Chilean Mine Rescue: Race Against Time

National Geographic / Disney+

‘Één van de jongeren zei: ze zullen ons niet vinden’, herinnert Alex Vega zich van de dag dat hij levend begraven wordt. ‘Wat een paar mijnwerkers in Mexico overkwam, gaat ons ook overkomen. Ik zei: ik heb nooit gehoord wat er met mijnwerkers in Mexico is gebeurd. Hij zei: er is een mijn ingestort en er waren veel mijnwerkers binnen en ze deden niks om ze te redden. Ze zetten alleen een grafsteen bij de ingang: hier liggen zoveel mensen.’ Vega ziet hun eigen grafsteen dan ook al voor zich: hier liggen 33 medewerkers van de Chileense San José-mijn, die om het leven zijn gekomen bij een mijninstorting op 5 augustus 2010.

Met de moed der wanhoop gaan plaatselijke reddingswerkers desondanks aan het werk. De ventilatieschacht waarmee hun voorman Pedro Rivero de mijnwerkers één voor één naar boven had willen halen, vanuit maar liefst 700 meter diepte, is alleen ook al ingestort. Alle hoop lijkt verloren. ‘Vergeet het maar’, zegt een expert tegen Laurence Golborne, de kersverse minister van Mijnbouw. ‘Die zijn allemaal dood.’ Waarna de politicus, door president Sebastián Piñeda direct naar de plek des onheils gestuurd, de families van de 33 mannen moet gaan bijpraten. Pas 56 uur na de ramp meldt de Chileense leider zich zelf ter plaatse. Zijn komst luidt wel de ommekeer in.

De afloop van de navolgende reddingsoperatie moge bekend zijn en volgt ook automatisch uit de opzet van Chilean Mine Rescue: Race Against Time (142 min.). In deze driedelige serie van Chloe Campbell en James Parris blikken mijnwerkers, familieleden, hulpverleners, deskundigen en bestuurders terug op de epische reddingsactie, die zich grotendeels live voor de camera afspeelt. Aan de bekende nieuwsbeelden wordt nu ook het perspectief van de mannen zelf toegevoegd. Één van hen heeft onder de grond de beschikking over een telefoon met camera. Die indringende beelden, waarin ze elkaar bijvoorbeeld moed inspreken, zijn voor het eerst te zien.

Met visualisaties van de ingewanden van de mijn, die is opgebouwd als een gigantische kurkentrekker, benadrukken Campbell en Parris verder hun benarde positie en verduidelijken ze het huzarenstukje dat hun redders leveren: van het leggen van een voedsel- en videobelverbinding tot het boren van een tunnel, zodat de mijnwerkers met de speciaal gefabriceerde capsule Fénix naar boven kunnen worden gehaald. Om de mannen ook geestelijk gezond te houden wordt de hulp van het Amerikaanse ruimteagentschap NASA ingeroepen. Zo vinden ze bijvoorbeeld een oplossing voor Ariel Ticona, die per se bij de geboorte van z’n dochter wil zijn. Dat heeft hij zijn vrouw beloofd.

Deze derde Race Against Time-productie – nadat eerder al de tsunami, die in 2004 huishield rond de Indische Oceaan, en de catastrofe, die Orkaan Katrina een jaar later veroorzaakte in de Amerikaanse stad New Orleans, overtuigend zijn opgeroepen – is intussen uitgegroeid tot een indrukwekkende miniserie over menselijke moed, inventiviteit en saamhorigheid, die in alle opzichten recht doet aan het ontzagwekkende karakter van de mijnramp, de 69 (!) dagen die de mijnwerkers doorbrengen in het binnenste van de aarde en de ingenieuze reddingsactie die ondertussen in gang wordt gezet.

Pee-wee As Himself

HBO Max

Regisseur Matt Wolf en de andere makers van Pee-wee As Himself (202 min.) hadden er geen idee van dat de hoofdpersoon van hun portret, entertainer Paul Reubens, al zes jaar kanker had. Zijn dood op 30 juli 2023 kwam voor hen volledig onverwacht – al was de man achter het personage Pee-wee Herman inmiddels toch al zeventig. Hij liet hen achter met veertig uur aan interviews. Samen met zo’n duizend uur beeldmateriaal en een karrenvracht foto’s uit zijn privé-archief vormen die nu het fundament onder dit lijvige tweeluik over de ontdekking en opkomst van de cultheld Pee-wee in de jaren tachtig (deel 1) en Pee-wee’s gloriejaren, neergang en rehabilitatie (deel 2).

Reubens vertelt hoe hij begin jaren tachtig, te midden van een wirwar van personages, zijn alter ego Pee-wee vond en merkte dat hij daarin zijn volledige zelf kwijt kon – én kwijt kon raken. Want die kinderlijke bonenstaak met het rode vlinderstrikje nam ook Paul Reubens over, een man die zijn geaardheid verborg – ook al was hij jaren daarvoor al uit de kast gekomen naar zijn ouders. ‘Mijn vader schreef me een ongelooflijke brief en zei: zoon, als je homoseksueel bent, wil ik dat je weet dat ik hoop dat je de beste homoseksueel wordt die je kunt zijn’, herinnert Reubens zich. ‘En ik ging die nacht uit om te proberen de beste te zijn…’ Hij laat een korte stilte vallen. ‘Nee, grapje.’

