Kidnapped: Elizabeth Smart

Netflix

Als de veertienjarige Elizabeth Smart op 5 juni 2002 door een onbekende wordt ontvoerd uit haar eigen slaapkamer in de chique wijk Federal Heights in de Amerikaanse stad Salt Lake City, is er maar één getuige: haar jongere zus Mary Katherine.

‘Als je schreeuwt, schiet ik je neer’, zou de ontvoerder tegen Elizabeth hebben gezegd, volgens de verklaring van het negenjarige meisje bij de politie. ‘Anders doe ik je niets.’ Of ze de stem van de man herkende, wil de agent weten. ‘Ja’, zegt Mary Katherine bedremmeld. Daarmee richt ze, zonder dat ze het zelf doorheeft, de aandacht van de politie op haar eigen familie. En dan blijkt dat het huisalarm die avond toevallig was uitgeschakeld en dat het slaapkamerraam van de zussen helemaal geen braaksporen bevat. Rechercheurs bijten zich dus vast in Elizabeths directe familieleden.

Ruim twintig jaar later kijken Mary Katherine Smart, vader Ed, diens broers Dave en Tom én het slachtoffer zelf in de true crime-docu Kidnapped: Elizabeth Smart (91 min.) terug op wat er zich destijds heeft voltrokken in Salt Lake City, de hoofdstad van de Amerikaanse staat Utah en de Mormoonse Kerk die daar zetelt. In een tragische geschiedenis die onvermijdelijk doet denken aan de geruchtmakende zaken rond Madeleine McCann en JonBenét Ramsey. Alleen heeft het slachtoffer van deze kwestie, dat staat vanaf het begin vast, ’t er dus levend vanaf gebracht.

Bijna halverwege spoelt regisseur Benedict Sanderson zijn film terug en vertelt het verhaal van de ontvoering nóg eens, nu vanuit een ander perspectief. Zo wordt langzaam maar zeker duidelijk wat er is gebeurd met de vrome tiener, die negen maanden spoorloos is geweest en in die tijd een hel op aarde heeft leren kennen, en werkt deze degelijke docu, die nog wel wat dieper had mogen gaan, toe naar een enigszins Amerikaans einde.

The Echo Of The Capitol Attack – The Boy Who Turned In His Father

Jackson Reffitt / DR Sales

Aan de vooravond van de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2024 loopt in het gezin van Guy Reffitt de verkiezingskoorts véél hoger op dan elders. De man des huizes zit in de gevangenis. Hij is veroordeeld vanwege zijn bijdrage, als supporter van president Donald Trump, aan de bestorming van het Capitool op 6 januari 2021. Als Trump nu opnieuw wordt gekozen, krijgen ‘gijzelaars’ zoals Guy waarschijnlijk amnestie.

Niet alle leden van het Texaanse gezin zitten erop te wachten dat papa weer thuiskomt. Net als in veel andere Amerikaanse families heeft Trump voor tweespalt gezorgd bij de Reffitts. Guys linkse tienerzoon Jackson staat recht tegenover zijn vader, die behoort tot de gewelddadige rechtse anti-overheidsmilitie The Three Percenters. De FBI heeft Jackson zelfs geadviseerd om het ouderlijk huis in Wylie, Texas, te verlaten.

De spanningen tussen de twee zijn in 2021 al zo hoog opgelopen dat Guy z’n zoon heeft bedreigd en landverrader noemde. Waarna Jackson op zijn beurt de FBI heeft getipt op zijn vader. Dat is ook het startpunt voor The Echo Of The Capitol Attack – The Boy Who Turned In His Father (53 min.), waarin Steffen Kretz moeder Nicole Reffitt, Jackson en zijn twee zussen Sarah en Peyton volgt in afwachting van de verkiezingsuitslag.

Nicole heeft zich in de jaren na Guys arrestatie opgeworpen als een vurige spreekbuis namens de zogeheten ‘J6’ers’, Jackson houdt vast aan de kritiek op zijn vader en zijn zussen zoeken de gulden middenweg in deze lastige familiesituatie. Zij proberen vooral het beeld van hun vader als een gewelddadige man te nuanceren. Tegelijk spreekt Peyton ook uit dat ze vindt dat Trump verantwoordelijk is voor 6 januari.

Intussen dreigen de Reffitts alles, waaronder ook hun huis, kwijt te raken. Er hangt dus nogal wat af van die verkiezingsuitslag, in dit boeiende portret van een Amerikaans gezin, dat model staat voor de oplopende spanningen in de Verenigde Staten. Op microniveau is te zien hoe wat ooit vanzelfsprekend één was nu van binnenuit wordt verscheurd. Totdat er veel meer is wat hen verdeelt dan wat hen bindt.

Als Trumps opponent Kamala Harris in 2024 zou zijn verkozen, dan zat Guy Reffitt nu nog gewoon in de Cimaron Prison te Oklahoma. Zoals bekend zal het anders lopen. Zijn zoon Jackson is alvast verhuisd naar een geheime locatie en heeft, typisch Amerikaans, maar een vuurwapen aangeschaft.

Dogs Of War

BBC

Hoewel internationale wetten het inzetten van huurlingen bij gewapende conflicten verbieden, zijn er wereldwijd naar schatting zo’n 100.000 buitenlandse beroepssoldaten actief. ‘Oorlog is verslavend’, vertelt de Britse huursoldaat David Tomkins, die zo’n veertig jaar (mee)vocht en voor wapens zorgde in landen als Somalië, Koeweit, Afghanistan, Sierra Leone en Colombia in Dogs Of War (87 min.). ‘Chaos is verslavend. Het is net een drug. En ik vond het geweldig!’

Zijn carrière als huurling kreeg halverwege de jaren zeventig een pikstart in Angola. Toen er een burgeroorlog uitbrak in het Afrikaanse land, bleek er behoefte aan een explosievenexpert. En Dave had net naam gemaakt in Londen als bankrover. Met zelfgemaakte nitroglycerine bracht hij kluizen tot ontploffing. Zo’n man konden ze goed gebruiken. ‘Ik schaam me diep voor een aantal dingen die in Angola zijn gebeurd’, stelt David een halve eeuw later. ‘Die zouden nooit mogen gebeuren, in welke oorlog dan ook.’

Angola mocht dan een voorbeeld zijn van hoe ’t niet moest. Tomkins had de smaak wel degelijk te pakken gekregen. Volgende missie: het omleggen van president Étienne Eyadéma van Togo. Rationalisatie: de man had zelf zijn voorganger laten liquideren. Oog om oog, tand om tand. Opblazen, die kerel! Zover zou ’t echter nooit komen. Uiteindelijk ging Dave zelfs nog op bezoek bij Eyadéma, vertelt hij in deze boeiende film van David Whitney, waarin ie het verhaal van zijn loopbaan in de oorlogs- en wapenbusiness doet.

Van de revenuen daarvan kon hij zijn gezin prima onderhouden, stelt Tomkins. Er stond zowaar een Rolls Royce in de garage. Intussen viel en valt hij zichzelf niet lastig met ethische vragen. ‘I can’t be sorry for everybody in the world’, legt hij uit. ‘The world is what it is.’ Hij was nu eenmaal ‘proud to be a criminal’. Zo doet de gepensioneerde huurling elke kwestie af met een straffe oneliner. Over de jaren negentig, toen de halve wereld in brand stond, zegt ie bijvoorbeeld: ‘A bad time for the world, but good for me.’

David Whitney verbeeldt ‘s mans herinneringen met enigszins kluchtige reconstructies en kadert ze verder in met quotes van direct betrokkenen, deskundigen en de huurlingen Alex Lennox, Dean Shelley en Peter McAleese (die samen met Tomkins ook al was te zien in Killing Escobar, Whitneys reconstructie van hun mislukte moordaanslag op de Colombiaanse drugscrimineel). Samen schetsen zij letterlijk een gewetenloze business, waarin het eigen gewin voorop staat en de rest een zorg is voor anderen of voor later.

Als ík ‘t niet zou doen, zegt David Tomkins bijna letterlijk, dan zou een ander ’t doen. En wanneer David Whitney maar blijft doorvragen naar zijn gevoelens over z’n roemruchte verleden, schiet dat bij hem in het verkeerde keelgat. Hij heeft helemaal geen berouw. ‘I wouldn’t swap one day of my fucking life for you or anybody else’, bijt hij de filmmaker toe. ‘I live for me and my family only. That’s the end of the story… Done!’

