Diego Maradona

Het contrast kan niet groter: de man die in de beginscène van de film letterlijk is achtervolgd naar zijn grootse presentatie als nieuwe held van de Italiaanse voetbalclub SSC Napoli, verlaat de club en stad waar hij wordt vereerd als een God ruim twee uur later als een dief in de nacht. Zeven jaren (1984-1991) zijn ondertussen gepasseerd. Die periode, waarin hij eigenhandig van een provincieclub een internationale grootmacht maakte en zelf zowel volksheld als meest gehate man van het land werd, vormt het woest kloppende hart van deze puike documentaire.

Regisseur Asif Kapadia vermijdt in Diego Maradona (130 min.) zo de valkuilen van de traditionele sportbiografie, waarin eerst de jeugdjaren aan bod komen, daarna de successen van de held uitbundig worden gevierd en tot slot diens onvermijdelijke neergang zijn beslag krijgt. Sterker: Maradona’s voetballeven van vóór zijn Napolitaanse periode, dat hem nochtans langs Boca Juniors en FC Barcelona voerde, worden met enkele grove pennenstreken afgedaan. En ook de schertsfiguur die hij ná zijn carrière werd komt nauwelijks aan bod.

Kapadia concentreert zich vrijwel volledig op zijn tropenjaren in Zuid-Italië, waar Diego Maradona zichzelf vond en ook weer kwijtraakte. Zoals Johan Cruijff bij Barcelona de Catalanen hun zelfrespect teruggaf, bezorgde hij intussen Napels, het riool van Italië, en haar inwoners, de Afrikanen van Europa, geloof in zichzelf. Hij zou er een enorme prijs voor betalen. Aan de lokale tifosi, die hem gaandeweg helemaal verzwolgen, én aan de Camorra, de plaatselijke tak van Italië’s beruchte georganiseerde misdaad. De Giuliano-clan om precies te zijn. Zij voorzagen hem tevens van vrouwen en coke.

Diego komt gaandeweg steeds nadrukkelijker tegenover Maradona te staan. Het lievige jongetje uit een volksbuurt tegenover het larger than life-personage. Bij de één voelde je je thuis, vertelt zijn personal trainer Fernando Signorini. Die ander probeerde je te mijden als de pest. Samen met Diego’s zus, de vrouwen uit z’n leven, teamgenoot en volbloed-Napolitaan Ciro Ferrara, clubfunctionarissen, fans, sportjournalisten en Diego zelf (of is het toch Maradona?) plaatst hij het buitengewone verhaal van het Argentijnse straatschoffie in zijn context.

Net als in zijn eerdere films (Ayrton) Senna en Amy (Winehouse) laat Kapadia intussen de beelden het werk doen. Alle geïnterviewden blijven volledig off screen. Het prachtige archiefmateriaal dat de filmmaker heeft verzameld van zijn protagonist is bovendien daadkrachtig gemonteerd en met slicke muziek flink op temperatuur gebracht. De filmmaker bouwt er een enerverende vertelling mee, een tragisch exposé over een (bijna) fatale combinatie van talent, succes en roem.

In zekere zin geldt ook voor ‘Diego’ het aloude adagio: Napels zien en dan sterven… En ‘Maradona’ staat nu al ruim 25 jaar op zijn graf te dansen.

Amy

 

Ja, ook zij werd slechts 27 jaar! Amy Winehouse, de Britse popdiva die de strijd verloor met haar demonen. Met haar vroegtijdige dood trad ze toe tot de zogenaamde 27 Club, een illuster rijtje popgrootheden dat op 27-.jarige leeftijd het tijdelijke voor het eeuwige verwisselde: Kurt Cobain (Nirvana), Janis Joplin, James Morrison (The Doors) en Jimi Hendrix zijn (helaas) ook lid. De komende vrijdagen herhaalt de NPO documentaires over deze getroebleerde helden, die veel te jong stierven en zo (?) een heldenstatus verwierven. Te beginnen dus met Amy.

‘They tried to make me go to rehab’, zingt ze met die karakteristieke diepe stem in haar grootste hit Rehab. ‘But I said no, no, no.’ Het bleken profetische woorden. Afkicken van drank en drugs zou er uiteindelijk niet inzitten voor Amy Winehouse. Ze liet zich met huid en haar verslinden, in de ban van een soort onontkoombare zelfdestructie. En dat zie je ruim twee uur aankomen in Asif Kapadia’s meeslepende portret van de Britse zangeres, dat hem in 2016 een Oscar voor beste documentaire opleverde.

Waarom? Daarnaar kunnen we alleen gissen. Was het die dodelijke onzekerheid en verlegenheid, die zo contrasteerde met het sterrendom? Haar moeizame verhouding met vader Mitch, die zijn dochter rücksichtslos zou hebben geëxploiteerd (en naderhand woest was op de maker van deze film)? Of toch die foute ex-man Blake Fielder-Civil, die haar steeds weer meetrok in het drijfzand van verslaving? Een eenduidig antwoord geeft Amy niet. En dat is frustrerend. Alsof de eindbestemming, een roemloos (?) einde in fatale dronkenschap, allang vaststond en alleen de precieze weg ernaartoe nog moest worden uitgestippeld.

Met een weldaad aan archiefmateriaal maakt Kapadia Winehouses onvermijdelijke afdaling naar de hel voelbaar. Hij ondersteunt de opgediepte jeugdfilmpjes, radio-optredens, interviews, concerten en paparazzi-beelden met quotes van enkele zorgvuldig uit haar directe omgeving geselecteerde bronnen, zoals haar vader en echtgenoot. De geïnterviewden blijven letterlijk buiten beeld. Alle aandacht is gericht op de tragische figuur Amy, die net als Kurt, Janis en Jimi uitgroeide tot een popicoon, waarbij een achternaam overbodig is geworden.

Dit is iemand die wilde verdwijnen, zegt rapper Mos Def nochtans, met gevoel voor drama, in deze upppercut van een film. Of, zoals Winehouse het zelf treffend zingt in haar andere grote hit, Back To Black, waarin je sinds haar dood in 2011 allerlei betekenissen kunt terugvinden: ‘I’ll go back to black.’

Senna

 

Ruim een week geleden evenaarde Formule 1-coureur Lewis Hamilton een oud record van zijn grote held Ayrton Senna: 65 pole positions. Als eerbetoon ontving hij van Senna’s familie een wedstrijdhelm van de drievoudige wereldkampioen, die op 34-jarige leeftijd om het leven kwam.

Senna (106 min.) is een film van regisseur Asif Kapadia, die met zijn documentaires nadrukkelijk naar het grote publiek hengelt. Twee jaar geleden had hij bijvoorbeeld een enorme kaskraker met zijn Oscar-winnende film over zangeres Amy Winehouse. Op dit moment werkt Kapadia aan een docu over de getormenteerde Argentijnse stervoetballer Diego Maradona.

Zijn film over Ayrton Senna uit 2010 reconstrueert diens rivaliteit met Alain Prost en maakt tevens de Braziliaanse adoratie voor hun eigen ‘wonderboy on wheels’ tastbaar. Tot die ene noodlottige race in San Marino, nu alweer bijna 25 jaar geleden, aan alle dromen een voortijdig einde maakt…