Killer Sally

Netflix

Op 14 februari 1995, Valentijnsdag, loopt de zaak definitief uit de hand. Sally McNeil schiet met twee kogels haar echtgenoot Ray dood. Hij zou haar jarenlang hebben mishandeld. De twee waren een opvallend stel geweest. Een interraciaal echtpaar. Hij zwart, zij wit. En allebei genoten ze een zekere bekendheid als bodybuilder.

In de driedelige docuserie Killer Sally (149 min.) gebruikt Nanette Burstein Sally’s (wanhoops?)daad in eerste instantie vooral als aanknopingspunt om het Amerikaanse bodybuilden te exploreren. De sport maakt in de jaren zeventig een opmars door, mede als gevolg van de klassieke documentaire Pumping Iron. Die film zorgt er tevens voor dat zevenvoudig Mr. Olympia-winnaar Arnold Schwarzenegger een echte ster wordt. Hij zal er een succesvolle loopbaan, eerst als actieheld en later als politicus, aan overhouden.

De voormalige marinier en Schwarzenegger-fan Ray McNeil ambieert eveneens een carrière als professioneel bodybuilder en is bereid om daarvoor ver te gaan. Zijn echtgenote Sally, tevens oud-marinier, beweegt zich in diezelfde wereld, wordt daarnaast actief in het aanverwante vrouwenworstelen en leent zich zelfs voor wat in deze miniserie ‘spierprostitutie’ wordt genoemd: tegen betaling afspreken met een zogenaamde ‘schmo’, een man die kickt op een sterke vrouw en daarmee wil worstelen.

Als die subcultuur eenmaal goed is neergezet – en Burstein neemt daarvoor ruim de tijd – zoomt de filmmaakster verder in op Ray en Sally: op zijn steroïdengebruik en slippertjes, op haar licht ontvlambare karakter en jaloezie en op het levensdelict dat daaruit is voortgevloeid. Ruim vijfentwintig jaar later kijkt Sally zelf terug op de gebeurtenissen. Ze wordt in de rug gedekt door haar advocaat, vrienden en kinderen uit een eerdere relatie en krijgt weerwoord van intimi van Ray en de voormalige openbaar aanklager.

In de slotaflevering volgt tenslotte de rechtszaak tegen Sally McNeil: heeft zij Ray neergeschoten in een paniekreactie, omdat ze leed aan het zogenaamde ‘battered woman syndrome’ dat in die tijd door de geruchtmakende partnergeweld-zaken rond O.J. Simpson en Lorena Bobbitt prominent in het nieuws was? Of was het toch een koelbloedige moord? Verder redenerend: kunnen vrouwen überhaupt de agressor zijn binnen een relatie? En, vragen anderen zich dan weer af, is de gespierde Sally eigenlijk nog wel te beschouwen als een vrouw?

Als vervolgens, na bijna tweeënhalf uur, ook de gevolgen van Ray en Sally’s toxische relatie voor haar kinderen John en Shantina, die later allebei in het leger zijn beland, nog aan de orde komen, wordt deze serie even meer dan de zoveelste Amerikaanse true crime-productie. Voor een driedelige serie heeft Killer Sally alleen toch wat weinig vlees op de botten. Dit verhaal en de prikkelende wereld waarbinnen dat is gesitueerd waren ongetwijfeld ook prima tot hun recht gekomen in één enkele documentaire.

Sisterhood

BNNVARA

Op de filmklapper staat de werktitel voor deze documentaire: De Vrouwenfilm. Het is uiteindelijk Sisterhood (55 min.) geworden. Sophie Dros wil daarin praten over vrouw zijn en wat dat betekent. En daarvoor – zagen De Kijkende Man en z’n Vrouw – heeft Dros in een fraaie studiosetting enkele, ja, vrouwen uitgenodigd.

De flamboyante modeontwerpster Anne-Rixt Gast, Vlaamse televisiepersoonlijkheid Jamecia Baker (Ex On The Beach), bodybuildster Maria Wattel en journalist Tatjana Almuli (schrijfster van Knap Voor Een Dik Meisje) vertegenwoordigen verschillende uithoeken van een nieuwe generatie vrouwen, constateren De Kijkende Man en Vrouw eensgezind. Daarnaast spreekt Dros een groepje van vijf tienermeisjes.

Van tevoren legt de filmmaakster uit hoe ze het wil gaan aanpakken. Haar gesprekspartners mogen recht in de camera kijken. ‘Het wordt echt een beetje een gesprek’, zegt ze erbij. ‘Dus je kan ook dingen aan mij vragen.’ En als ze ergens liever niet over praten… Na alle plichtplegingen kan haar met iconische vrouwbeelden sjiek aangeklede interviewfilm beginnen. Met een citaat van Simone de Beauvoir bovendien.