Fabrizio Corona: Io Sono Notizia

Netflix

Als vrijwel geen ander belichaamt hij het hedendaagse Italië. Fabrizio Corona speelde ruim vijftien jaar geleden al een belangrijke bijrol in Erik Gandini’s documentaire Videocracy (2009), een ontluisterend portret van Silvio Berlusconi’s Italië, en is nu klaar voor zijn eigen (bull)shitshow: Fabrizio Corona: Io Sono Notizia (internationale titel: The Paparazzi King, 270 min.).

Corona is een man van totale schaamteloosheid. Hij kent, werkelijk waar, geen enkele gêne. Welke pijnlijke episode uit zijn leven ook de revue passeert in deze vijfdelige documentaireserie van Massimo Cappello – zijn chantagepogingen, ontsnapping of detentie – de ultieme ‘bad boy’ maakt er een sterk verhaal van. Waar hij natuurlijk als winnaar uitkomt – of op z’n minst met zijn zakken flink gevuld. Want Fabrizio is volledig geobsedeerd door seks, status én geld. Anderen zijn voor deze ‘profeet van het niets’ nooit een doel, aldus de Italiaanse schrijver Enrico dal Buono, maar een middel om te krijgen wat hij wil.

Fabrizio Corona’s verdienmodel is even geslepen als verdorven. Hij stuurt een netwerk van paparazzi-fotografen aan, die compromitterende foto’s van de Italiaanse ‘rich & famous’ maken. Die biedt Corona vervolgens aan bij de slachtoffers, zodat ze nooit worden gepubliceerd. Afpersing noemen ze dat ook wel in de gewone mensenwereld. En met hetzelfde gemak speelt hij dubbelspel. Zo laat ie bijvoorbeeld in het ene roddelblad foto’s van een buitenechtelijke affaire lekken, die door de maîtresse in kwestie dan bij de concurrent wordt ontkend. En overal wordt er grof geld verdiend. Tenminste, dat zegt hij…

Op een leugentje meer of meer kijkt Corona echter niet – ook niet in deze ‘autofictie’, waarin ook televisieproducent Lele Mora, eveneens prominent aanwezig in Videocracy, weer de show probeert te stelen als zijn beschermheilige. In een wereld waarin niets heilig is, welteverstaan. Op Lele’s feesten laten Italië’s sterren, fotomodellen en profiteurs zich graag zien en kan de foute playboy Corona, op wie Mora niet al te stiekem verkikkerd is, z’n modus operandi verfijnen. Als ‘meester in het ontdekken van lijken in de kast’ is ie maar van één man écht onder de indruk: Silvio Berlusconi. Net een stripfiguur. Met zelfs een eigen sarcofaag!

De gevolgen van Corona’s immorele acties blijven, te midden van alle ‘mooie’ verhalen, grotendeels buiten beeld in deze gelikte miniserie. Natuurlijk, zelfs Fabrizio’s eigen moeder Gabriella Previtera maakt er geen geheim van dat hij bepaald geen koorknaap is. De echte ellende blijft echter beperkt tot het relaas van zijn ex-vrouw, het voormalige Kroatische topmodel Nina Morić. Hij dwingt haar bijvoorbeeld tot abortus, maar geeft de kinderen vervolgens wel een naam. En zonder dat zij ervan weet, huurt manlief de paparazzifotograaf Maurizio Sorge in om smeuïge foto’s te maken van het consumeren van hun huwelijksreis. 

Hoewel Fabrizio Corona: Io Sono Notizia alle slinkse trucs, controverses en misstappen van de ‘charmante’ chanteur belicht, krijgt hij in deze erg lijvige miniserie tegelijkertijd alle ruimte om de übercoole foute kerel uit te hangen. Cappello geeft hem de kans om zich te verlustigen in zijn eigen schelmenstreken en benadrukt die nog eens met volvet nagespeelde scènes en ironische entre nous. Een parasitaire influencer avant la lettre, een ‘Berlusconist’ die allerlei ethische vragen oproept, wordt zo ongegeneerd op het schild gehesen als een held van onze tijd, van een wereld waarin roem álles is en slechte publiciteit blijkbaar écht niet bestaat.

The Cult Behind The Killer: The Andrea Yates Story

HBO Max

Als het schokkende verhaal – de Amerikaanse moeder Andrea Yates verdrinkt in 2021 zonder duidelijke aanleiding haar vijf jonge kinderen – nu eens gewoon sec, zonder een overdaad aan opzichtige true crime-clichés, zou worden verteld, dan was de miniserie The Cult Behind The Killer: The Andrea Yates Story (135 min.) vast een stuk beter te verteren zijn geweest. Dat trieste verhaal – de vrouw blijkt onder invloed van een sekteleider te hebben gehandeld – doet er namelijk wel toe.

Toegegeven, de titel van deze miniserie van Julian P. Hobbs en Elli Hakami doet geen al te serieus profiel vermoeden van een kwetsbare vrouw die wordt meegezogen in een religieuze dystopie, maar iets meer terughoudendheid zou al wonderen hebben gedaan. De brokstukken voor een meeslepende vertelling liggen er: Andrea’s echtgenoot Rusty beschermt zijn echtgenote bijvoorbeeld nog altijd en spreekt liefdevol over haar. David De La Isla zat jarenlang vast in dezelfde unheimische wereld als Andrea en kan die dus van binnenuit belichten. En Moses Storm groeide zelfs op in deze ongezonde omgeving.

Storm is tevens een neef van de man – zeg maar gerust: de kwade genius – die achter de schermen aan alle touwtjes trekt: de hel & verdoemenis-straatprediker Michael Woroniecki. Hij rijdt het land rond in een bus die moet doorgaan voor een moderne versie van Noach’s Ark en bindt van daaruit de strijd aan met Satan. Mike’s woord is in feite niets minder dan Gods woord. En hij verkondigt in diens naam natuurlijk ook het Einde der Tijden. Andrea Yates heeft zich door hem laten meeslepen naar de diepste diepten – en naar alle waarschijnlijkheid geholpen door een postnatale psychose.

En dan komt die hectische montage weer op gang, wordt er opnieuw een sinister muziekje ingestart en blijkt het personage Michael Woroniecki tot nóg karikaturalere proporties – tot de verpersoonlijking van, jawel, Het Kwaad – te kunnen worden opgeblazen. De gedachte is tegen die tijd bijna onvermijdelijk: laat maar.

Fase 8: Femicide

Posh Productions / BNNVARA

Met terugwerkende kracht zijn de voorgaande zeven fasen vaak duidelijk te herkennen. Een gewelddadig relatieverleden, fase 1. Twee: love bombing. En de derde: dwingende controle. Gaandeweg ontspoort de situatie steeds verder. Al snel zijn de incidenten niet meer op de vingers van één hand te tellen. De laatste fase, nummer acht, kondigt zich dan al min of meer aan: dodelijk geweld.

Aan de hand van vierhonderd gevallen van partnerdoding constateerde de Britse crimonoloog Jane Monckton-Smith dat femicide zich doorgaans in acht opeenvolgende fasen voltrekt. De Nederlandse slachtofferadvocaat Ine Avontuur neemt ze in de tweede aflevering van de vierdelige serie Fase 8: Femicide (170 min.) van Henk van der Aa en Jessica Villerius stapsgewijs door. Enkele geanonimiseerde vrouwen voegen daar hun eigen ervaringen aan toe, met een ex die wellicht in staat is tot vrouwenmoord.

Sinds 2014 worden er elk jaar ruim veertig vrouwen vermoord in Nederland, stelt Marieke Liem, hoogleraar Veiligheid en Interventies aan de Universiteit Leiden. Zij houdt al ruim tien jaar een femicide monitor bij. Ongeveer zestig procent van de slachtoffers, om en nabij de 25 vrouwen dus, wordt vermoord door hun huidige of ex-partner. Dat cijfer is niet onomstreden: soms lijkt het misschien alsof een vrouw zelf een einde aan haar leven heeft gemaakt, maar zijn er ook aanwijzingen dat er iets anders is gebeurd.

Layla, de zus van Laura van Zaal, is er bijvoorbeeld van overtuigd dat Laura begin 2024 is vermoord. De advocaat van de verdachte, haar ex-partner, brengt daar tijdens de rechtszaak tegenin dat dit ‘bevestigingsdenken’ is: zodra de term ‘femicide’ valt, kleurt die alle bevindingen rond een sterfgeval. Tegelijk is er die andere pijnlijke constatering: aan gevallen van femicide gaan volgens hoogleraar Marieke Liem doorgaans 33 tot 35 meldingen van huiselijk geweld vooraf. En toch is fase 8 onafwendbaar gebleken.

