelijke middelen inzet; van diverse vormen van emotionele chantage tot regelrechte oplichting, zoals de gefingeerde healings waarmee hij z’n gemeenschap van zijn directe lijn met God probeert te overtuigen. Of het nu om kanker of gewoon een gebroken been gaat, Jones beweert het te kunnen genezen.

Intussen grossiert de leider in paranoïde complottheorieën, een slimme manier om de buitenwereld op afstand te houden. De man raakt gaandeweg bovendien verslingerd aan drugs, een verslaving die moet worden gemaskeerd met een donkere zonnebril, en eigent zich natuurlijk ook de vrouwen van de sekte toe. Terwijl gewone kerkleden zich ver moeten houden van seks – die energie kan immers véél beter worden benut – gaat Jones zelf lekker zijn gang. 

Het is een klassiek sekteverhaal van een man die zichzelf boven de wet heeft gesteld, dat hier en daar doet denken aan het relaas van de Bhagwan-beweging, eerder dit jaar succesvol vervat in de documentaireserie Wild Wild Country. Jonestown: Terror In The Jungle concentreert zich echter minder op de conflicten van de sekte met de buitenwereld, maar probeert de innerlijke psychologie van de gemeenschap, en daarmee ook van Jim Jones zelf, te vatten.

‘Welk goed werk de kerk ook verrichtte’, zegt zijn zoon Stephan in de serie. ‘Mijn vader was vooral bezig met het bouwen van zijn eigen koninkrijk.’ Hij vocht volgens hem altijd met die stem van binnen, die zei dat hij niet goed genoeg was en hem uitmaakte voor fraudeur. Het inwendige gat dat Jones met geen mogelijkheid kreeg gedicht werd talloze anderen uiteindelijk fataal, zowel de sekteleden die sneuvelden in de jungle als anderen die de macabere dans met de dood ternauwernood wisten te ontspringen.

Over het tragische lot van Jonestown werden in de afgelopen jaren al diverse films gemaakt. Van speelfilms zoals Guyana Tragedy: The Jim Jones Story, met een angstaanjagende Powers Boothe als de getormenteerde sekteleider, tot Jonestown: The Life And Death Of Peoples Temple, die allebei in zijn geheel op YouTube zijn te bekijken.

Married To A Paedophile


Ze loopt naar de brievenbus in de voortuin. ‘Die daar met het busje is een schat’, wijst de blonde vrouw naar één van haar buren. ‘De man in die bungalow vond het lastig om met me te praten, maar zei dat ik niet bang hoefde te zijn.’ Ze kijkt naar enkele andere huizen en duidt: ‘vijand… vijand…’ De echtgenoot van de vrouw is zes weken eerder gearresteerd omdat hij kinderporno in zijn bezit had. Sindsdien voelt ook zij zich uitgekotst door de buurt. Even later laat ze thuis haar bruiloftsjurk zien. ‘Kun je hem vergeven?’, wil de interviewster weten. Resoluut: ‘Nee.’

Deze vrouw is niet wie ze lijkt. Hetzelfde geldt voor de andere vrouwen en hun echtgenoten die worden geportretteerd in deze Britse documentaire. Married To A Paedophile (69 min.), die woensdagavond wordt vertoond op NPO2 onder de noemer De Vrouw Van Een Pedofiel, is van oorsprong een audiodocumentaire. Regisseur Colette Camdenheeft later acteurs gevraagd om de interviews en bijbehorende scènes te playbacken. Het moet een enorme tour de force zijn geweest om de hele film lip-sync te krijgen.

Tegelijkertijd is het ook een drempel. Als kijker realiseer je je steeds opnieuw dat je naar acteurs kijkt en intussen de echte mensen hoort. Een tekst in beeld herinnert je daar, voor de zekerheid, ook regelmatig aan. In Groot-Brittannië hadden veel kijkers er toch moeite mee. Zeker bij zo’n beladen onderwerp kunnen sommige mensen nu eenmaal maar moeilijk de neiging onderdrukken om de hoofdpersonen de huid stijf te schelden. Nu moesten zij hun woede koelen op acteurs. Dat laat onverlet dat beeld en geluid in Married To A Paedophile razendknap zijn gecombineerd.

