Mama’ku – Van Jakarta Tot De Molukken

Cinema Delicatessen / vanaf donderdag 4 juni in de bioscoop

In de afgelopen jaren lijkt de Nederlandse documentairewereld, oneerbiedig gezegd, een vruchtbare nieuwe afzetmarkt te hebben ontdekt. De grootste bioscoopsuccessen – en documentaires hebben het doorgaans moeilijk in filmtheaters – lijken te komen van films die een specifieke bevolkingsgroep aanspreken: Chinese Nederlanders (Meer Dan Babi Pangang), Papoease Nederlanders (The Promise), Surinaamse Nederlanders (Moeder Suriname) en – vooral – Nederlanders uit de voormalige kolonie Nederlands Indië (Kleinkinderen Van De OostIndië Verloren… en Anak Indië).

Op dit terrein beweegt ook Sven Peetoom zich als filmmaker. In 2025 regisseerde hij samen met Juliëtte Dominicus, die eerder al de korte film Indisch Zwijgen (2022) had gemaakt, de intieme documentaire Tussen Wal En Schip – Geruisloos Indisch. Nu volgt Mama’ku – Van Jakarta Tot De Molukken (57 min.). Peetoom is door danseres Cheroney Pelupessy uitgenodigd voor een reis naar Indonesië. Zij wil de plekken bezoeken die haar moeder Laura als kind hebben gevormd. Intussen wil ze werken aan haar lastige relatie met de vrouw die ze nog altijd consequent met ‘u’ aanspreekt.

Deze geladen roadmovie is gelardeerd met gestileerde danssequenties, waarmee Cheroney, alleen of samen met haar moeder of mensen die ze onderweg ontmoet, haar impressies en gevoelens uitdrukt. In het land van hun voorouders stuiten ze samen op pijn uit het verleden: huiselijk geweld, een gedwongen huwelijk en smokkel naar Nederland. Dit leidt overigens niet direct tot toenadering tussen ouder en kind. ‘Als de camera uitstaat, komt de dynamiek van vroeger weer terug’, constateert Cheroney Pelupessy gefrustreerd. ‘Mama sluit zich af, duwt mij weg en keurt alles af.’

Als dochter wil ze gehoord worden. Dat gaat echter niet vanzelf. Daarvoor zijn haar familiegeschiedenis, die zowel in Nederland als op Java en de Molukken ligt, en het intergenerationele trauma dat daardoor is ontstaan wellicht ook te complex. Cheroney en Laura Pelupessy moeten ervoor werken om echt thuis te komen, het, ja, Indische zwijgen achter zich te laten en zich met elkaar te verzoenen, in een broeierige trip down memory lane, waar zowel moeder als dochter natuurlijk een héél klein beetje veranderd uitkomt.

Yintah

Freda ‘Howilhkat’ Huson / c: Amber Bracken / Netflix

‘Jij probeert ons ervan te overtuigen om onze manier van leven op te geven, zodat jullie daarvan profijt kunnen trekken’, zegt Freda ‘Howilhkat’ Huson bij een geïmproviseerde grenspost, tegen de mannen die een oliepijplijn willen gaan aanleggen op het territorium van haar stam, de Witsuwet’en First Nation. ’Ik protesteer niet, ik demonstreer niet, ik bescherm ons moederland. Dit is van ons. Wij bepalen wat er hier gebeurt.’ Ferm verjaagt ze hen van haar Yintah (110 min.), het land van haar volk en hun voorouders.

Zo krachtig als Freda overkomt, zo machteloos is de hoofdpersoon van deze film in werkelijkheid. Haar land bevindt zich gewoon in Canada. En de Canadese overheid heeft gekozen voor economische belangen. Die pijplijn is ‘de grootste private investering in de geschiedenis’, glundert premier Justin Trudeau trots tijdens een persconferentie. Hij herhaalt ‘t nog maar eens: ‘de grootste private investering in de geschiedenis van Canada’. En dan doet Anuc Nuwh’it’ën, de wet van de Witsuwet’en, er niet meer toe.

Het is wederom een voorbeeld van het gemak waarmee Canada’s oorspronkelijke bewoners worden ontdaan van hun eigendommen en identiteit. Met voorspelbare gevolgen: psychische problemen, verslaving en zelfdodingen. Zulke onderwerpen kwamen onlangs ook al aan de orde in het thematisch verwante Sugarcane, een documentaire over hoe de inheemse bevolking met harde hand – die in alle opzichten ook te los bleek te zitten – werd heropgevoed op speciale katholieke kostscholen.

