Poorten Van Europa

VPRO / Scenery / vanaf woensdag 5 augustus, om 20.25 uur, op NPO2

Grensmanagement én mensenrechten. Als de Nederlander Hans Leijtens in 2023 wordt benoemd tot uitvoerend directeur van het Europese grens- en kustwachtagentschap Frontex moet hij beide uitersten zien te verenigen: het samen met de kustwacht en grenspolitie van de individuele lidstaten bewaken van de Europese grenzen, zonder daarmee de mensenrechten te schenden van de migranten die het continent proberen te bereiken.

Het lijkt een onmogelijke balanceeract, die Frontex ook op veel kritiek is komen te staan, met name dat de organisatie ‘pushbacks’, het terugduwen van asielzoekers en migranten over de grens, heeft uitgevoerd of oogluikend heeft toegestaan. Aan Leijtens de taak om schoon schip te maken. Hij kiest daarbij onder andere voor ‘radicale transparantie’ en geeft Tomas Kaan, Els van Driel en Eefje Blankevoort voor deze vierdelige documentaireserie ogenschijnlijk ruimhartig toegang tot zijn organisatie.

Daarmee wordt deze ambitieuze productie een logisch vervolg op Shadow Game (2021), de documentaire over minderjarige vluchtelingen die door Europa zwerven op zoek naar een nieuw thuis, waarmee Van Driel en Blankevoort diverse (inter)nationale prijzen wonnen en die ook meerdere spin-offs opleverde. Poorten Van Europa (186 min.) verbindt de dagelijkse praktijk aan de grens, in safehouses, op zee en aan de kust met de werkelijkheid van het Frontex-hoofdkantoor in Warschau en het Europees Parlement.

De ervaringen van de vrijwilligers van Grupa Granica, die mensen helpen die door Poolse grenswachters dreigen te worden teruggeduwd naar Wit-Rusland, en de Noor Tommy Olsen, die met Aegean Boat Report rapporteert over incidenten op de Middellandse Zee tussen Turkije en Griekenland, staan regelmatig haaks op de boodschap die Leijtens en de betrokken Frontex-woordvoerders Reza Ahmari en Chris Borowski uitdragen. Zij worden soms met de nek aangekeken omdat ze voor de Europese grenswacht werken.

Bij de opleiding van nieuwe medewerkers vestigt Leijtens nadrukkelijk de aandacht op ethisch gedrag. Een fout mag, stelt hij. Maar wie doelbewust over de grens gaat, ligt eruit. ‘For sure.’ Tegelijk houdt de kritiek op zijn organisatie aan. Durft Leijtens wel een vuist te maken naar landen die het niet zo nauw nemen met de mensenrechten? vraagt Europarlementariër Tineke Strik (PRO) zich bijvoorbeeld af. Maakt hij zich zo niet medeplichtig aan de ogenschijnlijke straffeloosheid aan de Europese grenzen?

Incidenten genoeg. Van burgergrenscontroles in Nederland tot de intimiderende Libische kustwacht. Deze miniserie poogt het totale speelveld waarbinnen Frontex opereert – en op de huid wordt gezeten door kritische volgers zoals journalist Romy van Baarsen en de belangenorganisatie Refugees In Libya – in kaart te brengen. Zolang ze afhankelijk blijven van individuele landen, lijken Kaan, Van Driel en Blankevoort te betogen, is het de vraag of de Europese grenswacht niet een verloren wedstrijd speelt.

Justice For Sale

IF Productions

Volgens de Congolese vrouw Sifa Mbala is ze op 13 mei 2008 verkracht. Het politierapport spreekt echter van een dag eerder, 12 mei. En het slachtoffer van dit seksuele geweld blijkt zich nóg een dag eerder, op 11 mei 2008, al bij het ziekenhuis te hebben gemeld. Pro deo-advocaat Claudine Tsongo kan ‘t nauwelijks geloven: ondanks deze overduidelijke ongerijmdheden is haar cliënt, de militair Masamba Masamba, bij een verkrachtingstribunaal tot tien jaar gevangenisstraf veroordeeld. ‘Wat was het bewijs?’, vraagt ze zich af. ‘Ik zie ‘t niet.’