Voor Claudia is het bijvoorbeeld niet de vraag óf het ooit misgaat, zegt ze, maar wánneer haar ex toeslaat. Zij begint haar verhaal anoniem, maar besluit daarna om dit toch herkenbaar te doen. Wat heeft ze te verliezen? Behalve met slachtoffers en nabestaanden spreken Van der Aa en Villerius ook met rechtbankverslaggever Saskia Belleman, advocaat Richard Korver, forensisch psycholoog Madeleine Rijckmans, speciaal officier ‘femicide’ Berte van Heemst en Alfred Folkeringa, coördinator Zorg & Veiligheid bij de politie.

Ze laten ook enkele onherkenbaar gemaakte daders aan het woord. ‘Kijk, een man die z’n vrouw vermoordt, hij doet dat niet voor niks, hoor’, stelt Hannes, die is veroordeeld voor huiselijk geweld, bijvoorbeeld bijna vergoelijkend. ‘Daar zit echt iets achter.’ ‘Ruben’ zit al jaren in een TBS-kliniek. Hij heeft geen ex vermoord, maar een vrouw waarop hij zijn zinnen had gezet. ‘Dat wil ik hebben’, dacht hij toen ie haar zag. Zij wilde alleen geen relatie met hem. Terugdenkend aan zijn daad zegt Ruben letterlijk wat je met daders van vrouwenmoord associeert: als ik je niet mag hebben, dan mag niemand je hebben.

In de veelheid aan slachtofferverhalen en medewerking van enkele mannen zit ook de meerwaarde van deze interviewdocuserie, die is aangekleed met donkere shots en stemmige muziek. Femicide wordt zo in al z’n facetten behandeld, als het eindstation van een inktzwarte dynamiek. Het verhaal daarna, van hoe het leven verder gaat als je dochter, zus of moeder is vermoord, komt ook nog even aan de orde. Dit thema werd onlangs overigens ook behandeld in de indringende documentaire Blauwdruk, waarin vier vrouwen vertellen over de impact van de moord op hun moeder op hun eigen levens.

Uit deze en andere producties over dit veelbesproken onderwerp blijkt steeds weer: er is geen profielschets voor dé dader. Aan iemands uiterlijk, achtergrond of cultuur valt niet af te lezen of hij wellicht in staat is om datgene te doen wat iedereen vreest en verafschuwt. Zijn gedrag, vervat in die acht tragische fasen, zou wel voorspellende waarde kunnen hebben.

Ik Was Het Niet – Het Verhaal Van Laila B.

VPRO

Als de Noorse minister van Justitie Tor Mikkel Wara in 2018 dreigbrieven ontvangt, zijn huis wordt beklad met de belediging ‘rasisit’ en hakenkruizen en ook zijn dienstauto in vlammen opgaat, kijkt vrijwel iedereen direct naar ideologische tegenstanders van zijn rechts-populistische Vooruitgangspartij, Fremskrittpartiet.

Totdat zijn eigen echtgenote Laila Anita Bertheussen in beeld komt als verdachte. Zij ontkent echter ten stelligste dat ze iets met de intimidatie van doen heeft. Nog steeds – ondanks een veroordeling tot twintig maanden gevangenisstraf. Ook in de intrigerende documentaire Ik Was Het Niet – Het Verhaal Van Laila B. (56 min.) van de Nederlandse regisseur Stefanie de Brouwer. Terwijl ook echtgenoot Tor Mikkel inmiddels afstand heeft genomen van haar.

De zaak is vermoedelijk in gang gezet door de theatervoorstelling Ways Of Seeing in het Black Box Teater in Oslo. Het huis van Wara wordt daarin als achtergrond gebruikt. Laila zit in de zaal en legt deze inbreuk op haar privacy vast met haar mobiele telefoon. ‘Je vraagt je af: staat ze dit live te streamen naar een of ander platform?’ herinnert theatermaakster Hanan Benammar zich. Ze hoort pas later dat ‘t om de echtgenote van de minister gaat.

De Brouwer sluit aan als Bertheussen haar leven weer oppakt. Tijdens de rechtszaak heeft ze vooral van zich laten horen via zelfgemaakte tassen. Daarmee begint zij uit te drukken hoe ze zich voelt. ‘Ik was het niet’, staat er bijvoorbeeld op een fleurig groenrood exemplaar. Het is gaandeweg haar manier geworden om haar kant van het verhaal te doen. ‘Sorry dat ik je een zak noemde’, is er te lezen op een bloemetjestas. ‘Ik dacht dat dat bekend was.’

Laila Bertheussen houdt intussen stug vast aan haar eigen waarheid. De Brouwer bevraagt die wel, maar legt haar niet het vuur aan de schenen. Ze lijkt eerder het principe ‘show, don’t ask’ te huldigen. Door haar protagonist simpelweg te tonen – op bezoek in haar geboortedorp Lødingen, haar voormalige woning uitruimend of te gast bij het politieke festival Arendalsuka, waar ze haar tassen exposeert – laat die zelf wel zien uit welk hout ze is gesneden.

Achter dat koele uiterlijk schuilt een vrouw met een verleden, haar eigen uitdagingen en nauwelijks verholen rancune tegenover de man met wie ze een half leven samen was. Die zich sterk houdt, tóch naar binnen laat kijken en zichzelf opnieuw probeert uit te vinden – ook al blijft ze voor de buitenwacht vermoedelijk altijd de vrouw van Fremskrittpartiet-kopstuk Tor Mikkel Wara, die zijn tegenstanders verdacht probeerde te maken en zo zichzelf besmeurde.

Wadd: The Life & Times Of John C. Holmes

VCA

De echte Dirk Diggler heette John Holmes. De befaamde Amerikaanse regisseur Paul Thomas Anderson (Magnolia, There Will Be Blood en One Battle After Another) baseerde een speelfilm op zijn tumultueuze leven: Boogie Nights (1997), met Mark Wahlberg in de rol van Diggler/Holmes, een opvallend groot geschapen jongen die in de jaren zeventig zijn weg zocht (en vond) in de Amerikaanse seksindustrie.

Liefhebbers leerden Holmes in een hele serie films kennen als de actieheld Johnny Wadd. ‘Als je de namen van hedendaagse pornosterren noemt, heeft de gemiddelde huisvrouw geen idee over wie je ‘t hebt’, stelt Anderson in Wadd: The Life & Times Of John C. Holmes (105 min.), de documentaire van Cass Paley die een jaar later werd uitgebracht. ‘Maar als je John Holmes zegt, weet iedereen wie je bedoelt.’

Maar wie er werkelijk schuil ging achter dit icoon van de beginjaren van de Amerikaanse ‘adult entertainment industry’? Daarover deed Holmes bewust schimmig. Ja, dat hij met 14.000 vrouwen het bed had gedeeld, vertelde hij aan Jan en alleman – al was dit volgens zijn manager Bill Amerson klinkklare onzin. Zodra het persoonlijker werd, hield ie de boot echter af. Zo probeerde hij een pijnlijke jeugd af te schermen.

In de tijd dat ‘de Elvis Presley van de seksindustrie’ actief werd, waren bekende pornoproducenten zoals Larry FlyntAl Goldstein en Bill Margold verwikkeld in een epische strijd om de vrijheid van meningsuiting. Hoewel Holmes tot de grote sterren van de industrie werd gerekend, bleef hij daarbuiten. Hij was een ‘loner’. Zelfs regisseur Bob Vosse, die toch twintig jaar films met hem maakte, kreeg nooit z’n telefoonnummer.

Als dit postume portret z’n midpoint nadert, doen drugs hun intrede in Holmes’ leven. Tot dan toe had hij er naast z’n werk een min of meer normaal privéleven op na gehouden. Zijn eerste vrouw Sharon, die geanonimiseerd haar verhaal doet in deze film, was mordicus tegen zijn besluit om te gaan werken in de seksindustrie. Ze beweert zelfs dat ze nog nooit een pornofilm heeft gezien. Van drugs moest ze al helemaal niets hebben.

Toen haar echtgenoot verslingerd raakte aan cocaïne en al snel ook begon te freebasen, was niet alleen hun huwelijk reddeloos verloren. Intimi schetsen hoe Holmes vervolgens een toonbeeld werd van alle ellende die je met de seksindustrie associeert. Hij verdiende bij in de onderwereld, zette een minderjarige aan tot prostitutie, gedroeg zich onmogelijk op de filmset en ging ook gewoon door met werken toen hij besmet raakte met HIV.

