See You In Vegas

Wouter Klok was hoofd van een basisschool. Toen overleed in 2002 zijn vader Klaas en had Wouters jongere broer Hans ineens behoefte aan extra ondersteuning. En dus zegde Wouter zijn baan op en ging de PR doen voor zijn broer, die al van kinds af aan wereldberoemd wil worden als illusionist. Inmiddels heeft Hans zijn zinnen gezet op een internationale doorbraak. Daarvoor wordt, samen met Joop van den Ende’s bedrijf Stage Entertainment, een geheel nieuwe onderneming opgetuigd.

See You In Vegas (80 min.), heeft Hans alvast gezegd tijdens zijn laatste show in pretpark Duinrell, waar hij enige tijd een vaste klus had. Hij is er wel klaar mee. Op naar nieuwe avonturen! Het is alleen de vraag of Wouter daar wel deel van uitmaakt. Past hij nog in de ambities van zijn broer? ‘Hij moet ‘t effe verdienen’, zegt Hans, als de plannen voor een groots opgezette show steeds serieuzere vormen beginnen aan te nemen. ‘Dat is ‘t gewoon. Hij moet ‘t gewoon effe even verdienen.’

Het lijkt, in elk geval in dit verband, een beetje ‘the story of Wouter’s life’. Want ook deze documentaire van Antoinette Beumer en Maik Krijgsman uit 2007 draait natuurlijk niet om de droom van Wouter Klok. Het is opnieuw zijn broer Hans die – woordgrap-waarschuwing! – de klok slaat. Niet alleen in het leven van zijn broer, overigens. Als alles goed gaat, is hij degene die straks onsterfelijk is, stelt zijn technisch assistent bijvoorbeeld nuchter. ‘Op mijn grafsteen komt echt niet te staan: Ton Vink, het hulpje van Hans Klok.’

Wordt het misschien ‘See You In IJmuiden’ voor Wouter Klok? Bij hem zit in elk geval een belangrijk deel van het drama van deze vlotte film. Hoewel ook de meesterillusionist zelf soms zo z’n twijfels heeft. ‘Waar doe je het uiteindelijk allemaal voor?’ vraagt Hans zich op een Amerikaanse hotelkamer af. ‘Niks is natuurlijk vergankelijker dan roem. En helemaal in ons vak. Een filmster laat nog films na, een schrijver laat nog boeken na. Wat laat je na als magician?’ Een herinnering, vooral.

See You In Vegas laat mooi zien hoe de levenslange droom van één enkele man een groep mensen kan binden en ook weer verdelen. Want Hans Kloks ideaal, zoveel is uiteindelijk iedereen wel duidelijk, gaat boven hen allemaal. Ook Wouter hoeft zich dus geen illusies te maken: dit avontuur kan natuurlijk eindigen in een protserig theater in het Amerikaanse Sin City, maar voor hetzelfde geld ook op een willekeurige basisschool in Nergenshuizen, Nederland. Hoe dan ook: see you there!

De Vele Gezichten Van Tineke Schouten

BNNVARA

Het woord ‘neuken’ krijgt ze nog altijd nauwelijks over haar lippen. Volgens eigen zeggen is Tineke Schouten ‘een heel keurig mens’. Eenmaal op het podium, als één van haar vele volkse typetjes met liefst een plat Utrechtse tongval, deinst ze echter nergens voor terug. ‘Dat ben ik niet’, zegt ze daarover in De Vele Gezichten Van Tineke Schouten (59 min.). ‘Dat is een ander. Dat is dat mens waar ik naar heb zitten kijken en die dat allemaal durft te zeggen.’

In deze gedegen documentaire van Hetty Nietsch en Lisa Bom, tevens moeder en dochter, sleutelt de geroutineerde cabaretière met haar vaste team, onder leiding van manager/producent Jacques de Cock, aan haar 25e theatershow Dubbel. Daarbij horen de gebruikelijke taferelen: de eerste repetities, het aanmeten van de juiste kleding (concreet: voor elk typetje een andere pruik), de try-outs… Voordat de voorstelling echter daadwerkelijk in heel het land kan worden gespeeld, worden de theaters, precies halverwege de film, dichtgegooid vanwege het Coronavirus.

Op bezoek bij collega Richard Groenendijk wil Tineke Schouten, die de pensioengerechtigde leeftijd inmiddels heeft bereikt, desondanks van geen stoppen weten. Al ruim veertig jaar opereert ze nu in het spoor van volkskomieken als Toon Hermans en André van Duin. Ze laat de mensen in het land, waarvoor ze de wereld met liefde en plezier versimpelt, een avondje lekker lachen. En daarbij imiteert Schouten net zo gemakkelijk Máxima als Nana Mouskouri, Amy Winehouse, Erica Terpstra of André Hazes. En, ja, net als haar voorgangers voelt ook zij zich soms miskend.

