Finding Fela

Kino Lorber

Bij leven en welzijn had Fela Anikulapo Kuti (1938-1997) waarschijnlijk nooit kunnen vermoeden dat hij de hoofdpersoon zou worden van een Amerikaanse musical. Twaalf jaar na zijn dood brengt regisseur/choreograaf Bill T. Jones het levensverhaal van de Nigeriaanse Afrobeat-pionier niettemin naar Broadway. En de musical Fela! vormt meteen één van de belangrijkste bouwstenen voor dit postume portret van de Amerikaanse documentairemaker Alex Gibney.

Finding Fela (119 min.) bestaat dus voor een belangrijk deel uit musicalscènes, met de acteur Sahr Ngaujah in de rol van Fela Kuti, een revolutionair pur sang. In alle opzichten: geïnspireerd door James Brown speelt hij een sleutelrol in de ontwikkeling van een eigen muziekgenre. En net als z’n Jamaicaanse geestverwant Bob Marley krijgt Kuti’s werk gaandeweg een uitgesproken politiek karakter. Het Nigeriaanse regime beschouwt hem als een oproerkraaier. Elk nieuw album kan ‘m op gevangenisstraf komen te staan.

Ze maken me alleen maar sterker, houdt Fela Kuti vol tegenover een interviewer, nadat hij weer eens is opgepakt en afgeranseld. ‘Ooit word ik president van dit land!’ Zover zal ‘t nooit komen – ook doordat hij relatief jong het tijdelijke voor het eeuwige verwisselt. En dat heeft alles met z’n levensstijl te maken. De Afrikaanse ster trouwt bijvoorbeeld met 27 vrouwen (!) en laat desondanks geen andere aantrekkelijke dame ongemoeid. Via seks kan hij spirituele krachten krijgen, meent Fela zelf. In werkelijkheid krijgt hij AIDS.

Met behulp van opwindende concertopnamen, oude reportages en (archief)interviews met Fela Kuti en zijn dochter Yeni, zoons Seun en Femi, voormalige geliefde Sandra Izsadora, ex-vrouw Queen Kewe, drummer Tony Allen, manager Rikki Stein en de bekende fans Paul McCartney en Ahmir ‘Questlove’ Thompson (drummer van The Roots en maker van de muziekdocumentaires Summer Of Soul en Sly Lives!) krijgt Gibney in deze biografie uit 2014 vat op een groots, meeslepend en excessief leven. 

Fela Kuti opereert daarin als de onbetwiste heerser van zijn eigen rijk. Z’n band Africa ’70 en entourage bestaan bijvoorbeeld al uit 28 mensen. Maar als hij eind 1978 in Europa gaat optreden, sluiten er maar liefst 71 mensen aan bij de tournee. Niet te doen, vindt Fela’s meesterdrummer en bandleider Tony Allen. Niet te betalen ook. Er is permanent geldtekort. Na een, overigens klassiek geworden, optreden op het Berlin Jazz Festival besluit Allen zijn drumstokken in de lucht te gooien. Een ander mag ze opvangen.

Daarmee is de man die het ritme bepaalt voor Fela’s lang uitgesponnen grooves verdwenen. Kuti gaat echter onverdroten verder. Africa ‘70 neemt een nieuwe gedaante aan, Egypt ’80, en de leider ervan haakt aan bij een spiritueel adviseur, de schimmige Professor Hindu, die zowaar mensen uit het graf kan laten herrijzen. Alex Gibney tekent zulke smakelijke verhalen vaardig op en smeedt daarmee een ge(s)laagd portret van deze Afrikaanse rebel, polygamist en muzikale legende.

The Dating Game

Violet du Feng / VPRO / zondag 8 februari, om 22.40 uur, op NPO2

Regeren is vooruit zien. Maar hoever? Met de omstreden eenkindpolitiek probeerde China vanaf 1979 de geboortegroei te beteugelen. De voorkeur van aanstaande ouders was duidelijk: een jongetje. Zo’n tien jaar na het beëindigen van dit beleid zijn er ‘dus’ dertig miljoen meer mannen dan vrouwen in China. Vooral jongens uit de arbeidersklasse vissen daardoor nogal eens achter het net op de relatiemarkt. En door dit mannenoverschot/vrouwentekort (*) dreigt ook het geboortecijfer enorm te dalen.