En dan was er nog dat ene incident op 1 juli 1981, een kleine zeven jaar voordat Holmes op slechts 43-jarige leeftijd het loodje zou leggen. Dat bleek ook weer goed voor een Hollywood-film. Voor Wonderland (2003) kroop Val Kilmer in de huid van John Holmes, die verdacht werd van betrokkenheid bij een viervoudige moord. Het laatste restje beschaving was er toen wel vanaf bij de grootste Amerikaanse pornoster.

Al doet Cass Paley, een pseudoniem van Wesley Emerson, ruim tien jaar na zijn overlijden in Wadd: The Life & Times Of John C. Holmes nog wel een dappere poging om sympathie voor hem op te wekken als het doek daadwerkelijk valt.

Zabic Miss

HBO Max

Op negentienjarige leeftijd ligt de wereld aan haar voeten. Agnieszka Kotlarska, eerstejaars student aan de Wrochlaw Tech-universiteit, wordt eerst gekozen tot Miss Polen van 1991 en sleept daarna in Tokio ook nog de Miss International-titel in de wacht. In eigen land wordt ze daarna als een grote ster onthaald, als een schitterend voorbeeld van hoe het Oostblokland na de val van het IJzeren Gordijn de vrije wereld kan veroveren.

Achter de schermen moet Kotlarska echter een stalker, Jerzy Lisiewski, van zich afhouden, een man waarvan zij denkt dat hij geen echt gevaar voor haar vormt. De kijker van de driedelige true crime-serie Zabic Miss (internationale titel: Obsession: The Murder Of A Beauty Queen, 136 min.) weet natuurlijk wel beter. Dat Agnieszka’s sinistere belager zal toeslaan staat op voorhand vast. Het is, tragisch genoeg, alleen nog de vraag hoe, waar en wanneer.

Terwijl zij zich ontwikkelt tot een internationaal gevierd supermodel, trouwt met haar veel oudere jeugdliefde Jaroslaw Swiatek en samen met hem ook een kind krijgt, kijkt Jerzy vanuit de coulissen mee. Hij voelt zich genegeerd. ‘Ik geloof dat je even de tijd moet nemen voor iemand die daar echt naar verlangt’, zegt hij geheel in stijl, op geluidopnames van zijn verhoor. Jerzy uit zijn woede op straat. ‘Kurwa Kotlarska’, kalkt hij op talloze ramen en muren. Kotlarska, de slet. 

Haar echtgenoot Jaroslaw, diverse intimi en collega’s schetsen Agnieszka in deze geladen productie van Maciek Bielinski nochtans overtuigend als een vrouw met klasse, waarbij de schoonheid zeker niet alleen van buiten zit. De 36-jarige man die haar fataal wordt komt ondertussen, ook door de nogal clichématige gedramatiseerde scènes, over als een archetypische engerd, een gestoorde killer die in zijn eentje steeds verder afdaalt in zijn eigen hel en haar daarin meesleurt.

De moord op het net 24-jarige topmodel in augustus 1996 staat overigens niet op zichzelf. Ook andere ‘schoonheidskoninginnen’ en bekende Polen vertellen in Zabic Miss over hun onrustbarende ervaringen met stalkers. De dood van hun collega zorgt in Polen eerst voor ontzetting en daarna voor volkswoede, wanneer blijkt dat de dader niet voor de rest van zijn leven achter de tralies wordt gezet en dus ooit weer een gevaar voor de maatschappij zou kunnen vormen.

Bijna dertig jaar later ijlt zijn horrordaad nog altijd na, laat het aangrijpende slot van deze miniserie zien. Jaroslaw Swiatek heeft zich begrijpelijkerwijs ontwikkeld tot een overbeschermende vader. Na Agnieszka Kotlarska’s dood werd er een ‘beschermende paraplu’ over hun dochter Patrycja gelegd. Die kan nog altijd vrijwel niets over haar moeder zeggen, vertelt ze, ‘omdat ik niets voel’. Patrycja’s moeder is een symbool geworden, een onderwerp om te ontvluchten.

The Secrets We Bury

HBO Max

Vader George ging begin jaren zestig een spreekwoordelijk pakje sigaretten halen en kwam dus nooit meer terug. Moeder Dorothy verving hem al snel met een man uit de buurt, ene Richard Darress. Geen leuke vent, volgens haar kinderen. Ruim een halve eeuw later vragen Mike Carroll, zijn oudere broer Steve en hun zus Jean zich nog altijd af wat er toch is geworden van hun vader, de Korea-veteraan George Carroll. ‘Geen goeie kerel’, aldus hun moeder, de alom geliefde ‘Dotty’. Zij liet echter niet los of ze misschien toch meer wist over wat er met hem was gebeurd.

Jongste zoon Mike oogt tegenwoordig als een klassieke, nét iets te zware ‘all American guy’. Hij is altijd in het ouderlijk huis in Long Island blijven wonen, heeft daarvan een klassieke hoardersplek gemaakt en wordt nog steeds geplaagd door The Secrets We Bury (89 min.). Het zal uiteindelijk duren tot 31 oktober 2018 voordat er klaarheid komt in de zaak van hun vermiste vader. En ook dan staan er, zoals dat gaat in true crime-producties, nog heel wat vragen open. Over sommige antwoorden valt, zoveel jaar na dato, ook alleen te speculeren. Wie waarvan wist, bijvoorbeeld. En waar te graven.

Regisseur Patricia E. Gillespie loopt al deze kwesties gestructureerd af in deze gedegen docu, inclusief de rol van een helderziende in het ontdekken van wat er is gebeurd. Ze speelt ondertussen gedurig met spanning en verrassing, zet de ontwikkelingen in de zaak geroutineerd naar haar hand en ‘leukt’ de boel dan nog op met een spannend of stemmig muziekje. Gaandeweg wordt duidelijk dat het antwoord op alle vragen dicht bij huis is te vinden. Dan is ook al helder hoeveel schade het jeugdtrauma van de Carrolls, en de geheimen die daar nog achter vandaan komen, heeft veroorzaakt in hun levens.

Predators

MTV

Oprah Winfrey omarmt het Candid Camera-achtige programma. Jon Stewart is eveneens enthousiast over het concept. En Jimmy Kimmel noemt de show gekscherend ‘Punk’d For Paedophiles’. To Catch A Predator is, als onderdeel van Dateline NBC, van 2004 tot en met 2007 een doorslaand succes op de Amerikaanse televisie. Zelden zal ‘trial by media’ bevredigender hebben gevoeld dan bij het te kijk zetten van deze volwassen mannen, die het hadden voorzien op onschuldige kinderen.

In elke aflevering wordt zo’n kerel met behulp van een ‘decoy’, een volwassene die dienst doet als lokaas en zich voordoet als een kind, naar een met verborgen camera’s uitgerust huis gelokt. Daar wacht presentator Chris Hansen al op hem. Hij ontmaskert het ‘roofdier’ voor het oog van de natie en probeert meteen een gesprek met hem aan te knopen. Buiten staat er dan al een arrestatieteam van de plaatselijke politie paraat, dat de pedo vervolgens met veel machtsvertoon in de boeien zal slaan.

Een kleine twintig jaar later probeert documentairemaker David Osit te vatten waarom ook hij destijds aan de buis gekluisterd zat als Hansen een perverseling op heterdaad wist te betrappen. Hij legt deze vraag ook voor aan etnograaf Mark de Rond. Die begint hardop te denken. ‘Hoe kunnen volwassenen zich zo walgelijk gedragen tegenover wat zij denken dat kinderen zijn?’ probeert hij de fascinatie te vatten in Predators (97 min.). En: ‘Waarom genieten wij er zo van dat zij op televisie worden vernederd?

‘Op dat moment stopt de tijd’, stelt De Rond. ‘Wat we in feite zien is hoe het leven van een ander eindigt.’ Via interviews met lokazen, politiemensen en officieren van justitie en met behulp van ruw materiaal van de uitzendingen en het navolgende politieverhoor neemt Osit nu een grondige kijk achter de schermen bij de ontmaskering van deze verdachten en hun confrontatie met presentator Chris Hansen. Politiewerk kwam, zo is al snel duidelijk, in dienst te staan van het maken van spraakmakende televisie.