Dit wordt nog eens geïllustreerd tijdens het kneden van haar show, die na de lockdown toch een doorstart kan maken. Op zoek naar de juiste mix van sketches en liedjes hangt steun en toeverlaat De Cock toch vooral aan de humor, terwijl zij ook nadrukkelijk haar persoonlijke liedjes wil zingen – die hij er voor de televisieregistraties vaak rücksichtslos laat uitsnijden. Want thuis op de bank zitten ze waarschijnlijk toch vooral op de grappen en grollen te wachten. Die wisselwerking tussen cabaretier en manager is één van de aardigste elementen van dit portret, dat de hoofdpersoon tevens privé toont, met haar ernstig zieke echtgenoot en twee volwassen dochters.

Zonder pruiken of koddige kleding laat Tineke Schouten zich daar kennen als een zorgzame moeder, die bang is dat ze vroeger toch te vaak de vrouw is geweest die op zondag het vlees aansnijdt. Een heel keurig mens dat, inderdaad, voor geen meter op Lenie uit de Takkestraat, Toiletjuffrouw of Bep Lachebek lijkt.

Joni Mitchell – Lady Blue

Getty Images / NTR

Ze heeft dan misschien een klassiek lied gewijd aan Woodstock, maar zelf ontbreekt ze in de zomer van 1969 op het ultieme hippiefestival. Haar nieuwe manager David Geffen heeft de Canadese singer-songwriter Joni Mitchell ervan overtuigd dat ze moet kiezen voor een optreden in The Dick Cavett Show, een toentertijd toonaangevend televisieprogramma. Terwijl Jimi Hendrix, Janis Joplin en haar vrienden van Crosby, Stills, Nash & Young dus ten overstaan van zo’n 400.000 festivalgangers popgeschiedenis schrijven, is Mitchell voor het eerst in heel Amerika op televisie te zien.

Het zal haar definitieve doorbraak betekenen, op een moment dat de jaren zestig tot een climax komen. In de wat brave tv-docu Joni Mitchell – Lady Blue (53 min.) schetsen Julia en Clara Kuperberg vervolgens hoe dat gelukzalige hippiegevoel rigoureus de nek wordt omgedraaid door de moordlustige Manson Family en het volledig uit de hand gelopen Altamont-festival van The Rolling Stones, waarbij een concertganger de dood vindt. Terwijl het algehele gevoel van hoop vervliegt, haalt Joni Mitchell echter het beste uit zichzelf met heel persoonlijke en eigenzinnige muziek.

Met concertbeelden en ander archiefmateriaal, oude interviews met Mitchell zelf en (muzikale) partners zoals David Crosby en Graham Nash en een erg aanwezige verteller lopen de Kuperbergs netjes de lange carrière door van hun hoofdpersoon, die haar tijd tegenwoordig vooral besteedt aan familie en schilderen en onlangs voor het eerst in twintig jaar (!) optrad. In Joni Mitchell: Lady Blue krijgen haar kenmerkende folky stem, akoestische gitaar en maatschappijkritische songteksten de aandacht, die een toonaangevende (vrouwelijke) boomer nu eenmaal toekomt.

Een trailer van Joni Mitchell – Lady Blue is hier te bekijken.

We Need To Talk About Cosby

Showtime

Als Zwart Amerika één gidsfiguur heeft gehad in de tweede helft van de twintigste eeuw, dan was het Bill Cosby. Ga maar na: hij geldt als de eerste breed geaccepteerde zwarte stand-up comedian, had als allereerste Afro-Amerikaan een hoofdrol in een televisieserie (I Spy), ontwikkelde zich in de jaren zeventig tot de grote kindervriend Fat Albert en floreerde tenslotte jarenlang als Amerika’s favoriete vaderfiguur Cliff Huxtable in de immens populaire The Cosby Show. En toen staken er steeds hardnekkigere geruchten de kop op over het drogeren en seksueel misbruiken van talloze vrouwen.

We Need To Talk About Cosby (236 min.) herbergt natuurlijk diverse pijnlijke getuigenissen van de vrouwen die, gedurende ruim een halve eeuw, werden misbruikt door ‘America’s Dad’. Toch is deze vierdelige documentaireserie van W. Kamau Bell veel meer dan de volgende #metoo-productie, waarin een bewonderde bekendheid wordt ontmaskerd als een vunzige machtswellusteling die geen enkel respect heeft voor de grenzen van een ander. Om precies te zijn, in Bill Cosby’s geval: als de belichaming van de zwarte verkrachter, die zich ook zomaar aan witte vrouwen kan vergrijpen.