Wat je er ook van vindt, het is ook moedig te noemen dat deze film überhaupt is gemaakt – dapper van de direct betrokkenen én de acteurs. Ga er maar aanstaan. Neem de ongemakkelijke scène, waarin de door zijn perverse kijkgedrag aan lager wal geraakte docent Alex die de verjaardag van één van zijn dochters viert. Hij geeft haar een compliment voor een schilderij dat ze de voorgaande dag heeft gemaakt. ‘Doe iets met je kunstzinnigheid.’ ‘Ik denk veel na over welke kanten ik zou kunnen opgaan’, reageert zij ongedwongen. Hij lacht ongemakkelijk: ‘Ik ook.’

(Hoe) kun je verder met je leven met zo’n olifant in de kamer? Belet die je om te zijn wie je was, bent en wilt zijn? Of valt er op de één of andere manier omheen te leven? Deze televisiedocumentaire, die zonder ondertiteling ook op YouTube is te bekijken, maakt zulke elementaire kwesties bespreekbaar. Colette Camden schuwt ook de ongemakkelijke onderwerpen niet: fantaseerden de mannen bijvoorbeeld over hun eigen (klein)kinderen? Het zijn vragen waarop eigenlijk niemand het antwoord wil horen. Zoals je ook liever je ogen zou sluiten voor het feit dat sommige mensen, in de beslotenheid van hun eigen computer, op deze manier kunnen ontsporen en het bovendien nog maar de vraag is of ze ooit helemaal voor zichzelf kunnen instaan.

Whitney

Het moet niet gemakkelijk zijn geweest voor Kevin Macdonald; werken aan een documentaire over zangeres Whitney Houston en dan merken dat een concurrent je voor is. Ruim een jaar geleden verscheen Whitney: Can I Be Me, een aangrijpende film van Nick Broomfield over een vrouw die helemaal vast kwam te zitten in haar rol van popster en roemloos ten onder ging aan drugs.

Wat kan Macdonald, die eerder een prachtige biopic maakte van de Jamaicaanse reggaeheld Bob Marley, daar nog aan toevoegen? En dan heeft hij ook nog eens de schijn tegen; waar Broomfield geheel onafhankelijk kon opereren, presenteert zijn Schotse collega nu een geautoriseerde biografie. Zodat je je direct afvraagt wat de erven Houston eruit hebben laten halen en welke plooien zorgvuldig zijn gladgestreken.

Geen zorgen daarover. Whitney (120 min.) is bepaald geen afgevlakte biografie, maar pelt nog een aantal lagen extra af van het fenomeen Whitney Houston en komt zo nóg dichter bij het kwetsbare meisje Nippy dat daarachter verscholen bleef. De film komt zelfs met een pijnlijke onthulling, die de tragische neergang van de zangeres zou kunnen verklaren. Houstons moeder Cissy en tante Dionne Warwick hebben daar overigens meteen afstand van genomen. ‘Geruchten, verdachtmakingen en roddels’, stelden zij in een gezamenlijke verklaring.

Verder had Macdonald de beschikking over prachtig archiefmateriaal van de zangeres en kreeg hij toegang tot Houstons directe omgeving. Behalve haar zingende moeder Cissy, die overigens een zeer beperkte rol speelt in deze film, verschijnen ook haar broers Michael en Garland, enkele persoonlijke huisvrienden en ex-echtgenoot Bobby Brown  voor de camera. Tezamen leggen ze de puzzel Whitney – door criticasters overigens stelselmatig Whitey genoemd, omdat ze haar zwarte roots zou hebben verkwanseld.

Macdonald zet bovendien andere accenten dan Broomfield: Whitneys al dan niet lesbische verhouding tot haar personal assistant Robyn Crawford krijgt bijvoorbeeld minder gewicht en wordt ook in een andere context geplaatst. Al met al is dus ook deze Whitney-biopic zéér de moeite waard. Als losstaand portret, maar ook als vervolg op die andere visie op de geplaagde zangeres. In sommige levens zitten nu eenmaal meerdere films.

Selling Children


In India, dat zichzelf afficheert als de grootste democratie ter wereld, is de handel in kinderen aan de orde van de dag, zo betoogt Selling Children (58 min.). Overal in het immense land zijn rotbaantjes te doen en kloteklusjes op te knappen. Óók in de seksindustrie. Deze journalistieke documentaire presenteert een veelomvattende kijk op de welig tierende mensenhandel, die een spoor van vernieling door het land trekt.