‘Ik wil niet dat dit de rest van mijn leven ruïneert’, zegt een man bijvoorbeeld, die na zijn ontmaskering om therapie vraagt. Deze opnames hebben de montage niet overleefd, want dat was niet het doel van To Catch A Predator. Het programma wilde hem vooral portretteren als een beest, dat het best uit zijn lijden kon worden verlost. Hansens vaste gespreksopener ‘help me understand’ moest dus niet worden verstaan als een poging om de ander te begrijpen, maar als de start van een volkstribunaal. Tot het fout ging…

Daarmee eindigt de eerste akte van Osits film. In het vervolg sluit hij aan bij een verborgen camera-actie van een erfgenaam van Chris Hansen, een YouTuber die zich Skeet Hansen noemt. Dan maakt de documentairemaker zelf ook vuile handen, een bewuste keuze die nog eens wordt bestendigd met een scène waarin zijn eigen producer Jamie Gonçalves de verdachte een ‘quit claim’ probeert te laten ondertekenen, zodat hij ook in Predators herkenbaar in beeld mag. Skeet stelt die vraag helemaal niet.

In het laatste deel van deze documentaire haalt David Osit tenslotte Chris Hansen zelf voor de camera. Op z’n eigen YouTube-kanaal borduurt die nog altijd voort op zijn succesformule, met alle morele dilemma’s van dien. Osit wil die natuurlijk aankaarten, maar maakt er geen gemakkelijk volkstribunaal van – ook omdat hij als maker van true crime-achtige producties zelf evenmin brandschoon is. Bovendien heeft hij zo z’n eigen reden om juist Hansens programma te onderzoeken. En die geeft deze film extra lading.

Predators is intussen tot tweemaal toe volledig van karakter veranderd en voelt toch als een coherente vertelling, die steeds dieper in de thematiek verdwijnt en die tenslotte op een even logische als dramatische manier wordt afgewikkeld. Zonder gemakkelijke conclusies. Met oog voor zowel de slachtoffers als hun belagers. Een genuanceerde film die prikkelt, wroet en raakt. Één van de beste documentaires, kortom, van het jaar.

Sean Combs: The Reckoning

Netflix

Achter de schermen moet er iemand vuil spel gespeeld hebben. Omdat het doel de middelen blijkbaar rechtvaardigt – of omdat er genoeg geld op tafel is gekomen. Hoe dan ook: de beelden die Sean ‘Puff Daddy / P. Diddy’ Combs in september 2024 achter de schermen laat maken door een cameraman, als hij in New York zijn alsmaar benardere positie probeert te managen, zijn gelekt naar de makers van deze vierdelige serie. Tot woede van de megalomane entertainer en businessman zelf, die volgens mensen uit zijn omgeving een ‘God-complex’ heeft.

Want laat Sean Combs: The Reckoning (242 min.) nu net door Curtis James Jackson III, ofwel zijn aartsrivaal 50 Cent, zijn geproduceerd. Dat moet dus wel een lynchpartij worden volgens Team Diddy. Daarover later meer. Want ook dit verhaal begint bij het begin: Combs’ jeugd in Harlem, ’s mans opmars als hitproducent bij Uptown Records, de heldenstatus die hij verwerft met z’n eigen Bad Boy Entertainment en tenslotte de geruchtmakende oorlog tussen hiphoppers van de West- en de Oostkust, die halverwege de jaren negentig achtereenvolgens de rappers Tupac Shakur en The Notorious B.I.G. het leven kost en die hier nog eens dunnetjes wordt overgedaan.

Want ook daarin had Diddy, althans volgens Bad Boy mede-oprichter Kirk Burrowes, een sleutelrol. Nu is Burrowes, die zichzelf beschouwt als één de eerste facilitatoren van de hiphopmagnaat, ook al een hele tijd gebrouilleerd met Combs. Misschien kleurt dat zijn herinneringen, die zijn voormalige compagnon bepaald niet in een goed daglicht stellen. Dat is overigens ook een terugkerend thema in het leven van deze machtige man (en figuren zoals hij): zolang ze tot zijn entourage behoren, voelen veel bronnen nooit de aandrang om hem aan te spreken op zijn gedrag. Nu ze los van hem zijn gekomen en zijn macht en status tanende lijken, krijgt Combs alsnog van onder uit de zak.

Ook deze pijnlijk gedetailleerde en rijk gedocumenteerde miniserie van Alexandria Stapleton maakt met graagte gebruik van de docu-industrie die direct rond een gevallen ster wordt opgetrokken. Zo waren Combs’ jeugdvriend Tim ‘Dawg’ Patterson, producer Rodney ‘Lil Rod’ Jones en beveiliger Roger Bonds bijvoorbeeld ook al te zien in The Fall Of Diddy en draafden Patterson, alweer hij, en Al B. Sure! tevens op in Diddy: The Making Of A Bad Boy. Ditmaal krijgen ze ondersteuning en rugdekking van Diddy’s personal assistant Capricorn Clark, rapper Erick Sermon, gigolo Clayton Howard en beschadigde Bad Boy-artiesten zoals Mark CurryKalenna Harper en Aubrey O’Day.

Zij schetsen hem als een ongelooflijke controlefreak. Een man die alles wil bepalen en ook alles wil hebben, inclusief de vrouw van een ander. Zijn leven, zoals dit door Stapleton wordt opgetekend, is een aaneenschakeling van conflicten, geweld én seksueel misbruik. Dat begint al in 1991. Diddy’s collega Joi Dickerson-Neal zou door hem gedrogeerd en misbruikt zijn. En daarvan maakte hij naar verluidt een ‘obscene videoband’. Tijdens feestjes liet hij die zien op een groot scherm. Geëmotioneerd leest Dickerson voor de camera een brief voor die haar ouders in 1992, ruim dertig jaar voordat ze een aanklacht zou indienen, aan Seans ouders schreven.

Sean heeft nooit het verschil tussen goed en kwaad geleerd, stelt zijn jeugdvriend Tim Patterson dan. Hij werd thuis flink geslagen door zijn moeder Janice, keek op tegen zijn gangstervader Melvin en leerde dat alles geoorloofd is om te overleven en winnen. Dit is in zijn hele verdere levensloop, tenminste zoals die in Sean Combs: The Reckoning wordt neergezet, te herkennen. En dat brengt hem in 2006, halverwege aflevering 3, in het leven van Cassie Ventura. In het najaar van 2023 spant zij een rechtszaak tegen hem aan vanwege allerlei vormen van geweld. Er duikt zelfs een video op waarin zij door hem wordt mishandeld. Naar ‘t zich nu laat aanzien markeert die het begin van zijn einde.

Dat proces wordt inzichtelijk gemaakt met de gelekte beelden, waarover Team Diddy zich zo kwaad maakt, als hij in september 2024, enkele dagen voordat de rechtszaak tegen hem van start staat, de PR-machine in gang zet die de schade voor hem moet zien te beperken. En dan is hij, op een totaal verknipte manier, in zijn element. Deze serie – noem het gerust een lynchpartij, al heeft Diddy dan wel zelf de strop om zijn nek gedaan – zet een uitroepteken achter de ondergang van deze man, die lijdt aan een God-complex en ook anderen daaronder laat lijden. Als Sean Combs echter daadwerkelijk is wie hij zelf denkt te zijn, dan kan er natuurlijk altijd nog een wederopstanding komen.

Kampen Om Pusher Street

HBO Max

Van de idealen waarmee de hippievrijstaat Christiania in de jaren zestig werd uitgeroepen in de Deense hoofdstad Kopenhagen, lijkt ruim een halve eeuw later weinig meer over. Criminele bendes bevechten elkaar op leven en dood, op een plek waar bloemenkinderen ooit droomden over vrede op aarde. Met als absoluut dieptepunt de moordaanslag van de Loyal To Familia-bende op een dertigjarige Hells Angels-prospect in augustus 2023, overdag en midden op straat, waarbij ook vier onschuldige omstanders worden geraakt.

De zesdelige serie Kampen Om Pusher Street (internationale titel: Gang War: Pusher Street, 256 min.) reconstrueert met dealers, agenten, deskundigen en gewone ‘Christianieten’ hoe ‘t zover heeft kunnen komen. De ellende begint in elk geval in de jaren zeventig met wiethandel in en om de coffeeshop Woodstock en de Community Kitchen. De hippiewijk ontwikkelt zich dan tot ‘de sociale vuilnisbelt van Denemarken’. Een wetteloze buurt met junks en dealers, die door de Deense politie zelfs actief naar Christiania zouden worden gestuurd.