Bij de opnames zijn overigens ook cameraman Boas van Milligen Bielke en geluidsman Gijs Domen betrokken. Zij kijken en luisteren mee als onderwerpen zoals menstruatie, verliefdheid en – vooral – irritante, onveilige of zelfs gevaarlijke mannen worden behandeld en mengen zich uiteindelijk ook voorzichtig in dit gesprek. Dat is ook wel zo prettig voor De Kijkende Man. Anders zou die zich maar een indringer voelen.

Bij gesprekken die volgens zijn Vrouw soms overigens op ‘wijvengezeik’ dreigen uit te lopen. Terwijl alle deelnemers toch vooral niet als een ‘zeikwijf’ gezien willen worden. De Kijkende Man, een witte van middelbare leeftijd bovendien, laat zich nochtans braaf meenemen door deze Vrouwenfilm, waarin uiteenlopende onderwerpen zoals de smurfen (en hun smurfin), dickpics en stalkers ook aan bod komen.

In hun conversatie zit een onverholen pleidooi verscholen voor een zusterschap, een verbond van vrouwen (en mannen, misschien zelfs De Kijkende) die hun onderlinge verhoudingen opnieuw proberen te definiëren. Tenminste, dat is wat Hij – al schrijvende en zijn Vrouw die er naderhand over door wilde praten negerende – uit dat kleine uurtje pregnante en soms ook wat vrijblijvende Vrouwenpraat heeft weten te destilleren.

Torso

‘Dan mag je een heel klein beetje zo je billen naar achter doen’, zegt de vrouw met de spuitfles met lichaamsbruiner in de openingsscène van deze korte documentaire. Axel Paulina staat met zijn rug naar de camera. In een soort minitent, poedelnaakt. Zijn brede schouders en rug, bekleed met een imposante tatoeage, worden van een dun laagje bruin voorzien. De titel verschijnt in beeld: Torso (24 min.). Van Olivier S. Garcia.

In de volgende scène showt Paulina zijn spierballen. Eerst licht onzeker, daarna met zelfvertrouwen. Opgepompt, in een strakke slip. Zijn tienerzoons Caine en Montell (die in 2017 overigens Holland’s Next Top Model won) kijken vol bewondering naar de man die bij een bodybuild-toernooi zijn comeback maakt. Hun inmiddels 48-jarige vader, die jarenlang buiten beeld was, is terug én in vorm.

Nog niet zo lang geleden had hij een buikje. En papperige bovenbenen. Die zijn binnen korte tijd met een personal trainer weggewerkt. Axel wilde een nieuwe man worden. Een ouder voor zijn twee jongens. ‘Je oogst wat je zaait’, zegt hij over zijn vroegere bestaan als vechtsporter, drugsdealer en afperser, dat z’n sporen heeft achtergelaten op zijn lijf. ‘Ik zaai ellende en ik krijg ook ellende terug.’

‘Was je toen heel anders?’ wil de documentairemaker weten. ’Toen had je me niet willen leren kennen’, antwoordt de held van zijn film met een ontwapende glimlach. ’Ik was een heel andere persoon.’ Die ‘bad boy’ laat zich niettemin nog wel eens zien voor Garcia’s camera. Als hij bij het begin van het toernooi bijvoorbeeld zijn zoons probeert op te trommelen. ‘Waar ben je?’ klinkt het nét iets te dwingend.

Hij oogt op zulke momenten als de man die hij ooit geweest moet zijn. Die gewend is om zijn zin te krijgen – of zijn zin, met alles wat hij in zich heeft, af te dwingen. Zo moeten zijn zoons nú naar hem komen kijken. Vaders wil is wet. Axel hengelt ondertussen ook naar hun goedkeuring en respect. Zodat hij dat ook voor zichzelf kan opbrengen, vermoedelijk.

In sfeervol zwart-wit brengt deze krachtige film haarfijn in beeld hoe Axel als vader zijn kinderen probeert terug te verdienen. Terwijl die jongens al die tijd, zeggen ze zelf, gewoon ‘een superheld’ in hem zijn blijven zien.

Transformer

Hij was een gestaalde marinier, werd een succesvolle bodybuilder en ontwikkelde zich ook nog eens tot één van de beste powerlifters van de wereld. Op en top man. Matt Kroczaleski, een spierbundel van jewelste. Kortweg: Kroc. Van jongs af aan wilde hij maar twee dingen: sterk zijn én vrouw zijn.

Dat is best lastig. Zeker als je ook vader bent van drie opgroeiende jongens. Zijn lijf brengt tevens zijn eigen dilemma’s met zich mee. Janae, de nieuwe naam van Kroczaleski, kan zichzelf niet voorstellen als een zeer gespierde vrouw. Als man zou hij echter niet met een ander lichaam kunnen leven.

Het kolossale lijf waarin hij altijd veilig heeft kunnen schuilen belet hem nu om zich door te ontwikkelen. Het uitgangspunt voor de documentaire Transformer (79 min.) is echter spannender dan de uitwerking ervan. Want die is typisch Amerikaans. Behalve zijn ouders is iedereen zo enthousiast over Krocs transitie dat het ongeloofwaardig wordt.