Bell richt zich niet alleen op het afschminken van de notoire geilneef – en na bijna vier uur rest er van het Afro-Amerikaanse icoon nauwelijks meer dan een zielig hoopje man – maar plaatst hem ook nadrukkelijk binnen zijn culturele context: een zwarte gemeenschap die snakt naar rolmodellen en in Bill Cosby bijna een halve eeuw een ideaal uithangbord lijkt te hebben gevonden. In dat opzicht doet We Need To Talk About Cosby denken aan een andere epische docuserie over een gevallen zwart symbool, O.J.: Made In America (2016), over de van moord verdachte oud-footballer O.J. Simpson.

W. Kamau Bell, die zich als komiek een erfgenaam van Cosby voelt, vergeet ook diens verdiensten niet. De comedian/acteur/producent/schrijver heeft grote waarde gehad voor de ontwikkeling van een soort zwart bewustzijn. ‘Mensen zien in Cosby twee verschillende personen’, zegt schrijver/docent Jelani Cobb. ‘De ene is de grote mensenvriend en de andere een onvervalst roofdier. Maar ik vraag me af of je die twee van elkaar kunt scheiden.’ Want elke publieke belofte, daad of gift verhoogde Bill Cosby’s status en maakte het moeilijker om hem van zijn voetstuk te stoten.

Met een uitgelezen selectie van veelal zwarte oud-medewerkers, intellectuelen en deskundigen licht Bell de verschillende aspecten van Bill Cosby’s leven en carrière door, waarbij hij soms plotseling, zonder aankondiging vooraf, afslaat richting een individueel slachtofferverhaal. Zoals het ook in de praktijk ging: terwijl het publieke personage Bill Cosby weer een nieuwe manier had gevonden om ieders hart te veroveren, speurde de vent daarachter voortdurend naar jonge, kwetsbare vrouwen om enkele Quaalude-pilletjes te laten slikken en daarna zijn lusten op te botvieren.

De documentairemaker laat zijn gesprekspartners ook naar Cosby’s werk kijken. Fragmenten die destijds onschuldig leken, krijgen met de kennis van nu een geheel nieuwe lading en leiden tot ongemakkelijke conclusies. Dat het geperverteerde oeuvre van de inmiddels ook van wandaden beschuldigde shockrocker Marilyn Manson allerlei clous bevat over wat hij privé zoal uitspookte, kan nauwelijks een verrassing zijn. Maar dat ook de aimabele vrouwen(!)arts Cliff Huxtable uit The Cosby Show soms opzichtig hintte naar de hitsigheid van zijn bedenker/vertolker wekt toch wel enige verbazing.

Cosby’s strapatsen bleven echter verdacht lang een publiek geheim. Ook omdat zijn eigen gemeenschap ten koste van alles wilde voorkomen dat zwarte mannen zoals hij publiekelijk werden gelyncht. Totdat de comedian Hannibal Buress in 2014 de handschoen oppakte. ‘’Als je hier weggaat, googel dan “Bill Cosby verkrachting”’, hield hij zijn publiek voor. ‘Dat is niet grappig bedoeld. Die shit levert meer resultaten op dan “Hannibal Buress”.’ Zijn min of meer spontane actie vormde het startschot voor de publieke ontmanteling van het fenomeen Bill Cosby.

Deze intelligente, gelaagde en aangrijpende serie voorziet de Kwestie Cosby, en de toxische mannencultuur die de entertainer is gaan representeren, van allerlei verschillende perspectieven en zoekt daarbij ook de pijnpunten binnen de zwarte wereld op. ‘Eerlijk gezegd heb ik tijdens het maken van deze documentaire vaak overwogen om ermee te stoppen’, zegt W. Kamau Bell niet voor niets. ‘Ik wilde vasthouden aan mijn herinneringen aan de Bill Cosby van voordat ik Bill Cosby leerde kennen.’

Talked To Death – The Dark Side Of Daytime Talk Shows

HBO

‘Ze is een liegende hoer die je zo een mes in je rug steekt’, zegt Stephanie over haar beste vriendin en huisgenoot in The Geraldo Rivera Show. Delora zit er gewoon naast, in een aflevering genaamd ‘Friendship Becomes A Battleship’. ‘Ze is naar bed geweest met de echtgenoot van mijn zus’, fulmineert Stephanie, ‘die trouwens ook de vader van mijn kind is.’ Uitroepteken. Delora hoort de verwijten ondertussen schaapachtig aan.

Senior producer Kevin McMahon bekijkt het gênante tafereel goedkeurend vanuit de regieruimte: dit is het spektakel dat ze willen bij Geraldo. Toch ontbreekt er nog iets aan het segment van de trashy talkshow. En de verantwoordelijke redacteur Alyx Sachs weet dat maar al te goed: de twee vriendinnen behoren nu op zijn minst te schreeuwen tegen elkaar. Ze belt met de studiovloer: ‘Moet ik even komen om dat voor elkaar te krijgen?’

