Echo – Theater In De TBS

Nederlands Film Festival

‘Ik denk dat stafleden in de kliniek in de regel wat meer echo’s zijn en de patiënten wat meer Narcissus zijn’, vertelt geestelijk verzorger en scriptschrijver Okke Wisse in Echo – Theater In De TBS (85 min.). ‘Dus het gevaar van het staflid is, is dat het alleen maar de echo is van de patiënt. En het gevaar van de patiënt is, is dat ie alleen maar de ander, het staflid, kan gebruiken voor zichzelf. Wat je eigenlijk zou hopen is dat op het toneel wat de kliniek is de Echo’s en Narcissussen gaan begrijpen dat ze vastzitten in zichzelf.’

En dan sluiten de betraliede deuren zich, aan het begin van deze intrigerende film van Ingrid Kamerling, voor de beslotenheid van de Van der Hoeven Kliniek in Utrecht. Daar werken geanonimiseerde patiënten in een intieme setting met behandelaars aan hun toekomst. Tegelijkertijd wordt er gerepeteerd voor een uitvoering van het klassieke verhaal van Narcissus, verliefd op zijn eigen spiegelbeeld, en de nimf Echo, die tevergeefs zijn aandacht probeert te trekken. De TBS-kliniek gaat overigens niet helemaal op slot, want ook wijkbewoners zijn van harte welkom om aan te sluiten bij de repetities voor de voorstelling.

Tijdens heel persoonlijke gesprekken met de verschillende hulpverleners, die veel dichter bij hun patiënten komen dan je als buitenstaander misschien zou verwachten, laat Kamerling de camera als spiegel fungeren. Letterlijk: in de cameralens is zij zelf als interviewer te zien, zodat haar gesprekspartners recht in de camera kunnen spreken. En figuurlijk: de camera als spiegel voor de werkelijkheid en ieders visie daarop. Aan de behandelaars legt de documentairemaakster, die tevens werkzaam is als psycholoog, bovendien de vraag voor wat zij eigenlijk komen halen en brengen in de kliniek – en of dat nog wel te dragen is.

Een jaar geleden bracht Ingrid Kamerling al de korte film Rusteloze Zielen: Echo’s Uit De TBS uit. In die voorstudie stonden enkele patiënten en hun theaterlessen centraal. Met deze groter opgezette zusterfilm, waarvoor drie jaar is gefilmd in de kliniek, wordt ook hun behandelteam vol in de spotlight gezet. Via (zelf)reflectie, interactie en theaterscènes van zowel patiënten als hulpverleners schildert Kamerling zo een alternatief portret van een wereld, die vaak als eng en gevaarlijk is afgespiegeld – en nochtans wordt bevolkt door gewone mensen, met stuk voor stuk hun eigen thema’s, verwachtingen en issues.

Blue Monday

Chester / KRO-NCRV

Zij kijken recht in de camera. En wij als kijkers een héél klein beetje in hun ziel. ‘Ik ben wel heel erg geneigd te geloven dat dit voor mij de juiste zoektocht en de juiste weg is’, zegt Jerry Allon, een dertiger die wil weten wie zijn biologische vader is. ‘En als dan blijkt dat het allemaal een platte ziekte is die mij gewoon maar op een spoor zet waar ik eigenlijk niet op had moeten zitten, zou ik dat wel erg vinden.’ Hij denkt hardop verder en concludeert vervolgens: ‘Dan ben ik toch zieker dan ik dacht.’

Dat is ook het lastige van psychoses, constateert hij in Blue Monday (55 min.), een documentaire van Ingrid Kamerling (die tevens werkzaam is als psycholoog en ook al het thematisch verwante Rusteloze Zielen, Scènes Uit De TBS en Echo – Theater In De TBS maakte). Je overtuigingen blijven in eerste instantie doorgaans dicht bij de realiteit en gaan er dan steeds meer langs lopen, Totdat je, zo heeft Jerry ervaren, helemaal vast zit in een horrorwereld. Los van de psychiatrische problematiek zelf moet dat een enorme mindfuck zijn. Als je jezelf al niet meer kunt vertrouwen…

Chester heeft soortgelijke ervaringen. Hij kent beide kanten van de medaille. De euforie: ‘Het is alsof je ineens door hebt hoe het universum werkt.’ En het diepe, diepe dal: ‘Ik dacht letterlijk dat ik in de hel was, om gemarteld te worden.’ Joyce is dan weer geneigd om zichzelf pijn te doen en heeft bij de stemmen die ze hoort ook nog eens elementaire vragen: ‘Wanneer is iets een psychose en wanneer is iets een spirituele crisis?’ Van de medische wereld heeft ze op dat vlak weinig te verwachten. Die willen de stemmen simpelweg wegdrukken met medicatie. ‘Ze vragen nooit: wat zeggen de stemmen?’