Enter de populaire/aalgladde (*) datingcoach Hao. Volgens eigen zeggen heeft ie zo’n drieduizend klanten. ‘De meeste van mijn cliënten worden beschouwd als mislukkelingen’, zegt hij aan het begin van de zeer vermakelijke documentaire The Dating Game (90 min.) van Violet Du Feng. ‘Maar ook zij hebben recht op liefde.’ Hao neemt dus de single mannen Zhou (36), Li (24) en Wu (27) een week lang flink onder handen, zodat ook zij aan de vrouw geraken. Ze beginnen met een grondige make-over.

Want Hao’s werkwijze is te omschrijven als ‘strategische misleiding’. Hij ontdoet de ongewilde vrijgezellen van alles wat niet populair zou kunnen zijn en stuurt hen vervolgens geheel vernieuwd de straat op. Letterlijk. Ze moeten aantrekkelijke meisjes aanspreken en vragen of ze hun contactgegevens op WeChat mogen hebben. Zonder al te veel/ook maar enig succes (*). En als een meisje voor de verandering geen nee zegt, vergeet zijn klant ook nog om een gesprekje met haar, in real life dus, aan te knopen.

Hao stuurt z’n trainees tevens op golftraining. Want meisjes houden van golfende jongens. Toch? De aantrekken & afstoten-techniek die hij hen wil aanleren lijkt al even onsuccesvol. En dus spreekt hij hen, als een ervaren coach/goedkope amateurpsycholoog (*), aan op hun gedrag. ‘Je stilte verraadt dat je hart afgesloten is’, zegt hij bijvoorbeeld tegen Wu, die te midden van mannen is opgegroeid op het platteland en geen idee heeft hoe vrouwen denken. ‘Meisjes worden daar ongemakkelijk van.

Violet Du Feng kijkt mee hoe de matchmaker en zijn pupillen van de ene in de andere ongemakkelijke/grappige (*) situatie belanden en serveert die met zwier en lekkere muziek uit. Intussen dreigt Hao zelf uit de smaak te vallen bij zijn eigen geliefde Wen. De manier waarop haar echtgenoot zich profileert begint haar steeds meer tegen de borst stuiten. ‘Jij bent vergiftigd door die technieken’, bijt ze hem toe. Veel vrouwen zijn volgens haar helemaal niet alleen zo op uiterlijk gericht. Zij willen juist een man die authentiek is.

Sterker: ruim tien miljoen Chinese vrouwen verkiezen naar verluidt een virtuele dating game boven daten met een echte man. En dus wordt de nood steeds hoger, laat Du Feng zien. Chinese ouders ontmoeten elkaar bijvoorbeeld tijdens groepsbijeenkomsten om een partner te vinden voor hun volwassen kind. En de overheid organiseert grootschalige koppelevenementen. Tijdens een rollenspel kunnen de mannen zich dan als gewonde generaals laten verbinden door verpleegsters, de vrouwen. Met toiletrollen als verband.

Zulke grappige scènes, waarin de traditionele genderrollen nog eens worden bevestigd, kunnen/mogen (*) evenwel niet verhullen dat er echt wat op het spel staat. Want de geschiedenis wijst uit, vermeldt Violet Du Feng fijntjes aan het einde van The Dating Game, dat een overschot aan mannen doorgaans leidt tot politieke instabiliteit. Met alle gevolgen van dien.

(*) doorhalen wat niet van toepassing is

North South Man Woman

Remont / VPRO

Ze zijn als pasgeboren baby’s wanneer ze Zuid-Korea binnenkomen, stelt Yujin Han, de oprichtster van het datingbureau LoveStorya in Seoul. Na twee jaar nog altijd slechts te vergelijken met peuters. En Noord-Koreanen hebben zeker negen jaar nodig om te kunnen worden vergeleken met een gewoon kind.

Zelf is Yujin eveneens afkomstig uit Kim Jong-uns totalitaire staat. Ze had vier pogingen nodig om de democratie aan de andere zijde van de zwaarbewaakte grens te bereiken. De matchmaker is inmiddels ook getrouwd met een man uit Zuid-Korea, Yurok Jin. Samen hebben ze twee kinderen. Hun Noord-Zuid huwelijk is een uithangbord voor haar werk – al is die relatie helemaal niet zo’n doorslaand succes als ie in eerste instantie lijkt voor de buitenwereld.

