Muhi – Generally Temporary


Al zolang hij leeft, zit de dood Muhammad, liefkozend Muhi genoemd, op de hielen. Het vierjarige jongetje heeft een auto-immuunziekte die hem zomaar fataal zou kunnen worden. Deze aandoening heeft Muhi al zijn handen en voeten gekost. Om zijn prille leven te redden moesten die worden geamputeerd.

Het leven heeft Muhi nóg een beroerde kaart gegeven; hij is Palestijns en verblijft in een Israëlisch ziekenhuis. Vanwege veiligheidsoverwegingen mag hij het gebouw niet verlaten. Hij heeft zijn moeder, die is achtergebleven in Gaza, dus al enkele jaren niet gezien. Alleen zijn grootvader Abu Naim, een familieman met een groot hart, bivakkeert al vier jaar aan zijn zijde.

Als Muhi’s moeder voor 48 uur een visum krijgt om de vijfde verjaardag van haar zoon bij te wonen, is ze verrast dat hij haar überhaupt nog herkent. Ze ziet ook voor het eerst hoe hij tóch heeft leren lopen. Tegelijkertijd ontdekt ze dat Muhi langzaam maar zeker vervreemd raakt van zijn roots. Hij telt nog steeds in het Arabisch, maar zingt Joodse liedjes.

De observerende documentaire Muhi – Generally Temporary (87 min.) van Rina Castelnuevo-Hollander en Tamir Elterman laat zien hoe het schattige jongetje gedijt in zijn eigen kleine wereldje waarin tegenstellingen verdampen, terwijl zijn opa en de rest van de familie steeds weer worden opgeslokt door het Palestijns-Israëlische conflict en de praktische complicaties die dat met zich meebrengt. Zeker als het noodlot weer ongenadig toeslaat…

Lenno En De Maanvis


Als je niet verder kijkt dan je neus lang is, zie je gewoon een kutventje: Lenno. Of zoals zijn vader vaak geïrriteerd, in plat Utrechts, roept: ‘Lennooo’. Uitroepteken erachter. Het joch is tien jaar oud en gek van zijn maanvis. Een symbolische keuze, zo lijkt het: die vis heeft de naam dat ie agressief is. Maar dat vindt Lenno niet eerlijk.

‘Mensen denken wel eens dat ik een probleem heb omdat ik vaak boos ben’, zegt hij over zichzelf. ‘Ik vind dat heel stom dat ze dat zeggen.’ Zijn vader, die volgens eigen zeggen ook niet altijd braaf is geweest, voedt Lenno in zijn eentje op en probeert hem en zijn tweelingbroer Teun te behoeden voor de fouten die hij zelf ooit maakte. ‘Toen ik vroeger boos werd, klapte ik er gelijk op. En waarom? Omdat ik niet kon praten. En dat moet jij ook eens leren.’

De ruwe en toch poëtische jeugddocumentaire Lenno En De Maanvis (18 min.) van Shamira Raphaëla, die de IDFA Award voor beste kinderdocumentaire won en zondag opnieuw wordt uitgezonden, portretteert van heel dichtbij een jongen met gedragsproblemen en zijn directe omgeving.  Het is een bijna zintuiglijke ervaring geworden, met een heel associatieve montage, lekkere dwarse percussie als soundtrack en een vertelling die soms plotseling van kleur verschiet.

Conflict en verzoening kunnen elkaar binnen enkele seconden afwisselen. Zo mag Lenno bijvoorbeeld een duivelshoofd op het been van zijn vader tatoeëren. ‘Dieper d’r in’, moedigt die hem aan. ‘Maar mag dat eigenlijk wel, dat ik een tattoo zet?’ wil Lenno weten. ‘Mag ik zelf weten’, antwoordt vader beslist, alsof hij de ontluikende puber is. Niet veel later krijgen de twee ruzie en roept vader hem stevig tot de orde. En Lenno wordt even weer een doodnormaal joch van tien, dat op zijn nummer is gezet.

Shamira Raphaëla maakte eerder de spannende egodocumentaire Deal With It, waarin ze haar drugs dealende en aan heroïne verslaafde vader Pempy en haar broer Andy, die op het rechte pad probeert te blijven, op intieme wijze portretteert.