Eerlijk gezegd moest ik zo nu en dan wel een beetje grinniken om regisseur Pankaj Rajinder Johar. Hij fungeert in deze road movie als alomtegenwoordige verteller en claimt op die manier erg veel ruimte in de zoektocht naar kinderhandel(aren), die begint bij de verdwenen dochter van zijn huishoudelijke hulp en hem uiteindelijk in alle uithoeken van India brengt.

Om zijn eigen rol te benadrukken zien we soms in beeld hoe Johar een bepaalde situatie staat te filmen of hoe hij, terwijl diezelfde camera werkeloos op zijn schoot ligt, een slachtoffer interviewt. Blijkbaar heeft hij een cameraman geïnstrueerd om dat te registreren. Daarmee zit de filmer de getuigenissen van de betrokkenen, hun familieleden én mensen die zich ooit schuldig maakten aan ‘trafficking’ (waaronder ook familieleden) soms een beetje in de weg.

De mensen die hun verhalen met hem delen worden nooit meer dan passanten. De enige constante is Johar zelf. Intussen brengt hij de omvang en reikwijdte van de problematiek wel overtuigend in kaart. En overal waar de Indiase filmmaker komt krijgt hij min of meer hetzelfde antwoord op de steeds weer opduikende waarom-vraag: armoede. Alle mensen die worden verhandeld behoren tot India’s laagste kaste en hebben geen nagel om aan hun kont te krabben.

I Was A Yazidi Slave


Nadat het leeuwendeel van de mannen van de Koerdische Jezidi-gemeenschap in Noord-Irak in 2014 (letterlijk) een kopje kleiner is gemaakt, besluit de nieuwe bezetter van de stad Sinjar, Islamitische Staat, zijn politiek van de verschroeide aarde ook toe te passen op de vrouwen. Die dienen natuurlijk sowieso maar één doel: het behagen van de mannen.

In I Was A Jazidi Slave (59 min.) reconstrueren enkele vrouwen die in handen vielen van de bebaarde barbaren hun ervaringen als sexslavin. Dat doen ze, eenmaal opgevangen in Duitsland, in een therapeutische context. Zodat ze straks een nieuw leven kunnen opbouwen in Europa. Tegelijkertijd kunnen met hun gedetailleerde getuigenissen de verantwoordelijke IS’ers misschien worden aangeklaagd bij het Internationaal Strafhof in Den Haag.

Deze journalistieke documentaire van David Evans laat behalve de vrouwen zelf ook diverse hulpverleners en mensenrechtenactivisten aan het woord. Zij geven ‘de zaak tegen IS’ gewicht en context, maar zorgen er tevens voor dat de docu, die ook nog is voorzien van een eikenhouten voice-over, erg praterig wordt en uiteindelijk meer aan het hoofd dan aan het hart appelleert. Terwijl Islamitische Staat toch echt onuitsprekelijke ellende heeft aangericht…

City Of Joy

Netflix

Verkrachting als strategisch wapen. Volgens Christine Schuler-Deschryver, één van de oprichters van City Of Joy (76 min.), wordt dit brute middel systematisch ingezet tijdens de oorlog in Congo. Een gebied waar genoeg vrouwen en kinderen zijn overweldigd stroomt immers vanzelf leeg en kan dus worden ingenomen. Prettige bijkomstigheid: verkrachting is niet alleen traumatisch voor de vrouw zelf. Het is ook een vernedering voor haar echtgenoot. Dikke kans dat hij haar verlaat.

Via de vrouw wordt zo de vijand, en uiteindelijk de gehele gemeenschap, ontwricht. Want wat kan er terecht komen van de kinderen die worden geboren uit zo’n gruwelijke gewelddaad? Hoe kunnen zij ooit anderen, vrouwen in het bijzonder, respecteren? In de ‘stad der vreugde’, een veilige enclave nabij de Oost-Congolese stad Bukavu, proberen ze die vicieuze cirkel te doorbreken. De slachtoffers van ‘seksueel terrorisme’ worden opgevangen, op de been geholpen en vervolgens voorbereid op een voortrekkersrol in de samenleving.

