Dark Rider

Docville

‘Gaan, gaan, gaan…’, brult Kevin Magee naar zijn maat Ben Felten. ‘Links.’
‘Gaan, gaan, gaan. Gaan, gaan, gaan. Links.
Gaan, gaan. Rechts. Rechts.
Links. Rechts. Rechts.
Rechts. Rechts.
Links. Links. Links.
Afbreken. Afbreken. Afbreken.’

Na afloop van een rit over een uitgestrekte zoutvlakte in Zuid-Australië constateert motorrijder Ben Felten met z’n begeleidingsteam dat hij overcompenseerde: hij maakte van Magee’s kleine links of rechts een grote. Dat schiet niet op. Samen met de oud-topcoureur moet Felten ervoor zorgen dat hij vasthoudt aan zijn lijn. Zigzaggen of zwabberen zou wel eens tot gevaarlijke situaties kunnen leiden en brengt hem sowieso niet bij de beoogde topsnelheid.

Net als andere deelnemers aan de Speed Week rijdt Felten puur op gevoel. Hij heeft alleen geen ogen om op koers te blijven. De 51-jarige Australiër heeft een degeneratieve oogziekte. Hij is sinds zijn 37e volledig blind. Samen met zijn boezemvriend ‘Magoo’, een voormalig Grand Prix-kampioen, wil hij het Guinness Book Of Records halen, als snelste blinde ter wereld. Daarvoor zal hij ruim 260 kilometer per uur moeten racen. Onder het motto: go fast or go home.

Dark Rider (93 min.) speelt zich af tegen een weergaloos decor, dat door cameraman Carl Rottiers is vervat in zinnenprikkelende panoramabeelden. Samen met point of view-shots vanaf de motor maken die Feltens queeste tot een belevenis. Tegelijkertijd komt deze documentaire van de Vlaamse filmmaakster (en motorrijdster) Eva Küpper ook héél dichtbij haar protagonist en diens boezemvriend. Zo wordt de film behalve enerverend en oogstrelend ook echt ontroerend.

Küpper introduceert tevens de dertienjarige Jed. Hij heeft eveneens een oogziekte en vraagt zich af hoe een leven met verminderd of zelfs zonder zicht eruit zal zien. Met zijn Kawasaki – nummerplaat: Blind1 – fungeert Ben Felten als rolmodel voor hem. Hij inspireert de jongen om zelf ook een motorfiets te bestijgen en, blind vertrouwend op zijn directe omgeving, het gaspedaal in te trappen. Net als Ben en ‘Magoo’ onderweg naar nieuwe stippen op de horizon.

Deze prachtige film is dan allang het niveau van de gemiddelde sportdocu ontstegen. Dark Rider is niets minder dan een ode aan het leven van mannenmannen, het aangaan van de uitdagingen die dat met zich meebrengt en de loyale vriendschap – veel smalltalk, stekelige grapjes en zo nu en dan een houterige knuffel – waarmee ze tegenslagen het hoofd proberen te bieden. En soms pinkt er iemand, stiekem, even een traantje weg.

WeWork

Hulu

‘We dedicate this

To the energy of we

Greater than any one of us

But inside each of us’

Tot zover het mission statement van WeWork

Het verhaal erachter is te goed om dood te checken. Over twee jonge entrepreneurs die niets minder dan de wereld willen veranderen: man achter de schermen Miguel McKelvey en boegbeeld Adam Neumann. De één groeide op in een woongroep te Oregon, de ander is afkomstig van een kibboets in Israël. Van een ik-wereld, gesymboliseerd door moderne verworvenheden als de iPhone en iPad, gaan zij hoogstpersoonlijk een wij-wereld maken. Hun bedrijf heet niet voor niets WeWork. Ze willen ‘de grootste netwerkgemeenschap van de planeet’ ontwikkelen, waar elke zichzelf respecterende startup bij wil horen. Met een totale waarde van zeker een miljard dollar, ook niet onbelangrijk.

Iedereen die de uitkomst kent ziet een zeepbel die erop wacht om te worden doorgeprikt – en herkent in de goeroe-achtige Adam Neumann direct een hipsterversie van de tweedehands autoverkoper. Het punt is: wie constateerde dat ‘live’, toen de illusie werd gecreëerd, tot algehele euforie leidde en op ramkoers begon te liggen met zoiets onhandigs als de realiteit? Wellicht rook een enkeling, vanuit de financiële wereld bijvoorbeeld, wel onraad, maar dan is er altijd nog zoiets als FOMO: fear of missing out. Wat nu als jij de situatie verkeerd inschat en de zilvervloot vervolgens bij je buurman komt binnenvaren?

