Joy Division

Voor de generatie die opgroeide aan het bedompte einde van de jaren zeventig, toen de eerste punkgolf in zijn nadagen was aanbeland, is Ian Curtis een symbool geworden van algehele malaise, van levensmoeheid zelfs. Zoals Kurt Cobain, de voorman van de Amerikaanse rockgroep Nirvana, dat een kleine vijftien jaar later voor de grunge-generatie zou worden.

Samen met zijn band Joy Division (96 min.) wist Curtis perfect het desolate karakter van zijn tijdsgewricht te verklanken. Als de Britse zanger uit Manchester zong over eenzaamheid, liefde die je uit elkaar trekt of depressies, drukte hij een wanhoop uit die door menige jongeling daadwerkelijk werd gevoeld. Curtis verbond er uiteindelijk de ultieme consequentie aan: op 18 mei 1980 maakte hij een einde aan zijn leven.

Zijn bandmaten Bernard Sumner (gitaar/synthesizer), Peter Hook (basgitaar) en Stephen Morris (drums), die na het overlijden van Curtis de groep New Order zouden vormen en ook daarmee popgeschiedenis schreven, blikken in deze treffende documentaire uit 2007 terug op de relatief korte periode dat ze aan zijn zijde de wereld leken te gaan veroveren. De film bevat ook citaten uit de autobiografie van Ians weduwe Deborah, Touching From A Distance.

In deze productie van Grant Gee, die eerder Radioheads complete vervreemding tijdens een wereldtournee ving in Meeting People Is Easy, komen verder onder anderen Curtis’ Belgische liefje Annik Honoré, de Nederlandse fotograaf Anton Corbijn (die tevens zijn debuutfilm Control aan de groep wijdde) en televisiepersoonlijkheid/platenbaas Tony Wilson (over wie de bij vlagen hilarische biopic, 24 Hour Party People werd gemaakt, waarin Joy Division ook een prominente plek kreeg) aan het woord.

Ieder voor zich beschrijven ze Curtis’ suïcide bijna als een fait accompli, het onvermijdelijke einde achter een door epilepsie, liefdestwijfel en depressies geplaagd bestaan. ‘Vijftig procent triest en vijftig procent boos’, voelde Stephen Morris zich naar eigen zeggen. ‘Boos op hem, omdat hij zoiets stoms had gedaan. En boos op mezelf, omdat ik niets had gedaan.’ De drie overgebleven bandleden vervolgden al snel hun weg, geschokt en toch ongebroken, onder een nieuwe noemer en met nieuw elan.

En zowel Ian Curtis als Joy Division werden bijgeschreven in Het Grote Popgeschiedenisboek, in het hoofdstuk over muziek die weliswaar ouder wordt, maar nooit oud.

Generation Columbine

Hoewel er zeker eerder schietpartijen zijn geweest op Amerikaanse scholen – in 1966 bij de Universiteit van Texas bijvoorbeeld, opnieuw opgeroepen in de bloedstollende, deels geanimeerde documentaire Tower – geldt het bloedbad dat Eric Harris en Dylan Klebold in 1999 aanrichtten in de Columbine High School als de officieuze start van een eindeloze stroom ‘school shootings’ in de Verenigde Staten.

Behalve Columbine zijn ook plaatsnamen zoals Red Lake, Newtown en Parkland daarbij ernstig besmet geraakt. In Generation Columbine (89 min.) laat Matt McDonough overlevenden, nabestaanden en direct betrokkenen van deze school shootings aan het woord. Waarbij het meteen de vraag is of de leerlingen van de Marjory Stoneman Douglas High School in Parkland, die in 2018 het doelwit werden van een ontspoorde schutter en daarna nadrukkelijk het politieke debat probeerden te beïnvloeden, de ommekeer kunnen bewerkstelligen die zelfs na de twintig vermoorde basisschoolkinderen van ‘Sandy Hook’ in 2012 uitbleef?

Aan al die afzonderlijke ‘school shootings’ zijn zo ongeveer documentaires gewijd. Michael Moores Bowling For Columbine, natuurlijk. Het zielstriemende Newtown. Of Us Kids, over de Parkland-jongeren die hun gezamenlijke trauma omzetten in actie, met de succesvolle March Of Our Lives als voorlopig hoogtepunt. Verder belicht een film als Raising A School Shooter het vuurwapengeweld vanuit het perspectief van de ouders van daders en schetst Bulletproof op kille wijze de bizarre industrie die is ontstaan rond school shootings.

Wat heeft het traditioneel opgezette Generation Columbine daar nog aan toe te voegen? Wellicht oog voor de effecten op lange termijn voor mensen die waren betrokken bij een schietpartij, zoals bijvoorbeeld verslavingsproblematiek en zelfdoding. Verder schenkt de documentaire ook aandacht aan initiatieven om het leven van overlevenden draaglijk te maken en het wapenbezit in de Verenigde Staten, ondanks de bezwaren van The National Rifle Association, eindelijk – nu echt! – aan banden te leggen.

Intussen zijn de school shooters voorlopig nog niet te stoppen: gemiddeld eenmaal per twaalf dagen loopt er iemand gewapend een nietsvermoedende school binnen. De gevolgen daarvan worden treffend zichtbaar gemaakt in de lange en tragische slotsequentie van deze degelijke film.