Belangrijk werk, van moedige mensen die zich onderscheiden tijdens een eindeloze en vrijwel vergeten oorlog, dat in deze documentaire van Madeleine Gavin terecht onder de aandacht wordt gebracht. De film zelf spreekt alleen minder tot de verbeelding. Indringende interviews en scènes genoeg, maar een dwingende narratief of dramatische ontwikkeling ontbreekt. City Of Joy werkt vooral als een krachtig pleidooi voor medemenselijkheid, van vrouwen én mannen die van geen opgeven willen weten.

Pervert Park


Je zult er maar wonen; in een Amerikaans trailer park met maar liefst 120 zedendelinquenten. Of ernaast. De buren noemen het Pervert Park (53 min.), een plek voor mannen en vrouwen die hun straf hebben uitgezeten. Binnen het Florida Justice Transitions-project, een initiatief van een moeder van een veroordeelde ‘sex offender’ die maar geen woonplek kon vinden, proberen ze de laatste stap te zetten naar een plek in de reguliere maatschappij.

In de Verenigde Staten bevat het register van zedendelinquenten meer dan 800.000 namen. Zij moeten uit de buurt blijven van plekken waar regelmatig kinderen komen. Duizend voet om precies te zijn, zo’n driehonderd meter. Bovendien zijn er inmiddels applicaties zoals Offender Locator beschikbaar, waarmee iedere geïnteresseerde kan zien welke viezeriken er in zijn directe omgeving wonen. Met naam, adres en foto erbij.

Ze zien er volstrekt normaal uit, de hoofdpersonen van deze indringende film van het Scandinavische echtpaar Frida en Lasse Barkfors uit 2014. Niet als de seksuele roofdieren of kinderlokkers die je misschien zou verwachten. Neem bijvoorbeeld de trieste vrouw, die jarenlang werd misbruikt door haar vader. Ze vertelt hoe ze zich, onder druk van een man die haar uit de brand zou helpen, vergreep aan haar eigen achtjarige zoon en die kerel via zijn computer liet meekijken. Hartverscheurend huilend: ‘He was my baby.’

Stuk voor stuk nemen de ‘perverts’, in interviews en groepsgesprekken, verantwoordelijkheid voor hun misdrijven. Coming clean, letterlijk. De meesten gaan zichtbaar gebukt onder berouw. Anderen zijn onthutsend eerlijk over zichzelf. Mensen zoals ik moeten in de gaten gehouden worden, zegt een man die in Mexico een vijfjarig meisje verkrachtte zonder omhaal van woorden. ‘Niet om ons te straffen of vernederen, maar om ons te helpen niet opnieuw in de fout te gaan.’

De Barkforsen schorten hun eigen waardeoordelen intussen op en leggen de verhalen van hun hoofdpersonen sereen en met compassie vast. Beschadigde mensen die niets anders wisten of konden dan zelf ook beschadigen. Ze zijn zich bewust van het stigma dat er rond hun daden hangt en besluiten er desondanks rond voor uit te komen. Dat mag je gerust dapper noemen. Daders worden zo weer mens. Die een gigantische misstap hebben begaan, dat wel. Na het zien van Pervert Park wordt het echter vrijwel onmogelijk om heel gemakkelijk ‘castreer ze!’ te blijven roepen.

I Am Evidence


Ik ben m’n eigen bewijsmateriaal. Mijn lichaam, bedoel ik. Of: mijn geest. Wat daarvan over is. Van mij. Verkracht voel ik me. Dat ben ik ook. Dubbel. Eerst lichamelijk. En nadien gevoelsmatig. Onderzocht. Ingrijpend. De sporen vastgelegd. En daarna? Niets. Helemaal niets.

Zo ongeveer moet het hebben gevoeld voor de hoofdpersonen van de documentaire I Am Evidence (85 min.) van Trish Adlesic en Geeta Gandbhir. Nadat ze aangifte deden van verkrachting, moesten ze een ingrijpend lichamelijk onderzoek van ettelijke uren ondergaan. Het resultaat daarvan, de zogenaamde rape kit, bevatte het bewijsmateriaal waarmee de dader zou moeten worden gezocht.