Na het reclameblok, waarin Sachs Delora vermanend heeft toegesproken, komt de jonge vrouw die voor van alles is uitgemaakt een héél klein beetje los. Al moet Geraldo daar wel zelf aan te pas komen. De talkshowhost met de karakteristieke snor slaat een arm om Delora heen en geeft haar begripvol het woord. Echt veel komt er alleen niet uit. Sachs blijft ontevreden. Met twee duimen omlaag begeleidt ze vanuit de regieruimte het einde van de show.

Op naar de volgende uitzending. Een prikbord verraadt wat er op de planning staat bij The Geraldo Rivera Show: ‘My daughter dates criminals’, ‘Underaged, Oversexed, Out Of Control’ en ‘Raped and pregnant by grandpa’. Exemplarische onderwerpen voor zo’n typisch Amerikaanse trashtalkshow uit de jaren negentig. De essentie daarvan werd ooit treffend vervat in die ene collectieve oerkreet voor de host der hosts, Jerry Springer: Jerry, Jerry, Jerry!

In de documentaire Talked To Death – The Dark Side Of Daytime Talk Shows (57 min.) uit 1997 krabt Eames Yeates het dunne laagje vernis van de ranzige praatshows die destijds in de hele wereld bijzonder populair waren. Hoewel de grote kanonnen – Jerry Springer, Ricki Lake, Jenny Jones en Oprah Winfrey, die overigens geldt als een witte raaf binnen deze smoezelige business – ontbreken, wordt hun modus operandi glashelder.

Presentatoren als Geraldo Rivera, Phil Donahue en Maury Povich proberen nog de façade op te houden dat ze het beste voorhebben met hun gasten, maar de feiten vertellen toch echt een ander verhaal: gasten worden regelmatig onder valse voorwendselen de studio ingelokt, om daar publiekelijk te kijk te worden gezet. Met mogelijk desastreuze gevolgen, zoals een berucht geworden fragment uit The Jenny Jones Show genadeloos laat zien.

Zulke talkshows waren tegelijkertijd een weerslag van het hedendaagse Amerika en de aanjager van verdere verruwing, polarisatie en algehele debilisering binnen het publieke debat in de Verenigde Staten. Zou de opkomst van (The) Donald Trump, die zelf veelvuldig te gast was in de meest ranzige tv-programma’s, bijvoorbeeld mogelijk zijn geweest zonder de normvervaging die dagelijks op de Amerikaanse televisie was/is te zien?

Gaea Girls

De Hulk Hogan, Ric Flair en André The Giant van Japan luisteren naar namen als Chigusa Nagayo en Meiko Satomura. Het gaat om vrouwen die van showworstelen hun bestaan hebben gemaakt. Tijdens een speciale opleiding stomen zij nu toekomstige Gaea Girls (98 min.) klaar voor het grote werk: een titanengevecht in een volgepakte arena, waarbij alles uit de kast wordt gehaald – dropkick! omhaal! vuurspuwen! – om de opponent te vloeren.

‘Alleen de uitverkorenen bereiken uiteindelijk de ring’, leest Chigusa Nagayo haar opvallend frêle pupil Saika Takeuchi, die door onachtzaamheid tijdens de training een lichte verwonding heeft opgelopen, publiekelijk de les. ‘Wil jij tot die groep behoren of niet?’ Op die vraag bestaat maar één antwoord, maar of de aspirant-vechtster dat wil en kan geven? Een echte Gaea Girl moet bikkelhard zijn. Voor de opponent én voor zichzelf, sowieso haar gevaarlijkste tegenstander.

‘Ga naar huis!’ sneren de trainsters in deze observerende documentaire van Kim Longinotto en Jano Williams uit 2000 later meermaals naar een huilende Takeuchi. ‘Nee!’ antwoordt die steeds ferm. Ze houden aan: ‘Bel papa en mama dat je naar huis komt. Hier heb je niets te zoeken. Wij gedragen ons als professionals. En jij bent waardeloos.’ Saika Takeuchi krijgt er zowaar nog enkele oorvijgen bij ook. ‘Bespaar me je klotetranen!’ briest Nagayo erbij. Op weg naar de ring is geen vernedering (blijkbaar) te groot.

Nieuwe rekruut Sato, een jeugdig ogend meisje met paardenstaartjes in, krijgt even later nochtans met een stralende glimlach te horen dat de regels bij de Gaea-school weliswaar streng zijn, maar dat iedereen in de groep gelukkig vriendelijk en vrolijk is. ‘Helemaal niks om je druk over te maken.’ Want het doel heiligt in deze kiezelharde wereld alle middelen. Longinotto en Williams staan erbij en kijken ernaar, zonder een oordeel uit te spreken.

Voor Saika Takeuchi is het intussen kiezen of delen: alle vernederingen slikken en dan maar hopen dat ze uiteindelijk boven komt drijven? Of als een pathetische verliezer, althans volgens de mores van deze totalitaire wereld, met de staart tussen de benen afdruipen?