Tsongo is bij de zaak betrokken geraakt via de Nederlandse documentairemakers Ilse en Femke van Velzen. Zij maakten al twee films over seksueel geweld in Congo: Fighting The Silence (2007) en Weapon Of War (2009). Zij registreerden in dat kader ook de berechting van Masamba en vonden de gang van zaken daarbij toch wel héél opmerkelijk. ‘Ik ken haar lichaam niet’, hield de verdachte militair toen staande. ‘Ik zou niet weten hoe wij seks hadden kunnen hebben. Als zij beweert dat ik haar heb verkracht, laat haar dan met bewijs komen. Ik heb haar helemaal niet verkracht.’

In de observerende documentaire Justice For Sale (82 min.) uit 2011, het derde deel van hun Congo-trilogie, alterneren de tweelingzussen Van Velzen voortdurend tussen de oorspronkelijke rechtszaak tegen Masamba, die soms Kafkaëske vormen aanneemt, en de pogingen van de kordate mensenrechtenadvocate Claudine om de waarheid boven tafel te krijgen. Zij spreekt niet alleen met haar cliënt, diens echtgenote en zijn advocaat, maar reist ook naar het slachtoffer, haar advocaat en de man die verantwoordelijk lijkt te zijn voor de aangifte tegen Masamba, Sifa’s echtgenoot.

Gaandeweg ontstaat bij Tsongo de overtuiging dat Masamba méér is dan de zoveelste man die ontkent dat hij de grenzen van een vrouw heeft overschreden en die zich erop beroept dat er geen bewijs is. Hij zou inderdaad wel eens onschuldig kunnen zijn. Wellicht zit de reden voor deze beschuldiging in een meningsverschil met kapitein Mbala over een verdwenen telefoon. En omdat Congo, na een verpletterende burgeroorlog waarin seks stelselmatig als wapen is ingezet, schoon schip wil maken, lijkt een man die wordt beschuldigd van verkrachting bij voorbaat al veroordeeld.

Daarmee heeft Justice For Sale een wezenlijk andere insteek dan de twee eerste Congo-films van Ilse en Femke van Velzen. In Fighting The Silence en Weapon Of War tonen ze de enorme schade die seksueel geweld kan aanrichten in een samenleving, terwijl deze derde documentaire juist laat zien hoe de reactie daarop ook weer kan doorslaan. Als slachtoffers en hun advocaten op alle mogelijke manieren worden bijgestaan door lokale en internationale hulporganisaties, die ook de rechters op hun hand hebben, komt de onafhankelijkheid van de rechtspraak in het geding.

Deze film heeft er in elk geval voor gezorgd dat de zaak tegen Masamba nog een vervolg heeft gekregen.

Vietnam: The Birth Of A Nation

Looksfilms

Voor veel westerlingen is ‘Vietnam’ een begrip geworden: de plek waar het Amerikaanse leger halverwege de jaren zeventig op een ontluisterende manier z’n Waterloo vond, na wat steeds nadrukkelijker als een zinloze en onmogelijk te winnen oorlog werd beschouwd. Vietnam is echter eerst en vooral een Aziatisch land, dat zich in de afgelopen honderd jaar aan z’n koloniale juk heeft ontworsteld en tegenwoordig geldt als een stabiele en welvarende natie. Vietnam: The Birth Of A Nation (211 min.) is het relaas van dat land, verteld door gewone Vietnamezen.

De Amerikaanse betrokkenheid is niet meer dan een korte, zeer tragische episode in de Vietnamese onafhankelijkheidsstrijd. De eerste Amerikaanse militair zet dus ook pas aan het einde van aflevering 2 voet aan de grond. De vierdelige serie van Philipp Gromov, Lucio Mollica en Lena Noad start enkele decennia eerder, in de jaren twintig. Samen met Laos en Cambodja vormt Vietnam dan nog Indochina, de Zuidoost Aziatische kolonie van Frankrijk. Na de Tweede Wereldoorlog klinkt ook hier de roep om onafhankelijkheid steeds luider. Daarbij is er in het westen de vrees dat Vietnam dan communistisch wordt. Tijdens een conferentie in Genève in 1954 wordt het land letterlijk opgedeeld.