Deze film van Brenda Michell, Michael Toledano en Jennifer Wickham volgt gedurende tien jaar de epische strijd van de Witsuwet’en en hun buurstammen om de integriteit van hun grondgebied te bewaken. Zij verzetten zich met hand en tand tegen de Coastal GasLink-pijplijn. Vroeger gold in ons territorium de staat van beleg, houdt stamhoofd Dsta’hyl aanwezigen zelfs dreigend voor tijdens een openbare bijeenkomst. ‘Je kreeg één waarschuwing. Als je daarna nog een keer werd betrapt, werd je neergeschoten.’

Molly ‘Sleydo’ Wickham, een jonge vrouw die met haar gezinnetje een huis heeft gebouwd in hun Yintah en die zich naarmate deze film vordert steeds meer opwerpt als leider van de opstand en hoofdpersoon naast Freda, staat er al even hard in. Messcherp roept ze de mannen die de pijplijn gaan aanleggen, en de agenten van de Royal Canadian Mounted Police die hen begeleiden, de halt toe. En zij slaagt er tevens in om hun strijd in de media te krijgen en zo de rest van het land te mobiliseren.

Hoeveel blokkades ze ook opwerpen en hoezeer ze zichzelf ook oppeppen (bijvoorbeeld door het schieten en villen van een stier, waarna ze diens bloed drinken; een onvergetelijke scène), de mannen en hun sneeuwschuivers, cirkelzagen en wapens blijven maar komen. Totdat ze het leefgebied van de Witsuwet’en, fraai weergegeven in grootse shots, hun wil hebben opgelegd. Freda, Molly en de hunnen vechten tegen een onverslaanbare vijand, die het landsbelang – of in elk geval: een ander belang – dient.

Het is een strijd, die met geen mogelijkheid valt te winnen. Al blijft de camera – ook door de opponenten ingezet, overigens – natuurlijk een heel krachtig wapen. Via deze meeslepende film kan de hele wereld deelgenoot worden van de strijd van de Witsuwet’en. De afloop daarvan lijkt alleen al op voorhand vast te staan. I fought the law. And the law… juist.

Daymohk: Het Land Van De Voorouders

EO

Het hart van elke ideologie wordt gevormd door de cultuur, zegt de Tsjetsjeense Minister voor Pers en Politiek in deze documentaire over Daymohk. Het kindercollectief voor zang en dans geldt als een uithangbord voor het regime van Tsjetsjenië’s onbetwiste leider Kadyrov, die nauwe banden onderhoudt met Ruslands autocraat Vladimir Poetin.

Tussen 2000 en 2006 maakte de dansgroep van Ramzan Ahmadov diverse tournees door Europa. Daymohk lapte toentertijd het imago op van een land, dat al jaren in een bloedige burgeroorlog was verwikkeld. ‘Onze vader heeft ons geleerd aan de mensen te tonen dat wij niet enkel terroristen, bandieten, vechtjassen zijn’, zegt Ahmadovs zoon Hasan, tegenwoordig vice-minister van Tsjetsjenië. ‘Dat wij ook cultuur en tradities hebben en ook mensen zijn.’

Met beelden die ze zelf filmde voor Dans, Grozny, Dans, een documentaire van Jos de Putter uit 2003, maakt Masha Novikova in Daymohk: Het Land Van De Voorouders (57 min.) helder hoe het de ‘perfecte ambassadeur voor de vrede’ sindsdien is vergaan. Grauwe beeldmateriaal van die turbulente periode, in split screen gepresenteerd, wordt afgewisseld met gestileerde moderne danssequenties, die prima aansluiten bij de smetteloze versie van de Tsjetsjeense cultuur die Daymohk is gaan vertegenwoordigen.

De grote leider zelf is intussen alom tegenwoordig in het land: via televisie, op billboards of gewoon in huis, op foto’s en schilderijen. Hij en de cultuur die hij vertegenwoordigt worden permanent verheerlijkt en dat laat de bebaarde macho zich lekker aanleunen. Daymohk levert ook z’n (verplichte) bijdrage: Kadyrovs kinderen dansen bijvoorbeeld in het gezelschap en danspasjes van de president, ‘een heel goede danser’, worden verwerkt in voorstellingen.

Het kinderensemble speelt zo een prominente rol in het verbeelden van wat de historicus Timothy Snyder de politiek van de eeuwigheid noemt: de verering van een mythisch land dat nooit heeft bestaan, met Tsjetsjenen als onversaagde ridders die altijd weer een nieuwe vijand moeten bestrijden. Novikova vangt die unheimische atmosfeer in een documentaire die langzaam maar zeker onder de huid kruipt.