Pink: All I Know So Far

Amazon Prime

Over twintig dagen staat ‘Wembley’ op het programma. Tot die tijd wil Pink nog de nodige puntjes op de i zetten bij haar extravagante Beautiful Trauma-show. Op een enorm podium en in de rug gedekt door een veelkleurige begeleidingsgroep moet zij de onbetwiste ster van haar eigen circus worden. Ze zingt, danst en bedrijft acrobatiek. Entertainment op hoog niveau. Soms letterlijk. Tussen de bedrijven door probeert Alecia Beth Moore – onderweg, in hotelkamers en tijdens familie-uitstapjes – een normaal gezinsleven te leiden met haar echtgenoot, voormalig motorcrosser Carey Hart, en hun twee kinderen, Willow en Jameson.

Regisseur Michael Gracey buit dit contrast ten volle uit in Pink: All I Know So Far (99 min.), waarbij het privéleven van de Amerikaanse zangeres voortdurend wordt afgewisseld met fragmenten van haar groots opgezette concerten uit 2019. Het één gaat soms natuurlijk ten koste van het ander. ‘Je moeder is een performer die alle zuurstof in een ruimte opzuigt’, heeft ze bijvoorbeeld moeten uitleggen aan haar dochter Willow, die zich soms niet gezien voelt. ‘En dan is er nog je broertje, die een soort miniversie van mij is.’ Terwijl zij zich oprecht zoveel mogelijk probeert weg te cijferen voor haar kinderen, hebben die intussen een verplichte bijrol gekregen in deze lofzang op hun moeder.

Pink is en blijft zelf te allen tijde het middelpunt van elke afzonderlijke scène in deze door haarzelf geproduceerde film. Via interviews en voice-overs zet ze de vertelling volledig naar haar hand. Ondanks de toegang die hij heeft gekregen tot zijn protagonist en haar directe entourage lijkt Gracey nooit voorbij de performer Pink te komen. Als ze backstage tweets van haar fans (voor)leest, wordt dit bijvoorbeeld geregistreerd door twee camera’s. Het is duidelijk: dit is een Pink die Pink graag laat zien. Een krachtige vrouw die oprecht betrokken is bij haar achterban en als geen ander weet hoe het is om een misfit te zijn.

En daar doet ze het dus allemaal voor volgens deze gladgestreken film, die netjes op de twee groots opgezette Wembley-concerten afkoerst. Nadat ze daar een topprestatie heeft afgeleverd zit haar werkdag er echter nog lang niet op. De tweejarige Jameson heeft bijvoorbeeld bedacht dat zijn moeder nog een spelletje moet doen op een turnmat. ‘Heb je het wel door?’ reageert ze met een zekere zelfspot. ‘Ik heb vanavond een hele show gedaan.’ Hij houdt echter aan: ‘Mama, doe dit.’ En dus hijst Pink zich nog eenmaal overeind en achtervolgt de druistige peuter, voor de draaiende camera, over de matten die in de zoveelste hotelkamer zijn uitgestald….

The Trump Show: Downfall

VPRO

De aftiteling loopt. Van een (s)hitshow die ruim vier jaar permanent van conflict, theater, schandaal, klucht en drama aan elkaar hing en steeds van cliffhanger naar cliffhanger denderde. De namen komen nog eenmaal voorbij. Allerlei figuranten die terstond zullen worden vergeten. Enkele onvergetelijke kopstukken. En Don Jr., Ivanka, Jared, Tiffany, Eric en – de absolute hoofdrol – Donald J. Trump. Het was ‘one hell of a ride’. Of, in goed Nederlands, een onvervalste helletocht.

Downfall, de ‘season finale’ van The Trump Show (53 min.) en het vervolg op de drie afleveringen die in de aanloop naar de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 3 november 2020 werden uitgezonden, begint met een dramatisch tafereel: een verlaten en geplunderd kantoor in het Capitool, dat op 6 januari werd bestormd door Trump-aanhangers die de certificering van Joe Bidens verkiezingsoverwinning weigerden te accepteren.

Daarna volgt een ‘recap’ van de periode die daaraan vooraf is gegaan. Dat relaas begint eveneens met een onvergetelijk beeld: van de leider Trump, die opnieuw een formidabele vijand heeft overwonnen, het Coronavirus, en die zich nu door zijn dolenthousiaste aanhangers (‘we love you!, we love you!, we love you!’) uitgebreid laat fêteren. Op weg naar verkiezingen die hij, zo wordt hem elke campagnebijeenkomst duidelijker, gemakkelijk gaat winnen. Donald Trump zal de peilingen, die stuk voor stuk een zege voor zijn tegenstrever voorspellen, weer eens ongenadig logenstraffen.

