Some Kind Of Heaven

Hulu

Op hun oude dag leven ze (alsnog) ‘The American Dream’. Uitroepteken. Bij The Villages, de grootste ouderengemeenschap van de Verenigde Staten in de enige echte ‘Sunshine State’ Florida, horen nu eenmaal uitroeptekens. Dat is… een droomstad voor babyboomers! Het nirvana! Disneyworld voor gepensioneerden! De fontein van de jeugd! Elke dag vakantie! Of zoals het Amerikaanse droomstadje zichzelf enthousiast afficheert: Florida’s Friendliest Hometown!

Some Kind Of Heaven (83 min.) kortom. Een bepaalde variant op wat voor sommigen onder ons de hemel op aarde is. Een enclave met meer dan 100.000 bejaarden. All inclusive, natuurlijk. Met de verplichte tennisbanen, palmbomen, zwembaden, kerkdiensten en golfbanen. En met een slagboom, dat ook. Regisseur Lance Oppenheim laat in deze gestileerde film ongenadig de achterkant van de idylle zien. Hij portretteert enkele ‘gewone’ ouderen die door het plastic paradijs dolen.

Reggie wil zijn leven eindigen met ‘een glimlach op mijn gezicht’, maar zijn echtgenote Anne maakt zich na 47 jaar huwelijk echt zorgen over hoe zijn ontremde gedrag steeds vaker voor problemen zorgt, ook met de wet. Vrijgezel Dennis sneakt elke dag de stad binnen vanuit de bus waarin hij leeft, in de hoop een gefortuneerde dame aan de haak te slaan. En de weduwe Barbara kan ternauwernood het hoofd boven water houden en is intussen aan het daten met een nét iets te getapte (oudere) jongen.

Net als een verwante documentaire als King Of The Cruise, van de Nederlandse maakster Sophie Dros, toont Some Kind Of Heaven de schijn van het zijn. Een perfecte perfide wereld – vereeuwigd met een zekere compassie, veel symmetrie en warme kleuren – waar alles ‘goed verzorgd’ is, behalve de menselijke ziel. En die eigenlijk alleen met een mengeling van gêne en mededogen is aan te zien.

Displaced Pieces – A Spy Story

NTR

De stukken lijken ogenschijnlijk lukraak neergezet. En de nietsvermoedende kijker moet zelf een soort ordening zien te vinden. Zo ongeveer doet Displaced Pieces: A Spy Story (54 min.) zich in eerste instantie voor. Als stukjes waarvan op voorhand zelfs niet zeker is of ze tot dezelfde puzzel behoren. En wellicht – maar daarover tast ikzelf net zo goed in het duister – is de film ook zo bedoeld.

Interessante elementen te over, daar niet van: Bedoeïenen. Het dorp Tell Halaf. Op de grens van Turkije en Syrië. Onderdeel van het Ottomaanse rijk. Aan het eind van negentiende eeuw. Een heuvel die een tempel verbergt. Blootgelegd door de Duitse baron Max von Oppenheim. Drijvende kracht achter het latere Tell Halaf Museum in Berlijn. Grotendeels vernietigd tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Een eloquente jongeman (ene Rayyane Tabet) opereert intussen als verteller. Zijn overgrootvader Fayek heeft in 1929 bij Tell Halaf een slang gevangen, zegt hij. Een zwart-wit foto levert het bewijs. Tabet wordt gecoacht door een vrouwenstem (regisseur Catherine van Campen?). Of hij de camera als zijn publiek wil gebruiken. Zit de spreker trouwens in een modern museum? En zijn dat dan kunstobjecten die hij heeft gecreëerd?

Teksten in beeld vervolgens, bij associatieve beelden: ‘God. Vervloekt. Oorlog. Wanneer gaan we ons huis achterlaten?’ Tabets ouders reppen even later over hun woning die werd verwoest. Rayyane wil alleen geen slachtoffer zijn, stelt hij. Of een voorbeeldkind van willekeurig welk conflict. Want verwoesting is eigenlijk reconstructie. Een voorbeeld: de conservatoren van het Nationaal Museum in Aleppo stapelen zandzakken rondom de replica van een beschadigde gevel. Oud wordt zo nieuw.

Iets met bomen en bos nu, eerlijk gezegd. Even googelen dan maar: Rayyane Tabet, kunstenaar opererend vanuit Beiroet. Maker van moderne replica’s van Tell Halaf-artefacten. Expositie Bruchstücke / Fragments. ‘Ons concept van hedendaags en moderniteit is zo kortzichtig’, zegt hij in de film (en de vrouwenstem beaamt dat). ‘Het neemt niet echt de grotere verhaallijnen in overweging waarin uiteindelijk alle objecten zullen worden verwoest en hersteld. Keer op keer.’

Dan vallen zowaar, ergens, op een onbewaakt ogenblik, alle stukken tóch op hun plek. Displaced Pieces heeft van tevoren alleen wel héél nadrukkelijk een beroep gedaan op het doorzettingsvermogen van de eerder nog nietsvermoedende kijker. Terwijl een enkeling te langen leste met een bevredigd gevoel het allerlaatste puzzelstukje legt, hebben anderen de tafel wellicht allang leeg geveegd.