Zou. Moeten. Want in schrikbarend veel gevallen liggen diezelfde rape kits, nog steeds dichtgeseald, te verstoffen in een archief. Is het puur een kwestie van tijd- en geldgebrek dat deze sets nooit zijn gebruikt voor politieonderzoek? wil deze pamflettistische film weten. Of spreekt daaruit ook wantrouwen naar de aangiftes van de betrokken vrouwen? Zouden ze er misschien zelf om hebben gevraagd? En kún je eigenlijk wel verkracht worden als prostituee of binnen je relatie?

De oude aangiftes moeten alsnog onderzocht worden, vinden allerlei – vooral vrouwelijke – activisten, politieagenten en officieren van justitie. Een cold case team gaat die in behandeling nemen. In Cleveland vinden ze bijvoorbeeld een DNA-match voor meerdere verkrachtingen. Ze gaan op zoek naar één van de slachtoffers. Danielle werd in januari 1997 verkracht. Met een baby op de arm identificeert ze twintig jaar later alsnog de mogelijke dader. Hij is nog op vrije voeten, melden de onderzoekers erbij.

I Am Evidence toont diverse schrijnende gevallen. Van vrouwen die jaren na dato nog steeds in de knoop zitten met zichzelf, terwijl de betrokken mannen nooit (serieus) zijn onderzocht – laat staan veroordeeld. Soms worden ze zelfs van meerdere zaken verdacht. Al die jaren konden deze mogelijke serieverkrachters blijkbaar ongestoord hun gang gaan. Die wrange conclusie hamert deze traditioneel gemaakte docu er vol overtuiging in. Al had dat ook in wat minder speeltijd gekund.

De Hoofdvrouw

KRO-NCRV

Ze zit tegen een volledig witte achtergrond en kijkt recht in de camera. Dat probeert ze tenminste. Marijke zonder achternaam. Ze is duidelijk geëmotioneerd. Met horten en stoten doet ze haar verhaal: ‘Ik weet niet wat erger is: om te moeten zeggen dat mijn moeder is weggegaan en ons, mij, in de steek gelaten heeft en nooit meer is teruggekomen. Of dat ik ook nog moet zeggen wat ze gedaan heeft: dat ze veroordeeld is voor het misbruik van kinderen.’

Marijke keert terug naar de sekte De Gemeente Gods, waarin haar moeder van de profeet Sipke Vrieswijk de rol van De Hoofdvrouw (70 min.) toebedeeld had gekregen. Ze reconstrueert de gebeurtenissen met vader Hans, zus Annemieke, zussen van haar moeder en enkele voormalige sekteleden. Stuk voor stuk zijn ze onherkenbaar gemaakt. Alleen Marijke zelf toont zich aan de kijker. Het benadrukt de eenzame strijd waartoe ze zichzelf heeft verplicht.

De film die Hester Overmars daarover maakte is opgebouwd als een zoektocht. Naar het verleden van een religieuze gemeenschap, maar vooral naar haar moeder die ze al twintig jaar niet heeft gezien. Al te veel context krijgt de kijker daarbij niet. Die volgt gewoon Marijke. Zij probeert de witte plekken in haar geheugen (en leven) in te kleuren: wat bezielde haar moeder? Letterlijk. Of: wie? En dachten ze werkelijk dat ze uitverkoren waren door God?

Stukje bij beetje ontvouwt zich een dramatisch persoonlijk verhaal. De liefdevolle moeder uit die familiefilmpjes, hoe kon zij Vrieswijks ‘koningin’ worden? Marijke luistert naar oude geluidsopnames en wordt opnieuw emotioneel. Beelden van de sekte zelf zijn er niet – of krijgen we in elk geval niet te zien. Die kun je er wel bij bedenken. We zien vooral Marijke, innerlijk verscheurd, en haar gevecht om de waarheid boven tafel te krijgen. Intussen maakt ze zich klaar voor een dramatische confrontatie.

Seeing Allred

Netflix

Zou ze de meest gehate (en bewonderde) vrouw van Hollywood zijn? Gloria Allred, de gestaalde advocate die al ruim veertig jaar onvervaard de strijd aanbindt met mannen, veelal uit de entertainmentindustrie, die zich schuldig zouden hebben gemaakt aan geweld tegen en (seksueel) misbruik van vrouwen. Ze werkt inmiddels als een rode lap op elke stier, zogezegd.