En dan blijkt dat al die voorspellingen gewoon klopten… Voor een man als Trump is dat onmogelijk te accepteren. ‘Winnen is gemakkelijk’, zegt hij treffend in het intro, dat tevens dienst doet als leidmotief voor dit laatste uurtje van The Trump Show. ‘Verliezen is nooit gemakkelijk. Voor mij tenminste niet.’ Er moet dus wel sprake zijn van vuil spel. Een ‘rigged election’. Zoals altijd als ‘The Donald’ niet wint, zo laat regisseur Rob Coldstream Hillary Clinton nog maar eens zeggen in een klassiek debatfragment uit 2016. Verliezen past simpelweg niet in zijn denkraam.

Coldstream brengt het gevolg van dat onvermogen in kaart met (voormalige) Trump-getrouwen als Anthony Scaramucci, Olivia Troye, Sam Nunberg, Darrell Scott, Marc Lotter, Maggie Vandenberghe en Brexiteer Nigel Farage. Dat is al met al een minder overtuigende sterrencast dan in de oorspronkelijke driedelige serie. Deze eerste poging tot geschiedschrijving van de ontluisterende laatste fase van Trumps (eerste) ambtstermijn biedt verder ook geen verrassende ontboezemingen of nieuwe inzichten. ‘t Is vooral een vakkundige samenvatting van twee dolle maanden CNN, opgeleukt met enkele smeuïge quotes en een urgente soundtrack.

Voor een volvette productie zoals The Trump Show is dat een tamelijk zuinig slot. In elk geval voor dit seizoen. Zit er nog een vervolg in het vat? Het tweede impeachmentproces misschien? De tussentijdse verkiezingen van 2022, waarvoor elke Republikeinse volksvertegenwoordiger die zich niet blindelings aan zijn zijde heeft geschaard z’n borst mag natmaken? Of toch weer een presidentscampagne in 2024? Trump mag het weten.

The Reagans

Showtime

Het was destijds voor veel Nederlanders waarschijnlijk nauwelijks voor te stellen dat de figuur Ronald Reagan, een voormalige acteur die nooit president van de Verenigde Staten (1981-1989) had mogen worden, ooit nostalgische gevoelens zou kunnen oproepen. Nooit meer zou een man immers zo evident ongeschikt zijn voor het ambt dat hij mocht bekleden. En toen, een kleine dertig jaar later, werd Donald Trump gekozen tot president en begon het Republikeinse icoon Reagan steeds meer te lijken op een adequate vertegenwoordiger van betere tijden.

Deze vierdelige docuserie van Matt Tyrnauer heet echter niet voor niets The Reagans (218 min.). Meervoud. Want achter deze ‘all American hero’ staat niet zomaar een representatieve echtgenote of glamoureus fotomodel, maar een kleine, vinnige dame: Nancy Davis, een voormalige actrice die haar ‘Ronnie’ naar grote hoogten zou dirigeren en – ondanks een aanzienlijke collectie charmante mantelpakjes – thuis stevig de broek aanhad. Zonder Nancy is Reagans opmars van verdienstelijke bijrolspeler, voorzitter van de acteursvakbond en rondreizend uithangbord voor General Electric tot eerst gouverneur van de staat Californië en daarna Amerikaans president volstrekt ondenkbaar.

Die heldhaftige klim naar ‘this shining city upon a hill’, waarbij Reagan en zijn echtgenote de mythe van Amerika consequent verkozen boven de soms barre realiteit, wordt in deze gedegen dubbelbiografie met een karrenvracht aan fraai archiefmateriaal en een keur aan bronnen gereconstrueerd. Van de onvermijdelijke biografen, journalisten en historici tot insiders zoals James Baker, George Shultz en Stu Spencer. Zij aanschouwden van spuugafstand hoe de Reagans opereerden als politiek tweemanschap.

De teneur van de serie is opvallend kritisch. Tyrnauer zoomt bijvoorbeeld in op hoe Ronald een ommezwaai van links naar rechts maakte, waarbij hij slim inspeelde op ressentiment bij witte Amerikanen, zijn eigen (fictieve) ‘welfare queen’ introduceerde en nauwelijks begrip toonde voor bevolkingsgroepen die zich niet thuis voelden in zijn geïdealiseerde versie van Amerika. Was zijn vader misschien een racist? Zoon Ron Jr, die zich al vaker kritisch heeft uitgelaten over de verrichtingen van zijn ouders, vindt het een lastige vraag. Ook al kan hij zich niet herinneren dat thuis ooit het N-woord werd gebezigd.

Junior kreeg zijn vader in elk geval niet aan z’n verstand gepeuterd dat alleen de rijken profiteerden van Reaganomics en dat zijn rigoureuze bezuinigingen juist de kwetsbaarste Amerikanen troffen. Intussen liet zijn moeder Het Witte Huis opnieuw decoreren en kreeg ze aan de lopende band nieuwe designerjurkjes aangemeten. Zulke kritiek – en die weerklinkt volop in deze soms ronduit ontluisterende reeks – werd door de twee volleerde acteurs gepareerd met een kundig uitgeserveerde grap, een vleugje zelfspot of een aantrekkelijk fotomomentje. The Reagan Show, zoals vervat in de gelijknamige documentaire.