In het zuiden schuiven de Verenigde Staten de voormalige Vietnamese keizer Bao Dai naar voren. Noord-Vietnam wordt geleid door de Vietminh van de communistische voorman Ho Chi Minh. ‘Oom Ho’ heeft zich dan al ontwikkeld tot een soort vader des vaderlands. Zijn medewerkster Trân Thi Ngà leest hem in die tijd boeken, kranten en tijdschriften voor. Als hij haar tijdens het avondeten vraagt hoeveel zij verdient, antwoordt ze: ‘Oom, ik krijg 83 dong.’ De president blijkt zelf niet veel meer te verdienen: 200 dong. ‘Ik liep vol wroeging de kamer uit’, herinnert Trân zich. ‘Waarom verdient onze president maar zo weinig en krijg ik dit salaris? Dus ik vroeg om salarisverlaging.’

De tegenstellingen tussen Noord-Vietnam, waar landhervormingen voor veel spanningen zorgen, en Zuid-Vietnam, waar de Amerikaans gezinde president Ngo Dinh Diem de keizer naar de zijlijn verdrijft en communistische bolwerken op het platteland begint uit te roken, moeten wel tot een uitbarsting komen. ‘Als je iemand kende die een volgeling was van Oom Ho zouden ze je doden of je martelen om informatie uit je te krijgen’, verduidelijkt Le Ly Hayslip, die opgroeide in Zuid-Vietnam. De communistische leider Le Duan laat het er niet bij zitten en richt Het Nationaal Bevrijdingsfront van Zuid-Vietnam op. Diems regime dubt hen de Vietcong. Ofwel: Vietnamese commies.

Tegen die tijd zien de Amerikanen zich genoodzaakt om in te grijpen. Met alle gevolgen van dien. Ook dan belicht deze puike historische miniserie de gebeurtenissen echter vanuit Vietnamees perspectief: via persoonlijke verhalen van alle kanten van de oorlog, ondersteund met een weelde aan archiefmateriaal, komt de immense tragedie weer tot leven. En nadat de Verenigde Staten in 1975 met de staart tussen de benen zijn vertrokken, halverwege de slotaflevering, woekert de ideologische strijd gewoon verder en is het leed voor gewone burgers, of ze nu met de vijand hebben geheuld of niet, nog altijd niet geleden. De hereniging van het verdeelde land vraagt tijd en vergiffenis.

De wonden van het verleden leven ondertussen nog altijd voort in de hoofden en harten van gewone Vietnamezen, in eigen land of als onderdeel van de omvangrijke Vietnamese gemeenschap in de Verenigde Staten.

Of Caravan And The Dogs

de redactie van Novaya Gazeta / Rise And Shine

Het is geen nieuw verhaal, maar al zo oud als Methusalem. Elk autocratisch regime draait vroeg of laat de vrijheid van meningsuiting de nek om. In Poetins Rusland is dat proces natuurlijk al heel lang aan de gang, maar de aangekondigde aanval op Oekraïne brengt dit proces begin 2022 nog eens in een stroomversnelling.

Hoofdredacteur Dmitri Moeratov van Novaya Gazeta heeft z’n Nobelprijs voor de Vrede in 2021 nauwelijks in ontvangst genomen of ook zijn krant krijgt steeds nadrukkelijker de duimschroeven aangedraaid in Of Caravan And The Dogs (89 min.). Hij had daar in zijn speech al op gezinspeeld: de honden, ofwel de onafhankelijke media, kunnen blaffen wat ze willen, de karavaan trekt verder. Te beginnen op 24 februari 2022, Oekraïne in.

Het Russische agentschap Roskomnadzor begint zich dan steeds nadrukkelijker te bemoeien met hoe onafhankelijke media zoals ook de radiozender Echo Of Moscow en het tv-station Dozhd berichten over de oorlog. Die mogen zich alleen baseren op officiële Russische bronnen en moeten voortaan elk woord op een goudschaaltje leggen. Zo wil het regime bijvoorbeeld niet dat ze de benaming ‘oorlog gebruiken.

Regisseur Askold Kurov en een collega die zich Anonymous1 noemt kijken achter de schermen mee, waar zowel de redacties als geheel als de individuele journalisten moeten kiezen tussen ‘fight’ or ‘flight’ omdat ‘freeze’, de oorlog proberen uit te zitten, steeds minder tot de mogelijkheden lijkt te behoren. De situatie vraagt om moed, onverzettelijkheid en galgenhumor – en dwingt hen soms bijna om eieren voor hun geld te kiezen.