In de perfect getimede biopic Seeing Allred (95 min.), die comfortabel kan meedeinen op de golven van verontwaardiging die de #metoo-beweging op dit moment veroorzaakt, zet ze haar tanden in de Amerikaanse comedian Bill Cosby. Hij zou gedurende zijn lange carrière tientallen vrouwen hebben gedrogeerd en misbruikt. Dat doet Allred op kenmerkende wijze: met bikkelharde statements, altijd enkele slachtoffers aan haar zijde en een hele rij camera’s en microfoons op haar gericht. Trial by media, zeggen critici.

Gloria Allred is één geworden met wat ze doet, zo geeft ze grif toe in deze film van Sophie Sartain en Roberta Grossman, die zowel haar carrière als persoonlijke leven omvat. Daarin komt ook de traumatische gebeurtenis aan de orde die haar ooit op het spoor zette van de strijd voor vrouwenrechten: een verkrachting waaraan ze ook nog een ongewenste zwangerschap overhield. Bij de navolgende illegale abortus legde de overtuigde feministe bijna het loodje. Waarna een verpleegster zou hebben gezegd: ‘this will teach you a lesson’.

Ze leerde er een geheel andere les van. Van leven met ongeschoren tanden. Met een wapperend wetboek in de ene en een uitgekiende mediastrategie in de andere hand trekt Gloria Allred ook in het tijdperk Trump, die eveneens door allerlei door haar begeleide vrouwen wordt beschuldigd van ongewenste intimiteiten, nog altijd ten strijde voor een vrouwvriendelijke(re) wereld. Haar dochter Lisa Bloom is bovendien in haar voetsporen getreden. Zij hielp bijvoorbeeld Bill O’Reilly van Fox News, door diverse vrouwen beschuldigd van seksuele intimidatie, pootje te lichten.

Deze pro-Allred film slalomt alleen wel erg soepel om Blooms korte periode als belangenbehartiger van Hollywoods ultieme seksuele roofdier Harvey Weinstein heen. Een ‘kolossale fout’, bekende ze later en ongetwijfeld ook een pijnlijke episode voor haar moeder Gloria. Het lijkt alsof de filmmaaksters de door hen bewonderde leeuwin Gloria Allred toch niet al te zeer tegen de manen in wilden strijken. Iets meer weerwoord had van deze interessante film écht een onontkoombaar #metoo-document kunnen maken.

Capturing The Friedmans

HBO

De man die altijd gewoon je vader was – en als scheikundeleraar bovendien een gewaardeerd lid van de lokale gemeenschap – blijkt ineens een pedoseksueel te zijn. Tijdens bijlessen thuis heeft hij zich bovendien vergrepen aan buurtkinderen. En, als klap op de vuurpijl, zou je broer Jesse hem daarbij terzijde hebben gestaan. Nee, het leven lacht David Friedman en zijn familie bepaald niet toe.

Regisseur Andrew Jarecki kwam het ongemakkelijke verhaal van Capturing The Friedmans (107 min.) op het spoor toen hij een portret wilde maken van de clown Silly Billy (alias David). Achter de clown bleek – heel clichématig, zou je bijna zeggen – een tragische figuur schuil te gaan, die gebukt ging onder een schokkende familiegeschiedenis met zijn vader en broer (waarin ook moeder Elaine een prominente rol speelt).

Deze openingsfilm van het IDFA in 2003 is geen documentaire met gemakkelijke antwoorden. Jarecki laat de meningen, visies en herinneringen van familieleden, vrienden, slachtoffers, politieagenten en deskundigen over wat er nu precies is gebeurd met elkaar botsen. Hoewel hij zijn eigen standpunt duidelijk laat doorschemeren – de regisseur participeerde later in pogingen om de zaak heropend te krijgen – blijft er tegelijkertijd voldoende ruimte voor twijfel.

Zoals de verhalen over seksueel misbruik, zo blijkt opnieuw in de huidige #MeToo-kwesties, vrijwel altijd worden omgeven met vragen. De feitelijke basis onder eventuele aanklachten is vaak flinterdun. En dan komt het neer op getuigenverklaringen en herinneringen. Waarbij niets zo onbetrouwbaar blijkt als onze waarneming, wat enkele jaren later in Nederland nog eens werd bevestigd bij de geruchtmakende Eper incestzaak. En in hoeverre laten die familiefilmpjes van vader Arnold eigenlijk de werkelijkheid zien?