Hoe hard zijn beleid ook uitpakte, bijvoorbeeld voor homoseksuelen met AIDS, Ronald bleef ogen als een goeiige grootvader des vaderlands. En die roestvrijstalen glimlach verliet nooit Nancy’s gezicht. Beiden speelden immers de rol van hun leven. ‘Laat ons naar elkaar uitspreken’, speechte Reagan bijvoorbeeld bij het Amerikaanse vrijheidsbeeld tijdens de presidentscampagne van 1980, ‘dat we in staat zijn om en – als God het ons toestaat – daadwerkelijk “make America great again”.’ Niet voor niets zou die slogan later geleend worden door die andere Republikeinse president, een man die op min of meer dezelfde grondslagen zou gaan regeren. De toon was alleen volledig anders.

The Trump Show

VPRO

Geen dankbaarder object – of doelwit – dan Donald Trump. Ook, of juist, in documentaires. En zoals je naar zijn Russische tegenhanger Vladimir Poetin kunt kijken vanuit de invalshoek van de eeuwige spion (zoals onlangs gebeurde in de miniserie: Putin: A Russian Spy Story), zo kun je Trump natuurlijk bezien als het gematerialiseerde reality-programma: The Trump Show (164 min.).

In deze driedelige docuserie komen, behalve enkele journalisten en politieke insiders, vooral de mensen aan het woord, die op de aftiteling van Trump’s reality show staan of hebben gestaan: persoonlijk advocaat Rudy Giuliani, strateeg Steve Bannon, stafchef Mick Mulvaney, campagnemedewerker Sam Nunberg, veiligheidsadviseur John Bolton en directeur communicatie Anthony Scaramucci. Enne… pornoster Stormy ‘Trump picked the wrong person to fuck with’ Daniels, met wie hij een affaire zou hebben gehad.

Het verhaal van Trumps turbulente opkomst en eerste ambtstermijn mag inmiddels bekend worden verondersteld. Veel roddels en achterklap zijn ook al eerder uitgelekt. En toch biedt deze making of van de reality show nog nieuwe inkijkjes. Witte Huis-medewerker Omarosa Manigault Newman, die Trump nog kent van het tv-programma The Apprentice, vertelt bijvoorbeeld dat de samenstelling van zijn regering een soort casting werd: met mannen die vooral op hun uiterlijk en imago werden geselecteerd.

En niet zonder resultaat. ‘Mensen onderschatten Trump, met negatieve gevolgen voor henzelf’, meent BBC-correspondent Jon Sopel. ‘Hij begrijpt theater en entertainment. En hij snapt politiek als vorm van entertainment.’ Geef het volk dus brood en spelen. Méér dan het kan verteren. Dat lijkt vanaf dag één het parool van het kijkcijferkanon. Daarover kan zijn voormalige woordvoerder Sean Spicer meepraten. Direct na Trumps inauguratie kreeg hij de opdracht om ‘alternative facts’ over het aantal bezoekers bij de inauguratie te verdedigen. ‘De ergste dag van mijn leven’, bekent hij nu.

En de eerste van een doldwaas schouwspel, dat zich nu al vier tumultueuze jaren voor het oog van de wereld voltrekt en dat hier, opgeleukt met beurtelings vette, cheesy en kekke muziek nog eens zwierig wordt opgedist. Via Russiagate, het impeachmentproces en de Black Lives Matters-demonstratie belandt de reality-held uiteindelijk bij zijn grootste uitdaging tot dusver: het Coronavirus. Dat resulteert in een genadeloze cliffhanger als ‘the chosen one‘ wordt ontslagen uit het ziekenhuis, nadat ook hij besmet is geraakt, en op het bordes van Het Witte Huis met een dramatisch gebaar zijn mondkapje afdoet. Komt hij terug voor nóg een seizoen?

Ademloos kijkt het grote publiek ook nu weer toe. Deze documentaireserie van Rob Coldstream is daarmee tevens confronterend als het gaat om wie wij zijn (geworden): wezens die zitten vastgelijmd aan een apparaat dat continu nieuws, ongein en schandalen ophoest. En geen betrouwbaardere leverancier dan Trump. Elke dag, elk uur, elke minuut als het moet. Love it or hate it, het is een show die geen mens, hoe Trump-moe hij of zij ook zegt te zijn, uiteindelijk wil missen.

The Show Must Go On: The Queen + Adam Lambert Story

Queen Productions LTD / NTR

Hoe kun je als wereldberoemde band verder zonder je zanger, frontman en blikvanger? Kan dat überhaupt? En: mág het eigenlijk wel?