Noord-Koreaanse mannen willen naar verluidt vooral een dienstmeid. Zo zijn de verhoudingen in de communistische dictatuur. Voor hun vrouwen lijken de mannen uit Zuid-Korea dus een ‘match made in’, nou ja, ‘heaven’. Zij zijn, zo wil de volkswijsheid, zeer netjes, uiterst zorgzaam en welgemanierd. En deze ridders op het witte paard vinden het volgens Yujin dan weer fijn dat Noord-Koreaanse vrouwen een totaalpakket bieden: ‘een geweldige kokkin, een zorgzame moeder en een lieve schoondochter’.

In North South Man Woman (54 min.) volgen Morten Traavik en Sun Kim ook een koppel waarvoor Yujin heeft bemiddeld. Voor hun eerste afspraakje gingen Jaewu Jeong en zijn Noord-Koreaanse vrouw Hyoju Han, op initiatief van de ridder in kwestie, naar de gedemilitariseerde zone. Hij moest daarvoor wel tien uur achter het stuur zitten. Een hele zit. ‘Dat onze eerste date aan de grens tussen Noord en Zuid-Korea plaatsvond, was betekenisvol’, zegt Hyoju beleefd. ‘Een gedenkwaardige dag.’

Ze had haar geboorteland toen al zeven jaar niet gezien. Ondanks de geste van haar echtgenoot botert het duidelijk niet zo tussen het tweetal. Er was ook niet direct een klik – althans bij haar. Jaewu was wel direct enthousiast. ‘Wauw, die fee kan praten!’ dacht hij volgens eigen zeggen bij hun ontmoeting. Hyoju koos uiteindelijk echter eieren voor haar geld: deze man was dan misschien niet zo netjes, zorgzaam en welgemanierd als ze had gehoopt, hij kon haar wel een basis geven – en een kind.

Noord- en Zuid-Koreanen, zo blijkt steeds weer in deze afwisselend komische en schrijnende film, zien er misschien hetzelfde uit, maar zijn totaal anders gebakken. Die cultuurverschillen spelen hen parten. Ze zorgen voor vooroordelen, onbegrip en frictie. Traavik en Kim volgen hun hoofdpersonen gedurende vijf jaar en tonen hoe er in die tijd weer een grens tussen hen in komt te staan. Zij omkleden alle verwikkelingen met kleurrijk archiefmateriaal, treffende interactiescènes en een lekker plastic soundtrack.

Achter al die opsmuk komen gaandeweg ook steeds meer verhalen vanuit de totalitaire staat Noord-Korea vandaan: de hongersnood in de jaren negentig die onvoorstelbare aantallen inwoners het leven kostte, de heropvoedingslessen voor gewone Noord-Koreanen die de vlucht hadden gewaagd en de algehele wanhoop die post vatte in de burgerbevolking. Zulke ervaringen speelt een mens niet zomaar kwijt, laat North South Man Woman zien, die bepalen ook z’n relationele leven. Zeker als vrijheid en welvaart voor de ander vanzelfsprekend zijn.

Imago

Triptyque Films / Need Productions

Met open armen wordt filmmaker Déni Oumar Pitsaev ontvangen in de Pankisivallei in Georgië. Over de grens ligt Tsjetsjenië, de Russische republiek waar hij ooit is geboren en nu niet meer welkom is. Terwijl veel landgenoten, waaronder ook familieleden, tijdens de Tsjetsjeense oorlogen van eind twintigste eeuw over de grens naar Georgië vluchtten, vertrok Déni als kind met zijn moeder naar Frankrijk. Nu heeft zij een stuk grond voor hem gekocht in Pankisi, zodat hij daar alsnog tussen z’n eigen mensen kan gaan leven.

Kalm probeert de beminnelijke Déni in de persoonlijke film Imago (109 min.) weer vertrouwd te raken met zijn familie en andere Tsjetsjenen ter plaatse en neemt hij de bijzonder fraaie omgeving in zich op. Kan de inmiddels bijna veertigjarige banneling hier een volwassen versie van de boomhut bouwen, waarover hij als kind fantaseerde? En ziet hij überhaupt een toekomst voor zichzelf, in een rurale omgeving waar traditie en de islam nog altijd alomtegenwoordig zijn en man en vrouw gebonden aan strakke rolpatronen?

Hij wordt bijvoorbeeld continu bestookt met één en dezelfde vraag: wanneer gaat ie nu eindelijk eens trouwen? Voordat Déni kan doorgaan voor een klassieke Tsjetsjeense man heeft hij echter nog een lange weg te gaan. Tijdens het voetballen kijkt hij vooral toe. Bij een optrekstang geneert ie zich over z’n eigen verrichtingen. En een pistool, om eens lekker mee te schieten, boezemt hem vooral angst in. Nee, met hem winnen ze de oorlog niet. Blijft hij te midden van z’n eigen mensen dus niet gewoon een vreemde?