Luister


Zoals veel volwassenen liever naar het Jeugdjournaal kijken dan naar het ‘echte’ Journaal, zo kunnen documentaireliefhebbers met een gerust hart afstemmen op de jeugddocumentaires die, onder de noemer Zapp Echt Gebeurd, op zondagavond worden uitgezonden op NPO3; volwassen films over volwassen onderwerpen. Interessant voor jong en oud, verteld bovendien in hooguit twintig minuten.

Astrid Bussink geldt zo langzamerhand als een echte crack in jeugddoculand. Met haar films Achter De Toren (over vier Zeeuwse jongens die zich opmaken voor de middelbare school) en Giovanni En Het Waterballet (over een jongen die aan synchroonzwemmen doet) deed ze al danig van zich spreken. Sinds het najaar van 2017 is Bussink bovendien eindredacteur van VPRO Jeugd.

In diezelfde periode ging op het IDFA haar nieuwste film Luister (15 min.) in première. Deze documentaire over de Kindertelefoon won daar een speciale juryprijs voor beste jeugddocumentaire. Dat is niet vreemd. Luister is een speelse, collageachtige impressie van wat er zoal aan gesprekken binnenkomt bij de hulplijn en biedt op die manier een brede dwarsdoorsnede van wat er allemaal kan omgaan in een kinderhoofd.

Bussink haalt vier verhalen naar voren. Een meisje waarvan de ouders gaan scheiden. De jongen in een asielzoekerscentrum die zich zorgen maakt over zijn toekomst. Het meisje waarvan pa en ma toch wel erg vaak van huis zijn. En een puber met een geheim en een nét iets te kort lontje. De verhalen zijn geanonimiseerd en worden nauwelijks van context voorzien, maar zijn zeer treffend verbeeld en ingekleurd.

Het is daarom niet moeilijk om er een kind van vlees en bloed bij te bedenken. Je eigen kind, diens vriendjes of vriendinnetjes, zomaar een klasgenootje of dat ene jongetje of meisje aan het eind van de straat. Ze zouden zomaar eens om een luisterend oor verlegen kunnen zitten.

Waiting For The Sun


‘Ik ben geen goed mens’, zegt een Chinese man huilend tegen zijn drie tienerkinderen, nadat hij ze tips heeft gegeven voor de rest van hun leven. ‘Geen goede vader, geen goede burger.’ Hij verschanst zich beschaamd in zijn jas. ‘Dat ben je wel’, probeert één van zijn dochters nog, maar de zaak lijkt reddeloos verloren. Papa gaat naar de gevangenis en krijgt waarschijnlijk ook de doodstraf. Zijn kinderen vertrekken naar Sun Village in Beijing.

Dat is het hartverscheurende startpunt van Waiting For The Sun (55 min.), een documentaire van de Deense regisseur Kaspar Astrup Schröder over het weeshuis van juf Zhang, een oudere vrouw die ooit gevangenbewaarder was. Liefdevol vangt ze kinderen op van ouders, die in de gevangenis zijn beland. Kinderen die anders volledig aan hun lot zouden worden overgelaten en gestigmatiseerd.

Neem die ontwapenende drieling van nog maar acht. Moeder zit vast omdat ze hun gewelddadige vader heeft gedood. In de fleurige paviljoens van oma Zhang en haar trouwe steun en toeverlaat huismeester Su, een voormalige militair, hebben ze een nieuw thuis gevonden, waar ruimte is voor hun gevoelens, niet vreemd wordt opgekeken als ze worstelen met zichzelf of elkaar en ook hun veroordeelde mama welkom is.

‘Was ik maar een wees’, sombert één van de Sun Village-kinderen. ‘Wezen zijn beter af. Die hebben geen ouders. Die hebben geen vreselijke herinneringen.’ De tragiek van willekeurige kinderen die worden opgezadeld met de dramatische keuzes van volwassenen, verbeeld met brieven en tekeningen voor hun ouders, maakt van het kalme en verzorgde Waiting For The Sun een aangrijpende film.

