State Funeral

Mokum

De ene na de andere delegatie komt eer betonen aan de overleden leider. Uit landen zoals Polen, de DDR en Hongarije, natuurlijk. En vertegenwoordigers van communistische partijen uit westerse landen. Ernstig kijkende mannen, en een enkele vrouw, die al even serieus de hand schudden van het officiële ontvangstcomité. De gestorven leidsman beziet de plichtplegingen vanaf foto’s en schilderijen. Hij oogt als een beminnelijke man, een wijze vader des vaderlands.

Even daarvoor is het volk, in elke uithoek van de Sovjet-Unie, tot in detail geïnformeerd over de verslechterende gezondheidstoestand van Jozef Vissarionovich Stalin (1878-1953) en zo voorbereid op diens dood. Taferelen van massale rouw gaan vervolgens vergezeld van een monotone stem die via een omroepsysteem het verzamelde volk toespreekt. ‘Onze vader is overleden’, klinkt het in de gezwollen taal die ook hedendaagse leiders als Kim Jong-un begeleidt en die, als je de zweep nooit hebt gevoeld die op de woorden kan volgen, onvermijdelijk op de lachspieren werkt. ‘Onze harten lopen over van verdriet. Hij zal nooit meer de hand van een kameraad schudden.’

Óf – zo weten alle rouwenden dondersgoed – een kameraad naar de Goelag sturen of in het kader van ‘De Grote Zuivering’ voorgoed laten verdwijnen. Ruim 27 miljoen landgenoten werden onder zijn bewind vermoord. Nog eens vijftien miljoen kameraden stierven de hongerdood. Aan de zwarte kant van Stalins regeerperiode wijdde regisseur Sergei Loznitsa enkele jaren geleden al de documentaire The Trial, waarin de schijnprocessen tegen vooraanstaande Russische wetenschappers worden ontleed, een huiveringwekkende voorbode van de zwartste jaren van zijn schrikbewind.

State Funeral (135 min.) behandelt in een vergelijkbare opzet de vierdaagse plechtigheden rond het overlijden van de dictator in 1953. Met niet eerder vertoond beeldmateriaal reconstrueert Loznitsa minutieus de overdadige rouwrituelen van een land dat los moet komen van de man die de verpersoonlijking van het Sovjetsysteem is geworden en decennialang ieders leven heeft gedomineerd. Van hele volksstammen die blindelings in de grote leider zijn gaan geloven en nu in diepe rouw lijken te zijn verzonken – en anderen die dat voor de zekerheid ook na zijn dood blijven veinzen. Naamloze dienaren van de natie, een politiek idee of gewoon ‘de partij’.

Sergei Loznitsa maakt ook van deze film één lange, lange treurmars: in stijf zwart-wit of juist bloemrijke kleuren, inclusief natuurlijk sprekend communistisch rood. Oneindig gezeul met voluptueuze rouwkransen, begeleid door dramatische klassieke muziek. Door mannen met strakke gezichten en vrouwen die met een zakdoek hun tranen bedwingen. Oprecht dan wel zuiver ritueel verdriet. Het onderscheid is nauwelijks te maken. Net als de plechtigheden na Stalins dood trekt State Funeral zo traag en statig voorbij, een schier eindeloze herhaling van zetten. En net als zijn film over Stalins schijnprocessen is het vastleggen daarvan geschiedkundig van wezenlijk belang, maar vereist dit ook een erg lange adem bij de kijker.

The Trial

Als je hun eigen toelichting hoort, kan er geen twijfel bestaan over de schuld van de verdachten. Zij hebben zich schuldig gemaakt aan verraad van het proletariaat en het socialistische ideaal en geven dat nu ruiterlijk toe. Vanuit hun functies hebben de vooraanstaande wetenschappers en economen een poging gewaagd om het communistische regime omver te werpen.

In de rechtszaal luistert een enorm publiek ademloos toe hoe deze mannen zichzelf beschuldigen. Buiten roepen demonstranten ongegeneerd om de doodstraf. Het is 1930. Jozef Stalin is sinds twee jaar aan de macht in de Sovjet-Unie. Tegenstanders zullen in de komende jaren stelselmatig monddood worden gemaakt. Of gewoon dood.

En er zullen processen worden gevoerd. Showprocessen. Tegen iedereen die kan worden aangemerkt als criticaster van Stalins schrikbewind. In The Trial (128 min.) reconstrueert Sergei Loznitsa de eerste vertoning. Want dat was het: een opvoering. Waarbij een geheel verzonnen complot te berde wordt gebracht, op basis waarvan daadwerkelijk mensen worden veroordeeld.

Als de uitkomst niet zo naargeestig zou zijn – en het venijn zit in deze film echt in de staart – en de links met het heden niet zo voor de hand hadden gelegen – probeer maar eens níet te denken aan de schijnwereld die de huidige Russische leider Vladimir Poetin om zich heen optrekt – had het een geinig schouwspel kunnen zijn. Een dictatoriale komedie.

Loznitsa maakt het de kijker alleen niet gemakkelijk. Hij observeert slechts en laat de rechtszaak tot in detail zien. Elke getuigenis wordt, ogenschijnlijk, van begin tot eind in beeld gebracht. Zo is te zien hoe bureaucratisch de aanklagers te werk gingen en wordt het archaïsche taalgebruik daarbij (‘krachten van de oude bourgeoisie’) benadrukt.

Met een speeltijd van ruim twee uur is deze film echter een heel lange zit, die serieuze investering en doorzettingsvermogen van de kijker vereist. Als pijnlijk precieze geschiedschrijving is The Trial niets minder dan een voltreffer. Dat is echter niet per definitie hetzelfde als het engageren van je publiek met een meeslepend verhaal. Dat had ook moeiteloos in de helft van de speelduur gekund.

Dancer


Als de openingsscène van een film over een balletdanser wordt begeleid door een klassieker van de metalband Black Sabbath, dan weet je dat het niet om zomaar een danser gaat. Dat klopt. Hij heet Sergei Polunin en lijkt daadwerkelijk de Iron Man van het internationale ballet.

De meeslepende documentaire Dancer (77 min.), die donderdag wordt uitgezonden door Het Uur Van De Wolf, wrikt de deur open bij de Oekraïense ‘bad boy of ballet’ en komt zo voorbij het dwarse gedrag, de opzichtige tatoeages en nonchalant geëtaleerd drugsgebruik.

Filmmaker Steven Cantor gaat op zoek naar de twintiger die zijn jeugd heeft geofferd voor zijn gave. Terwijl hij als jongetje naar een exclusieve balletschool in Kiev werd gestuurd, vertrokken zijn vader en oma naar respectievelijk Portugal en Griekenland om te werken, zodat die opleiding ook kon worden betaald. Niet veel later lag het hele gezin Polunin aan diggelen.

In Dancer stelt Sergei zich de vraag of ’t het allemaal waard was en wat dansen eigenlijk nog betekent in zijn leven. Leeft hij zijn eigen droom of die van een ander?