Zijn moeder Khalimat Pitsaeva komt vanuit Brussel ook nog even op bezoek. En zelfs zijn vader Vakha Magomadov, waarvan hij vervreemd is geraakt en die hij al acht jaar niet heeft gezien, komt poolshoogte nemen met zijn tweede vrouw Malika Abdulaeva en hun zoons Pamzan en Mokhammed. Ook hij is van mening dat zijn zoon nu eindelijk z’n verantwoordelijkheid moet nemen voor ‘de continuering van de clan’. Déni heeft intussen ook nog een appeltje met hem te schillen over zijn rol tijdens de oorlog.

Tijdens die confrontatie borrelen de emoties die in Imago, op het filmfestival van Cannes uitgeroepen tot beste documentaire, tot dan toe onderhuids hebben gesluimerd even op. En net zo snel als de gemoederen verhit zijn geraakt, koelen die ook weer af in deze subtiele en omfloerste film, waarin veel wordt gezegd zonder dat ’t wordt uitgesproken – en ook de kijker dus wordt uitgedaagd om tussen de regels door te lezen.

Voetbalmiljonair Uit Oost

BNN

Het leven lijkt Mbark Boussoufa toe te lachen. Als voetballer van Anzhi Makhachkala is hij terechtgekomen in het elftal van coach Guus Hiddink, met wereldtoppers zoals Samuel Eto’o en Roberto Carlos. Niet slecht voor een Marokkaanse jongen die opgroeide in Amsterdam-Oost. Als klein jochie deed hij ooit van zich spreken: voor een wedstrijd van Ajax verbeterde ie het record hooghouden.

In de Russische deelrepubliek Dagestan, de thuisbasis van Anzhi, is het vanwege terreuraanslagen al enige tijd niet veilig. Boussoufa woont dus tweeduizend kilometer verderop, in de hoofdstad Moskou. Bovendien dreigt de clubeigenaar, miljardair Soelejman Kerimov, zich terug te trekken. Het is de vraag wat dit betekent voor de Marokkaanse international en zijn vaste hofhouding.

Thuis in Nederland kwakkelt Boussoufa’s vader Slima intussen met z’n gezondheid. Hij hoopt ook dat zijn eigen Voetbalmiljonair Uit Oost (80 min.), die furore maakte bij de Belgische topclub Anderlecht, eindelijk eens aan een gezin begint. Dat is de startpositie van deze ferme documentaire van Carin Goeijers uit 2015, waarin Mbark en de rest van de islamitische familie Boussoufa worden gevolgd.

De aanvallende middenvelder speelde aanvankelijk in de jeugdopleiding van Ajax met leeftijdsgenoten als Wesley Sneijder, Nigel de Jong en Hedwiges Maduro, maar zou uiteindelijk nooit actief zijn in de Nederlandse eredivisie. Na zijn carrière in België, waar ie tweemaal de Gouden Schoen voor beste speler won, belandde Boussoufa in 2011 in het verre Rusland, waar dan het grote geld is te verdienen.

Daarmee onderhoudt Mbark Boussoufa zowel zijn familie in Nederland als de vaste entourage waarmee hij zich in het buitenland omringt, waaronder zijn beste vriend Lorenzo (manager) en broer Moussi (personal assisant). Dat luxe leven lijkt nochtans een eenzaam bestaan, als de persoon om wie altijd alles draait. Zo gedraagt de voetballer zich soms overigens ook: als een man wiens wil wet is.

Via de voetbalmiljonair in Dagestan brengt Goeijers tevens een familie in beeld, die tussen drie werelden leeft: Marokko, Nederland en Rusland. Rond een Marokkaanse pater familias die in Nederland geen geschikte partner kon vinden en toen in zijn geboortedorp de moeder van z’n kinderen strikte. En nu wil Slima ook voor zijn zoon Mbark op zoek. ‘Maar dat wilde hij niet. Hij zei: laat maar aan mama over.’

Het mag in elk geval geen ‘golddigger’ worden, meent broer Moussi, die ook ooit een carrière als betaald voetballer ambieerde en altijd in de schaduw van zijn oudere broer bleef spelen. Zo houdt deze documentaire steeds het midden tussen een gelaagd familieportret en een film over de besognes van een dik betaalde topvoetballer, die zijn geld mogelijk bij een andere club moet gaan verdienen.

