
‘Ik wilde hetzelfde bereiken als Cafu, vertelt Marcelinho bij een kolossale muurschildering van de recordinternational, die in 1994 en 2002 wereldkampioen werd met het Braziliaanse nationale elftal. ‘Met de wereldcup staan, erkend worden. Niet alleen in mijn land, maar wereldwijd.’ Even later komt Gamão, de man die de muurschilderij heeft gemaakt, erbij zitten. ‘Voetbal is alles voor het getto’, stelt hij. ‘Het is de gemakkelijkste kans om hier weg te komen.’ Cafu symboliseert volgens de graffitikunstenaar dat verhaal. ‘Brazilië zit op de voetbaltroon door de favela’s.’
Cafu groeide op in de favela Jardim Irene, vertelt hij in Várzea: Onde Nasce O Futebol (internationale titel: The Root Of The Game, 123 min.), een driedelige serie over het zogeheten Várzea-voetbal in São Paulo, een knock-out toernooi waarin verschillende favela’s het tegen elkaar opnemen. Toen hij in 2002 wereldkampioen werd, dacht de voormalige rechtsback: ‘Jarim Irene kijkt naar mij. Ze vragen zich vast af of Cafu ook naar Jardim Irene kijkt. Kijkt de aanvoerder ook naar ons?’ Op archiefbeelden is intussen te zien hoe iemand met een stift ‘100 % Jardim Irene’ op Cafu’s shirt schrijft. Zo wordt de volksheld ook vereeuwigd met de wereldcup, als jongen uit de favela die ‘de koning van de finales’ wordt.
Várzea-spelers zoals Marcelinho (Milianos) en Sujão (MEC) dromen er ook van om profvoetballer te worden – en niet tot de negentig procent van hun wijk te gaan behoren die op het verkeerde pad belandt. Vooralsnog is het hen niet gelukt om echt een carrière op te bouwen, maar met de Várzea-wedstrijden kunnen ze min of meer hun gezin onderhouden. In de kwartfinale staan de twee tegenover elkaar, in wat ook de climax van de eerste aflevering van deze miniserie van Alec Cutter gaat worden. In tegenstelling tot hun succesvolle landgenoten die bij Europese topclubs moeiteloos miljoenen binnen harken, moeten Marcelinho en Sujão koste wat het kost winnen. Want zij hebben écht niets te verliezen.
In de navolgende afleveringen van deze dikke productie zal de winnaar van de twee het, ten overstaan van z’n eigen gemeenschap, in de volgende ronde van de Super Copa Pioneer moeten opnemen tegen een andere wijk, waar criminelen de dienst uitmaken en een carrière in de (drugs)criminaliteit continu lonkt. ‘Ik heb nergens zoveel druk gevoeld als bij de Várzea’, vertelt de Braziliaanse international Raphinha, die tegenwoordig bij FC Barcelona speelt. ‘Je speelt een wedstrijd en ziet mensen met wapens die ons bedreigen of tijdens de wedstrijd met elkaar vechten.’ Hij herinnert zich hoe er bij een wedstrijd eens op de kleedkamerdeur werd gebonsd. ‘Als we zouden winnen, zouden we het niet overleven.’
Voetbal biedt de bewoners van favela’s desondanks een uitweg, toont Várzea: Onde Nasce O Futebol. Als mogelijk carrièrepad – of, realistischer, als tijdverdrijf en schouwspel dat even de druk van het dagelijks bestaan verlicht. De Várzea-wedstrijden, met al hun zwaar oververhitte peptalks, wilde overtredingen en ongegeneerde vreugde- of woede-uitbarstingen, hebben onmiskenbaar een ventielfunctie voor mensen die vaak alle hoeken van de kamer al eens hebben gezien. Intussen krijgt het winnen van die Super Copa Pinoneer, een plaatselijke variant op de hoofdprijs bij het Broer van Grunsven-toernooi of de George Baker, een belang dat alleen met de echte wereldcup is te vergelijken.
Wie mag hem, in naam van z’n favela, omhoog heffen?