Kamerling geeft haar hoofdpersonen in Blue Monday alle gelegenheid om hun diepste zielenroerselen te delen en dringt zo echt door tot hun belevingswereld, die ze verder vervat in lange close-up shots en stemmige beelden van bovenaf of met opmerkelijk veel hoofdruimte. De drie hoofdpersonen maken daardoor een kwetsbare en onthechte indruk, die nog eens wordt versterkt door het weelderige geluidsdecor en de stemmige muziek. Het is duidelijk: Jerry, Chester en Joyce voeren elk hun eigen eenzame strijd, die bij anderen vaak voor onbegrip zorgt.

Aan het eind van de tunnel lijkt echter licht te gloren. Tijdens de film beginnen ze heel voorzichtig weer contact te maken met de buitenwereld, waarvoor zij soms zo vreemd lijken – en die voor hen ook vaak vreemd aanvoelt.

Als Mara Lacht

KRO-NCRV

‘Dat is iets voor de kinderarts’, concludeert de dienstdoende arts nuchter in de openingsscène van de aangrijpende documentaire Als Mara Lacht (55 min.). Hij heeft het zojuist geboren meisje, dat nog in de armen van haar moeder lag, kort onderzocht. Elke keer als hij haar handjes of voetjes aanraakte, begon Mara te huilen. Het baby’tje had duidelijk pijn. Die moet worden onderzocht.

25 Jaar later is de zuigeling van toen uitgegroeid tot een intelligente en zelfbewuste jonge vrouw. Mara Tempelman bleek een aangeboren spierziekte, de ziekte van Ullrich, te hebben en zit al haar hele leven in een rolstoel. Door haar aandoening is ze afhankelijk van allerlei apparaten en middelen, moet ze altijd in de buurt zijn van andere mensen en komt ze slechts beperkt toe aan zichzelf. Ze voelt zich ook een last voor anderen, haar ouders in het bijzonder.

‘Lastig lijf, goeie kop, zeggen wij altijd’, vertelt moeder Ingrid. Toch – of juist: daarom – kwam haar dochter gaandeweg tot een pijnlijke conclusie: Mara wilde haar leven (laten) beëindigen. ‘Er is nu een te grote discrepantie tussen wie ik eigenlijk ben en wil zijn en wie ik kan zijn met dit lichaam’, constateert ze nuchter. Haar menselijke waardigheid kwam in het geding. ‘Ik wil niet dood’, vertelde ze aan haar moeder, ‘maar ik wil ook dit leven niet meer.’

Mara’s vader Arnoud is van mening dat ze nog jaren verder kan. Hij beschouwt dat hele ‘euthanasiegebeuren’ als niet meer dan een allerlaatste redmiddel. Haar moeder heeft er intussen vooral moeite mee dat Mara die beslissing helemaal in haar eentje heeft moeten nemen. Documentairemaker Ans L’Espoir legt de gesprekken daarover en de ontwikkelingen die daaruit voortvloeien van dichtbij vast. Het resultaat is een fraaie en genuanceerde tv-film over vrijwillige levensbeëindiging, die echt tot nadenken stemt.

En dan, als Mara de keuze voor euthanasie al lijkt te hebben gemaakt, dient zich een onverwachte kans aan…

Als Mara Lacht is hier te bekijken.

Rusteloze Zielen: Scènes Uit De TBS

VPRO

Een hand speelt met een streng haar. Één enkel oog in een extreme close-up. Het oog zingt. ‘Couldn’t look you in the eye.’ Creep, Radioheads eerste hit. Ook de lippen vallen in. ‘I wish I was special. So fuckin’ special’. Een jonge vrouw, één met de woorden van zanger Thom Yorke. ‘But I’m a creep. I’m a weirdo. What the hell am I doing here?’ Ze wordt afgebroken voordat ze ‘I don’t belong here’ kan zingen.