Met voormalige medewerkers van WeWork – en ambitieuze spinoffs zoals WeLive en WeGrow – reconstrueert Jed Rothstein hoe de hotshot Neumann, met z’n al even streberige echtgenote Rebekah aan zijn zijde, werkelijk overal zijn marketingverhaal mag komen verkondigen, zodat het lijkt alsof zijn bedrijf inderdaad heel succesvol is. Totdat het kaartenhuis wel in elkaar moet vallen. In dat opzicht is WeWork (101 min.) een soort zusterfilm van de recente documentaires The Inventor: Out For Silicon Valley, Fyre: The Greatest Party That Never Happened en Rothsteins eigen The China Hustle. Over hoe een collectieve zinsbegoocheling gaandeweg alle betrokkenen van hun illusies berooft.

De Neumanns en McKelvey laten zelf verstek gaan in deze ontluisterende ontleding van hun geesteskind, die uiteindelijk een even voorspelbaar als pijnlijk einde kent. Het bedrog is echter al prominent aanwezig in de openingsscène van de film, die volledig bestaat uit opnames voor een promovideo om de beursgang van WeWork kracht bij te zetten. Adam Neumann weet dan allang dat de geur van gebakken lucht elk moment ook tot de buitenwereld kan doordringen, maar probeert de façade nog even op te houden. Zijn tekst wil er alleen maar niet vlot uitkomen. Op een onbewaakt ogenblik laat hij, tot grote hilariteit van alle betrokkenen, een duidelijk hoorbare wind. Het lachen zal hen de navolgende honderd minuten helemaal vergaan.

Enemies: The President, Justice & The FBI

Het is bijna gewoon geworden dat de Amerikaanse president Donald J. Trump (2016-…) zijn eigen Federal Bureau of Investigation de mantel uitveegt. ‘Very sad that the FBI missed all of the many signals sent out by the Florida school shooter’, tweette hij bijvoorbeeld op 18 februari van dit jaar na de ‘school shooting’ in Parkland, om daar vervolgens, volgens die geheel eigen Trump-logica, aan toe te voegen. ‘This is not acceptable. They are spending too much time trying to prove Russian collusion with the Trump campaign – there is no collusion. Get back to the basics and make us all proud!’

Spanningen met de FBI zijn echter bepaald niet alleen voorbehouden aan president Trump. De vierdelige documentaireserie Enemies: The President, Justice & The FBI (258 min.) van Jed Rothstein en Alex Gibney, geïnspireerd door het boek Enemies: A History Of The FBI van Tim Weiner uit 2012, toont aan dat de omgang tussen de regering en binnenlandse veiligheidsdienst vrijwel nooit zonder strubbelingen verloopt. Aflevering 1 richt zich bijvoorbeeld op de gemankeerde vriendschap tussen de legendarische directeur J. Edgar Hoover, een duistere figuur die ruim een halve eeuw directeur was, de mythe van de G-men in het leven riep en zijn macht op alle mogelijke manieren misbruikte, en de enige Amerikaanse president die ooit werd gedwongen om af te treden, Richard Nixon (1968-1974). Zijn pijnlijke vertrek had Nixon mede te danken aan Deep Throat, de geheimzinnige bron die de Washington Post-journalisten Bob Woodward en Carl Bernstein van de ene na de andere scoop voorzag in het Watergate-schandaal. Ruim dertig jaar later werd duidelijk dat achter het mysterieuze pseudoniem een G-man in hart en nieren schuilging, FBI-onderdirecteur Mark Felt.

De relatie tussen een president en de FBI is delicaat en poreus, zo blijkt eveneens uit de tweede en derde aflevering van Enemies als de presidenten Ronald Reagan (1980-1988) en Bill Clinton (1992-2000) in respectievelijk de Iran-contra Affaire en Monicagate verzeild zijn geraakt. Kan de leider in tijden van nood op rugdekking van de inlichtingendienst rekenen of probeert die hem dan juist pootje te lichten? In een gestileerde setting, waarin de geïnterviewden door gebruik van allerlei schermen subtiel in en uit beeld verdwijnen, proberen Rothstein en Gibney met (voormalige) medewerkers, stafleden van Amerikaanse presidenten en auteur Tim Weiner door te dringen tot het wezen van de organisatie. Gezamenlijk slagen ze erin om politieke schandalen waarover door de jaren heen al uitvoerig is bericht van extra context en diepte te voorzien. De parallellen met de voetangels en klemmen van het tijdperk Trump zijn onmiskenbaar. Het verleden is slechts een proloog voor het heden, willen de filmmakers maar zeggen. Zoals ook sommige beeldbepalende figuren van nu opnieuw opduiken in een eerdere crisis, soms in een totaal andere rol.