Het is een positie, die de entertainer vaker zal innemen tijdens z’n gesprekken met Wolf: laveren tussen ernst en scherts en dan in het midden laten waar hij precies is uitgekomen. Ruebens vervolgt zijn verhaal. Over hoe hij zichzelf als jongeling compleet had verloren in een relatie en zich daarna volledig op z’n loopbaan als conceptuele (klein)kunstenaar ging richten. Hij glipte ook weer terug de kast in. Zodat anderen hem voor hetero konden verslijten. Want openlijk homo zijn zou z’n carrière beslist hebben geschaad, stelt Ruebens nu. ‘Weet je, ik ben van gedachten veranderd’, laat hij, als een meesterontregelaar, direct daarop volgen. ‘Ik voel me geen homo meer, dus…’

Nadat Paul Ruebens samen met collega’s als Tim Burton (de film Pee-wee’s Big Adventure), Laurence Fishburne (het kinderprogramma Pee-wee’s Playhouse) en David Arquette (Buffy The Vampire Slayer) uitgebreid stil heeft gestaan bij Pee-wee’s gloriejaren, maakt het grote publiek alsnog kennis met de man achter het infantiele personage. Paul Reubens verschijnt in de media met een, zoals ie ’t zelf noemt, ‘Charlie Manson-politiefoto’. Daarmee wordt zijn zéér pijnlijke neergang ingezet, een verplicht onderdeel van elk zichzelf respecterend portret. En die komt tot een climax in een ‘homofobe heksenjacht’, waarmee Wolf toewerkt naar de al even verplichte comeback.

Pee-wee lijkt herboren. Herstel: Paul Reubens. Ik bedoel: Paul Rubenfeld. Want zelfs Reubens blijkt een artiestennaam. Voor een man met meer dubbele bodems dan soms goed voor hem was. Een buitenbeentje, een controlefreak, een beschadigd mens ook. En een geboren entertainer, zo toont dit even lange als bevredigende portret aan, die veel meer punk en underground was dan je op basis van Pee-wee’s voorkomen misschien zou verwachten.

Is That Black Enough For You?!?

Netflix

Waarom zijn we eigenlijk gestopt met het maken van de zwarte speelfilms die in de jaren zeventig zo succesvol waren? vraagt regisseur Elvis Mitchell zich af bij de start van het video-essay Is That Black Enough For You?!? (135 min.), waarin hij de zwarte Amerikaanse filmhistorie doorlicht.

Aan de hand van een enorme verzameling filmfragmenten laat Mitchell eerst zien hoe (wit) Hollywood door de jaren heen Afro-Amerikanen heeft geportretteerd en vervolgens hoe er in jaren zestig, op de golven van de burgerrechtenbeweging, een zelfbewuste en diverse generatie zwarte filmmakers opstaat, die ruimte vindt voor de authentieke verhalen en personages uit hun eigen wereld.

Met als meest uitgesproken uitingsvorm: de Blaxploitation-films van de jaren zeventig, die kaskrakers als Shaft, Super Fly en Foxy Brown heeft voortgebracht. De benadering van zwarte regisseurs en scenarioschrijvers, de serieuze rollen die daaruit voortvloeien voor iconische acteurs en actrices én de muziek waarmee die verhalen worden aangekeild en begeleid, sijpelen vervolgens ook door naar het werk van witte regisseurs zoals Sergio Leone, Francis Ford Coppola en Quentin Tarantino.

Elvis Mitchell onderbreekt zijn persoonlijk ingestoken en met veel feitjes en weetjes gestutte betoog zo nu en dan voor herinneringen, observaties en constateringen van de prominente Afro-Amerikaanse acteurs en regisseurs Margaret Avery, Harry Belafonte, Samuel L. Jackson, Whoopi Goldberg, Laurence Fishburne, Sheila Frazier, Billy Dee Williams, Suzanne De Passe, Charles Burnett, Glynn Turman, Mario von Peebles Jr. en Zendaya.

In tegenstelling tot de stilistisch verwante essays Disclosure (transcultuur), Body Parts (vrouwbeelden) en Brainwashed: Sex-Camera-Power (het vrouwelijk lichaam) voelt Is That Black Enough For You?!?, mede door Mitchells overcomplete voice-over en het ondanks de aanzienlijke speelduur toch behoorlijk hoge verteltempo, alleen eerder als een op cinefielen gerichte verhandeling over een essentieel stuk filmgeschiedenis dan als een breed toegankelijke beschouwing op de representatie van zwart Amerikanen in film en de maatschappelijke gevolgen daarvan.