Freddie Mercury: The Final Act

NTR

‘Er gaat het gerucht dat we uit elkaar gaan’, roept Freddie Mercury tijdens een concert van Queen in het Wembley-stadion in 1986. ‘Wat denken jullie?’ Hij wijst demonstratief naar zijn achterste. ‘Ze praten vanuit híer!’ Mercury neemt nog even de tijd om zijn punt te maken: ‘Vergeet al die geruchten: wij blijven bij elkaar tot onze dood!’ Het zullen, helaas, profetische woorden blijken te zijn.

Op dat moment had de Britse zanger al aangegeven bij zijn medebandleden dat hij niet meer wilde toeren. Het HIV-virus zat hem op de hielen. Zonder dat zij het wisten overigens. Officieel dan. Mercury was een ‘dead man walking’, maar over dat onderwerp werd niet gesproken. Hij wilde dat ook niet. De zanger zou uiteindelijk op 24 november 1991 overlijden, op slechts 45-jarige leeftijd.

Via het tragische einde van de Queen-frontman belicht documentairemaker James Rogan in Freddie Mercury: The Final Act (90 min.) de AIDS-epidemie, die de sfeer van onverdraagzaamheid die er in het Groot-Brittannië van Margaret Thatcher sowieso al was ten opzichte van homoseksuelen nog eens versterkte. Was dit misschien de straf die zij kregen – van God natuurlijk – voor hun tegennatuurlijke gedrag?

Do I look like i’m dying of AIDS? fumes Freddie, kopte de Britse tabloid The Sun in die jaren bijvoorbeeld uiterst speculatief. ‘Dat zorgde destijds voor een enorme haat bij mij voor de journalistieke benadering van de Murdoch-kranten’, vertelt Queen-drummer Roger Taylor, die samen met gitarist Brian May uitgebreid terugblikt op dit dramatische hoofdstuk uit de bandhistorie.

Verder komen in deze boeiende documentaire ook Mercury’s zus Kashmira Bulsara, vriendin Anita Dobson en z’n personal assistant Peter Freestone, die zijn ziekteproces van dichtbij meemaakte, aan het woord. Hun herinneringen worden gepaard aan de getuigenissen van enkele homoseksuele mannen die tijdens de AIDS-crisis opgroeiden en zagen wat die aanrichtte.

Intussen is er altijd de muziek van Queen, die binnen deze context helemaal tot zijn recht komt en extra diepte krijgt. Alsof ineens duidelijk wordt wat Freddie Mercury eigenlijk probeerde te zeggen. En in die muziek ligt natuurlijk ook de sleutel naar de verwerking van het verdriet na zijn overlijden en de afronding van deze film: het befaamde Freddie Mercury Tribute Concert For AIDS Awareness.

Op 20 april 1992 verzamelden zich talloze popgrootheden, in Wembley natuurlijk, om eer te bewijzen aan de man en zijn songs. Dan dreigt deze film even een standaard-popdocu te worden, waarin collega’s als Roger Daltrey, Lisa Stansfield en Paul Young ruimte krijgen om uit te spreken hoe bijzonder Freddie Mercury wel niet was. Ook de derde akte levert echter bijzondere verhalen op.

Over het duet bijvoorbeeld dat Elton John, zelf homoseksueel en bovendien een intieme vriend van de Queen-zanger, moest zingen met Guns N’ Roses-zanger Axl Rose, die destijds werd beschuldigd van homofobie. Uiteindelijk reikten ze elkaar tijdens Bohemian Rhapsody letterlijk de hand. En dan is er nog het drama rond George Michael die niet voor niets boven zichzelf uitsteeg in Somebody To Love.

Zulke indringende episodes tillen deze film uit boven het individuele verhaal van Freddie Mercury. Hoewel dat op zichzelf natuurlijk ook al meer dan genoeg tot de verbeelding spreekt.

Influence

Hij werd zelfs geridderd voor zijn werk: Lord Tim Bell. De ultieme beloning voor de public relationsman in hart en nieren. Bell werd groot bij het reclamebureau Saatchi & Saatchi en sloeg via de Britse premier Margaret Thatcher z’n vleugels uit richting politiek. Met zijn eigen firma Bell Pottinger werd hij vervolgens een gevierde mannetjesmaker, een spin doctor par excellence, een meester in strategische communicatie.

Dat hij daarbij regelmatig aan de verkeerde kant van de geschiedenis terecht kwam? Soit. Part of business. Tegen een billijke vergoeding zette Lord Tim ook voor mannen als Pinochet, Lukashenko en Zuma zijn beste beentje voor. Hij werd een expert in, zoals Ketso Gordhan van het African National Congress ‘t in Influence (91 min.) formuleert: het bijsturen van het verhaal, zaaien van twijfel en inspelen op angst. De klant is immers koning en moet dat vooral ook blijven.