De afsluitende episode richt bijvoorbeeld de schijnwerper op de bekendste FBI-directeur sinds de diabolische Hoover. In 2004 gaat James Comey als onderminister van justitie de confrontatie aan met de regering van George W. Bush (2000-2008) over diens grootschalige surveillanceprogramma, waarbij gewone Amerikanen stiekem in de gaten worden gehouden. Ruim tien jaar later staat diezelfde Comey, inmiddels directeur van de inlichtingendienst, opnieuw in het middelpunt van de belangstelling. Eerst beschadigt hij de kandidatuur van Hillary Clinton voor het Amerikaanse presidentschap met persverklaringen over haar roekeloze omgang met vertrouwelijke e-mails. Daarna komt hij lijnrecht tegenover de man te staan die het presidentschap vervolgens heeft opgeëist. Trump eist een loyaliteitsverklaring. Als die uitblijft, stuurt hij Comey de laan uit. Daarmee zet hij ongewild het Russiagate-onderzoek in gang, dat wordt geleid door voormalig FBI-directeur Robert Mueller, een vertrouweling van James Comey die ook al aan diens zijde stond tijdens het conflict met de regering Bush. Over geschiedenis die zich blijft herhalen gesproken.

Enemies toont glashelder aan dat de meningsverschillen tussen regering en FBI aan het hart van de Amerikaanse rechtstaat raken. Als de FBI zomaar kan worden aangestuurd door een president, dan wordt de inlichtingendienst al snel een gevaarlijk politiek wapen. Als de FBI echter zijn eigen koers vaart, dan kan de organisatie inderdaad – zoals Trump te pas en vooral te onpas roept – een soort oncontroleerbare ‘deep state’ worden. Een middenweg is, blijkens de in deze miniserie geschetste turbulente historie van de inlichtingendienst, nauwelijks te bewandelen.

The China Hustle


Zelfs de poortwachters hebben geen idee. Dat zeggen ze tenminste. Toonaangevende accountants zetten moeiteloos hun handtekening onder de boekhouding van onbekende Chinese bedrijven, maar geven niet thuis als er wordt gevraagd naar de werkelijkheid achter die cijfers. Tot zover de officiële controle, waarop beleggers dachten te kunnen vertrouwen.

Intussen krijgen handige jongens vrij spel om Chinese bedrijven op slinkse wijze naar de Amerikaanse beurs te manoeuvreren en daar te presenteren met jaarcijfers die écht te goed zijn om waar te kunnen zijn. Probeer dat echter maar eens wijs te maken aan iemand met dollartekens in de ogen.

Je kunt zulke zwendel aan de kaak stellen. En als je dat slim doet, is dat weer een businessmodel op zichzelf, blijkt uit The China Hustle (84 min.). Shortselling noemen ze ‘t, volgens die geheel eigen logica van de financiële sector; je zet je geld erop dat de aandelen van een dubieus bedrijf snel zullen kelderen en loopt daarmee dan zelf binnen.

Populair word je daar niet mee, getuige deze ontluisterende film over de wereld van het grote geld. Illustratief is het venijn van Dick Fuld, de CEO van de bank Lehman Brothers. Net voor de financiële crisis van 2008 die door zijn eigen bank in gang werd gezet, zei hij over deze beurscowboys: ‘Ruk hun hart eruit en eet ze op voor ze doodgaan.’ Maar Fuld belazerde de kluit natuurlijk net zo goed.

De shortseller Dan David probeert ondertussen de klok te luiden over de misstanden in zijn bedrijfstak, maar in de politiek lijkt niemand te willen luisteren – laat staan dat ze willen weten waar de klepel hangt. De gedreven David fungeert als protagonist voor deze stevige witte boorden-thriller van Jed Rothstein. Goliath heeft in diezelfde film vele (gladgeschoren) gezichten.

The China Hustle is beslist onderhoudend, maar wordt nooit zo spannend als klassiekers in het genre zoals Enron: The Smartest Guys In The Room(van Alex Gibney, tevens producent van deze documentaire, die een carbon kopie lijkt van zijn eigen werk, inclusief sturende voice-over) en Oscar-winnaar Inside Job. Of komt dat vooral omdat we inmiddels gewend zijn geraakt aan de schimmige businessmodellen van de Firma Gebakken Lucht?