Slagershart

Docmakers

‘Zonder doden geen vak’, zegt opa Ter Weele achteloos tegen zijn kleinzoon Wessel, die later het familiebedrijf wil voortzetten. De dertienjarige telg van een Gelderse slagersgeslacht begrijpt dat er altijd een dier moet worden gedood als je vlees wilt verkopen. Hij heeft zelfs een vriendje, dat hem in dat kader konijntjes levert.

In de fraaie jeugddocumentaire Slagershart (14 min.) portretteert Marijn Frank, die eerder al haar eigen relatie tot vlees onderzocht in de sterke documentaire Vleesverlangen, de no-nonsense jongen uit Oene. Hoewel Wessel later het slagersvak in wil, houdt hij volgens eigen zeggen van dieren. ‘Sommige mensen denken dat slagers dieren alleen leuk vinden als ze aan de enkels hangen’, stelt hij droog. ‘Maar dat is bij mij en m’n vader en m’n opa helemaal niet zo.’

Slagershart, dat anderhalve maand geleden de Cinekid Award voor Beste Nederlandse Non-Fictie Televisieproductie won, werd vorige week zondag al uitgezonden in Zapp Echt Gebeurd, een prachtig platform voor Nederlandse jeugddocumentaires op NPO3. In eerste instantie had ik de film gemist, maar ik vond ’m te mooi en aandoenlijk om onbesproken te laten in deze nieuwsbrief.

Pilotenmasker

EO

Owen blaast op zijn oranje fluit. Hij wil die tunnel niet in. En papa en mama vinden dat hij er wel in moet. Alleen even een foto maken. Ze beloven een kadootje. Owen gaat uiteindelijk overstag. Hij houdt zijn knuffel stevig vast. Op de achtergrond klinkt Kinderen Voor Kinderen. Raar Maar Waar.

De openingsscène van Simonka de Jongs aangrijpende film Pilotenmasker (94 min.) is een voorbode van wat de kijker nog te wachten staat: kleuters met ‘gemene celletjes’ in hun lichaam, die noodgedwongen worden blootgesteld aan ingrijpende medische onderzoeken en behandelingen. Normale kinderen die verzeild zijn geraakt in volstrekt abnormale situaties.

In de allerbeste ‘direct cinema’-traditie, zonder interviews en met een camera die intiem de (rauwe) werkelijkheid registreert, worden de gebeurtenissen op de afdeling kinderoncologie van het Prinses Máxima Centrum in Utrecht vereeuwigd. De focus ligt daarbij volledig op de kinderen. Ouders, verpleegkundigen en doktoren blijven vaak helemaal buiten beeld of figureren aan de rand van het frame.

Simonka de Jong, kleindochter van de bekende historicus Loe (over wie ze ook een film maakte), verplaatst zich af en toe ook letterlijk in het perspectief van de kinderen en geeft hen een camera in de hand, zodat ze hun eigen belevingswereld kunnen vastleggen. Onderwijl blijven de medici voor hen vechten met hun ziekte.

Laat Het Los, zingt een schattig meisje tegen het einde van Pilotenmasker hartstochtelijk mee met Elsa van de Disney-film Frozen, die ze voor zich ziet op een mobiele telefoon. ‘Laat het gahaaan!’ En haar directe omgeving heeft het even te kwaad.

Het is de opmaat naar de indrukwekkende slotscène van deze afwisselend pijnlijke, vertederende en hartverscheurende film, die terecht kans maakt om te worden uitgeroepen tot beste Nederlandse documentaire tijdens het IDFA.

Pilotenmasker is hier te bekijken. In 2023 maakte Simonka de Jong een soort vervolg op Pilotenmasker. In Stil Water legt ze echter de focus op de ouders, broertjes en zusjes van een kind met kanker.

Arna’s Children

Kanopy

Even registreren op de website van het documentairefestival IDFA, dat woensdag van start gaat in Amsterdam, en je kunt talloze documentaires, veelal gratis, bekijken. Zoals bijvoorbeeld Arna’s Children (57 min), een aangrijpende film uit 2003 over een Palestijnse kindertheatergroep, die tijdens de tweede Intifada, waarbij Israël en de Palestijnen weer eens lijnrecht tegenover elkaar stonden, op het podium met allerlei gevoelens leerde omgaan.