KIJK HIER: Voetbalmiljonair Uit Oost

Crazy Love

Magnolia Pictures

Het was nu niet direct liefde op het eerste gezien toen Linda Riss in september 1957 Burton Pugach ontmoette. Ze hield de boot af toen hij haar, een lookalike van Elizabeth Taylor, overlaadde met rozen. Enkele dagen later ging Linda, die eruit zag als een flirt maar volgens vriendinnen in werkelijkheid heel braaf was, toch overstag. Voor een ritje in zijn… vliegtuig.

Samen met vrienden, collega’s, journalisten en deskundigen vertellen de twee tortelduifjes vijftig jaar later het brisante verhaal van hun Crazy Love (91 min.). Hij, de man die het breed kon laten hangen, was stapelverliefd op haar. En zij was op haar beurt best onder de indruk van de playboy, die graag liet zien dat hij een man van de wereld was. Burt was alleen wel getrouwd. En zij wilde pas seks als ze zelf getrouwd waren.

Toen het daarna helemaal misging tussen Linda en Burt, kreeg hij volgens eigen zeggen ‘primitieve gedachten’. In de trant van: als ík haar niet kan hebben… De onverbeterlijke charmeur nam z’n toevlucht tot een wanhoopsdaad, die de loop van hun levens voorgoed zou veranderen – en waardoor ze meteen het favoriete stel werden van de roddelpers, die in chocoladeletters uitpakte over hoe liefde letterlijk blind kan maken.

Met fraaie zwart-wit foto’s, ronkende krantenkoppen en een nostalgische soundtrack tekenden Dan Klores en Fisher Stevens in 2007 deze onnavolgbare liefdesgeschiedenis op. Over twee mensen die blijkbaar tot elkaar veroordeeld waren. Haar gedrag en keuzes bleven voor menigeen volstrekt onbegrijpelijk, terwijl het tegelijkertijd heel begrijpelijk was dat hij in de tabloids werd uitgeroepen tot ‘America’s most horrible husband’

En dan hadden zelfs die waarschijnlijk niet kunnen voorzien dat ook deze oude vos wel z’n haren zou verliezen, maar niet z’n streken. Evangeline Borja, 27 jaar jonger, kon ervan getuigen. In 1996, bijna veertig jaar later, zou ook zij de donkere kant van Burton Pugach leren kennen. ‘Ik mag Burt echt heel graag’, zegt zijn vriend Bob Janoff daarover. Waarna hij er lachend aan toevoegt: ‘Echt waar! Ze zeggen dat zelfs Hitler vrienden had.’

Met zulke vrienden heb je geen vijanden meer nodig. Of Pugach een soort slachtoffer van zijn eigen obsessies was of toch ‘gewoon’ een psychopaat, valt op basis van deze bedrieglijk nostalgische film nauwelijks te zeggen. Hij oogt als een goedmoedige oude baas, met een vrouw die hém het leven zuur maakt. Zoals schijn nu eenmaal kan bedriegen. Ook bij deze Crazy Love, die vast niemand echt gelukkig heeft gemaakt.

Prins Bernhard

Videoland

Het verhaal is te mooi om niet opnieuw te worden verteld.

Over de armlastige Duitse edelman die in 1937 ‘omhoog trouwde’ en een Nederlandse prins werd. Een onverzadigbare charmeur die er in de hele wereld liefjes – en kinderen – op nahield. De ritselaar die het z’n hele leven niet al te nauw nam met de regeltjes. Een man van de wereld met oog voor het goede leven en een gigantisch gat in zijn hand. De oorlogsheld die na de Lockheed-affaire geen uniform meer mocht dragen. Een fervente jager die het boegbeeld van het Wereld Natuur Fonds werd. En – niet te vergeten – de bon vivant die (op z’n minst een beetje) model zou hebben gestaan voor het personage James Bond.

Als één Nederlander zich leent voor zijn eigen documentaire, dan is het Prins Bernhard (132 min.). Zoals er ook al talloze biografieën en series zijn gewijd aan Bernhard van Lippe-Biesterfeld (1911-2004) en zijn echtgenote, koningin Juliana. De schrijvers daarvan – Annejet van der Zijl, Jolande Withuis, Gerard Aalders, Marc van der Linden en Jutta Chorus – leveren ook stuk voor stuk een bijdrage aan deze driedelige serie van Joost van Ginkel, die met oud-premier Dries van Agt, Bernards nooit erkende dochter Mildred Zijlstra en allerlei intimi sowieso sterk is bezet. Al schittert de Koninklijke familie zelf natuurlijk door afwezigheid.