Ook de mensenrechtenorganisatie Memorial, die zich bezighoudt met het in kaart brengen van burgerrechtenschendingen tijdens het communistische bewind in de Sovjet-Unie, wordt het leven langzaam maar zeker onmogelijk gemaakt. Enkele uren nadat Yan Rachinski op 10 december 2022 de volgende Nobelprijs voor de Vrede in ontvangst heeft genomen namens Memorial, wordt zijn organisatie verder ontmanteld.

‘Één ding zit ons dwars’, zegt Rachinski tijdens de uitreiking. ‘Heeft Memorial de Nobelprijs voor de Vrede eigenlijk wel verdiend?’ Want hoewel ze hebben geprobeerd om misdaden uit heden en verleden te documenteren, is het hen niet gelukt om ‘de catastrofe van 24 februari’ af te wenden. Hij ziet de prijs dan ook niet als een beloning voor geleverde diensten, maar als een vooruitbetaling op wat ze nog gaan doen.

Dat is een loffelijk streven, maar de realiteit stemt vooralsnog weinig hoopvol. Memorial is het werken onmogelijk gemaakt. Dmitri Moeratov en Alexei Venediktov, de onverzettelijke hoofdredacteur van Echo Of Moscow, zijn inmiddels bestempeld als ‘buitenlandse agent’. En Dozhd, ofwel Rain TV, is tot ‘ongewenst’ verklaard in eigen land. Intussen krijgt die catastrofe in Oekraïne steeds weer nieuwe dimensies.

Het tragische verhaal van de onafhankelijke Russische journalistiek heeft in de afgelopen jaren overigens al zijn weg gevonden naar diverse documentaires. Dmitri Moeratovs strijd voor de persvrijheid is bijvoorbeeld verteld in The Price Of Truth, de problemen van Memorial worden uitvoerig belicht in The Dmitriev Affair en de ontwikkeling van de televisiezender Dozhd en het persoonlijke verhaal van voorvrouw Nastasha Sindeeva staan centraal in F@ck This Job.

Stop Filming Us

Doxy

Is het een goed idee om een koekje te geven aan plaatselijke kinderen? vraagt de Nederlandse regisseur Joris Postema aan de plaatselijke medewerkers van de filmcrew met wie hij filmt in de Congolese stad Goma. Maakt hij zich daarmee misschien schuldig aan koloniaal gedrag? Postema kijkt een beetje beteuterd als de mannen hem inderdaad uitgebreid de les lezen. Die zag hij toch niet helemaal aankomen.

In Stop Filming Us (95 min.) probeert Joris Postema voorbij het beeld te komen dat buitenstaanders doorgaans hebben van de situatie in de Democratische Republiek Congo en dat door westerse filmmakers driftig wordt bevestigd: een desolaat land waar sinds jaar en dag oorlog wordt gevoerd. Alles wordt geframed vanuit dat uitgangspunt, ook door de talloze hulporganisaties die actief zijn in het gebied (en waarvoor Postema  tien jaar geleden een film maakte over ‘de ergste plek op aarde’).

Maar hoe kijkt de lokale bevolking naar diezelfde leefomgeving? En kun je als westerse filmmaker ooit los komen van je eigen rol en positie en daar enigszins vat op krijgen? Postema probeert dit andere perspectief te vangen via enkele plaatselijke filmers en fotografen. Hij doet via hen ook aan zelfonderzoek, maar krijgt daarbij regelmatig te horen dat hij beter kan inpakken en zijn geld aan een lokale regisseur kan geven. Maar zou die het leven in Goma dan wél eerlijk (kunnen) laten zien?

In het intrigerende Stop Filming Us gaat Postema, vanuit zijn eigen bevoorrechte en bevooroordeelde positie, zo op zoek naar ongemakkelijke waarheden. De film wordt gekenmerkt door een meta-benadering, waarbij de maker inzichtelijk maakt hoe de documentaire wordt geproduceerd, welke dilemma’s hij daarbij tegenkomt en – vooral – welke vragen hij daarbij stelt (of welke vragen er aan hem worden gesteld).

En voor wie is de film nu eigenlijk een eye opener: voor de westerse kijker, die nodig een ander perspectief voorgeschoteld dient te krijgen? Of toch voor de lokale bevolking die al even nodig gedekoloniseerd moet worden?