Juliano Mer Khamis vertelt het verhaal van zijn onverzettelijke moeder Arna, een Joodse vrouw die een Palestijnse man trouwde en in de jaren negentig een theater runde in het vluchtelingenkamp Jenin. Arna en haar zoon probeerden een groepje Palestijnse kinderen enthousiast te maken voor acteren, in de hoop hen daarmee te kunnen behoeden voor de burgeroorlog die rondom hen woedde.

Enkele jaren later, vijf jaar na de dood van zijn moeder en het opdoeken van haar theatertje, keert Juliano terug naar Jenin om de balans op te maken. Wat is er geworden van de enthousiaste theatermakers? Hebben ze zich weten te ontworstelen aan de voetangels en klemmen van hun dagelijks bestaan? Of zijn ze ‘gewoon’ onderdeel geworden van het alles verslindende conflict en uitgegroeid tot martelaar (of terrorist, afhankelijk vanaf welke kant je naar het conflict kijkt)?

Het antwoord in deze bekroonde documentaire stemt helaas weinig hoopvol. Daarbij speelt ook het lot van de filmmaker, Juliano Mer Khanis, een belangrijke rol. In 2011 werd hij bij het verlaten van het theater, waarmee hij samen met zijn moeder de wereld wilde verbeteren, neergeschoten door een gemaskerde schutter. Drie jaar eerder had hij zijn dood zelf al voorspeld. Voor deze moord is tot dusver overigens niemand veroordeeld.

Elián


Was het een wonder toen Elián Gonzalez tijdens Thanksgiving 1999 als drenkeling uit het water tussen Cuba en de VS werd gevist? Een vijfjarig jongetje uit Cardenas, aan de Noordzijde van het eiland Cuba, dat uiteindelijk Miami bereikte nadat zijn moeder op zee was verdronken.

In de documentaire Elián (108 min.) van Tim Golden en Ross McDonnell, worden zijn redding en de navolgende mediastorm gereconstrueerd. De filmmakers portretteren de tumultueuze ontwikkelingen rond het mediagenieke joch als de culminatie van het conflict tussen de Verenigde Staten en Fidel Castro’s Cuba.

In die zin is de film vergelijkbaar met OJ: Made in America, het vijfluik over OJ Simpson dat eerder dit jaar de Oscar voor beste documentaire in de wacht sleepte. Het ‘kleine’ verhaal van een kleuter, waaraan zowel vanuit Cuba (zijn vader) als Florida (andere familieleden) gigantisch wordt getrokken, is afgezet tegen het grote conflict: Fidels (vermeende) dictatuur versus de ‘vrijheid’ van Amerika.

De belangen van het kind raken al snel volledig ondergesneeuwd als pro- en anti-Castro activisten in de media alle ruimte krijgen om op hoge toon Eliáns terugkeer naar zijn geboorte-eiland of juist zijn gecontinueerde verblijf in het land van de onbegrensde mogelijkheden te bepleiten.

Het steekspel rond het jongetje zou zelfs, zo betoogt deze enerverende film, een doorslaggevende rol hebben gespeeld in de Amerikaanse verkiezingen van 2000, waarbij een paar honderd (Cubaanse) stemmen in Florida de Republikein George W. Bush president maakten. Over wonderen gesproken.

Casting JonBenét

Netflix

Ja, ik ben er laat bij. Casting JonBenét (80 min.) staat al sinds eind april op Netflix, maar ik vind het zo’n bijzondere documentaire dat ik ’m toch onder de aandacht wil brengen in deze nieuwsbrief.

Regisseur Kitty Green richt zich in deze verbluffende film op één van Amerika’s bekendste cold cases, de geruchtmakende moord op de zesjarige beauty queen JonBenét Ramsey tijdens kerstmis 1996. Green kiest echter voor zo’n bijzondere vertelvorm dat Casting JonBenét bepaald geen standaard true crime-documentaire is geworden.

Daarvoor maakt ze gebruik van amateuracteurs uit de woonplaats van de familie Ramsey, die hun licht laten schijnen op de nog altijd onopgeloste moord en intussen ook heel wat van zichzelf prijsgeven. Die combinatie levert een heel bijzondere kijkervaring op, die over meer gaat dan alleen een spraakmakende kindermoordzaak.