De documentairemaker serveert alle smeuïge anekdotes, scherpe observaties en ferme conclusies in hoog tempo uit in hapklare hoofdstukjes en stut die met heerlijk archiefmateriaal, illustratieve scènes en tekeningen uit de aan Bernhard gewijde strip Agent Orange. Van Ginkels toon is over het algemeen kritisch, maar hij heeft ook oog voor ‘s mans charmes en verdiensten. Met een wel erg frivole soundtrack – waarin het ene op het andere voor de hand liggende hitje volgt, liefst met een héél toepasselijke tekst – maakt hij het larger than life van zijn hoofdpersonage bovendien toegankelijk voor een groot publiek.

Al die input over een eeuwige kwajongen, netjes op een rijtje gezet en ingekaderd, resulteert weliswaar niet in nieuwe inzichten over de man die in zijn eigen avonturenroman leefde, maar brengt hem, een kleine twintig jaar na zijn dood op 93-jarige leeftijd, wel weer helder in het vizier. Als de belichaming van prinsheerlijk leven – en het mooie verhaal dat nodig weer eens verteld moest worden.

Begin 2025 bracht Videoland Beatrix uit, een driedelige serie van Joost van Ginkel over Bernhards dochter, koningin Beatrix.

Children Of The Mist

IDFA

‘Ik zal echt niet zó naïef zijn’, beweert Di ferm. Het Vietnamese meisje weet het zeker: mij gaat beslist niet gebeuren wat m’n oudere zus La is overkomen. ‘Op die avond was mijn moeder dronken’, herinnert Di zich. ‘Toen realiseerde ze zich ineens dat ze La al een tijdje niet had gezien. Ze vroeg mij waar ze was. Ik dacht dat ze was teruggegaan naar kostschool. Toen ik ons varken had gevoerd, zag ik mama huilend aan de telefoon zitten. De buren vertelden me dat mijn zus was ontvoerd.’

Di’s moeder is zelf ook het slachtoffer geworden van zulke ‘bride-kidnapping’, een eeuwenoud gebruik binnen de Hmong-gemeenschap, die huist in het bergachtige landschap van Noord-Vietnam. Rond nieuwjaar ontvoeren mannen, jongens vaak nog, er hele jonge meisjes met wie ze in het huwelijk willen treden. Di’s vader kan bijvoorbeeld nog altijd trots vertellen over hoe hij dat destijds zelf heeft aangepakt.

Of ze nu wil of niet, het is een lot dat ook zijn dochter boven het hoofd hangt in Children Of The Mist (92 min.). Voor haar debuutfilm volgt regisseur Diem Ha Le het opgroeiende meisje drie jaar lang, in een periode waarin ze volgens onze westerse normen gewoon nog kind is – en ook moet zijn. Terwijl Di op school in contact wordt gebracht met moderne waarden, is haar zus La op haar zeventiende inmiddels voor de tweede keer zwanger.

De filmmaakster laat feilloos zien hoe meerdere Hmong-generaties hun geheel eigen rituelen en gebruiken koesteren en er tegelijk ook in gevangen zitten. Als een meisje eenmaal is weggerukt uit haar natuurlijke omgeving, worden automatisch de onderhandelingen tussen de twee families, vergezeld van veel vormelijkheden, drank en drama, opgestart en is het nog maar de vraag of, en zo ja wat, de beoogde echtelieden dan nog te vertellen hebben.

Dat zou zomaar ook het voorland kunnen zijn van Di, die met het ene been ferm in de 21e eeuw staat en met het andere toch ook in de traditie van haar volk. Zeker als nieuwjaar nadert, zorgt dat voor frictie met haar ouders, waarbij het tienermeisje en haar bitse moeder soms vechten als kat en hond. Want als Di zou besluiten om haar ‘rover’ af te wijzen, kan dat wel eens voor gezichtsverlies van haar familie zorgen.

Dit leidt in Children Of The Mist tot pijnlijke taferelen, waarbij conflicten, soms bijna letterlijk, voor de camera worden uitgevochten. Dat tekent zich in deze indringende film bovendien af tegen een dramatisch decor, de rijstvelden en mistige heuvels van Noord-Vietnam, waar een opgroeiend Hmong-meisje zich net zo thuis, nietig en verloren kan voelen als binnen de tradities van haar volk.