Bell stak bijvoorbeeld met liefde en plezier zijn handen uit de mouwen voor Asma Al-Assad, de vrouw van de gevreesde Syrische dictator. ‘Ze was heel aardig’, zegt hij daarover in deze film van Richard Poplak en Diana Neille, ontspannen lurkend aan een eeuwige sigaret. ‘Ze dreigde nooit om mensen te doden of baby’s in brand te steken. Daarin had ze geen interesse. Dat deed haar echtgenoot terwijl zij druk bezig was om aardig te zijn.’

Met die attitude kwam zijn firma Bell Pottinger soms ook in opmerkelijk vaarwater terecht: aan de zijde van zwarte Zuid-Afrikanen bijvoorbeeld, die de witte elite wilden aanpakken. Stiekem natuurlijk. Andile Mngxitama, de oprichter van de Black First Land First Party, kan het nog altijd niet geloven. ‘Leg me dan maar eens uit hoe het kan dat een Britse bedrijf, dat was gelieerd aan Margaret Thatcher, het een goed idee vond om te gaan strijden tegen de witte monopoliepositie? Dat slaat toch nergens op?’ De interviewer heeft een eenvoudige verklaring. ‘Het antwoord daarop is dat ze voor geld tot alles bereid zijn.’

Met de morele implicaties daarvan moet je Tim Bell natuurlijk niet al te veel lastigvallen. Dat doet hij zelf ook niet. Hij noemt zichzelf amoreel – ‘niet immoreel!’ – in deze boeiende documentaire. Tegelijkertijd wordt glashelder wat de maatschappelijke gevolgen kunnen zijn als communicatieprofessionals hun geweten volledig uitschakelen – wat in sommige gevallen overigens niet al te veel inspanning lijkt te kosten – en rücksichtslos hun werk uitvoeren. Een thema dat in tijden van ‘fake news’ actueel blijft.

‘Als we de waarheid niet kunnen herkennen’, zegt één van de sprekers in Influence, ‘hoe kunnen we dan de oorlog tegen de waarheid herkennen?’ Lord Tim Bell, in 2019 overleden, kent zijn hele leven in elk geval maar één waarheid: die van de keiharde pecunia en – vooruit – de daarbij behorende positie en status.

Margaret Atwood: A Word After A Word After A Word Is Power

Peter Bregg -White Pine Pictures Photo

Bijna 35 jaar geleden voorvoelde ze blijkbaar al perfect wat de belangrijke thema’s van de huidige tijd zouden worden. De dystopische roman die Margaret Atwood schreef in 1985 vormt de basis voor één van de meest gewaardeerde series van dit moment: The Handmaid’s Tale. En dit jaar bracht de inmiddels tachtigjarige schrijfster zowaar een vervolg uit: The Testaments, een bestseller die onlangs werd bekroond met de prestigieuze Booker Prize.

Margaret Atwood: A Word After A Word After A Word Is Power (92 min.) volgt de lekker pinnige Canadese, die het bestaan beziet met een onderkoeld gevoel voor humor, gedurende een jaar ‘on the road’. In die periode bezoekt ze diverse plekken in de wereld, te beginnen met Amsterdam. Intussen blikt Atwood, samen met mensen uit haar directe omgeving of verleden, terug op een veelbewogen leven, waarin ze zowaar, tegen haar eigen verwachtingen in, een gevierde auteur werd.

Voor haar werk, hier over het voetlicht gebracht met voorgelezen passages, kon ze putten uit eigen ervaringen. In de jaren dat Margaret Atwood opgroeide, moesten vrouwen hun maatschappelijke positie nu eenmaal echt bevechten. Deze interessante film van Nancy Lang en Peter Raymont maakt inzichtelijk hoe die strijd in haar geval wel moest leiden tot een dystopisch boek vanuit vrouwelijk perspectief, een werk dat ze volgens eigen zeggen eng vond om te schrijven.

Zeker omdat het zwartgallige verhaal over vrouwen die niet meer zijn dan geknevelde broedkippen was gestoeld op werkelijke gebeurtenissen. In The Handmaid’s Tale blijkt véél minder verzonnen dan je in eerste instantie misschien zou denken. Waarschijnlijk schuilt daarin ook de kracht van Atwoods literaire klassieker die, getuige dit gedegen eerbetoon, met de jaren alleen maar relevanter lijkt te worden.

Deze documentaire is hier te bekijken.