Alsof Kroczaleski zich permanent in een soort plastic realiteit bevindt, waarin al het ongemak bij hemzelf zit en vrijwel alle anderen (voor de camera) alleen maar ondersteunende woorden voor hem hebben. De hoofdpersoon praat de twijfel en onzekerheid dapper van zich af, maar regisseur Michael Del Monte had nadrukkelijker voorbij het sociaal wenselijke gedrag moeten kijken.

Hoewel Janaes achtergrond (white trash), persoonlijk leven (‘transgender dad’), leefomgeving (de powerliftwereld) en ingrijpende keuzes (het ziekenhuis) ogenschijnlijk aanknopingspunten bieden voor een moverende film die wel degelijk wringt, wil Transformer dus nooit meer worden dan het gemiddelde inspirerende Hollywood-drama. Real life, dat wel.

Born Strong


Nee, ze sjouwen niet meer met Alkmaarse kazen, hoeven geen locomotief vooruit te trekken en slalommen ook niet met melkbussen tussen pylonnen door, zoals gewezen televisiehelden als Ted van der Parre, Siem Wulfse en Gerard Du Prie tijdens deze Polygoon-achtige editie van De Sterkste Man Van Nederland. Om De Sterkste Man Van De Wereld te worden moet je je tegenwoordig bewijzen op onderdelen als de squat, bankdrukken en de deadlift.

Born Strong (86 min.) duikt in de wereld achter de zogenaamde Arnold Strongman Classic, een wedstrijd die is vernoemd naar de voormalige Mister Olympia, Hollywood-acteur en gouverneur van Californië, Arnold Schwarzenegger. Arnie komt zelf ook uitgebreid aan het woord in deze degelijke docu, die zich echter vooral concentreert op vier deelnemers, waaronder de IJslander Hafthor Bjornsson, een beul van een vent die in de televisieserie Game Of Thrones de rol van ‘De Berg’ vertolkt.

‘Ik ben bereid om te sterven om de Sterkste Man Van De Wereld te worden’, bekent één van de andere deelnemers, de Brit Eddie ‘The Beast’ Hall. Er moet een leegte worden gevuld, zo geeft hij grif toe. Dat is ooit begonnen met zijn oudere broers, die hij steeds probeerde te overtroeven, en houdt nooit meer op. Als Hall hiermee moet stoppen, stapt hij vast direct over op een andere sport. Tot afgrijzen van zijn vrouw Alexandra.

Het alfamannetje Hall weegt inmiddels 180 kilo. Nog eens tien jaar op dit gewicht zal hij waarschijnlijk niet overleven. En die combinatie van (vr)eten en trainen levert ook praktische problemen op. ‘Hij kan zijn eigen sokken niet aantrekken’, stelt Alexandra. Seks is ook anders geworden, beweert Eddie op zijn beurt. Want zij kan haar benen niet meer om zijn lichaam krijgen. Zijn vrouw lacht er wat schaapachtig bij.

Het zijn dergelijke menselijke inkijkjes in het bestaan als ‘strongman’ die deze documentaire van Gary Cohen en Ross Hockrow een meerwaarde geven ten opzichte van de gemiddelde dertien-in-een-dozijn sportfilm. De krachtmeting zelf, waarbij ook de andere hoofdpersonen van deze documentaire, de ‘sterkste man aller tijden’ Zydrunas ‘Big Z’ Savickas en zijn Amerikaanse uitdager Brian Shaw, meedingen naar de titel, is uiteindelijk van ondergeschikt belang. Al wil je na bijna anderhalf uur ook wel weten wie van die kolossen nu écht de allersterkste is.

Pumping Iron


Voordat The Terminator gouverneur van Californië werd, was hij gewoon een ambitieuze Oostenrijkse bodybuilder met een grote bek, veel panache en de onbedwingbare wil om zich te manifesteren in het land van de onbegrensde dromen.

Tijdens de opnames voor de klassieke documentaire Pumping Iron (85 min.) uit 1977 bereidde Arnold Schwarzenegger zich voor op de Mr. Olympia-verkiezing van 1975, een titel waarop hij in de voorgaande jaren een soort abonnement had gekregen. Hij waande zichzelf onverslaanbaar.

Toen diende zich ineens een geduchte challenger aan: een verlegen Italiaans-Amerikaanse jongen, genaamd Lou Ferrigno, die alles op alles zette om letterlijk groter te worden dan hij was en de bluffer Arnie naar de kroon te steken.

Trefzeker schetst Pumping Iron de masculiene subcultuur van het bodybuilding, die in de navolgende decennia alleen maar aan belang zou winnen en ook van de bedeesde Ferrigno een beroemde acteur zou maken. Binnen afzienbare tijd begon hij te pas en te onpas groen van woede uit zijn vel te springen als The Incredible Hulk.

Met de wijsheid van nu zou je deze documentaire dus ook als The Terminator versus The Hulk kunnen betitelen. En hij kijkt net zo lekker weg, zoals dat dan zo mooi heet, als de actiefilms waarin de beide helden later de hoofdrol zouden claimen.