Na het overlijden van Freddie Mercury in 1991 beet menige topvocalist zich stuk op Queens breed uitwaaierende repertoire en het imposante stembereik van die geboren frontman. Zijn band leek dood en begraven. Of veroordeeld tot een stille dood in het golden oldies-circuit. Deze zanger, voor wie elk superlatief (blijkbaar) tekort schiet, was écht niet te vervangen.

‘Er zijn veel Freddie-na-apers, met een plaksnor en geel jackje aan’, zegt drummer Roger Taylor in deze gelikte tv-docu van Christopher Bird en Simon Lupton. ‘Nou, veel succes ermee. Op het cruiseschip.’ Het bleef echter kriebelen bij de overgebleven Queen-leden. Zou er dan tóch een opvolger zijn, iemand die Freddies vocale spierballenvertoon kon interpreteren in plaats van kopiëren? Het antwoord laat zich raden: jawel, American Idol-runner up Adam Lambert.

The Show Must Go On: The Queen + Adam Lambert Story (86 min.) toont de lange weg die gitarist Brian May en drummer Roger Taylor moesten afleggen om, na de nodige bokkensprongen en zijstappen, met Lambert een volwaardige nieuwe incarnatie van hun band uit de grond te stampen. Queen 8.0, of zoiets. Die ontwikkeling wordt van commentaar voorzien door bekendheden als het wereldberoemde jurylid Simon Cowell, Foo Fighters-drummer Taylor Hawkins en Rami Malek, de acteur die Freddie Mercury speelde in de gelijknamige biopic uit 2018.

Vanzelfsprekend valt er geen onvertogen woord in deze lofzang op alles wat met Queen te maken heeft – niemand wil zich tenslotte bezondigen aan heiligschennis – die helemaal is dicht gesmeerd met uitbundige live-versies van de hits van de superband. En van bovenaf zag Freddie – dat is tenminste de stellige overtuiging van zijn oude bandmakkers – dat het goed was…

The Zen Diaries Of Garry Shandling

HBO

‘Zorg dat je nooit verliefd wordt op een hoertje’, houdt voormalig talkshow-host Jay Leno jonge comedians voor, die willen overleven in de showbusiness. ‘Want dan wordt je hart gebroken.’ Aan het lijdend voorwerp van deze documentaire, de Amerikaanse komiek Garry Shandling, was dat goedbedoelde advies niet besteed: ’Op dit moment vraag ik me af: ben ik grappig?’, klinkt het bloedserieus in deze uitputtende biografie. ‘Ben ik net zo grappig als ik ooit was? Word ik ooit weer grappig?’

Zijn voormalige protégé Judd Apatow, die zelf inmiddels zijn sporen verdiende als executive producer van films als The 40 Year Old Virgin en Knocked Up en de series Girls en Love, maakte een liefdevol eerbetoon aan de invloedrijke stand up-comedian en maker van de baanbrekende televisieprogramma’s It’s Garry Shandling’s Show (1986-1990) en The Larry Sanders Show (1992-1998). Een man die zijn publiek niet alleen wilde behagen, maar ook probeerde uit te dagen.

Garry Shandling, die in 2016 op 66-jarige leeftijd overleed, was een typische clown: in het openbaar had hij altijd de lach aan zijn kont, maar achter de schermen bleef hij gedurig twijfelen, tieren en somberen. Illustratief is een anekdote van vriend, collega-comedian en vader in de gesuikerde serie Full House Bob Saget: na zijn doorbraak-performance in The Tonight Show van Johnny Carson kon Shandling nauwelijks stoppen met huilen. Zijn grote droom was uitgekomen. Wat viel er nu nog te bereiken in het leven?

Die tobberige natuur werkt als een tweesnijdend zwaard in de tweedelige documentaire The Zen Diaries Of Garry Shandling (256 min.); het geeft een verklaring voor het succes van de comedian, die in zijn werk op z’n Koot en Bies zichzelf zocht en vervolgens rücksichtslos zijn eigen neuroses uitventte, en werpt tevens een licht op waarom dat succes tegelijkertijd nooit tot echt levensgeluk leidde. Een rechtszaak tegen zijn eigen manager ontregelde bijvoorbeeld ook de vriendschap met Saget. Die kan zijn verdriet daarover nog altijd nauwelijks weggeslikt krijgen.

Met mensen uit Shandlings directe omgeving (waaronder comedians en acteurs als Jim Carrey, Conan O’Brien, Jeffrey Tambor, Sacha Baron Cohen, Sarah Silverman, Jerry Seinfeld en David Duchovny) reconstrueert Apatow op meeslepende wijze het leven van zijn voormalige mentor, een man die hen stuk voor stuk heeft gemaakt én geraakt. Na afloop van deze hagiografie – want dat is het uiteindelijk, met al zijn mitsen en maren – overheerst in eerste instantie vooral mededogen met de toch wat tragische figuur Garry Shandling. Totdat zijn glorieuze oeuvre zich weer opdringt…