Capturing The Friedmans keert een ingewikkelde zedenzaak helemaal binnenstebuiten en belandt daarbij in de donkerste hoekjes van een getroebleerd gezin, waarvan de kinderen opmerkelijk genoeg nog altijd meer sympathie lijken te hebben voor hun vader dan voor hun emotioneel afwezige moeder. Zo wordt pijnlijk duidelijk dat geen enkel familielid, onschuldig of niet, ongeschonden uit de strijd komt in deze klassieke documentaire.

Voyeur

Netflix

Het boek The Voyeur’s Motel moet in 2016 de kroon op de glorieuze carrière van Gay Talese als literaire journalist worden. Hij schreef over Frank Sinatra, Joe DiMaggio en de onlangs overleden Charles Manson en onderzocht in het veelbesproken boek Thy Neighbour’s Wife de seksuele moraal van Amerika in de jaren zestig en zeventig. Zo’n mooi verhaal, over een gluurder met zijn eigen motel, werd hem in zijn lange en imposante carrière echter niet eerder in de schoot geworpen.

De tintelende documentaire Voyeur (95 min.) belicht de pas de deux van twee hoogbejaarde mannen die hun leven en carrière met een daverende klap willen besluiten: de gevierde schrijver Talese, representant van de New Yorkse elite, en de schmutzige moteleigenaar Gerald Foos uit Colorado, die jarenlang via speciaal aangelegde roosters zijn eigen gasten bespiedde. Sinds 1980 hebben de mannen contact met elkaar. Ruim 35 jaar later besluiten ze om eindelijk naar buiten te treden.

De filmmakers Myles Kane en Josh Koury volgen de schrijver en zijn heerlijke ‘larger than life’-personage in de aanloop naar de publicatie van Taleses long read over Foos in The New Yorker, waarmee zijn boek lekker in de markt moet worden gezet. Niet veel later slaat de twijfel toe bij de oude rot Gay Talese, die alles al meegemaakt denkt te hebben: is dit een mooi verhaal óf gewoon te mooi om waar te zijn?

Het spannende verhaal van Talese en ‘peeping tom’ Gerald Foos heeft natuurlijk ook de interesse van Hollywood gewekt. Steven Spielberg en Sam Mendes hadden zelfs concrete plannen om er een speelfilm van te maken. Toen ze hoorden van de documentaire Voyeur hebben ze die echter afgeblazen.

An Open Secret


#MeToo. Sinds de schandalen rond onder anderen Harvey Weinstein, Kevin Spacey en Job Gosschalk is seksuele intimidatie, en de bijbehorende doofpotcultuur, ‘the talk of town’ in zowel Hollywood als Hilversum. Drie jaar geleden maakte Amy Berg al een film over dit thema, An Open Secret (99 min.)

En een geheim zou het ook blijven. Er kraaide geen haan naar de film, die nochtans was gemaakt door een gerenommeerde filmmaakster die enkele jaren daarvoor nog een Oscar-nominatie had gekregen voor Deliver Us From Evil. In die documentaire richtte Berg zich op seksueel misbruik binnen de katholieke kerk. Toen ze haar aandacht verlegde naar Hollywood, kwam daar echter aanmerkelijk minder respons op.

Is An Open Secret simpelweg aan de aandacht ontsnapt of – samenzwerinnggg! – doelbewust onschadelijk gemaakt? Wie zal het zeggen? Omdat de film nu ineens heel actueel is geworden, heeft Amy Berg hem in zijn geheel op Vimeo gezet. Zodat iedereen alsnog kan kijken naar het relaas van enkele kinder- en tieneracteurs die in handen vielen van onvervalste Hollywood-roofdieren.

De film begint met fragmenten uit een aflevering van de populaire eighties-sitcom Diff’rent Strokes, waarin een oudere man het schattige joch Arnold probeert te verleiden. Voor de acteur Todd Bridges, die Willis speelde in de Amerikaanse televisieserie, kwam dat nét iets te dichtbij. Hij liep al enkele jaren rond met een geheim, dat hij maar niet kreeg kwijtgespeeld.