Zij is ter beschikking gesteld. Veel meer dan die mond, de hand en dat oog krijgen we niet te zien van haar. ‘Ik ben geen lelijk persoon. Ik zie er wel goed uit’, zegt ze, buiten beeld. ‘Maar soms als ik in de spiegel kijk, zie ik weer helemaal dat verminkte gezicht. En omdat ik ooit eens een keer slachtoffer was, voordat dit allemaal begon in de TBS, ben ik dader geworden.’

De korte documentaire Rusteloze Zielen: Scènes Uit De TBS (25 min.) van Ingrid Kamerling richt zich niet op het dagelijks bestaan van TBS-patiënten, hun leefomstandigheden of het nut van de opgelegde maatregel. Dit is een zinnenprikkelende film over hoe enkele patiënten van de Utrechtse Van der Hoeven Kliniek in het reine willen komen met het verleden en hun leven ten goede proberen te keren. 

Óók, of júist, als ze een verpletterende boodschap hebben gekregen. ‘Je moet je richten op een leven binnen’ kreeg een andere jonge vrouw te horen. ‘Je komt nooit meer buiten.’ Het waren niet eens de stemmen in haar hoofd die spraken. Die haar eerder tot brandstichting hadden aangezet. En die haar nu vertellen dat de theaterdocent haar eigenlijk niet op het podium wil en steeds minder tekst zal geven.

Terwijl ze eigenlijk snakt naar dat spel. ‘Als je lang in TBS zit, word je niet meer aangeraakt. En als we samen spelen, raken we elkaar ook heel veel aan. En dat is gewoon heel fijn.’ En, ook niet onbelangrijk: de stemmen vallen stil. Even. Het geeft haar, en de andere deelnemers aan een theaterproject, wellicht de kans om binnenbrandjes te blussen en een nieuw beter ik te exploreren.

‘In de bajes zit je om wat je gedaan hebt…’, vertelt een doek in Delfts blauw. ‘In de TBS om wat je te doen hebt…’ Het is een opdracht waarmee ieder voor zich worstelt. Kamerling slaat dat proces van heel dichtbij gade en dringt zo door tot het zielenleven van haar personages, terwijl ze hen toch niet nodeloos onder het vergrootglas legt. Een nerveus tappende voet, voortdurend wrijvende vingers en een licht trillende haardos. Impressies uit levens in de pauzestand, die toch niet stil kunnen blijven staan.

Rusteloze Zielen: Scènes Uit De TBS is hier te bekijken.

There’s Something In The Water

Netflix

De term is helemaal van deze tijd, maar moet nog doordringen tot het dagelijkse discours: milieuracisme. ‘De onevenredige blootstelling van inheemse, zwarte of andere gekleurde gemeenschappen aan milieulasten en vervuilende stoffen’, aldus professor Ingrid Waldron, auteur van het boek waarop de documentaire There’s Something In The Water (71 min.) is gebaseerd.

De maakster daarvan, actrice Ellen Page (Hard Candy, Juno en Inception), raakte helemaal in de ban van Waldrons bevindingen en wilde die beslist naar een groter publiek brengen. In deze activistische documentaire gaat ze terug naar haar geboortegrond in Nova Scotia, waar minderheidsgemeenschappen stelselmatig zijn (en worden) vergiftigd. Want ook in Canada bepaalt je postcode volgens Waldron nog altijd je welzijn.

Deze film levert het tastbare bewijs: de roet van de afvalverbranding in het kustplaatsje Shelburne daalde als grauwe sneeuw neer op de bevolking van een zwarte buitenwijk, vertelt de plaatselijke schrijfster Louise Delisle. Het drinkwater verwerd intussen tot een dumpplek voor gevaarlijke stoffen. De gevolgen laten zich raden: agressieve vormen van kanker, die ongenadig huishouden in de gemeenschap.

‘Niet best’, concludeert Delisle met gevoel voor understatement, nadat ze tijdens een rit naar de gevreesde stortplaats talloze malen naar een huis heeft gewezen, met de boodschap: ‘… stierf aan kanker.’ De namen rijgen zich aaneen. Hele families zijn gedecimeerd. En dan te bedenken dat ze even verderop, in het ‘witte’ stadshart van Shelburne waar plaatselijke politici geen oor hebben voor hun grieven, natuurlijk wél schoon water hebben.

