Retour Madrid

In een tijd dat voetbal nog volledig in zwart-wit werd gespeeld, de belangrijkste bijzaak van de wereld eigenlijk een veredelde amateursport was en profspelers er dus regelmatig een herenmode- of sigarenzaak op na moesten houden, trad Ajax, net als komende week, ook al eens aan tegen Real Madrid. In 1967, in de eerste ronde van de Europa Cup 1, om precies te zijn. Na een 1-1 gelijkspel in Amsterdam maakte de ploeg van trainer Rinus Michels en spelers als Nuninga, Groot, Keizer, Swart en dat ene ontluikende supertalent uit Betondorp zich op voor een Retour Madrid (20 min.). In de Spaanse hoofdstad moest Ajax spelen tegen ‘De Koninklijke’, de succesvolste Europese voetbalclub van na de Tweede Wereldoorlog.

Nederland stelde destijds op Europees niveau bar weinig voor. Het totaalvoetbal, waarmee het Ajax van de dan inmiddels tot ‘De Generaal’ gebombardeerde Michels en zijn meesterlijke rechterhand Johan Cruijff begin jaren zeventig de wereld zou gaan domineren, stond nog in de kinderschoenen. In deze korte documentaire van Bert Haanstra uit 1968 oogt Michels als een ouderwetse schoolmeester, die bij zijn wedstrijdbespreking natuurlijk gebruik maakt van een traditioneel schoolbord. Het gaat maar om één ding, houdt hij zijn ploeg voor: geen seconde verslappen. En de latere ‘nummer veertien’ draagt intussen nog gewoon numero negen en wordt bovendien consequent ‘Cruijffie’ genoemd.

De commentator van dienst is niemand minder dan Philip Bloemendal. Met zijn deftige dictie en woordspielerei eist de onvergetelijke Polygoon-stem de absolute hoofdrol op. ‘Enfin’, concludeert hij met de gebruikelijke zwier en metalige stem, ‘Ajax is alle bevangenheid kwijt’ in ’de hel van Bernabeu’. Bloemendal, die zijn voice-overs waarschijnlijk echt pas achteraf heeft opgenomen, laat zich niettemin flink meeslepen door de hectiek van de wedstrijd in Madrid, die de hoofdmoot van deze compacte film vormt. ’Schieten, Cruijffie!’, roept hij tijdens de bloedstollende verlenging. ‘Oh, moeder! Oh, wat een kans!’ Hij is ook degene die de gaten moet dichten als de ene cameraman die toentertijd verantwoordelijk was voor de wedstrijdregistratie eens een belangrijk spelmoment heeft gemist.

Hoe groot het sportieve belang van de Nederlands-Spaanse tweekamp toentertijd ook was, Retour Madrid oogt nu bijna als een schoolreisje voor volwassenen, waarbij de Ajacieden zowaar eens met het vliegveld naar het buitenland mogen (en Johan zelfs in de cockpit), de kans krijgen om op het imposante Madrileense veld te trainen (maar niet bij de doelen!) en zich kunnen vergapen aan de goedgevulde bekerkast van de Spaanse club (waarin alleen de zilvervloot ontbreekt). En natuurlijk, zoals toentertijd ook gebruikelijk was in de Polygoon-journaals, wordt er altijd tijd ingeruimd voor hoogwaardigheidsbekleders, in dit geval een bezoek van een lid van de koninklijke familie. Terwijl haar Madrileense echtgenoot natuurlijk de thuisclub steunt, belooft prinses Irene plechtig dat ze voor Ajax zal supporteren.

Dit bijzonder vermakelijke tussendoortje van de grootmeester Haanstra, die in 1958 al een Oscar had gewonnen met zijn film Glas, blaast zo met verve het stof van het Nederland van de jaren vijftig, die hier te lande tot dik in de jaren zestig hebben geduurd. Daarbij komt een nostalgische voetbalwereld tevoorschijn, waarin de zilvervloot nog kan worden gewonnen, rond het veld voortdurend opgewekte marsmuziek klinkt en het publiek ‘boe!’ roept na overtredingen. En juichen gebeurt lekker ouderwets: bij een doelpunt steken ze simpelweg hun armen recht in de lucht en beginnen een heel klein beetje, niet te overdreven, op en neer te springen.

De korte documentaire Retour Madrid is hier in zijn geheel te bekijken.

The American Meme

Als Paris Hilton wordt gepresenteerd als boegbeeld van een wereldwijde ontwikkeling, dan weet je wel zo’n beetje wat die beweging inhoudt. Laten we haar een vertegenwoordiger van de plastic generatie noemen: volledig gericht op uiterlijke schijn en het schaamteloos exploiteren daarvan. Opportunisme in optima forma, als ultiem voorbeeld van een succesvol bestaan uitgeserveerd.