En dan melden zich in de jaren tachtig ook nog motorbendes zoals Bullshit, Black Sheep en de Hells Angels, die de heerschappij in de internationale wiethandel, waarin Nederland dan overigens een absolute voortrekkersrol speelt, naar zich toe willen trekken. Om de ellende te beteugelen stellen bewoners in het hart van Christiana een soort vrijhandelszone in: Pusher Street. Daar zal ’t echter tot keiharde confrontaties tussen de politie en Christianieten komen, die doen denken aan de heftige Nederlandse krakersrellen in min of meer diezelfde tijd.

Als in 1993 de zogeheten ‘kerstvrede’ wordt getekend, lijkt de rust zowaar weder te keren op Pusher Street. De wiethandel begint meteen ouderwets te floreren. En dat valt ook de bikers op. Die willen een deel van de buit, goedschiks dan wel kwaadschiks. Voor de nieuwe rechtse regering van Denemarken is de maat in 2003 vol: politiecommandant Bjarne Christensen, bijgenaamd De Straatgeneraal, Bjarne Beenklem én Shit Bjarne, krijgt de opdracht om deze losgeslagen Deense variant op Ruigoord eens een toontje lager te laten zingen.

Regisseur Søren Rasmussen brengt al deze verwikkelingen met een karrenvracht aan archiefmateriaal in beeld en illustreert de sleutelmomenten in de tumultueuze Christiania-historie bovendien met poppetjes op een maquette van de wijk. Zo krijgt hij de atmosfeer in de anarchistische vrijstaat en de bijbehorende tijdgeest uitstekend te pakken – al beginnen de schermutselingen tussen de politie, bewoners en (straat)bendes al snel als een eindeloze herhaling van zetten te voelen. Dat tekent tegelijk ook het gebed zonder end dat die strijd is geworden.

De Kampen Om Pusher Street haalt het slechtste in de mens boven – van puberale provocatie en keiharde criminaliteit tot verbeten zero tolerance en een oog-om-oog-tand-om-tand mentaliteit – en ondermijnt het idee waarmee Christiania ooit is gesticht volledig. Totdat de vraag op tafel komt hoeveel toekomst deze vrijstaat, Pusher Street in het bijzonder, nog heeft.

The Carman Family Deaths

Netflix

Tragisch ongeluk of gecalculeerde moord? Zo’n vraag stellen bij een true crimeproductie is hem doorgaans ook beantwoorden: een geraffineerde misdaad dus, liefst gepleegd door een diabolische killer.

In dit geval gaat het bovendien om een verdachte met een autismespectrumstoornis. De 22-jarige Nathan Carman raakte in 2016 tijdens een vistripje met zijn moeder Linda vermist op zee. Na zes dagen staakte de Amerikaanse kustwacht z’n onderzoek. Twee dagen later, na acht dagen op de Atlantische Oceaan, werd Nathan alsnog gevonden op een opblaasbaar reddingsvlot. Hij had op wonderbaarlijke wijze een ramp overleefd.

Wat een heroïsch verhaal leek te gaan worden, mondde echter al snel uit in een rechercheonderzoek. Want waar was zijn moeder? En wat hadden de aantekeningen die werden aangetroffen in zijn huis, waarin Nathan zich al vóór hun vertrek leek voor te bereiden op een politieverhoor, eigenlijk te betekenen? Hoe onschuldig was dit ongeluk in werkelijkheid? Regisseur Yon Motskin diept de spraakmakende zaak vaardig uit.

De titel The Carman Family Deaths (90 min.) is bovendien niet voor niets in het meervoud gesteld. In de Carman-familie was er nóg een verdacht sterfgeval. Drie jaar eerder, op vrijdag 20 december 2013, werd Nathans 87-jarige opa thuis dood aangetroffen.  John Chakalos – voor het laatste gezien door… juist – bleek in koelen bloede te zijn doodgeschoten. Hij liet een erfenis na van zo’n 42 miljoen dollar.

Motskin pelt dit verhaal niet alleen met de gebruikelijke detectives en journalisten en een autismedeskundige af, maar vraagt ook Nathans vader Clark, zijn tante Charlene Gallagher en neef Charles Lapenna om de achtergronden te schetsen van de ‘Griekse dynastie’ die Nathan Carman heeft voortgebracht en de twee tragische sterfgevallen die aan hem worden toegeschreven van enige context en nuance te voorzien.

Zo ontvouwt zich stapsgewijs, met de gebruikelijke onthullingen en onverwachte afslagen, een compleet beeld van de achtergronden van de Carman-doden, die dus inderdaad – voor het geval dat nog een vraag mocht zijn – allebei géén ongeluk lijken te zijn.

The Nazi Cartel

SkyShowtime

Vóór Pablo Escobar was er de Boliviaanse drugsbaas Roberto Suárez. Hij wordt beschouwd als de eerste cocaïnekoning van de wereld en zou zelfs model hebben gestaan voor het personage Alejandro Sosa in de ultieme gangsterfilm Scarface.

En als rechterhand van Suárez fungeerde ene Klaus Altmann, een Duitser die na de Tweede Wereldoorlog in Zuid-Amerika was beland. In werkelijkheid ging het om de oorlogsmisdadiger Klaus Barbie, bijgenaamd ‘De Beul van Lyon’, die ook in Nederland nog ongenadig huis had gehouden. Samen met enkele andere oud-nazi’s speculeerde Barbie eind jaren zeventig nog altijd over een Vierde Rijk.

En er was een Amerikaanse undercoveragent, die zich namens de Drug Enforcement Agency (DEA) al jaren voordeed als dealer. Michael Levine begon zich actief met de handel te bemoeien. Samen met Suárez’s zoon Gary en schoonzoon Gerardo Caballero fungeert deze klassieke ‘tough guy’ nu als voornaamste getuige-deskundige van The Nazi Cartel (145 min.), een driedelige docuserie van Justin Webster.

Die duikt diep in deze onverkwikkelijke geschiedenis, waarin ook het Boliviaanse leger een belangrijke rol zou gaan spelen, en serveert die met veel drama en suspense uit. Webster maakt daarbij gebruik van nieuwsbeelden en reconstructies, spreekt allerlei direct betrokkenen en deskundigen en zet tevens enkele met AI geconstrueerde voice-overs in, die zijn gebaseerd op citaten uit een boek over Suárez.

De kongsi tussen Roberto Suárez en Klaus Barbie leidde in 1980 tot een bloedige staatsgreep, de zogenaamde Cocaïne Coup. Met hulp van het leger en huurlingen van Los Novios De La Muerte werd een linkse regering voorkomen. Onder de nieuwe militaire leider García Meza kon Bolivia vervolgens uitgroeien tot de eerste Zuid-Amerikaanse narcostaat. En de kans dat die Barbie zou uitleveren leek vrijwel nihil.

Dit politieke verhaal, mede verteld door slachtoffers van het regime, beklijft uiteindelijk meer dan de tamelijk routineuze jacht van Amerikaanse DEA-agenten op drugscriminelen. De vraag die daarachter ligt spreekt eveneens tot de verbeelding: was de CIA, die een kleine tien jaar eerder in Chili al de dictator Pinochet aan de macht had geholpen, misschien ook betrokken bij de Boliviaanse coup?

Volgens zijn zoon was Roberto Suárez er in elk geval best trots op dat hij was geportretteerd in Scarface. Hij herkende enkele filmpersonages ook uit zijn eigen omgeving. García Meza bijvoorbeeld. En Pablo Escobar, ofwel het legendarische Al Pacino personage Tony Montana. Suárez zou met Escobar breken, vóórdat die echt helemaal losging en zo aan de basis stond van de narcostaat Colombia.

Blauwdruk

Human

Als kind raakten ze allebei hun ouders kwijt. Tegelijk. Door één enkele daad. Hun vader maakte een einde aan het leven van hun moeder. Femicide – al leek dat woord toen nog niet te bestaan. En daarmee moesten ze ook meteen afscheid nemen van hun thuis en het leven zoals zij dat tot dan toe hadden gekend. Ze waren voortaan ‘de dochter van…’.

In Blauwdruk (50 min.) buigt documentairemaker en grafisch ontwerper Sara Kolster, tevens rouwbegeleider voor kinderen en jongeren, zich samen met ervaringsdeskundige Perla Joy over de gevolgen van femicide. In een blauwe lege ruimte schetsen Perla (33) en haar zus Aurora (35), Roser (47) en Maeve (59) met tape op de vloer de contouren van hun ouderlijke woning, waar hun vader de loop der dingen definitief veranderde. Het veilige thuis werd op een onbewaakt ogenblik een plaats delict.