En daarin blijkt Bridges bepaald niet de enige. In deze schokkende documentaire komen zowat alle situaties en voorbeelden voorbij, die in de afgelopen weken al zoveel tumult hebben veroorzaakt in Medialand. De slachtoffers zijn alleen (nog) jonger. Afgaande op de beerput die in An Open Secret voorzichtig open wordt getrokken, zal de stroom geruchten, beschuldigingen en ontkenningen/bekentenissen uit de entertainmentindustrie voorlopig niet opdrogen.

Behind The Altar


‘The cover-up is worse than the crime.’ Het adagio van het Watergate-schandaal, dat tegenwoordig ook vaak wordt gebezigd in relatie tot het Rusland-onderzoek rond Donald Trump, geldt eveneens voor de manier waarop de rooms-katholieke kerk in de afgelopen decennia is omgegaan met seksueel misbruik binnen haar gelederen. De doofpot geraakte stilaan overvol.

In de journalistieke documentaire Behind The Altar (53 min.) richt de Britse historicus John Dickie, die als verteller ook regelmatig (zonder al te duidelijke reden) door het beeld loopt, zich op de situatie binnen de kerk sinds de huidige paus Franciscus begin dit jaar een zero tolerance-beleid afkondigde. Heeft zijn ferme stellingname werkelijk een ommekeer veroorzaakt aan de basis, de plek waar het daadwerkelijke misbruik plaatsvindt, of fungeert die vooral als ‘window dressing’?

Met getuigenissen van deskundigen, slachtoffers en een (onherkenbaar gemaakte) dader schetst Dickie het beeld van een kerk die nog altijd het liefst zijn eigen boontjes dopt en justitie daarbij buiten beeld probeert te houden. Tegelijkertijd is er een perverse prikkel om de (financiële) schade beperkt te houden. Daardoor kan ’t achter het altaar nog altijd behoorlijk spoken.

Behind The Altar kan worden beschouwd als een soort vervolg op Deliver Us From Evil (2006) en Mea Maxima Culpa: Silence In The House Of God (2012), twee documentaires over misbruik binnen de katholieke kerk die overigens een stuk filmischer, verhalender en meeslepender zijn.

Jonestown


Bij een idee dat zo gruwelijk eindigt, kun je je nauwelijks voorstellen dat het ooit best mooi begon. De Amerikaanse dominee Jim Jones startte The Peoples Temple eind jaren vijftig als een christelijke gemeenschap, waarin zowel blank als zwart welkom was.

Ruim twintig later leidde hij zijn volgelingen met harde hand naar een onvermijdelijk geworden ondergang. Het idealistische idee was toen allang ondergesneeuwd geraakt. Gaandeweg werd Jones gewoon de archetypische sekteleider zoals we die uit talloze boeken en films kennen, met alle voor de hand liggende excessen.

De documentaire Jonestown: The Life And Death Of Peoples Temple (84 min.) schetst op aangrijpende wijze de helletocht die Jones aan zijn gevolg oplegt en die uiteindelijk culmineert in de dramatische daad waarmee hij zichzelf met bloedrode letters in de geschiedenisboeken heeft geschreven.

De Jacht Op de Match

VPRO

Vanavond vertoont NPO2 een documentaire van Hans Pool over de zoektocht naar de beruchte Utrechtse serieverkrachterDe Jacht Op De Match (89 min.) wordt verteld vanuit het perspectief van de rechercheurs en officieren van justitie, met bijzondere aandacht voor de inzet van DNA bij het onderzoek.

Intussen denkt filmmaker Pool hardop na over de maatschappelijke gevolgen van DNA-onderzoek en -gebruik; wat betekenen die voor onze privacy? Die regelmatig terugkerende voice-overs, waarmee de maker een soort Tegenlichtje lijkt te willen spelen, zijn het minst sterke deel van deze intrigerende documentaire.

Ze leiden een beetje af van de verbeten zoektocht van politie en justitie naar de man die Utrecht jarenlang in zijn gewelddadige greep hield en de manier waarop ze de verdachte, die na twintig jaar in beeld komt door een fietsdiefstal, uiteindelijk schaakmat proberen te zetten.

Want dat verhaal is boeiend genoeg en wordt in deze film ook prima verteld.