Zo, dat is eruit! Laat ik daarbij meteen een voorbehoud maken. Misschien hoort het ook zo: dat je niets van de volgende generatie begrijpt en je op basis daarvan zorgen maakt over de toekomst van de wereld. Zo verging het gabbers, punkers en hippies tenslotte ook. Stuk voor stuk uitgemaakt voor ‘de jeugd van tegenwoordig’ en voorzien van adjectieven als subversief, oppervlakkig en gevaarlijk.

‘Ik ben een 21-jarige, al twee decennia lang’, zegt Paris Hilton in The American Meme (98 min.). ‘Het is allemaal onderdeel van een imago en een merk en een product zijn. Het is net Groundhog Day. Alles wat ik doe is dezelfde shit op een andere dag.’ Is het oprechte reflectie van de vrouw, die ooit het lichtende voorbeeld was van Kim Kardashian (@kimkardashian, 121,7 miljoen volgers)? Of het verplichte, eveneens openlijk getoonde berouw na een onbezonnen jeugd, die je alle denkbare roem en geld heeft opgeleverd?

Geloof het of niet, Hilton (@parishilton, 9,9 miljoen volgers) lijkt één van de normalere personages in deze uiterst ongemakkelijke film van Bert Marcus, die verder wordt bevolkt door figuren als de getroebleerde Vine-comedian Brittany Furlan (@brittanyfurlan, 2,4 miljoen volgers), de onbeschaamde instagram-celebrity en zakenman The Fat Jewish (@thefatjewish, 10,8 miljoen volgers) en de Amerikaanse variant op onze eigen schuinsmarcheerder Mental Theo, Kirill Bichutsky (@slutwhisperer, 1,1 miljoen volgers).

Zij delen hun hele leven met hun instagram-achterban en laten in deze documentaire daarvan weer de achterkant zien. ‘Privacy is dood’, aldus Emily Ratajkowski (@emrata, 20,8 miljoen volgers), die ‘doorbrak’ met een topless optreden in de muziekvideo van Robin Thickes, Blurred Line. DJ Khaled (@djkhaled, 13 miljoen volgers) illustreert dat nog maar eens: zijn zoontje Asahd (@asahdkhaled, 2 miljoen volgers) heeft een eigen, dik gesponsord instagram-account. In zo’n wereld is er maar één logische president: Donald J. Trump.

Achter al dat uiterlijke vertoon zit, zo toont deze horrordocu doeltreffend aan, heel veel leegte en (veel te) gewoon persoonlijk leed. Van aandachtszoekers die vermoedelijk nooit zullen vinden waarnaar ze werkelijk verlangen. De enige die echt tegenwicht biedt is nota bene de acteur Matthew Felker, die zijn roem met name ontleent aan een kus met Britney Spears in de videoclip Toxic. Hoe toepasselijk. Felker heeft zich inmiddels afgekeerd van de social media en zet kanttekeningen bij al die influencers, die hun eigen monster hebben gecreëerd en geen idee hebben hoe ze dat ooit weer in zijn hok moeten krijgen.

Als kijker zit je erbij en kijk je ernaar. Verbaasd over de ondraaglijke lichtheid van dat bestaan. Geagiteerd door de schaamteloze exploitatie van alles en iedereen. En uiteindelijk helemaal murw vanwege je eigen onmacht om deze ongein te begrijpen of waarderen. Van deze wereld kan en wil je geen deel uitmaken, zoveel is zeker. Maar, ga je je door deze onrustbarende film afvragen: is er (straks) nog een andere?

En dan volgt meteen de relativering: met die genadeloos doorhakkende kaalkoppen, het anarchistische geteisem en dat werkschuwe tuig is het ook weer goed gekomen.

Interview With A Murderer

Zoals hier het land te klein leek na de al dan niet onterechte veroordelingen van Kees H., Lucia de B. en Ernest L. werd Groot-Brittannië aan het eind van de vorige eeuw opgeschrikt door enkele spraakmakende justitiële dwalingen. Behalve The Birmingham Six en The Guildford Four, die verantwoordelijk werden gehouden voor terroristische aanslagen van de IRA, was er ook een geruchtmakende zaak rond The Bridgewater Four.

Vier mannen werden opgepakt voor de moord op een dertienjarige krantenjongen, Carl Bridgewater, in 1978 en zouden uiteindelijk bijna twintig jaar achter slot en grendel doorbrengen. Totdat een grootscheepse mediacampagne in 1997 eindelijk tot de onvermijdelijke vrijspraak leidde.

Al die tijd was er een andere verdachte, ene Bert Spencer. Een man die vlak na de arrestatie van The Bridgewater Four zelf in de cel belandde en nooit werd veroordeeld voor de kindermoord, die tot op de dag van vandaag onopgelost is gebleven.

Spencer wil maar al te graag zijn kant van het verhaal vertellen en heeft daarom zelf contact opgenomen met criminoloog David Wilson. Voor de camera gaan ze de confrontatie met elkaar aan in de Britse true crime-documentaire Interview With A Murderer (80 min.), die in eigen land nogal wat stof deed opwaaien en vanavond wordt uitgezonden door Canvas.