Ieder heeft daarbij z’n eigen herinneringen. ‘Niemand zag het aankomen’, stellen Perla en Aurora bijvoorbeeld, terwijl Maeve zich nog goed kan herinneren hoe haar vader na de scheiding van haar ouders rondjes reed rond de flat van haar moeder. Stalking zou dat tegenwoordig worden genoemd. De vader van Roser bracht haar zelfs op de hoogte van zijn plannen. Zeg maar tegen je moeder dat het morgen gaat gebeuren, zou hij hebben gezegd en voegde daarna inderdaad de daad bij het woord.

In het decor dat ze voor deze film hebben geconstrueerd – waarbij op de wanden beelden van doodgewone familietaferelen, van wat een gelukkige jeugd had kunnen zijn, worden geprojecteerd – vertellen de vier vrouwen ook hoe ’t verder ging na die onvoorstelbare daad. Hoe ze uit elkaar werden gehaald, een nieuw thuis probeerden te vinden of rigoureus schoon schip maakten, van naam veranderden en alle banden met het verleden probeerden te verbreken.

Kolster, die met de jeugdproducties Wolkenzusje (2020) en Zo Dood Als Een Pier (2023) al eerder met de dood dealde, begeleidt hun smartelijke herinneringen en worstelingen in het heden, waarin soms die vader ook nog een rol speelt, met stemmige animaties die de vertelling gaandeweg steeds meer inkleuren en dan ook samenkomen met enkele geladen songs. Ze introduceert bovendien een anonieme jonge vrouw, die in het hier en nu vreest voor het leven van haar moeder.

Want femicide is nog even actueel als toen de moeders van Perla en Aurora, Roser en Maeve van het leven werden beroofd en blijft ook na deze indringende film onbegrijpelijk en onvergeeflijk. Helder is wel dat de impact ervan, zowel direct als indirect, enorm is én blijft.

Aileen: Queen Of The Serial Killers

Netflix

Kun je compassie voelen met een seriemoordenaar? Bij Aileen Wuornos, toevallig ook de bekendste vrouwelijke seriemoordenaar, is het bijna onvermijdelijk dat ook haar achtergrond in beeld komt: de dochter van een tienermoeder en een veroordeelde seksdelinquent wordt door haar ouders achtergelaten bij hardhandige en drinkende grootouders, loopt als getroebleerde tiener weg van huis en leidt vervolgens een liftend bestaan als prostituee. Daarbij zou ze volgens eigen zeggen zeker dertig keer zijn verkracht, waaronder twee groepsverkrachtingen.

Natuurlijk is ze zo ernstig beschadigd geraakt. En is het dan vreemd dat zij uiteindelijk, in opperste wanhoop, blinde woede of puur om te overleven, heeft teruggeslagen? ‘Lee’ wordt begin 1991 opgepakt bij de biker bar The Last Resort in de Amerikaanse staat Florida, samen met haar geliefde Tyria Moore. De twee lesbiennes worden verdacht van zeven moorden binnen een jaar, in 1989 en 1990. De slachtoffers hebben een vergelijkbaar profiel: het gaat om plaatselijke witte mannen van middelbare leeftijd. De ‘hooker from hell’ legt ook al snel een volledige bekentenis af bij. Zoals ze later zegt: om haar vriendin Tyria vrij te pleiten. Die heeft haar er dan echter al rücksichtslos bij gelapt.

Het is de vraag of dit het complete verhaal is. Later zal Aileen: Queen Of The Serial Killers (104 min.) ook verklaren dat ze bruut is bedreigd en verkracht door haar eerste slachtoffer Richard Mallory, die zo een dodelijke dynamiek in gang heeft gezet. ‘Ze heeft een eerlijk proces gekregen en ze verdient de doodstraf’, zegt hoofdaanklager Jon Tanner desondanks met een stalen gezicht, als televisiejournalist Michele Gillen hem enkele jaren later confronteert met nieuwe informatie over Mallory. Die maakt aannemelijk dat Wuornos bij hem inderdaad uit zelfverdediging heeft gehandeld, zoals zij later ook consequent heeft verklaard. Ruim dertig jaar later is ’t nog altijd een ontluisterende scène.

Emily Turner zet de kwestie rond Aileen Wuornos – onderwerp van de film Monster en talloze documentaires, waaronder het geruchtmakende tweeluik Aileen Wurnos: The Selling Of A Serial Killer / Aileen: Life And Death Of A Serial Killer van Nick Broomfield – nog eens netjes op een rijtje. Onderdeel van dat verhaal is ook de mediahype die vrijwel direct ontstaat rond de ‘ultieme mannenhater’. Één van de bronnen die, buiten beeld, terugblikt is filmproducer Jackie Giroux. Met anderen strijdt zij om de rechten van Aileens levensverhaal. En politieman Steve Binegar, verantwoordelijk voor het onderzoek naar de moorden, krijgt het ene na het andere aanbod om zijn kant daarvan te delen.

Verder geeft Turner het woord aan Aileens christelijke ‘adoptiemoeder’ Arlene Pralle, medegedetineerde Deidre Hunt, rechter Gayle Graziano én de Australische filmmaker Jasmine Hirst. Als slachtoffer van seksueel geweld begint zij na Aileens arrestatie met haar te schrijven. Ze zoekt haar in 1997 ook met een cameraploeg op in de dodencel. ‘Jullie gaan hier miljoenen mee verdienen’, fluistert Wuornos haar dan toe, in een scène die wéér een ander licht op haar complexe persoonlijkheid schijnt. Emily Turner verlaat zich voor een belangrijk deel op dit gevangenisinterview en de reportage van Michele Gillen en serveert dat, in combinatie met nieuws- en rechtbankbeelden, tamelijk sec uit.

In weerwil van de toch wat smakeloze titel wordt Aileen: Queen Of The Serial Killers daardoor nu eens géén dik aangezette true crime-docu, waarbij de maker zich verlustigt aan de gruwelijke daden van een troebele geest. Sterker: Wuornos’ daden worden begrijpelijk gemaakt vanuit het leven dat ze heeft geleid en de situatie waarin ze is beland. Een vrouw die zowel erfelijk belast was als ernstig verminkt is geraakt en uiteindelijk nog maar één ding wil: verlossing.

Amsterdam Narcos

SkyShowtime

Het kon natuurlijk niet uitblijven. Na Liverpool, Ibiza en Dublin Narcos is er nu ook Amsterdam Narcos (142 min.) een driedelige serie van Tash Gaunt over hoe de hoofdstedelijke penoze, mede mogelijk gemaakt door het Nederlandse gedoogbeleid, in de jaren tachtig en negentig is uitgegroeid tot een toonaangevende speler in internationale onderwereld.

En die escalatie begint met – natuurlijk, met wie anders? – Klaas Bruinsma. ‘The Godfather of the killing fields of Amsterdam’, aldus Steve Brown, de controversiële eigenaar van de coffeeshop The Happy Family. Bruinsma, afkomstig uit een gegoed milieu, heeft zo op het eerste oog niets van een klassieke gangster. Hij opereert echter als een keiharde crimineel en verwerft al gauw z’n eigen bijnaam: De Dominee, tevens de titel van de verfilmde biografie van misdaadjournalist Bart Middelburg.

Bruinsma vormt een team met Thea Moear, de eerste vrouw in de hashhandel. De ouders van ‘The Godmother’ waren al drugssmokkelaars, vertelt ze, in het Engels, in deze vet aangezette internationale productie. Pa Moear bracht ‘t mee vanuit Indonesië. En haar voormalige echtgenoot Hugo Ferrol levert vervolgens het ‘inciting incident’ voor een heuse drugsoorlog. Nadat Ferrol de Godfather en -mother flink tegen de haren heeft gestreken, geeft Bruinsma namelijk twee bodyguards de opdracht om hem om te leggen.

Deze liquidatie wordt echter nooit uitgevoerd. Met ketchup zetten zij een executie in scène, vanuit het idee dat Ferrol dan met de noorderzon vertrekt. Bruinsma krijgt alleen al snel in de smiezen dat hij is opgelicht en laat zijn voormalige bodyguards rücksichtslos afmaken. ‘Dat wij ‘t gedaan hebben, daar is nooit wat van bewezen’, houdt Moear, in het Nederlands, staande. ‘Wat ze ook hebben gedacht. Klaar!’ Gaunt probeert ‘t toch nog even: ‘It’s a mystery.’ ‘Yes’, reageert Moear, ook in het Engels. ‘And it will stay a mystery.’