Zulk onrecht drijft dit verfilmde politieke pamflet, waarin de gedreven Ellen Page verschillende plekken in Nova Scotia bezoekt en ter plaatse de milieu- en menselijke schade opneemt met lokale activisten. Zonder overigens de beslissers, vervuilers of – zo je wilt – milieuracisten daarmee te confronteren of een kans op weerwoord te geven.

The Oslo Killing

Sundance

Wie vermoordde in 1974 de moeder van Maria Nielsen Iranzo? In haar appartement te Oslo werd de zwangere Deense vrouw op schokkende wijze van het leven beroofd. Terwijl haar vierjarige dochtertje toekeek. Het is een ervaring die Maria vanzelfsprekend nooit achter zich heeft kunnen laten. 45 Jaar na dato start ze haar eigen cold case-onderzoek.

De typische true crime-serie The Oslo Killing (250 min.) belicht alle hoeken en gaten van de geruchtmakende zaak, zet daarbij natuurlijk de nodige dwaalsporen uit en plaatst nét voor het einde van elke aflevering ook steeds een lekkere cliffhanger. Vakwerk, zou je kunnen zeggen. Waarbij Maria, ondersteund door haar oom en neef, bovendien een geloofwaardige protagonist is, voor wie de moordzaak een kwestie van levensbelang is.

Het helpt ook dat deze zesdelige serie van Ingrid Wevang en Pia Lykke niet alleen oude feiten en onderzoekspistes lijkt op te warmen, maar echt probeert om met de hedendaagse technieken nieuw bewijsmateriaal te vinden en daarmee verbanden te leggen. Het blijft alleen wel verdomd lastig om licht te brengen in een zaak die al bijna een halve eeuw onopgelost is. Ook al was er de hele tijd wel degelijk een voor de hand liggende verdachte, die nog eens goed onder handen moest worden genomen.

Behalve op nieuw onderzoek en nieuwe getuigenissen richt deze stevige serie zich tevens op de gevolgen van de moord voor het leven van Maria, die opgroeide bij haar Spaanse vader Enrique (de echtgenoot, sowieso altijd een potentiële verdachte in moordmysteries). In haar pogingen om eindelijk klaarheid te brengen in de zaak van haar moeder stuit ze op onbekende feiten, al dan niet gewillige getuigen én de Noorse bureaucratie, die een bevredigende uitkomst ernstig bemoeilijkt.

Oma En Chris & De Rode Auto

BNNVARA

Lekker enkele daagjes naar Luxemburg. Voor misschien wel haar allerlaatste vakantie. De 94-jarige Hildegard is ‘s ochtends alleen meestal even kwijt dat ze in het buitenland is. Haar kleinzoon Chris moet haar er elke dag bij het wakker maken aan herinneren. Liefdevol heeft hij zijn breekbare oma op sleeptouw genomen. De oude vrouw wordt echt verwend.

Het tweetal wordt gevolgd door nicht/kleindochter Ingrid Kamerling, die zelf, enigszins onvast, de camera ter hand neemt. In Oma En Chris & De Rode Auto (65 min.) observeert ze hoe Chris ook tijdens deze korte vakantie invulling geeft aan de belofte die hij ooit deed aan hun opa. Bij diens dood verzekerde Chris hem dat hij oma Hildegard nog enkele fijne jaren zou bezorgen. In ruil daarvoor kreeg hij de rode auto waarmee ze nu naar Luxemburg zijn afgereisd.

Het is bijna niet te geloven dat diezelfde opgeruimde Chris ooit is gediagnosticeerd met autisme, een kwalificatie die hij ver van zich werpt, en inmiddels in een speciale woongroep leeft. De mantelzorg die hij enkele dagen per week verleent aan zijn oma is onderdeel van zijn eigen activiteitenprogramma. Het voormalige zorgenkind is zowaar een zorgkind geworden.

Zo bezien is dit redelijke dubbelportret van de fragiele oudere vrouw en haar kleinzoon, gelardeerd met homevideo’s van Chris en familiefilmpjes, een hoopvolle film. Samen komen we voorbij onze eigen en elkaars beperkingen en kunnen we het leven (weer) aan, zo lijkt Kamerling te willen zeggen. En de lach van haar oma, als die uiteindelijk afscheid neemt van Chris, is ronduit onbetaalbaar.