De voormalige Godmother, die zich terugtrekt als de Amsterdamse drugsoorlog verder ontspoort, speelt haar rol van grande dame van de Nederlandse onderwereld nog altijd met verve in deze miniserie. ‘If it is necessary’, zegt ze over het buitensporige geweld van haar organisatie. ‘It is necesarry.’ In dezelfde periode introduceren sannyasins van de Bhagwan-beweging ecstacy in Nederland, het thema van de tweede aflevering van deze miniserie, die met fraai archiefmateriaal en slicke reconstructies is aangekleed.

En als er geld valt te verdienen, mengen vrijbuiters zoals de voormalige kraker Ilja Reiman van de Multigroove-feesten en het stel Johan en Brenda Toet, de zelfverklaarde Nederlandse Bonnie & Clyde, zich ook al snel in de ecstacyhandel. Samen met medestanders, Britse beroepscriminelen, journalisten en politiemensen krijgen zij alle gelegenheid om herinneringen op te halen aan de periode waarin de wereld aan hun voeten lijkt te liggen, voordat ze natuurlijk toch tegen de lamp lopen – en God vinden.

De slotaflevering belicht de Delta-Groep, een internationaal opererende cocaïnebende, die met het Interregionaal Recherche Team van doen krijgt. Dit IRT begint op grote schaal drugs door te laten, in de hoop zo de verantwoordelijken in te kunnen rekenen. Delta-groep-lid Daniel Belinfante (eerder te zien in de miniserie De IRT Affaire), de aan coke verslaafde uitsmijter Wilfred K. en politieman Johan van Kastel die werd neergezet als de ‘kwaaie pier’ van het IRT, kaderen deze spraakmakende zaak in.

Met terugwerkende kracht worden zo de begindagen van Nederland als drugsnatie opgeroepen. Een misdaadgeschiedenis waarop nog altijd wordt voortgeborduurd – en dat vervolg zal ongetwijfeld z’n weg vinden naar nog veel meer documentaire(serie)s.

Mob War: Philadelphia Vs. The Mafia

Netflix

Ooit huldigde de nieuwe maffiabaas van Philadelphia, de Siciliaan John Stanfa, een eenvoudig parool: scoor geld, geen krantenkoppen. Toen hij en zijn getrouwen begin jaren negentig verzeild raakten in een strijd om de macht met de ‘young guns’ van Joey Merlino, ging echter elke vorm van rede overboord. De twee rivaliserende groepen begonnen te moorden. Op de ene brute afrekening volgde de andere. En op de andere weer…

‘Het lijkt wel The Godfather’, zegt maffioso Johnny Alite, die zelf overigens wel één van The Sopranos lijkt, als hij terugkijkt in Mob War: Philadelphia Vs. The Mafia (137 min.), een driedelige serie van regisseur Raissa Botterman en het team dat eerder vergelijkbare documentaireproducties zoals Fear City: New York Vs. The Mafia (2020) en Get Gotti (2023) afleverde. Gelikte georganiseerde misdaadseries die hun eigen rol spelen in de nog altijd voortdurende mythologisering van de maffia.

De mobsters die de bendeoorlog hebben overleefd kijken daar duidelijk met een zekere trots en zonder al te veel wroeging op terug. En ook de politieagenten, die met hen een duchtig partijtje Cops & Robbers speelden, halen graag herinneringen op aan de tijd dat ze de georganiseerde misdaad op de hielen zaten. Via afluisterapparatuur konden ze destijds bijvoorbeeld live horen hoe de mobsters in klare taal moordplannen smeedden, die daarna ook ten uitvoer werden gebracht.

Op die geluidsopnames wordt zelfs gesproken over ‘La Cosa Nostra’, terwijl de leden daarvan doorgaans bij hoog en bij laag bleven beweren dat deze illustere criminele organisatie helemaal niet bestond. Zo leverden de boeven zelf het bewijsmateriaal, waarmee ze later moesten worden veroordeeld. In die strijd kwamen in Philadelphia, de stad van ‘Brotherly Love’ ook de broers Ciancaglini tegenover elkaar te staan. De één streed voor Stanfa, de ander doodde voor Merlino.

Zulke wreedheden worden nu opgeroepen met sterke verhalen, straffe oneliners en volvette, zelfvoldane lachjes. Want niets brengt deze mannen van de wereld van hun stuk. Merlino zelf had naar verluidt een prijs op zijn hoofd staan: een half miljoen. ‘Voor een half miljoen dollar vermoord ik mezelf’, reageerde hij gevat tegenover een verslaggever. De gewetenloze killer John Veasey had ook geen scrupules. Toen ze hem polsten om Merlino uit de weg te ruimen, zei hij alleen: ‘Get me the gun.’

Intussen klinken hun verhalen ruim dertig jaar later maar al te vertrouwd. Afrekeningen in woonwijken? Moordmakelaars en huursoldaten? Of gerichte acties tegen familieleden van een kroongetuige? Ook Nederland kan er inmiddels over meepraten. En dan gaat de bravoure, waarmee patserige mobsters tamelijk onbekommerd herinneringen aan de maffiaoorlog in Philly opdissen, toch wat wringen.

Death Of A Showjumper

SkyShowtime

Nadat ie haar had geschopt, geslagen en gestompt, begon de bekende Ierse springruiter Jonathan Cresswell zijn vriendin Abigail Lyle te wurgen. ‘En ik weet nog dat ik…’, schiet de jonge vrouw helemaal vol. Tot dat moment heeft ze vrijwel onbewogen haar verhaal gedaan. Over aanhoudend huiselijk geweld, nu een kleine vijftien jaar geleden. Dat ontspoorde steeds verder en bracht haar, een amazone die in 2024 nog aan de Olympische Spelen zou meedoen, destijds aan de rand van de afgrond.

‘Mijn broer is overleden in 2005’, vertelt Abi verder. ‘Ik weet nog dat hij me begon te wurgen en ik dacht: je mag niet doodgaan. Dat kun je je ouders niet aandoen.’ Zeg wat hij wil horen, hield Abigail zichzelf voor. ‘Johnny’ bleef haar vragen waarom ze zo’n hoer is. Het juiste antwoord bleek: ‘Omdat mijn moeder een hoer is.’ Enkele maanden later kwam Abi’s moeder, die toen al enige tijd kanker had, daadwerkelijk te overlijden. ‘Ik haat het dat ik dat moest zeggen’, stamelt Abigail.

Tien jaar later raakt diezelfde Johnny betrokken bij de zelfdoding van de talentvolle 21-jarige amazone Katie Simpson uit het dorpje Tynan in het Noord-Ierse graafschap Derry. Hij heeft dan een relatie met haar oudere zus Christina en vindt Katie op 9 augustus 2020 als ze zich in hun huis heeft verhangen. Voor iedereen in hun directe omgeving lijkt Jonathan boven elke verdenking verheven. Hij is een graag geziene gast in de plaatselijke gemeenschap en een ster binnen de Ierse paardenwereld.

Bij de plaatselijke rechtbankjournaliste Tanya Fowles, die destijds verslag deed van de rechtszaak tegen Cresswell vanwege de ernstige mishandeling van Abigail en die ook Katie al van kinds af aan kent, gaan echter alle alarmbellen af. Fowles krijgt ook de politieagenten Nuala Lappin en James Brannigan aan haar zijde. Samen stuiten zij alleen op aanzienlijke weerstand binnen de paardengemeenschap, die Jonathan ook na zijn eerdere veroordeling direct weer in de armen sloot.

Rond Cresswell heeft zich bovendien een hele coterie van jonge vrouwen verzameld, die hem consequent de hand boven het hoofd houdt. In de stevige driedelige true crime-serie Death Of A Showjumper (137 min) probeert Niamh Kennedy te ontleden hoe dat in z’n werk is gegaan: hoe kan een ogenschijnlijk goedlachse allemansvriend zoveel mensen naar z’n hand zetten, zodat ze hun eigen beoordelingsvermogen aan de kant schuiven en zich inlaten met zijn zeer dubieuze acties?

Tegelijkertijd is er de strafzaak zelf: wat is er nu precies waarom gebeurd? Wie moet er meer van weten? En hoe kan er voor gerechtigheid worden gezorgd? Want als deze zaak op z’n beloop wordt gelaten, zoals wel vaker gebeurt als sluitend bewijs ontbreekt, trekken de vrouwen bijna van nature aan het kortste eind.